﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE officiele-publicatie PUBLIC "-//Overheid//Officiele publicaties 1.0//NL" "http://standaarden.overheid.nl/op/dtd/offpublicatie.dtd"[]>
<officiele-publicatie>
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2008-37/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Staatscourant</titel>
    <subtitel>Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814</subtitel>
  </kop>
  <staatscourant>
    <intitule>Tijdelijke regeling van de
Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat houdende regels met
betrekking tot subsidie voor de aanschaf van technische hulpmiddelen
die schippers en stuurlieden in de binnenvaart helpen bij het besparen
van brandstof (Tijdelijke subsidieregeling VoortVarend
Besparen)</intitule>
    <regeling>
      <aanhef>
        <context>
          <context.al type="datum">21
augustus 2008</context.al>
          <context.al type="kenmerk">Nr. CEND/HDJZ-2008/1055 sector
SCH</context.al>
          <context.al type="origine">Hoofddirectie juridische
zaken</context.al>
        </context>
        <wie>De
Staatssecretaris van Verkeer en
Waterstaat,</wie>
        <considerans>
          <considerans.al bevat="grondslag">Gelet
op de artikelen 2, onderdeel c, 3 en 4 van de Kaderwet subsidies
Verkeer en
Waterstaat;</considerans.al>
        </considerans>
        <afkondiging>
          <al>Besluit:</al>
        </afkondiging>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <al>In
deze regeling wordt verstaan
onder:</al>
          <definitielijst type="expliciet" plaatsing="inline" nr-sluiting=".">
            <definitie-item>
              <li.nr>a.</li.nr>
              <term>Minister:</term>
              <definitie>
                <al>de
Minister van Verkeer en
Waterstaat;</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <li.nr>b.</li.nr>
              <term>binnenvaartonderneming:</term>
              <definitie>
                <al>in
Nederland gevestigde onderneming waarvan de hoofdactiviteiten bestaan
uit het transport van goederen over
binnenwateren;</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
            <definitie-item>
              <li.nr>c.</li.nr>
              <term>technisch
hulpmiddel:</term>
              <definitie>
                <al>apparaat dat op een binnenvaartschip
helpt bij het besparen van
brandstof.</al>
              </definitie>
            </definitie-item>
          </definitielijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Doelgroep</titel>
          </kop>
          <al>De
Minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een
binnenvaartonderneming voor de aanschaf van technische
hulpmiddelen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Voorwaarden</titel>
          </kop>
          <al>De
aanvrager komt in aanmerking voor subsidie
als:</al>
          <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
            <li>
              <li.nr>a.</li.nr>
              <al>een technisch hulpmiddel is aangeschaft,
zijnde:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>1°.</li.nr>
                  <al>een
brandstofverbruikmeter die het actuele verbruik van de motor(en)
weergeeft,</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>2°.</li.nr>
                  <al>een geautomatiseerd
routeplanningssysteem dat schippers en stuurlieden een snelheid
adviseert die leidt tot een minimaal brandstofverbruik, afhankelijk van
de vaaromstandigheden en het gewenste aankomsttijdstip,
of</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>3°.</li.nr>
                  <al>een geautomatiseerd
routeplanningssysteem dat de snelheid van het schip aanpast aan de
vaaromstandigheden en aan het gewenste aankomsttijdstip, leidend tot
een minimaal
brandstofverbruik,</al>
                </li>
              </lijst>
            </li>
            <li>
              <li.nr>b.</li.nr>
              <al>de
factuur voor de aanschaf van het technisch hulpmiddel bij de aanvraag
tot subsidievaststelling niet ouder is dan twee maanden,
en</al>
            </li>
            <li>
              <li.nr>c.</li.nr>
              <al>voor het binnenvaartschip nog niet
eerder subsidie op grond van deze regeling is
verstrekt.</al>
            </li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Subsidiabele
kosten</titel>
          </kop>
          <al>Als subsidiabele kosten worden in aanmerking
genomen de gemaakte en betaalde kosten die rechtstreeks betrekking
hebben op de aanschaf van technische
hulpmiddelen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Hoogte
subsidie</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
            <al>De
subsidie bedraagt maximaal 25 procent van de subsidiabele kosten met
een maximum
van:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>€ 1.250
voor een technisch hulpmiddel als bedoeld in artikel 3, onderdeel a,
onder 1°;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>€ 2.000
voor een technisch hulpmiddel als bedoeld in artikel 3, onderdeel a,
onder 2°;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>€ 3.000
voor een technisch hulpmiddel als bedoeld in artikel 3, onderdeel a,
onder
3°.</al>
              </li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
            <al>Als
voor de aanschaf van het technisch hulpmiddel of een deel daarvan al
eerder subsidie door een ander bestuursorgaan is verstrekt, wordt
slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat de som van de
subsidies niet groter is dan het bedrag dat op grond van deze regeling
kan worden
verstrekt.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6.</nr>
            <titel>Subsidieplafond</titel>
          </kop>
          <al>Het
subsidieplafond bedraagt
€ 250.000.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7.</nr>
            <titel>Subsidievaststelling</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
            <al>De
binnenvaartonderneming dient uiterlijk 31 oktober 2008, 17.00 uur,
een aanvraag voor subsidievaststelling in bij SenterNovem met
gebruikmaking van het door SenterNovem ter beschikking gestelde
aanvraagformulier, dat wordt vergezeld van een de-minimisverklaring als
bedoeld in artikel 3, eerste lid, van verordening (EG) nr. 1998/2006
van de Europese Commissie van 15 december 2006 betreffende de
toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de-minimissteun
(PbEU L 379) en de andere in het aanvraagformulier bedoelde
bescheiden.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
            <al>Bij
de subsidievaststelling wordt beslist in volgorde van ontvangst van de
aanvragen, met inachtneming van het derde lid, met dien verstande dat,
wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet
bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de
dag waarop de aanvulling compleet is ontvangen, als datum van ontvangst
van de aanvraag
geldt.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
            <al>Voor
zover door de vaststelling van subsidie voor aanvragen die op dezelfde
dag zijn ontvangen, het subsidieplafond, genoemd in artikel 6, wordt
overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen
bepaald door middel van
loting.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8.</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <al>Deze
regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt
met ingang van 1 januari 2009, met dien verstande dat deze regeling van
toepassing blijft op vóór deze datum aangevraagde of
verstrekte
subsidie.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9.</nr>
            <titel>Citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Deze
regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling VoortVarend
Besparen.</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Deze
regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.</al>
        </slotformulering>
        <ondertekening>
          <functie>De
Staatssecretaris van
Verkeer en
Waterstaat,</functie>
          <naam>
            <voornaam>J.C.</voornaam>
            <achternaam>Huizinga-Heringa.</achternaam>
          </naam>
        </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <titel>TOELICHTING</titel>
        </kop>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Algemeen</titel>
          </kop>
          <al-groep>
            <al>De
Tijdelijke subsidieregeling VoortVarend Besparen is bedoeld als
stimulans voor de aanschaf van technische hulpmiddelen die schippers en
stuurlieden in de binnenvaart helpen bij het besparen van
brandstof.</al>
            <al>Bij een aanvraag tot subsidievaststelling worden de
desbetreffende bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht en de
Kaderwet subsidies Verkeer en Waterstaat in acht genomen. Op grond van
deze wetten zijn een aantal bepalingen rechtstreeks van
toepassing.</al>
          </al-groep>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Beleidsmatige
overwegingen</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al>Door de strategische ligging van
Nederland vervult de binnenvaart een belangrijke logistieke functie
voor zowel Nederland als het Europese achterland. De binnenvaart
verzorgt 30 procent van de goederenstroom vanuit de zeehavens naar het
Europese achterland; dit is ruim 328 miljoen ton. Daarnaast verzorgt de
binnenvaart een belangrijk deel van het binnenlands transport. Daarmee
is de binnenvaart voor Nederland onmisbaar voor de aan- en afvoer van
goederen. Uit onderzoek is gebleken dat de binnenvaart in staat moet
worden geacht om een aanzienlijk deel in de nog te verwachten groei van
het goederentransport op te vangen. Op de vaarwegen is immers, in
vergelijking met de wegen, nog voldoende capaciteit. Deze groei moet
echter niet leiden tot een evenredige groei van de
CO<inf>2</inf>-emissie van de binnenvaart. Om deze groei te beperken is
het programma VoortVarend Besparen opgesteld. Dit programma richt zich
op het gedrag van binnenvaartschippers en heeft tot doel om door middel
van gedragsverandering 5 procent besparing op het brandstofgebruik door
de binnenvaart te bewerkstelligen. Het programma VoortVarend Besparen
is opgenomen in het in november 2006 gesloten convenant tussen de
Staatssecretaris en vier branchepartijen in de binnenvaart. SenterNovem
is daarbij aangewezen als
uitvoeringsorganisatie.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">EG-staatssteunregelgeving</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al-groep>
              <al>Op
grond van artikel 87 en 88 van het EG-verdrag en diverse verordeningen,
communautaire kaderregelingen en richtsnoeren van de Commissie van de
Europese Gemeenschappen gelden er beperkingen op de subsidies die
ondernemingen van overheidswege mogen ontvangen. Bij het verlenen van
subsidies in het kader van deze regeling moet rekening gehouden worden
met de Europeesrechtelijke kaders inzake staatssteun. Op basis van het
Europees recht worden, ter voorkoming van oneerlijke concurrentie,
grenzen gesteld aan de maximaal te verlenen steun aan ondernemingen.
Worden deze grenzen overschreden dan is er mogelijk sprake van
ongeoorloofde staatssteun. Het begrip ‘onderneming’ wordt
in het EG-recht ruim opgevat. In de jurisprudentie van het Europese Hof
is het begrip ‘onderneming’ als volgt omschreven:
‘iedere eenheid die een economische activiteit uitoefent,
ongeacht haar rechtsvorm en de wijze waarop zij wordt
gefinancierd’. Onder een ‘economische activiteit’
wordt verstaan: ‘het aanbieden van goederen of diensten op de
markt.’ ‘Ongeacht haar rechtsvorm’ houdt in dat
bijvoorbeeld ook stichtingen ‘ondernemingen’ in de zin
van het EG-recht kunnen zijn. Het feit dat het om een eenheid zonder
winstoogmerk gaat, vormt geen garantie dat het niet om een
‘onderneming’ in de zin van het EG-recht gaat. Onder
bepaalde omstandigheden en onder strikte voorwaarden is staatssteun
toegestaan.</al>
              <al>Voor de toepassing van deze regeling is de
de-minimisverordening van de Europese
Commissie<noot id="n1" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Verordening
(EG) nr. 1998/2006 van de Europese Commissie van 15 december 2006
betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op
de-minimissteun (PbEU L 379).</noot.al></noot>
van belang. Deze verordening maakt het mogelijk dat ondernemingen in de
zin van artikel 87 van het EG-Verdrag voor steun op grond van deze
regeling in aanmerking komen (de zogenaamde de-minimis-steun), indien
zij voor een periode van drie belastingjaren niet meer aan
de-minimissteun hebben ontvangen dan € 200.000 (artikel 3,
eerste lid, de-minimisverordening). Geen recht op subsidie bestaat
daarom indien de onderneming in het belastingjaar waarin de gevraagde
subsidie wordt verleend evenals de twee voorgaande belastingjaren al
eerder de-minimissteun heeft ontvangen (ongeacht het doel van de
steun), en het totale bedrag van de-minimissteun over deze periode meer
dan het genoemde plafond van € 200.000 bedraagt. Eveneens
bestaat geen recht op subsidie indien de onderneming ten aanzien van
dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige
de-minimissteun, al staatssteun heeft ontvangen op basis van een
groepsvrijstellingsverordening of een besluit van de Europese Commissie
waardoor het op basis daarvan toegestane maximum door de gevraagde
subsidie zou worden overschreden (artikel 3, vijfde lid,
de-minimisverordening). Om bij de behandeling van de aanvraag te kunnen
beoordelen of aan de genoemde voorwaarden is voldaan, is het
noodzakelijk dat de onderneming een verklaring overlegt alvorens de
subsidie wordt verleend. Artikel 7, eerste lid, bepaalt daarom dat de
subsidieaanvraag van een de-minimis verklaring voorzien
wordt.</al>
            </al-groep>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Administratieve
lasten</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al>Op basis van het standaardkostenmodel
is een berekening gemaakt van de administratieve lasten die
voortvloeien uit de toepassing van deze regeling. De tijd benodigd voor
het invullen van het subsidievaststellingsformulier is 0,5 uur. Het
uurtarief van de aanvrager is € 70. Het verwachte aantal
aanvragen waarover het beschikbare budget verdeeld wordt is 830. Het
totaalbedrag administratieve lasten komt hiermee op
€ 29.050. Uit deze berekening blijkt dat het totale
percentage administratieve lasten ten opzichte van het totale
subsidiebedrag circa 2,25 procent bedraagt. Een concept van deze
regeling is ter toetsing aan het Adviescollege toetsing administratieve
lasten (Actal) voorgelegd. Bij brief heeft de voorzitter van Actal
meegedeeld dat de regeling niet voor een advies is geselecteerd vanwege
de door Actal gehanteerde
selectiecriteria.</al>
          </divisie>
        </divisie>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Artikelsgewijs</titel>
          </kop>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Artikel
3 (Voorwaarden)</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al>In artikel 3, onderdeel a,
wordt een nadere omschrijving gegeven van de technische hulpmiddelen
die voor subsidie in aanmerking komen. Uit eerdere projecten is
gebleken dat de aanwezigheid van een brandstofverbruiksmeter of een
geautomatiseerd systeem dat de schippers en stuurlieden aanwijzingen
geeft over de te varen snelheid, dan wel een systeem dat de snelheid
van het schip automatisch aanpast aan de vaaromstandigheden, zoals
waterdiepte, stroomsnelheid en aan het gewenste aankomsttijdstip, een
grote besparing op het brandstofgebruik kan realiseren. De aanschaf van
dergelijke systemen zal een bijdrage leveren aan het realiseren van de
doelstelling van het programma VoortVarend Besparen: 5 procent
besparing op brandstof over de totale binnenvaart. De hele
binnenvaartsector verbruikte in 2006 ongeveer 630 miljoen liter
brandstof.<noot id="n2" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>De
uitstoot van het vrachtvervoer door de binnenvaart was hierdoor in 2006
1,67 megaton C0<inf>2</inf>. Het totale brandstofverbruik en de uitstoot worden
gerealiseerd door zowel Nederlandse als buitenlandse schepen op de
Nederlandse vaarwegen. Deze cijfers zijn afkomstig uit het Emissie
Registratie en Monitoring Scheepvaart voor de binnenvaart, zoals
vastgesteld in maart 2008. De totale CO<inf>2</inf>-uitstoot in 2006 van
de gehele binnenvaart (incl. recreatievaart en personenvervoer over
water) in Nederland was 1971 mln kg. Omgerekend betekent dit dat er 741
mln liter brandstof is verbruikt in de binnenvaart. Bron:
http://statline.cbs.nl/StatWeb/publication/?VW=T&amp;DM=SLNL&amp;PA=7062&amp;D1=0-10&amp;D2=0,2-4,6,10-11,14-17&amp;D3=a&amp;HD=080606-1209&amp;HDR=G2&amp;STB=G1.</noot.al></noot>
Bij het realiseren van de doelstelling wordt dus 31,5 miljoen liter
brandstof bespaard, wat overeenkomt met 83,8 kton
CO<inf>2</inf>.</al>
            <al>Uit artikel 3, onderdeel b, volgt dat alleen
subsidie wordt verstrekt over recent aangeschafte technische
hulpmiddelen.</al>
            <al>De aanvraag tot subsidievaststelling wordt
afgewezen als niet wordt voldaan aan de
voorwaarden.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Artikel
4 (Subsidiabele kosten)</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al>In artikel 4, eerste
lid, is aangegeven welke kosten voor subsidie in aanmerking komen. Het
betreft enkel de aanschafkosten van de apparatuur. Kosten voor de
installatie komen volledig voor rekening van de eigenaar van het schip,
omdat de gehele investering zich door de bereikte brandstofbesparing in
redelijk korte tijd
terugverdient.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Artikel
5 (Hoogte subsidie)</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al>Tweede lid: als bij
andere bestuursorganen een subsidieaanvraag voor hetzelfde technische
hulpmiddel is ingediend en een zodanige cumulatie van subsidie ontstaat
dat daardoor het totale verkregen subsidiebedrag het maximaal toe te
kennen bedrag op basis van deze regeling overschrijdt, dan worden alle
subsidiebijdragen ten behoeve van de aanschafkosten of een deel
daarvan, in mindering gebracht op het subsidiebedrag dat op grond van
deze regeling kan worden
verstrekt.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>
                <nadruk type="cur">Artikel
7 (Subsidievaststelling)</nadruk>
              </titel>
            </kop>
            <al-groep>
              <al>De
uitvoering van deze regeling is gemandateerd aan
SenterNovem.</al>
              <al>Aanvragen worden behandeld in volgorde van
binnenkomst op basis van de ontvangstdatum van de complete aanvraag.
Als het subsidieplafond door toewijzing van de subsidieaanvragen met
dezelfde datum van ontvangst zou worden overschreden, dan komt de
onderlinge rangschikking tot stand door middel van loting van de
aanvragen van de desbetreffende dag. Loting vindt plaats in het bijzijn
van minimaal een lid van de juridische staf van SenterNovem. Na
rangschikking zal de aanvraag worden getoetst aan de voorwaarden van
deze regeling. Mocht blijken dat de aanvraag niet voldoet aan deze
regeling, dan komt de aanvraag die de volgende is in de rangorde aan de
beurt. Bij elke aanvraag tot subsidievaststelling kan SenterNovem
extern advies inwinnen.</al>
              <al>Op de aanvraag is de termijn van de
artikelen 4:13 en 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht van
toepassing: de Minister geeft de beschikking tot subsidievaststelling
binnen acht weken na ontvangst van de subsidieaanvraag, tenzij dit
redelijkerwijs niet mogelijk is en de aanvrager hiervan in kennis wordt
gesteld met vermelding van een redelijke termijn waarbinnen de
beschikking wel tegemoet kan worden gezien.</al>
            </al-groep>
            <al>De tekst
van het subsidieprogramma, het aanvraagformulier en de
de-minimisverklaring zijn verkrijgbaar
bij:</al>
            <al-groep>
              <al>SenterNovem, het secretariaat VoortVarend
Besparen,</al>
              <al>Juliana van Stolberglaan 3, 2595 CA Den
Haag,</al>
              <al>Postbus 93144, 2509 AC Den Haag</al>
              <al>of via
www.voortvarendbesparen.nl</al>
            </al-groep>
          </divisie>
        </divisie>
        <ondertekening>
          <functie>De
Staatssecretaris van
Verkeer en
Waterstaat,</functie>
          <naam>
            <voornaam>J.C.</voornaam>
            <achternaam>Huizinga-Heringa.</achternaam>
          </naam>
        </ondertekening>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </staatscourant>
</officiele-publicatie>