Vragen van het lid Van Veldhoven (D66) aan de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie over het bericht «Varkensboer onbetrouwbaar over antibiotica» (ingezonden 15 november 2010).

Antwoord van staatssecretaris Bleker (Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) (ontvangen 20 december 2010).

Vraag 1

Kent u het bericht «Varkensboer onbetrouwbaar over antibiotica»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Is het waar dat varkenshouders aan de slachterij moeten doorgeven of ze in de twee maanden voorafgaand aan de slacht antibiotica hebben toegediend aan de dieren?

Antwoord 2

Ja.

Vraag 3, 4

Klopt het gegeven dat negentig procent van de varkenshouders, wier vlees na controle toch resten van antibiotica blijkt te bevatten, zegt dat er geen middelen waren gebruikt?

Wat is de omvang van het probleem? Bij hoeveel procent van het varkensvlees blijkt toch antibiotica te zijn gebruikt? Om hoeveel kilo en hoeveel boeren gaat het dan?

Antwoord 3, 4

In het artikel wordt aan een onderzoek van de Universiteit Wageningen gerefereerd. Uit dit onderzoek van meer dan 22 000 karkassen blijkt dat in 141 karkassen van varkens (0,62%) nog sporen van antibiotica aanwezig waren, waarvan het overgrote deel (85%) onder de wettelijke norm. Bij gehaltes onder deze norm is er geen gevaar voor de volksgezondheid. Uiteindelijk is bij 22 vleesvarkens (0,1%) van de 22 633 geteste vleesvarkens in 2007 en 2008 een overschrijding van de wettelijke norm gevonden.

Overschrijdingen van de wettelijke norm worden doorgegeven aan de nVWA. Indien mogelijk wordt een proces verbaal opgemaakt.

Het onderzoek toonde aan dat in 90% van de gevallen, waarbij sporen van antibiotica aanwezig waren, dit door de veehouder niet of onjuist vermeld werd. Dit is 0,56% van het totale aantal leveringen.

Vraag 5

Wordt al het vlees getest op resten van antibiotica? Zo nee, wie is verantwoordelijk voor het bepalen van de omvang en de uitvoering van de steekproef ?

Antwoord 5

Op basis van EU-Richtlijn 96/23 worden producten van dierlijke oorsprong getest. Dat geldt ook voor vlees. Deze richtlijn bepaalt de omvang van de steekproef. De nVWA voert de monsternames uit.

Vraag 6

Indien niet al het vlees wordt getest, bent u van mening dat het steekproefsysteem voldoende bescherming biedt?

Antwoord 6

Het systeem biedt voldoende bescherming. Naast de wettelijk verplichte monstername vindt al enkele jaren in het kader van de zogenaamde ketenkeuring door de sector extra controle plaats bij ongeveer 10 000 vleesvarkens. Deze controles worden risicogebaseerd uitgevoerd en hebben daardoor een grotere kans op het aantreffen van residuen. Deze werkwijze heeft ertoe geleid dat 99,9% van de geslachte vleesvarkens aan de wettelijke norm voldoet (bron: proefschrift C.P.A. van Wagenberg, Wageningen UR).

Vraag 7

Is er nog een aannemelijke mogelijkheid dat iemand anders dan de varkenshouder verantwoordelijk zou kunnen zijn voor de positieve uitslag op de test?

Antwoord 7

Wanneer in het vlees van een slachtdier de toegestane limiet voor residuen van antibiotica wordt overschreden, is dit in de meeste gevallen terug te voeren op fouten van de veehouder.

Vraag 8, 9

Krijgt een varkenshouder indien er ongemeld antibiotica wordt aangetroffen een sanctie opgelegd? Zo ja welke sanctie? Hoe beoordeelt u de effectiviteit van het sanctieregime en is met name de hoogte van de sanctie afschrikwekkend genoeg? Zo nee, waarom niet?

Bent u voornemens om het regime aan te scherpen?

Antwoord 8, 9

Voor het niet of onjuist vermelden van het gebruik van antibiotica op het VKI-formulier kan worden opgetreden door het aanzeggen van een proces-verbaal inzake valsheid in geschriften.

Voor het (laten) slachten van dieren binnen de voorgeschreven wachttijd voor antibiotica kan eveneens een proces-verbaal worden opgemaakt.

Voor het niet of onjuist invullen van het logboek op het bedrijf kan ook een proces-verbaal worden aangezegd wegens het niet voldoen aan de administratieve verplichtingen in het kader van de Diergeneesmiddelenwet. De officier van justitie bepaalt in deze gevallen de sanctie.

Ik onderzoek momenteel in het kader van het antibioticaresistentiebeleid de effectiviteit van het huidige sanctieregime en zal zo nodig verbeteringen aanbrengen. In het onderzoek van de Universiteit Wageningen wordt overigens geconcludeerd dat het niet rapporteren van het antibioticagebruik door varkenshouders grotendeels gerelateerd is aan omissies in de bedrijfsvoering en niet aan het bewust verzwijgen van het gebruik. Er zijn dan ook meerdere aangrijpingspunten om de correcte melding van antibioticumgebruik te verbeteren. De in ontwikkeling zijnde database voor de centrale registratie van het antibioticumgebruik biedt in deze perspectief.


XNoot
1

De Telegraaf, «Varkensboer onbetrouwbaar over antibiotica», 11 november 2010.

Naar boven