Vragen van het lid
Gesthuizen
(SP) aan de ministers van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de vertrekpremie
van David Montgomery (ingezonden 22 maart 2011).
Antwoord van minister
Verhagen
(Economische Zaken, Landbouw en Innovatie), mede namens de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ontvangen 18 april
2011).
Vraag 1, 2 en 3
Wat is uw reactie op het bericht «Mecom geeft «Monty» € 2,7 miljoen meer»?1
Hoe ziet u de vertrekpremie van de topman van Mecom in relatie tot het verlies bij Mecom en Koninklijke Wegener en dientengevolge
vele ontslagen bij krantenuitgeverij Koninklijke Wegener?
Over welke mogelijkheden beschikt u om het beloningsbeleid bij een buitenlandse investeringsmaatschappij aan te pakken? Welke
acties gaat u omtrent dit specifieke geval ondernemen?
Antwoord 1, 2 en 3
De bezoldiging van bestuurders en de keuze om te reorganiseren is primair een zaak van individuele ondernemingen. Van belang
is verder dat de Mecom Group (hierna: Mecom) een beursgenoteerde vennootschap (plc) naar Engels recht is. De aandeelhouders
van Mecom zijn de aangewezen partijen om in te grijpen indien zij het niet eens zijn met de gang van zaken bij Mecom. Bovendien
beschikken zij als aandeelhouders ook over de rechtsmiddelen hiervoor.
Zoals gemeld in antwoord op eerdere kamervragen2 heeft de uitgeversbranche te maken met grote veranderingen. Veel uitgeverijen zien zich genoodzaakt anders te gaan werken,
onder andere als gevolg van de opkomst van nieuwe (digitale) media. Dit gaat regelmatig gepaard met andere (strategische)
keuzes en reorganisaties. Navraag leert dat er geen grootschalige reorganisatie (met vele ontslagen tot gevolg) gaande of
gepland is bij krantenuitgeverij Koninklijke Wegener (hierna: Wegener), een dochtermaatschappij van Mecom. Reorganisaties
en de gevolgen hiervan voor het personeel zijn een aangelegenheid tussen het bestuur, de vakbonden en de ondernemingsraad.
Vaak wordt een sociaal plan afgesloten. Ook bij Wegener geldt een sociaal plan voor werknemers die vanwege een reorganisatie
worden ontslagen.
Vraag 4
Hoe ziet u de vertrekpremie van oud-topman Munsterman bij Koninklijke Wegener? Welke acties heeft u daarbij genomen?
Antwoord 4
Het is in de eerste plaats aan Wegener zelf om invulling te geven aan zijn remuneratiebeleid. Daarbij is van belang dat rekening
wordt gehouden met het in Nederland bestaande systeem van checks en balances, dat er op gericht is dat de belangen van alle
bij de vennootschap betrokken partijen zorgvuldig worden afgewogen. Waar het het beloningsbeleid betreft is de Nederlandse
corporate governance code van belang (hierna: de Code). Aangezien Wegener een beursgenoteerde vennootschap is, is de Code
op dit bedrijf van toepassing.
In de Code is bepaald dat de raad van commissarissen de bezoldiging van de individuele bestuurders vaststelt, op voorstel
van de uit zijn midden benoemde remuneratiecommissie. Deze beloning dient te passen binnen het door de algemene vergadering
van aandeelhouders vastgestelde bezoldigingsbeleid. De wijze waarop het remuneratiebeleid bij Wegener wordt bepaald, is in
lijn met de Code, aldus het jaarverslag3.
Best practice II.2.8 van de Code bepaalt voorts dat de vergoeding bij ontslag in beginsel maximaal eenmaal het vaste deel
van het jaarsalaris bedraagt. Indien dit voor een bestuurder die in zijn eerste benoemingstermijn wordt ontslagen kennelijk
onredelijk is, bijvoorbeeld wanneer hij voorafgaand aan zijn bestuursfunctie een lange arbeidsrelatie met de vennootschap
heeft gehad, komt deze bestuurder in dat geval in aanmerking voor een ontslagvergoeding van maximaal tweemaal het jaarsalaris.
Nadat jaarrekening en jaarverslag over 2010 zijn gepubliceerd, is met zekerheid vast te stellen of op dit punt is afgeweken
van de Code. Wel is bekend dat de heer Munsterman ruim veertig jaar in dienst was bij Wegener.
Ten overvloede zij opgemerkt dat Wegener gemotiveerd kan afwijken van de Code. De Code is immers gebaseerd op het comply-or-explain
principe. Indien Wegener afwijkt van de Nederlandse Code, moet hierover verantwoording worden afgelegd in het jaarverslag.
Het is aan de aandeelhouders om het bestuur en de raad van commissarissen over de naleving van de Code ter verantwoording
te roepen.
Vraag 5
Hoe ziet u de ontwikkelingen van dalende inkomsten en de gevolgen daarvan voor de landelijke dagbladen?
Antwoord 5
De dalende inkomsten hebben twee hoofdoorzaken. Enerzijds zijn de advertentieomzetten sterk teruggelopen sinds de aanvang
van de economische crisis. Tevens nemen advertentie-inkomsten structureel af vanwege andere keuzes die adverteerders maken
om de consument te volgen. Met andere woorden, de consument verkiest in steeds grotere getale andere media, adverteerders
plaatsen hun commerciële boodschappen daar dan ook.
Anderzijds staan de inkomsten uit oplage onder druk door de opkomst van gratis alternatieven (waaronder nieuwsvoorzieningen
op het internet).
Zo liepen bij Wegener de advertentieopbrengsten van de betaalde dagbladen in 2010 met 8% terug en daalde de oplage met 2%.4
Voor het aantrekken van de advertentieopbrengsten is het economische herstel, met name op de binnenlandse markt, belangrijk.
De opkomst van alternatieven voor de betaalde dagbladen betekent dat er meer concurrentie plaatsvindt op prijs en kwaliteit.
Door innovaties als nieuwe formaten en sterk opgevoerde marketinginspanningen, groeiden bijvoorbeeld de oplagen van landelijke
dagbladen als NRC.next, Trouw en de Volkskrant in het laatste kwartaal van 2010.5 Bij Wegener steeg in 2010 het aantal bezoekers op de digitale nieuwssites van dagbladen en werd in dit segment een hogere
omzet gerealiseerd.
X Noot
1Artikel in de Stentor d.d. 16 maart 2011.
X Noot
2 Kamerstukken II, Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2010–2011, nr. 572.
X Noot
3 Wegener jaarverslag 2009, pag. 119.
X Noot
4 Persbericht «Bedrijfsresultaat Wegener in 2010 met 9% gestegen» , 16 maart 2011 (zie www.wegener.nl).
X Noot
5 Artikel «Oplage Volkskrant stijgt», 30 maart 2011 (De Volkskrant).