Aanhangsel van de Handelingen
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden
97
Vragen van het lid Agema (PVV) aan de minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport over een fiks tekort aan medische isotopen voor patiënten
doordat de reactor in Petten niet in gebruik is. (Ingezonden
4 september 2008)
1
Bent u bekend met het bericht «Patiënten in de wacht na sluiten
van reactor»?1
2
Is het waar dat, doordat de reactor in Petten stil ligt, er nu een tekort
is aan medische isotopen die worden gebruikt bij diagnostiek, pijnbestrijding,
röntgenopnamen, behandeling van longkanker, prostaatkanker en pijnbestrijding
bij botkanker?
3
Hoeveel patiënten in binnen- en buitenland zijn hiervan de dupe?
Welke risico’s worden er gelopen?
4
Komen er als gevolg van deze leveringsproblemen patiënten onnodig
te overlijden? Hoe gaat u bewerkstelligen dat dit wordt voorkomen?
5
Hoe gaat u bewerkstelligen dat de aanvoer van radioactief materiaal aan
Nederlandse ziekenhuizen op korte termijn wordt hersteld?
6
Dat een Nederlands bedrijf een derde van alle medische isotopen die wereldwijd
gebruikt worden produceert is een mooi staaltje Hollands Glorie, maar is het
wel verantwoord om zo afhankelijk te zijn van een individuele reactor welke
een derde van alle preparaten wereldwijd produceert, te meer omdat andere
kernreactoren het wegvallen van de productie niet kunnen opvangen?
7
Hoe gaat u bewerkstelligen dat zich in de toekomst geen herhaling van
dit scenario voordoet?
Antwoord
Antwoord van minister Klink (Volksgezondheid, Welzijn
en Sport). (Ontvangen 24 september 2008)
3
Ik heb hierover informatie ingewonnen bij de Nederlandse Vereniging voor
Nucleaire Geneeskunde (NVNG), de producenten van radiofarmaca en bij de exploitant
van de reactor in Petten. Het tekort aan radiofarmaca zal de komende weken
fluctueren tussen de tien en veertig procent. De voorzitter van de NVNG heeft
mij meegedeeld dat er veel creativiteit en flexibiliteit is bij de ziekenhuisspecialisten
(nucleair geneeskundigen en anderen) in het zoeken naar oplossingen voor het
tekort. In het algemeen komt dit neer op het vinden van andere mogelijkheden
voor diagnostisch onderzoek, van andere mogelijkheden voor behandeling en
op het toepassen van strikte selectiecriteria voor onderzoek («triage»)
en op het bezien of uitstel van onderzoek mogelijk is. De beroepsgroep geeft
aan dat dit de komende maanden niet tot grote risico’s zal leiden voor
patiënten.
De ernstige zieke patiënten krijgen overigens voorrang. Gezien deze
aanpassingen in de ziekenhuizen is niet precies bekend hoeveel patiënten
de gevolgen zullen ondervinden van dit tekort, mogelijk ligt dit in de buurt
van de tien tot veertig procent.
4
Het ziet er niet naar uit dat er ten gevolge van dit tekort patiënten
zullen overlijden. Niettemin heb ik recent overleg gevoerd met vertegenwoordigers
van de NVNG, van het farmaceutisch bedrijf Covidien, van de Nuclear Research
and Consultancy Group (NRG) en aansluitend ook met het farmaceutisch bedrijf
GE Health Care. Allen hebben mij verzekerd dat men doet wat mogelijk is om
de tekorten zo beperkt mogelijk te houden. Daarnaast hebben wij afgesproken
elkaar adequaat en tijdig te informeren bij gewijzigde omstandigheden of ontwikkelingen.
Ten aanzien van de consequenties voor patiënten verwijs ik ook naar het
antwoord op vraag 3.
5
De leverancier van het basismateriaal voor de productie van radiofarmaca
en de farmaceutische bedrijven die de radiofarmaca produceren zijn primair
verantwoordelijk. Ik heb de betrokken bedrijven, de NVNG en de betrokken ministeries
van VROM en EZ uitgenodigd voor overleg over deze problematiek. Dit overleg
heeft inmiddels plaatsgevonden (zie het antwoord op vraag 4). Men heeft mij
verzekerd dat de tekorten de komende weken enigszins fluctueren en tijdelijk
van aard zullen zijn. De reactor in Petten zal, zo is imiddels bekend gemaakt
door de exploitant, zeker tot eind november niet operationeel zijn vanwege
reparatiewerkzaamheden. Men gaat er echter van uit dat half oktober, zodra
de levering van het basismateriaal vanuit België weer gewaarborgd zal
zijn, de tekorten grotendeels opgeheven zullen zijn. In het geval dat de reactor
in Petten nog langer gesloten zal blijven vanwege langer durende reparaties,
zullen er bij perioden lichte tot matige tekorten optreden variërend
van tien tot veertig procent. Beide farmaceutische bedrijven hebben een fair
share policy ten aanzien van levering van Mo/Tc99m (Molybdeen/Technetium)
generatoren aan de verschillende landen. Het beschikbare Mo99 basismateriaal –
waar uiteindelijk het radiofarmaceutisch product Technetium uit voortkomt
dat de patiënten krijgen toegediend voor onderzoek – wordt op basis
van de gemiddelde behoefte van een aantal referentieweken van vóór
de crisis over de landen verdeeld.
6
De term Hollands Glorie zou ik enigszins willen nuanceren. De onderzoeksreactor
in Petten is in opdracht van de Nederlandse staat gebouwd, maar Nederland
heeft de reactor later overgedragen aan de Europese Commissie en deze is dus
eigenaar. Het Nederlandse bedrijf Nuclear Research en Consultancy Group (NRG)
is exploitant van de reactor en sinds kort ook verguninghouder. De productie
van radiofarmaca in Petten vindt plaats door het Amerikaanse bedrijf Covidien.
Daarnaast levert de NRG ook aan andere internationale farmaceutische bedrijven.
De verschillende reactoren in België, Frankrijk, Zuid-Afrika en Nederland
hebben hun geplande onderhoudsstops op elkaar afgestemd. De reactor in Canada
werkt wat informeler mee aan deze afstemming, maar indien er problemen in
de productie optreden en tekorten in de beschikbaarheid van radiofarmaca draagt
de Canadese reactor bij om tekorten aan te vullen.
7
Ik heb er vertrouwen in dat de partijen de tekorten kunnen beperken, zowel
wat betreft omvang als wat betreft tijdsduur. Echter, onvoorziene stops van
de Hoge Flux Reactor (HFR) of van andere reactoren, bijvoorbeeld door technische
storingen, kunnen leiden tot overmachtssituaties, zeker indien een dergelijke
stop samenvalt met een noodzakelijke geplande stop van een andere reactor
zoals nu het geval is. In het antwoord op vraag 6 heb ik aangegeven dat de
exploitanten van de verschillende reactoren de geplande stops al langere tijd
op elkaar afstemmen.
Het ministerie van VWS is niet betrokken bij de HFR. Aangezien de huidige
problemen echter een Europese en zelfs wereldwijde dimensie hebben, zijn deze
ook aan de orde geweest tijdens de informele Raad ministers van Volksgezondheid
in de EU, 8 september jl. Voor de lange termijn zal met met relevante partijen
bezien worden hoe de behoefte aan de bassistoffen voor radiofarmaca op peil
te houden en wat de rol van de Nederlandse overheid daarin zou kunnen zijn.
XNoot
1 de Volkskrant, «Patiënten in de wacht na sluiten van
reactor», 3 september 2008.