Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-20102747

Vragen van het lid Van Velzen (SP) aan de minister van Justitie over het afluisteren van geheimhoudersgesprekken in gevangenissen (ingezonden 7 mei 2010).

Antwoord van minister Hirsch Ballin (Justitie) (ontvangen 28 juni 2010). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2009–2010, nr. 2564.

Vraag 1 en 2

Wat is uw reactie op de brief van de in het krantenartikel genoemde strafrechtadvocaat aan u gericht over het afluisteren in penitentiaire inrichtingen?1

Kunt u uitsluiten dat gesprekken met geheimhouders, zoals advocaten, in penitentiaire inrichtingen worden opgenomen? Zo nee, kunt u garanderen dat afgeluisterde gesprekken met geheimhouders direct worden vernietigd zonder dat deze zijn uitgewerkt? Kunt u uw antwoord toelichten?

Antwoord 1 en 2

Ik heb kennisgenomen van deze brief.

In de eerste plaats is het van belang te melden dat in deze zaak géén gesprek tussen de verdachte en een geheimhouder is opgenomen. Bij het toepassen van het opsporingsmiddel direct afluisteren in een penitentiaire inrichting wordt er door de inzet van tactische middelen voor gezorgd dat er in principe geen gesprekken worden opgenomen met geheimhouders. Echter, in incidentele gevallen kan het voorkomen dat het slechts achteraf voor het opsporingsteam kenbaar is dat de bezoeker een geheimhouder is. Indien dat het geval is, wordt het uitluisteren gestaakt en wordt dit gesprek conform de daarvoor geldende instructie2, zonder te worden uitgewerkt, onverwijld voorgelegd aan de officier van justitie teneinde deze een bevel vernietiging te laten afgeven, waarna de gesprekken worden vernietigd.

Vraag 3

Deelt u de mening dat het beter is gesprekken met geheimhouders in het geheel niet op te nemen om discussie te voorkomen over de vraag of deze wel of niet zijn vernietigd voor of nadat het gesprek is beluisterd? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om dit te bereiken?

Antwoord 3

Gelet op het beginsel van vrij verkeer tussen een raadsman en cliënt en het mogelijke afbreukrisico voor de strafzaak bij schending daarvan is het van groot belang om te voorkomen dat gesprekken met geheimhouders worden opgenomen.

Hoewel er in onderhavige zaak niet is gebleken van onregelmatigheden met betrekking tot het intercepteren van geheimhoudergesprekken heeft het College van procureurs-generaal aangegeven een uniforme landelijke werkinstructie ten aanzien van het direct afluisteren in een penitentiaire inrichting te zullen opstellen.


XNoot
1

NRC Handelsblad, 30 april 2010 http://www.nrc.nl/binnenland/article2535684.ece/Politie_tapt_gesprek_van_advocaat_met_client_in_cel

XNoot
2

Instructie vernietiging geïntercepteerde gesprekken met geheimhouders van de Begeleidingscommissie Schoning Geheimhouderinformatie