﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE stcart PUBLIC "-//SDU//DTD staatscourant xml 1.1//NL" "../../dtd/stcrt-11.dtd"[]>
<stcart soort="reg" status="bewerkt" publtype="stct">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2008-156-p11-SC87141/metadata.xml" />
  </metadata>
  <frontm>
    <versie dtd="1.5" conv="$Revision: 1.5 $__0" markup="hxa"></versie>
    <artcode>156-1101</artcode>
    <stcgeg>
      <tekst>Uit: Staatscourant 14 augustus 2008, nr. 156</tekst>
      <dag>Donderdag</dag>
      <datum>14 augustus 2008</datum>
      <nummer>156</nummer>
    </stcgeg>
    <chapeau>
      <mincodes>OCW</mincodes>
    </chapeau>
    <titel>VSV-convenant RMC-regio Zuid-Holland Oost (027)</titel>
    <opschr>Convenant tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
de contactgemeente van de RMC-regio Zuid-Holland Oost (027), het ROC ID-College,
het ROC Midden-Nederland, Het ROC Zadkine, Het ROC Albeda College, Het ROC
Leiden, Het ROC NOVA College en het Voortgezet Onderwijs voornoemd, verenigd
in de Stichting Regionaal Interzuilair Samenwerkingsverband VO Midden-Holland
en Rijnstreek inzake het terugdringen van het aantal voortijdige schoolverlaters
in de schooljaren 2007-2008 tot en met 2010-2011</opschr>
  </frontm>
  <body>
    <al>Partijen:</al>
    <al>De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mw. Marja van
Bijsterveldt-Vliegenthart, handelende als bestuursorgaan en als vertegenwoordiger
van de Staat der Nederlanden, hierna te noemen: de staatssecretaris,</al>
    <al>De contactgemeente van de RMC-regio Zuid-Holland Oost ten deze vertegenwoordigd
door Arnaut Menkveld, wethouder van de gemeente Gouda en M.H. du Chatinier,
wethouder van de gemeente Alphen aan den Rijn, hierna te noemen: de gemeente,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingscentrum ID-College, te dezen rechtsgeldig
vertegenwoordigd door de heer Otto Jelsma, hierna te noemen: ROC-ID College,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingscentrum Midden-Nederland, te dezen rechtsgeldig
vertegenwoordigd door mw. Dr. L.B.J. Schmitz, hierna te noemen ROC Midden-Nederland,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingencentrum voor Educatie en Beroepsonderwijs
Zadkine, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer H.W.J.A.M. van
Vlodrop, hierna te noemen ROC Zadkine,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingencentrum Albedacollege, te dezen rechtsgeldig
vertegenwoordigd door de heer P. Boekhout, hierna te noemen ROC Albeda College,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Leiden, te dezen rechtsgeldig
vertegenwoordigd door mw. M. Jas, hierna te noemen ROC Leiden,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Nova College, te dezen rechtsgeldig
vertegenwoordigd door de heer E. van den Berg, hierna te noemen ROC Nova College,</al>
    <al>De Stichting Regionaal Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs Midden-Holland
en Rijnstreek, statutair gevestigd te Gouda, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd
door de heer dr. C.M. Wigmans, voorzitter, bij volmacht handelend namens de
bevoegde gezagsorganen van de navolgende scholen voor voortgezet onderwijs,
hierna te noemen school voor voortgezet onderwijs:</al>
    <table frame="topbot" tabstyle="stcrt3">
      <tgroup align="left" char="" charoff="50" cols="4" tgroupstyle="stcrt3">
        <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="60*"></colspec>
        <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="41*"></colspec>
        <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="40*"></colspec>
        <colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="15*"></colspec>
        <thead valign="bottom">
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Bevoegd gezag</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>School VO</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Plaats</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Brinnummer</al>
            </entry>
          </row>
        </thead>
        <tbody valign="top">
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Alphen aan den Rijn</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Scalacollege</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Alphen aan den Rijn</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>10 AN</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Openbaar Lichaam VO in Samenwerkingsverband in Waddinxveen en Boskoop</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Coenecoopcollege</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Waddinxveen en Boskoop</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>00BD</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting Wellant</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Wellantcollege</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Houten</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>O1OE</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top"></entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Vestigingen Alphen aan den Rijn, Boskoop en Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top"></entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top"></entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Vereniging tot Stichting en Instandhouding van Scholen voor Christelijk
Voortgezet Onderwijs te Schoonhoven</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>CSG Willem de Zwijger</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Schoonhoven</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>05TA</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting voor Protestant Christelijk Voortgezet Onderwijs te Gouda e.o.</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>CSG De Goudse Waarden</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>14SF</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>GSG Leo Vroman</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>13WH</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Coornhert Gymnasium</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>20AI</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting voor Christelijk Onderwijs te Alphen aan den Rijn (Scope Scholengroep)</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>CSG Groene Hart</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Alphen aan den Rijn</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>15BH</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Katholieke Stichting Ashram College</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Ashram College</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Alphen aan den Rijn</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>04DF</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Stichting Carmel</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>St.-Antoniuscollege</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Gouda</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>02LG</al>
            </entry>
          </row>
          <row valign="top">
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Bestuurscommissie Openbaar Voortgezet Onderwijs Schoonhoven</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Het Schoonhovens College</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>Schoonhoven</al>
            </entry>
            <entry align="left" morerows="0" rotate="0" valign="top">
              <al>15OM</al>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </table>
    <witreg></witreg>
    <al>Overwegende dat:</al>
    <al>- alle instellingen voor Voortgezet Onderwijs en Middelbaar Beroepsonderwijs
en de gemeenten in Midden-Holland en Rijnstreek ((RMC-regio Zuid-Holland Oost)
zich (in het belang de regionale economie en van hun jonge inwoners) gezamenlijk
willen inzetten om te bevorderen dat zoveel mogelijk jongeren uit hun werkgebied
op een succesvolle wijze (met startkwalificatie) de overgang van onderwijs
naar werk maken,</al>
    <al>- Nederland in 2012 een reductie wil realiseren van het aantal nieuwe
voortijdig schoolverlaters (vsv-ers) met 50% ten opzichte van 2002. Dit komt
overeen met maximaal 35.000 nieuwe voortijdig schoolverlaters in 2012,</al>
    <al>- op basis van het basisregister onderwijs, het aantal nieuwe voortijdig
schoolverlaters in het schooljaar 2005-2006 nog 57.000 bedraagt (Tweede Kamer,
2006-2007, 26695, nr. 37),</al>
    <al>- de komende jaren nog een reductie van minimaal 40% van het aantal
nieuwe voortijdig schoolverlaters moet plaatsvinden om de landelijke doelstelling
te behalen,</al>
    <al>- het beleid van de minister erop is gericht dat scholen en instellingen
datgene doen wat in hun vermogen ligt om voortijdige schooluitval te voorkómen,</al>
    <al>- de convenanten, die tussen het ministerie van OCW en de contactgemeenten
van 14 RMC-regio’s in 2006 zijn gesloten inzake het terugdringen van
het aantal voortijdige schoolverlaters, overwegend succesvol zijn verlopen,</al>
    <al>- het wenselijk is de opbrengst van deze convenanten te verankeren
in een landelijke, meerjarige aanpak tot en met het schooljaar 2010-2011 en
daarbij de onderwijsinstellingen nauwer te betrekken met het oog op preventie
van voortijdig schoolverlaten,</al>
    <al>- deze maatregel is aangekondigd in het onlangs aan de Tweede Kamer
der Staten Generaal aangeboden beleidsprogramma 2007-2011 ‘Samen werken,
samen leven’ (Tweede Kamer, 2006-2007, 31070, nr. 1, pagina 52), in
het project ‘Voortijdig schoolverlaten’,</al>
    <al>- specifiek voor de groep jongeren van 18 tot 23 jaar zonder startkwalificatie
de projectdirectie Leren en Werken van de ministeries van SZW en OCW de komende
jaren circa 20.000 extra EVC- en leerwerktrajecten wil realiseren,</al>
    <al>- zowel in de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet educatie en
beroepsonderwijs als de Wet op de expertisecentra wettelijke voorschriften
zijn opgenomen over het voortijdig schoolverlaten. Op grond hiervan zijn gemeenten
belast zijn met de regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten
(RMC-functie),</al>
    <al>- gemeenten binnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur
vastgestelde regio’s samenwerken ter vervulling van hun taken op het
gebied van voortijdig schoolverlaten. Dat de gemeentebesturen in een regio
uit hun midden een contactgemeente aanwijzen die coördinerende taken
vervult met het oog op het voorkomen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten,</al>
    <al>- de contactgemeente, op grond van de wettelijke voorschriften, met
het oog op het voorkómen en bestrijden van voortijdige schooluitval
binnen de regio afspraken maakt met scholen, instellingen en andere organisaties
over de inzet en verantwoordelijkheid bij het voorkómen en bestrijden
van voortijdig schoolverlaten,</al>
    <al>- het bevoegd gezag van scholen en instellingen, op grond van de
wettelijke voorschriften, aan de gemeente relevante informatie verschaft ten
behoeve van het voorkómen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten,</al>
    <al>- gelet op het feit dat een deel van de voortijdig schoolverlaters
te kampen heeft met meervoudige problematiek (bijvoorbeeld psychosociaal,
schulden en huisvesting), het kabinet in zijn beleidsprogramma 2007-2011 ‘Samen
werken, samen leven’ (Tweede Kamer, 2006-2007, 31070, nr. 1), maatregelen
heeft aangekondigd zoals de versterking van de zorg voor jeugdigen (‘Kansen
voor kinderen’), arbeidsmarktparticipatie (‘Iedereen doet mee’)
en de specifieke aanpak voor wijken (‘Actieplan krachtwijken’),
zodat o.a. gemeenten beter in staat gesteld worden de jeugdproblematiek in
samenhang aan te pakken,</al>
    <al>- het Rijk en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), ter uitwerking
van vorige overweging, recent een bestuursakkoord hebben gesloten (‘Samen
aan de slag’, d.d. 4 juni 2007), inclusief financiële afspraken
over de bijbehorende ontwikkeling van het Gemeentefonds. De aanpak van voortijdig
schoolverlaten is hierin één van de actiepunten, evenals de
ontwikkeling van de centra voor jeugd en gezin (CJG). Kabinet en gemeenten
hebben afgesproken dat aan het eind van deze kabinetsperiode het basismodel
CJG landelijk dekkend werkt, waaronder de schakel tussen CJG en Zorgadviesteams,</al>
    <al>- de minister, op grond van artikel 75d van de Wet voortgezet onderwijs
en artikel 2.2.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs bereid is aanvullende
middelen aan scholen en instellingen te verstrekken voor het verminderen van
het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters en voor de uitvoering van een
programma, met als doel een structurele borging in het onderwijsproces van
de vermindering van het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters en een volledige
en tijdige melding van verzuim en uitval aan gemeenten.</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Komen overeen als volgt: </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 1. Begripsbepalingen</tuskop>
    <al>In dit convenant wordt verstaan onder:</al>
    <al>a. minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;</al>
    <al>b. RMC-regio: de regio Zuid-Holland Oost, zoals beschreven in de bijlage
behorende bij het Besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig
schoolverlaten;</al>
    <al>c. RMC-contactgemeente: de contactgemeente, bedoeld in artikel 8.3.2,
derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, artikel 118h, derde lid,
van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 162b, derde lid, van de
Wet op de expertisecentra;</al>
    <al>d. voortijdige schoolverlater: de voortijdige schoolverlater, bedoeld
in artikel 8.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, artikel 118g van
de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 162a van de Wet op de expertisecentra;</al>
    <al>e. basisregister: het basisregister onderwijs, bedoeld in Artikel 9a van
de Wet Verzelfstandiging Informatiseringsbank;</al>
    <al>f. bevoegd gezag: de rechtspersoon met volledige rechtspersoonlijkheid,
niet zijnde een rechtspersoon als bedoeld in artikel 2:1 van het Burgerlijk
Wetboek, die de instelling, bedoeld in artikel 1.3.1, 1.3.2, 1.3.2a respectievelijk
1.3.3, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in stand houdt, respectievelijk
het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al>
    <al>g. onderwijsinstelling: een regionaal opleidingencentrum als bedoeld in
de artikelen 1.3.1 en 1.3.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, een vakinstelling
als bedoeld in artikel 1.3.2a van de Wet educatie en beroepsonderwijs, een
agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie
en beroepsonderwijs, respectievelijk een school voor voortgezet onderwijs
als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, voor zover
het bevoegd gezag van die school heeft aangegeven dat het convenant op die
school van toepassing is;</al>
    <al>h. brinnummer: een door de minister in het kader van de Basisregistratie
Instellingen toegekend identificerend nummer voor een onderwijsinstelling. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 2. Doel</tuskop>
    <al>1. Het doel van het convenant is het realiseren van een zo hoog mogelijke
reductie van het aantal jongeren in de RMC-regio dat gedurende het schooljaar
2010-2011 als voortijdige schoolverlater wordt aangemerkt, ten opzichte van
het schooljaar 2005-2006. Partijen beogen een reductie van 40%, overeenkomend
met een gemiddelde jaarlijkse reductie van 10% de komende vier jaar.</al>
    <al>2. In bijlage 1 bij dit convenant wordt per onderwijsinstelling die onder
het bestuur staat van het bevoegd gezag dat het convenant heeft ondertekend,
een specificatie gegeven van de reductie, bedoeld in het eerste lid.</al>
    <al>3. De omvang van de reductie van het aantal voortijdige schoolverlaters
in het schooljaar 2010-2011 wordt vastgesteld ten opzichte van het aantal
voortijdige schoolverlaters in het schooljaar 2005-2006. De gegevens worden
ontleend aan het Basisregister. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 3. Toetreding nieuwe partijen</tuskop>
    <al>1. Ten einde andere onderwijsinstellingen na ondertekening van dit convenant
in de gelegenheid te stellen deel te nemen in dit convenant, bestaat voor
hen de mogelijkheid om gedurende de looptijd van het convenant als partij
toe te treden. Een toetredende partij dient de verplichtingen die voor haar
uit het convenant voortvloeien, zonder voorbehoud te aanvaarden.</al>
    <al>2. De toetredende partij maakt haar verzoek tot toetreding schriftelijk
bekend aan de RMC-contactgemeente. Indien het bevoegd gezag en de RMC-contactgemeente
tot overeenstemming komen, richten zij het verzoek tot toetreding uiterlijk
op 1 mei voorafgaand aan het nieuwe schooljaar aan de minister. Het verzoek
gaat vergezeld van een gewijzigde bijlage 1. Zodra de minister schriftelijk
heeft ingestemd met het verzoek tot toetreding, ontvangt de toetredende partij
de status van partij van het convenant en gelden voor die partij de voor haar
uit het convenant voortvloeiende rechten en verplichtingen.</al>
    <al>3. Het verzoek tot toetreding en de verklaring tot instemming worden in
afschrift aan het convenant gehecht.</al>
    <al>4. Van toetredingen tot het convenant wordt een maal per jaar mededeling
gedaan in de Staatscourant.</al>
    <al>5. De RMC-contactgemeente kan het bevoegd gezag dat nog niet deelneemt
aan dit convenant de mogelijkheid bieden tot het convenant toe te treden.
De eerste vier leden zijn van overeenkomstige toepassing. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 4. Meting (voorlopige) resultaten</tuskop>
    <al>1. De minister meet gedurende de schooljaren 2007-2008, 2008-2009, 2009-2010
en 2010-2011 het aantal voortijdig schoolverlaters in de RMC regio, gespecificeerd
naar bevoegd gezag en onderwijsinstelling. De gegevens van de meting worden
ontleend aan het Basisregister.</al>
    <al>2. De wijze waarop het aantal voortijdige schoolverlaters in de RMC-regio
per bevoegd gezag, per onderwijsinstelling wordt gemeten, is vermeld in bijlage
2 bij dit convenant.</al>
    <al>3. De minister geeft uiterlijk 1 maart 2008 en 1 oktober 2008 aan de RMC-contactgemeente
inzicht in het voorlopig, respectievelijk definitief aantal voortijdig schoolverlaters
gedurende het schooljaar 2006-2007 in de RMC-regio, gespecificeerd naar bevoegd
gezag en onderwijsinstelling op grond van artikel 2, tweede lid.</al>
    <al>4. De minister deelt de voorlopige resultaten van de metingen, bedoeld
in het eerste lid, op de volgende tijdstippen mee aan de RMC-contactgemeente:</al>
    <al>a. uiterlijk 1 maart 2009, ten aanzien van het schooljaar 2007-2008,</al>
    <al>b. uiterlijk 1 maart 2010, ten aanzien van het schooljaar 2008-2009,</al>
    <al>c. uiterlijk 1 maart 2011, ten aanzien van het schooljaar 2009-2010, en</al>
    <al>d. uiterlijk 1 maart 2012, ten aanzien van het schooljaar 2010-2011.</al>
    <al>5. De minister deelt de definitieve resultaten van de metingen, bedoeld
in het eerste lid, op de volgende tijdstippen mee aan de RMC-contactgemeente:</al>
    <al>a. uiterlijk 1 oktober 2009, ten aanzien van het schooljaar 2007-2008,</al>
    <al>b. uiterlijk 1 oktober 2010, ten aanzien van het schooljaar 2008-2009,</al>
    <al>c. uiterlijk 1 oktober 2011, ten aanzien van het schooljaar 2009-2010,
en</al>
    <al>d. uiterlijk 1 oktober 2012, ten aanzien van het schooljaar 2010-2011. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 5. Overleg</tuskop>
    <al>1. De RMC-contactgemeente en het bevoegd gezag gebruiken de gegevens,
bedoeld in artikel 4, vierde en vijfde lid, als uitgangspunt voor het minimaal éénmaal
per jaar te houden overleg met de minister inzake het voortijdig schoolverlaters
beleid in de RMC-regio.</al>
    <al>2. Indien het resultaat van de meting, bedoeld in artikel 4, vierde en
vijfde lid, zodanig is dat naar het oordeel van een der partijen gerede twijfel
bestaat over de realisering van de reductie, bedoeld in artikel 2, tweede
lid, treedt deze in overleg met de andere partijen. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 6. Maatregelen voor reductie aantal voortijdige
schoolverlaters</tuskop>
    <al>1. De reductie, bedoeld in artikel 2, wordt gerealiseerd door een keuze
uit de maatregelen opgenomen in bijlage 3, bij dit convenant dan wel door
andere maatregelen waarvan de RMC-contactgemeente en het bevoegd gezag gezamenlijk
hebben vastgesteld dat deze effectief zijn. De maatregelen, genoemd in de
vorige volzin, worden door de RMC-contactgemeente en het bevoegd gezag in
bijlage 4 nader omschreven en de keuze daarvoor gemotiveerd. Indien de RMC-contactgemeente
en het bevoegd gezag van oordeel zijn dat een van de maatregelen, bedoeld
in de eerst volzin, niet effectief is, kunnen zij in gezamenlijk overleg een
andere maatregel kiezen.</al>
    <al>2. Onderwijsinstellingen in de RMC-regio stellen gezamenlijk en in overeenstemming
met de RMC-contactgemeente een programma op van maatregelen met als doel een
structurele borging in het onderwijsproces van de vermindering van het aantal
nieuwe voortijdig schoolverlaters en een volledige en tijdige melding van
verzuim en uitval aan gemeenten. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 7. Monitoring en evaluatie</tuskop>
    <al>1. De RMC-contactgemeente geeft minimaal jaarlijks een beschrijving van
de voortgang van de maatregelen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, over het
afgelopen schooljaar.</al>
    <al>2. De beschrijving, bedoeld in het eerste lid, wordt door de RMC-contactgemeente
opgenomen in de RMC-effectrapportage van het betreffende schooljaar.</al>
    <al>3. De onderwijsinstellingen, bedoeld in artikel 6, tweede lid, geven minimaal
jaarlijks op verzoek van de minister respectievelijk de RMC-contactgemeente
een beschrijving van de voortgang van de maatregelen, bedoeld in artikel 6,
tweede lid, over het afgelopen schooljaar.</al>
    <al>4. Partijen geven op verzoek elkaar inzage in de voortgang van de maatregelen
teneinde gezamenlijk de effectiviteit en doelmatigheid van de maatregelen
te kunnen evalueren. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 8. Financiële afspraken</tuskop>
    <al>1. De minister bevordert dat er een ministeriële regeling tot stand
komt op grond waarvan het bevoegd gezag ten behoeve van de onderwijsinstellingen
aanspraak kan maken op:</al>
    <al>a. een aanvullende vergoeding, in geval van reductie van het aantal voortijdig
schoolverlaters, en</al>
    <al>b. een aanvullende vergoeding voor de uitvoering van het programma, bedoeld
in artikel 6, tweede lid.</al>
    <al>2. In de ministeriële regeling, bedoeld in het eerste lid, worden
de voorwaarden opgenomen voor het bevoegd gezag om in aanmerking te komen
voor een aanvullende vergoeding. In geval van strijdigheid van de voorschriften
van de subsidieregeling met dit convenant, gelden de voorschriften van de
subsidieregeling.</al>
    <al>3. Als indicatie van de berekening van de hoogte van het bedrag van de
subsidieverlening geldt dat de hoogte van de aanvullende vergoeding, bedoeld
in het eerste lid, onderdeel a, met inachtneming van een in de regeling op
te nemen subsidieplafond, berekend wordt door het op grond van artikel 4,
vijfde lid, vastgestelde verminderde aantal voortijdige schoolverlaters te
vermenigvuldigen met € 2.000,-.</al>
    <al>4. Als indicatie van de hoogte van de aanvullende vergoeding gelden onderstaande
maximumbedragen:</al>
    <al>a. in 2008 € 219.355.,</al>
    <al>b. in 2009 € 335.484,</al>
    <al>c. in 2010 € 506.452, en</al>
    <al>d. in 2011 € 622.581.</al>
    <al>5. Indien na het overleg, bedoeld in artikel 5, tussen partijen blijkt
dat de doelstelling geheel of gedeeltelijk niet behaald zal worden, kan de
bijdrage, bedoeld in het eerste lid, aangepast worden en/of de bevoorschotting
stil gezet worden.</al>
    <al>6. Ten aanzien van de bedragen, genoemd in het derde en vierde lid, geldt
de voorwaarde van goedkeuring door de begrotingswetgever voor het betreffende
jaar. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 9. Bevordering van naleving</tuskop>
    <al>1. Het regionaal accountmanagement van de Projectdirectie Voortijdig schoolverlaten
van het ministerie van OCW, is ten behoeve van artikel 5, eerste lid, aanspreekpunt
voor de partijen en stimuleert de voortgang van de uitvoering van dit convenant
in de RMC-regio.</al>
    <al>2. Partijen treden in overleg over de naleving van dit convenant binnen
een maand nadat een partij de wens daartoe aan andere partijen schriftelijk
heeft meegedeeld.</al>
    <al>3. Indien één of meer bepalingen van dit convenant onverbindend
blijken te zijn, treden partijen in overleg om het convenant zo te wijzigen,
dat het geen onverbindende bepalingen meer bevat en dat het doel dat met dit
convenant wordt beoogd zoveel mogelijk wordt bereikt. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 10. Geschilbeslechting</tuskop>
    <al>1. Een partij die meent dat er een geschil over de uitvoering van dit
convenant bestaat, deelt dat schriftelijk mee aan de andere partijen. De mededeling
bevat een aanduiding van het geschil.</al>
    <al>2. Geschillen in de zin van dit convenant kunnen alleen betrekking hebben
op:</al>
    <al>a. de wijze waarop het convenant wordt uitgevoerd;</al>
    <al>b. de nakoming van hetgeen in dit convenant is geregeld;</al>
    <al>c. de uitleg van het convenant en bijbehorende afspraken.</al>
    <al>3. Binnen tien werkdagen na de dagtekening van de mededeling, bedoeld
in het eerste lid, zendt elke partij zijn zienswijze omtrent het geschil alsmede
een voorstel voor een oplossing daarvan aan de andere partijen.</al>
    <al>4. Partijen overleggen over een oplossing van het geschil, indien partijen
daartoe de wens kenbaar maken, onder leiding van een onafhankelijk voorzitter.</al>
    <al>5. Partijen dragen hun eigen kosten, voortvloeiend uit de procedure, bedoeld
in het eerste tot en met het derde lid. De kosten van een onafhankelijk voorzitter
worden gelijkelijk verdeeld.</al>
    <al>6. Als de procedure, bedoeld in het eerste tot en met het derde lid, niet
tot een oplossing heeft geleid, wordt het geschil beslecht door de bevoegde
burgerlijke rechter. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 11. Looptijd</tuskop>
    <al>1. Dit convenant treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening
en eindigt met ingang van 31 december 2012.</al>
    <al>2. Elke partij kan dit convenant met inachtneming van een opzegtermijn
van zes maanden schriftelijk opzeggen, indien een zodanige verandering van
omstandigheden is opgetreden dat het billijkheidshalve behoort te worden beëindigd.
Bij de opzegging wordt de verandering in omstandigheden vermeld.</al>
    <al>3. Indien dit convenant met gebruikmaking van het tweede lid wordt opgezegd,
wordt de hoogte van de bijdrage, bedoeld in artikel 8, berekend op grond van
de voorschriften in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 8. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 12. Publicatie in Staatscourant</tuskop>
    <al>Binnen vier weken na ondertekening van dit convenant wordt de tekst daarvan
gepubliceerd in de Staatscourant.</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Aldus overeengekomen en ondertekend, op 20 mei 2008, te ’s-Gravenhage.</al>
  </body>
  <backm>
    <ondtek>
      <min>De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,</min>J.M.
van Bijsterveldt-Vliegenthart. <nl></nl>De gemeente, namens deze, A. Menkveld,
wethouder van Gouda, en M.H. du Chatinier, wethouder van Alphen aan den Rijn. <nl></nl>ROC
ID-College, namens deze, O. Jelsma, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>ROC
Midden-Nederland, namens deze, L.B.J. Schmitz, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>ROC
Zadkine, namens deze, H.W.J.A.M. van Vlodrop, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>ROC
Albeda College, namens deze, P. Boekhout, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>ROC
Leiden, namens deze, J. Tas, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>ROC Nova
College, namens deze, E. van den Berg, voorzitter College van Bestuur. <nl></nl>Namens
de bevoegde gezagsorganen van de scholen voor voortgezet onderwijs voornoemd,
C.M. Wigmans, voorzitter van de Stichting RI SWW MH&amp;R.<nl></nl></ondtek>
    <bijlage>
      <tuskop letat="vet">Bijlage 1 </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Uitwerking te verminderen aantal voortijdig schoolverlaters
behorende bij het convenant tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur
en Wetenschap, de contactgemeente van de RMC-regio Zuid-Holland Oost, het
ROC ID-College, het ROC Midden-Nederland, Het ROC Zadkine, Het ROC Albeda
College, Het ROC Leiden, Het ROC NOVA College en het Voortgezet Onderwijs
voornoemd, verenigd in de Stichting Regionaal Interzuilair Samenwerkingsverband
VO Midden-Holland en Rijnstreek inzake het terugdringen van het aantal voortijdige
schoolverlaters in de schooljaren 2007/2008 tot en met 2010/2011. </tuskop>
      <tuskop letat="vet">RMC regio: Zuid-Holland Oost</tuskop>
      <plaatje file="stcrt-2008-156-p11-SC87141-1.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
      <plaatje file="stcrt-2008-156-p11-SC87141-2.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
      <plaatje file="stcrt-2008-156-p11-SC87141-3.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
      <witreg></witreg>
      <al>*Toelichting:</al>
      <al>Het te verminderen aantal voortijdige schoolverlaters (vsv-ers) moet cumulatief
ingevuld worden. Voorbeeld: indien het doel is om in schooljaar 2007-2008
een reductie van 150 vsv-ers te bereiken (t.o.v. 2005-2006) en daar bovenop
in schooljaar 2008-2009 een reductie van nog eens 100 vsv-ers te bereiken,
dan moet in de kolom voor schooljaar 2007-2008 het getal ‘150’
ingevuld worden en voor schooljaar 2008-2009 het getal ‘250’ ingevuld
worden (= 150 plus 100). Etcetera tot en met schooljaar 2010-2011. </al>
    </bijlage>
    <bijlage>
      <tuskop letat="vet">Bijlage 2 </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Berekeningswijze aantal voortijdig schoolverlaters behorende
bij het convenant tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
de contactgemeente van de RMC- regio Zuid-Holland Oost, het ROC ID-College,
het ROC Midden-Nederland, Het ROC Zadkine, Het ROC Albeda College, Het ROC
Leiden, Het ROC NOVA College en het Voortgezet Onderwijs voornoemd, verenigd
in de Stichting Regionaal Interzuilair Samenwerkingsverband VO Midden-Holland
en Rijnstreek inzake het terugdringen van het aantal voortijdige schoolverlaters
in de schooljaren 2007/2008 tot en met 2010/2011. </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Begripsbepalingen:</tuskop>
      <al>Naast de begripsbepalingen, bedoeld in artikel 1 van dit convenant, gelden
voor deze bijlage de volgende begripsbepalingen:</al>
      <al>a) Teldatum: datum waarop het aantal inschrijvingen per onderwijsinstelling
bij aanvang van het schooljaar wordt gemeten. Het betreft hier de datum van
1 oktober;</al>
      <al>b) Centraal register inschrijvingen hoger onderwijs: het Centraal register
inschrijvingen hoger onderwijs zoals genoemd in artikel 7.52 van Wet op het
hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;</al>
      <al>c) Vavo: het voortgezet algemeen volwassenen onderwijs;</al>
      <al>d) Examen resultaten register: de registratie door Informatie Beheer Groep
van examenresultaten in het voortgezet onderwijs op basis de Wet voortgezet
onderwijs. Het Examen resultaten register omvat een overzicht van behaalde
examenresultaten vanaf schooljaar 1998-1999. Vanaf schooljaar 2005-2006 zijn
deze gegevens onderdeel van het Basisregister;</al>
      <al>e) Startkwalificatie: een diploma als bedoeld in artikel 8.1.8 eerste
lid, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs (minimaal niveau
mbo-2, havo of vwo). </al>
      <tuskop letat="vet">Berekeningswijze voor het middelbaar beroepsonderwijs:</tuskop>
      <al>Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters per onderwijsinstelling per
schooljaar in het middelbaar beroepsonderwijs en vavo in een RMC-regio wordt
door de minister berekend op basis van de volgende formule:</al>
      <al>X = A - B - (C1+C2+C3+C4) - (D1+D2+D3)</al>
      <al>waarbij:</al>
      <al>X = Het aantal voortijdig schoolverlaters per onderwijsinstelling per
schooljaar (t) in het middelbaar beroepsonderwijs en woonachtig in de betreffende
RMC-regio;</al>
      <al>A = Het aantal jongeren in de leeftijd van 12 tot en met 21 jaar dat op
de teldatum van het schooljaar (t) door de onderwijsinstelling:</al>
      <al>- als deelnemer is ingeschreven en voor bekostiging is aangemeld;</al>
      <al>- woonachtig is in de betreffende RMC-regio;</al>
      <al>- en als zodanig is geregistreerd in het basisregister.</al>
      <al>B = Het aantal jongeren onder A dat tijdens het schooljaar (t) is overleden,
geëmigreerd of administratief afgevoerd is. Deze gegevens worden ontleend
aan de Gemeentelijke Basis Administratie.</al>
      <al>C = Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van het daarop volgende
schooljaar (t + 1) nog een bekostigde opleiding volgt. Dit kan dezelfde of
een andere (beroeps)opleiding zijn aan dezelfde of een andere instelling,
dan wel vervolgonderwijs betreffen. C is de som van:</al>
      <al>• C1: Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van het daarop
volgende schooljaar (t + 1) nog steeds is ingeschreven als deelnemer in het
middelbaar beroepsonderwijs en voor bekostiging is aangemeld. Dit op basis
van gegevens zoals geregistreerd in het Basisregister.</al>
      <al>• C2: het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 is ingeschreven in het hoger onderwijs, zoals geregistreerd in het Centraal
register inschrijvingen hoger onderwijs;</al>
      <al>• C3: het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 als leerling in het voortgezet onderwijs is ingeschreven, zoals geregistreerd
in het basisregister;</al>
      <al>• C4: Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 als vavo-deelnemer is ingeschreven, zoals geregistreerd in het basisregister.</al>
      <al>D = Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum bij aanvang van het
volgende schooljaar (t+1) geen bekostigde opleiding volgt, maar wel een startkwalificatie
heeft behaald. D is de som van:</al>
      <al>• D1: het aantal jongeren onder A dat gedurende schooljaar (t) een
startkwalificatie heeft behaald, zoals geregistreerd in het basisregister;</al>
      <al>• D2: het aantal jongeren onder A dat in de periode vanaf 2004 tot
aan schooljaar (t) reeds een startkwalificatie heeft behaald in het middelbaar
beroepsonderwijs, zoals geregistreerd in het basisregister. Het basisregister
omvat een overzicht van behaalde mbo diploma’s vanaf kalenderjaar 2004.
Eerder in het mbo behaalde diploma’s zijn niet in het basisregister
geregistreerd;</al>
      <al>• D3: het aantal jongeren onder A dat in de periode vanaf schooljaar
1998-1999 tot schooljaar (t) voorafgaand aan de inschrijving op het MBO of
de vavo een startkwalificatie heeft behaald, zoals geregistreerd in het Examen
resultaten register of Basisregister. </al>
      <tuskop letat="vet">Berekeningswijze voor het voortgezet onderwijs:</tuskop>
      <al>Het aantal voortijdig schoolverlaters per onderwijsinstelling per schooljaar
(t) in het voortgezet onderwijs in een RMC-regio wordt door de minister berekend
op basis van de volgende formule:</al>
      <al>X = A - B - (C1+C2+C3+C4) - (D1+D2)</al>
      <al>waarbij:</al>
      <al>X = Het aantal voortijdig schoolverlaters per onderwijsinstelling per
schooljaar (t) in het voortgezet onderwijs (exclusief praktijkonderwijs en
voortgezet speciaal onderwijs) en woonachtig in de betreffende RMC-regio;</al>
      <al>A = Het aantal jongeren in de leeftijd van 12 tot en met 21 jaar dat op
de teldatum bij aanvang van het schooljaar (t) door de onderwijsinstelling:</al>
      <al>- als leerling is ingeschreven en voor bekostiging is aangemeld;</al>
      <al>- het geen leerlingen betreft aan het praktijkonderwijs en voortgezet
speciaal onderwijs;</al>
      <al>- het geen leerlingen betreft aan de ‘Engelse Stroom’ of ‘Internationaal
Baccelaureaat’;</al>
      <al>- dat woonachtig is in de betreffende RMC-regio;</al>
      <al>- en als zodanig is geregistreerd in het basisregister.</al>
      <al>B = Het aantal jongeren onder A dat tijdens het schooljaar (t) is overleden,
geëmigreerd of administratief afgevoerd. Deze gegevens worden ontleend
aan de Gemeentelijke Basis Administratie;</al>
      <al>C = Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum bij aanvang van het
daarop volgende schooljaar (t + 1) nog een bekostigde opleiding volgt. Dit
kan dezelfde of een andere (beroeps)opleiding zijn aan dezelfde of een andere
instelling, dan wel vervolgonderwijs betreffen. C is de som van:</al>
      <al>• C1: Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van het daarop
volgende schooljaar (t + 1) nog steeds is ingeschreven als leerling in het
voortgezet onderwijs. Dit op basis van gegevens zoals geregistreerd in het
basisregister.</al>
      <al>• C2: het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 als deelnemer is ingeschreven en voor bekostiging is aangemeld in het
middelbaar beroepsonderwijs en als zodanig geregistreerd in het basisregister;</al>
      <al>• C3: Het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 als vavo-deelnemer is ingeschreven, zoals geregistreerd in het basisregister;</al>
      <al>• C4: het aantal jongeren onder A dat op de teldatum van schooljaar
t+1 is ingeschreven in het hoger onderwijs, zoals geregistreerd in het Centraal
register inschrijvingen hoger onderwijs.</al>
      <al>D = Het aantal jongeren onder A dat gedurende schooljaar (t) is uitgeschreven
met een startkwalificatie. D is de som van :</al>
      <al>• D1: het aantal jongeren onder A dat gedurende schooljaar (t) een
startkwalificatie heeft behaald, zoals geregistreerd in het Basisregister;</al>
      <al>• D2: het aantal jongeren onder A dat in de periode vanaf begin 1998/1999
tot aan schooljaar (t) reeds een startkwalificatie heeft behaald in het voortgezet
onderwijs, zoals geregistreerd in het Examen resultaten register of in het
basisregister. </al>
      <tuskop letat="vet">Toelichting:</tuskop>
      <al>Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters per schooljaar wordt in het
kader van dit convenant door de minister berekend op basis van bestaande,
wettelijke registraties. Aan de hand hiervan wordt het aantal jongeren bepaald
dat aan het begin van een schooljaar bij een onderwijsinstelling is ingeschreven
(peildatum 1 oktober). Vervolgens wordt van deze jongeren nagegaan of bij
aanvang van het daarop volgend schooljaar (peildatum 1 oktober) zij:</al>
      <al>• nog steeds een opleiding volgen in het bekostigd onderwijs;</al>
      <al>• geen opleiding meer volgen maar wel inmiddels een startkwalificatie
hebben behaald;</al>
      <al>• geen opleiding meer volgen en geen startkwalificatie hebben.</al>
      <al>Deze laatste groep wordt beschouwd als het aantal voortijdig schoolverlaters
van de betreffende school gedurende het schooljaar.</al>
      <al>Het gebruik van bestaande registraties heeft het grote voordeel dat dit
niet leidt tot nieuwe administratieve lasten. Daarnaast blijkt deze berekeningsmethode
een vollediger beeld te geven van het aantal voortijdig schoolverlaters dan
registratie via de RMC-functie. Daarom wordt deze berekeningsmethode vanaf
2007 ook gebruikt om de Tweede Kamer te informeren over de aanpak van voortijdig
schoolverlaten. Tot slot sluit deze berekeningsmethode aan op de landelijke
benchmark van het mbo.</al>
      <al>Bij de berekeningswijze zijn de volgende aandachtspunten van belang:</al>
      <al>Het basisregister omvat momenteel alle jongeren die een door het Rijk
bekostigde opleiding volgen in het voortgezet onderwijs en het middelbaar
beroepsonderwijs. Deelnemers aan de educatie, behalve vavo op het einde van
het betreffende schooljaar, blijven hier buiten beschouwing.</al>
      <al>In het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs is het onderwijsnummer
(voor het overgrote deel) nog niet ingevoerd. Daarom worden deze onderwijstypen
in de berekeningsmethode buiten beschouwing gelaten. In de praktijk betekent
dit dat wanneer een leerling die is ingeschreven in het voortgezet onderwijs
over gaat naar het speciaal onderwijs, deze leerling als nieuwe voortijdig
schoolverlater wordt geteld. Indien een vo-school jaarlijks een gelijk aantal
leerlingen ‘doorverwijst’ naar het speciaal onderwijs, zal dit
geen effect hebben op het resultaat. Immers: door zowel in het referentiejaar
2005-2006 als op het eind van de convenantsperiode deze groep op eenzelfde
manier te meten, vallen de aantallen tegen elkaar weg. Het voorgaande geldt
ook voor jongeren die overstappen van bekostigd naar niet bekostigd onderwijs.</al>
      <al>De berekeningsmethode meet in feite de schoolloopbaan van de jongere.
Indien de jongere binnen het schooljaar gedurende korte tijd is uitgevallen,
maar ook weer snel in een andere opleiding en/of op een andere onderwijsinstelling
is ingestroomd, wordt deze niet als voortijdig schoolverlater gerekend van
de school waar de jongere bij aanvang van het schooljaar was ingeschreven.
Immers: aan het begin van het nieuwe schooljaar volgt deze jongere weer onderwijs.
Dit betekent dat een onderwijsinstelling, naast preventie van uitval, ook
belang heeft om er voor te zorgen dat wanneer een jongere toch uitvalt, deze
jongere te helpen een andere opleiding of onderwijsinstelling te vinden.</al>
      <al>Het convenant richt zich op het behalen van een startkwalificatie. Dit
is minimaal een mbo-2, havo of vwo diploma. Dit betekent bijvoorbeeld dat
vmbo-leerlingen die een diploma hebben behaald, maar zich voor het volgende
schooljaar niet inschrijven bij het mbo of havo toch gerekend worden als nieuwe
voortijdig schoolverlater van de vo-school. Uit dit oogpunt heeft de vo-school
er belang bij om jongeren met een vmbo-diploma te stimuleren zich in te schrijven
voor een vervolgopleiding. </al>
    </bijlage>
    <bijlage>
      <tuskop letat="vet">Bijlage 3 </tuskop>
      <tuskop letat="vet">(menulijst) Maatregelen ter verminderen aantal voortijdig
schoolverlaters behorende bij artikel 6, eerste lid van het convenant tussen
de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de contactgemeente
van de RMC- regio Zuid-Holland Oost, het ROC ID-College, het ROC Midden-Nederland,
Het ROC Zadkine, Het ROC Albeda College, Het ROC Leiden, Het ROC NOVA College
en het Voortgezet Onderwijs voornoemd, verenigd in de Stichting Regionaal
Interzuilair Samenwerkingsverband VO Midden-Holland en Rijnstreek inzake het
terugdringen van het aantal voortijdige schoolverlaters in de schooljaren
2007/2008 tot en met 2010/2011.</tuskop>
      <al>Vooraf: Handleidingen, voorbeeldprojecten en materiaal over de voorgestelde
maatregelen vindt u op de website www.voortijdigschoolverlaten.nl </al>
      <tuskop letat="vet">Menulijst </tuskop>
      <tuskop letat="cur">1.Zorgstructuur (Zorg Advies Team)</tuskop>
      <al>De ervaring leert dat een Zorg Advies Team een krachtig instrument is
om de schoolinterne zorg af te stemmen op de schoolexterne zorg. Belangrijk
daarbij is dat de interventies op elkaar aansluiten en erop gericht zijn dat
de leerling de schoolloopbaan kan voortzetten en afronden. </al>
      <tuskop letat="cur">2. Overgang vmbo -mbo</tuskop>
      <al>- Preventieproject overgang vmbo -mbo</al>
      <al>Het preventieproject overgang vmbo -mbo organiseert de samenwerking van
vmbo -scholen en ROC’s onder regie van de RMC -functie van de gemeente.
Daardoor worden risicojongeren gevolgd en begeleid tijdens de overgangsperiode
tussen het vo en het mbo (dwz tijdens de zomermaanden).</al>
      <al>- Preventie+ project overgang vmbo -mbo</al>
      <al>Aan de opzet van het Preventieproject is een aantal voorbereidende activiteiten
toegevoegd om de overgang nog soepeler te laten verlopen. Ook zijn activiteiten
toegevoegd om te voorkomen dat de mbo-leerling alsnog uitvalt. Het Preventieproject
is hierdoor verbreed en verbeterd. </al>
      <tuskop letat="cur">3. Persoonlijke begeleiding</tuskop>
      <al>- Mentoring en Coaching</al>
      <al>Mentoren en coaches kunnen een belangrijke rol spelen bij risicomomenten
in de onderwijsloopbaan van leerlingen. Leerlingen worden door de school gekoppeld
aan een coach vanuit bijvoorbeeld het bedrijfsleven of maatschappelijke organisatie.</al>
      <al>- Vraagombuiging</al>
      <al>Vraagombuiging is een traject waarbij een leerling die een verkeerde keuze
heeft gemaakt of een andere opleiding prefereert, met behulp van het ROC een
passend alternatief kiest. Vraagombuigingstrajecten zijn succesvol wanneer
de leerling een nieuwe opleiding kiest op de eigen school, maar ook als het
onderwijs wordt vervolgd op een ander ROC of een andere instelling.</al>
      <al>- Beroepenoriëntatie in het vmbo (bijvoorbeeld portfolio)</al>
      <al>Een programma dat de leerling een goed beeld geeft van de beroepspraktijk,
d.m.v. bijvoorbeeld dagoriëntaties, maatschappelijke stages, blokstages
en levensechte prestaties, het schrijven van sollicitatiebrieven en het voeren
van sollicitatiegesprekken (mede i.v.m. verwerven stage).</al>
      <al>Tijdens de overgang van het vmbo naar het mbo kan extra begeleiding van
leerlingen plaatsvinden door middel van de portfolio -methodiek.</al>
      <al>- Stages</al>
      <al>Eén van de redenen voor voortijdig schoolverlaten is een tekort
aan geschikte stageplaatsen. Tussen scholen, kenniscentra beroepsonderwijs
bedrijfsleven en regionaal bedrijfsleven worden afspraken gemaakt over de
werving van stages (leerwerktrajecten in vmbo of beroepspraktijkvorming in
het mbo), een betere matching van stages en betere voorlichting aan en begeleiding
van leerlingen bij stages. </al>
      <tuskop letat="cur">4. Opvangklassen voor voortijdig schoolverlaters en meerdere
instroommomenten in het mbo</tuskop>
      <al>Steeds meer ROC’s organiseren voor hun beroepsopleidingen meerdere
instroommomenten voor deelnemers (ook na 1 oktober). Daarnaast zijn er praktijkvoorbeelden
waarbij voortijdig schoolverlaters gedurende het gehele schooljaar tijdelijk
opgevangen kunnen worden in een ‘opvangklas’. Jongeren krijgen
bijvoorbeeld een pakket aangeboden waarin studiekeuze en beroepenoriëntatie
centraal staat, waardoor de jongere zo snel mogelijk en na een goede intake
weer kan instromen bij een andere beroepsopleiding. </al>
      <tuskop letat="cur">5. Dagbesteding (sport en cultuur)</tuskop>
      <al>Het inzetten van sport en cultuur is een nieuwe maatregel om de aanval
op de uitval te versterken. Op dit moment wordt binnen OCW gewerkt aan het
opstellen van een aanpak en het in gang zetten van een uitvoering. Hierbij
zijn good practices vanuit de gemeenten een belangrijke input. </al>
      <tuskop letat="cur">6. Verzuimbeleid</tuskop>
      <al>In de praktijk blijkt dat niet alle scholen een sluitende aanpak van verzuim
toepassen. Een tijdige aanpak van verzuim, vaak door een persoonlijke benadering
van de leerling, kan echter voorkómen dat leerlingen definitief afhaken.
In de praktijk zijn goede voorbeelden van een sluitende verzuimaanpak die
tot flinke verlaging van schooluitval leiden. </al>
      <tuskop letat="cur">7. Curatieve maatregelen: EVC- en maatwerktrajecten</tuskop>
      <al>Een groot deel van de voortijdig schoolverlaters is aan het werk. De positie
van deze jongeren op de arbeidsmarkt is echter kwetsbaar; als het economisch
minder gaat zijn zij de eersten die op straat staan. Om die reden is het van
belang om, naast het voorkomen van voortijdig schoolverlaten, ook in te zetten
op de jongeren die reeds uitgevallen zijn. Met EVC- of maatwerktrajecten kunnen
deze jongeren alsnog een startkwalificatie behalen en daarmee een duurzame
plek op de arbeidsmarkt verwerven. Het instrumentarium van de Projectdirectie
Leren en Werken kan hierbij ondersteuning bieden. </al>
    </bijlage>
    <bijlage>
      <tuskop letat="vet">Bijlage 4 </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Overzicht van maatregelen behorende bij artikel 6 van
het convenant tussen de staatssecretaris van OCW, de contactgemeente van de
RMC regio Zuid-Holland Oost, het ROC ID-College, het ROC Midden-Nederland,
Het ROC Zadkine, Het ROC Albeda College, Het ROC Leiden, Het ROC NOVA College
en het Voortgezet Onderwijs voornoemd, verenigd in de Stichting Regionaal
Interzuilair Samenwerkingsverband VO Midden-Holland en Rijnstreek inzake het
terugdringen van het aantal voortijdige schoolverlaters in de schooljaren
2007/2008 tot en met 2010/2011.</tuskop>
      <al>• Naam maatregel: Versterken Verzuimbeleid</al>
      <al>Doel maatregel: Signalering en registratie van afwezigheid als eerste
indicator voor dreigende uitval.</al>
      <al>Activiteiten: Regionaal hetzelfde verzuimprotocol hanteren en zodra mogelijk
aansluiten op het digitale verzuimsysteem, waarbij leerplicht/kwalificatieplicht
directe reactie/terugkoppeling garandeert.</al>
      <al>Betrokken partijen: VO, ROC ID College, ROC Leiden en alle gemeenten in
RMC regio</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Doorlopende instroom MBO</al>
      <al>Doel maatregel: Het realiseren van meer instroommomenten per jaar, tenminste
in september en januari zodat jongeren die óf een verkeerde keuze hebben
gemaakt óf een andere studie willen volgen óf anderszins uitgevallen
zijn niet hoeven te wachten tot het nieuwe studiejaar aanvangt.</al>
      <al>Activiteiten: Nieuw instroommoment in januari alsmede het opzetten van
een voorbereidingstraject waarbij centraal staat het keuzeproces van de student.</al>
      <al>Betrokken partijen: ROC ID College, VO</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Versterken zorgstructuur</al>
      <al>Doel maatregel: Voorkomen van uitval door het bieden zorg ondersteuning
binnen de school.</al>
      <al>Activiteiten: Structureel overleg in ZAT teams per school, waar aan tenminste
deelnemen</al>
      <al>Leerplicht/RMC, jeugdzorg, maatschappelijk werk, politie. Voor wat betreft
het ROC ID College het Inrichten van het OSC nieuwe stijl voor 2e lijns begeleiding</al>
      <al>Betrokken partijen: ROC ID College, VO scholen, Leerplicht/RMC, jeugdzorg,
Maatschappelijk Werk politie</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Persoonlijke begeleiding</al>
      <al>Doel maatregel: Gelegenheid bieden aan risicoleerlingen om gehoord te
worden, mee te denken met de vragen waarvoor zij staan, gericht op het nemen
van de juiste beslissingen (beïnvloeding en eventueel vraagombuiging).</al>
      <al>Activiteiten: Risicoleerlingen op en na school extra aandacht geven via
een mentor of persoonlijke coach, die als vraagbaak, steunpunt van betrokkene
mee richting geeft aan de door hen te kiezen richting.</al>
      <al>Betrokken partijen: VO en het ROC ID College</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Preventieproject Overgang VMBO naar MBO</al>
      <al>Doel maatregel: Door samenwerking tussen VO en MBO bevorderen dat over
en weer bekend is wat de keuze van de student na het VO is, alsmede of betrokkene
daar ook aangekomen is en waar nodig daarbij ondersteuning bieden.</al>
      <al>Activiteiten: vergelijking van leerling lijsten, een warme overdracht
van studenten waarbij dat geboden is, monitoring en mentoring van risicoleerlingen,
invoering van digitaal overdrachtsdossier (vergelijkbaar met PO&gt;&gt;VO).</al>
      <al>Betrokken partijen: VO, ROC ID College, Nova College-projectdirectie Aanval
op de Uitval en RMC</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Versterken beroepenoriëntatie in VMBO en MBO</al>
      <al>Doel maatregel: bevorderen dat de leerlingen de juiste informatie over
de diverse vakrichtingen kennen, een reëel beeld van de verschillende
beroepen hebben, inzicht in de benodigde vaardigheden en competenties, zodat
ze in één keer de juiste vakrichting kiezen.</al>
      <al>Activiteiten: Overleg structureren tussen Ondernemers en Onderwijs, gericht
op samenwerking en afstemming (regionaal en met alle scholen) van stages,
gastlessen op school, optimalisering van het onderwijs aanbod vergroting van
het praktijkgedeelte e.d.</al>
      <al>Betrokken partijen: VO, ROC ID College en de ondernemers, sectorsgewijs</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Coaching mentoren/studie- en loopbaanbegeleiders/studenten</al>
      <al>door een adviseur van het Onderwijs Servicecentrum</al>
      <al>Doel maatregel: Vroegtijdig signaleren van problematiek bij studenten
en daar vanuit het OSC, in samenwerking met de begeleiders adequaat op inspelen</al>
      <al>Activiteiten: Per periode van 10 weken voert de adviseur OSC met iedere
begeleider een gesprek en worden risicostudenten gefilterd. Deze krijgen extra
begeleiding aangeboden.</al>
      <al>Betrokken partijen: ROC ID College (adviseur OSC, studentbegeleiders van
alle onderwijsteams, studenten)</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Studieloopbaanbegeleiding en Opvangklassen</al>
      <al>Doel maatregel: Voorkomen van uitval door het versterken van de zorg-en
begeleidingsstructuur binnen de school</al>
      <al>Activiteiten: Koppeling van de zorg- en begeleidingsstructuur aan de invoering
van competentie gericht leren. De leerling wordt door de studieloopbaanbegeleider
(SLB’er)begeleid bij het formuleren van zijn leervragen, het opstellen
van een persoonlijk ontwikkelingsplan, het kiezen van leeractiviteiten en
het evalueren van de studievoortgang en de problemen die de studievoortgang
kunnen belemmeren. Daarbij krijgt de SLB’er ondersteuning van de trajectbegeleider.
De casemanager probeert te voorkomen dat de leerling uitvalt. Hierbij kan
Switchpunt worden ingeschakeld, waar de leerling tijdelijk activiteiten op
maat aangeboden krijgt, op weg naar een ander opleidingsaanbod (Opvangklassen).</al>
      <al>Eventueel kan gebruik gemaakt worden van het ondersteuningsaanbod van
het Cursistenbureau.</al>
      <al>Betrokken partijen: Projectorganisatie Aanval op de Uitval, studieloopbaanbegeleiders,
casemanager en medewerkers Switchpunt en cursistenbureau,RMC contactgemeente.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• Naam maatregel: Verbeterde intakes ten aanzien van de opleidingskeuze
en goede doorstroommogelijkheden</al>
      <al>Doel maatregel: Een gerichtere en beter gemotiveerde keuze van de leerlingen
voor een opleiding.</al>
      <al>Activiteiten: Veel van de cursisten vallen uit op basis van een verkeerde
opleidingskeuze of het niet hebben van een juist beroepsbeeld. Daarom gaat
het Nova College extra aandacht besteden aan de intake en met name om dieper
in te gaan op de keuze van de cursist via een digitale vragenlijst.Mocht een
cursist desondanks toch uitvallen dan kan de cursist bij het Switchpunt aangemeld
worden in de volgende gevallen:</al>
      <al>- verkeerde keuze en niet weet welke hij/zij dan wel wil gaan volgen</al>
      <al>- verkeerde keuze en moet wachten op start andere opleiding</al>
      <al>- tijdelijk een aangepast programma nodig heeft in verband met persoonlijke
problematiek</al>
      <al>Er wordt zo snel mogelijk een andere opleiding aangeboden.</al>
      <al>Er worden overigens meerdere instroommomenten bij verschillende opleidingen
ingevoerd, waardoor het aanbod flexibeler wordt.</al>
      <al>Betrokken partijen: Nova College-Projectdirectie Aanval op de uitval,
VMBO en RMC </al>
      <tuskop letat="cur">Samenhang Convenant Zuid-Holland Oost met andere convenanten:</tuskop>
      <al>Convenant OCW-regio Rijnmond; Convenant OCW regio Utrecht; Convenant OCW
regio Holland-Rijnland;</al>
      <al>Voor het ROC Zadkine, het Albeda college , het ROC Midden-Nederland en
het ROC Leiden gelden de bijlagen 4 van de bovenstaande convenanten onverkort
voor zover zij die hebben ondertekend, als maatregelen voor het convenant
OCW regio Zuid-Holland Oost. </al>
      <tuskop letat="cur">Afstemming, uitwerking en bewaking van de maatregelen:</tuskop>
      <al>Voor de uitwerking en implementatie van de op deze bijlage staande maatregelen
wordt een stuurgroep geformeerd, ondersteund door werkgroepen per maatregel.
De convenantpartijen kiezen ervoor de bestaande stuurgroepen Jongerenloket
Midden-Holland en -Rijnstreek hiermee te belasten. In deze stuurgroepen zijn
alle convenantpartijen, met uitzondering van het ministerie van OCW, vertegenwoordigd.
Gedurende de looptijd van het convenant worden de genoemde stuurgroepen daarom
uitgebreid met een vertegenwoordiger van het ministerie van OCW.</al>
    </bijlage>
  </backm>
</stcart>