Vragen van de leden Van Hijum en Omtzigt (beiden CDA) aan de staatssecretaris van Financiën en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de kinderopvangtoeslag (ingezonden 25 januari 2011).

Antwoord van staatssecretaris Weekers (Financiën), mede namens de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ontvangen 11 februari 2011).

Vraag 1

Onder verwijzing naar uw antwoord dat de aanvraagformulieren in 350 000 gevallen een match opleveren en in 114 000 gevallen niet, terwijl het register nagenoeg geheel gevuld is, deelt u onze conclusie dat de Belastingdienst/Toeslagen effectiever gebruik had kunnen maken van de gegevens in het register en zo veel ergernis had kunnen voorkomen?1

Antwoord 1

Ik heb begrip voor de ergernis van de burger die de gegevens moet aanleveren, maar ik deel niet de conclusie dat dit was te voorkomen. Door de wijziging van de Wet kinderopvang hebben aanvragers vanaf 1 januari 2011 alleen recht op de toeslag indien de opvang staat ingeschreven in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK). Om te kunnen controleren of een toeslagaanvrager gebruikmaakt van een geregistreerde opvanglocatie moet er een koppeling plaatsvinden tussen het gegevensbestand van de Belastingdienst/Toeslagen aan de ene kant en het LRK aan de andere kant. Deze koppeling is in het najaar van 2010 gestart en vond plaats op basis van adresgegevens en opvangsoort van de opvanglocatie. Om tot een match te komen moest het door de toeslagaanvrager opgegeven adres van de opvanginstelling en de opvangsoort overeenkomen met de gegevens van de opvanginstelling in het LRK. Voor 75% van de aanvragers ontstond een match. Deze groep heeft de Belastingdienst/Toeslagen zelf gekoppeld.

Bij de 114 000 toeslagaanvragers die een brief hebben gekregen, is er geen match tussen het LRK en het systeem van de Belastingdienst op basis van adresgegevens van de opvanginstelling. Het niet kunnen realiseren van een match is bijvoorbeeld veroorzaakt doordat de opvanggegevens die deze toeslagaanvragers in het verleden bij de Belastingdienst/Toeslagen hebben opgegeven onjuist, onvolledig of verouderd zijn. Omdat alleen de toeslagaanvrager beschikt over de juiste opvanggegevens wordt de toeslagaanvrager gevraagd deze gegevens te leveren. Het gaat vaak om duizenden euro’s aan toeslagen; daarvan moet zeker zijn dat mensen er recht op hebben.

Vraag 2

Indien aanvragers niet gewoon het ontbrekende nummer en de kinderopvanginstelling konden invoeren, maar het hele aanvraagformulier opnieuw moesten invullen, hoe gaat u ervoor zorgen dat voortaan slechts de ontbrekende gegevens worden uitgevraagd?

Antwoord 2

Indien toeslagaanvragers de wijziging invoeren op de computer waar ze eerder de aanvraag op hebben ingediend, zijn een aantal gegevens te importeren. Voor het doorgeven van het LRK-nummer moeten inderdaad nog andere gegevens worden ingevuld. Dat heeft aan de ene kant te maken met de behoefte aan aanvullende informatie, zoals adresgegevens. Met die informatie kan Belastingdienst/Toeslagen de match met meer zekerheid maken. Aan de andere kant voorziet het programma niet in de mogelijkheid alleen de gegevens door te geven die gewijzigd moeten worden. Het aanvraagprogramma is hierin helaas niet gebruikersvriendelijk. Dat probleem kunnen we echter niet oplossen met de huidige programmatuur. Dit is dan ook een van de redenen dat is besloten tot de bouw van een Nieuw Toeslagensysteem. Hierover bent u in indertijd geïnformeerd. Om de aanvrager zo goed mogelijk te informeren, is op de site van de Belastingdienst/Toeslagen aangegeven wat de snelste manier is om het registratienummer door te geven.

Vraag 3

Wanneer wordt eindelijk geregeld dat kopieën van aanvragen en aangiften digitaal opgeslagen kunnen worden, dan wel als authentieke versie naar de klant/aanvrager teruggestuurd worden?

Antwoord 3

Aanvragen en wijzigingen kunnen digitaal of met een papieren formulier worden doorgegeven. Het aanvraag- en wijzigingsprogramma stelt mensen in staat zelf een afdruk van de gegevens te maken. Voor formulieren geldt dat mensen daarvan zelf een kopie kunnen maken.

Vraag 4

Omdat veel aanvragers klagen per mail bij de vragenstellers dat zij wel degelijk het juiste nummer en adres hebben opgegeven, maar dat zij lang geen bevestiging konden ontvangen, kunt u verzekeren dat elke aanvrager nu binnen vijf dagen een bevestiging krijgt van het correct invoeren, dan wel een brief dat er nog steeds geen match is? Kan de Belastingdienst binnen vijf dagen uitsluitsel geven over de status?

Antwoord 4

De Belastingdienst/Toeslagen stuurt in de regel binnen twee weken een beschikking als een aanvraag of wijziging is verwerkt. Als een aanvraag of wijziging niet verwerkt kan worden omdat er geen match is met het LRK, stuurt de Belastingdienst/Toeslagen hierover een brief aan de toeslagaanvrager.

Vraag 5

Omdat u stelt dat er op 10 februari nog een rappelbrief verzonden wordt aan toeslagaanvragers die niet tijdig reageren, wilt u toezeggen dat er pas eind februari, dus na de reactietermijn op die brief, eventueel toeslagen stopgezet zullen worden?

Antwoord 5

Ja. Conform de regelgeving in de AWIR stuurt de Belastingdienst/Toeslagen een rappel aan aanvragers die geen gegevens hebben verstrekt binnen de door de Belastingdienst/Toeslagen gestelde termijn. In dit rappel wordt een nadere termijn (28 februari 2011) gesteld om de betreffende aanvrager in de gelegenheid te stellen alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.

Vraag 6

Indien in aanvraagprogramma’s het inmiddels standaard is dat koppelingen en nummers real time gecheckt worden, kunt u ervoor zorgen dat al tijdens het invullen gecheckt wordt of er een koppeling is, dan wel aanvragers in staat te stellen uit het register de opvanginstelling te selecteren via drop-down menu’s?

Antwoord 6

Het Landelijke Register Kinderopvang is een zelfstandig registratiesysteem, beheerd door DUO, dat los staat van de systemen van de Belastingdienst/Toeslagen. Voor een real time check in het Landelijk Register Kinderopvang is derhalve een externe koppeling nodig. Of een real time check mogelijk zou zijn is besproken met betrokken partijen. De conclusie was dat een dergelijke koppeling niet binnen de beschikbare tijd, met de beschikbare middelen en op het noodzakelijke veiligheidsniveau kon worden gerealiseerd.


X Noot
1

Zie ook eerdere vragen van de leden Van Hijum en Omtzigt (beiden CDA), ingezonden 18 januari 2011, vraagnummer 2011Z00819.

Naar boven