Vragen van de leden Van der Veen en Spekman (beiden PvdA) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het stijgend aantal wanbetalers voor de zorgpremie (ingezonden 2 september 2011).

Antwoord van staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 28 september 2011).

Vraag 1

Bent u op de hoogte dat ruim 300 000 wanbetalers een gedwongen betalingsregeling met het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) hebben getroffen, omdat zij een betalingsachterstand van minstens zes maanden voor de nominale Zorgverzekeringswet (Zvw)-premie hebben?1

Antwoord 1

Het is niet juist dat het CVZ met ruim 300 000 wanbetalers een gedwongen betalingsregeling heeft getroffen. Het CVZ heft en int de bestuursrechtelijke premie zoveel mogelijk aan de bron (door rechtstreekse inhouding op het inkomen) of door het treffen van incassomaatregelen door het Centraal Justitieel Incassobureau. Betalingsregelingen worden in dit traject door het CVZ niet getroffen.

Vraag 2

Klopt het dat het aantal wanbetalers in de eerste maanden van 2011 met 12% is gestegen? Aangezien de Verzekerdenmonitor 2011 meldde dat eind 2010 282 054 wanbetalers bij het CVZ aangemeld waren, hoeveel wanbetalers zijn er nu?

Antwoord 2

Volgens opgave van het CVZ waren er op 31 augustus 2011 307 312 mensen die in het bestuursrechtelijke premieregime zitten en aan bronheffing of incasso door het CVZ onderworpen zijn. Dit is ten opzichte van het aantal wanbetalers op 31 december 2010 een stijging van 10,8%.

Vraag 3

Weet u wat de oorzaken zijn van de stijging van het aantal wanbetalers en welke (inkomens)groepen het betreft? Houden de wanbetalers, na de gedwongen inhouding met een ophoging van 30% op de uitkering of het salaris door het CVZ, voldoende financiële ruimte zodat ze niet door het sociale minimum zakken?

Antwoord 3

In oktober 2008 heeft mijn ambtsvoorganger een onderzoek laten uitvoeren naar de mogelijke redenen waarom verzekerden de premies van zorgverzekeringen niet betalen. Onderzoeksbureau Credit Yard/Casting for Credit heeft dit uitgevoerd. Dit onderzoek is in april 2010 afgerond. Uit de onderzoeksrapportage blijkt dat het moeizaam is de specifieke doelgroep te selecteren, te vragen naar gedrag en gedragsmotieven in het kader van schuldproblematiek en daarop respons te krijgen. Hoewel het onderzoek enige indicatie van attitude, gedrag en gedragsmotieven opleverde, werd geconcludeerd dat – gezien de lage respons – de uitkomsten van het onderzoek niet representatief kunnen worden geacht.

Ik verwacht niet dat een vervolgonderzoek meer respons zal opleveren. Daarom komt vervolgonderzoek mij weinig zinvol voor.

Het CBS zal in november 2011 nadere gegevens verstrekken over de verdeling van het inkomen bij wanbetalers per 31 december 2010.

De inkomensverdeling (bruto-maandinkomen) per 31 december 2009 was als volgt:

  • minder dan € 1 300: 35%;

  • tussen de € 1 300 – € 2 300: 21%;

  • tussen de € 2 300 – € 4 600: 17%;

  • meer dan € 4 600: 5%;

  • geen inkomen (in de maand december): 20%.

Het behoud van het sociaal minimum is omgeven met beschermende maatregelen, zoals opgenomen in artikel 18 Zvw. Zo dient bij de absolute minima een herberekening plaats te vinden van de beslagvrije voet.

Vraag 4

Is er ook een toename van het aantal wanbetalers met een betalingsachterstand van minder dan zes maanden, welke door de zorgverzekeraars niet bij het CVZ kunnen worden aangemeld om over te gaan tot gedwongen inhouding?

Antwoord 4

Hoe groot het aantal mensen is met een betalingsachterstand van minder dan zes maanden bij hun zorgverzekeraar of hoeveel mensen hun zorgverzekeraar vragen om een betalingsregeling is mij niet bekend.

Vraag 5

Bent u het eens met het CVZ dat de schuldhulpverlening klaarblijkelijk niet afdoende werkt? Zo ja, welke maatregelen worden genomen om dit te verbeteren? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 5

Ik ben niet van oordeel dat de schuldhulpverlening niet afdoende werkt. Ook het CVZ heeft die opvatting niet. Wel ben ik van mening dat de preventieve maatregelen, gericht op het voorkomen van wanbetaling van de zorgverzekeringspremie, waaronder het aanbieden van schuldhulpverlening, verder geïntensiveerd kunnen worden. In het kader van het regeringsstandpunt naar aanleiding van de evaluatie van de wanbetalersregeling beraad ik mij op intensivering van preventieve maatregelen in het voortraject om zoveel mogelijk te voorkomen dat mensen in het bestuursrechtelijk premieregime terechtkomen. Ik streef er naar uw Kamer hierover in het najaar te informeren.

Vraag 6

Is uw inschatting dat een kleinere pakketdekking, een hoger eigen risico van € 210, een hogere premie en minder zorgtoeslag per 2012 zullen leiden tot een stijging van het aantal wanbetalers, terwijl elke wanbetaler een verzekerde nu al € 27 per jaar kost?

Antwoord 6

Het kabinet is van mening dat het inkomensbeeld dat resulteert uit alle maatregelen die zullen worden gepresenteerd op Prinsjesdag acceptabel en evenwichtig is. Zoals uit het antwoord op vraag 3 blijkt komt wanbetaling bij elke inkomensgroep voor. Het koopkrachtbeeld van 2012 is daarbij niet van een zodanige aard, dat dit een substantieel effect zal hebben op de mogelijkheden van mensen om hun zorgpremie te betalen. Er wordt dan ook geen stijging van het aantal wanbetalers verwacht als gevolg van de hierboven genoemde maatregelen.

Vraag 7

Bent u bereid een overzichtsonderzoek te doen naar de stapelingseffecten van de zorgmaatregelen van dit kabinet, onder andere een kleinere pakketdekking, een hoger eigen risico van € 210, meer eigen bijdragen, hogere zorgpremies en minder zorgtoeslag, voor de inkomensposities van lage- en middeninkomens in 2012?

Antwoord 7

Een overzicht van de inkomenseffecten van de zorgmaatregelen van het kabinet voor 2012 zijn terug te vinden in de bijlage specifieke inkomenseffecten van de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die met Prinsjesdag is uitgereikt.


X Noot
1

CVZ.nl

Naar boven