Aanhangsel van de Handelingen
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Nummer | Datum ontvangst |
|---|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2021-2022 | 2 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Nummer | Datum ontvangst |
|---|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2021-2022 | 2 |
Is in diverse laboratoria de werkwijze van het uitvoeren van PCR-testen gelijk, zodat de testresultaten met elkaar vergeleken kunnen worden?
Voor de beantwoording van deze vragen wil ik u wijzen op de kwaliteitsrondzendingen die door het RIVM verzorgd worden om de kwaliteit van SARS-CoV-2 diagnostiek in Nederland te controleren. Hiermee wordt gecontroleerd of de technieken die laboratoria gebruiken goed functioneren. In de laatste ronde dd. mei 2021 deden daar 77 laboratoria aan mee1. Daarbij werd gebruik gemaakt van sets met 10 verschillende klaargemaakte monsters. In deze monsters zat soms (door hitte gedood) SARS-CoV-2 virus in verschillende hoeveelheden, soms andere luchtwegvirussen of hun erfelijk materiaal. De laboratoria die meededen aan het onderzoek is gevraagd om deze monsters met hun eigen methoden (workflows) te onderzoeken op de aanwezigheid van SARS-CoV-2. In totaal gebruikten de laboratoria samen 201 verschillende methoden (workflows) om SARS-CoV-2 op te sporen. Ondanks al deze verschillende manieren vinden veruit de meeste laboratoria met het merendeel van de methoden inderdaad het erfelijk materiaal van het virus in de monsters waarvan de onderzoekers dit ook verwachtten. Een aantal gebruikte methoden functioneert iets minder. Zij haalden de hoogst mogelijke score net niet. Meestal komt dit omdat deze methoden de allerlaagste concentratie SARS-CoV-2 in een monster net niet kunnen aantonen.
Er gelden hoge eisen voor de laboratoria en de methoden. Alle laboratoria moeten geaccrediteerd zijn en worden jaarlijks geaudit. Alle werkwijzen voor de methoden liggen per methode vast in Standard Operation Procedures (SOP’s), die zij gebruiken. Laboratoria zijn gehouden aan strenge kwaliteitseisen en de Raad voor Accreditatie controleert jaarlijks of de laboratoria aan de gestelde eisen voldoen. Het RIVM biedt de laboratoria voortdurend ondersteuning. Door het geven van advies en door het beschikbaar stellen van monsters om met alle gebruikte methoden ook de allerhoogste standaard te kunnen halen.
De resultaten van het onderzoek zijn openbaar. Ook deelt het RIVM deze met de WHO en het European Centre for Disease Prevention and Control (ECDC). Andere landen doen ook dit soort onderzoeken en delen ook hun resultaten. Zo leren we van elkaar en maken we hele goede diagnostiek mogelijk.
Er is niet sprake van één Standard Operation Procedure. Dit is in antwoord op vraag 1 toegelicht.
Zijn er afspraken gemaakt met alle betrokken laboratoria over een SOP en zo ja, wat houden de afspraken en de SOP in?
Alle laboratoria waar PCR-testen voor de GGD geanalyseerd worden zijn volgens de norm NEN-EN-ISO 15189 of ISO IEC 17025 geaccrediteerd. Volgens deze normen moet een laboratorium altijd voor elke geaccrediteerde methode een SOP hebben. Elk jaar worden deze laboratoria (en daarmee ook de SOP’s voor de methoden) gecontroleerd.
Voor de beantwoording van deze vraag verwijs ik u naar mijn antwoorden op vraag 1 en 2. Laboratoria kunnen tussentijds hun SOP wijzigen als daar aanleiding toe is.
De SOP wordt geborgd via interne kwaliteitsprocessen en het jaarlijkse auditproces door de Raad van Accreditatie.
Indien er niet gewerkt wordt met een SOP, hoe kunnen dan de testresultaten afkomstig van de diverse laboratoria met elkaar vergeleken worden als ieder laboratorium een eigen werkwijze hanteert?
Hoeveel vermeerderingscycli worden er tijdens de PCR-test gedraaid en bij welke cyclus wordt het testresultaat uitgelezen?
Voor de beantwoording van deze vraag verwijs ik u naar mijn antwoorden op vraag 1 en 2. Dit kan per SOP verschillen.
Follow the Money (FTM) heeft diverse artikelen2 gepubliceerd over eventuele belangenverstrengeling van leden van het Outbreak Management Team (OMT), onder andere in relatie tot testen en aanschaf van apparatuur. Bent u hiervan op de hoogte?
Ik ben bekend met de artikelen die u noemt en in de periode tussen april en december 2020 geschreven zijn. Mijn ambtsvoorganger is onder meer in antwoord op vragen van de Tweede Kamer meermaals ingegaan op vragen over de onafhankelijkheid van OMT-leden, ook met betrekking tot in de artikelen genoemde zaken3 4. Het kabinet heeft een groot vertrouwen in de expertise van het OMT en in de onafhankelijkheid van de door het OMT gegeven adviezen. Alle leden van het OMT die geen ambtenaar zijn hebben een belangenverklaring ondertekend.
Voor de beantwoording van deze vraag verwijs ik u naar mijn antwoord op vraag 10 en de genoemde eerdere beantwoording van Kamervragen over de onafhankelijkheid van OMT-leden.
Zijn de handelingen die in deze berichtgeving genoemd worden in strijd met de belangenverklaringen5 van de OMT-leden Kluytmans, Gommers en Vossen?
Voor de beantwoording van deze vraag verwijs ik u naar mijn antwoord op vraag 10 en de genoemde eerdere beantwoording van Kamervragen over de onafhankelijkheid van OMT-leden.
Hebben alle leden van het OMT een belangenverklaring ondertekend inzake belangenverstrengeling?
De OMT-leden geven onafhankelijk advies. Om transparant te zijn en belangenverstrengeling te voorkomen, vult iedereen die deel uitmaakt van het OMT en geen ambtenaar is, een belangenverklaring in.
De verklaring van Jaap van Dissel is niet te vinden op de website van het RIVM. Heeft hij geen verklaring ondertekend?
De heer Jaap van Dissel is als rijksambtenaar gebonden aan gedragsregels waarbij door het afleggen van de eed of belofte, hij zweert of belooft dat hij deze regels nakomt, daarnaast zijn er integriteitsnormen waar ambtenaren zich aan moeten houden.
Indien hij onder een algemene regeling van rijksambtenaren valt is het niet inzichtelijk of hij belangen heeft. Dat geldt uiteraard ook voor andere rijksambtenaren die adviseren binnen het OMT. Hoe kan het parlement dan controleren of zij daadwerkelijk geen belangen hebben?
In ons parlementaire stelsel staat de relatie tussen het parlement en de regering centraal. De Minister is voor de parlementaire controle het «centrale aangrijpingspunt», het scharnier tussen de gekozen volksvertegenwoordiging en de benoemde ambtenaren, het handelen van de ambtelijke dienst wordt volledig toegerekend aan de Minister, en alleen de Minister is voor dat handelen politiek verantwoordelijk.
In de belangenverklaring6 van Marc Bonten is opgenomen dat hij zich moet onthouden van beraadslaging en besluitvorming bij de inzet van vaccins (Janssen en Pfizer), waarin hij belangen heeft. Tegelijkertijd promoot hij in de media7 de vaccinatieplicht. Hoe is voor het parlement te controleren dat Marc Bonten binnen het OMT het inzetten van vaccins van Janssen en Pfizer, zowel direct als indirect, niet promoot?
Lid Outbreak Management Team verzwijgt financieel belang bij coronatesten, FTM 9 december 2020; Aankooppolitiek rond beademing verbijstert deskundigen, FTM 20 april 2020 en https://patents.justia.com/search?q=diederik+gommers; Laboratoria vs de staat: «Het OMT streed tegen concurrentie, niet tegen corona», FTM 7 juli 2020
Antwoord op schriftelijke vragen van de leden Hijink en Van Gerven over het artikel «Hoe testen testen testen stukliep op een muur van eigenbelang».
Antwoord op schriftelijke vragen van de leden Van Gerven en Hijink over het bericht «Ziekenhuizen op ramkoers met artsen die cashen op coronatesten»
https://www.rivm.nl/documenten/belangenverklaring-j-kluytmans; https://www.rivm.nl/documenten/belangenverklaring-d-gommers; https://www.rivm.nl/documenten/belangenverklaring-vossen
OMT-lid Bonten: alleen met vaccinatiedrang of plicht komen we uit de crisis, Sven op 1 – NPO Radio 1, 1 december 2021, 12:43 uur
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-ek-20212022-2.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.