Vragen van het lid Van Gerven (SP) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport over het bericht dat het UMC Utrecht voornemens is een eicelbank te openen (ingezonden
1 december 2011).
Antwoord van minister Schippers (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 20 januari
2012) Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 1047.
Vraag 1
Wat is uw reactie op het bericht dat het Universitair Medisch Centrum (UMC) Utrecht
voornemens is volgend jaar een eicelbank te openen waar vrouwen eicellen kunnen doneren?
Bent u van mening dat dergelijke initiatieven binnen de kaders van de Nederlandse
wetgeving dienen te blijven? Zo nee, waarom niet?1
Antwoord 1
Ik heb kennis genomen van dit initiatief. Uiteraard dient de uitvoering van dergelijke
initiatieven altijd binnen de kaders van de Nederlandse wetgeving te blijven.
Vraag 2
Wat is uw opvatting over het voornemen van de initiatiefnemers van deze eicelbank
om vrouwen een vergoeding van ongeveer 1000 euro te bieden? Bent u van mening dat
1000 euro een redelijke onkostenvergoeding is voor het doneren van eicellen, of deelt
u de mening dat hiermee een verschuiving richting commerciële eiceldonatie plaatsvindt?
Wilt u uw antwoord toelichten? Past dit binnen de regels van de wet, waarbij slechts
eiceldonatie «om niet» mag plaatsvinden?
Antwoord 2
Volgens artikel, 5, tweede lid, van de Embryowet dient eiceldonatie «om niet» te geschieden,
waarbij artikel 27 van de Embryowet bepaalt dat het is toegestaan de kosten die een
rechtstreeks gevolg zijn van de handelingen die met de geslachtscellen zijn verricht
te vergoeden. Een onkostenvergoeding van € 1000,- is volgens het UMC Utrecht redelijk
en gepast, gezien de tijd die het kost en de belasting die eiceldonatie met zich meebrengt.
De beroepsgroep heeft nog geen formeel standpunt bepaald over de hoogte van de vergoeding
voor eiceldonatie. Navraag bij de beroepsgroep geeft aan dat een bedrag tussen de
€ 500,- en € 1000,- redelijk is. Ik wacht het formele standpunt over de hoogte van
het bedrag af en bepaal op basis daarvan of dit bedrag inderdaad een rechtstreeks
gevolg is van de «handelingen die met de geslachtscellen zijn verricht».
Vraag 3
Is het waar dat de initiatiefnemers voornemens zijn vrouwen met een kinderwens tot
50 jaar te helpen? Waar is deze leeftijdsgrens op gebaseerd en hoe verhoudt deze zich
tot de vigerende wetgeving en de stand van de medische wetenschap? Vindt u dit een
wenselijke leeftijdsgrens?2
Antwoord 3
Nee, de initiatiefnemers houden zich, conform het modelreglement bij de Embryowet
aan de leeftijdsgrens van 45 jaar voor de acceptor bij IVF met gedoneerde eicellen.
De beroepsgroep geeft als reden voor deze grens het verhoogde medische risico voor
moeder en kind. De beroepsgroep evalueert de richtlijnen en protocollen regelmatig
en past ze waar nodig aan nieuwe wetenschappelijke inzichten aan. Op dit moment ziet
de beroepsgroep op basis van internationaal medisch-wetenschappelijk onderzoek onvoldoende
aanleiding om de leeftijdsgrens voor eiceldonatie in Nederland te verhogen.
Vraag 4
Hoe zal de hulp bij een kinderwens door deze kliniek worden gefinancierd? Op welke
wijze wilt u tweedeling in de toegankelijkheid van deze zorg op basis van iemands
financiële positie voorkomen? Wilt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 4
De eerste drie IVF behandelingen, is zorg die wordt vergoed vanuit het basispakket
en is dus voor iedereen toegankelijk. Dat geldt ook voor IVF waarbij gebruik gemaakt
is van eiceldonatie.
Vraag 5
Deelt u de mening dat het initiatief van het UMC Utrecht niet eerder van start mag
gaan dan nadat de Kamer heeft gesproken over uw aangekondigde nota over onder meer
eiceldonatie? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe bewerkstelligt u dit?
Antwoord 5
Het doneren van eicellen ten behoeven van een ander is niet nieuw en past binnen onze
wet- en regelgeving. Wat met dit initiatief ter discussie staat is de hoogte van de
vergoeding. Zie hiervoor mijn antwoord op vraag 2.
Vraag 6
Deelt u de mening dat niet Europese maar nationale regelgeving leidend moet zijn als
het gaat om eiceldonatie? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe verhoudt uw opvatting zich
tot de uitspraken van gynaecoloog Fauser?1
Antwoord 6
Er is geen specifieke Europese wetgeving die betrekking heeft op de toelaatbaarheid
van eiceldonatie of de daarvoor betaalde vergoeding. Artikel 21 van het Verdrag inzake
de bescherming van de mens met betrekking tot de toepassing van de biologie en de
geneeskunde (VRMB) van de Raad van Europa bepaalt dat het menselijk lichaam en zijn
bestanddelen, als zodanig, niet mogen dienen tot verkrijging van financieel voordeel.
In de toelichting bij het VRMB is opgenomen dat vergoeding van onkosten of verlies
aan inkomen wel is toegestaan. Hoewel het VRMB niet door Nederland is geratificeerd,
is de Nederlandse regelgeving voor donatie van eicellen en ander lichaamsmateriaal
in overeenstemming met dit uitgangspunt. Zie mijn antwoord op vraag 2.
X Noot
2Radio 1, 25 november 2011.