Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-20102536

Vragen van het lid Leijten (SP) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het faillissement van Tootas (ingezonden 13 april 2010).

Antwoord van minister Klink (Volksgezondheid, Welzijn en Sport), mede namens de minister van Justitie (ontvangen 25 mei 2010)

Vraag 1

Wat is uw oordeel over het bericht dat de particuliere zorginstelling Tootas, die onderwerp was in de Zembla uitzending, failliet is?12

Antwoord 1

Het bericht is correct. Ik verwijs voorts naar mijn brief aan u van 30 maart 2010 (Kamerstukken II, 2009-2010, 30 597, nr. 139) en naar het spoeddebat dat de Tweede Kamer op 8 april jl. met mij heeft gevoerd, mede over deze zaak.

Vraag 2

Is u bekend wie de overnemende partij is? Wat is uw oordeel over die overnemende partij?

Antwoord 2

Nee, mij is geen overnemende partij bekend. Niet uit te sluiten valt overigens, aangezien het om cliënten met een persoonsgebonden budget (hierna: pgb) gaat, dat er meer dan één overnemende partij zal zijn.

Vraag 3

Hoeveel mensen zijn er gedupeerd door het faillissement van Tootas?

Antwoord 3

Op 30 maart jl. stuurde ik u de, ook in mijn antwoord op vraag 1 genoemde, brief toe over de kwaliteit van de zorg in woonboerderij en woongroep. In deze brief meldde ik u dat in de woongroep Keijenborg van Tootas B.V. 7 personen wonen. Of deze personen (minus degenen die in verband met klachten over de zorg de voorziening inmiddels al hadden verlaten) allemaal door het faillissement zijn gedupeerd is niet duidelijk. Dit is immers mede afhankelijk van de wijze waarop de desbetreffende persoon (of vertegenwoordiger) zijn of haar pgb beheert. Afhankelijk van de hoogte van het pgb is een bepaald bedrag als voorschot aan de budgethouder overgemaakt. Het is de vraag in hoeverre een deel van dit bedrag al is betaald aan de failliete zorgaanbieder en of daarvoor al dan niet de met de zorgaanbieder afgesproken hoeveelheid zorg is geleverd. 

Mutatis mutandis geldt dat voor de personen die niet in de woonvoorziening van Tootas B.V. verbleven, maar alleen zorg in de zin van begeleiding overdag bij Tootas B.V. inkochten.

Vraag 4

Bent u bereid uit te zoeken hoeveel persoonsgebonden budget (pgb)-gelden er bij het faillissement zijn verdwenen?

Antwoord 4

Gegeven de verdeling van verantwoordelijkheden ligt het instellen van een dergelijk onderzoek op de weg van de faillissementscurator. Voorts kan het zorgkantoor op gespecificeerd verzoek individuele klantgegevens aanleveren over de indicatie, het budget en de verantwoording.

Vraag 5

Bent u bereid contact te zoeken met het zorgkantoor en daar te verzoeken coulance te hebben met de mensen die via het pgb zorg inkochten bij Tootas, maar hun zorggelden nu – naar alle waarschijnlijkheid – kwijt zijn? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunt u de Kamer over de uitkomsten informeren?

Antwoord 5

Door te kiezen voor een pgb in plaats van voor zorg in natura, neemt de pgb-houder de volle verantwoordelijkheid op zich voor de besteding van het budget, inclusief de kwaliteit van ingekochte zorg en de daadwerkelijke aanwending van het budget voor geïndiceerde zorg. Het is niet aan mij om bij het zorgkantoor aan te dringen op een coulante behandeling.

Mij is overigens bekend, dat het betreffende zorgkantoor in het verleden in vergelijkbare gevallen coulant is omgegaan met verzoeken in deze sfeer als onomstotelijk kon worden vastgesteld dat het probleem buiten schuld van de klant om was ontstaan. Er is geen reden om aan te nemen dat in dit geval voor een andere handelwijze zal worden gekozen. De budgethouder pgb moet in een dergelijk geval wel een contract kunnen overleggen met de desbetreffende zorgaanbieder/instelling en kunnen bewijzen dat het geld daadwerkelijk is betaald. Daarnaast heeft de NZa als toezichthouder van het zorgkantoor hierin een instemmende rol.

Vraag 6

Erkent u dat de eigenaar van Tootas gewoon opnieuw kan beginnen met een particuliere zorginstelling? Kunt u uw antwoord toelichten?

Antwoord 6

Het woord «gewoon» in de vraagstelling suggereert dat een eigenaar van een failliete B.V. een nieuwe B.V. kan beginnen zonder dat er voor hem of haar obstakels zijn. Die obstakels zijn er wel degelijk. Een doorstart, onder dezelfde of onder een andere naam, is meestal ingewikkeld. Over het algemeen verlenen huisbankier en toeleveranciers niet, of alleen onder strenge condities, medewerking aan een doorstart. Curator en/of schuldeisers kunnen een doorstart aanvechten. Los daarvan geldt de Nederlandse wet- en regelgeving voor de eigenaar van Tootas B.V. net als voor iedereen.

Vraag 7

Is u bekend dat (voormalige) cliënten, verwanten en ex-medewerkers aangifte hebben gedaan tegen Tootas? Bent u bereid uit te zoeken wat het faillissement juridisch betekent voor het vervolg van die aangifte?

Antwoord 7

Mijn ambtgenoot van Justitie heeft laten weten dat er inderdaad door vier particulieren, die zorg bij Tootas BV inkochten, aangiften zijn gedaan bij de politie. Naar aanleiding daarvan is de politie onder leiding van het Openbaar Ministerie een onderzoek gestart. Het faillissement van Tootas B.V. heeft geen invloed op het vervolg dat aan de aangifte wordt gegeven. Het Openbaar Ministerie zal, als het onderzoek is afgerond, beoordelen of er termen aanwezig zijn om tot vervolging over te gaan.

Vraag 8

Bent u tevens bereid om uit te zoeken of de aangifte ook zal leiden tot vervolging en de Kamer hierover te informeren?

Antwoord 8

Zie het antwoord op vraag 7.


XNoot
1

Omroep Gelderland, 9 april 2010: «Zorgboerderij Tootas failliet»

http://www.omroepgelderland.nl/web/Nieuws/nieuwsartikel/552181/Zorgboerderij-Tootas-failliet.htm

XNoot
2

Zembla, 14 maart 2010: «Handel in gehandicapten»

http://zembla.vara.nl/Afleveringen.1973.0.html?&tx_ttnews[tt_news]=22605&tx_ttnews[backPid]=1974&cHash=7a7b536584