Vragen van het lid Leijten (SP) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Financiën over het bericht dat € 70 miljard aan AWBZ-premies is verdwenen (ingezonden 17 maart 2010).

Antwoord van minister Klink (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 12 april 2010).

Vraag 1, 2, 3, 4, 6, 7 en 8

Wat is uw reactie op het artikel over het verdwijnen van € 70 miljard aan AWBZ-premies?1 Kloppen deze berekeningen? Zo ja, waar is dat geld gebleven?

Is het waar dat vanaf 1996 opbrengsten van AWBZ-premies aan andere zaken zijn uitgegeven? Zo ja, waaraan precies?

Kunt u een overzicht geven van wat er per jaar aan AWBZ-premies is binnengekomen en hoeveel er aan de AWBZ is uitgegeven vanaf 1996? Zo nee, waarom niet?

Bent u van mening dat de opbrengst van AWBZ-premies uitsluitend bedoeld is voor AWBZ-zorg? Zo nee, wilt u uiteenzetten wat volgens u de bestemming van AWBZ-premies moet zijn?

Hoeveel bedraagt op dit moment het AFBZ-fonds?

Hoe verklaart u de rekensom van de schrijvers van het artikel, waarbij zij komen op een opbrengst van € 29 miljard?

Erkent u dat, wanneer iedereen € 320 per maand aan premie betaalt van het inkomen, er dan meer geld in het AFBZ-fonds terecht zou moeten komen?2 Zo nee, is de stelling dat mensen gemiddeld € 320 per maand betalen dan onjuist?

Antwoord 1, 2, 3, 4, 6, 7 en 8

Er is geen € 70 miljard zoek en AWBZ-premies worden uitgegeven aan AWBZ-zorg. De berekening in het artikel in het FD berust op een aantal onjuiste veronderstellingen.

De belangrijkste omissie is dat de auteurs bij het berekenen van de AWBZ-premie-opbrengst geen rekening houden met de zgn. kortingen.

De AWBZ-premie is een onderdeel van de eerste en tweede schijf van de loonheffing/inkomstenheffing. De loonheffing en de inkomstenheffing wordt bepaald als een percentage maal (een deel van) het inkomen minus kortingen (heffingskorting, arbeidskorting, alleenstaande ouderkorting etc). Die kortingen drukken zowel de belastingopbrengst als de premie-opbrengst. Met dat laatste houden de auteurs van het artikel geen rekening. De auteurs wekken zo de indruk dat een deel van de premie-opbrengst voor andere doeleinden wordt gebruikt. Dat is niet zo. De burger hoeft gewoon minder te betalen dan «premiepercentage maal inkomen».

De auteurs houden ook geen rekening met de Bijdrage in de Kosten van Kortingen (BIKK) die de premiederving door heffingskortingen deels compenseert. De BIKK bestaat sinds de belastingherziening 2001. Vóór die herziening drukten de toen bestaande aftrekposten op de hoogste schijf. Voor personen met een hoog inkomen drukten ze louter de belastingen die iemand moest betalen. Sinds de belastingherziening 2001 drukken de kortingen louter op de eerste twee schijven en dus in overwegende mate op de AWBZ, de AOW- en de ANW-premie. Dat heeft er toe geleid dat vanaf 2001 de belasting-inkomsten hóger en de premie-inkomsten láger zijn dan daarvoor. Om het AOW-fonds, het AWBZ-fonds en het ANW-fonds te compenseren voor deze omzetting is de BIKK geïntroduceerd.

De uitgaven en inkomsten van het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten ziet er als volgt uit, in miljarden euro’s:

 

1996

1997

1998

1999

2000

2001

2002

2003

2004

2005

2006

2007

2008

2009

Premie vóór heffingskortingen

9

11

11

13

14

20

20

26

30

30

28

27

30

28

Heffingskortingen

0

0

0

0

0

– 9

– 9

– 12

– 13

– 14

– 14

– 14

– 14

– 15

Premie-opbrengst

9

11

11

13

14

11

12

14

16

16

14

13

16

13

BIKK

0

0

0

0

0

2

2

4

5

5

5

4

5

5

Totale inkomsten

10

12

13

14

15

15

16

20

23

23

23

22

22

19

Totale uitgaven

9

12

13

13

15

16

18

20

21

22

23

23

22

23

Een aandachtspunt bij de cijfers in bovenstaande tabel is dat de belastingdienst de macro-opbrengst aan AWBZ-premie pas met de nodige vertraging kan vaststellen. Daarom wordt gewerkt met voorschotten en nabetalingen. Vanwege die nabetalingen treden soms fluctuaties op in de premie-opbrengsten.

VWS presenteert zo nu en dan als indicatie van de kosten van de AWBZ het bedrag dat een modale werknemer aan AWBZ-premie betaalt. Dat is in 2008 de genoemde € 320 per maand. In dat bedrag is geen rekening gehouden met kortingen. Als daarmee wel rekening wordt gehouden dan daalt dit bedrag. Het bedrag zou echter weer stijgen als rekening wordt gehouden met het deel dat die burger via zijn belasting bijdraagt aan de BIKK.

Het FD-artikel gaat ten onrechte uit van de veronderstelling dat elke werknemer deze € 320 per maand (excl. kortingen/BIKK) betaalt. Werknemers met een inkomen onder modaal betalen minder.

Overigens betalen ook inactieven zoals AOW’ers AWBZ-premie.

In 2008 is aan totale inkomsten (premie-opbrengsten plus BIKK, zie tabel) 22 miljard naar het AWBZ fonds gegaan. Uitgaande van grofweg 13 miljoen volwassen, komt dit neer op een gemiddeld bedrag van ca. € 140 per maand. Daarbij zijn dus ook volwassenen meegenomen die (hoegenaamd) geen inkomen hebben en dus niets betalen.

Zoals uit de tabel blijkt houden de inkomsten en uitgaven in de AWBZ elkaar over de periode van 10 jaar redelijk in evenwicht.

Vraag 9

Vindt u het correct dat het College voor Zorgverzekeringen in haar AWBZ-overzichten een onderscheid maakt tussen zorg en aanvullende zorg? Wat is precies het verschil tussen beide begrippen?

Antwoord 9

In de publicaties over de uitgaven AWBZ (onder meer zorgcijfers kwartaalbericht) maakt het CVZ geen onderscheid tussen uitgaven zorg en uitgaven aanvullende zorg. Bij navraag bij het CVZ wordt door hen aangegeven dat ook bij andere uitingen door het CVZ geen onderscheid wordt gemaakt tussen beide zorgsoorten.

Vraag 10

Bent u ervan op de hoogte dat de contracteerruimte van de AWBZ in 2009 € 16,8 miljard bedraagt? Bent u bereid uit te splitsen waar het resterende bedrag van € 4,2 miljard aan is besteed?3 Zo nee, waarom niet?

Antwoord 10

Het is mij bekend dat de contracteerruimte € 16,8 miljard bedraagt. In de VWS-begroting 2010 is een bijlage opgenomen «Inzicht in de ABWZ» , waarin uiteen is gezet aan welke posten de overige € 4,3 miljard in 2008 is besteed. Het gaat hierbij vooral om pgb’s (1,7 miljard), kapitaallasten (2,1 miljard), beheerskosten (0,2 miljard) en subsidies (0,2 miljard).


XNoot
1

Het Financieele Dagblad, 8 maart 2010.

XNoot
2

Ministerie van VWS, «AWBZ ( Feiten en cijfers».

http://www.minvws.nl/dossiers/awbz/feiten-en-cijfers/

XNoot
3

Kamerstuk 30 597, nr. 118.

Naar boven