Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Rijksdienst voor IdentiteitsgegevensStaatscourant 2018, 9476Overig

Autorisatiebesluit voor de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ten behoeve van het Agentschap CIBG, Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

Datum: 27 september 2017

Kenmerk: 2017-0000336598

In het verzoek van 11 mei 2017, kenmerk 2017-0000235159, heeft de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ten behoeve van het Agentschap CIBG verzocht om autorisatie voor de systematische verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen voor de uitvoering van taken in verband met de bijhouding van de registratie van persoonsgegevens van bepaalde beroepsuitoefenaren in de individuele gezondheidszorg (BIG-register).

Gelet op de artikelen 3.1 en 3.2 van de Wet basisregistratie personen wordt op dit verzoek als volgt besloten.

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. de Minister van VWS:

de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

b. de Wet BRP:

de Wet basisregistratie personen;

c. het Besluit BRP:

het Besluit basisregistratie personen;

d. de basisregistratie personen:

de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet BRP;

e. de systematische verstrekking:

de systematische verstrekking, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

f. de systeembeschrijving:

de systeembeschrijving, bedoeld in artikel 1 van het Besluit BRP;

g. de persoonslijst:

de persoonslijst, bedoeld in artikel 1.1, onder c, van de Wet BRP;

h. de ingeschrevene:

de ingeschrevene, bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet BRP;

i. autorisatietabelregel:

de tabel ten behoeve van de systematische verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

j. de afnemersindicatie:

de codering die de Minister van VWS aanduidt in verband met de uitvoering van dit besluit en die is vermeld in de autorisatietabelregel;

k. de spontane verstrekking van gegevens:

de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder a, van het Besluit BRP;

l. de verstrekking van gegevens op verzoek:

de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder c, van het Besluit BRP, waarbij het aantal personen waarover informatie wordt verstrekt per verzoek ten hoogste tien bedraagt;

m. een actueel gegeven:

een gegeven dat overeenkomstig de systeembeschrijving als actueel gegeven in de basisregistratie personen is vermeld;

n. een infrastructurele wijziging:

een wijziging van de Categorie Verblijfplaats die overeenkomstig de systeembeschrijving wordt beschouwd als een infrastructurele wijziging;

o. de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens:

de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

p. het BIG-register:

een register dat is aangelegd ter uitvoering van artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG);

q. de lijst Maatregelen Wet BIG:

een lijst die is aangelegd ter uitvoering van artikel 9 van de Wet BIG juncto artikel 5, tweede lid, onder b van het Registratiebesluit BIG;

r. verklaring:

een verklaring als bedoeld in artikel 41, eerste lid onder b en c of artikel 45, eerste lid onder b en c, van de Wet BIG.

Paragraaf 2. De spontane verstrekking van gegevens aan de Minister van VWS

Artikel 2

  • 1. Zodra de afnemersindicatie bij de persoonslijst van een ingeschrevene is opgenomen worden aan de Minister van VWS eenmaal de gegevens verstrekt die zijn opgenomen in bijlage I bij dit besluit voor zover deze gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst van de ingeschrevene.

  • 2. Indien een gegeven dat is opgenomen in bijlage I op de persoonslijst van een ingeschrevene wordt gewijzigd, verwijderd of opgenomen en de afnemersindicatie als actuele aanduiding bij deze persoonslijst is vermeld, krijgt de Minister van VWS deze wijziging, verwijdering of opname van het gegeven verstrekt.

  • 3. De verstrekking bevat bij de wijziging van een gegeven het gegeven zoals dit luidde voor de wijziging en het gegeven zoals dit luidt na de wijziging. Bij een verwijdering van een gegeven bevat de verstrekking het verwijderde gegeven. Bij een eerste opneming van een gegeven op de persoonslijst bevat de verstrekking het opgenomen gegeven. De verstrekking bevat tevens het administratienummer van de ingeschrevene, dat als actueel gegeven op de persoonslijst is vermeld.

  • 4. De verstrekking aan de Minister van VWS naar aanleiding van de wijziging van het administratienummer van de ingeschrevene bevat een set identificerende gegevens en de ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Persoon. De verstrekking vindt plaats overeenkomstig hetgeen is bepaald in de systeembeschrijving.

Artikel 3

  • 1. De afnemersindicatie wordt op verzoek van de Minister van VWS bij de persoonslijst van een ingeschrevene opgenomen. De Minister van VWS verzoekt slechts om de opneming, indien het verzoek gericht is op het verkrijgen van gegevens over een ingeschrevene, indien de ingeschrevene:

    • a. in het BIG-register is ingeschreven of op de lijst Maatregelen BIG ter uitvoering van artikel 9, eerste lid, onder g en h van de Wet BIG is opgenomen;

    • b. een verzoek om inschrijving in het BIG-register heeft gedaan; of

    • c. een verzoek heeft gedaan tot afgifte van een verklaring.

  • 2. De afnemersindicatie wordt niet bij de persoonslijst van een ingeschrevene opgenomen, indien de afnemersindicatie reeds als actuele aanduiding bij de persoonslijst van de ingeschrevene is vermeld.

Artikel 4

  • 1. De afnemersindicatie wordt op verzoek van de Minister van VWS verwijderd als actuele aanduiding bij de persoonslijst van een ingeschrevene indien de spontane verstrekking van gegevens niet of niet meer noodzakelijk is.

  • 2. De Minister van VWS verzoekt ten aanzien van de ingeschrevene die in het BIG-register is ingeschreven in ieder geval om de verwijdering, indien:

    • a. de geldigheidsduur van de verklaring of de verklaring waaraan voorwaarden zijn gesteld is verstreken en de verklaring niet is verlengd, dan wel nadat een verklaring zonder voorwaarden is afgegeven, dan wel negatief op de aanvraag voor de verklaring of een verzoek tot verlenging van de verklaring is beslist;

    • b. de inschrijving van de ingeschrevene is doorgehaald in verband met overlijden; of

    • c. de inschrijving op verzoek van de ingeschrevene is doorgehaald.

  • 3. De Minister van VWS verzoekt ten aanzien van de ingeschrevene die is opgenomen op de lijst Maatregelen BIG in ieder geval om verwijdering wanneer de opname op de lijst Maatregelen BIG is beëindigd en de ingeschrevene niet in het BIG-register is ingeschreven.

Paragraaf 3. De verstrekking van gegevens op verzoek aan de Minister van VWS

Artikel 5

  • 1. Aan de Minister van VWS wordt op zijn verzoek een gegeven verstrekt dat is vermeld op de persoonslijst van een ingeschrevene, indien het een gegeven betreft dat is opgenomen in bijlage II bij dit besluit.

  • 2. De Minister van VWS verzoekt slechts om een gegeven dat is opgenomen in bijlage II bij dit besluit indien de ingeschrevene:

    • a. een verzoek heeft gedaan in het BIG-register te worden ingeschreven;

    • b. een verzoek heeft gedaan tot afgifte van een verklaring;

    • c. in het BIG-register is ingeschreven of op de lijst Maatregelen BIG ter uitvoering van artikel 9, eerste lid, onder g en h van de Wet BIG is opgenomen; of

    • d. in het BIG-register is doorgehaald door verstrijken van de inschrijvingsperiode of in geval van overlijden.

  • 3. Aan de Minister van VWS worden geen gegevens verstrekt, indien een of meer van de gegevens waarvan de Minister van VWS bij zijn verzoek gebruik heeft gemaakt, niet is opgenomen in bijlage II bij dit besluit.

Paragraaf 4. Overige verstrekkingen aan de Minister van VWS

Artikel 6

  • 1. Indien de gegevensverstrekking die op grond van dit besluit aan de Minister van VWS dient plaats te vinden niet of op onjuiste wijze is geschied, wordt dit overeenkomstig hetgeen hierover is geregeld in de systeembeschrijving hersteld. Indien de afnemersindicatie ten onrechte niet bij een persoonslijst is geplaatst, ten onrechte is verwijderd of ten onrechte niet is verwijderd wordt dit hersteld overeenkomstig hetgeen hierover is bepaald in de systeembeschrijving.

  • 2. Indien een verstrekking aan de Minister van VWS op grond van dit besluit een gegeven betreft dat op juistheid wordt of is onderzocht, bevat de verstrekking naast dit gegeven tevens de gegevens over dat onderzoek. Indien de afnemersindicatie als actuele aanduiding bij de persoonslijst is vermeld worden tevens gegevens over het begin, de wijziging of de beëindiging van het onderzoek zelf verstrekt.

  • 3. Indien de spontane verstrekking van gegevens aan de Minister van VWS een gegeven bevat waarbij “indicatie onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” is vermeld, bevat de verstrekking tevens deze indicatie. De overige verstrekkingen aan de Minister van VWS die plaatsvinden op grond van dit besluit bevatten geen gegevens waarbij “indicatie onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” is vermeld.

  • 4. Indien aan de Minister van VWS gegevens worden verstrekt van een persoonslijst waarvan de bijhouding is opgeschort, bevat de verstrekking tevens de gegevens omtrent de reden en de datum van de opschorting, alsmede, voor zover deze gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, gegevens over de verificatie en de aanlevering van de verstrekte gegevens.

  • 5. Bij de afvoering van een persoonslijst uit de basisregistratie personen worden aan de Minister van VWS, indien de code “fout” als omschrijving reden opschorting bijhouding op de persoonslijst is vermeld en de afnemersindicatie als actuele aanduiding bij de persoonslijst is vermeld, de volgende gegevens verstrekt:

    • a. A-nummer persoon;

    • b. omschrijving reden opschorting bijhouding;

    • c. datum opschorting bijhouding.

Paragraaf 5. De verzending en de ontvangst van berichten

Artikel 7

Indien als gevolg van infrastructurele wijzigingen aan de Minister van VWS op grond van dit besluit gegevens moeten worden verstrekt, kan de Minister van VWS met de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens overeenkomen dat de gegevens niet worden verstrekt. De overeenstemming tussen de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens en de Minister van VWS wordt schriftelijk vastgelegd.

Artikel 8

Nadat schriftelijke overeenstemming is bereikt met de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens kan de Minister van VWS gebruik maken van een alternatief medium als bedoeld in de systeembeschrijving bij verstrekking van gegevens als bedoeld in paragraaf 2 en in geval van verstrekking van gegevens als gevolg van infrastructurele wijzigingen.

Paragraaf 6. Slotbepalingen

Artikel 9

  • 1. De Minister van VWS verstrekt aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onverwijld alle nieuw gebleken informatie die betrekking heeft op hetgeen geregeld is in dit besluit.

  • 2. Deze informatie betreft in ieder geval wijzigingen in:

    • a. de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van VWS;

    • b. de regelgeving ten aanzien van de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van VWS;

    • c. de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van de Minister van VWS.

Artikel 10

Het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 8 januari 2014, 2014-0000012271, wordt ingetrokken per 1 augustus 2017 met uitzondering van artikel 5, eerste lid, derde lid en vierde lid voor zover deze zien op bijlage III van het besluit. Artikel 5, eerste lid, derde lid en vierde lid van het besluit wordt ingetrokken per 1 oktober 2017. Vanaf deze datum treedt artikel 5 van het onderhavige besluit in werking.

Artikel 11

Dit besluit is genomen op 1 oktober 2017 en werkt terug tot 1 augustus 2017.

Het besluit en de bijlagen bij het besluit worden gepubliceerd in de Staatscourant.

’s-Gravenhage, 27 september 2017

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, namens deze, R. Maas Directeur Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit daartegen per brief bezwaar maken bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Postbus 10451, 2501 HL Den Haag. Het bezwaarschrift moet zijn ondertekend, voorzien zijn van een datum alsmede de naam en het adres van de indiener en dient vergezeld te gaan van de gronden waarop het bezwaar berust en, zo mogelijk, een afschrift van het besluit waartegen het bezwaar is gericht.

BIJLAGE I

Bijlage bij artikel 2 van dit besluit

RUBRIEK

OMSCHRIJVING

   

01

PERSOON

   

01.01.10

A-nummer persoon

01.01.20

Burgerservicenummer persoon

01.02.10

Voornamen persoon

01.02.20

Adellijke titel/predicaat persoon

01.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam persoon

01.02.40

Geslachtsnaam persoon

01.03.10

Geboortedatum persoon

01.04.10

Geslachtsaanduiding

01.61.10

Aanduiding naamgebruik

   

04

NATIONALITEIT

   

04.05.10

Nationaliteit

   

05

HUWELIJK/GEREGISTREERD PARTNERSCHAP

   

05.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.40

Geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.06.10

Datum huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

05.07.10

Datum ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

   

06

OVERLIJDEN

   

06.08.10

Datum overlijden

   

07

INSCHRIJVING

   

07.70.10

Indicatie geheim

   

08

VERBLIJFPLAATS

   

08.09.10

Gemeente van inschrijving

08.11.10

Straatnaam

08.11.15

Naam openbare ruimte

08.11.20

Huisnummer

08.11.30

Huisletter

08.11.40

Huisnummertoevoeging

08.11.50

Aanduiding bij huisnummer

08.11.60

Postcode

08.11.70

Woonplaatsnaam

08.11.80

Identificatiecode verblijfplaats

08.11.90

Identificatiecode nummeraanduiding

08.12.10

Locatiebeschrijving

08.13.10

Land adres buitenland

08.13.20

Datum aanvang adres buitenland

08.13.30

Regel 1 adres buitenland

08.13.40

Regel 2 adres buitenland

08.13.50

Regel 3 adres buitenland

   

11

GEZAGSVERHOUDING

   

11.33.10

Indicatie curateleregister

11.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Gezagsverhouding

BIJLAGE II

Bijlage bij artikel 5 van dit besluit

RUBRIEK

OMSCHRIJVING

   

01

PERSOON

   

01.01.10

A-nummer persoon

01.01.20

Burgerservicenummer persoon

01.02.10

Voornamen persoon

01.02.20

Adellijke titel/predicaat persoon

01.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam persoon

01.02.40

Geslachtsnaam persoon

01.03.10

Geboortedatum persoon

01.04.10

Geslachtsaanduiding

01.61.10

Aanduiding naamgebruik

   

04

NATIONALITEIT

   

04.05.10

Nationaliteit

   

05

HUWELIJK/GEREGISTREERD PARTNERSCHAP

   

05.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.40

Geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.06.10

Datum huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

05.07.10

Datum ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

   

06

OVERLIJDEN

   

06.08.10

Datum overlijden

   

07

INSCHRIJVING

   

07.70.10

Indicatie geheim

   

08

VERBLIJFPLAATS

   

08.09.10

Gemeente van inschrijving

08.10.10

Functieadres

08.10.20

Gemeentedeel

08.10.30

Datum aanvang adreshouding

08.11.10

Straatnaam

08.11.15

Naam openbare ruimte

08.11.20

Huisnummer

08.11.30

Huisletter

08.11.40

Huisnummertoevoeging

08.11.50

Aanduiding bij huisnummer

08.11.60

Postcode

08.11.70

Woonplaatsnaam

08.11.80

Identificatiecode verblijfplaats

08.11.90

Identificatiecode nummeraanduiding

08.12.10

Locatiebeschrijving

08.13.10

Land adres buitenland

08.13.20

Datum aanvang adres buitenland

08.13.30

Regel 1 adres buitenland

08.13.40

Regel 2 adres buitenland

08.13.50

Regel 3 adres buitenland

   

58

VERBLIJFPLAATS

   

58.09.10

Gemeente van inschrijving

58.10.30

Datum aanvang adreshouding

58.11.10

Straatnaam

58.11.15

Naam openbare ruimte

58.11.20

Huisnummer

58.11.30

Huisletter

58.11.40

Huisnummertoevoeging

58.11.50

Aanduiding bij huisnummer

58.11.60

Postcode

58.11.70

Woonplaatsnaam

58.11.80

Identificatiecode verblijfplaats

58.11.90

Identificatiecode nummeraanduiding

58.12.10

Locatiebeschrijving

58.13.10

Land adres buitenland

58.13.20

Datum aanvang adres buitenland

58.13.30

Regel 1 adres buitenland

58.13.40

Regel 2 adres buitenland

58.13.50

Regel 3 adres buitenland

   

11

GEZAGSVERHOUDING

   

11.33.10

Indicatie curateleregister

11.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Gezagsverhouding

TOELICHTING

1. Algemeen

Inleiding

De Wet basisregistratie personen (Wet BRP) vormt de juridische basis voor de basisregistratie personen. In de basisregistratie personen zijn persoonsgegevens opgeslagen in de vorm van persoonslijsten.

De basisregistratie personen bevat gegevens over personen die zijn ingeschreven bij een van de gemeenten in Nederland. De gemeenten houden deze gegevens bij.

Verder zijn in de basisregistratie personen gegevens opgenomen van personen die buiten Nederland woonachtig zijn, zogenoemde niet-ingezetenen. Gegevens van niet-ingezetenen worden bijgehouden door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze registratie van niet-ingezetenen in de basisregistratie personen wordt aangeduid als de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI). Over niet-ingezetenen wordt een beperkter aantal gegevens bijgehouden dan over ingezetenen. De gegevens in de RNI zijn niet aangemerkt als authentieke gegevens. Gegevens over niet-ingezetenen kunnen namelijk minder gemakkelijk actueel gehouden worden dan gegevens over ingezetenen.

De Wet BRP biedt de grondslag voor systematische gegevensverstrekking over ingezetenen en niet-ingezetenen aan overheidsorganen en daartoe aangewezen andere organisaties. Bij de systematische verstrekking worden vanuit een centraal bestand op geautomatiseerde wijze persoonsgegevens uit de basisregistratie personen verstrekt.

Organisaties die in aanmerking komen voor systematische gegevensverstrekking

Allereerst komen overheidsorganen in aanmerking voor systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen. Daarnaast kunnen ook organisaties die werkzaamheden verrichten met een gewichtig maatschappelijk belang daarvoor in aanmerking komen, indien deze werkzaamheden en deze organisaties op grond van artikel 3.3 van de Wet BRP zijn aangewezen. Voorts voorziet artikel 3.13 Wet BRP in systematische gegevensverstrekking aan onderzoeksinstellingen. Waar in het vervolg van deze toelichting zal worden gesproken over "de afnemer" worden daarmee zowel overheidsorganen als derden als onderzoeksinstellingen bedoeld.

Het autorisatiebesluit

Afnemers die systematisch gegevens verstrekt willen krijgen uit de basisregistratie personen dienen hiertoe een verzoek in bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het verzoek wordt gedaan in de vorm van een autorisatieaanvraagformulier. In dit formulier is aangegeven welke gegevens, over welke personen en voor welke taken de aanvrager op systematische wijze verstrekt wenst te krijgen. Het verzoek wordt getoetst, waarbij wordt uitgegaan van de beoordelingscriteria zoals deze zijn neergelegd in de Wet BRP en het Besluit basisregistratie personen (Besluit BRP). Onder meer bepalend is of en in hoeverre de verstrekking van de gegevens noodzakelijk is voor de goede vervulling van de taak van de aanvrager. Hierbij wordt steeds de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen, van wie de aanvrager gegevens verstrekt wenst te krijgen, gewaarborgd.

Na toetsing van het autorisatieverzoek wordt door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een autorisatiebesluit ten behoeve van de aanvrager genomen. In dit autorisatiebesluit wordt bepaald welke gegevens over welke categorieën van personen en in welke gevallen aan de afnemer worden verstrekt. Aan het autorisatiebesluit kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden in het belang van een zorgvuldige en doelmatige gegevensverstrekking.

Het autorisatiebesluit wordt voor zover mogelijk technisch vertaald in een zogenoemde autorisatietabelregel. Aan de hand van de autorisatietabelregel wordt de geautoriseerde afnemer herkend en kan de gegevensverstrekking vanuit de basisregistratie personen geautomatiseerd afgewikkeld worden.

2. Toelichting op de wijzen van verstrekken

De systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen kan op verschillende wijzen plaatsvinden. Op grond van dit besluit vindt de verstrekking op onderstaande manieren plaats.

De spontane verstrekking van gegevens

Met behulp van de spontane verstrekking van gegevens kan een afnemer zijn eigen bestand actueel houden. De afnemer wordt met behulp van deze gegevensverstrekking op de hoogte gehouden van mutaties in de gegevens van de personen die tot de doelgroep van de afnemer behoren. Om de spontane verstrekking mogelijk te maken moeten de persoonslijsten van deze personen worden gemarkeerd. De markering vindt plaats door het opnemen van de afnemersindicatie van de afnemer bij de betreffende persoonslijst.

De spontane verstrekking betreft een vastgestelde (sub)set van gegevens van een persoonslijst. Zodra de afnemersindicatie van een afnemer bij een persoonslijst is geplaatst krijgt deze afnemer eenmalig de gehele set gegevens verstrekt. Hierna krijgt de afnemer, indien een van de in de set opgenomen gegevens wijzigt, het oude en het nieuwe gegeven verstrekt. Bij opname van een gegeven bevat de verstrekking het nieuwe gegeven, bij verwijdering van een gegeven bevat de verstrekking het verwijderde gegeven.

Afnemersindicaties kunnen op drie verschillende wijzen bij een persoonslijst worden geplaatst. In de eerste plaats op verzoek van een afnemer. Ten tweede door middel van een selectie: eenmalig of periodiek worden afnemersindicaties geplaatst bij persoonslijsten die aan een bepaalde voorwaarde voldoen. Ten derde door middel van sleutelrubrieken, waarbij een afnemersindicatie bij de persoonslijst wordt opgenomen indien een bepaald gegeven op de persoonslijst van een persoon wordt opgenomen of gewijzigd en de desbetreffende persoonslijst na die wijziging of opneming aan één of meer gestelde voorwaarden voldoet.

De afnemersindicatie wordt niet bij een persoonslijst geplaatst als dezelfde afnemersindicatie reeds als actuele aanduiding bij de persoonslijst is opgenomen.

In het geval dat een ingeschrevene over wie gegevens verstrekt worden niet (meer) behoort tot de doelgroep dient bij de persoonslijst van die ingeschrevene geen afnemersindicatie (meer) voor te komen. Dit betekent dat de afnemer de verplichting heeft de eerder geplaatste afnemersindicatie te laten verwijderen. De afnemersindicatie blijft als historische aanduiding bij de persoonslijst van de ingeschrevene staan.

De verstrekking op verzoek

Een afnemer kan op verzoek een set gegevens van een persoonslijst verstrekt krijgen. In het autorisatiebesluit is opgenomen welke gegevens van welke categorieën personen mogen worden opgevraagd.

Overige verstrekkingen

Door technische problemen kan het voorkomen dat het berichtenverkeer in een bepaalde periode niet of niet juist heeft plaatsgevonden. Ook kan voorkomen dat afnemersindicaties ten onrechte zijn verwijderd of niet zijn opgenomen. Om dit te herstellen wordt een zogenaamd “herstelbericht” verstuurd. Tevens worden de ontbrekende afnemersindicaties (opnieuw) geplaatst of verwijderd.

Indien een onderzoek is ingesteld of afgerond naar een gegeven of een verzameling van gegevens, wordt hiervan melding gedaan.

Op een persoonslijst kan bij historische gegevens de indicatie “onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” geplaatst worden. Deze gegevens zijn foutief en worden daarom in principe niet verstrekt. Uitzondering hierop is de spontane verstrekking die het gevolg is van de correctie van het foutieve gegeven. Deze spontane verstrekking vindt wel plaats, waarbij met het oude gegeven dat wordt verstrekt tevens de indicatie “onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” wordt meeverstrekt.

Indien gegevens worden opgevraagd van een persoonslijst die is opgeschort, hetgeen onder meer gebeurt indien een ingeschrevene is overleden of geëmigreerd, worden de reden en datum opschorting bijhouding van de persoonslijst meeverstrekt. Bij verstrekking van gegevens van een persoonslijst van een niet-ingezetene, is het van belang om aan te geven wanneer de gegevens op de persoonslijst geverifieerd zijn en welke organisatie de in een categorie opgenomen gegevens heeft aangeleverd. Om dit te bereiken, worden de verificatiegegevens of de gegevens over de aanleverende organisatie, voor zover die gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, meeverstrekt als er gegevens worden verstrekt uit een categorie waarin die gegevensgroepen voorkomen.

Een persoonslijst die ten onrechte in de basisregistratie personen is opgenomen, wordt afgevoerd. Bij afvoering worden de reden en datum opschorting bijhouding van de persoonslijst en het administratienummer van de ingeschrevene verstrekt.

3. De verzending en ontvangst van berichten

Onder infrastructurele wijziging wordt verstaan een gemeentenaamswijziging, een samenvoeging van gemeenten, een opdeling van een gemeente in een aantal nieuwe gemeenten of een gemeentedeelwijziging. Door een infrastructurele wijziging kan een groot aantal persoonslijsten gewijzigd worden met als gevolg dat aan de afnemer gegevens worden verstrekt. Het is mogelijk dat de afnemer geen behoefte heeft aan de ontvangst van deze gegevens of deze gegevens op andere wijze verstrekt wenst te krijgen. Om de verstrekking van overbodige gegevens te voorkomen, maakt het besluit het mogelijk dat overeengekomen wordt dat deze gegevens niet of op andere wijze worden verstrekt.

Over de verstrekking van gegevens via alternatieve media, al dan niet naar aanleiding van infrastructurele wijzigingen, over de leverings- en selectiedata en over andere relevante onderwerpen dient overeenstemming te zijn met de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens.

4. De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

De geadresseerde van dit besluit is de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ten behoeve van het Agentschap CIBG (in deze toelichting genoemd: de Minister van VWS). De Minister van VWS is een overheidsorgaan als bedoeld in artikel 1. 1, onder t, van de Wet BRP.

4.1. Taken van de Minister van VWS

Op basis van de Wet BIG zijn voor de beroepen die genoemd zijn in artikel 3, eerste lid, van de Wet BIG aangelegd onder de verzamelnaam: "het BIG-register". De Wet BIG kent een zogenaamde constitutieve registratie. Dit betekent dat de bevoegdheid een in de Wet BIG beschermde titel te voeren, wordt ontleend aan het feit dat men staat ingeschreven in het register dat op die titel betrekking heeft. Het bezitten van een diploma is een voorwaarde om te worden ingeschreven in het register. Slechts geregistreerden zijn bevoegd voorbehouden handelingen te verrichten. Voorts is de geregistreerde onderworpen aan in de Wet BIG geregelde tuchtrechtspraak. De gegevens in de registers mogen voor in de Wet BIG omschreven nevendoeleinden worden gebruikt, zoals beleidsondersteunend of wetenschappelijk onderzoek en de toezending van informatie over de volksgezondheid.

4.2. Wijzen van verstrekken aan de Minister van VWS

De Minister van VWS krijgt de gegevens die noodzakelijk zijn voor de vervulling van de hierboven beschreven taken op systematische wijze verstrekt uit de basisregistratie personen. De systematische verstrekking aan de Minister van VWS vindt plaats door middel van spontane verstrekking en gegevensverstrekking op verzoek. Tot de doelgroep van de Minister van VWS behoren zowel ingezetenen als niet-ingezetenen.

De spontane verstrekking van gegevens aan de Minister van VWS

De Minister van VWS krijgt spontane verstrekking van gegevens die zijn opgenomen in bijlage I.

De afnemersindicaties kunnen worden geplaatst op verzoek. Het betreft de persoonslijsten van ingeschrevenen die een verzoek hebben ingediend te worden ingeschreven in het BIG-register voor een bepaalde beroepsgroep of reeds zijn ingeschreven in het BIG-register, de ingeschrevene die een verzoek heeft gedaan tot afgifte van een verklaring en de ingeschrevene die op grond van artikel 9 onder g en h van de Wet BIG is doorgehaald en op basis van artikel 5, tweede lid, onder b van het Registratiebesluit BIG op de lijst Maatregelen BIG is opgenomen.

Het verwijderen van afnemersindicaties

De afnemersindicatie dient te worden verwijderd: wanneer de ingeschrevene op zijn of haar verzoek in het BIG-register is doorgehaald, wanneer de ingeschrevene is overleden, en wanneer de geldigheidsduur van de verklaring of de verklaring waaraan voorwaarden zijn gesteld is verstreken en de verklaring niet is verlengd, dan wel nadat een verklaring zonder voorwaarden is afgegeven, dan wel negatief op de aanvraag voor de verklaring of een verzoek tot verlenging van de verklaring is beslist.

In het geval dat een ingeschrevene niet vrijwillig is doorgehaald (anders dan in geval van overlijden of op eigen verzoek) dient de afnemersindicatie bij de persoonslijst van de ingeschrevene niet te worden verwijderd, ondanks het feit dat zij niet meer het BIG-register staan ingeschreven. De gevallen van doorhaling zijn omschreven in artikel 7 onder c, d en e juncto artikel 9, eerste lid, onder g van de Wet BIG. De afnemersindicatie wordt ook niet verwijderd bij ingeschrevenen waarbij het recht op wederinschrijving in het BIG-register conform artikel 9, eerste lid, onder h van de Wet BIG is ontzegd.

Het is voor de Minister van VWS noodzakelijk om deze zorgverleners te kunnen blijven volgen ten behoeve van de bescherming van de volksgezondheid. De Minister van VWS heeft een wettelijke verplichting (op basis van artikel 5, tweede lid, onder b van het Registratiebesluit BIG) om de maatregelen genoemd in artikel 9, eerste lid, onder g en h van de Wet BIG te publiceren op haar website: de lijst Maatregelen BIG. Daarbij moet op grond van artikel 11, tweede lid, van de Wet BIG ook de woonplaats van de betreffende ingeschrevene worden geregistreerd.

De afnemersindicatie dient te worden verwijderd wanneer de opname op de lijst Maatregelen BIG is beëindigd en de ingeschrevene niet in het BIG-register is ingeschreven.

De verstrekking van gegevens op verzoek aan de Minister van VWS

De Minister van VWS mag tevens op verzoek gegevens opvragen uit de basisregistratie personen. Het betreft de gegevens die zijn opgenomen in bijlage II. De Minister van VWS beperkt zijn vragen om persoonsgegevens tot de persoonslijst van: een ingeschrevene die in het BIG-register is ingeschreven, een ingeschrevene die een verzoek heeft gedaan om ingeschreven te worden in het BIG-register, of van een ingeschrevene die in het BIG-register is doorgehaald door verstrijken van de inschrijvingsperiode of in geval van overlijden.

Daarnaast is het mogelijk vragen te stellen over ingeschrevenen die niet vrijwillig zijn doorgehaald in het BIG-register of die het recht op wederinschrijving zijn ontzegd, en daarmee zijn geplaatst op de lijst Maatregelen BIG. De reden van verstrekking van gegevens aan deze groep personen is gelegen in het actueel houden van deze lijst ten behoeve van de bescherming van de volksgezondheid.

4.3. Toelichting te verstrekken gegevens

Categorie 01 Persoon

De Minister van VWS gebruikt het burgerservicenummer om koppelingen aan te leggen tussen de verschillende verstrekkingen die uit de basisregistratie personen worden ontvangen. De gegevens uit categorie 01 worden verder verstrekt ten behoeve van identificatie en aanschrijving.

Categorie 04 Nationaliteit

Gegevens over de nationaliteit worden verstrekt in verband met de eisen die in artikel 3 van de Wet BIG worden gesteld aan de registratie in het BIG-register.

Categorie 05 Huwelijk/geregistreerd partnerschap

De Minister van VWS heeft gegevens over huwelijk en geregistreerd partnerschap nodig voor het vaststellen van de juiste wijze van aanschrijven. Aan de hand van de gegevens “Datum sluiting”, “Aanduiding naamgebruik”, “Geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner” en “Datum ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap” kan de juiste aanschrijving worden bepaald.

Categorie 06 Overlijden

De Minister van VWS krijgt het gegeven “Datum overlijden” van de persoonslijst van de ingeschrevene verstrekt om vast te kunnen stellen of de ingeschrevene nog in leven is. In geval van overlijden wordt de ingeschrevene verwijderd uit het BIG-register en de lijst Maatregelen BIG.

Categorie 07 Inschrijving

De Minister van VWS heeft tevens de mogelijkheid het gegeven “Indicatie geheim” op te vragen. Met dit gegeven wordt aangeduid of een ingeschrevene de gemeente heeft verzocht om zijn of haar gegevens niet te verstrekken aan bepaalde derden. Indien dit het geval is, kan de Minister van VWS aanvullende maatregelen treffen om de privacy van de ingeschrevene te waarborgen.

Categorie 08 Verblijfplaats, categorie 58 Verblijfplaats (historisch)

De adresgegevens zijn noodzakelijk voor het aanschrijven van de ingeschrevenen. Zo wordt het gegeven "Datum aanvang adreshouding" verstrekt om na een adreswijziging na te kunnen gaan of wellicht ook het correspondentieadres gewijzigd is. Gegevens over het buitenlands adres zijn nodig, omdat ook niet-ingezetenen tot de doelgroep behoren.

Historische verblijfplaatsgegevens kunnen alleen op verzoek door de Minister van VWS worden gevraagd. Deze gegevens zijn noodzakelijk om personen te kunnen vinden van wie de adresgegevens zijn verouderd.

Categorie 11 Gezagsverhouding

Gegevens over curatele worden verstrekt in verband met de wettelijke verplichting een geregistreerde in het BIG-register door te halen in geval van onder curatele stelling wegens geestelijke stoornis.

De gegevensset die de Minister van VWS op verzoek kan vragen is ruimer dan de spontane set. De reden hiervoor is dat de Minister van VWS op verzoek gericht afzonderlijke gegevens kan opvragen die voor een specifieke situatie noodzakelijk zijn.

5. Inlichtingenplicht

Teneinde de autorisatie actueel te houden dient de Minister van VWS tijdig inlichtingen te verschaffen over wijzigingen die zich voordoen in zijn taak, in de regelingen waarop die taak is gebaseerd of wijzigingen in de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van die taak. Het is de uitdrukkelijke verantwoordelijkheid van de Minister van VWS om deze informatie onverwijld kenbaar te maken aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Eventuele gevolgen van onjuistheden in de autorisatie als gevolg van het niet of niet tijdig doorgeven van dergelijke wijzigingen komen voor de verantwoordelijkheid van de Minister van VWS.

6. Wijzigingen

Met dit besluit wordt het autorisatiebesluit van 8 januari 2014, 2014-0000012271, ingetrokken per 1 augustus 2017. Deze intrekking is het gevolg van de uitbreiding van de doelgroep met zorgverleners die op de lijst Maatregelen BIG zijn opgenomen ter uitvoering van artikel 9, eerste lid, onder g en h van de Wet BIG.

Ook zijn de artikelen en bijlage die verwijzen naar het Apothekersregister uit het autorisatiebesluit gehaald. De Minister van VWS wordt in dit besluit alleen geautoriseerd voor de bijhouding van het BIG-register. Dit betekent dat de gegevens “Geboorteplaats persoon” en “Geboorteland persoon” zijn verwijderd uit de autorisatietabelregel. Deze technische wijziging is op 1 oktober 2017 gerealiseerd, daardoor blijft artikel 5, eerste lid, derde lid en vierde lid van het autorisatiebesluit van 8 januari 2014, 2014-0000012271, tot 1 oktober 2017 gelden.

7. Publicatie

Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Het besluit wordt tevens geplaatst op de internetpagina van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens, publicaties.rvig.nl.