Aanhangsel van de Handelingen
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden
1616
Vragen van het lid Lazrak (SP) aan de minister van Vreemdelingenzaken
en Integratie over zijn uitspraken over het stopzetten van subsidies
aan allochtonen. (Ingezonden 30 augustus 2002)
1
Waarop baseert u uw uitspraak dat u zichtbaar maakt wat er onder de mensen
leeft?1
2
Op welke wijze en op welke termijn gaat u de problemen aanpakken die u
zichtbaar heeft gemaakt?2
3
Deelt u de mening dat de uitspraken die u recent in de media heeft gedaan,
bijdragen aan het stigmatiseren van de Marokkanen en Antillianen in Nederland?
Zo nee, waarom niet?
4
Zijn er subsidies die uitsluitend aan allochtone groepen worden verstrekt
voor zwemmen en voetballen, waarvan autochtonen worden uitgesloten? Zo ja,
door wie zijn de richtlijnen voor deze subsidies vastgesteld?
5
Kunt u een overzicht geven van subsidies die uitsluitend bestemd zijn
voor allochtonen? Welke subsidies wilt u hiervan schrappen?
6
Kunt u aangeven welke subsidies naar uw mening de integratie niet bevorderen?
Wat is de omvang van deze subsidies?
7
Deelt u de mening dat niet de subsidie-aanvrager maar de subsidieverstrekker
iets te verwijten valt indien er projecten of activiteiten gesubsidieerd worden
die naar uw mening de integratie niet bevorderen?
8
Vallen naar uw mening de inspraakorganen (Landelijke Overleg Minderheden),
de allochtone omroepen, de islamitische scholen en migrantenorganisaties met
een religieuze grondslag, óók onder projecten die de integratie
niet bevorderen? Worden van deze organisaties de subsidies ingetrokken? Zo
ja, op wat voor termijn? Zo nee, waarom niet? Kunt u uw antwoord toelichten?
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid
Azough, ingezonden 29 augustus 2002.
Antwoord
Antwoord van minister Nawijn (Vreemdelingenzaken en Integratiebeleid). (Ontvangen 5 september 2002)
1
Mijn recente uitspraken in de media zijn gebaseerd op gesprekken met deskundigen,
mijn eigen waarneming en werkbezoeken.
2
Met Prinsjesdag zullen door mij concrete beleidsvoornemens worden gepresenteerd,
die voortvloeien uit het Strategisch Akkoord.
3
Nee. Ik heb mijn uitspraken gedaan om aan te geven dat de criminaliteit
van een kleine groep een stevige aanpak vereist om stigmatisering van de hele
groep tegen te gaan.
4
Ja. Deze subsidies worden gegeven op basis van de subsidieregels van de
desbetreffende gemeenten.
5 en 6
Ik heb met mijn opmerkingen aan willen geven dat subsidies voor projecten
of organisaties op grond van bestaande subsidieregelingen, die niet gericht
zijn op integratie, naar mijn mening heroverwogen moeten worden.
8
De subsidies aan de inspraakorganen (Landelijk Overleg Minderheden), scholen
op islamitische grondslag en allochtone omroepen hebben een wettelijke basis.
XNoot
1 Trouw, 28 augustus jl.
XNoot
2 Onder meer: NRC van 24 augustus jl., Algemeen Dagblad van 24 augustus
jl., Trouw van 28 augustus jl. en Volkskrant van 28 augustus jl.