Aanhangsel van de Handelingen

Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden

1454

Vragen van de leden De Krom en Van Baalen (beiden VVD) aan de ministers van Economische Zaken en van Defensie over MEP-subsidies aan overheidsorganisaties. (Ingezonden 2 april 2004)

1

Kunt u een overzicht verstrekken van alle gevallen, waarin de MEP-subsidie ten goede komt aan (een) overheidsorganisatie(s) en de daarmee gemoeide bedragen?

2

Bent u op de hoogte van activiteiten van het Ministerie van Defensie als ontwikkelaar van een windmolenpark in Coevorden? Kunt u aangeven waarom het Ministerie van Defensie dit windmolenpark gaat ontwikkelen? Hoeveel overheidssteun is met de ontwikkeling en exploitatie gemoeid?

3

Ligt het op de weg van de Rijksoverheid om zelf op te treden als projectontwikkelaar? Waarom worden dit soort commerciële initiatieven niet aan de markt overgelaten?

4

Wat is het effect van de verleende subsidiebedragen op het gedrag van overige marktpartijen en op de marktwerking in de sector?

5

Bent u bereid op te treden wanneer blijkt dat het verlenen van MEP-subsidies aan overheidsinstanties marktverstorend werkt?

Mededeling

Mededeling van minister Brinkhorst (Economische Zaken). (Ontvangen 29 april 2004)

Hierbij deel ik u mee dat het niet mogelijk is u binnen de gestelde termijn de vragen te beantwoorden van de kamerleden De Krom en Van Baalen (beiden VVD) die mij werden toegestuurd per brief op 2 april 2004, onder nummer 2030411860. In het kader van een zorgvuldige beantwoording is het ambtelijk overleg met het Ministerie van Defensie en de uitvoeringsorganisatie van de MEP nog gaande.

Ik verwacht de beantwoording vóór 15 mei a.s. aan de Kamer toe te zenden.

Naar boven