﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE stcart PUBLIC "-//SDU//DTD staatscourant xml 1.1//NL" "../../dtd/stcrt-11.dtd"[]>
<stcart soort="reg" status="b" publtype="stct">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-1998-244-p28-SC16853/metadata.xml" />
  </metadata>
  <frontm>
    <versie dtd="1.4" conv="prod__0" markup="qa"></versie>
    <artcode>244-2801</artcode>
    <stcgeg>
      <tekst>Uit: Staatscourant 21 december 1998, nr. 244</tekst>
      <dag>Maandag</dag>
      <datum>21 december 1998</datum>
      <nummer>244</nummer>
    </stcgeg>
    <chapeau>
      <mincodes>SZW</mincodes>
    </chapeau>
    <titel>Regeling informatie sociale werkvoorziening 1999</titel>
    <bron>
      <datum>10 december 1998</datum>/<kenmerk>Nr. A&amp;O/BS/98/40051</kenmerk><afd>Directie Analyse en Onderzoek</afd></bron>
  </frontm>
  <body>
    <al>De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid</al>
    <al>Gelet op artikel 13, vijfde lid, van de Wet sociale werkvoorziening;</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Besluit: </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 1. Definities</tuskop>
    <al>1. In deze regeling wordt verstaan onder:</al>
    <al>a. de wet: de Wet sociale werkvoorziening;</al>
    <al>b. de minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.</al>
    <al>2. In deze regeling wordt onder de gemeente of het samenwerkingsverband
tevens verstaan de gemeente die:</al>
    <al>a. personen op de wachtlijst, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van het
Besluit indicatie sociale werkvoorziening heeft staan waarvoor door het Rijk
over 1999 geen subsidie in het kader van de wet is verleend;</al>
    <al>b. één of meer dienstbetrekkingen is aangegaan dan wel één
of meer arbeidsovereenkomsten tot stand heeft doen komen met personen die
behoren tot de doelgroep van de wet, maar voor wie door het Rijk over 1999
geen subsidie in het kader van de wet is verleend. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 2. Structurele informatievoorziening</tuskop>
    <al>1. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend verstrekt aan de minister uiterlijk op 1 juli
2000 de in bijlage 1a bij deze regeling behorende jaaropgave. De jaaropgave
is voorzien van een accountantsverklaring die is ingericht volgens het model
dat als bijlage 1b bij deze regeling is opgenomen en is opgesteld met inachtneming
van het in bijlage 1c bij deze regeling neergelegde protocol.</al>
    <al>2. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend verstrekt aan de minister uiterlijk op 1 mei
2000 de voorlopige financiële informatie, bedoeld in bijlage 2 bij deze
regeling.</al>
    <al>3. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend verstrekt aan de minister uiterlijk op 1 maart
2000 de voorlopige volume informatie, bedoeld in bijlage 3 bij deze regeling.</al>
    <al>4. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend verstrekt aan de minister uiterlijk op 1 maart
2000 de jaarstatistiek Wet sociale werkvoorziening, bedoeld in bijlage 4 bij
deze regeling.</al>
    <al>5. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend draagt er zorg voor dat voor de subsidievaststelling
over 1999 ten minste de in bijlage 5 bij deze regeling bedoelde gegevens met
betrekking tot het toezicht van de minister in de administratie zijn vastgelegd.</al>
    <al>6. De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend en over 1999 de wachtlijst beheert, bedoeld in
artikel 7, eerste lid, van het Besluit indicatie sociale werkvoorziening,
draagt er zorg voor dat in de gemeentelijke administratie informatie wordt
vastgelegd over de opvang van personen buiten het kader van de wet, die op
31 december 1997 tot de doelgroep van de Wet Sociale Werkvoorziening behoorden,
zoals die wet luidde tot de datum van inwerkingtreding van de wet, en die
na een herindicatie, bedoeld in artikel 11 van de wet, niet tot de doelgroep
van de wet behoren. De informatie wordt ingericht overeenkomstig bijlage 6,
welke ten minste eenmaal per kwartaal wordt geactualiseerd en ten minste gedurende
5 jaren wordt bewaard. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 3. Aanvullende informatievoorziening</tuskop>
    <al>De gemeente of het samenwerkingsverband aan wie over het subsidiejaar
1999 de subsidie is verleend verstrekt de minister desgevraagd aanvullende
informatie of gegevens die verband houden met de uitvoering van de wet, binnen
een daartoe door de minister vastgestelde termijn en op een door de minister
aangewezen wijze. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 4. Verstrekken van gegevens of informatie aan
derden</tuskop>
    <al>Op verzoek van de minister verstrekt de gemeente of het samenwerkingsverband
aan wie over het subsidiejaar 1999 de subsidie is verleend gegevens of informatie,
bedoeld in de artikelen 2 en 3, aan personen of instanties die in zijn opdracht
informatie vragen of de gegevens bewerken. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 5. Inwerkingtreding</tuskop>
    <al>Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1999. </al>
    <tuskop letat="cur">Artikel 6. Citeertitel</tuskop>
    <al>Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling informatie sociale werkvoorziening
1999.</al>
    <witreg></witreg>
    <al>Deze regeling zal met de toelichting en de bijlagen 1a, 1b, 2, 3, 4, en
6 in de Staatscourant worden geplaatst. De bijlagen 1c en 5 worden met ingang
van 1 mei 1999 ter inzage gelegd in de bibliotheek van het Ministerie van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag. Van deze terinzagelegging zal
mededeling worden gedaan in de Staatscourant.</al>
  </body>
  <backm>
    <ondtek>’s-Gravenhage, 10 december 1998. <nl></nl><min>De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,</min>K.G. de Vries.<nl></nl></ondtek>
    <toelicht>
      <tuskop letat="vet">Toelichting</tuskop>
      <al>Met de inwerkingtreding van de nieuwe Wet sociale werkvoorziening op 1
januari 1998 is de informatievoorziening door de gemeenten aan het Ministerie
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangepast. Mede gezien de overgangsperiode
voor de bekostiging heeft deze de vorm gekregen van een eenmalige regeling
voor het jaar 1998. Voor het jaar 1999 is om die reden een nieuwe Regeling
informatie sociale werkvoorziening 1999 vastgesteld.</al>
      <al>De te verstrekken informatie is, inhoudelijk gezien, ongewijzigd gebleven.
De aanpassingen beperken zich nagenoeg tot een actualisering van de jaartalvermeldingen.
De toelichting die bij de regeling voor het jaar 1998 was gevoegd kan ook
voor het jaar 1999 worden gebruikt.</al>
      <al>Bij de informatie ten behoeve van de bekostiging in de jaaropgave (bijlage
1a) dient thans ook opgave te worden gedaan van een eventueel subsidie-overschot
uit het jaar 1998. Dat kon in het eerste jaar van inwerkingtreding van de
nieuwe Wsw nog niet aan de orde zijn. In de toelichting op de financiële
opgaven zijn voorts verduidelijkingen aangebracht op grond van contacten met
gemeenten.</al>
      <al>Op een belangrijk aspect uit de toelichting bij de regeling voor het jaar
1998 wordt hier nog eens expliciet en met nadruk gewezen. Het betreft de beschrijving
van gemeenten en samenwerkingsverbanden die de informatie zoals bedoeld in
de regeling aan de minister verstrekken. In de toelichting bij de regeling
voor 1998 zijn deze gemeenten en samenwerkingsverbanden als volgt beschreven:</al>
      <al>De Regeling informatie sociale werkvoorziening 1998 stelt in de eerste
plaats nadere regels voor de informatieverstrekking door de gemeenten respectievelijk
het samenwerkingsverband dat in 1998 de subsidie in het kader van de nWsw
heeft ontvangen. Hiermee sluit deze regeling aan op de overgangssituatie die
in artikel 11 van het Besluit financieel verdeelmodel voor 1998 en 1999 is
gemaakt ten behoeve van de subsidie-verstrekking. Met andere woorden: de informatie
moet worden verstrekt door de instantie aan wie de subsidie over 1998 door
het Rijk is verleend. Daarnaast is in artikel 1 geregeld dat ook anderen nog
informatie aan de minister moeten leveren. Het gaat hierbij om gemeenten die
personen op de wachtlijst hebben staan dan wel met personen een dienstbetrekking
hebben of subsidie hebben verleend ten behoeve van het tot stand komen van
een arbeidsovereenkomst, zonder dat het Rijk hiervoor over 1998 een subsidie
heeft verleend. Deze gelijkstelling is met name noodzakelijk om subsidieverlening
vanaf het jaar 2000 aan de betreffende gemeenten mogelijk te maken. De gelijkstelling
geldt voor de gehele regeling en alle daarbij behorende bijlagen.</al>
      <al>Met de gemeente is, op grond van artikel 1, tweede lid, van de wet, gelijkgesteld
het bestuur van een openbaar lichaam in het kader van de Wet gemeenschappelijke
regelingen (Wgr), wanneer dit bestuur de taken van de gemeente volledig overgedragen
heeft gekregen.’</al>
      <al>Ook bij de onderhavige regeling voor het jaar 1999 blijft gelden dat de
informatie wordt verstrekt door de bovenbeschreven gemeenten en samenwerkingsverbanden,
dus zowel met als zonder verleende Rijkssubsidie over het jaar 1999.</al>
      <al>Het accountantsprotocol (bijlage 1c) en de beschrijving van de in de administratie
op te nemen gegevens ten behoeve van het toezicht (bijlage 5) zullen vóór
1 mei 1999 worden bekendgemaakt door ter inzagelegging in de bibliotheek van
het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Aan de gemeenten zullen
deze bijlagen te zijner tijd rechtstreeks worden toegezonden. De vaststelling
van voornoemde bijlagen zal plaatsvinden nadat onder andere met de voor de
gemeenten werkzame accountants de ervaringen met de huidige regeling zijn
besproken.</al>
      <al>Op korte termijn zal een structurele regeling voor de beleidsinformatie
worden vastgesteld. Het gaat hierbij om de met ingang van het kalenderjaar
2000 te verstrekken gegevens op individueel niveau die in plaats komt van
de huidige jaarstatistiek in tabelvorm.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="cur">De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">K.G. de Vries.</nadruk>
      </al>
      <tuskop letat="vet">Toelichting bij de jaarstatistiek </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Algemeen </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Aard van de jaarstatistiek</tuskop>
      <al>-De onderhavige jaarstatistiek is gericht op de <nadruk type="cur">beleidsinformatie</nadruk>. De gegevens ten behoeve van het financieel verdeelmodel worden verstrekt
in het kader van de financiële verantwoording. De jaarstatistiek behoeft
derhalve geen accountantsverklaring. </al>
      <tuskop letat="cur">De uitvoeringsorganisatie die de gegevens verstrekt</tuskop>
      <al>- De personen waarover de gemeente of het samenwerkingsverband in
de jaarstatistiek gegevens verstrekt, zijn dezelfde waarover de gemeente informatie
verstrekt in het kader van de jaarverantwoording.</al>
      <al>De tabellen met betrekking tot de <nadruk type="cur">wachtlijst</nadruk> (1 tot en met
6) worden verstrekt door de gemeente of het samenwerkingsverband dat gehouden
is tot beslissing tot toelating tot de sociale werkvoorziening (’oude
wachtlijst’) of deze beslissing daadwerkelijk heeft genomen (’nieuwe
wachtlijst’). Dat is de woongemeente of het openbaar lichaam waaraan
de gemeente zijn taken integraal heeft overgedragen.</al>
      <al>De tabellen met betrekking tot het <nadruk type="cur">werknemersbestand</nadruk> (7 tot
en met 16) worden verstrekt door het gemeente of samenwerkingsverband bij
wie de betrokkene zijn dienstbetrekking heeft of dat ten behoeve van diens
arbeidsovereenkomst in het kader van begeleid werken een subsidie verstrekt
aan een werkgever.</al>
      <al>Voor zover het om de personen gaat die <nadruk type="cur">reeds voor 1 januari 1998
tot het werknemersbestand behoorden</nadruk> worden de gegevens verstrekt door
de bestuurlijke eenheid die ten behoeve van deze personen rijkssubsidie ontvangt.</al>
      <al>Voor zover het om de personen gaat die <nadruk type="cur">na 1 januari 1998 tot het
werknemersbestand zijn toegetreden</nadruk> worden de gegevens verstrekt door
de woongemeente of het openbaar lichaam waaraan de gemeente op grond van de
Wet gemeenschappelijke regelingen zijn taken integraal heeft overgedragen. </al>
      <tuskop letat="cur">Wijziging in tabellen</tuskop>
      <al>- In verband met de geautomatiseerde gegevensverwerking is het <nadruk type="cur">niet toegestaan</nadruk> dat:</al>
      <al>-regels of kolommen aan de tabellen worden toegevoegd;</al>
      <al>-wijzigingen in opschriften van regels of kolommen worden aangebracht
of toelichtingen worden toegevoegd, waardoor een andere betekenis wordt toegekend
aan de inhoud van de gegevens. </al>
      <tuskop letat="cur">Tijdstip en wijze van verstrekking</tuskop>
      <al>- De jaarstatistiek met betrekking tot het jaar 1999 wordt voor 1
maart 2000 aan het ministerie toegezonden. </al>
      <tuskop letat="cur">Gebruikte begrippen </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Oude wachtlijst, nieuwe aanmeldingen en nieuwe wachtlijst</tuskop>
      <al>- <nadruk type="cur">Oude wachtlijst</nadruk>: de personen omtrent wier aanvraag vóór
1 januari 1998 op grond van de <nadruk type="cur">oude WSW</nadruk> de formele beslissing was
genomen dat zij tot de doelgroep behoren en die nog niet zijn geïndiceerd
op grond van de nieuwe Wsw. Het gaat hierbij derhalve om de personen die al
op 31 december 1997 op de wachtlijst stonden.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Nieuwe aanmeldingen:</nadruk> de personen omtrent wier toelating
tot de sociale werkvoorziening voor het eerst na 1 januari 1998 een formele
beslissing wordt genomen en wel op grond van de nieuwe Wsw. Hiertoe behoren
ook degenen die vóór 1 januari 1998 een aanvraag hadden ingediend
waarop nog niet op grond van de oude WSW een beslissing was genomen.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Nieuwe wachtlijst:</nadruk> de personen omtrent wier aanvraag
volgens de procedures en de criteria van de <nadruk type="cur">nieuwe Wsw</nadruk> de formele
beslissing is genomen dat zij tot de doelgroep behoren. Wat de instroom van
personen uit de oude wachtlijst betreft, gaat het hierbij derhalve om degenen
die een positieve beslissing hebben gekregen in het kader van de indicatie
op grond van de nieuwe Wsw. </al>
      <tuskop letat="cur">Doelgroep, onderzijde, bovenzijde</tuskop>
      <al>- <nadruk type="cur">Doelgroep:</nadruk> de personen ten aanzien van wie de beslissing
is genomen dat deze in aanmerking dienen te komen voor arbeid onder aangepaste
omstandigheden in het kader van de Wsw. Deze personen worden geplaatst op
de wachtlijst.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Onderzijde:</nadruk> de personen omtrent wie de beslissing is
genomen dat deze - ook met vérstrekkende voorzieningen of maatregelen
- niet in staat zijn regelmatige arbeid in Wsw-verband te verrichten.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Bovenzijde:</nadruk> de personen omtrent wie de beslissing is
genomen dat deze - al dan niet met te treffen voorzieningen of maatregelen
- in staat zijn in een overigens normale werkomgeving arbeid te verrichten. </al>
      <tuskop letat="cur">Handicapcodes en arbeidshandicap</tuskop>
      <al>- Afhankelijk van de groep waarop een tabel betrekking heeft, worden
de volgende <nadruk type="cur">handicapcodes</nadruk> gebruikt:</al>
      <al>-<nadruk type="cur">Nieuwe handicapcode</nadruk> indien de tabel uitsluitend betrekking
heeft op personen die na 1 januari 1998 zijn geherindiceerd (’nieuwe
wachtlijst’).</al>
      <al>Deze handicapcode kent de volgende onderverdeling met verwijzing naar
de categorieën die zijn onderscheiden in de ICIDH (International Classification
of Impairments, Disabilities and Handicaps van de Wereldgezondheidsorganisatie).
De onderverdeling komt overeen met de in de toelichting op bijlage II van
het Besluit indicatie sociale werkvoorziening opgenomen ’Hulptabel voor
a priori indeling’.</al>
      <plaatje file="stcrt-1998-244-p28-SC16853-1.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
      <witreg></witreg>
      <al>- <nadruk type="cur">Oude handicapcode</nadruk> als de tabel betrekking heeft op het werknemersbestand.</al>
      <al>Voor degenen die op 31 december 1997 al tot het werknemersbestand behoorden
(oude werknemersbestand) is dit de codering die laatstelijk op grond van het
Besluit informatie sociale werkvoorziening 1997 is gehanteerd.</al>
      <al>Voor degenen die vanaf 1 januari 1998 voor het eerst tot het werknemersbestand
toetreden (nieuwe werknemersbestand) kan de nieuwe handicapcode op de volgende
wijze worden herleid tot de oude handicapcode:</al>
      <plaatje file="stcrt-1998-244-p28-SC16853-2.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
      <tuskop letat="cur">De oude handicapcode 4 (personen met stoornissen die niet
elders te classificeren waren) is niet van toepassing op nieuwe gevallen.</tuskop>
      <al>- Waar in een tabel gegevens over de <nadruk type="cur">arbeidshandicap</nadruk> worden
opgenomen, geldt het onderscheid naar licht, matig en ernstig overeenkomstig
de beslistabel ’Indeling in arbeidshandicapcategorie’ van bijlage
II van het Besluit indicatie sociale werkvoorziening (het onderscheid conform
de indicatie-beschikking).</al>
      <al>De arbeidshandicap ’matig’ is van toepassing op de ’oude
populatie’ per 31 december 1997, behoudens het aantal visueel gehandicapten
in de aangegeven blindenwerkplaatsen, voor wie de categorie ’ernstig’
geldt. </al>
      <tuskop letat="cur">Werknemersbestand, dienstbetrekkingen en arbeidsovereenkomsten</tuskop>
      <al>- <nadruk type="cur">Werknemersbestand:</nadruk> de personen die onder aangepaste
omstandigheden arbeid verrichten in het kader van de Wsw in de vorm van een
dienstbetrekking of van begeleid werken.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Dienstbetrekking:</nadruk> de situatie waarin de betrokkene een
arbeidscontract heeft als bedoeld in artikel 2 Wsw met de gemeente of een
samenwerkingsverband van gemeenten. Niet van belang is waar de werkzaamheden
feitelijk worden verricht. Ook externe plaatsingen (detacheringen) vallen
onder het begrip dienstbetrekking.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Arbeidsovereenkomst:</nadruk> de situatie als bedoeld in artikel
7 Wsw waarin de betrokkene een arbeidsovereenkomst heeft met een werkgever
die hiervoor subsidie ontvangt van de gemeente en waarbij sprake is van begeleiding
door een los van de gemeente staande professionele organisatie die voldoet
aan de eisen gesteld in het Besluit arbeidsinpassing en begeleiding sociale
werkvoorziening. </al>
      <tuskop letat="cur">Fte’s</tuskop>
      <al>- Voor de berekening van arbeidsplaatsen in fulltime equivalenten
wordt uitgegaan van een <nadruk type="cur">werkweek van 36 uur.</nadruk> In <nadruk type="cur">alle</nadruk>
gevallen waarin de betrokkene een dienstverband heeft voor een kortere werkweek,
brengt dit een omrekening met zich mee tot een werkweek van 36 uur.</al>
      <al>Ook voor degenen die vanaf 1 januari 1999 het werknemersbestand instromen
(nieuwe dienstbetrekkingen en nieuwe arbeidsovereenkomsten) wordt de <nadruk type="cur">feitelijke omvang</nadruk> van de arbeidsovereenkomst opgegeven. Deze wordt voor
de omrekening in fte’s niet herleid tot de gemiddelde werkweek van 32
uur die voor de Rijkssubsidie in aanmerking komt.</al>
      <al>- De berekening van de fte’s vindt plaats <nadruk type="cur">zonder weging
naar de mate van arbeidshandicap</nadruk> zoals gebeurt bij de vaststelling van
de zogeheten standaardeenheden.</al>
      <al>- Aantallen fte’s worden <nadruk type="cur">afgerond op één
decimaal</nadruk>. Ook in het geval de afronding op nul (0) uitkomt, wordt het
eerste cijfer achter de komma vermeld. Totalen die in fte’s worden uitgedrukt,
worden berekend op grond van niet-afgeronde aantallen. Het opgegeven totaal
kan daarmee afwijken van het totaal van de opgegeven subtotalen. Hierop vindt
geen correctie plaats. </al>
      <tuskop letat="cur">Toelichting op de tabellen </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 1 en 2</tuskop>
      <al>- Deze tabellen hebben betrekking op ontwikkelingen in het verslagjaar
ten aanzien van personen die op 31 december 1998 op de <nadruk type="cur">oude wachtlijst</nadruk> stonden. Het gaat hierbij derhalve om de personen die in het eerste
jaar van de nieuwe Wsw nog niet geïndiceerd zijn volgens de nieuwe criteria. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 1</tuskop>
      <al>- In deze tabel wordt de <nadruk type="cur">ontwikkeling</nadruk> van de <nadruk type="cur">oude</nadruk> wachtlijst aangegeven: de beginstand op de eerste dag van het jaar,
de uitstroom als gevolg van de indicatie volgens de criteria van de nieuwe
wet (opnieuw tot de doelgroep gerekend; uitstroom vanwege niet langer tot
de doelgroep behorend), de uitstroom om overige redenen, en de eindstand van
de personen die nog niet geïndiceerd zijn volgens de nWsw, op de laatste
dag van het jaar.</al>
      <al>- Daarnaast wordt het aantal aanvragen om advies vermeld dat de gemeente
aan de indicatiecommissie heeft voorgelegd. Bepalend voor de vermelding is
de dagtekening van de brief waarmee de gemeente het verzoek indient. Dit aantal
heeft geen relatie met de beslissingen van de gemeente die in deze tabel worden
vermeld.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">beginstand</nadruk> wordt het aantal personen aangegeven
dat op de eerste dag van het betreffende kalenderjaar op de ’oude wachtlijst’
stond. Dit aantal dient overeen te komen met de ’ eindstand’ die
is opgegeven in tabel 1 van de jaarstatistiek 1998.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">uitstroom</nadruk> wordt het aantal personen aangegeven
dat in het betreffende kwartaal niet meer tot de <nadruk type="cur">oude</nadruk> wachtlijst
wordt gerekend. Het gaat hierbij om de volgende twee groepen:</al>
      <al>- de personen omtrent wie in het betreffende kwartaal een beslissing
omtrent <nadruk type="cur">indicatie</nadruk> is genomen (doelgroep, onderzijde of bovenzijde);
voor vermelding is de dag bepalend waarop op grond van de nieuwe Wsw de formele
beslissing is genomen omtrent de toelating tot de sociale werkvoorziening;</al>
      <al>- de personen die om <nadruk type="cur">andere redenen</nadruk> - zoals overdracht
aan een andere gemeente, terugtrekking of overlijden - niet meer tot de wachtlijst
worden gerekend; voor vermelding is de dag bepalend waarop de formele beslissing
is genomen dat de betrokkene niet meer tot de wachtlijst wordt gerekend.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">eindstand</nadruk> wordt het aantal personen vermeld dat
op de laatste dag van het betreffende kalenderjaar tot de ’oude wachtlijst’
wordt gerekend. Dat wil zeggen de beginstand verminderd met de personen die
in de vier onderscheiden kwartalen worden vermeld onder ’uitstroom’.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">afwijking van advies</nadruk> wordt voor elk van de onderscheiden
categorieën vermeld in hoeveel gevallen de gemeente een beslissing heeft
genomen die afwijkt van het advies van de indicatiecommissie. Alleen de eventueel
afwijkende beslissingen worden vermeld.</al>
      <al>Voor vermelding in de tabel is de beslissing van de gemeente bepalend.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voorbeeld</al>
      <al>De gemeente heeft in het afgelopen jaar in totaal 50 beslissingen genomen
in het kader van de herindicatie van de oude wachtlijst.</al>
      <al>Ten aanzien van 30 personen heeft zij besloten dat zij tot de doelgroep
behoren. In de kolom ’doelgroep’ vermeldt de gemeente in totaal
het aantal van 30. Over 2 van hen had de indicatiecommissie geoordeeld dat
zij tot de categorie ’onderzijde’ behoren en van 3 tot de categorie ’bovenzijde’.
Bij ’afwijking van advies’ wordt het aantal van 5 vermeld.</al>
      <al>Over de aanvraag van 10 personen heeft de gemeente besloten dat zij tot
de categorie ’onderzijde’ behoren. Van hen had de indicatiecommissie
er 2 tot de doelgroep gerekend. De gemeente vermeldt derhalve de aantallen
van 10 respectievelijk 2.</al>
      <al>Tenslotte heeft de gemeente over 10 personen de beslissing genomen dat
zij tot de categorie ’bovenzijde’ moeten worden gerekend. In al
deze gevallen had de indicatiecommissie hetzelfde advies gegeven. De gemeente
vermeldt onder ’bovenzijde’ derhalve in totaal het aantal van
10 en geeft bij ’afwijking van advies’ 0 aan.</al>
      <al>De gegevens over eventuele afwijkingen van het advies van de indicatiecommissie
worden verstrekt over de <nadruk type="cur">jaartotalen</nadruk> en worden niet uitgesplitst
naar de kwartalen.</al>
      <al>- Van degenen omtrent wie de gemeente de beslissing heeft genomen
dat deze <nadruk type="cur">niet</nadruk> tot de doelgroep moeten worden gerekend (onderzijde
of bovenzijde), houdt de gemeente een <nadruk type="cur">registratie</nadruk> bij overeenkomstig
bijlage 6 van deze regeling. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 2</tuskop>
      <al>- De in deze tabel te verstrekken gegevens hebben uitsluitend betrekking
op de personen ten aanzien van wie in het kader van de herindicatie van de
oude wachtlijst de beslissing is genomen dat deze tot de <nadruk type="cur">doelgroep</nadruk>
moeten worden gerekend.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">werkvorm</nadruk> vermeldt de gemeente het aantal personen
ten aanzien van wie zij besloten heeft dat zij <nadruk type="cur">niet</nadruk> in aanmerking
komen voor begeleid werken, maar wel voor een dienstbetrekking. Bij ’begeleid
werken’ wordt vermeld in hoeveel gevallen de gemeente daartoe wél
heeft besloten. Deze komen eveneens in aanmerking voor een dienstbetrekking.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">scholing</nadruk> worden de aantallen personen vermeld
ten aanzien van wie de gemeente heeft besloten dat zij al dan niet in aanmerking
dienen te komen voor scholing.</al>
      <al>- Beide gegevens - werkvorm en scholing - worden vermeld voor <nadruk type="cur">alle</nadruk> personen die tot de doelgroep worden gerekend. Het totale aantal
onder ’werkvorm’ en ’scholing’ vermelde personen is
komt in beide gevallen overeen met het in tabel 1 in onder ’doelgroep’
vermelde totaal.</al>
      <al>- De gegevens worden onderscheiden naar de mate van <nadruk type="cur">arbeidshandicap</nadruk> die - eveneens volgens de beslissing van de gemeente - voor de betrokkene
geldt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>- Bij de totalen wordt aangegeven of de beslissing van de gemeente
ten aanzien van elk van deze drie elementen van de beslissing eventueel <nadruk type="cur">in afwijking van het advies</nadruk> van de indicatiecommissie is.</al>
      <al>De vermelding van eventuele afwijkingen van het advies van de indicatiecommissie
verloopt op vergelijkbare wijze als in tabel 1 met betrekking tot de beslissingen
omtrent het behoren tot de doelgroep, onderzijde of onderzijde.</al>
      <al>- Bij <nadruk type="cur">arbeidshandicap</nadruk> geeft de gemeente in de kolom ’totaal’
aan tot welke mate van arbeidshandicap de gemeente heeft besloten. In de kolom ’in
afwijking van advies’ wordt vermeld in hoeveel gevallen de indicatiecommissie
eventueel heeft geadviseerd dat voor de betrokkene een andere mate van arbeidshandicap
geldt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voorbeeld</al>
      <al>De gemeente heeft ten aanzien van 10 personen besloten dat zij worden
ingedeeld in de categorie ’matig’. In de kolom ’totaal’
vermeldt de gemeente derhalve onder ’matig’ het aantal van 10.
De indicatiecommissie had ten aanzien van 2 van hen geadviseerd tot indeling
in ’licht’. In de kolom ’afwijking van advies’ wordt
derhalve onder ’matig’ het aantal van 2.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>- Bij <nadruk type="cur">werkvorm</nadruk> wordt aangegeven in hoeveel gevallen waarin
de gemeente heeft besloten dat de betrokkene niet in aanmerking dient te komen,
de indicatiecommissie had geadviseerd dat de betrokkene daarvoor wél
in aanmerking dient te komen en andersom.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voorbeeld</al>
      <al>De gemeente heeft ten aanzien van 20 personen besloten dat zij <nadruk type="cur">niet</nadruk> in aanmerking komen voor begeleid werken. Onder ’dienstbetrekking’
is derhalve in de regel ’totaal’ het aantal van 20 vermeld. De
indicatiecommissie had in 5 gevallen geadviseerd tot begeleid werken. Onder ’dienstbetrekking’
wordt derhalve op de regel ’afwijking van advies’ het aantal van
5 vermeld.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>- Bij het aspect <nadruk type="cur">scholing</nadruk> wordt voor de onderscheiden
groepen ’wel scholing’ en ’geen scholing’ op dezelfde
wijze aangegeven of de indicatiecommissie eventueel tot een ander advies kwam. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 3 en 4</tuskop>
      <al>- Deze tabellen hebben betrekking op <nadruk type="cur">nieuwe aanmeldingen</nadruk>.
Dat wil zeggen de personen omtrent wier aanvraag om toelating tot de sociale
werkvoorziening eerst <nadruk type="cur">na 1 januari 1998</nadruk> een formele beslissing
op grond van de nieuwe Wsw is genomen, ook als de aanvraag voor 1 januari
1998 was ingediend.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ten aanzien van de beslissing indicatie; de kolommen ’doelgroep’, ’bovenzijde’
en ’onderzijde’, geldt het volgende:</al>
      <al>Alleen beslissingen naar aanleiding van een aanvraag worden vermeld. <nadruk type="cur">Buiten beschouwing</nadruk> blijven beslissingen over personen:</al>
      <al>- die reeds op de nieuwe wachtlijst waren opgenomen in het kader
van de <nadruk type="cur">herindicatie;</nadruk></al>
      <witreg></witreg>
      <al>- die tot het <nadruk type="cur">werknemersbestand</nadruk> behoren, bijvoorbeeld
in verband met een verzoek om voor begeleid werken in aanmerking te komen
(zie voor deze categorie tabel 16);</al>
      <al>- die gebruik maken van de <nadruk type="cur">terugkeergarantie</nadruk> en na plaatsing
op de wachtlijst bij voorrang worden geplaatst in het werknemersbestand (zie
voor deze categorie tabel 6). </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 3</tuskop>
      <al>- Evenals in tabel 1 wordt het aantal aanvragen om advies vermeld
dat de gemeente aan de indicatiecommissie heeft voorgelegd. Het gaat hier
om nieuwe aanmeldingen om toelating tot de Wsw en niet om de oude wachtlijst.
Bepalend voor de vermelding is de dagtekening van de brief waarmee de gemeente
het verzoek indient. Dit aantal heeft geen relatie met de beslissingen van
de gemeente die in deze tabel worden vermeld.</al>
      <al>- De criteria met betrekking tot de <nadruk type="cur">indicatie</nadruk> zijn dezelfde
als die van tabel 1, zie de betreffende toelichting. Evenals in tabel 1 wordt
per kwartaal aangegeven welke beslissingen door de gemeente zijn genomen omtrent
de toelating tot de Wsw.</al>
      <al>Omdat het hier om de indicatiebeslissing gaat van de nieuwe aanmeldingen,
is er <nadruk type="cur">geen</nadruk> sprake van een begin- en eindstand en overige uitstroom
van een <nadruk type="cur">wachtlijst</nadruk>. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 4</tuskop>
      <al>- Deze tabel is een nadere uitsplitsing van de kolom doelgroep van
tabel 3. De te verstrekken gegevens hebben derhalve uitsluitend betrekking
op de personen omtrent wie de gemeente de beslissing heeft genomen dat deze
tot de <nadruk type="cur">doelgroep</nadruk> moeten worden gerekend. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 5 en 6</tuskop>
      <al>- Deze tabellen hebben betrekking op <nadruk type="cur">alle</nadruk> personen die
op de <nadruk type="cur">nieuwe wachtlijst</nadruk> staan. Dat wil zeggen:</al>
      <al>- de personen van de <nadruk type="cur">oude wachtlijst</nadruk> ten aanzien van wie
de gemeente in het kader van de indicatie heeft besloten dat zij tot de doelgroep
behoren;</al>
      <al>- de <nadruk type="cur">nieuwe aanmeldingen</nadruk> ten aanzien van wie de gemeente
in het kader van de indicatie heeft besloten dat zij tot de doelgroep behoren;</al>
      <al>- personen die in het kader van de <nadruk type="cur">terugkeergarantie</nadruk> op
de wachtlijst worden geplaatst alvorens zij opnieuw tot het werknemersbestand
worden toegelaten; en</al>
      <al>- personen die door welke vorm van <nadruk type="cur">overdracht</nadruk> dan ook
- verhuizing of overheveling van formele bevoegdheden - tot de wachtlijst
van de gemeente zijn gaan behoren en zijn geïndiceerd op grond van de
nieuwe Wsw.</al>
      <al>Personen die voor 1-1-’98 zijn uitgestroomd met een terugkeergarantie
en die vervolgens na 1-1-’98 van de terugkeergarantie gebruik maken,
worden niet geherindiceerd en behouden derhalve hun ’oude handicapcode’.
Dit is in de regel de categorie - matig’. Deze personen kunnen
een oude handicapcode 3 of 4 hebben. Hiermee is in tabel 6 rekening gehouden;
de overige handicapcodes zijn zowel voor oude als nieuwe gevallen gelijk.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">Niet</nadruk> vermeld worden de personen die vanuit de Regeling vergoeding
persoonlijke ondersteuning gehandicapte werknemers of de Regeling samenloop
arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid tot het werknemersbestand
worden toegelaten. Deze worden immers niet op de wachtlijst geplaatst.</al>
      <al>De in deze tabellen te vermelden personen komen niet overeen met de aantallen
die in de tabellen 1 tot en met 4 zijn opgegeven als personen die op grond
van de bepalingen van de nieuwe Wsw tot de doelgroep worden toegelaten. Degenen
die door overdracht van een andere gemeente of door gebruikmaking van de terugkeergarantie
op de wachtlijst worden geplaatst, worden blijven voor de tabellen 1 tot en
met 4 immers buiten beschouwing.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">beginstand</nadruk> wordt het aantal personen vermeld dat
op de eerste dag van het kalenderjaar op de nieuwe wachtlijst stond.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">instroom</nadruk> worden <nadruk type="cur">alle</nadruk> personen vermeld
die gedurende het jaar tot de nieuwe wachtlijst worden gerekend.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">uitstroom</nadruk> worden <nadruk type="cur">alle</nadruk> personen vermeld
die gedurende het jaar niet meer tot de nieuwe wachtlijst worden gerekend.</al>
      <al>De uitstroom heeft zowel betrekking op de personen die zijn vermeld onder
de beginstand als op de personen die gedurende het jaar op de wachtlijst zijn
ingestroomd.</al>
      <al>- De uitstroom wordt onderverdeeld in de volgende categorieën:</al>
      <al>- Uitstroom naar <nadruk type="cur">dienstbetrekkingen</nadruk>. Bepalend voor de
vermelding is dat de dienstbetrekking met de gemeente in het betreffende jaar
is ingegaan.</al>
      <al>- Uitstroom naar <nadruk type="cur">arbeidsovereenkomsten</nadruk> in het kader van
begeleid werken. Bepalend voor de vermelding is dat de arbeidsovereenkomst
met de werkgever in het betreffende jaar is ingegaan.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ Overige uitstroom</nadruk>. Hierbij worden alle overige personen
vermeld die van de wachtlijst zijn uitgestroomd, ongeacht de reden daarvan.
Voorbeelden hiervan zijn:</al>
      <al>verhuizing naar een andere gemeente;</al>
      <al>terugtrekking;</al>
      <al>overlijden; of</al>
      <al>een beslissing dat de betrokkene niet langer tot de doelgroep behoort
in het kader van de herindicatie van de personen die op de nieuwe wachtlijst
zijn geplaatst.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">eindstand</nadruk> wordt het aantal personen vermeld dat
op de laatste dag van het kalenderjaar op de nieuwe wachtlijst staat.</al>
      <al>- In tabel 5 worden deze gegevens uitgesplitst naar de <nadruk type="cur">arbeidshandicap</nadruk> en in tabel 6 naar de <nadruk type="cur">handicapcode</nadruk>. Hierbij wordt in principe
de <nadruk type="cur">nieuwe</nadruk> handicapcode gehanteerd. Ten behoeve van de terugkeergarantiegevallen
op basis van de oude Wet Sociale Werkvoorziening zijn de oude handicapcodes
3 en 4 opgenomen. Deze personen keren immers terug met hun bestaande ’oude’
handicapindeling. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 7</tuskop>
      <al>- De te vermelden gegevens hebben betrekking op het totale aantal
personen dat <nadruk type="cur">gedurende het kalenderjaar</nadruk> in het werknemersbestand
is ingestroomd. Bepalend voor de vermelding is de in de arbeidsovereenkomst
met de gemeente genoemde datum waarop de dienstbetrekking ingaat en loon verschuldigd
is dan wel de eerste datum waarover de werkgever van de gemeente subsidie
ontvangt voor de plaatsing van de betrokkene.</al>
      <al>De in deze tabel te vermelden personen behoeven niet overeen te komen
met de personen die in de tabellen 5 en 6 zijn vermeld onder uitstroom naar
dienstbetrekking of naar arbeidsovereenkomst. De personen die in tabel 7 onder ’overdracht’
en ’regeling begeleid werken’ zijn vermeld, stromen immers niet
vanuit de wachtlijst het werknemersbestand in.</al>
      <al>- De betrokkene wordt vermeld in de <nadruk type="cur">eerste</nadruk> van toepassing
zijnde categorie. De volgende categorieën worden onderscheiden.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ Overdracht</nadruk>. Hieronder wordt elke vorm van overdracht
van de betrokkene naar het werknemersbestand van de gemeente verstaan, onder
meer door verhuizing van de betrokkene of door overdracht van formele bevoegdheden
tussen uitvoeringsorganen. Bepalend is dat de betrokkene onmiddellijk voorafgaand
reeds tot het werknemersbestand van de Wsw behoorde en niet op de wachtlijst
stond.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Regeling begeleid werken</nadruk>. Hier worden de personen vermeld
die voorafgaand aan de plaatsing in de Wsw onder de werkingssfeer vielen van
Regeling vergoeding persoonlijke ondersteuning gehandicapte werknemers of
de Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid.
Ook deze personen stromen direct het werknemersbestand in, zonder voorafgaande
plaatsing op de wachtlijst.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Terugkeergarantie</nadruk>. Hierbij gaat het om de personen die
vanuit de Wsw reguliere arbeid zijn gaan verrichten en opnieuw in aanmerking
worden gebracht voor plaatsing in het werknemersbestand. Deze personen zijn
eerst op de wachtlijst geplaatst.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">WW, Ioaw en Ioaz</nadruk> worden ook andere privaat- of
publiekrechtelijke uitkeringen in verband met werkloosheid aangegeven, zoals
wachtgeld. Bijstandsuitkeringen blijven hier buiten beschouwing.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">ZW, WAO</nadruk> worden ook andere privaat- of publiekrechtelijke
uitkeringen in verband met ziekte of arbeidsongeschiktheid vermeld, zoals
de vanaf 1 januari 1998 geldende Wajong (wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen
voor jongeren), de WAZ (voor zelfstandigen).</al>
      <al>- Voorbeelden van <nadruk type="cur">andere inkomsten</nadruk> zijn bijstandsuitkeringen,
studiefinanciering en alimentatie. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 8a en 8b</tuskop>
      <al>- In deze tabellen worden alle werknemers vermeld die <nadruk type="cur">gedurende
het jaar</nadruk> voor een of meer maanden een dienstbetrekking met de gemeente
of een arbeidsovereenkomst met een werkgever hadden in het kader van begeleid
werken.</al>
      <al>- Voor de personen met een dienstbetrekking is bepalend voor de vermelding
in enige maand dat de gemeente over <nadruk type="cur">de laatste dag van de maand</nadruk>
een dienstbetrekking met de persoon had. Zogeheten ’slapers’ worden
hierbij eveneens vermeld zolang deze een dienstbetrekking met de gemeente
hebben. Slapers, ook al ontvangen die géén loon, hebben immers
nog wel een dienstbetrekking met de gemeente. Zolang die dienstbetrekking
niet verbroken is (de termijn die hiervoor geldt is ongeveer een jaar), wordt
deze gesubsidieerd.</al>
      <al>Voor de vermelding in enige maand van degenen met een arbeidsovereenkomst
is doorslaggevend dat de gemeente over <nadruk type="cur">de laatste dag van de maand</nadruk>
loonkostensubsidie is verschuldigd jegens de werkgever bij wie de betrokkene
een arbeidsovereenkomst heeft. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 9a, 9b, 10a en 10b</tuskop>
      <al>- Deze tabellen hebben, evenals 8a en 8b, betrekking op alle werknemers
die een dienstbetrekking met de gemeente of een arbeidsovereenkomst met een
werkgever hadden in het kader van begeleid werken. In deze tabellen worden
echter alleen degenen vermeld die op <nadruk type="cur">de laatste dag van het kalenderjaar</nadruk> een dienstbetrekking of arbeidsovereenkomst hadden, inclusief de slapers,
zie opmerking bij tabellen 8a en 8b. De hier te vermelden aantallen komen
dus overeen met die bij ’maand 12’ in de tabellen 8a en 8b.</al>
      <al>- Onder <nadruk type="cur">intern</nadruk> worden de personen met een dienstbetrekking
vermeld die de werkzaamheden verrichten onder begeleiding van leidinggevend
personeel dat in dienst is van de Wsw-uitvoeringsorganisatie, ongeacht de
plaats waar de werkzaamheden worden verricht. Werknemers bijvoorbeeld die
onder leiding van een voorman van de Wsw-organisatie op locatie groenwerkzaamheden
verrichten, worden derhalve vermeld onder ’intern’.</al>
      <al>Onder <nadruk type="cur">extern</nadruk> worden de personen met een dienstbetrekking vermeld
die de werkzaamheden verrichten onder begeleiding van leidinggevend personeel
dat <nadruk type="cur">niet</nadruk> in dienst is van de Wsw-uitvoeringsorganisatie. Werknemers
die worden geplaatst bij een opdrachtgever die ook zorgdraagt voor de begeleiding
van de werkzaamheden, worden derhalve onder ’extern’ opgegeven.</al>
      <al>- Personen die <nadruk type="cur">direct instromen</nadruk> vanuit de bestaande regelingen
voor <nadruk type="cur">begeleid werken</nadruk> (Regeling vergoeding persoonlijke ondersteuning
gehandicapte werknemers en de Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering
met inkomsten uit arbeid) worden ingedeeld in de <nadruk type="cur">arbeidshandicap</nadruk>
matig. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 11 en 12</tuskop>
      <al>- In deze tabellen vindt een opgave plaats van de omvang van de <nadruk type="cur">dienstbetrekkingen</nadruk> op de laatste dag van het onderhavige jaar, uitgesplitst
naar loonschaal en regelnummer.</al>
      <al>Alleen degenen worden vermeld jegens wie de gemeente over de laatste dag
van het jaar loon verschuldigd is. Degenen die behoren tot het ’slapende
bestand’ worden hierin niet opgenomen. Het totaal aantal slapers wordt
gevonden door de totalen van de tabellen 10b en 11 te salderen.</al>
      <al>Bij deze tabellen blijven degenen buiten beschouwing met een <nadruk type="cur">arbeidsovereenkomst</nadruk> in het kader van begeleid werken.</al>
      <al>- De te vermelden aantallen worden uitgedrukt in <nadruk type="cur">fte’s.</nadruk></al>
      <al>- De indeling naar <nadruk type="cur">loonschalen en regelnummers</nadruk> vindt plaats
overeenkomstig het Besluit rechtspositie en arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening,
zoals dit op 31 december 1997 van toepassing was, en die worden overgenomen
in de vanaf 1 januari 1998 geldende CAO waarbij de VNG als werkgeversorganisatie
betrokken is.</al>
      <al>- Het voor de indeling te hanteren maandloon is <nadruk type="cur">zonder</nadruk>
toeslagen en andere vergoedingen.</al>
      <al>- Degenen met een <nadruk type="cur">garantieloon</nadruk> worden, bij de schaal waarin
zij volgens de functieclassificatie zijn ingedeeld, vermeld bij het regelnummer
dat overeenkomt met het feitelijk verschuldigde loon.</al>
      <al>- Werknemers met een <nadruk type="cur">werktijdverkorting</nadruk> op grond van medische
redenen die korter duurt dan een aaneengesloten periode van 12 maanden, worden
vermeld volgens de laatst vastgestelde indeling <nadruk type="cur">zonder</nadruk> rekening
te houden met deze werktijdverkorting.</al>
      <al>- Bepalend voor de vermelding in de tabellen voor personen jonger
dan 23 jaar dan wel van 23 jaar of ouder is de <nadruk type="cur">leeftijd</nadruk> op de laatste
dag van het jaar. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 13</tuskop>
      <al>- Evenals de tabellen 11 en 12 heeft deze tabel betrekking op de
personen die op de laatste dag van het jaar een <nadruk type="cur">dienstbetrekking</nadruk>
hebben bij de gemeente. Degenen met een arbeidsovereenkomst in het kader van
begeleid werken blijven buiten beschouwing.</al>
      <al>- Vermeld wordt de eventueel ontvangen uitkeringen in verband met
ziekte of arbeidsongeschiktheid dat de betrokkene <nadruk type="cur">over de laatste dag</nadruk> van het kalenderjaar ontvangt. Het moment waarop deze inkomsten feitelijk
worden ontvangen is niet van belang.</al>
      <al>- De toelichting op tabel 7 is van toepassing voor wat onder de ziekte-
of arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt verstaan. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabellen 14 en 15</tuskop>
      <al>- Bepalend voor de vermelding is dat de <nadruk type="cur">laatste dag</nadruk> waarop
de dienstbetrekking met de gemeente of de subsidieverlening aan de werkgever
in het kader van begeleid werken is beëindigd, in het betreffende kalenderjaar
ligt.</al>
      <al>De in deze tabellen te vermelden aantallen komen derhalve overeen met
het aantal beëindigde arbeidsplaatsen dat ten grondslag ligt aan de berekening
van het netto uitstroompercentage als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel
m, van het Besluit financieel verdeelmodel sociale werkvoorziening.</al>
      <al>Uitzondering hierop zijn degenen die direct aansluitend op de beëindiging
van de Wsw-arbeidsplaats uitstromen naar reguliere arbeid. Deze blijven buiten
beschouwing bij de berekening van het netto uitstroompercentage, maar worden
wel in deze tabellen vermeld (eerste kolom).</al>
      <al>- Vermeld wordt de situatie van de betrokkene <nadruk type="cur">direct aansluitend</nadruk> op de dienstbetrekking of het begeleid werken.</al>
      <al>- De volgende categorieën worden onderscheiden:</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ Doorstroom:</nadruk> het gaan verrichten van arbeid op basis
van een arbeidsovereenkomst onder normale omstandigheden zoals bedoeld in
artikel 1, vijfde lid, van het Besluit financieel verdeelmodel sociale werkvoorziening.
Dit is de categorie die gebruikelijk als ’doorstroom’ wordt aangemerkt.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ WAO-uitkering:</nadruk> elke uitkering op grond van een publiek-
of privaatrechtelijke arbeidsongeschiktheidsregeling verstaan, met inbegrip
van uitkeringen op grond van de Wajong en de WAZ. Uitkeringen op grond van
de Ziektewet of loondoorbetalingen tijdens ziekte blijven buiten beschouwing.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ Overdracht naar andere gemeente:</nadruk> Hieronder wordt elke
vorm van overdracht van de betrokkene uit het werknemersbestand van de gemeente
verstaan, onder meer door verhuizing van de betrokkene of door overdracht
van formele bevoegdheden tussen uitvoeringsorganen. Bepalend is dat de betrokkene
onmiddellijk voorafgaand reeds tot het werknemersbestand van de Wsw behoorde
en niet op de wachtlijst stond. Dit gegeven is omgekeerd aan dat in tabel
7.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Andere voorziening</nadruk>: daadwerkelijke plaatsing in of plaatsing
op de wachtlijst voor een voorziening zoals dagopvang voor ouderen of een
psychiatrische inrichting.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Overige redenen:</nadruk> ontslag omdat de betrokkene niet meer
tot de doelgroep wordt gerekend, overlijden, verhuizing, (formele) overdracht
aan een andere Wsw-uitvoeringsorganisatie en elke andere niet hierboven genoemde
situatie. </al>
      <tuskop letat="cur">Tabel 16</tuskop>
      <al>In deze tabel wordt het aantal werknemers vermeld van de populatie ultimo
1997 waarvan het gemeentebestuur, na verzoek van betrokkene, heeft besloten
dat deze voor begeleid werken in aanmerking komt ingevolge hoofdstuk 3 van
de wet. Het gaat hierbij derhalve om de personen die behoren tot het ’oude’
werknemersbestand. Daarnaast wordt in deze tabel een opgave gevraagd van het
aantal beslissingen dat afwijkt van het advies van de indicatiecommissie. </al>
      <tuskop letat="vet">Bijlage 6 </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Registratie herindicatie oude wachtlijst</tuskop>
      <al>De in artikel 2, zesde lid, bedoelde gegevens die ten minste zijn opgenomen
in de registratie met betrekking tot de personen die op 31 december 1997 tot
de wachtlijst behoorden en over wie de gemeente na 1 januari 1998 de beslissing
heeft genomen dat zij niet tot de doelgroep behoren, zijn: </al>
      <tuskop letat="cur">1. Persoonsgegevens</tuskop>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ sofinummer</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ naam, adres, woonplaats</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ geboortedatum</nadruk>
      </al>
      <tuskop letat="cur">2. Plaatsing op de wachtlijst en indicatie</tuskop>
      <al>a. De <nadruk type="cur">datum van de plaatsing</nadruk> op de wachtlijst op grond van
de oude WSW.</al>
      <al>b. De <nadruk type="cur">datum van de beslissing</nadruk> op grond van de nieuwe Wsw dat
de betrokkene niet tot de doelgroep behoort.</al>
      <al>c. De <nadruk type="cur">categorie</nadruk> waarin de betrokkene op grond van deze beslissing
is ingedeeld:</al>
      <al>- <nadruk type="cur">onderzijde</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">bovenzijde</nadruk>. </al>
      <tuskop letat="cur">3. Inkomen</tuskop>
      <al>De <nadruk type="cur">bron</nadruk> waaruit de betrokkene zijn hoogste inkomen ontving
ten tijde van het onderzoek dat is uitgevoerd ten behoeve van de herindicatie,
ingedeeld in een van de volgende categorieën:</al>
      <al>- <nadruk type="cur">werkloosheidsuitkering</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">arbeidsongeschiktheidsuitkering</nadruk>;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ bijstandsuitkering;</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ inkomsten uit arbeid;</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ andere inkomsten;</nadruk>
      </al>
      <al>- <nadruk type="cur">geen inkomsten.</nadruk></al>
      <tuskop letat="cur">4. Toeleiding tot de arbeidsmarkt</tuskop>
      <al>a. <nadruk type="cur">WIW-verklaring</nadruk></al>
      <al>b. De <nadruk type="cur">instantie</nadruk> die verantwoordelijk is voor de toeleiding
van de betrokkene (categorie ’bovenzijde’) tot de arbeidsmarkt,
ingedeeld in een van de volgende categorieën (meerdere mogelijkheden):</al>
      <al>- <nadruk type="cur">uitvoeringsinstelling werknemersverzekeringen</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">gemeentelijke sociale dienst</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">uitvoeringsorganisatie Wiw</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">uitvoeringsorgaan Wsw</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Arbeidsvoorzieningsorganisatie</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">overig</nadruk>.</al>
      <al>c. De <nadruk type="cur">voorzieningen</nadruk> die daadwerkelijk zijn toegepast om de
arbeidsmarktmogelijkheden van de betrokkene te vergroten, ingedeeld in een
van de volgende categorieën:</al>
      <al>- <nadruk type="cur">opstellen bemiddelingsplan voor arbeidstoeleiding;</nadruk></al>
      <al>- <nadruk type="cur">onderzoek naar de arbeidsmarktmogelijkheden</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">scholing</nadruk>;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ sollicitatietraining;</nadruk>
      </al>
      <al>- <nadruk type="cur">werkplekaanpassing</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">vervoersvoorzieningen</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">werkbegeleiding</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">loonkostensubsidie aan de werkgever</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">financiële incentive aan de betrokkene</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">andere voorziening</nadruk>.</al>
      <al>d. De <nadruk type="cur">aard</nadruk> van de arbeid die de betrokkene is gaan verrichten,
ingedeeld in een van de volgende categorieën:</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ niet-gesubsidieerde arbeid;</nadruk>
      </al>
      <al>- <nadruk type="cur">Wiw-dienstbetrekking</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Wiw-werkervaringsplaats</nadruk>;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">andere arbeid</nadruk>.</al>
      <al>e. De <nadruk type="cur">datum</nadruk> van de aanvaarding van de onder d. genoemde arbeid. </al>
      <tuskop letat="cur">5. Plaatsing in een zorgvoorziening</tuskop>
      <al>Voor zover de betrokkene is ingedeeld in de categorie ’onderzijde’:</al>
      <al>a. Daadwerkelijke <nadruk type="cur">plaatsing</nadruk> van de betrokkene in een zorgvoorziening
ten tijde van het onderzoek dat is uitgevoerd in het kader van de herindicatie
of opgenomen zijn op een <nadruk type="cur">wachtlijst</nadruk> voor een dergelijke plaatsing.</al>
      <al>b. Voor zover a. niet van toepassing is, de <nadruk type="cur">datum</nadruk> van daadwerkelijke
plaatsing in een zorgvoorziening of opname op een wachtlijst voor een dergelijke
plaatsing. </al>
      <tuskop letat="cur">Overige uitstroomredenen uit deze registratie</tuskop>
      <al>Hierbij worden alle redenen vermeld die verdere registratie niet langer
noodzakelijk maken, waarbij in ieder geval een onderscheid gemaakt dient te
worden naar de hieronder aangegeven redenen:</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ verhuizing naar een andere gemeente;</nadruk>
      </al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ terugtrekking/zelf werk gevonden;</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ overlijden</nadruk>.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ leeftijd van 65 jaar bereikt;</nadruk>
      </al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ overige redenen.</nadruk>
      </al>
      <tuskop letat="vet">Toelichting </tuskop>
      <tuskop letat="vet">Algemeen </tuskop>
      <tuskop letat="cur">Doel en aard van de registratie</tuskop>
      <al>- Op grond van artikel 2, zesde lid, van deze regeling voeren de
gemeenten een registratie van de personen die op 31 december 1997 op de wachtlijst
stonden en die volgens de criteria van de nieuwe Wsw niet meer tot de doelgroep
worden gerekend. Doel van de registratie is een landelijk beeld te kunnen
vormen over de omvang en samenstelling van de betreffende groep en de <nadruk type="cur">realisatie</nadruk> van arbeidsplaatsen of opvang voor deze personen buiten het
kader van de Wsw en van de daartoe <nadruk type="cur">ingezette instrumenten</nadruk>. </al>
      <tuskop letat="cur">Organisatie die de registratie voert</tuskop>
      <al>- De registratie wordt gevoerd door de <nadruk type="cur">gemeente</nadruk> of <nadruk type="cur">het openbaar lichaam</nadruk> op grond van de Wgr dat in het kader van herindicatie
van de oude wachtlijst de beslissing tot toelating tot de sociale werkvoorziening
heeft genomen. </al>
      <tuskop letat="cur">Duur van de registratie</tuskop>
      <al>- De registratie wordt in beginsel <nadruk type="cur">tot en met het jaar 2000</nadruk> gevoerd. Indien daartoe aanleiding is, kan de verplichting tot registratie
worden verlengd. </al>
      <tuskop letat="cur">Bewaartermijn</tuskop>
      <al>- De in de registratie opgenomen informatie wordt tenminste gedurende
5 jaren bewaard. </al>
      <tuskop letat="cur">Vormvereisten aan de registratie</tuskop>
      <al>- Aan de registratie worden <nadruk type="cur">geen andere eisen</nadruk> gesteld
dan dat de vermelde gegevens met de daarbij aangegeven onderverdelingen daarin
zijn opgenomen. Het staat de gemeenten geheel vrij om in de registratie ook
alle andere gegevens en bescheiden op te nemen die zij nuttig achten in verband
met de zorg voor de betreffende groep. </al>
      <tuskop letat="cur">Periodiciteit van bijwerking van de registratie</tuskop>
      <al>- De registratie wordt <nadruk type="cur">eenmaal per kwartaal</nadruk> bijgewerkt
naar de toestand op de eerste dag van het kwartaal. </al>
      <tuskop letat="cur">Wijze van verstrekking van het afschrift</tuskop>
      <al>- De gemeenten verstrekken op verzoek van het ministerie van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid aan dat ministerie of aan derden die in opdracht
van het ministerie onderzoek verrichten, een afschrift van de registratie.
Van de gemeenten wordt niet verlangd dat zij hierbij een selectie maken naar
personen of kenmerken dan wel andere bewerkingen uitvoeren op de geregistreerde
gegevens.</al>
      <al>- De <nadruk type="cur">gegevensdrager</nadruk> van het afschrift staat de gemeente
vrij, zolang deze met algemeen gangbare hulpmiddelen leesbaar is. Het is op
zich geen bezwaar als op het afschrift ook <nadruk type="cur">andere gegevens</nadruk> zijn
opgenomen dan die zijn voorgeschreven.</al>
      <al>- De verstrekking van het afschrift vindt op zodanige wijze plaats
dat op eenvoudige wijze herkenbaar is van welke gemeente de gegevens afkomstig
zijn. Dat kan plaatsvinden door vermelding van de betreffende gemeentenaam
op elk van de te verstrekken afschriften of door een bundeling van de afschriften. </al>
      <tuskop letat="cur">Personenkring van de registratie</tuskop>
      <al>- De registratie heeft betrekking op de personen die op 31 december
1997 op de <nadruk type="cur">wachtlijst van de oude WSW</nadruk> stonden én omtrent
wie op grond van de nieuwe Wsw in het kader van de herindicatie de beslissing
is genomen dat deze <nadruk type="cur">niet tot de doelgroep</nadruk> moeten worden gerekend.</al>
      <al>Dat wil zeggen dat:</al>
      <al>- de betrokkene op grond van de oude WSW tot de doelgroep was gerekend
en op 31 december 1997 nog niet was ingestroomd in het werknemersbestand; én</al>
      <al>- de gemeente na 1 januari 1998, volgens de procedure en de criteria
van de nieuwe Wsw, de beslissing heeft genomen dat deze niet dient te worden
toegelaten tot de sociale werkvoorziening.</al>
      <al>- De registratie heeft <nadruk type="cur">geen betrekking</nadruk> op degenen die
eerst na 1 januari 1998 op de wachtlijst zijn geplaatst en omtrent wie in
het kader van de reguliere herindicatie de beslissing is genomen dat zij niet
tot de doelgroep van de sociale werkvoorziening worden gerekend. Zij behoren
immers niet tot de oude wachtlijst.</al>
      <al>- De betrokkenen zijn overigens op grond van artikel 15, vierde lid,
van de Wsw gehouden de gemeenten de nodige inlichtingen te verstrekken. Het
voeren van de registratie is immers een wettelijke verplichting van de gemeente. </al>
      <tuskop letat="cur">Reikwijdte van de te registreren gegevens</tuskop>
      <al>- De gevraagde gegevens worden in de registratie opgenomen van <nadruk type="cur">alle</nadruk> betrokken personen <nadruk type="cur">ongeacht</nadruk> de organisatie die verantwoordelijk
is voor de toeleiding tot de arbeidsmarkt.</al>
      <al>Als het uitvoeringsorgaan WAO in het betrokken geval verantwoordelijk
is voor de reïntegratie van de betrokkene in het arbeidsproces, dient
deze de gemeente de nodige gegevens te verstrekken opdat de gemeente in staat
is de registratie te voeren.</al>
      <al>Betrokken organen zijn op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wsw
verplicht de gemeente de inlichtingen te verstrekken die de gemeente behoeft
voor uitvoering van de Wsw. Dat heeft ook betrekking op de informatie die
nodig is voor het voeren van de onderhavige registratie. </al>
      <tuskop letat="cur">Periode waarover de gegevens worden vastgelegd</tuskop>
      <al>- De gevraagde gegevens worden vastgelegd <nadruk type="cur">vanaf</nadruk> het tijdstip
van het besluit van de gemeente dat de betrokkene niet meer tot de doelgroep
van de Wsw wordt gerekend <nadruk type="cur">tot</nadruk> het tijdstip waarop de betrokkene
arbeid aanvaardt dan wel is geplaatst in een zorgvoorziening, <nadruk type="cur">ongeacht
de duur van de arbeid of de duur van de plaatsing.</nadruk></al>
      <al>Als de betrokkene ten tijde van het onderzoek voor de indicatie arbeid
verricht of reeds in een zorgvoorziening was geplaatst, behoeven alleen de
op dat moment relevante gegevens te worden vastgelegd. Er vindt dan geen verdere
registratie plaats.</al>
      <al>Als personen, door overlijden, het bereiken van de pensioengerechtigde
leeftijd e.d., niet langer beschikbaar zijn voor arbeid of een plaatsing vindt
ook geen verdere registratie plaats. De gegevens dienen daarna wel beschikbaar
te blijven voor het ministerie.</al>
      <al>- De onder 4a en 5b vermelde gegevens omtrent de toegepaste voorzieningen
worden <nadruk type="cur">cumulatief</nadruk> vastgelegd. Gegevens over eventueel verdere toegepaste
voorzieningen worden toegevoegd aan de gegevens die al eerder in de registratie
waren opgenomen. </al>
      <tuskop letat="vet">Toelichting bij de vast te leggen gegevens </tuskop>
      <tuskop letat="cur">1. Persoonsgegevens</tuskop>
      <al>- <nadruk type="cur">Sofi-nummer</nadruk>: het sociaal-fiscaal nummer wordt altijd
vermeld. Het sofinummer biedt de mogelijkheid tot statistische analyses die
gebaseerd zijn op koppelingen met andere gegevensbestanden.</al>
      <al>- <nadruk type="cur">Naam, adres, woonplaats</nadruk>: Deze gegevens kunnen noodzakelijk
zijn voor nader onderzoek dat in opdracht van de minister door de door hem
aangewezen personen en/of instanties wordt verricht. </al>
      <tuskop letat="cur">2. Plaatsing op de wachtlijst en herindicatie</tuskop>
      <al>- Onder de gebruikte begrippen wordt verstaan:</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ onderzijde</nadruk>: de personen omtrent wie de gemeente de beslissing
heeft genomen dat deze ‐ ook met vérstrekkende voorzieningen of
maatregelen ‐ niet in staat zijn regelmatige arbeid in WSW-verband te
verrichten;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ bovenzijde</nadruk>: de personen omtrent wie de gemeente de beslissing
heeft genomen dat deze ‐ al dan niet met te treffen voorzieningen of
maatregelen ‐ in staat zijn in een overigens normale werkomgeving arbeid
te verrichten. </al>
      <tuskop letat="cur">3. Inkomen</tuskop>
      <al>- Onder de gebruikte begrippen wordt verstaan:</al>
      <al>- <nadruk type="cur">werkloosheidsuitkering</nadruk>: uitkeringen op grond van de
WW, Ioaw, Ioaz en andere privaat- of publiekrechtelijke uitkeringen in verband
met werkloosheid, niet zijnde een bijstandsuitkering;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ arbeidsongeschiktheidsuitkering</nadruk>: uitkeringen op grond
van de ZW, WAO, de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen voor jongeren
(Wajong) en zelfstandigen (WAZ) of andere privaat- of publiekrechtelijke uitkeringen
in verband met ziekte of arbeidsongeschiktheid;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">inkomsten uit arbeid</nadruk>: inkomsten uit arbeid in dienstbetrekking
of uit bedrijf of zelfstandig beroep;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ andere inkomsten</nadruk>: studietoelagen op grond van de Wet
op de studiefinanciering, alimentatie en alle andere inkomsten die strekken
tot de voorziening in het levensonderhoud. </al>
      <tuskop letat="cur">4. Toeleiding tot de arbeidsmarkt</tuskop>
      <al>- De in dit onderdeel opgenomen gegevens worden <nadruk type="cur">alleen</nadruk>
geregistreerd voor degenen die om redenen van het behoren tot de <nadruk type="cur">bovenzijde</nadruk> niet tot de doelgroep worden gerekend (zie 2c).</al>
      <al>- <nadruk type="cur">WIW-verklaring:</nadruk> Voor een dienstbetrekking of werkervaringsplaats
komt alleen de langdurig werkloze in aanmerking voor wie een WIW-verklaring
is verstrekt. Een dergelijke verklaring wordt verstrekt door Arbeidsvoorziening
op basis van een kwalificerende intake van werklozen die zijn ingedeeld in
fase 3 of 4.</al>
      <al>- Bij de vermelding van de <nadruk type="cur">instantie</nadruk> is bepalend welke
organisatie in het betrokken geval verantwoordelijk is voor de toeleiding
tot de arbeidsmarkt.</al>
      <al>- Vermeld worden de <nadruk type="cur">arbeidsmarktvoorzieningen</nadruk> die daadwerkelijk
ten behoeve van de betrokkene zijn toegepast. Niet van belang is welke organisatie
met de praktische toepassing daarvan is belast.</al>
      <al>Scholing wordt vermeld op het moment dat de betrokkene feitelijk een opleiding
is gaan volgen. Niet van belang is of deze ook - met resultaat -
is beëindigd.</al>
      <al>Vermelding van werkplekaanpassing, vervoersvoorzieningen, werkbegeleiding
of loonkostensubsidie zal doorgaans samenvallen met het aanvaarden van de
arbeid ten behoeve waarvan deze aanpassing heeft plaatsgevonden.</al>
      <al>- Onder de gebruikte begrippen wordt verder verstaan:</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ opstellen bemiddelingsplan voor arbeidstoeleiding</nadruk>: een
inschrijving bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie of een andere organisatie
met het oog op bemiddeling naar arbeid in dienstbetrekking;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ onderzoek naar de arbeidsmarktmogelijkheden</nadruk>: een onderzoek
dat wordt verricht om een oordeel te vormen over de kansen van de betrokkene
om arbeid in dienstbetrekking te verkrijgen en over de wijze waarop deze kansen
kunnen worden vergroot;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ scholing</nadruk>: elke opleiding, ongeacht de aard of duur daarvan,
die erop gericht is de vaardigheden van de betrokkene te vergroten om arbeid
te verrichten of in een arbeidsomgeving te functioneren;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ sollicitatietraining:</nadruk> Onder begeleiding van een consulent
van het arbeidsbureau het trainen van het schrijven van sollicitatiebrieven
en het voeren van sollicitatiegesprekken. Daarnaast wordt aandacht besteed
aan effectief en efficiënt zoekgedrag.</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ werkplekaanpassing</nadruk>: elke specifiek met het oog op diens
fysieke, mentale of geestelijke mogelijkheden aangebrachte wijziging of toevoeging
aan een arbeidsplaats of arbeidsomgeving om de betrokkene in staat te stellen
deze arbeid te verrichten;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">vervoersvoorzieningen</nadruk>: elke voorziening die is verstrekt
met het oogmerk om de betrokkene in staat te stellen van diens woonadres de
arbeidsplaats te kunnen bereiken;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">werkbegeleiding</nadruk>: elke meer dan gebruikelijke ondersteuning
die op de arbeidsplaats aan de betrokkene wordt geboden om daar arbeid te
verrichten;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">loonkostensubsidie aan de werkgever</nadruk>: elke ‐ eenmalige
of blijvende ‐ financiële tegemoetkoming die aan de werkgever wordt
verstrekt met het oogmerk om een arbeidsverhouding aan te gaan of voort te
zetten met de betrokkene;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">financiële incentive aan de betrokkene</nadruk>: elk bedrag
dat naast de gebruikelijke uitkering of arbeidsbeloning aan de betrokkene
wordt verstrekt in verband met het aanvaarden of behouden van arbeid;</al>
      <al>
        <nadruk type="cur">‐ andere voorziening</nadruk>: alle andere activiteiten of voorzieningen
die tot doel hebben de betrokkene feitelijk werkzaam te laten zijn op een
arbeidsplaats of diens kansen op het verkrijgen van arbeid te vergroten;</al>
      <al>- <nadruk type="cur">arbeid in dienstbetrekking</nadruk>: alle arbeid die in het kader
van een arbeidsovereenkomst wordt verricht ongeacht eventuele subsidies of
andere tegemoetkomingen aan de werkgever voor het in dienst nemen of houden
van de betrokkene, niet zijnde arbeid in het kader van de Wsw of Wiw. </al>
      <tuskop letat="cur">5. Plaatsing in een zorgvoorziening</tuskop>
      <al>- De in dit onderdeel opgenomen gegevens worden <nadruk type="cur">alleen</nadruk>
geregistreerd voor degenen die om redenen van het behoren tot de <nadruk type="cur">onderzijde</nadruk> niet tot de doelgroep worden gerekend (zie 2c).</al>
      <al>- Onder een <nadruk type="cur">zorgvoorziening</nadruk> worden voorzieningen verstaan
waarin de betrokkene voor ten minste een deel van de dag een volledige verzorging
heeft, zoals een dagverblijf voor ouderen of een psychiatrische inrichting. </al>
      <tuskop letat="cur">6. Overige uitstroom uit de wachtlijst</tuskop>
      <al>Hierbij worden alle overige personen vermeld die van de wachtlijst zijn
uitgestroomd, waarbij een onderscheid wordt gemaakt naar de aangegeven redenen.</al>
    </toelicht>
  </backm>
</stcart>