Aanhangsel van de Handelingen
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden
380
Vragen van het lid Wilders (Groep Wilders) aan de ministers
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie over de onverkwikkelijke gang van zaken rondom door Marokkaanse raddraaiers geterroriseerde
personen. (Ingezonden 21 oktober 2004)
1
Heeft u kennisgenomen van het artikel «Op de vlucht in eigen land»?1
2
Is het waar dat de in het artikel genoemde personen in de cel zijn beland
nadat zij door Marokkanen uit de buurt werden aangevallen met een ijzeren
staaf? Zo ja, wat is uw oordeel daarover?
3
Is het waar dat toenmalig burgemeester van Honselersdijk heeft gezegd:
«de Nederlanders komen niet meer terug in de straat»? Wat is uw
oordeel daarover? Deelt u de mening dat betrokken burgemeester in deze casus
bestuurlijk en menselijk heeft gefaald? Ziet u mogelijkheden dat betrokkenen
alsnog een tegemoetkoming krijgen voor de geleden schade? Zo ja, welke? Zo
neen, waarom niet?
4
Is het waar dat de politie betrokken slachtoffer heeft aangeraden te emigreren?
Zo ja, deelt u de mening dat dit een onzinnig en ongepast verzoek is waarvan
met kracht afstand moet worden genomen?
5
Wat is de reden dat de Marokkaanse raddraaiers in onderhavig geval nooit
voor hun vernielingen en diefstallen zijn vervolgd?
Antwoord
Antwoord van minister Remkes (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties),
mede namens de minister van Justitie. (Ontvangen 8 november 2004)
2
In het onderhavige geval was sprake van een burenruzie tussen bewoners
van dezelfde straat. De ruzie ontaardde in een handgemeen. Tijdens deze ruzie
is een Marokkaanse vrouw komen te overlijden. Vanwege de toestand ter plekke
en de toeloop van buurtbewoners zijn de in het artikel genoemde personen overgebracht
naar het politiebureau te Naaldwijk. Later die avond zijn zij aangehouden
terzake bedreiging.
Door de politie is een onderzoek ingesteld. Hieruit is naar voren gekomen
dat een Marokkaanse jongen de in het krantenartikel genoemde buurtbewoonster
een klap zou hebben gegeven. Niet gebleken is dat daarbij sprake was van een
ijzeren staaf of andersoortige stok.
Vanzelfsprekend heeft de politie ook onderzoek verricht naar het overlijden
van de Marokkaanse vrouw, zijnde de moeder van de hiervoor bedoelde jongen.
Hieruit is niet gebleken dat zij is komen te overlijden ten gevolge van een
misdrijf. De strafzaak tegen de buurtbewoonster en haar partner terzake bedreiging
is door de officier van justitie geseponeerd wegens onvoldoende wettig en
overtuigend bewijs. De strafzaak tegen de Marokkaanse jongen is door de officier
van justitie geseponeerd omdat hij toen en daar door het verlies van zijn
moeder reeds ernstig door feit en gevolg getroffen was.
Mijn ambtsgenoot van Justitie is van oordeel dat de officier van justitie
op goede gronden tot deze beslissing is gekomen. Het openbaar ministerie is
niet bekend met latere aangiften hiermee verband houdende van de genoemde
buurtbewoners terzake vernieling/diefstal.
3
De toenmalige burgemeester van de gemeente Naaldwijk, waar de kern Honselersdijk
onder viel heeft indertijd een informatiebijeenkomst gehouden en is naar aanleiding
van deze bijeenkomst geïnterviewd door de lokale zender. Tijdens dit
interview heeft hij toegelicht welke maatregelen werden genomen om de situatie
te deëscaleren. Een van de maatregelen heeft hij tijdens het interview
als volgt verwoord: «De Nederlanders die in de straat zaten komen niet
meer terug in de straat. Ook dat is een belangrijke oplossing.»
Destijds hebben de in het artikel genoemde personen op eigen initiatief
het besluit genomen om bij familie in te trekken. De gemeente Naaldwijk heeft
hen daarbij begeleid en de volgende kosten volledig voor haar rekening genomen:
– kosten ontruiming;
– kosten opslag inboedel;
– kosten schade;
– kosten verhuizing inboedel van opslag naar nieuwe woning;
– kosten tegemoetkoming herinrichting nieuwe woning.
4
Het is politie Haaglanden niet bekend dat een advies van deze strekking
aan betrokkenen is overgebracht. Gelet op het tijdsverloop is evenwel niet
meer met zekerheid vast te stellen of een dergelijke of vergelijkbare uitspraak
al dan niet door een functionaris van politie Haaglanden is gedaan. Zo daarvan
sprake zou zijn geweest, mag duidelijk zijn dat een dergelijk advies inderdaad
ongepast zou zijn geweest.
5
Zie de beantwoording van vraag 2.
XNoot
1 De Telegraaf, 18 oktober jl.