Vragen van de leden Kisteman en De Beer (beiden VVD) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de verdubbeling van de onderwijsuitgaven zonder aantoonbaar betere onderwijsresultaten (ingezonden 4 september 2026).

Mededeling van Staatssecretaris Tielen (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 23 september 2026).

Vraag 1

Bent u bekend met het artikel «Verdubbeling Rijksuitgaven aan onderwijs bleef zonder resultaat»?1

Vraag 2

Herkent u de hoofdconclusie van dit artikel dat de reële onderwijsuitgaven per leerling sinds 1995 ongeveer zijn verdubbeld terwijl de leerprestaties niet zijn verbeterd en op belangrijke onderdelen zelfs zijn verslechterd? Zo nee, op welke cijfers baseert u uw oordeel?

Vraag 3

Klopt de berekening dat in 2024 in het funderend onderwijs € 19,2 miljard meer is uitgegeven dan in 1995 (met inflatiecorrectie) en dat € 17,2 miljard hiervan voortkomt uit beleidsaanpassingen?

Vraag 4

Kunt u tegenover deze uitgavenontwikkeling de ontwikkeling van de onderwijskwaliteit plaatsen aan de hand van onder meer PISA, PIRLS, TIMSS, examenresultaten en de oordelen van de Inspectie van het Onderwijs?

Vraag 5

Welke aanvullende wettelijke en maatschappelijke taken hebben scholen sinds 1995 gekregen en welk deel van de uitgavenstijging kan hieraan worden toegeschreven?

Vraag 6

Welke aantoonbare resultaten zijn met deze extra uitgaven bereikt?

Vraag 7

Klopt het dat er tot op heden geen langjarige evaluatie is uitgevoerd naar de relatie tussen de forse stijging van de onderwijsuitgaven en de ontwikkeling van de leerprestaties? Bent u bereid deze evaluatie alsnog uit te voeren?

Vraag 8

Klopt de constatering dat het aantal niet-lesgevende personeelsleden sinds 1995 veel sterker is gegroeid dan het aantal leraren? Klopt de in het artikel genoemde stijging van 228 procent en zijn de gebruikte cijfers en definities over deze periode onderling vergelijkbaar?

Vraag 9

Deelt u de analyse uit het artikel dat het toezicht sinds 2011 steeds meer is gericht op procedures en documentatie en relatief minder op onderwijsresultaten?

Vraag 10

Klopt het dat leraren in het primair en voortgezet onderwijs sinds het jaar 2000 gemiddeld minder uren zijn gaan lesgeven? Welk effect heeft deze ontwikkeling gehad op de leerprestaties?

Vraag 11

Heeft u inzicht in de effecten van de groei van het aantal onderwijs- en klassenassistenten op de werkdruk van leraren en de leerprestaties van leerlingen?

Vraag 12

Welke meetbare effecten hebben de salarismaatregelen van de afgelopen decennia gehad op de instroom en het behoud en aantrekken van leraren?

Vraag 13

Is het mogelijk dat nieuwe onderwijsuitgaven voortaan worden voorzien van concrete en meetbare doelen voor onderwijskwaliteit met daarbij een evaluatietermijn en de mogelijkheid om de uitgave te beëindigen wanneer resultaten uitblijven?

Vraag 14

Zijn er op dit moment onderwijsuitgaven die u op basis van beschikbare evaluaties onvoldoende doeltreffend of doelmatig acht? Zo ja, welke?

Vraag 15

Kunt u deze vragen ruim voorafgaand aan de behandeling van de OCW-begroting voor 2027 beantwoorden?

Mededeling

Op 4 september 2026 hebben de leden Kisteman en De Beer (beiden VVD) schriftelijke vragen gesteld over de «verdubbeling van de onderwijsuitgaven zonder aantoonbaar betere onderwijsresultaten».

Tot mijn spijt is beantwoording binnen de gestelde termijn niet mogelijk, omdat het reproduceren van de cijfers uit het ESB-artikel «Verdubbeling Rijksuitgaven aan onderwijs bleef zonder resultaat» meer tijd vergt. Ik zal de vragen binnen de bij uitstel geldende termijn van 6 weken beantwoorden, voorafgaand aan de begrotingsbehandeling.


X Noot
1

ESB, 2 september 2026, Verdubbeling Rijksuitgaven aan onderwijs bleef zonder resultaat (esb.nu/verdubbeling-rijksuitgaven-aan-onderwijs-bleef-zonder-resultaat/)

Naar boven