Vragen van het lid Stienen (D66) op 1 september 2022 medegedeeld aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over falend uitvoeringsbeleid asielopvang.

Antwoorden van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (ontvangen 3 oktober 2022).

Vraag 1 en 2

Deelt u de grote zorg dat de kwaliteit van de opvang duidelijk door de humanitaire ondergrens zakt, gezien de ontwikkelingen van de afgelopen tijd in en rondom de opvang van asielzoekers in Ter Apel?

Toont het feit dat Artsen zonder Grenzen heeft moeten besluiten om voor het eerst medische hulp te verlenen in Nederland niet aan dat de Nederlandse overheid ernstig in gebreke is gebleven?

Antwoord 1 en 2

De ontwikkelingen van de afgelopen tijd in en rondom de opvang van asielzoekers en specifiek de situatie bij het aanmeldcentrum in Ter Apel tonen aan dat we op dit moment niet in staat zijn om asielopvang te bieden volgens onze eigen normen, en vormen daarmee een uiterst ernstige situatie.

De inzet van Artsen zonder Grenzen toont dat de huidige regelgeving en systematiek voor asielopvang aan een herziening toe is. Inmiddels is deze herziening, door middel van onder meer het wetsvoorstel voor een wettelijke taak voor gemeenten, dat op zeer korte termijn in consultatie zal worden gebracht, en de bestuurlijke afspraken van 26 augustus, gestart. Ik ben niet van mening dat hier sprake is van in gebreke blijven in de juridische zin.

Vraag 3

Draagt dit niet onnodig bij tot het ondermijnen van het draagvlak voor menswaardige opvang van asielzoekers en het geven van kansen aan statushouders om snel in onze samenleving te kunnen meedoen, gegeven de overlast voor de inwoners van Ter Apel en andere gemeenten die door de ontstane noodsituatie wordt ervaren?

Antwoord 3

De huidige opvangcrisis is van invloed op het draagvlak voor asielmigratie. Die invloed werkt overigens ook de andere kant op. Voor het vinden van voldoende opvangplekken is lokaal (bestuurlijk) draagvlak een vereiste en te vaak blijkt dit thans te ontbreken. Dat is reden om langs beiden zijden hieraan te werken. Met de afspraken uit de brief van 26 augustus jl. aan uw Kamer heeft het kabinet daartoe belangrijke stappen gezet.

Vraag 4

Kwalificeert deze crisis niet zozeer als een «asielcrisis», maar als een «organisatiecrisis» die voortkomt uit het voortdurende op- en afschalen van de uitvoeringscapaciteit bij het COA en de IND?

Antwoord 4

De gestelde aspecten spelen een rol bij het ontstaan van de huidige situatie. Tegelijk spelen veel meer aspecten daarin een rol zoals eerder aan uw Kamer is gemeld.

Vraag 5

Waarom is het de Nederlandse overheid nog niet gelukt om, zoals bijvoorbeeld bij grote festivals, mensen snel te registreren of op zijn minst een systeem op te zetten zodat mensen weten waar ze in de rij staan en wanneer ze aan de beurt zijn de procedure te starten?

Antwoord 5

Sinds 10 september wordt er bij de voorregistratie van asielzoekers door de IND gewerkt met een volgnummer-systeem. Wanneer iemand zich in Ter Apel meldt, wordt deze bij voorregistratie een volgnummer toegekend. Na voorregistratie wordt men in eerste instantie in Marnewaard opgevangen en wordt naar gelang het volgnummer een afspraak gemaakt voor het doorlopen van het Identificatie- en Registratie proces. Op het tijdstip van de afspraak wordt men naar Ter Apel vervoerd en naar de Politie begeleid om dit proces te doorlopen. Het volgnummer is voornamelijk bedoeld als tijdsindicatie voor wanneer men, ook ten opzichte van anderen, aan de beurt is.

Vraag 6

Heeft u het commentaar gelezen van de NRC op 28 augustus jl. «in Ter Apel lijkt de staat de chaos haast te verwelkomen», waarin de vraag wordt gesteld of de mensonwaardige toestanden wellicht voortkomen uit een politieke keuze om via «bewuste Verelendung niet de indruk van een gastvrij of beschaafd land te wekken.» Wat vindt u van deze opgeworpen vraag?

Antwoord 6

Ja, ik heb daar kennis van genomen. Over de vraag zelf heb ik geen oordeel. Het antwoord op de vraag is een uitdrukkelijk «nee».

Vraag 7

Hoe wil u in de komende tijd de indruk wegnemen dat er de afgelopen jaren

daadwerkelijk een moedwillig beleid is gevoerd om te zorgen voor een afschrikwekkende situatie en het tegengaan van zogenaamde «aanzuigende werking» van een humaan asielbeleid2?

Antwoord 7

Voor zover die indruk bestaat, is die als gezegd gebaseerd op onjuiste gronden. In de praktijk blijkt het vaak lastig onjuiste beelden weg te nemen. Veel belangrijker vind ik het om de stappen te zetten zoals beschreven in de genoemde brief aan uw Kamer en daarmee feitelijk het stelsel te verbeteren.

Vraag 8

Op welke wijze gaat u de aanbevelingen van het recente briefadvies Asielopvang uit de Crisis3 (juni 2022) van de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken en de Raad voor Openbaar Bestuur meenemen in de uitvoering van het recent gesloten asielakkoord om uit deze organisatiecrisis te komen?

Antwoord 8

Met de brief van 8 juli jl. «Uitkomsten verkenning dwingend juridisch instrumentarium opvang asielzoekers» heeft de Tweede Kamer de kabinetsreactie op het advies ontvangen. De afspraken met de medeoverheden van 26 augustus jl. vormen daar deels al de invulling van.

Vraag 9

Welke nieuwe wetgeving of wetswijzigingen verwacht u naar aanleiding van dit asielakkoord?

Antwoord 9

In elk geval is afgesproken dat zo snel als mogelijk de consultatie start van het wetsvoorstel om te komen tot een gemeentelijke opvangtaak. Daarnaast zal wetswijziging volgen om de beslistermijn in nareiszaken te verlengen van 6 naar 9 maanden. Het kan niet worden uitgesloten dat ook de toegezegde fundamentele heroriëntatie zal leiden tot voorstellen tot wetsaanpassing. Daar wil ik evenwel niet op vooruitlopen.

Vraag 10

Hoe ziet u de zorgen van bijvoorbeeld de Kinderombudsman en andere juristen dat de aangekondigde maatregelen in het asielakkoord in strijd zijn met onder andere het kinderrechtenverdrag en Europese wetgeving?

Antwoord 10

Het kabinet meent dat vanwege de inrichting van de aangekondigde maatregelen en de extra waarborgen die daarbinnen zijn aangebracht sprake is van noodzakelijke en verantwoorde maatregelen, die juridisch uitlegbaar zijn. Of de maatregelen uiteindelijk juridisch houdbaar zijn, is aan het oordeel van de rechtspraak.

Naar boven