Aanhangsel van de Handelingen
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden
2550 Herdruk*
Vragen van het lid Van Hijum (CDA) aan de staatssecretaris
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de korting op de subsidie
bij overschrijding van de termijn voor herindicatie Wet sociale werkvoorziening
(WSW). (Ingezonden 19 december 2005)
1
Klopt het dat gemeenten sociale werkvoorzieningbedrijven (SW-bedrijven)
bij overschrijding van de termijn voor herindicatie van WSW-ers door het ministerie
worden gekort op de subsidie voor de betreffende WSW-ers, ongeacht of de indicatie
daarbij is vervallen?
2
Kunt u inzicht verschaffen in de mate waarin de periodieke WSW-herindicaties
door gemeenten/SW-bedrijven tijdig worden uitgevoerd?
3
In hoeverre zijn overschrijdingen van de termijn voor herindicatie van
WSW-ers te wijten aan gemeenten of SW-bedrijven zelf (planning) en in hoeverre
spelen achterstanden bij het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) een rol?
4
Deelt u de mening dat een korting op de subsidie onterecht is indien de
WSW-indicatie vertraagd is door omstandigheden die buiten de verantwoordelijkheid
van de desbetreffende gemeente of het SW-bedrijf liggen?
5
Ziet u aanleiding om een tijdige herindicatie door het CWI actief te bevorderen,
opdat gemeenten en SW-bedrijven niet in de (financiële) problemen komen?
Antwoord
Antwoord van staatssecretaris Aboutaleb (Sociale Zaken
en Werkgelegenheid). (Ontvangen 18 juni 2008)
1
Het is correct dat bij de vaststellingen de subsidie wordt teruggevorderd
over de periode waarin iemand zonder geldige (her)indicatie werkzaam is geweest
in een Wsw-dienstbetrekking (artikel 4 lid 1 Besluit vaststelling subsidie
Wsw). Een geldige (her)indicatie is voorwaarde voor subsidieverlening. Om
goed te kunnen beoordelen of een persoon nog steeds tot de Wsw-doelgroep behoort,
en dus te waarborgen dat de Wsw-subsidie rechtmatig wordt aangewend, worden
Wsw-geïndiceerden periodiek geherindiceerd.
2
Bij de Wsw-vaststellingen (jaarlijkse subsidieverrekening) over het subsidiejaar
2003 (juli 2005) hebben 66 van de 111 gemeenten en schappen herindicatietermijnen
overschreden. Dit betrof voor het overgrote deel kleine overschrijdingen.
Bij 6 van de 111 gemeenten en schappen was er echter sprake van grotere overschrijdingen
(> 100 maanden op het Wsw-werknemersbestand van gemeente/schap). Ik
heb alleen zicht op de totale overschrijding van de herindicatietermijnen
en niet op het aantal maanden overschrijding per Wsw-werknemer.
3
De terugvorderingen ten aanzien van de overschrijdingen van de herindicatietermijn
in juli 2005 hadden betrekking op het subsidiejaar 2003, het voorlaatste jaar
waarin gemeenten en schappen integraal verantwoordelijk waren voor het herindicatieproces.
Het is goed twee verschillende situaties te onderscheiden. De periode
vóór 1 januari 2005 en de periode na 1 januari 2005. Vanaf 1
januari 2005 is CWI verantwoordelijk voor de uit te voeren indicaties en herindicaties
binnen de Wsw. In de periode voor 1 januari 2005 zijn gemeenten en schappen
volledig verantwoordelijk voor tijdige herindicatie.
In de periode na 1 januari 2005 is de verantwoordelijkheid van de gemeenten
en schappen teruggebracht tot het tijdig indienen van het verzoek tot herindicatie
bij CWI. De eventuele overschrijdingen die ten aanzien van de herindicaties
bij het CWI ontstaan, komen bij de vaststeling over subsidiejaar 2005 (in
het jaar 2007) niet ten laste van de gemeenten en schappen.
4
Ook hier geldt het onderscheid tussen eerdergenoemde perioden. Vóór
de overdracht van de indicatiestelling (inclusief de uit te voeren herindicaties)
naar CWI, per 1 januari 2005, waren de gemeenten en schappen integraal verantwoordelijk
voor het tijdig herindiceren van Wsw-ers. In de Wsw-regelgeving was voor gemeenten
en schappen in deze periode de mogelijkheid opgenomen om het herindicatiebesluit
met twee maanden te verlengen indien door bijzondere omstandigheden, waaronder
vertragingen buiten de invloedssfeer van gemeenten en schappen, het herindicatiebesluit
niet tijdig kon worden genomen.
5
Het is van groot belang dat het (her)indicatieproces bij CWI goed verloopt.
De in de vraagstelling gelegde relatie tussen een eventuele overschrijding
van de herindicatietermijnen bij CWI en hieruit voortvloeiende financiële
problemen bij gemeenten en schappen is echter onjuist. Met de overgang van
de (her)indicatiestelling naar CWI kunnen gemeenten en schappen alleen financieel
worden gekort op de subsidie indien zij niet tijdig de verzoeken tot herindicering
bij CWI indienen.
XNoot
*I.v.m. toevoeging van een antwoord.