Vragen van het lid De Mos (PVV) aan de minister van Infrastructuur en Milieu en de
staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht «Dure regiotaxi
drukt oudere in isolement» (ingezonden 23 december 2011).
Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn
en Sport) (ontvangen 19 januari 2012).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht: «Dure regiotaxi drukt oudere in isolement»?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat gemeenten met dergelijke absurde tariefverhogingen in feite
niet meer voldoen aan de WMO-voorschriften,2 waarin wordt gesteld dat gemeentes moeten voorzien in lokaal/regionaal vervoer voor
zijn inwoners die daar zelf niet in kunnen voorzien? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat
kunt u eraan doen om dit tegen te houden?
Antwoord 2
Ik deel die mening niet. Het gebruik van de regiotaxi is veelal ook opengesteld voor
ingezetenen van de betreffende regio die niet over een voorziening op grond van de
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) kunnen beschikken. Deze reizigers betalen
een ander, vaak aanzienlijk hoger tarief dan de reizigers met een Wmo-beschikking.
Door mij ingewonnen informatie over de in het artikel genoemde voorbeelden leert dat
bij de Regiotaxi Utrecht een verdubbeling van de tarieven heeft plaatsgevonden voor
de mensen zonder Wmo-beschikking voor lokaal vervoer, de zogenaamde «OV-reizigers».
De tarieven voor mensen met een Wmo-beschikking zijn zeer beperkt gestegen. In de
gemeente Venray is de tariefstijging voor mensen met een Wmo-beschikking het gevolg
van een gemeentelijk besluit om het tarief voor de lokale regiotaxi gelijk te trekken
met dat van het reguliere openbaar vervoer. Bij de regiotaxi van de Oosterschelderegio
is de voorgenomen tariefverhoging voor mensen met een Wmo-beschikking uitgesteld.
De tarieven voor de OV-reizigers worden vastgesteld door de aanbestedende decentrale
overheid, i.c.m. de provincie of de stadsregio.
De Wmo biedt voldoende waarborgen. Gemeenten hebben de verantwoordelijkheid om een
persoon die beperkt wordt in zijn zelfredzaamheid en zijn maatschappelijke participatie,
te compenseren. Het is aan de gemeente om in individuele situaties, rekening houdend
met de persoonskenmerken en behoeften van de aanvrager en in overleg met de aanvrager,
om de aanspraak op deze voorziening (zoals lokaal vervoer) te bepalen en vorm te geven.
Onderdeel van de afweging is de mogelijkheid van de aanvrager om uit een oogpunt van
kosten zelf in maatregelen te voorzien. De Wmo biedt de gemeenten beleidsruimte om
tot het beoogde maatwerk te komen. Tariefsverhogingen voor gebruikers die op grond
van een Wmo-beschikking gebruik maken van de regiotaxi dienen dus binnen dit kader,
in individuele situaties te worden beoordeeld als onderdeel van de bredere afweging
met betrekking tot de compensatieplicht.
Vraag 3
Kunt u aangeven in hoeverre het juridisch mogelijk is voor gemeenten om gedurende
lopende contracten met Wmo vervoerders prijsstijgingen van in sommige gevallen meer
dan 1000% door te voeren?
Antwoord 3
Zoals onder 2 aangegeven dient een onderscheid gemaakt te worden tussen gebruikers
van de regiotaxi met en zonder Wmo-beschikking.
Gemeenten sluiten contracten met vervoerders en maken daarin prijsafspraken. Daarnaast
is het aan de gemeente om voor gebruikers die de regiotaxi als Wmo-voorziening aanvragen,
binnen het (onder 2 toegelichte) kader van de wet tot een zorgvuldige besluitvorming
in individuele situaties te komen. Een verhoging van de prijs van een niet-individuele
voorziening dient dus het gevolg te zijn van de door de wet bedoelde, bredere afweging.
Voor de overige gebruikers van de Regiotaxi geldt dat de tarieven worden vastgesteld
door de provincie of stadsregio en dat kostendekkendheid een belangrijk uitgangspunt
kan zijn.
Vraag 4
Bent u bereid landelijke kaders betreffende het Wmo- vervoer op te stellen, zodat
gemeenten niet meer in staat zijn om dergelijke absurde prijsverhogingen door te voeren?
Zo nee, waarom niet? Zo nee, bent u bereid gemeenten erop te wijzen dat ze de toegang
tot het Wmo-vervoer niet door het vragen van te hoge eigen bijdragen of door het invoeren
van te strenge toegangscriteria praktisch onmogelijk mogen maken?
Antwoord 4
De Wmo heeft een gedecentraliseerd karakter, waarbij gemeenten, binnen de waarborgen
die de Wmo biedt, vrij zijn om te bepalen op welke wijze zij hun burgers met beperkingen
compenseren. Ik zie op dit moment geen aanleiding om te veronderstellen dat gemeenten
de toegang tot Wmo-voorzieningen onnodig duur en daarmee onmogelijk maken. Daarnaast
staat voor de individuele aanvrager altijd de mogelijkheid open om bezwaar en beroep
tegen het besluit van de gemeente over toe te kennen Wmo-voorzieningen aan te tekenen.
Vraag 5
Bent u bereid daar deze absurde verhogingen per 1 januari 2012 ingaan, deze vragen
voor 1 januari aanstaande te beantwoorden?
Antwoord 5
Beantwoording van de vragen voor 1 januari 2012 was niet mogelijk.
X Noot
1 «Dure regiotaxi drukt oudere in isolement», Telegraaf, 21 december 2012.
X Noot
2WMO: Wet maatschappelijke ondersteuning.