﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2022-3911/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>STAATSCOURANT</titel>
    <subtitel>Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.</subtitel>
  </kop>
  <staatscourant>
    <kop>
      <titel>Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2022 – BR/REG-22159,
      Nederlandse Zorgautoriteit</titel>
    </kop>
    <regeling>
      <aanhef>
        <considerans>
          <considerans.al>
            <nadruk type="vet">Grondslag</nadruk>
          </considerans.al>
          <considerans.al bevat="grondslag">Gelet op artikel 57, eerste lid,
          onderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de
          Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het
          uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te
          stellen.</considerans.al>
          <considerans.al bevat="grondslag">Gelet op artikel 52, aanhef en
          onderdeel e, van de Wmg, worden tarieven die uit de voorliggende beleidsregel
          voortvloeien ambtshalve vastgesteld door de NZa.</considerans.al>
        </considerans>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">1</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <al>In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan
        onder:</al>
          <definitielijst type="expliciet" plaatsing="tekst" nr-sluiting=".">
            <definitie-item>
              <term>SARS-CoV-2 virus:</term>
              <definitie>
                <al>SARS-CoV-2 is het severe acute respiratory syndrome
              coronavirus 2. De World Health Organisation heeft deze naam gegeven aan het
              novwel coronavirus 2019-nCoV. Dit novel coronavirus (2019-nCoV) is aangemerkt
              als behorende tot groep A, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van de Wet
              publieke gezondheid.</al>
                <al>Covid-19 is een infectieziekte veroorzaakt door
              SARS-CoV-2.</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <term>zorgaanbieder:</term>
              <definitie>
                <al>de natuurlijke persoon of rechtspersoon die beroeps- of
              bedrijfsmatig zorg verleent, als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 1°,
              van de Wmg.</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <term>productieafspraak:</term>
              <definitie>
                <al>het totaalbedrag van de afspraken met betrekking tot de
              prestaties en tarieven ten laste van de contracteerruimte die door de
              zorgaanbieder en het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder zijn overeengekomen in de
              budgetronde of herschikkingsronde.</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <term>ziekteverzuimpercentage:</term>
              <definitie>
                <al>het ziekteverzuimpercentage is het totaal aantal ziektedagen
              van de werknemers, in procenten van het totaal aantal beschikbare
              (werk-/kalender)dagen van de werknemers in de verslagperiode. Het
              ziekteverzuimpercentage is inclusief het verzuim langer dan een jaar en
              exclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof* Wat is de definitie van
              ziekteverzuim? (cbs.nl) Ziekteverzuimpercentage (cbs.nl)'zie CBS (<extref soort="URL" doc="https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/begrippen/ziekteverzuimpercentage" status="actief">https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/begrippen/ziekteverzuimpercentage</extref>).</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <term>Stimuleringsregeling E-health Thuis:</term>
              <definitie>
                <al>Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
              Sport van 10 december 2018, kenmerk 1457861-185083, houdende stimulering van
              activiteiten ten behoeve van het opschalen en borgen van het gebruik van
              e-health toepassingen die ondersteuning of zorg thuis faciliteren. Deze is
              uitgebreid, met het oog op extra inzet van digitale zorg op afstand voor mensen
              thuis vanwege SARS-CoV-2 (SET COVID-19).</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
          </definitielijst>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">2</nr>
            <titel>Doel van de beleidsregel</titel>
          </kop>
          <al>Met deze beleidsregel worden de voorwaarden voor vergoeding en
        wijze van indiening bij de NZa van extra kosten die het gevolg zijn van het
        SARS-CoV-2 virus vastgelegd. Het gaat hierbij om personele en materiële kosten
        die het directe gevolg zijn van de uitbraak van het coronavirus en noodzakelijk
        zijn om de zorg aan Wlz-cliënten veilig en verantwoord te kunnen leveren. Deze
        beleidsregel legt tevens vast op welke wijze wordt afgeweken van andere, in de
        beleidsregel nader genoemde, regelgeving. Deze beleidsregel is de uitwerking
        van de volgende brieven van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en
        Sport (VWS):</al>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief d.d. 16 april 2020, onderwerp Financiële zekerheid Wlz
            zorgaanbieders, met kenmerk 1672600-204097-Z;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief d.d. 26 juni 2020, onderwerp Financiële zekerheid Wlz:
            tweede aanvulling met kenmerk 1710203-207338-LZ;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief d.d. 18 november 2020, onderwerp Financiële maatregelen
            Wlz a.g.v. corona in 2021, met kenmerk 214244-FEZ;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief d.d. 19 januari 2021, onderwerp actualisatie beleidsregel
            corona Wlz, met kenmerk 217154-1813426-LZ;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief d.d. 15 december 2021 onderwerp Financiële compensatie
            extra kosten corona Wlz 2022, met kenmerk 3296644-1021813-FEZ;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>brief Stand van zakenbrief Covid-19 van Ministerie van VWS aan
            de Kamer, kenmerk 3306279-1022966-PDC19. Met daarin het onderwerp: ‘Zelftesten
            opnemen in meerkostenregelingen Wet langdurige zorg’.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">3</nr>
            <titel>Reikwijdte</titel>
          </kop>
          <al>Deze beleidsregel is van toepassing op de zorg of dienst als
        omschreven bij of krachtens de Wet langdurige zorg (Wlz) die wordt geleverd
        door zorgaanbieders.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">4</nr>
            <titel>Financiering van extra gemaakte kosten</titel>
          </kop>
          <al>Zorgaanbieders maken mogelijk extra kosten in verband met het
        SARS-CoV-2 virus waardoor de zorg veilig en verantwoord kan worden geleverd.
        Deze extra kosten worden onderverdeeld in:</al>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>personele kosten;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>materiële kosten.</al>
            </li>
          </lijst>
          <al>Deze regeling voor het vergoeden van extra kosten ziet op de extra
        gemaakte kosten die worden gemaakt in de periode van 1 januari 2022 tot en met
        31 december 2022.</al>
          <al>Op basis van de RIVM-richtlijnen en Rijksbrede maatregelen is het
        mogelijk een vergoeding te verkrijgen voor de volgende onderdelen:</al>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>1.</li.nr>
              <al>Persoonlijke beschermingsmiddelen;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>2.</li.nr>
              <al>Vaccinatiekosten (zowel personele als materiële
            meerkosten);</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>3.</li.nr>
              <al>Inzet vervangend personeel bij hoog ziekteverzuim;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>4.</li.nr>
              <al>Extra kosten (vervoer naar) dagbesteding volgend uit het
            afstandscriterium;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>5.</li.nr>
              <al>De kosten van zelftesten voor zorgpersoneel.</al>
            </li>
          </lijst>
          <al>De mogelijkheden voor vergoeding zijn gekoppeld aan de
        LCI-richtlijn COVID-19<noot id="n2" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19" status="actief">https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19</extref></noot.al></noot> van het RIVM (de RIVM-richtlijnen) en Rijksbrede maatregelen.
        Dit betekent dat de voorwaarden voor vergoeding veranderen indien deze
        richtlijnen wijzigen of Rijksbrede maatregelen worden genomen. Indien
        maatregelen en richtlijnen worden afgeschaald, worden de voorwaarden voor
        vergoeding beperkt.</al>
          <tussenkop kopopmaak="rom">1. Vergoeding extra personele
          kosten</tussenkop>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>a.</li.nr>
              <al>Onder personele kosten worden de volgende soorten van kosten
            verstaan:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>kosten van het zorgpersoneel;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>kosten van het niet-zorgpersoneel.</al>
                </li>
              </lijst>
              <al>Het betreft de daadwerkelijke loonkosten of kosten van
            inhuur.</al>
              <al>Voor de loonkosten mogen de volgende kosten worden
            meegenomen:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>directe loonkosten: salaris, vakantietoeslag,
                eindejaarsuitkering en onregelmatigheidstoeslag;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>indirecte loonkosten: pensioenkosten, reiskosten,
                onkostenvergoedingen, secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals inkomenszekerheid
                bij arbeidsongeschiktheid of een Anw-gatverzekering, kosten voor eventuele
                personeelsverzekeringen, zoals een ziekteverzuimverzekering;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>verplichte premies en bijdragen: loonbelasting, premie
                volksverzekeringen (AOW, Anw en Wlz), premies werknemersverzekeringen (WW, WAO,
                WIA en ZW), inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw)
                (werkgeversheffing en eventuele bijdrage Zvw) of BTW indien er geen
                vrijstelling is.</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li>
              <li.nr>b.</li.nr>
              <al>Onder <nadruk type="cur">extra</nadruk> personele kosten worden
            verstaan de kosten die gemaakt zijn in de periode 1 januari 2022 tot en met
            31 december 2022 en het gevolg zijn van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus en
            samenhangen met de maatregelen van het kabinet of als gevolg van maatregelen
            die volgen uit RIVM-richtlijnen.</al>
              <al>De mogelijkheden voor vergoeding zijn gekoppeld aan de
            LCI-richtlijn COVID-19<noot id="n3" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19" status="actief">https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19</extref></noot.al></noot> van het RIVM (de RIVM-richtlijnen) en Rijksbrede
            maatregelen.</al>
              <al>Het gaat hierbij om de extra kosten die nodig zijn om de
            gebruikelijke en (aanvullend) noodzakelijke zorg veilig en verantwoord te
            leveren.</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>c.</li.nr>
              <al>De personele kosten die voortvloeien uit de volgende
            omstandigheden komen voor vergoeding in aanmerking:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>1°</li.nr>
                  <al>extra personeelsinzet als gevolg van een hoger
                ziekteverzuim onder personeel ten opzichte van 2019, waaronder ook wordt
                verstaan het thuis blijven in afwachting van de uitslag van een corona-test of
                in verband met quarantaine. Het gaat hier om het ziekteverzuimpercentage van
                geheel 2019 en geheel 2022.</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>2°</li.nr>
                  <al>extra personeelskosten noodzakelijk voor het veilig
                vaccineren van bewoners en/of medewerkers/vrijwilligers;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>3°</li.nr>
                  <al>kosten apothekers (inzet vaccinatie proces);</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>4°</li.nr>
                  <al>extra personeelsinzet dagbesteding volgend uit de
                afstandsnorm van 1,5 meter omdat in kleinere en dus meerdere groepen
                dagbesteding wordt geleverd (in verband met de Rijksbrede maatregelen of
                RIVM-richtlijnen).</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
          </lijst>
          <tussenkop kopopmaak="rom">2. Vergoeding extra materiële
          kosten</tussenkop>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>a.</li.nr>
              <al>Onder materiële kosten worden de volgende soorten van kosten
            verstaan: kosten van voeding, hotelmatige kosten, cliënt- en bewonersgebonden
            kosten, vervoerskosten, algemene kosten, terrein- en gebouwgebonden kosten, en
            afschrijvingen/huur.</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>b.</li.nr>
              <al>Onder <nadruk type="cur">extra</nadruk> materiële kosten worden
            verstaan de kosten die gemaakt zijn in de periode 1 januari 2022 tot en met
            31 december 2022 en het gevolg zijn van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus en
            samenhangen met de maatregelen van het kabinet of als gevolg van maatregelen
            die volgen uit RIVM-richtlijnen. Het gaat hierbij om de extra kosten die nodig
            zijn om de gebruikelijke en (aanvullend) noodzakelijke zorg veilig, verantwoord
            te leveren.</al>
              <al>De mogelijkheden voor vergoeding zijn gekoppeld aan de
            LCI-richtlijn COVID-19<noot id="n4" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19" status="actief">https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19</extref></noot.al></noot> van het RIVM (de RIVM-richtlijnen) en Rijksbrede
            maatregelen.</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>c.</li.nr>
              <al>De volgende materiële kostenposten komen, voor zover ze
            samenhangen met de omstandigheden geformuleerd onder artikel 4, tweede lid,
            onder b, van deze beleidsregel in elk geval voor vergoeding in aanmerking:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>kosten voor het gebruik van persoonlijke
                beschermingsmiddelen (PBM) volgens de daarvoor opgestelde RIVM-richtlijn<noot id="n5" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al><extref doc="https://lci.rivm.nl/covid-19/PBMbuitenziekenhuis" soort="URL" status="actief">https://lci.rivm.nl/covid-19/PBMbuitenziekenhuis</extref>,
                    <extref doc="https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19" soort="URL" status="actief">COVID-19 | LCI richtlijnen (rivm.nl)</extref></noot.al></noot> om besmetting onder zorgpersoneel en kruisbesmetting
                tussen zorgpersoneel en bewoners te voorkomen;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>extra vervoerskosten dagbesteding volgend uit de
                afstandsnorm van 1,5 meter;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>(Huur)kosten van extra ruimtes voor de dagbesteding om de
                1,5 meter te kunnen waarborgen;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>de kosten van zelftesten voor zorgpersoneel;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>extra materiële kosten apothekers (inzet vaccinatie
                proces);</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>–</li.nr>
                  <al>extra materiële kosten noodzakelijk voor het veilig
                vaccineren van bewoners en/of medewerkers/vrijwilligers.</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li>
              <li.nr>d.</li.nr>
              <al>Indien sprake is van extra kosten waarbij de kosten/investering
            in meerdere jaren worden afgeschreven, worden de gebruikelijke
            afschrijvingstermijnen gehanteerd.</al>
              <al>De afschrijvingstermijnen van immateriële en materiële vaste
            activa worden gebaseerd op de verwachte economische levensduur van het vast
            actief. Hierbij zijn de uitgangspunten van toepassing zoals gesteld in de Raad
            voor de Jaarverslaggeving (RJ): Richtlijn 212 ‘Materiële vaste activa’.</al>
              <al>Waarbij alleen de afschrijvingskosten behorende bij het jaar
            2022 voor vergoeding in aanmerkingen komen.</al>
            </li>
          </lijst>
          <tussenkop kopopmaak="rom">3. Uitsluiting extra kosten</tussenkop>
          <al>Een deel van de extra kosten die voortvloeien uit het SARS-CoV-2
        virus wordt mogelijk al vergoed op grond van andere opbrengsten. Deze extra
        kosten zijn daardoor uitgesloten van vergoeding.</al>
          <al>Alleen extra kosten worden vergoed die noodzakelijk zijn voor een
        veilige en verantwoorde levering van de zorg.</al>
          <al>Tot de vergoeding van extra kosten worden de volgende kosten in elk
        geval niet gerekend:</al>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>alle kosten die vergoed kunnen worden als gevolg van een door
            de zorgaanbieder afgesloten verzekering. Bijvoorbeeld de kosten van
            ziekteverzuim waarvoor de zorgaanbieder een (loondoorbetalings)vergoeding
            ontvangt als gevolg van een afgesloten ziekteverzuimverzekering;</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>het deel van de kosten waarvoor een subsidie is aangevraagd en
            toegekend, bijvoorbeeld op grond van de Stimuleringsregeling E-health Thuis of
            de Subsidieregeling coronabanen in de zorg (COZO);</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>–</li.nr>
              <al>het deel van de kosten dat op grond van andere wet- en
            regelgeving of door een andere instantie wordt vergoed, omdat de cliënt dit
            vanwege de gekozen leveringsvorm niet op grond van de Wlz bekostigd krijgt.
            Bijvoorbeeld geneesmiddelen bij afname van een modulair pakket thuis (mpt), vpt
            of zzp exclusief behandeling.</al>
            </li>
          </lijst>
          <tussenkop kopopmaak="rom">4. Contracteerruimte</tussenkop>
          <al>De vergoeding van extra gemaakte kosten is geen onderdeel van de
        productieafspraak.</al>
          <tussenkop kopopmaak="rom">5. Sluittarief</tussenkop>
          <al>De NZa zal de vergoeding voor de extra kosten als gevolg van het
        SARS-CoV-2 virus opnemen in het sluittarief.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">5</nr>
            <titel>Berekening en verantwoording</titel>
          </kop>
          <al>De berekening van de onder artikel 4 van deze beleidsregel genoemde
        kosten en de verantwoording/verslaglegging hiervan steunt zoveel als mogelijk
        op de handreiking die in samenwerking door brancheorganisaties en Fizi wordt
        gepubliceerd.</al>
          <al>Voor de toerekening van de financiering van extra gemaakte kosten
        in artikel 4 van deze beleidsregel naar de producten/prestaties van diverse
        domeinen (Wlz, Zvw, Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo),
        Subsidieregeling behandeling, etcetera) worden verdeelsleutels gehanteerd.</al>
          <al>Voor de toerekening van de financiering van extra gemaakte kosten
        in artikel 4 van deze beleidsregel naar de verschillende zorgkantoorregio’s
        worden verdeelsleutels gehanteerd.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">6</nr>
            <titel>Procedure</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
            <al>Opgave extra kosten 2022 in herschikking</al>
            <al>De zorgaanbieder kan de extra gemaakte kosten die het gevolg zijn
          van het SARS-CoV-2 virus gezamenlijk met het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder
          opnemen in de herschikkingsronde 2022.</al>
            <al>De NZa stelt binnen het herschikkingsformulier 2022 een
          afzonderlijk onderdeel beschikbaar voor extra kosten 2022 ten gevolge van
          SARS-CoV-2 virus. Hierbij wordt aangesloten bij de kostencategorieën. Hiermee
          kunnen Wlz-zorgaanbieders een aanvraag doen voor een voorlopige vergoeding
          inzake de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus. Het gebruik hiervan is verplicht.</al>
            <al>In artikel 4 van deze beleidsregel staan de extra gemaakte kosten
          die als gevolg van het SARS-CoV-2 virus voor vergoeding in aanmerking komen,
          vermeld.</al>
            <al>Een aanvraag om vergoeding van extra gemaakte kosten kan
          uitsluitend tweezijdig bij de NZa worden ingediend.</al>
            <al>De zorgaanbieder moet voor genoemde onderdelen in het formulier
          de kosten opgeven en specificeren conform beschreven in artikel 4 van deze
          beleidsregel.</al>
            <al>Het totaalbedrag van deze onderdelen zal als voorlopige mutatie
          SARS-CoV-2 worden verwerkt in de aanvaardbare kosten 2022 en in het sluittarief
          worden opgenomen.</al>
            <al>Het formulier, waarin het verzoek om vergoeding van extra kosten
          is vastgelegd (herschikkingsformulier) moet vóór 1 november 2022
          (herschikkingsronde) bij de NZa worden ingediend.</al>
            <al>Extra kosten door zorgaanbieder gemaakt na of bij de NZa
          opgegeven na de uiterste indieningsdatum van 31 oktober 2022 kunnen niet meer
          worden meegenomen in de herschikkingsronde. Deze kosten zullen moeten worden
          opgegeven bij de nacalculatie-opgave 2022.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
            <al>Nacalculatie</al>
            <al>De zorgaanbieder kan de kosten die het gevolg zijn van het
          SARS-CoV-2 virus gezamenlijk met het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder opnemen in
          de nacalculatie-opgave 2022.</al>
            <al>De NZa stelt binnen het nacalculatieformulier 2022 een
          afzonderlijk onderdeel beschikbaar voor extra kosten SARS-CoV-2 virus 2022. Het
          gebruik hiervan is verplicht.</al>
            <al>In artikel 4 van deze beleidsregel staan de kosten vermeld die
          als extra gemaakte kosten als gevolg van het SARS-CoV-2 virus voor vergoeding
          in aanmerking komen.</al>
            <al>De nacalculatie-opgave kan op dit onderdeel uitsluitend
          tweezijdig bij de NZa worden ingediend.</al>
            <al>De NZa zal bij de nacalculatie-opgave in ieder geval de volgende
          informatie uitvragen:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>Naam en NZa-nummer van de instelling die vergoeding verzoekt
              voor kosten als gevolg van het SARS-CoV-2 virus;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>Naam contactpersoon indien er vragen zijn over de ingevulde
              kosten of beschrijvingen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>Indien van toepassing omvang van de extra gemaakte kosten,
              zoals omschreven in artikel 4 van deze beleidsregel met daarbij uitsplitsing
              naar:</al>
                <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                  <li>
                    <li.nr>i.</li.nr>
                    <al>Vergoeding personele kosten zoals omschreven in artikel
                  4, eerste lid, van deze beleidsregel uitgesplitst naar:</al>
                    <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                      <li>
                        <li.nr>–</li.nr>
                        <al>Zorgpersoneel (direct personeel);</al>
                      </li>
                      <li>
                        <li.nr>–</li.nr>
                        <al>Niet-zorgpersoneel (indirect personeel).</al>
                      </li>
                    </lijst>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>ii.</li.nr>
                    <al>Vergoeding materiële kosten zoals omschreven in artikel
                  4, tweede lid, van deze beleidsregel.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
            </lijst>
            <al>De NZa kan ter zake deskundigen vragen om te adviseren over de
          effectiviteit en efficiëntie van uitgevoerde werkzaamheden en de mate waarin
          dit overeenstemt met de geldende richtlijnen. De NZa kan tevens ter zake
          deskundigen vragen om te adviseren over de berekening/toerekening van de
          kosten. Het advies van deze deskundigen zal door de NZa worden gebruikt bij de
          beoordeling van de in de nacalculatie-opgave opgenomen werkzaamheden en kosten
          met betrekking tot het SARS-CoV-2 virus.</al>
            <al>De NZa zal de voor vergoeding in aanmerking bevonden (extra)
          gemaakte kosten opnemen in het sluittarief/vereffeningbedrag.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
            <al>Wijze van indienen; twee- en eenzijdige aanvragen; gevolgen
          eenzijdige aanvragen</al>
            <al>Waar in deze beleidsregel wordt gesproken van een tweezijdige
          indiening van zowel een opgave van de herschikking als de nacalculatie bedoelt
          de NZa:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>zorgaanbieder en zorgkantoor/Wlz-uitvoerder dienen
              gezamenlijk eensluidend in; zorgaanbieder en zorgkantoor/Wlz-uitvoerder hebben
              overeenstemming;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>zorgaanbieder en zorgkantoor/Wlz-uitvoerder dienen ieder
              afzonderlijk in en de indieningen zijn eensluidend; zorgaanbieder en
              zorgkantoor/Wlz-uitvoerder hebben overeenstemming.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>Een anders dan tweezijdig ingediende opgave beschouwt de NZa als
          eenzijdig.</al>
            <al>Tweezijdige indiening is van belang om de volgende redenen.</al>
            <al>Het gaat om een uitzonderlijke situatie, waarbij in theorie
          sprake is van een (gedeeltelijk) open einde bekostiging.</al>
            <al>Door tweezijdige indiening kan enige balans worden bereikt tussen
          wensen van partijen, nut, noodzakelijkheid, rechtmatigheid en doelmatigheid van
          het verzoek tot vergoeding als gevolg van het SARS-CoV-2 virus. In de brief van
          het Ministerie van VWS aan de NZa d.d. 16 april 2020, kenmerk 1672600-204097-Z,
          is de voorwaarde dat de aanvraag voor een vergoeding wordt ingediend door de
          zorgaanbieder en Wlz-uitvoerder gezamenlijk ook benoemd.</al>
            <al>Waar de NZa tweezijdige indiening tot uitgangspunt neemt, kunnen
          zorgaanbieder en zorgkantoor/Wlz-uitvoerder niet volstaan met eenzijdige
          indiening.</al>
            <al>Indien een eenzijdige opgave wordt ingediend, vergewist de NZa
          zich van de grondslag van de weigering van het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder of
          de zorgaanbieder om de opgave mede te ondertekenen. Een eenzijdige opgave wijst
          de NZa af, tenzij de NZa de weigering van het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder of
          de zorgaanbieder kennelijk onredelijk acht.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">7</nr>
            <titel>Beleidsregels</titel>
          </kop>
          <al>Bij de uitoefening van haar taken en bevoegdheden past de NZa haar
        beleidsregels toe. Voor zover in het kader van deze beleidsregel daarvan wordt
        afgeweken, is dat in dit artikel beschreven.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 4, eerste en tweede lid, Beleidsregel
          bekostigingscyclus Wlz 2022</tussenkop>
          <al>Bij de berekening van de aanvaardbare kosten voor het jaar 2022
        wordt tevens de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2022 betrokken.
        Dit betekent dat een vergoeding daaruit wordt meegenomen in de berekening van
        het sluittarief/vereffeningbedrag.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 5 Beleidsregel bekostigingscyclus Wlz
          2022</tussenkop>
          <al>In aanvulling op dit artikel bevat de nacalculatie-opgave over het
        jaar 2022 tevens hetgeen genoemd in artikel 4 van de Beleidsregel SARS-CoV-2
        virus extra kosten Wlz 2022. Bij de nacalculatie en de vaststelling van de
        aanvaardbare kosten wordt de toepassing van deze beleidsregel tevens in acht
        genomen.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 5, eerste lid, Beleidsregel bekostigingscyclus Wlz
          2022</tussenkop>
          <al>Bij enkele onderdelen van de nacalculatie-opgave is eenzijdige
        indiening niet mogelijk. In aanvulling op de opsomming in onderdeel b) van dit
        artikel geldt dat de opgave van kosten die het gevolg zijn van de uitbraak van
        het SARS-CoV-2 virus onderdeel is van de nacalculatie waarbij de zorgaanbieder
        en het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder verplicht zijn tweezijdig in te
        dienen.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">8</nr>
            <titel>Regelingen</titel>
          </kop>
          <al>Bij de uitoefening van haar taken en bevoegdheden, past de NZa haar
        regelingen toe. Voor zover in het kader van deze beleidsregel daarvan wordt
        afgeweken, is dat in dit artikel beschreven.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Regeling declaratievoorschriften, administratievoorschriften
          en informatieverstrekking Wlz 2022</tussenkop>
          <al>In afwijking op de hieronder genoemde artikelen, geldt voor
        zorgaanbieders voor de toepassing van deze beleidsregel het volgende:</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 1 en 10 Regeling declaratievoorschriften,
          administratievoorschriften en informatieverstrekking Wlz 2022</tussenkop>
          <al>Het nacalculatieformulier en de nacalculatie-opgave bevatten tevens
        de onderdelen zoals genoemd in artikel 4 van deze beleidsregel.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 9 Regeling declaratievoorschriften,
          administratievoorschriften en informatieverstrekking Wlz 2022</tussenkop>
          <al>In aanvulling op het genoemde artikel, geldt voor zorgaanbieders
        voor de toepassing van deze beleidsregel het volgende met betrekking tot extra
        kosten:</al>
          <al>De zorgaanbieder registreert de extra kosten zoals genoemd in
        artikel 4 van deze beleidsregel duidelijk identificeerbaar in zijn
        administratie.</al>
          <al>Wanneer een zorgaanbieder gebruik maakt van een verdeelsleutel,
        zoals bedoeld in artikel 5 van deze beleidsregel legt de zorgaanbieder de
        gehanteerde uitgangspunten vast in zijn administratie.</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Artikel 9 en 10 Regeling declaratievoorschriften,
          administratievoorschriften en informatieverstrekking Wlz 2022</tussenkop>
          <al>In aanvulling op de genoemde artikelen, geldt voor zorgaanbieders
        voor de toepassing van deze beleidsregel het volgende:</al>
          <tussenkop kopopmaak="cur">Controleprotocol nacalculatie 2022
          Wlz-zorgaanbieders</tussenkop>
          <al>In aanvulling op de Regeling declaratievoorschriften,
        administratievoorschriften en informatieverstrekking Wlz 2022 zal de
        nacalculatie-opgave 2022 tevens de onderdelen zoals genoemd in artikel 4 van
        deze beleidsregel bevatten. In de toelichting op de vragenlijst
        controleprotocol neemt de zorgaanbieder de aansluiting op tussen de [bijlage in
        de jaarrekening] en de nacalculatie-opgave. De accountant waarmerkt de
        toelichting bij de vragenlijst controleprotocol. Deze werkwijze zal worden
        beschreven in het nog te publiceren Controleprotocol nacalculatie 2022
        Wlz-zorgaanbieders.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">9</nr>
            <titel>Intrekken/vervallen oude beleidsregel</titel>
          </kop>
          <al>De Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2021, met kenmerk
        BR/REG-21149b, die een geldigheidsduur heeft tot en met 31 mei 2022, komt op
        laatstgenoemde datum van rechtswege te vervallen.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr status="officieel">10</nr>
            <titel>Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel, bekendmaking,
            inwerkingtreding, terugwerkende kracht en citeertitel</titel>
          </kop>
          <tussenkop kopopmaak="vet">Toepasselijkheid voorafgaande
          beleidsregel</tussenkop>
          <al>De Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2021, met kenmerk
        BR/REG-21149b, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun
        grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode
        waarvoor die beleidsregel gold.</al>
          <tussenkop kopopmaak="vet">Inwerkingtreding/bekendmaking</tussenkop>
          <al>Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de
        datum van uitgifte van de Staatscourant waarin de beleidsregel ingevolge
        artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, wordt geplaatst en werkt
        terug tot en met 1 januari 2022 en vervalt met ingang van 1 januari 2024.</al>
          <al>De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op
        <extref soort="URL" doc="http://www.nza.nl" status="actief">www.nza.nl</extref>.</al>
          <tussenkop kopopmaak="vet">Citeertitel</tussenkop>
          <al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel SARS-CoV-2
        virus extra kosten Wlz 2022.</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <titel>TOELICHTING</titel>
        </kop>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Algemeen</titel>
          </kop>
          <al-groep>
            <al>Alle partijen, waaronder de NZa, vinden het belangrijk dat
          zorgaanbieders zich maximaal kunnen richten op het leveren van de noodzakelijke
          en veilige zorg, tijdens de epidemie met het SARS-CoV-2 virus en daarna. Met
          deze beleidsregel wordt een oplossing geboden door zorgaanbieders een
          vergoeding te geven voor de extra kosten die ze hebben gemaakt als gevolg van
          de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus.</al>
            <al>Het volgen van de RIVM-richtlijnen over wat aanvullend nodig is
          om veilig en verantwoorde zorg te kunnen leveren zal ook in 2022 binnen de
          langdurige zorg leiden tot extra kosten voor zorgaanbieders.</al>
            <al>De vergoeding extra kosten als gevolg van de uitbraak van het
          SARS-CoV-2 virus is per 2022 beperkt tot de volgende onderdelen:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al>Persoonlijke beschermingsmiddelen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al>Vaccinatiekosten (zowel personele als materiële
              meerkosten);</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al>Inzet vervangend personeel bij hoog ziekteverzuim;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>4.</li.nr>
                <al>Extra kosten (vervoer naar) dagbesteding volgend uit het
              afstandscriterium;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>5.</li.nr>
                <al>Zelftesten voor zorgpersoneel.</al>
              </li>
            </lijst>
          </al-groep>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>Ad</label>
              <nr status="officieel">1.</nr>
              <titel>Persoonlijke beschermingsmiddelen</titel>
            </kop>
            <al>Dit betreft een vergoeding voor noodzakelijke kosten voor het
          gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) volgens de daarvoor
          opgestelde RIVM-richtlijn om verdere besmetting onder zorgpersoneel en
          kruisbesmetting tussen zorgpersoneel en bewoners te voorkomen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>Ad</label>
              <nr status="officieel">2.</nr>
              <titel>Vaccinatiekosten</titel>
            </kop>
            <al>Dit betreft een vergoeding van extra personeelskosten die
          noodzakelijk zijn voor veilig vaccineren van bewoners en/of medewerkers en
          onvermijdelijke materiële meerkosten die volgen uit noodzakelijke activiteiten
          om bewoners en/of medewerkers veilig te vaccineren. De extra personeelsinzet
          kan zowel betrekking hebben op de benodigde activiteiten om cliënten en/of
          zorgpersoneel te voorzien van een vaccinatie alsmede de inzet van vervangend
          personeel indien zorgpersoneel gedurende werktijd op een andere locatie moet
          worden ingeënt. Vergoeding van mogelijke extra reiskosten is hierbij niet
          inbegrepen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>Ad</label>
              <nr status="officieel">3.</nr>
              <titel>Inzet vervangend personeel bij hoog ziekteverzuim</titel>
            </kop>
            <al>Het is mogelijk een vergoeding te ontvangen voor kosten behorende
          bij de extra personeelsinzet als gevolg van een hoog ziekteverzuim onder
          personeel ten opzichte van het ziekteverzuim in 2019. Hieronder wordt ook
          verstaan het thuis blijven in afwachting van de uitslag van een corona-test of
          in verband met quarantaine. Dit betekent dat zorgaanbieders, waarbij het
          ziekteverzuimpercentage in 2022 hoger is dan in 2019 in aanmerking komen voor
          compensatie van extra personele kosten.</al>
            <al>De definitie van ziekeverzuimpercentage is opgenomen. Om in
          aanmerking te komen voor een vergoeding van Extra kosten vervangend personeel
          bij hoog ziekteverzuim moet sprake zijn van een hoger ziekteverzuim percentage
          in 2022 dan het ziekteverzuim percentage in 2019. Dit is een drempel om voor
          vergoeding in aanmerking te komen.</al>
            <al>De gemaakte kosten behorende bij ‘Ad 3. Inzet personeel bij hoog
          ziekteverzuim’ komen vervolgens voor vergoeding in aanmerking.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>Ad</label>
              <nr status="officieel">4.</nr>
              <titel>Extra kosten (vervoer naar) dagbesteding volgend uit de
              afstandsnorm</titel>
            </kop>
            <al>In 2022 kan een Rijksbrede maatregel van kracht zijn zijn
          waardoor anderhalve meter afstand houden verplicht is. Dit leidt er bij (het
          vervoer naar) de dagbesteding toe dat deze in kleinere groepen kan worden
          geleverd, wat kan leiden tot meerkosten. Voor de periode waarin dit op basis
          van een Rijksbrede maatregel of RIVM-richtlijn wordt verplicht, komen de
          onvermijdelijke meerkosten in aanmerking voor vergoeding.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>Ad</label>
              <nr status="officieel">5.</nr>
              <titel>Zelftesten voor zorgpersoneel</titel>
            </kop>
            <al>De kosten die zorgaanbieders maken voor zelftesten worden
          vergoed. De kosten van de zelftesten vallen onder deze regeling. Hiermee kunnen
          zorgaanbieders de kosten gecompenseerd krijgen.</al>
            <al-groep>
              <al>Als de omstandigheden daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld
            naar aanleiding van het vaccinatiebeleid rondom SARS-CoV-2, wordt deze
            beleidsregel gedurende 2022 geactualiseerd.</al>
              <al>Ook wordt de beleidsregel aangepast als er wijzigingen zijn in
            de Rijksbrede maatregel of RIVM-richtlijn die aanleiding geven om deze
            beleidsregel te actualiseren.</al>
            </al-groep>
          </divisie>
        </divisie>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Artikelsgewijs</titel>
          </kop>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 3 Reikwijdte</titel>
            </kop>
            <al>Deze beleidsregel is van toepassing op de zorg of dienst als
          omschreven bij of krachtens de Wlz door zorgaanbieders. Cliënten zonder
          Wlz-indicatie ontvangen geen zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de
          Wlz en vallen daarmee niet onder de reikwijdte van deze beleidsregel. Voor de
          cliënten zonder Wlz-indicatie kan niet op basis van deze beleidsregel een
          vergoeding worden verkregen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 4 Financiering van extra gemaakte kosten</titel>
            </kop>
            <al>Zorgaanbieders maken mogelijk extra personele en materiële kosten
          als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus waar geen vergoeding of
          opbrengsten tegenover staan.</al>
            <al>In deze beleidsregel is een lijst opgenomen van extra zorg en/of
          extra kosten die in 2022 voor vergoeding in aanmerking komen. Alleen de kosten
          vallend onder de limitatieve lijst zoals opgenomen in deze beleidsregel komen
          voor vergoeding in aanmerking. Er is geen goedkeuring nodig van het zorgkantoor
          voorafgaand aan het maken van deze kosten.</al>
            <tussenkop kopopmaak="rom">3. Uitsluiting extra kosten</tussenkop>
            <al>In artikel 4, derde lid, is de lijst met extra kosten die van
          vergoeding zijn uitgesloten aangepast ten opzichte van de lijsten in de
          beleidsregels 2020 en 2021.</al>
            <al>Een deel van de extra kosten wordt mogelijk al vergoed op grond
          van andere opbrengsten of had op grond van wet- en regelgeving door een andere
          instantie moeten worden vergoed. Hiervoor wordt in dit onderdeel gecorrigeerd,
          zodat een dubbele bekostiging wordt voorkomen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 5 Berekening en verantwoording</titel>
            </kop>
            <al-groep>
              <al>De bekosting van de vergoeding voor extra kosten wijkt af van
            de reguliere prestatiestructuur, waarbij sprake is van prestaties en
            maximumtarieven per dag of per uur. Dit komt doordat het in deze uitzonderlijke
            situatie onmogelijk is een simpele prestatie met een maximumtarief te
            onwikkelen die redelijkerwijs de kosten dekt.</al>
              <al>Dit brengt met zich mee dat van zorgaanbieders wordt gevraagd
            om zich te verantwoorden over de gemaakte extra kosten en van zorgkantoren
            extra werkzaamheden worden gevraagd. Om de aangevraagde vergoeding voor de
            extra kosten te onderbouwen en te verantwoorden hebben de brancheorganisaties
            en Fizi-leden een handleiding ontwikkeld waarop zorgaanbieders kunnen steunen,
            maar waarvan ook gemotiveerd kan worden afgeweken.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Verdeelsleutel</tussenkop>
            <al>Het is mogelijk dat vergoedingen en kosten niet volledig
          toerekenbaar zijn aan de Wlz. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als een partij
          mondkapjes gebruikt wordt voor zorgpersoneel dat zowel Wlz- als Zvw-cliënten
          bedient, of als personeel dat gedetacheerd wordt deels zorg levert aan
          Wlz-cliënten en deels aan Wmo-cliënten. In deze gevallen stelt de zorgaanbieder
          hiervoor een verdeelsleutel, zoals benoemd in artikel 5 van deze beleidsregel
          op en legt deze vast in zijn administratie. Voor de bepaling van de
          verdeelsleutel hanteert de zorgaanbieder de opbrengsten februari 2020 als
          uitgangspunt. De zorgaanbieder bepaalt de verhouding Wlz-opbrengsten ten
          opzichte van zijn totale opbrengsten. Dit vormt de verdeelsleutel voor zowel
          kosten en opbrengsten.</al>
            <al>Het is mogelijk dat vergoedingen en kosten niet volledig
          toerekenbaar zijn aan één zorgkantoorregio. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als
          een partij mondkapjes gebruikt wordt voor zorgpersoneel dat op verschillende
          locaties in verschillende zorgkantoorregio’s werkzaam is. In deze gevallen
          stelt de zorgaanbieder hiervoor een verdeelsleutel, zoals benoemd in artikel 5
          van deze beleidsregel op en legt deze vast in zijn administratie. Voor de
          bepaling van de verdeelsleutel hanteert de zorgaanbieder de opbrengsten
          februari 2020 als uitgangspunt. De zorgaanbieder bepaalt de verhouding per
          zorgkantoorregio ten opzichte van zijn totale opbrengsten. Dit vormt de
          verdeelsleutel voor zowel kosten en opbrengsten.</al>
            <al>Wanneer de uitgangspunten uit artikel 5 van deze beleidsregel
          niet passend zijn, legt de zorgaanbieder de reden waarom deze verdeelsleutel
          niet passend is in zijn administratie vast. In dat geval hanteert de
          zorgaanbieder een verdeelsleutel die beter past.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 6 Procedure</titel>
            </kop>
            <tussenkop kopopmaak="rom">1. Opgave extra kosten in
            herschikking</tussenkop>
            <al>In het herschikkingsformulier wordt een apart onderdeel opgenomen
          waarmee de zorgaanbieder de geraamde extra kosten ten gevolge van het
          SARS-CoV-2 virus conform artikel 4 van deze beleidsregel kan opgeven en
          specificeren. Het totaalbedrag hiervan wordt op de beschikking opgenomen als
          post ‘Voorlopige mutatie SARS-CoV-2’, als onderdeel van de aanvaardbare
          kosten.</al>
            <al>In het formulier wordt een onderscheid gemaakt in kosten van
          direct zorggebonden personeel en kosten van indirect personeel. Op deze wijze
          krijgen wij een beeld van het type personeel/activiteiten dat is vergoed. Dit
          gebruiken wij voor de evaluatie en voor de ontwikkeling van toekomstige
          prestaties. Voor de feitelijke totale vergoeding van de extra personele kosten
          is dit onderscheid minder relevant, omdat zowel de zorggebonden personele
          kosten en de kosten van het indirect personeel worden vergoed. Tot het indirect
          personeel zou kunnen worden gerekend het zorgondersteunend personeel, ICT, raad
          van bestuur, facilitair, human resource, cliëntenraden, marketing, finance
          &amp; control en decentrale overhead.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 7 Beleidsregels</titel>
            </kop>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel 8 Regelingen</titel>
            </kop>
            <al-groep>
              <al>Met de komst van deze beleidsregel bestaan er meerdere geldende
            NZa-beleidsregels/regelingen naast elkaar die op enkele punten van elkaar
            afwijkend dan wel tegenstrijdig zijn. Bijvoorbeeld op de inhoud van enkele
            prestatiebeschrijvingen of in terminologie zoals gebruikt bij de herschikkings-
            en nacalculatieprocedure. Om de toepassing van deze beleidsregel mogelijk te
            maken, zijn in artikel 7 van deze beleidsregel de onderdelen opgenomen waarmee
            van andere geldende NZa beleidsregels wordt afgeweken. In artikel 8 van deze
            beleidsregel zijn de onderdelen opgenomen waarmee van andere geldende NZa
            regelingen wordt afgeweken. Deze afwijkingen gelden alleen voor die gevallen
            waarbij deze beleidsregel wordt toegepast. In die gevallen waar deze
            beleidsregel niet wordt toegepast, zijn de andere geldende beleidsregels en
            regelingen van de NZa onverminderd van toepassing.</al>
              <al>Hierbij is ervoor gekozen om de afwijkingen voor de toepassing
            van deze beleidsregel in deze artikelen te verzamelen en niet in de andere
            geldende NZa-regelgeving op te nemen, zodat na verloop van de uitbraak van het
            SARS-CoV-2 virus de regelgeving op deze onderdelen niet hoeft te worden
            hersteld.</al>
            </al-groep>
            <al>De zorgaanbieder legt de kosten en opbrengsten gerelateerd aan
          deze beleidsregel duidelijk identificeerbaar in zijn administratie vast. De
          zorgaanbieder kan ervoor kiezen hiervoor een aparte kostenplaats in zijn
          administratie te gebruiken.</al>
          </divisie>
        </divisie>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </staatscourant>
</officiele-publicatie>