Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
AlkmaarStaatscourant 2019, 15895Verkeersbesluiten



Nr. 201903112418321/ Definitief besluit tot wegonttrekking Boeijerstraat

Logo Alkmaar

Definitief besluit onttrekking openbaarheid gedeelte van de Boeijerstraat

De Unitmanager Ruimte, vakgroep verkeer en vervoer;

Wettelijk kader:

Op grond van artikel 7 en artikel 9 van Wegenwet is de gemeenteraad bevoegd orgaan om een openbare weg of een gedeelte daarvan, op verzoek van derden of uit eigen beweging, aan de openbaarheid te onttrekken.

Artikel 11 lid 1 van de Wegenwet bepaalt dat ieder belanghebbende bij een weg, niet behorende tot de in artikel 8 bedoelde, het recht heeft aan den raad der gemeente, waarin de weg is gelegen ten opzichte van dien weg toepassing van artikel 9 te verzoeken.

Artikel 11 lid 2 bepaalt dat op de voorbereiding van de beslissing op verzoek afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is.

Bij besluit van 2 januari 2015 heeft de gemeenteraad besloten de bevoegdheid om besluiten omtrent het onttrekken van wegen aan de openbaarheid op grond van artikel 9 Wegenwet te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders, welke op 6 januari 2015 deze bevoegdheid heeft gemandateerd aan de unitmanager Ruimte.

Uit jurisprudentie (zie bijvoorbeeld Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State, 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3482) volgt dat de in artikel 9, eerste lid, van de Wegenwet neergelegde bevoegdheid discretionair van aard is. Het bevoegd gezag komt ter zake een ruime mate van beleidsvrijheid toe. De rechter dient de aanwending daarvan te beoordelen aan de hand van de maatstaf of er strijd is geweest met wettelijke voorschriften dan wel of de betrokken belangen op zodanig onevenwichtige wijze zijn afgewogen, dat niet in redelijkheid tot onttrekking kon worden overgegaan.

Procesverloop

Bij besluit van 21 november 2018 heeft het college, daarvoor gedelegeerd door de gemeenteraad, het voorgenomen besluit gepubliceerd waarin het voornemen kenbaar is gemaakt om twee delen trottoir van de Boeijerstraat, kadastraal bekend Gemeente De Rijp , sectie C, nr. 2184 ged., te onttrekken aan het openbaar verkeer met het doel het trottoir na deze onttrekking aan de openbaarheid, te verhuren. De uniforme openbare voorbereidingsprocedure conform afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is hierop van toepassing. Het voorgenomen besluit heeft conform artikel 3:10 van de Awb ter inzage gelegen van 23 november 2018 tot 4 januari 2019. Eerder door de gemeente ontvangen bezwaren zijn in deze procedure als zienswijzen aangemerkt en als zodanig behandeld. Vier directe bewoners hebben hun zienswijzen kenbaar gemaakt. De vier bewoners en de twee aanvragers zijn op 4 maart 2019 uitgenodigd voor een hoorzitting, om mondeling hun zienswijzen toe te lichten. Twee bewoners die een zienswijze hadden ingediend, hebben van deze mogelijkheid gebruik gemaakt, waarbij zij ook middels een machtiging spraken voor de andere twee bewoners. De aanvragers waren niet aanwezig, hadden de uitnodiging niet ontvangen, maar zij zijn later alsnog mondeling gehoord.

Belangen

Het besluit over een wegonttrekking dient gebaseerd te zijn op een belangenafweging. Het gaat om de afweging tussen het algemeen belang, het belang van de verzoekers en het belang van de omwonenden.

De bestemming voor het betreffende deel van de Boeijerstraat is “Verkeer”. Daaronder valt het volgende gebruik:

  • a.

    wegen met een functie voor de ontsluiting van aanliggende gronden en het doorgaande verkeer;

  • b.

    parkeren;

  • c.

    garageboxen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'garage';

met de daarbij behorende:

  • d.

    speel- en groenvoorzieningen;

  • e.

    openbare nutsvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding;

  • f.

    waterlopen en -partijen;

met dien verstande dat:

  • g.

    in de bestemming de bij het wegverkeer gebruikelijke voorzieningen zoals rotondes, voet- en fietspaden, bermen, bruggen, viaducten, geluidsschermen, bushaltes, fietsenstallingen en dergelijke zijn begrepen;

  • h.

    de bestemming, afgezien van een plaatselijke verbreding of versmalling, niet in een ingrijpende wijziging van het profiel voorziet.

Het trottoir heeft de bestemming verkeer, waarbij de functie niet anders is dan de toegang tot de achtertuinen en doorgang van de ene kant van de Boeijerstraat naar de andere kant van de Boeijerstraat. Het trottoir is niet ingericht als groen of speelvoorziening. Door twee stukjes van het gedeelte van de Boeijerstraat te onttrekken, verandert de functie van het trottoir niet. Toegang tot de achtertuinen en de doorgang blijft mogelijk. De openbare toegankelijkheid blijft in voldoende mate bestaan.

Het belang van de aanvragers is uitbreiding van de tuin en daarmee een vermeerdering van het woongenot. Daarbij wordt genoemd dat er weinig activiteiten zijn op het verbreedde trottoir, er niet wordt gespeeld door kinderen, het is een doorgang.

De directe omwonenden hebben diverse belangen kenbaar gemaakt, waarvan sommige met elkaar overeenkomen. Samenvattend blijken er uit de zienswijzen de volgende belangen:

• Als eerste geven de omwonenden aan dat het hier volgens hen een pleintje betreft en geen trottoir.

• De wijziging van het pleintje naar tuin zou grote invloed hebben op de privacy.

• Daarnaast zou door de verdwijning van het pleintje een speelgelegenheid voor kinderen verdwijnen.

• Het wordt een volgebouwd geheel, waarbij er minder ruimte en bewegingsvrijheid is. Het gevoel van ruimte, elkaar ontmoeten verdwijnt.

• Voor de motor van bewoner van nummer 96 is door de reeds geplaatste schutting onvoldoende ruimte over om de draai naar de achtertuin te maken. Dit ondanks het feit dat de bewoners van nummer 62 bij het plaatsen van de schutting deze diagonaal hebben geplaatst. De bewoner van nummer 90 vreest voor hetzelfde probleem voor de handbike; de woning in het betreffende huizenblok betreft een aangepaste (huur)woning.

• Een ander belang is de verkeersveiligheid. Door het versmallen van het pleintje ontstaat er een gevaarlijke situatie voor fietsende kinderen.

• Een ander gevolg van het voorgenomen besluit is de slechte bereikbaarheid voor hulpdiensten naar de direct omwonenden.

Belangenafweging

Voordat er een voorgenomen besluit is genomen is er advies ingewonnen bij de relevante vakafdelingen van de gemeente Alkmaar. Zij hebben allen een positief advies gegeven. Ook vanuit stedenbouwkundig oogpunt is er geen bezwaar tegen het verdwijnen van het verbreedde trottoir.

Door twee stukje van de Boeijerstraat aan de openbaarheid te onttrekken wijzigt het gebruik waarvoor het bedoeld is geweest niet.

In reactie op de op door de omwonenden ingediende en mondeling toegelichte zienswijzen wordt het volgende opgemerkt.

• De schending van de privacy door de wijziging van het trottoir naar tuin wordt niet erkend. Er is geen wezenlijk verschil tussen zicht op een tuin of een pleintje, waar iedereen overeen kan lopen. In beide gevallen bestaat er zicht over en weer.

• Het trottoir is niet ingericht als speelpleintje en nodigt niet uit tot spelen. Daarnaast zijn er voor kinderen voldoende, betere en toegankelijkere, speelgelegenheden in de directe omgeving.

• Het gevoel van ruimte zal mogelijk veranderen, maar dat betreft een subjectief gevoel. Vanuit ruimtelijk opzicht is het trottoir niet van belangrijke betekenis. De functie van het trottoir, namelijk toegang tot de achtertuin en doorgang, verandert ook niet.

• De draai voor een motor of handbike zal wellicht moeilijker zijn dan voorheen, maar niet onmogelijk. Mede gezien de aangepaste schutting is er voldoende mogelijkheid om de achtertuin te bereiken.

• Het argument van verkeersveiligheid kan niet worden onderschreven. Er blijft een brede doorgang over, die niet anders is dan stegen met een vergelijkbaar doel. Daarbij wordt nog opgemerkt dat er in een steeg niet mag worden gefietst, hetgeen ook is fysiek onmogelijk is gemaakt door de metalen hekken aan beide kanten van de Boeijerstraat.

• Er is vanuit het oogpunt van brandveiligheid geen bezwaar om het pleintje in de Boeijerstraat te versmallen. Ook niet voor de inzet van de hulpdiensten zoals de brandweer. De ondergrondse brandkranen zijn doorgaans vlak naast rijbaan gesitueerd. In de berm of in de stoep. De brandweer zal met bluswagens niet gauw kiezen om gebruik te maken van de steeg. Omdat de kans bestaat dan ze zich dan klem rijden, want de breedte van de steeg is ontoereikend en varieert er tussen de 3,0 – 3,20 meter.

Wanneer wij bovenstaande belangen tegen elkaar afwegen zien wij geen reden om aan het belang bij het behoud van het openbare karakter van het trottoir meer gewicht toe te kennen dan het belang van de aanvrager(s). Door de onttrekking worden de belangen van omwonenden en passanten niet onevenredig geschaad.

b e s l u i t namens burgemeester en wethouders van Alkmaar:

  • I.

    om twee delen trottoir van de Boeijerstraat, kadastraal bekend Gemeente De Rijp , sectie C, nr. 2184 ged., te onttrekken aan het openbaar verkeer met het doel het trottoir na deze onttrekking aan de openbaarheid, te verhuren;

  • II.

    een en ander zoals op de bijgevoegde tekening is aangegeven, waarbij bij de verhuur van de grond rekening moet worden gehouden met de bereikbaarheid van de tuin van aangrenzende woningen;

  • III.

    dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Alkmaar, 18 maart 2019

Unitmanager Ruimte,

Vakgroep Verkeer en Vervoer,

mw. drs. E.C. Henstra

Beroep

Bent u het met dit besluit niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de publicatie van dit besluit beroep aantekenen. Het beroepschrift moet in tweevoud worden ingediend bij de rechtbank Noord-Holland, afdeling Publiekrecht, sectie Bestuur, postbus 1621, 2003 BR Haarlem. Het besluit treedt in werking nadat de termijn voor het indienen van een beroepschrift is verstreken. Het indien van een beroepschrift schorst de werking van het besluit niet. Hebben u of derde belanghebbenden er veel belang bij dat dit besluit niet in werking treedt, dan kan er een voorlopige voorziening worden aangevraagd bij genoemde rechtbank. Wanneer een voorlopige voorziening wordt aangevraagd treedt het besluit pas in werking nadat hierover een beslissing is genomen.