﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE stcart PUBLIC "-//SDU//DTD staatscourant xml 1.1//NL" "../../dtd/stcrt-11.dtd"[]>
<stcart soort="reg" status="bewerkt" publtype="stct">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2001-55-p24-SC28399/metadata.xml" />
  </metadata>
  <frontm>
    <versie dtd="1.5" conv="$Revision: 1.5 $__0" markup="hxa"></versie>
    <artcode>055-1403</artcode>
    <stcgeg>
      <tekst>Uit: Staatscourant 19 maart 2001, nr. 55</tekst>
      <dag>Maandag</dag>
      <datum>19 maart 2001</datum>
      <nummer>55</nummer>
    </stcgeg>
    <chapeau>
      <mincodes>SZW </mincodes>
    </chapeau>
    <titel>Subsidieplafonds Subsidieregeling emancipatie-ondersteuning</titel>
    <opschr></opschr>
    <bron>
      <datum>14 maart 2001</datum>/<kenmerk>Nr. DCE/01/14820</kenmerk><afd>Directie Coördinatie Emancipatiebeleid</afd></bron>
  </frontm>
  <body>
    <al>De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A.E. Verstand-Bogaert,</al>
    <witreg></witreg>
    <al>maakt bekend:</al>
    <witreg></witreg>
    <al>dat de subsidieplafonds zoals bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de
Subsidieregeling emancipatie-ondersteuning 1998 (Staatscourant 1997, nr. 249)
voor het jaar 2001 worden vastgesteld op:</al>
    <al>• 0,5 mln gulden voor het actuele thema `Ondersteuning implementatie
VN-Vrouwenverdrag',</al>
    <al>• 1,0 mln gulden voor het actuele thema `Verbeteren digitale infrastructuur
en ICT-professionaliteit van vrouwenorganisaties', en</al>
    <al>• 0,7 mln gulden voor het actuele thema `Beeldvorming en voorkomen
en bestrijden van geweld tegen vrouwen &amp; meisjes'.</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Aanvragen voor subsidie voor het thema `Activiteiten Ondersteuning implementatie
VN-Vrouwenverdrag' dienen vóór 1 juni 2001 te worden ingediend.</al>
    <al>Aanvragen voor subsidie voor het thema `Verbeteren digitale infrastructuur
en ICT-professionaliteit van vrouwenorganisaties' dienen eveneens vóór
1 juni 2001 te worden ingediend.</al>
    <al>Aanvragen voor subsidie voor het thema `Beeldvorming en voorkomen en bestrijden
van geweld tegen vrouwen &amp; meisjes' dienen vóór 1 september
2001 te worden ingediend.</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van de Subsidieregeling
emancipatie-ondersteuning wordt voor het jaar 2001 vastgesteld op 1,0 mln
gulden. Het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van de
Subsidieregeling emancipatie-ondersteuning 1998 wordt voor het jaar 2001 vastgesteld
op 10 mln gulden.</al>
  </body>
  <backm>
    <ondtek>`s-Gravenhage, 14 maart 2001. <nl></nl><min>De Staatssecretaris van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,</min>A.E. Verstand-Bogaert.<nl></nl></ondtek>
    <toelicht>
      <tuskop letat="vet">Toelichting </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Inleiding</tuskop>
      <al>Volgens de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
2001 is voor de toepassing van de Subsidieregeling emancipatie-ondersteuning
1998 voor het kalenderjaar 2001 een bedrag beschikbaar ad 16,9 mln gulden.
Daarvan is reeds 10 mln gulden gereserveerd voor organisaties die per boekjaar
worden gesubsidieerd (artikel 2, onderdeel c). Voor toepassing van de subsidieregeling
is 2,2 mln gulden beschikbaar voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 2,
onderdeel a, en 1,0 mln gulden voor activiteiten zoals bedoeld in onderdeel
b. Voor overige activiteiten is 3,7 mln gulden gereserveerd, waaronder de
inrichting van het Informatiepunt Gelijke Behandeling m/v en de uitfinanciering
van de Vrouwenvakscholen. </al>
      <tuskop letat="cur">Actuele thema's</tuskop>
      <al>Jaarlijks worden in de begroting van het ministerie van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid actuele thema's gekozen die vanuit beleidsdoelstellingen
van de coördinerende staatssecretaris om een extra impuls vragen. Doel
hiervan is om in aansluiting op de beleidsvoering het maatschappelijk bereik
van de thema's te vergroten door niet-gouvernementele organisaties in staat
te stellen rond de thema's activiteiten te organiseren. </al>
      <tuskop letat="cur">Ondersteuning implementatie VN-Vrouwenverdrag</tuskop>
      <al>De doelstelling van het kabinet is zowel nationaal als internationaal
de naleving van de mensenrechten van vrouwen te bevorderen en deze na te leven
als een onvervreemdbaar, integraal onderdeel van universele mensenrechten
en fundamentele vrijheden. Naleving van deze rechten is niet alleen een zaak
van overheid. Ook individuele burgers, maatschappelijke organisaties en het
bedrijfsleven hebben daarbij een taak.</al>
      <al>Het VN Verdrag inzake de Uitbanning van alle vormen van Discriminatie
van vrouwen uit 1979 (het zogeheten Vrouwenverdrag) is een belangrijk internationaal
instrument op het gebied van de rechten van vrouwen. Nederland is sinds 1991
partij bij het Vrouwenverdrag. Het kabinet rapporteert eenmaal in de vier
jaar aan het VN-Comité voor de uitbanning van alle vormen van discriminatie
jegens vrouwen (CEDAW); de derde rapportage is onlangs ingediend.</al>
      <al>Het kabinet richt zich op verbreding van de kennis over (de betekenis
van) het Vrouwenverdrag bij een breder publiek; daarbij zal het Informatiepunt
Gelijke Behandeling m/v een belangrijke rol gaan vervullen. Als extra stimulans
wil het kabinet daarnaast niet-gouvernementele organisaties in staat stellen
concrete activiteiten in het kader van de implementatie van het VN-Vrouwenverdrag
te organiseren, met als doelstelling het maatschappelijk bereik van het verdrag
verder te vergroten. Maatschappelijke organisaties kunnen daartoe subsidie
aanvragen voor projecten gericht op nationaal, provinciaal of lokaal niveau
en met een looptijd van één jaar. </al>
      <tuskop letat="cur">Verbeteren digitale infrastructuur en ICT-professionaliteit
van vrouwenorganisaties</tuskop>
      <al>Nederland ontwikkelt zich in snel tempo tot een samenleving waarin informatie-
en communicatietechnologie (ICT) een centrale plaats inneemt. ICT breekt met
de klassieke manier van kennisoverdracht en nodigt uit tot een diversiteit
aan gebruiksmogelijkheden, communicatie, dwarsverbindingen en overdracht van
informatie. Er dienen zich mogelijkheden aan om met behulp van ICT de doelen
van het emancipatiebeleid dichterbij te brengen.</al>
      <al>Internationale vrouwennetwerken maken steeds vaker gebruik van ICT voor
lobbyactiviteiten, communicatie en politieke beïnvloeding. Voor belangengroepen
wordt het mogelijk om voorstellen via internet te bespreken met hun achterban,
informatie te verschaffen en belangrijke issues te agenderen. Ook misstanden,
risico's of juist positieve gegevens over een bepaalde situatie kunnen op
deze manier pijlsnel in vele landen tegelijk bekend worden. ICT kan zo de
beleidsoriëntatie als het gaat om emancipatievraagstukken versnellen.
De directe betrokkenheid van vrouwenorganisaties, wereldwijd, wordt daardoor
vele malen vergroot. Uitwisseling van (inter)nationale gegevens en `good practices'
kan bijdragen aan het vergroten van kansen en verkleinen van risico's, bijvoorbeeld
van nieuwe achterstanden. ICT biedt mogelijkheden voor participatie van een
breed publiek.</al>
      <al>Het kabinet wil de kansen die de kennissamenleving biedt voor diversiteit,
voor versterking van de positie van vrouwen en voor een meer geëmancipeerde
samenleving nadrukkelijk naar voren halen en initiatieven op dit vlak ondersteunen,
waardoor strategische allianties tussen maatschappelijke partners bevorderd
worden.</al>
      <al>Door vrouwenorganisaties kan subsidie worden aangevraagd voor projecten
gericht op het verbeteren van de digitale toegang tot emancipatierelevante
informatie en/of het bevorderen van de informatie-uitwisseling tussen vrouwenorganisaties
met behulp van nieuwe media. De looptijd van het project behelst ongeveer
één jaar en uit de projectvoorstellen moet blijken dat zoveel
mogelijk aansluiting is gezocht bij bestaande initiatieven. </al>
      <tuskop letat="cur">Beeldvorming en voorkomen en bestrijden van geweld tegen
vrouwen &amp; meisjes</tuskop>
      <al>De wereldwijde discussie in de VN-Commissie voor de Positieverbetering
van Vrouwen (CSW) over geweld tegen vrouwen leidde tot een oproep aan regeringen
gecoördineerd nationaal multidisciplinair beleid inzake geweld tegen
vrouwen te ontwikkelen. Geweld tegen vrouwen en meisjes wordt inmiddels algemeen
als probleem erkend en uit het verdiepend onderzoek in het kader van het VN-Vrouwenverdrag<sup>1</sup> blijkt dat het maatschappelijk veld reeds vele initiatieven ter voorkoming
en bestrijding van geweld tegen vrouwen heeft ondernomen. De komende jaren
wordt het beleid gericht op voorkoming en bestrijding van geweld tegen vrouwen
verder geïntensiveerd.</al>
      <al>Extra aandacht is nodig voor de rol van het `ongezien onderscheid' daarbij,
voor machtsverschillen tussen mannen en vrouwen en het denken over mannen
en vrouwen in termen van `mannelijkheid' en `vrouwelijkheid' en de relatie
tussen beeldvorming en geweld. Want niet alleen komt geweld tegen vrouwen
en meisjes aanzienlijk vaker voor dan tegen mannen en jongens, het geweld
is veelal ook seksespecifiek (seksueel geweld, seksuele intimidatie (op de
werkplek), verkrachting, enz.). Sinds het verschijnen van de nota Seksueel
Geweld in 1984 wordt een relatie gelegd tussen seksueel geweld en beeldvorming
rond mannelijk en vrouwelijk gedrag. Deze beeldvorming blijkt echter vaak
nog erg vanzelfsprekend en hardnekkig, een onderscheid wordt veelal niet `gezien'.</al>
      <al>Het kabinet wil daarom een extra impuls geven aan het verbeteren van de
regie en coördinatie tussen de organisaties die zich bezig houden met
beeldvorming en het voorkomen c.q. bestrijden van seksespecifiek geweld. Organisaties
kunnen subsidie aanvragen voor projecten gericht op het (structureel) inbedden
en implementeren van `good practices'; samenwerking tussen organisaties c.q.
voorzieningen dient daarbij centraal te staan. De activiteiten dienen ongeveer
een jaar te beslaan. </al>
      <tuskop letat="vet">Informatie</tuskop>
      <al>Voor het indienen van de aanvraag kunt u een informatiepakket aanvragen
bij de (gratis) informatietelefoon van het ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid, tel: 0800-9051, menukeuze 4.</al>
      <al>Dit pakket bevat de Subsidieregeling emancipatie-ondersteuning 1998, de
Algemene Regeling SZW-subsidies en een aanvraagformulier plus handleiding
die gebruikt kunnen worden als hulpmiddel bij het indienen van de aanvraag.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="cur">De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">A.E. Verstand-Bogaert.</nadruk>
      </al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <sup>1</sup> Boerefijn, I.; M.M. van der Liet-Senders en T. Loenen: Het
voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen: een verdiepend onderzoek
naar het Nederlandse beleid in het licht van de verplichtingen die voortvloeien
uit het Vrouwenverdrag, Den Haag, juli 2000.</al>
    </toelicht>
  </backm>
</stcart>