﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2026-223/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Staatsblad</titel>
    <subtitel>van het Koninkrijk der Nederlanden</subtitel>
  </kop>
  <staatsblad>
    <intitule>Besluit van 9 juli 2026 tot wijziging van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft en enige andere besluiten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingsbesluit financiële markten 2026)</intitule>
    <wet-besluit>
      <aanhef>
        <wij>Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.</wij>
        <considerans>
          <considerans.al bevat="voordracht">Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 17 maart 2026, 2025-0000463239, directie Financiële Markten;</considerans.al>
          <considerans.al bevat="grondslag">Gelet op de artikelen 1:81, eerste lid, 2:81, vierde lid, 3:259, vierde lid, 4:14, tweede lid, aanhef en onderdeel c, 4:15, tweede lid, aanhef en onderdeel b, onder 2°, 4:16, derde lid, aanhef en onderdeel a, 4:26, achtste lid, 4:34, derde lid, en 4:87, tweede lid, van de Wet op het financieel toezicht, artikel 49, eerste lid, van de Wet toezicht trustkantoren 2018 en artikel 3:4, derde lid, van de Wet financiële markten BES;</considerans.al>
          <considerans.al bevat="gehoord">De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 27 mei 2026, nr. W06.26.00088/III);</considerans.al>
          <considerans.al bevat="gezien">Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 7 juli 2026, 2026-0000262297, directie Financiële Markten;</considerans.al>
        </considerans>
        <afkondiging>
          <al>Hebben goedgevonden en verstaan:</al>
        </afkondiging>
      </aanhef>
      <wettekst>
        <wijzig-artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">I</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">Het <nadruk type="vet">Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft</nadruk> wordt gewijzigd als volgt:</wat>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">A</lidnr>
            <wat>In artikel 31j wordt «De artikelen 32 tot 32c zijn» vervangen door «Artikel 32a is».</wat>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">B</lidnr>
            <wat>In artikel 38i wordt «de toezichthouder» vervangen door «de Autoriteit Financiële Markten».</wat>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">C</lidnr>
            <wat>Onder verlettering van artikel 38l tot 38n wordt een artikel ingevoegd, luidende:</wat>
            <wijziging>
              <artikel status="goed">
                <kop>
                  <label>Artikel</label>
                  <nr status="officieel">38l</nr>
                </kop>
                <lid>
                  <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
                  <al>Een aanbieder van een beleggingsobject, aanbieder van krediet, bemiddelaar, adviseur, gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent houdt een overzicht bij van de werkzaamheden die zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed.</al>
                </lid>
                <lid>
                  <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
                  <al>De financiëledienstverlener, bedoeld in het eerste lid, legt de overeenkomst met de derde waaraan werkzaamheden worden uitbesteed schriftelijk vast.</al>
                </lid>
                <lid>
                  <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
                  <al>In de overeenkomst worden in ieder geval vastgelegd:</al>
                  <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                    <li>
                      <li.nr>a.</li.nr>
                      <al>de rechten en verplichtingen van de financiëledienstverlener en de derde waaraan de werkzaamheden worden uitbesteed; en</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>b.</li.nr>
                      <al>de wijze waarop de overeenkomst kan worden beeïndigd.</al>
                    </li>
                  </lijst>
                </lid>
              </artikel>
            </wijziging>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">D</lidnr>
            <wat>In het opschrift van paragraaf 8.2.1 vervalt «4:23, vijfde lid, aanhef en onderdeel e,»</wat>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">E</lidnr>
            <wat>Na paragraaf 9.1.2 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:</wat>
            <wijziging>
              <wijzig-divisie soort="paragraaf" opmaak="default">
                <kop>
                  <label>§</label>
                  <nr status="officieel">9.1.2a.</nr>
                  <titel>Bewaarders</titel>
                </kop>
                <?xpp qa?>
                <?xpp lead;1?>
                <wijzig-divisie soort="onbekend" opmaak="default">
                  <kop>
                    <titel>Bepalingen ter uitvoering van artikel 4:26, achtste lid, van de wet</titel>
                  </kop>
                  <artikel status="goed">
                    <kop>
                      <label>Artikel</label>
                      <nr status="officieel">99a</nr>
                    </kop>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
                      <al>Een bewaarder meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk het voornemen tot wijziging van:</al>
                      <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                        <li>
                          <li.nr>a.</li.nr>
                          <al>de personen die het dagelijks beleid van de bewaarder bepalen;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>b.</li.nr>
                          <al>de personen die het beleid van de bewaarder bepalen of mede bepalen;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>c.</li.nr>
                          <al>de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de bewaarder.</al>
                        </li>
                      </lijst>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
                      <al>De bewaarder geeft geen uitvoering aan het voornemen bedoeld in het eerste lid voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent de instemming:</al>
                      <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                        <li>
                          <li.nr>a.</li.nr>
                          <al>binnen zes weken na ontvangst van de melding; of</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>b.</li.nr>
                          <al>indien de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken na ontvangst van de melding de bewaarder of een derde om nadere gegevens heeft verzocht, binnen zes weken na ontvangst van die gegevens, doch uiterlijk binnen dertien weken na ontvangst van de melding.</al>
                        </li>
                      </lijst>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
                      <al>Indien de Autoriteit Financiële Markten een derde verzoekt om nadere gegevens als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onderdeel b, doet zij hiervan mededeling aan de bewaarder.</al>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">4.</lidnr>
                      <al>Bij de melding bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, legt de bewaarder ten aanzien van de te benoemen personen die het dagelijks beleid bepalen de volgende gegevens over:</al>
                      <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                        <li>
                          <li.nr>a.</li.nr>
                          <al>een opgave van de naam, het privéadres en de functie;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>b.</li.nr>
                          <al>een curriculum vitae;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>c.</li.nr>
                          <al>een opgave van de geldige relevante diploma’s;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>d.</li.nr>
                          <al>een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>e.</li.nr>
                          <al>een opgave van referenten.</al>
                        </li>
                      </lijst>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">5.</lidnr>
                      <al>Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, legt de bewaarder ten aanzien van te benoemen personen die het beleid zullen bepalen of mede bepalen of die onderdeel zullen zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken de volgende gegevens over:</al>
                      <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                        <li>
                          <li.nr>a.</li.nr>
                          <al>een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privéadres, het telefoonnummer en functie;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>b.</li.nr>
                          <al>een kopie van een geldig identiteitsbewijs;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>c.</li.nr>
                          <al>gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in artikel 13;</al>
                        </li>
                        <li>
                          <li.nr>d.</li.nr>
                          <al>een opgave van referenten.</al>
                        </li>
                      </lijst>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">6.</lidnr>
                      <al>Het vijfde lid, onderdelen b, c en d, is niet van toepassing indien de voorgenomen wijziging een persoon betreft wiens betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.</al>
                    </lid>
                    <lid>
                      <lidnr status="officieel">7.</lidnr>
                      <al>Dit artikel is niet van toepassing op financiële ondernemingen als bedoeld in artikel 2:3g, tweede lid, van de wet.</al>
                    </lid>
                  </artikel>
                </wijzig-divisie>
              </wijzig-divisie>
            </wijziging>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">F</lidnr>
            <wat>Artikel 115 wordt gewijzigd als volgt:</wat>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">1.</nr>
              <wat>Het zesde lid, onder 3°, komt te luiden:</wat>
              <artikeltekst>
                <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                  <li>
                    <li.nr>3°.</li.nr>
                    <al>de modelmatige waardebepaling van de woning die is beoordeeld en goedgekeurd door een deskundig en onafhankelijk taxateur, met dien verstande dat:</al>
                    <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                      <li>
                        <li.nr>a.</li.nr>
                        <al>de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 90 procent van de aldus vastgestelde waarde van de woning indien de modelmatige waarde van de woning is gebaseerd op een statistisch model dat in ten minste 90 procent van de waardebepalingen in Nederland of in een regionaal gebied dat deel uitmaakt van de gebiedsindeling opgesteld door de Coördinatiecommissie Regionaal Onderzoeksprogramma minder dan tien procent afwijkt van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning; of</al>
                      </li>
                      <li>
                        <li.nr>b.</li.nr>
                        <al>de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 70 procent van de aldus vastgestelde waarde van de woning indien de modelmatige waarde van de woning is gebaseerd op een statistisch model dat in ten minste 85 procent van de waardebepalingen in Nederland of in een regionaal gebied dat deel uitmaakt van de gebiedsindeling opgesteld door de Coördinatiecommissie Regionaal Onderzoeksprogramma minder dan vijftien procent afwijkt van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning.</al>
                      </li>
                    </lijst>
                  </li>
                </lijst>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">2.</nr>
              <wat>In het zesde lid, onder 1°, wordt «aannemingsom» vervangen door «aanneemsom».</wat>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">3.</nr>
              <wat>Het zevende lid vervalt.</wat>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">4.</nr>
              <wat>Er wordt een lid toegevoegd, luidende:</wat>
              <artikeltekst>
                <lid>
                  <lidnr status="officieel">8.</lidnr>
                  <al>De aanbieder van hypothecair krediet gebruikt uitsluitend een statistisch model als bedoeld in het zesde lid, onder 3°, dat jaarlijks door een externe accountant van de modelleverancier wordt beoordeeld waarbij de externe accountant heeft geconcludeerd dat het statistisch model voldoet aan de in het zesde lid, onder 3°, gestelde voorwaarden.</al>
                </lid>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">G</lidnr>
            <wat>In het opschrift van paragraaf 14.1 wordt «4:87, derde lid» vervangen door «4:87, tweede lid».</wat>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">H</lidnr>
            <wat>Na artikel 164 wordt een artikel ingevoegd, luidende:</wat>
            <wijziging>
              <artikel status="goed">
                <kop>
                  <label>Artikel</label>
                  <nr status="officieel">164a</nr>
                </kop>
                <al>De beleggingsonderneming stelt een werknemer aan die over voldoende vaardigheden en gezag beschikt en specifiek is belast met het toezicht op de naleving van de regels betreffende het beschermen van de rechten van cliënten op aan hen toebehorende financiële instrumenten en gelden door de beleggingsonderneming.</al>
              </artikel>
            </wijziging>
          </wijzig-lid>
        </wijzig-artikel>
        <wijzig-artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">II</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">In artikel 37, onderdeel g, van het <nadruk type="vet">Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft</nadruk> wordt «aanbieder» vervangen door «aanbieder, bemiddelaar in verzekeringen, gevolmachtigde agent en ondergevolmachtigde agent».</wat>
        </wijzig-artikel>
        <wijzig-artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">III</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">Het <nadruk type="vet">Besluit bestuurlijke boetes financiële sector</nadruk> wordt gewijzigd als volgt:</wat>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">A</lidnr>
            <wat>Artikel 10 wordt gewijzigd als volgt:</wat>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">1.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit het Algemeen deel wordt «1:76, zesde lid, aanhef en onderdeel a vervangen door «1:76, achtste lid, aanhef en onderdeel a» en «2:90, tweede lid» vervangen door «2:90».</wat>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">2.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit het Algemeen deel worden in de numerieke volgorde de volgende artikelnummers met bijbehorende boetecategorieën ingevoegd:</wat>
              <artikeltekst>
                <table tabstyle="xml2" frame="topbot" pgwide="1" rowsep="0" colsep="0">
                  <tgroup tgroupstyle="xml2" cols="2" char="" charoff="50" align="left">
                    <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="203*" />
                    <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="202*" />
                    <tbody valign="top">
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1:58, derde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>3</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2:67a, eerste en vierde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>3</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:47, vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:62h, tweede lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:62j, derde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:71a, tweede, derde, vierde en vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:76b, tweede lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>4:91c, vierde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:25p, zesde en zevende lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:32g, vierde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:88, vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>3</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:89e, eerste lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:89f eerste, tweede en vierde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:89h</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2:103b</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2:123, vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2:125, zesde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2:125a, tweede en vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1</al>
                        </entry>
                      </row>
                    </tbody>
                  </tgroup>
                </table>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">3.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit de Wet op het financieel toezicht onder het Deel Markttoegang financiële ondernemingen wordt «2:121c, eerste, vijfde en zesde lid» vervangen door «2:121c, eerste, vijfde, zesde en negende lid» en 2:121d, eerste, vijfde en zesde lid» vervangen door «2:121d, eerste, vijfde, zesde en negende lid».</wat>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">4.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit de Wet op het financieel toezicht onder het Deel Gedragstoezicht financiële markten worden in de numerieke volgorde de volgende artikelnummers met bijbehorende boetecategorieën ingevoegd:</wat>
              <artikeltekst>
                <table tabstyle="xml2" frame="topbot" pgwide="1" rowsep="0" colsep="0">
                  <tgroup tgroupstyle="xml2" cols="2" char="" charoff="50" align="left">
                    <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="202*" />
                    <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="203*" />
                    <tbody valign="top">
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:89e, eerste tot en met derde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>5:89h</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                    </tbody>
                  </tgroup>
                </table>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">5.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt de bij «38a, eerste tot en met derde lid» behorende boetecategorie «3» vervangen door boetecategorie «2».</wat>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">6.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen uit het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft worden in de numerieke volgorde de volgende artikelnummers met bijbehorende boetecategorieën ingevoegd:</wat>
              <artikeltekst>
                <table tabstyle="xml2" frame="topbot" pgwide="1" rowsep="0" colsep="0">
                  <tgroup tgroupstyle="xml2" cols="2" char="" charoff="50" align="left">
                    <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="202*" />
                    <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="203*" />
                    <tbody valign="top">
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>38l, eerste lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>38l, tweede lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>80a</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>99a, eerste en tweede lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>99a, vierde en vijfde lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>1</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>115, vierde, vijfde en achtste lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>164a</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                    </tbody>
                  </tgroup>
                </table>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
            <wijziging>
              <nr status="officieel">7.</nr>
              <wat>In de opsomming van artikelen wordt in alfabetische volgorde ingevoegd «Besluit markttoegang financiële ondernemingen Wft» met bijbehorende boetecategorieën:</wat>
              <artikeltekst>
                <table tabstyle="xml2" frame="topbot" pgwide="1" rowsep="0" colsep="0">
                  <tgroup tgroupstyle="xml2" cols="2" char="" charoff="50" align="left">
                    <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="203*" />
                    <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="202*" />
                    <tbody valign="top">
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>56c, eerste lid</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                      <row rowsep="0">
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                          <al>57</al>
                        </entry>
                        <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                          <al>2</al>
                        </entry>
                      </row>
                    </tbody>
                  </tgroup>
                </table>
              </artikeltekst>
            </wijziging>
          </wijzig-lid>
          <wijzig-lid>
            <lidnr status="officieel">B</lidnr>
            <wat>In artikel 16 wordt de bij artikel 3, vierde lid, behorende boetecategorie «2» vervangen door boetecategorie «3».</wat>
          </wijzig-lid>
        </wijzig-artikel>
        <wijzig-artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">IV</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">Artikel 3:1, derde lid, van het <nadruk type="vet">Besluit financiële markten BES</nadruk> vervalt.</wat>
        </wijzig-artikel>
        <wijzig-artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">V</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">In artikel 29.09 van het <nadruk type="vet">Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft</nadruk>wordt «artikel 2:14, eerste lid,» vervangen door «artikel 2:8».</wat>
        </wijzig-artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">VI</nr>
          </kop>
          <al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.</al>
        </artikel>
        <artikel status="goed">
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr status="officieel">VII</nr>
          </kop>
          <al>Dit besluit wordt aangehaald als: Wijzigingsbesluit financiële markten 2026.</al>
        </artikel>
      </wettekst>
      <wetsluiting status="goed">
        <slotformulering>
          <al>Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.</al>
        </slotformulering>
        <gegeven>
          <dagtekening>
            <plaats>’s-Gravenhage,</plaats>
            <datum isodatum="2026-07-09">9 juli 2026</datum>
          </dagtekening>
          <koning>Willem-Alexander</koning>
        </gegeven>
        <ondertekening>
          <functie>De Minister van Financiën,</functie>
          <naam>
            <voornaam>E.</voornaam>
            <achternaam>Heinen</achternaam>
          </naam>
        </ondertekening>
        <uitgifte>
          <datum isodatum="2026-07-23">Uitgegeven de <nadruk type="cur">drieëntwintigste</nadruk> juli 2026</datum>
          <ondertekening>
            <functie>De Minister van Justitie en Veiligheid,</functie>
            <naam>
              <voornaam>D.M. van</voornaam>
              <achternaam>Weel</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </uitgifte>
      </wetsluiting>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <titel>NOTA VAN TOELICHTING</titel>
        </kop>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Algemeen</titel>
          </kop>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">1.</nr>
              <titel>Inleiding</titel>
            </kop>
            <al>Dit besluit maakt deel uit van de jaarlijkse wijzigingscyclus van wet- en regelgeving op het terrein van de financiële markten, waarin kleinere wijzigingen worden opgenomen die geen separaat wijzigingsbesluit rechtvaardigen. Met dit besluit worden wijzigingen aangebracht in het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo), het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft (BMfo), het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector (Bbbfs), het Besluit financiële markten BES (Bfm BES) en het Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft (Bbpm).</al>
            <al>Met dit besluit wordt in het BGfo voorzien in een nadere uitwerking van de uitbestedingsregels voor financiëledienstverleners, het doorgeven van gegevenswijzigingen van de bewaarder en aan de modelmatige waardebepaling (artikelen I, onderdelen C, D, E en F). Deze wijzigingen in het BGfo worden in het algemeen deel van de toelichting onder paragraaf 2 verder behandeld. Verder wordt in paragraaf 3 de wijziging van de boetecategorie voor het opknippen trustdiensten (artikel III, onderdeel B) behandeld en in paragraaf 4 het vervallen van de periodieke betrouwbaarheidsbeoordeling in het Bfm BES (artikel IV).</al>
            <al>Voor een nadere toelichting op de overige onderdelen, die een meer technisch karakter hebben, wordt verwezen naar de artikelsgewijze toelichting bij dit besluit.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">2.</nr>
              <titel>Belangrijkste wijzigingen in het BGfo</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">2.1.</nr>
                <titel>Uitbestedingsregels voor financiëledienstverleners</titel>
              </kop>
              <al>Financiële ondernemingen kunnen werkzaamheden uitbesteden die vallen onder de definitie van uitbesteden in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Het betreft werkzaamheden die deel uitmaken van of voorvloeien uit het uitoefenen van het bedrijf van financiële onderneming of het verlenen van financiële diensten of die deel uitmaken van de wezenlijke bedrijfsprocessen ter ondersteuning daarvan. Financiële ondernemingen die werkzaamheden uitbesteden, blijven verantwoordelijk voor de naleving van de Wft. Om goed toezicht te kunnen houden op de onder toezicht staande ondernemingen, is het belangrijk dat de Autoriteit Financiële Markten (AFM) weet welke werkzaamheden door de onder toezicht staande ondernemingen zijn uitbesteed. De regels omtrent uitbesteding zijn voor financiëledienstverleners (aanbieders van een beleggingsobject, aanbieders van krediet, adviseurs, bemiddelaars, (onder) gevolmachtigde agenten) heel beperkt. Op grond van artikel 4:16, eerste lid, Wft dient een financiëledienstverlener die werkzaamheden uitbesteedt aan een derde ervoor te zorgen dat deze derde de regels naleeft die ingevolge het deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet met betrekking tot die werkzaamheden op de uitbestedende financiëledienstverlener van toepassing zijn. Verder mag een financiëledienstverlener op grond van artikel 37 BGfo geen werkzaamheden uitbesteden indien dat een belemmering vormt voor een adequaat toezicht op de naleving van het deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de Wft. Er worden verder geen regels gesteld aan de uitbesteding van werkzaamheden door financiëledienstverleners.</al>
              <al>De AFM heeft in de tweede helft van 2020 een uitvraag over uitbesteding gedaan onder financiëledienstverleners (verkenning naar uitbestedingsrisico’s bij financieeldienstverleners).<noot id="n1" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Beheerst uitbesteden. Verkenning naar uitbestedingsrisico’s bij financieel dienstverleners, AFM, 28 juni 2021.</noot.al></noot> Het doel van deze verkenning was om inzicht te krijgen in welke uitbestedingsrisico’s waar en in welke mate voorkomen en de mate waarin en de wijze waarop deze risico’s worden beheerst door financiëledienstverleners. De AFM heeft daarbij geconstateerd dat in 11 procent van de gevallen de financiëledienstverlener geen getekende overeenkomst heeft met de derde waaraan werkzaamheden zijn uitbesteed. Indien geen duidelijke afspraken zijn gemaakt tussen de financiëledienstverlener en de derde over de dienstverlening bestaat een verhoogd risico dat de kwaliteit van de dienstverlening niet voldoet aan de verwachtingen van de consument. Gelet hierop is het wenselijk om in het BGfo op te nemen dat de financiëledienstverlener dient bij te houden welke werkzaamheden zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. Verder wordt bepaald dat de financiëledienstverlener een schriftelijke overeenkomst dient te sluiten met de derde aan wie werkzaamheden worden uitbesteed. Wat er in de overeenkomst dient te worden opgenomen, is overgelaten aan de financiëledienstverlener zodat er voldoende flexibiliteit bestaat. Belangrijk is wel dat de rechten en verplichtingen van de financiëledienstverlener en de derde aan wie werkzaamheden zijn uitbesteed duidelijk zijn.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">2.2.</nr>
                <titel>Doorgeven wijzigingen gegevens bewaarder</titel>
              </kop>
              <al>Op grond van artikel 4:26, eerste lid, Wft dient een bewaarder het voornemen tot wijzigingen te melden met betrekking tot de onderwerpen waarover ingevolge artikel 2:3i Wft verstrekking van gegevens is voorgeschreven aan de AFM. Het gaat onder meer om het melden van voorgenomen wijzigingen van de dagelijks beleidsbepalers, beleidsbepalers en medebeleidsbepalers en de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de bewaarder. In het BGfo was niet geregeld welke gegevens bewaarders in zo’n geval moeten verstrekken aan de AFM. Ook waren geen termijnen in het BGfo opgenomen waarbinnen de AFM de beleidsbepalers en medebeleidsbepalers van bewaarders moet toetsen. Dit wordt nu geregeld in artikel 92 BGfo. Op deze manier wordt invulling gegeven aan de wettelijke plicht voor bewaarders om wijzigingen van de dagelijks beleidsbepalers en medebeleidsbepalers door te geven aan de AFM. Door voor te schrijven welke gegevens door de bewaarder aan de AFM dienen te worden verstrekt wordt uitvoering gegeven aan de beginselen van gegevensverwerking uit de Algemene verordening gegevensbescherming (PbEU 2016, L 119), zoals het beginsel van minimale gegevensverwerking (artikel 5, eerste lid, onderdeel c, van de Algemene verordening gegevensbescherming).</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">2.3.</nr>
                <titel>Modelmatige waardebepaling</titel>
              </kop>
              <al>Aanbieders van hypothecair krediet gaan bij het bepalen de waarde van de woning in de praktijk niet meer uit van de waarde zoals laatstelijk bepaald op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ-waarde) indien een consument een hypothecair krediet wil aangaan. Aanbieders bepalen de waarde van de woning door middel van een taxatierapport opgesteld door een deskundig taxateur of een modelmatige waardebepaling. Deze manieren om de waarde van de woning te bepalen, bieden meer zekerheid dat overkreditering van de consument wordt voorkomen. Derhalve vervalt de mogelijkheid om bij het bepalen van de waarde van de woning uit te gaan van de WOZ-waarde van de woning indien een consument een hypothecair krediet wil aangaan voor de aankoop van een woning. Daarnaast worden voorwaarden gesteld aan de modelmatige waardebepaling. Zo dient de modelmatige waarde van de woning te worden beoordeeld door een deskundig en onafhankelijk taxateur.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">3.</nr>
              <titel>Wijziging boetecategorie opknippen trustdiensten</titel>
            </kop>
            <al>Ingevolge de Wet Toezicht Trustkantoren 2018 (Wtt 2018) dienen trustkantoren een vergunning te hebben van de Nederlandsche Bank (DNB) indien zij trustdiensten als genoemd in de wet willen verlenen. Indien trustdiensten worden verleend zonder vergunning, dan heeft DNB de mogelijkheid een bestuurlijke boete van de derde categorie op te leggen. Om onder de vergunningplicht uit te komen worden trustdiensten soms opgeknipt. Dit betekent dat de trustdiensten niet door dezelfde juridische entiteit geleverd worden, maar dat er wel een verband bestaat tussen de verschillende dienstverleners. Er is dan bijvoorbeeld een splitsing tussen de domicilieverlener en de partij die aanvullende werkzaamheden verricht. DNB heeft in haar wetgevingsbrief van 2024 aangegeven in toenemende mate signalen te ontvangen over het opknippen van trustdiensten en heeft de wens geuit de boetecategorie gelijk te willen trekken met het bredere verbod om trustdiensten te verlenen zonder vergunning.<noot id="n2" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2023/24, <extref doc="kst-32545-204" soort="document" status="actief">32 545, nr. 204</extref>.</noot.al></noot> Gezien de signalen en het feit dat in beide gevallen trustdiensten worden verleend zonder vergunning, worden ook opgeknipte trustdiensten handhaafbaar met een bestuurlijke boete van de derde categorie.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">4.</nr>
              <titel>Vervallen periodieke betrouwbaarheidsbeoordeling voor Caribisch Nederland</titel>
            </kop>
            <al>Verder vervalt met dit verzamelbesluit de driejaarlijkse herbeoordeling van de betrouwbaarheid van (mede)beleidsbepalers bij financiële ondernemingen die op grond van de Wet financiële markten BES (Wfm BES) vergunningplichtig zijn (artikel IV). Hiermee wordt opvolging gegeven aan een verzoek dat de AFM deed in haar wetgevingsbrief uit 2023.<noot id="n3" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>Zie bijlage bij Kamerstukken II 2021/22, <extref doc="kst-32545-189" soort="document" status="actief">32 545, nr. 189</extref>.</noot.al></noot></al>
            <al>Het beleid van een financiële onderneming wordt (mede) bepaald door personen van wie de betrouwbaarheid buiten twijfel staat (artikel 3:4, eerste lid, Wfm BES). De betrouwbaarheid staat buiten twijfel, zolang niet een wijziging in de relevante feiten en omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een nieuwe beoordeling én zolang bij algemene maatregel van bestuur geen periodieke nieuwe beoordeling van de betrouwbaarheid is voorgeschreven (artikel 3:4, tweede en vierde lid, Wfm BES). Die delegatiebevoegdheid is benut. Het Bfm BES bepaalt namelijk dat de betrouwbaarheid telkens na verloop van drie jaren opnieuw wordt beoordeeld (artikel 3:1, derde lid). Deze periodieke herbeoordeling is terug te voeren tot de Antilliaanse praktijk van vóór de staatskundige hervormingen.<noot id="n4" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2010/11, <extref doc="kst-32784-3" soort="document" status="actief">32 784, nr. 3</extref>, p. 54.</noot.al></noot> Na 2010 is deze praktijk in Curaçao en Sint Maarten overgenomen; toezichthouder Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) beoordeelt op grond van een beleidsregel<noot id="n5" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al>Het gaat om de Beleidsregel Betrouwbaarheidstoetsing CBCS uit januari 2011, te raadplegen via <extref doc="https://www.centralbank.cw/legislation-guidelines/integrity-financial-sector" soort="URL" status="actief">https://www.centralbank.cw/legislation-guidelines/integrity-financial-sector</extref>.</noot.al></noot> de betrouwbaarheid elke drie jaar opnieuw. In het Bfm BES is, met het oog op de verwevenheid van de openbare lichamen met deze landen, aangesloten bij die praktijk.<noot id="n6" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>Zie artikelsgewijze toelichting bij artikel 3:1 Bfm BES, <extref doc="stb-2012-238" soort="document" status="actief">Stb. 2012, 238</extref>, p. 80.</noot.al></noot> DNB en de AFM hebben evenwel aangegeven dat CBCS de wens heeft om de periodieke herbeoordeling te schrappen. Het is uit oogpunt van een gelijk speelveld wenselijk om dat dan ook te doen voor de openbare lichamen. Bovendien wordt hiermee aangesloten bij de Europees-Nederlandse regelgeving. Daar geldt immers al «eens betrouwbaar, altijd betrouwbaar», tenzij de toezichthouder een redelijke aanleiding ziet, op basis van feiten of omstandigheden die haar bekend worden, om een nieuwe beoordeling te maken.</al>
            <al>Inhoudelijk is van belang dat de driejaarlijkse herbeoordeling geen meerwaarde heeft, terwijl de uitvoering bewerkelijk is en de toezichthouder veel tijd kost. Betrouwbaarheid is een doorlopend vereiste. Artikel 2:8 Bfm BES bevat de plicht voor de financiële onderneming om een wijziging in de gegevens die zij eerder heeft verstrekt ten behoeve van de aanvangsbeoordeling van kandidaat (mede)beleidsbepalers, onverwijld aan de toezichthouder te melden. Deze meldplicht, die de toezichthouder een redelijke aanleiding kan geven om de betrouwbaarheid opnieuw te beoordelen, maakt de periodieke herbeoordeling overbodig. In de praktijk leidt de periodieke herbeoordeling ook niet of nauwelijks tot het alsnog melden van nieuwe antecedenten en derhalve niet tot een ander oordeel omtrent de betrouwbaarheid. De toezichthouder beschikt dus ook zonder de periodieke herbeoordeling over voldoende instrumentarium voor adequaat toezicht op de naleving van het betrouwbaarheidsvereiste.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">5.</nr>
              <titel>Gevolgen</titel>
            </kop>
            <al>In deze paragraaf worden de financiële gevolgen van enkele onderdelen van het besluit toegelicht. Ook komen de regeldrukeffecten aan de orde. Regeldrukeffecten zijn de investeringen en inspanningen die bedrijven, burgers of professionals moeten verrichten om zich aan wet- en regelgeving van de rijksoverheid te houden. De onderwerpen die niet expliciet genoemd zijn in deze paragraaf, hebben geen regeldrukgevolgen of financiële gevolgen voor burgers, bedrijven of overheden. De wijzigingen in dit besluit hebben geen financiële gevolgen voor het Rijk of gevolgen voor het doenvermogen van burgers of bedrijven.</al>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>Uitbestedingsregels voor financiëledienstverleners</titel>
              </kop>
              <al>In Nederland zijn er 97 aanbieders van krediet en 6990 bemiddelaars, adviseurs en (onder)gevolmachtigde agenten. Een financiëledienstverlener dient bij te houden welke werkzaamheden zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. Verder is bepaald dat de financiëledienstverlener een schriftelijke overeenkomst dient te sluiten met de derde aan wie werkzaamheden worden uitbesteed. Het sluiten van de schriftelijke overeenkomst met de derde zal ongeveer 10 uur per uitbesteding in beslag nemen. Indien een interne hoogopgeleide kennismedewerker de schriftelijke overeenkomst opstelt op basis van een uurtarief van € 54 dan bedragen de regeldrukkosten per uitbestedingsovereenkomst € 540 (€ 54 * 10). Ongeveer 780 financiële dienstverleners (elf procent van 6990 bemiddelaars) hebben volgens de AFM geen schriftelijke overeenkomst gesloten dus dit betekent dat naar verwachting de totale regeldrukkosten voor het aangaan van een schriftelijke overeenkomst € 421.000 (€ 540 * 780) zullen bedragen. De kosten voor het bijhouden van welke werkzaamheden zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed zullen minimaal zijn.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>Vervallen periodieke betrouwbaarheidsbeoordeling voor Caribisch Nederland</titel>
              </kop>
              <al>Onderhavig verzamelbesluit brengt een afname van de regeldruk met zich, door het schrappen in het Bfm BES van de driejaarlijkse herbeoordeling van de betrouwbaarheid van (mede)beleidsbepalers. Uit door DNB en de AFM verstrekte gegevens over de jaren 2021 tot en met 2023 blijkt dat het gaat om een totaal van 52 periodieke herbeoordelingen. Dat komt neer op circa 17 herbeoordelingen per jaar.</al>
              <al>De benodigde tijd voor het verzamelen van de noodzakelijke informatie per periodiek te beoordelen persoon is gemiddeld twee uur. Aangezien de werkzaamheden (gedeeltelijk) kunnen worden verricht door (administratief) personeel zijn er voorts verschillende uurtarieven van toepassing. Uitgaande van een gemiddeld uurtarief van € 57<noot id="n7" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al>Zie bijlage 4C van het Handboek Meting Regeldrukkosten, versie 29 november 2023, te raadplegen via <extref doc="https://www.atr-regeldruk.nl/wathoe/meten-is-weten/" soort="URL" status="actief">https://www.atr-regeldruk.nl/wathoe/meten-is-weten/</extref>. Het betreft het gemiddelde van het bruto uurloon van een leidinggevende/manager, hoogopgeleide medewerker en administratief personeel.</noot.al></noot> gaat het om een lastenvermindering van € 114 per periodieke herbeoordeling. De totale lastenvermindering bedraagt hiermee € 1.938 per jaar (114 * 17).</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">6.</nr>
              <titel>Consultatie</titel>
            </kop>
            <al>Een voorontwerp van dit besluit is openbaar geconsulteerd van 23 januari 2025 tot 7 maart 2025. Naar aanleiding van de consultatie zijn dertien openbare reacties ontvangen. Er zijn reacties ontvangen van de branchevereniging van onafhankelijk financieel adviseurs (Adfiz), ASR Vooruit B.V., Calcasa, Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), de Koninklijke Nederlandse Coöperatieve Vereniging van Makelaars en Taxateurs in onroerende goederen (NVM), de Nationale Hypotheek Garantie (NHG), het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs (NRVT), de Organisatie van Financiële Dienstverleners (OvFD), de Nederlandse Vereniging van Gevolmachtigde Assurantiebedrijven (NVGA), Stichting Contactgroep Automatisering, <nadruk type="cur">The European Group of Valuers’ Associations</nadruk> (TEGoVA) Nederland, de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), Vastgoed Nederland, het Verbond van Verzekeraars en de Vereniging Eigen Huis (VEH). Voor zover de reacties betrekking hebben op de artikelen zoals opgenomen in het geconsulteerde besluit of de nota van toelichting worden deze reacties hieronder besproken. Opmerkingen en suggesties die geen betrekking hebben op het besluit of de nota van toelichting zijn buiten beschouwing gelaten.</al>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">6.1.</nr>
                <titel>Modelmatige waardebepaling</titel>
              </kop>
              <al>Adfiz, Calcasa, de NVM, de NBA, het NRVT, TEGoVA Nederland, Vastgoed Nederland, VEH en het Verbond van Verzekeraars hebben opmerkingen gemaakt op artikel 115 BGfo betreffende de modelmatige waardebepaling. Adfiz, het NRVT, de NVM, TEGoVA Nederland en Vastgoed Nederland zijn positief over het opnemen van een hybride waardering in het BGfo. De NVM, TEGoVA Nederland en Vastgoed Nederland stellen voor om de mogelijkheid om de waarde van een nieuwbouwwoning vast te stellen op basis van de koopsom of aanneemsom te laten vervallen, zodat nieuwbouwwoningen hetzelfde worden behandeld als bestaande woningen. De koopsom of aanneemsom is een goede indicatie van de waarde van een nog te bouwen woning. Daarom wordt het gebruik van de koopsom of aanneemsom voor het bepalen van de waarde van een nieuwbouwwoning gehandhaafd.</al>
              <divisie opmaak="default">
                <kop>
                  <label>§</label>
                  <nr status="officieel">6.1.1.</nr>
                  <titel>WOZ-waarde</titel>
                </kop>
                <al>Verder vindt Adfiz dat de mogelijkheid moet blijven bestaan om de waarde van de woning vast te stellen op basis van de WOZ-waarde. Het nadeel van modelmatige waardebepalingen, waaronder een waarde van de woning zoals laatstelijk bepaald op grond van de Wet waardering onroerende zaken, is dat mogelijk geen rekening wordt gehouden met de staat van de woning. Voor een WOZ-waarde geldt bovendien dat de waarde altijd wordt gepeild op 1 januari van het voorgaande jaar. Hierdoor is de WOZ-waarde minimaal één en maximaal twee jaar oud, wat ten koste gaat van de accuraatheid van de waardering. Gelet hierop is de mogelijkheid om gebruik te maken van een WOZ-waarde bij het aangaan van een hypothecair krediet ook geschrapt in artikel 115, zevende lid, BGfo.</al>
                <al>Voorts vragen de NVB en het Verbond van Verzekeraars wanneer aanbieders van hypothecair krediet een WOZ-waarde wel kunnen gebruiken. Een aanbieder van hypothecair krediet dient de waarde van de woning vast te stellen voordat de aanbieder een overeenkomst inzake hypothecair krediet met een consument aangaat omdat de waarde van de woning de maximale hoogte van het krediet bepaalt. Daarbij kan de aanbieder niet langer gebruikmaken van de WOZ-waarde. In de praktijk gaat het om het aangaan van een hypothecair krediet voor de aankoop van een woning, het verhogen van een hypothecair krediet voor bijvoorbeeld een verbouwing van een woning of het oversluiten van een hypothecair krediet naar een andere kredietaanbieder. Het staat kredietaanbieders vrij om bij mutaties van een lopend hypothecair krediet, bijvoorbeeld bij aanpassing van de risico-opslag, gebruik te maken van een WOZ-waarde.</al>
              </divisie>
              <divisie opmaak="default">
                <kop>
                  <label>§</label>
                  <nr status="officieel">6.1.2.</nr>
                  <titel>Eisen statistische modellen versus fysieke taxaties</titel>
                </kop>
                <al>Calcasa, NHG, de NVB en VEH vinden de voorgestelde eisen aan de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van statistische modellen die waardebepalingen afgeven in combinatie met de voorschriften ten aanzien van de maximale hoogte van een hypothecair krediet ten opzichte van de modelmatige waarde van de woning (<nadruk type="cur">Loan-to-Value,</nadruk> LTV) te streng en onnodig beperkend. Volgens deze organisaties kunnen consumenten in veel gevallen daardoor geen gebruik maken van een relatief goedkope hybride waardering. Bij het vaststellen van de betrouwbaarheids- en nauwkeurigheidseisen in combinatie met de maximale LTV is het belangrijkste uitgangspunt geweest dat het risico op overkreditering voor consumenten wordt beperkt. Daarnaast worden de betrouwbaarheids- en nauwkeurigheidseisen voor statistische modellen in de praktijk al gehanteerd. Deze normen zijn thans opgenomen in het Reglement Hybride waardering 2024 van het NRVT en bieden meer ruimte voor het gebruik van hybride waarderingen dan de normen die eerder waren vastgesteld door het NRVT. Diverse relevante stakeholders zijn betrokken geweest bij de totstandkoming van het Reglement Hybride waardering, waaronder aanbieders van hypothecair krediet en leveranciers van statistische modellen. Gelet hierop ligt het niet in de rede om de criteria voor de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van statistische modellen te versoepelen of de maximale LTV te verhogen.</al>
                <al>De NVM, TEGoVA Nederland en Vastgoed Nederland stellen verder voor om de relevante delen uit het Reglement Hybride waardering 2024 van het NRVT over te nemen in dit besluit. In dit besluit is voorgeschreven waaraan het gebruik van modelmatige waardebepalingen dient te voldoen. Verdere eisen zijn niet opportuun. De accountant beoordeelt op basis van een assuranceopdracht, of het statistisch model voldoet aan de voorgestelde criteria. De betrokken partijen maken afspraken over verdere invulling van de aard en diepgang van de assuranceopdracht, bijvoorbeeld door gebruik van een standaard accountantsprotocol (een protocol dat is goedgekeurd door de Werkgroep Controleprotocollen van de Nederlandse beroepsorganisatie van accountants (NBA)).</al>
                <al>Calcasa, NHG, de NVB, het Verbond van Verzekeraars en VEH vragen aandacht voor het feit dat eisen worden gesteld aan de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van statistische modellen die waardebepalingen afgeven, terwijl geen eisen worden gesteld aan de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van fysieke taxaties. Deze organisaties verwijzen daarbij naar eerder onderzoek van De Nederlandsche Bank (DNB) waaruit blijkt dat de kwaliteit van fysieke taxaties ondermaats is en zien graag dat de wetgever ook eisen stelt aan de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van fysieke taxaties. De kwaliteit van fysieke taxaties is een aandachtspunt. Het NRVT houdt toezicht op taxateurs. Het ligt dan ook voor de hand om de kwaliteit van fysieke taxaties te verbeteren door het toezicht door het NRVT op taxateurs te intensiveren en via zelfregulering eisen te stellen aan de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van fysieke taxaties. In 2024 heeft Stichting Economisch Onderzoek (SEO)<noot id="n8" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al><extref doc="http://www.SEO.nl/publicaties/" soort="URL" status="actief">www.SEO.nl/publicaties/</extref>op-waarde-geschat-evaluatie-van-het-toezicht-op-vastgoedtaxateurs/</noot.al></noot> een evaluatie uitgevoerd van het toezicht van het NRVT op taxateurs. SEO constateerde dat de missie van het NRVT niet is vertaald naar een uitkomstmaat waarop het NRVT kan sturen. SEO beveelt aan dat het NRVT zowel op microniveau als macroniveau een uitkomstmaat kiest zodat kan worden nagegaan of de kwaliteit van fysieke taxaties voldoende is. De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en het NRVT hebben onlangs een convenant gesloten. In het convenant is vastgelegd dat het NRVT relevante uitkomstmaten vaststelt met betrekking tot de kwaliteit, betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van fysieke taxaties. Voorts is in het convenant vastgelegd dat de NRVT deze uitkomstmaten toepast in haar doorlopend toezicht en hierover tweejaarlijks publiceert. Op deze wijze zullen ook voorwaarden worden gesteld aan de kwaliteit, betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van fysieke taxaties. Aangezien het NRVT geen toezicht houdt op leveranciers van statistische modellen en de kwaliteit van de statistische modellen dan ook niet via NRVT kan worden geborgd, zijn in artikel 115 BGfo voorschriften opgenomen voor de modelmatige waardebepaling van de woning.</al>
              </divisie>
              <divisie opmaak="default">
                <kop>
                  <label>§</label>
                  <nr status="officieel">6.1.3.</nr>
                  <titel>Beoordeling accountant</titel>
                </kop>
                <al>Ten slotte vragen de NVB en het Verbond van Verzekeraars om meer toelichting over wat de consequentie is wanneer uit de beoordeling van een accountant blijkt dat een statistisch model niet voldoet aan de voorgestelde eisen ten aanzien van betrouwbaarheid en nauwkeurigheid. Zij vragen in het bijzonder wat een dergelijke beoordeling betekent voor hypothecaire kredieten die in het verleden zijn verstrekt. Wanneer uit een oordeel van de accountant blijkt dat de voorgestelde eisen door het statistische model niet worden gehaald, dan mogen de aanbieders van hypothecair krediet geen hypothecair krediet verstrekken waarbij de waarde van de woning is bepaald door dit statistische model. Deze beoordeling heeft geen invloed op hypothecaire kredieten die in het verleden zijn verstrekt. De toelichting is op dit punt aangepast. Verder is naar aanleiding van opmerkingen van de NBA en NVB artikel 115, achtste lid, en de daarbij behorende toelichting aangepast.</al>
              </divisie>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">6.2.</nr>
                <titel>Uitbestedingsregels voor financiële dienstverleners</titel>
              </kop>
              <al>Adfiz, OvFD, NVGA, de Stichting Contactgroep Automatisering en het Verbond van Verzekeraars merken op dat de regels omtrent uitbesteding uitsluitend van toepassing moeten zijn op de wezenlijke bedrijfsprocessen en niet op alle werkzaamheden die worden uitbesteed. Uit de definitie van uitbesteden van werkzaamheden in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht volgt dat de regels omtrent uitbesteden uitsluitend betrekking hebben op wezenlijke bedrijfsprocessen. Het gaat om werkzaamheden die deel uitmaken van of voorvloeien uit het uitoefenen van het bedrijf van financiële onderneming of het verlenen van financiële diensten of die deel uitmaken van de wezenlijke bedrijfsprocessen ter ondersteuning daarvan. De definities zoals opgenomen in de Wet op het financieel toezicht werken door in het BGfo. Derhalve zijn de uitbestedingsregels niet van toepassing op alle werkzaamheden.</al>
              <al>Adfiz, NVGA, OvFD en de Stichting Contactgroep Automatisering hebben in hun consultatiereactie opmerkingen gemaakt over de nieuwe uitbestedingsregels. Ook de ATR stelt kritische vragen over nut en noodzaak van de nieuwe uitbestedingsregels in haar advies en in hoeverre de voorgestelde registerplicht bijdraagt aan een zorgvuldige behandeling van klanten. De regels omtrent uitbesteding zijn naar aanleiding van de opmerkingen van Adfiz, NVGA, OvFD en de Stichting Contactgroep Automatisering en de kritiek van de ATR aangepast. De registerplicht is geschrapt omdat marktpartijen hierbij de zorg hebben dat de toezichthouder nadere eisen gaat stellen aan het register. Dit is uitdrukkelijk niet de bedoeling. In plaats daarvan is opgenomen dat financiële dienstverleners een overzicht moeten bijhouden van de werkzaamheden die zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. Verder is voorgeschreven dat een financiëledienstverlener de overeenkomst met de derde waaraan werkzaamheden worden uitbesteed schriftelijk dient vast te leggen. Adfiz, OvFD en Stichting Contactgroep Automatisering geven in hun consultatiereactie aan dat veel financiële dienstverleners kleine ondernemingen zijn die niet de macht hebben om eisen te stellen omtrent de inhoud van de uitbestedingsovereenkomst indien zij werkzaamheden uitbesteden aan grote partijen. Het derde lid schrijft daarom slechts voor dat de schriftelijke overeenkomst de rechten en verplichtingen bevat van de financiëledienstverlener en de derde waaraan de werkzaamheden worden uitbesteed en de wijze waarop de overeenkomst kan worden beëindigd. Het is belangrijk dat een financiëledienstverlener overzicht heeft van welke dienstverlening is uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. Daarnaast is het van belang dat de afspraken tussen de financiëledienstverlener en de derde over de dienstverlening schriftelijk zijn vastgelegd zodat de financiëledienstverlener kan blijven voldoen aan de eisen in de Wft. Op deze manier kunnen ook de verwachtingen van consumenten omtrent de kwaliteit van de dienstverlening beter worden gewaarborgd. Derhalve draagt het bijhouden van een overzicht van de uitbestede werkzaamheden en het voorschrift voor een schriftelijke overeenkomst bij aan een zorgvuldige behandeling van consumenten.</al>
              <al>Ten slotte merken de NVGA en het Verbond van Verzekeraars op dat verzekeraars reeds op grond van artikel 27d Besluit Prudentiële regels Wft aan DNB doorgeven aan welke partijen werkzaamheden zijn uitbesteed en dat artikel 38m BGfo derhalve dubbelop is. Gelet op deze bestaande praktijk is artikel 38m BGfo geschrapt.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">6.3</nr>
                <titel>Doorgeven wijziging gegevens bewaarder</titel>
              </kop>
              <al>Met betrekking tot artikel 99a BGfo merkt de ATR op dat uit de toelichting niet blijkt in hoeverre het doorgeven van persoonlijke gegevens door een bewaarder in overeenstemming is met privacywetgeving. De toelichting is op dit punt aangepast.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">6.4.</nr>
                <titel>Artikel 164a BGfo</titel>
              </kop>
              <al>Naar aanleiding van de opmerkingen van de NVB en ASR op artikel 164a BGfo betreffende de verplichting voor een beleggingsonderneming om een medewerker aan te stellen die verantwoordelijk is voor het beschermen van de rechten van cliënten op aan hen toebehorende financiële instrumenten en gelden, is de toelichting bij artikel 164a BGfo aangepast. Verduidelijkt is dat de medewerker niet op de compliance-afdeling werkzaam hoeft te zijn, maar dat dat ook een andere afdeling kan zijn. Wel is belangrijk dat de desbetreffende medewerker voldoende vaardigheden en gezag heeft om zijn taak te kunnen uitoefenen.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <label>§</label>
                <nr status="officieel">6.5.</nr>
                <titel>Advies ATR</titel>
              </kop>
              <al-groep>
                <al>Een voorontwerp van het besluit is voorgelegd aan het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR). De ATR geeft aan dat de regeldrukgevolgen voor de nieuwe uitbestedingsregels voor financiëledienstverleners niet volledig in kaart zijn gebracht. In de regeldrukparagraaf zijn de kosten voor het schriftelijk sluiten van een uitbestedingsovereenkomst nader gespecificeerd. Verder adviseert de ATR de regeldrukparagraaf aan te vullen met de regeldrukgevolgen voor het instellen en bijhouden van een uitbestedingsregister, het doorgeven van wijzigingen door de bewaarder en het aanstellen van een extra medewerker voor het interne toezicht. Voorgeschreven is dat de financiëledienstverlener dient bij te houden (dit is vormvrij) welke werkzaamheden zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. In de regeldrukparagraaf is aangegeven dat deze kosten minimaal zullen zijn.</al>
                <al>Het doorgeven van wijzigingen door de bewaarder brengt geen regeldrukkosten mee aangezien deze verplichting reeds is opgenomen in artikel 4:26, eerste lid, Wft. Een bewaarder dient op grond van artikel 4:26, eerste lid, Wft het voornemen tot wijzigingen te melden met betrekking tot de onderwerpen waarover ingevolge artikel 2:3i Wft verstrekking van gegevens is voorgeschreven aan de AFM. In het nieuwe artikel 92 BGfo is geregeld welke gegevens bewaarders in zo’n geval moeten verstrekken. Dit geeft voor bewaarders meer duidelijkheid. Daarnaast zijn in artikel 92 BGfo de termijnen opgenomen waarbinnen de AFM de beleidsbepalers en mede beleidsbepalers van bewaarders moet toetsen.</al>
              </al-groep>
              <al>Verder merkt de ATR in haar advies op dat artikel 4:90 Wft al bepaalt dat een beleggingsonderneming zich bij het verlenen van beleggingsdiensten of nevendiensten op eerlijke, billijke en professionele wijze inzet voor de belangen van haar cliënten, bij het verrichten van beleggingsactiviteiten eerlijk, billijk en professioneel handelt en zich onthoudt van gedragingen die schadelijk zijn voor de integriteit van de markt. De ATR vindt de inhoudelijke meerwaarde van artikel 164a BGfo ten opzichte van artikel 4:90 Wft niet duidelijk. Artikel 164a BGfo (met als grondslag artikel 4:87, tweede lid, onderdeel a, Wft) heeft wel degelijk meerwaarde ten opzichte van artikel 4:90 Wft. Artikel 4:90 Wft betreft een algemene zorgvuldigheidsnorm die beperkt is tot het verlenen van beleggingsdiensten of nevendiensten door de beleggingsonderneming. Het gaat dan om regels met betrekking tot het adviseren over financiële instrumenten, vermogensbeheer of het uitvoeren van orders. In artikel 164a BGfo gaat het niet over het verlenen van beleggingsdiensten of nevendiensten. Artikel 164a schrijft voor op welke wijze een beleggingsonderneming de financiële instrumenten en gelden van cliënten dient te beschermen. Verder is de term «deskundigheid» vervangen door «vaardigheid» in artikel 164a BGfo zoals de ATR voorstelt. De ATR wilde voorts weten of een werknemer die is aangewezen op grond van artikel 164a BGfo onder de geschiktheidstoets van artikel 4:9 Wft valt en onder AFM procedures valt. Deze werknemer valt niet onder de regels omtrent de geschiktheidstoets. De geschiktheidstoets geldt uitsluitend voor de bestuurders en leden van de raad van commissarissen van de beleggingsonderneming.</al>
              <al>Het voorschrift in artikel 164a BGfo om een aparte medewerker aan te stellen die verantwoordelijk is voor het beschermen van de rechten van cliënten op aan hen toebehorende financiële instrumenten en gelden, verwerkt artikel 7 van de gedelegeerde richtlijn (EU) 2017/593<noot id="n9" type="voet"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al>Gedelegeerde richtlijn (EU) 2017/593 van de Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het vrijwaren van financiële instrumenten en geldmiddelen die aan cliënten toebehoren, productgovernanceverplichtingen en de regels die van toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen.</noot.al></noot>. Dit is geen nieuw voorschrift maar was geregeld via artikel 31b BGfo (organisatieonderdeel dat op onafhankelijke en effectieve wijze een compliancefunctie uitoefent). Door dit voorschrift op te nemen in artikel 164a BGfo met als grondslag 4:87a, tweede lid, wordt duidelijk dat het in dit geval gaat om het beschermen van de financiële instrumenten en gelden van cliënten. Tevens wordt hierdoor ook verduidelijkt dat de medewerker niet op de compliance-afdeling werkzaam hoeft te zijn, maar dat dat ook een andere afdeling kan zijn. Wel is belangrijk dat de desbetreffende medewerker voldoende vaardigheden en gezag heeft om zijn taak te kunnen uitoefenen. Aangezien het voorschrift zoals opgenomen in artikel 164a BGfo geen nieuw voorschrift betreft, zijn hier geen nieuwe regeldrukkosten aan verbonden.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <label>§</label>
              <nr status="officieel">7.</nr>
              <titel>Uitvoering en handhaving</titel>
            </kop>
            <al>Een voorontwerp van dit verzamelbesluit is in het kader van een uitvoerings- en handhavingstoets aan de AFM en DNB voorgelegd. Zij zijn belast met het toezicht op de naleving van onderdelen uit het besluit. De AFM geeft aan geen knelpunten te zien in de uitoefening van haar toezicht op de regels omtrent uitbesteding en de voorwaarden voor modelmatige waardebepaling van de woning. Tevens verwacht de AFM geen hogere toezichtskosten. Het toezicht op de uitbestedingsregels kan worden meegenomen in het risicogestuurde toezicht op financiëledienstverleners. DNB geeft aan geen knelpunten te zien in de uitoefening van haar toezicht met betrekking tot het vervallen van de driejaarlijkse herbeoordeling van de betrouwbaarheid van (mede)beleidsbepalers bij financiële ondernemingen die op grond van de Wfm BES vergunningplichtig zijn. Tevens verwacht DNB geen hogere toezichtskosten.</al>
          </divisie>
        </divisie>
        <divisie opmaak="default">
          <kop>
            <titel>Artikelsgewijs</titel>
          </kop>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel I (Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft)</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>A (artikel 31j)</titel>
              </kop>
              <al>Dit onderdeel wijzigt artikel 31j BGfo. Dit artikel bepaalt dat de artikelen 32 tot en met 32c BGfo niet van toepassing zijn op bijkantoren in Nederland van beleggingsondernemingen met zetel in een andere lidstaat. Gebleken is dat de in artikel 31j opgenomen verwijzing naar de artikelen 32 en 32b BGfo niet correct is omdat geen rekening is gehouden met het bepaalde in artikel 35, achtste lid, MiFID II en artikel 4:1, tweede lid, Wft.</al>
              <al>Artikel 35, achtste lid, MiFID II bepaalt dat de toezichthoudende instantie van de lidstaat waar het bijkantoor van de beleggingsonderneming met zetel in een andere lidstaat is gevestigd, de lidstaat van ontvangst, verantwoordelijk is voor het toezicht op de naleving door dat bijkantoor van de in artikel 24 MiFID II opgenomen voorschriften inzake het productontwikkelingsproces. Die voorschriften zijn geïmplementeerd in artikel 4:90, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht (Wft) en in de op artikel 4:14, tweede lid, aanhef en onderdeel c, van die wet gebaseerde artikelen 32 en 32b BGfo. Daarnaast bepaalt artikel 4:1, tweede lid, Wft dat, voor zover van belang, de artikelen 4:14, tweede lid, aanhef en onderdeel c, Wft, en 4:90, eerste lid, Wft alsmede de bij of krachtens die artikelen vastgestelde regels van toepassing zijn op beleggingsondernemingen met een bijkantoor in Nederland waaraan het ingevolge paragraaf 2.2.12.2 Wft is toegestaan in Nederland beleggingsdiensten te verlenen.</al>
              <al>Dit betekent dat de AFM bevoegd is om toezicht te houden op de naleving van de in de artikelen 32 en 32b BGfo opgenomen voorschriften inzake het productontwikkelingsproces door een bijkantoor in Nederland van een beleggingsondernemingen met zetel in een andere lidstaat. De in artikel 31j opgenomen verwijzing naar de artikelen 32 en 32b dient derhalve te worden geschrapt. Ook dient de in artikel 31j opgenomen verwijzing naar artikel 32c BGfo te worden geschrapt. Artikel 32c bepaalt, voor zover van belang, welke beleggingsonderneming aan het bepaalde in artikel 32b moet voldoen, indien meerdere beleggingsondernemingen samenwerken.</al>
              <al>Ten slotte dient de verwijzing in artikel 31j naar de artikelen 32aa en 32ab BGfo te worden geschrapt omdat deze artikelen geen voorschriften bevatten die relevant (kunnen) zijn voor de in artikel 31j bedoelde beleggingsondernemingen.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>B (artikel 38i)</titel>
              </kop>
              <al>In artikel 38i was bepaald dat de toezichthouder in kennis dient te worden gesteld indien een betaalinstelling of elektronischgeldinstelling het voornemen heeft om werkzaamheden uit te besteden. Verduidelijkt is dat de AFM in kennis dient te worden gesteld indien een betaalinstelling of elektronischgeldinstelling het voornemen heeft om werkzaamheden in verband met het verlenen van betaaldiensten dan wel met de uitgifte van elektronisch geld uit te besteden.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>C (artikel 38l)</titel>
              </kop>
              <al>Artikel 38l is gebaseerd op artikel 4:16, derde lid, onderdeel a, Wft. Op grond van artikel 38l, eerste lid, dient een aanbieder van een beleggingsobject, aanbieder van krediet, bemiddelaar, adviseur, gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent een overzicht bij te houden van de werkzaamheden die zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed. De manier waarop de financiëledienstverlener dit bijhoudt is vormvrij. Het gaat om werkzaamheden die deel uitmaken van of voortvloeien uit het uitoefenen van het bedrijf van de financiëledienstverlener of het verlenen van financiële diensten of die deel uitmaken van de wezenlijke bedrijfsprocessen ter ondersteuning daarvan (zie definitie van uitbesteden in artikel 1:1 Wft). Onder een derde valt ook een onderneming binnen de groep waartoe de financiëledienstverlener behoort. Het kan bijvoorbeeld gaan om het uitbesteden van de automatisering of andere werkzaamheden in het kader van beheer van een overeenkomst.</al>
              <al>Op grond van artikel 4:16, eerste lid, van de wet dient de financiëledienstverlener ervoor te zorgen dat de derde waaraan werkzaamheden worden uitbesteed de van toepassing zijnde regels op grond van de Wft naleeft. Daarom is het belangrijk dat de financiëledienstverlener de overeenkomst met de derde waaraan werkzaamheden worden uitbesteed schriftelijk vastlegt. In de schriftelijke overeenkomst worden in ieder geval de rechten en verplichtingen vastgelegd van de financiëledienstverlener en de derde waaraan de werkzaamheden worden uitbesteed en de wijze waarop de bijeenkomst kan worden beeïndigd. Om de continuïteit van de bedrijfsvoering te waarborgen, is het belangrijk dat de financiëledienstverlener nagaat hoe kan worden gewaarborgd dat de financiëledienstverlener de werkzaamheden na beëindiging van de overeenkomst weer zelf kan uitvoeren of de werkzaamheden door een andere derde kunnen worden uitgevoerd.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>D (opschrift paragraaf 8.2.1)</titel>
              </kop>
              <al>Het opschrift van paragraaf 8.2.1 verwijst naar artikel 4:23, vijfde lid, aanhef en onderdeel e, van de Wft. In paragraaf 8.2.1 zijn geen artikelen opgenomen gebaseerd op deze grondslag. De artikelen gebaseerd op artikel 4:23, vijfde lid, zijn opgenomen in paragraaf 8.1.7. Daarom is artikel 4:23, vijfde lid, aanhef en onderdeel e, van de Wft geschrapt in het opschrift van paragraaf 8.2.1.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>E (artikel 99a)</titel>
              </kop>
              <al>Artikel 99a BGfo is gebaseerd op artikel 4:26, achtste lid, Wft. Op grond van artikel 99a, eerste lid, BGfo dient een bewaarder voorgenomen wijzigingen van de dagelijks beleidsbepalers, beleidsbepalers en mede beleidsbepalers en de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de bewaarder schriftelijk te melden aan de AFM. De bewaarder kan pas uitvoering geven aan de voorgenomen wijziging indien de AFM heeft ingestemd met de wijziging (tweede lid). De AFM beslist binnen zes weken na ontvangst van de melding. Indien de AFM binnen twee weken na ontvangst van de melding de bewaarder of een derde om nadere gegevens heeft verzocht, beslist de AFM binnen zes weken na ontvangst van die gegevens, doch uiterlijk binnen dertien weken na ontvangst van de melding. Deze termijnen sluiten aan bij de termijnen zoals opgenomen in artikel 89, derde lid, BGfo voor beheerders van een icbe.</al>
              <al>In het vierde en vijfde lid is opgenomen welke gegevens de bewaarder aan de AFM dient te verstrekken. Het zevende lid bepaalt dat dit artikel niet van toepassing is op banken en beleggingsondernemingen die vallen onder artikel 2:3g, tweede lid, van de wet. Het gaat dan om banken die een vergunning hebben en het op basis van die vergunning is toegestaan om de werkzaamheden bewaarneming en beheer van effecten te verrichten. Deze banken staan onder toezicht van DNB en dienen wijzigingen van de personen die het (dagelijks) beleid van de bank (mede) bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat is belast met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de bank te melden aan DNB op grond van artikel 3:29 van de wet. De beleggingsondernemingen zijn op grond van artikel 94, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, BGfo al verplicht om wijzigingen van de (mede) beleidsbepalers of personen die onderdeel zijn van een orgaan dat is belast met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de beleggingsonderneming aan de AFM te melden.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>F (artikel 115)</titel>
              </kop>
              <al>Artikel 115, zesde lid, verwerkt artikel 19 van de richtlijn hypothecair krediet. De waardebepaling dient er mede toe consumenten te beschermen tegen overkreditering. In artikel 115, zesde lid van het BGfo is beschreven op welke manieren de waarde van de woning bepaald kan worden ten behoeve van de berekening van het maximale krediet in verhouding tot de waarde van de woning (<nadruk type="cur">loan to value</nadruk>). Kortgezegd kan voor de bepaling van de waarde van de woning thans worden uitgegaan van de koopsom of aanneemsom (bij nieuwbouw), de getaxeerde marktwaarde, de waarde zoals laatstelijk bepaalt op grond van de Wet waardering onroerende zaken of een modelmatige waardering.</al>
              <al>In artikel 115, zesde lid, onderdeel 3, vervalt de mogelijkheid om voor het bepalen van de waarde van de woning uit te gaan van de waarde van de woning zoals laatstelijk bepaald op grond van de Wet waardering onroerende zaken omdat deze waardebepaling niet voldoende zekerheid biedt. De modelmatige waardebepaling is onder voorwaarden nog wel mogelijk. De modelmatige waarde van de woning dient te worden beoordeeld en goedgekeurd door een deskundig en onafhankelijk taxateur. Een deskundig taxateur is bijvoorbeeld een taxateur die staat ingeschreven bij het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs (NRVT). Nadeel van modelmatige waardebepalingen is dat mogelijk geen rekening wordt gehouden met de staat van de individuele woning. Wanneer een woning in een slechte staat verkeert, bestaat het risico dat de modelmatige waardering te hoog uitvalt wat tot gevolg kan hebben dat meer geleend kan worden dan de daadwerkelijke waarde van de woning. Daarom is in het zesde lid, onderdeel 3, onder a, bepaald dat de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 90 procent van de modelmatige waarde van de woning. Daarbij is voorgeschreven dat het gebruikte statistisch model in ten minste 90 procent van de waardebepalingen minder dan tien procent mag afwijken van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning in Nederland of in een regionaal gebied binnen Nederland dat deel uitmaakt van de gebiedsindeling zoals opgesteld door de Coördinatiecommissie Regionaal Onderzoeksprogramma (COROP-indeling).</al>
              <al>In het zesde lid, onderdeel 3, onder b, is aangegeven dat ook gebruik kan worden gemaakt van een statistisch model dat in ten minste 85 procent van de waardebepalingen in Nederland of in regionaal COROP-gebied minder dan vijftien procent afwijkt van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning. Aangezien dit statistisch model een uitkomst heeft die meer mag afwijken van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning, is bepaald dat de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 70 procent van de vastgestelde modelmatige waarde van de woning. Op deze manier komen meer woningen in aanmerking voor modelmatige waardebepaling van de woning, maar wordt overkreditering nog steeds voorkomen.</al>
              <al>Het zevende lid vervalt. Dit betekent dat het niet langer mogelijk is om voor het verhogen van een hypothecair krediet (bijvoorbeeld voor de financiering van een verbouwing van een woning) of het oversluiten van een hypothecair krediet naar een andere kredietaanbieder de waarde van de woning te baseren op de WOZ-waarde. Aanbieders van hypothecair krediet kunnen echter wel gebruik maken van de WOZ-waarde bij mutaties van een lopend hypothecair krediet, bijvoorbeeld bij aanpassing van de risico-opslag. Op grond van het achtste lid gebruikt de aanbieder van hypothecair krediet uitsluitend een statistisch model dat voldoet aan de normen zoals opgenomen in het zesde lid, onderdeel 3, onder a of b. Of het statistisch model aan deze normen voldoet, dient jaarlijks te worden beoordeeld door een externe accountant van de modelleverancier. De accountant beoordeelt (op basis van een assurance-opdracht) of het statistisch model voldoet aan de normen zoals opgenomen in het zesde lid, onderdeel 3, onder a of b.</al>
              <al>Aan de assurance-opdracht kan verdere invulling worden gegeven door gebruik te maken van een standaard accountantsprotocol, dat vooraf aan de Werkgroep Controleprotocollen van de Nederlandse beroepsorganisatie van accountants (NBA) is voorgelegd ter beoordeling van de uitvoerbaarheid en of wordt voldaan aan de informatiebehoefte van de gebruiker. Opgemerkt wordt dat de beoordeling en de conclusie van de externe accountant alleen gevolgen kan hebben voor het toekomstig gebruik van de modelmatige waardebepalingen bij het verstrekken van hypothecair krediet.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>G (opschrift paragraaf 14.1)</titel>
              </kop>
              <al>Het opschrift van paragraaf 14.1 verwijst naar het derde lid van artikel 4:87 in plaats van het tweede lid. Deze foutieve verwijzing wordt met deze wijziging hersteld.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>H (artikel 164a)</titel>
              </kop>
              <al>Artikel 164a is gebaseerd op artikel 4:87, tweede lid, Wft en verwerkt artikel 7 van de gedelegeerde richtlijn (EU) 2017/593.<noot id="n10" type="voet"><noot.nr>10</noot.nr><noot.al>Gedelegeerde richtlijn (EU) 2017/593 van de Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het vrijwaren van financiële instrumenten en geldmiddelen die aan cliënten toebehoren, productgovernanceverplichtingen en de regels die van toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen.</noot.al></noot> Op grond van artikel 164a dient een beleggingsonderneming een werknemer aan te stellen die verantwoordelijk is voor het beschermen van de rechten van cliënten op aan hen toebehorende financiële instrumenten en gelden. Op deze manier kan het risico worden beperkt dat de verantwoordelijkheid versnipperd raakt over verschillende afdelingen binnen de beleggingsonderneming. De werknemer dient te beschikken over voldoende vaardigheden en gezag om zijn taken daadwerkelijk en ongehinderd te kunnen vervullen. Dit kan bijvoorbeeld bereikt worden door de werknemer onder te brengen bij een compliance afdeling of soortgelijke afdeling. De werknemer kan aanvullende taken vervullen indien die aanvullende taken de werknemer niet belemmeren in de uitoefening van zijn taken met betrekking tot het beschermen van de financiële instrumenten en gelden van cliënten.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel II (Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft)</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>A</titel>
              </kop>
              <al>De wijziging van artikel 37, onderdeel g, hangt samen met de wijziging van artikel 2:81 bij Wijzigingswet financiële markten 2026. In artikel 2:81, derde lid, is opgenomen dat bemiddelaars in verzekeringen naast bemiddelen voor een aanbieder of bemiddelaar in verzekeringen ook kunnen bemiddelen voor een gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent. Het tweede lid van artikel 2:81 is dan van overeenkomstige toepassing. Op grond van het tweede lid dient de aanbieder, bemiddelaar, gevolmachtigde agent en ondergevolmachtigde agent de betrokken bemiddelaar als verbonden bemiddelaar aan te melden bij de AFM. Artikel 37, onderdeel g, is in lijn hiermee aangepast.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel III (Besluit bestuurlijke boetes financiële sector)</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>A</titel>
              </kop>
              <al>In de opsomming van artikelen uit de Wet op het financieel toezicht onder het Algemeen deel wordt verwezen naar artikel 1:76a, zesde lid, aanhef en onderdeel a Wft. Dit moet echter, als gevolg van een vernummering van de artikelleden, artikel 1:76, achtste lid, aanhef en onderdeel a, Wft zijn, zoals ook in de bijlage bij artikel 1:80 Wft staat. Daarnaast bevat artikel 2:90 Wft door een artikelwijziging geen afzonderlijke leden meer, vandaar dat artikel 2:90, tweede lid, Wft wordt vervangen door artikel 2:90 Wft.</al>
              <al>In de opsomming van artikelen uit het Algemeen deel worden in de numerieke volgorde een reeks artikelnummers met bijbehorende boetecategorieën ingevoegd. Deze artikelen zijn in de bijlage bij artikel 1:80 Wft beboetbaar gesteld, maar nog niet van een boetecategorie voorzien in het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector (Bbbfs). De boetecategorieën zijn in lijn met de andere artikelleden die dezelfde normen hanteren en al zijn voorzien van een boetecategorie.</al>
              <al-groep>
                <al>In de opsomming van artikelen uit de Wet op het financieel toezicht onder het Deel Markttoegang financiële ondernemingen is het negende lid van artikel 2:121c en het negende lid van artikel 2:121d ingevoegd. Hierdoor zijn de artikelen 56c, eerste lid, en 56d van het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft beboetbaar gesteld.</al>
                <al>Artikel 5:89e, eerste tot en met derde lid, Wft over positiebeheerscontroles en artikel 5:89h Wft (melden bijzonderheden van de posities in grondstoffenderivaten die worden aangehouden op handelsplatform) waren nog niet beboetbaar gesteld. Deze artikelen zijn nu beboetbaar gesteld met boetecategorie 2. Verder is artikel 38a, eerste tot en met derde lid, BGfo (uitbesteding door beheerder van een icbe) beboetbaar gesteld met boetecategorie 3. Deze boetecategorie is vervangen door boetecategorie 2 zodat voor beheerders van beleggingsinstellingen en beheerders van icbe’s dezelfde boetecategorie geldt indien bepaalde uitbestedingsregels worden overtreden. Voorts zijn de artikelen die betrekking hebben op uitbesteding door bepaalde financiëledienstverleners beboetbaar gesteld. Het gaat dan om het voorschrift dat een financiëledienstverlener moet bijhouden welke werkzaamheden zijn uitbesteed en aan wie die werkzaamheden zijn uitbesteed en het voorschrift dat de uitbestedingsovereenkomst schriftelijk dient te worden vastgelegd (artikel 38l BGfo). Tevens zijn artikelen beboetbaar gesteld (met boetecategorie 2) die betrekking hebben op het melden van een wijziging van de (mede) beleidsbepalers door een bewaarder en het gebruik van statistische modellen door een aanbieder van hypothecair krediet. De boetecategorie is per artikel vastgesteld. De desbetreffende boetecategorieën zijn bepaald naar de ernst van de overtreding en sluiten aan bij de boetecategorieën die thans gelden voor soortgelijke overtredingen.</al>
              </al-groep>
              <al>In de opsomming van artikelen zijn in de alfabetische volgorde de artikelen 56c, eerste lid, en 57 van het Besluit markttoegang financiële ondernemingen Wft met bijbehorende boetecategorieën ingevoegd. De meldingsplicht in de artikelen 2:121c, eerste, vijfde en zesde lid, Wft en 2:121d, eerste, vijfde en zesde lid, Wft is in de bijlage bij artikel 1:80 Wft beboetbaar gesteld. In de artikelen 2:121c, negende lid, Wft en 2:121d, negende lid, Wft wordt verwezen naar de artikelen 56 en 57 van het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft, waarin is vastgelegd aan welke vereisten een melding moet voldoen. Er kon echter geen boete worden opgelegd indien een melding werd gedaan die niet aan de vereisten voldeed. Overtreding van de artikelen 56 en 57 zelf is nu beboetbaar gesteld omdat de artikelen 2:121c, negende lid, en 2:121d, negende lid, hiervoor te onbepaald zijn.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop>
                <titel>B</titel>
              </kop>
              <al>Artikel 3, vierde lid, van de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt 2018) bevat het verbod tot het opknippen van trustdiensten. Het opknippen van trustdiensten houdt in dat domicilieverlening en aanvullende werkzaamheden gesplitst worden, met als doel om buiten de reikwijdte van de Wtt 2018 te blijven. DNB heeft in haar wetgevingsbrief van 2024 aangeven in toenemende mate signalen te ontvangen over het opknippen van trustdiensten en heeft de wens geuit de boetecategorie gelijk te willen trekken met het bredere verbod om trustdiensten te verlenen zonder vergunning.<noot id="n11" type="voet"><noot.nr>11</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2023/24, <extref doc="kst-32545-204" soort="document" status="actief">32 545, nr. 204</extref>.</noot.al></noot> Een overtreding van dit verbod is in het Bbbfs beboetbaar gesteld met boetecategorie 2, terwijl overtreding van het verbod om trustdiensten te verlenen zonder vergunning beboetbaar is gesteld met boetecategorie 3. Met onderhavige wijziging is de boete gelijkgetrokken met de boete voor overtreding van het verbod om trustdiensten te verlenen zonder vergunning.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel IV (Besluit financiële markten BES)</titel>
            </kop>
            <al>Dit artikel strekt tot het schrappen van de driejaarlijkse herbeoordeling van de betrouwbaarheid van (mede)beleidsbepalers bij financiële ondernemingen die Wfm BES vergunningplichtig zijn. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 4 van het algemeen deel van deze toelichting.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel V (Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft)</titel>
            </kop>
            <al>Dit betreft een technische wijziging. Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer is hoofdstuk 2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gewijzigd. Met deze wijziging regelt artikel 2:8 Awb dat een bestuursorgaan een bericht elektronisch kan verzenden aan een of meer geadresseerden indien deze dat voldoende kenbaar heeft gemaakt aan het bestuursorgaan. Dit werd eerder in artikel 2:14, eerste lid, Awb geregeld. Om deze reden komt de verwijzing naar artikel 2:14, eerste lid, te vervallen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop>
              <titel>Artikel VI (inwerkingtreding)</titel>
            </kop>
            <al>Dit artikel regelt de inwerkingtreding. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.</al>
          </divisie>
        </divisie>
        <ondertekening>
          <functie>De Minister van Financiën,</functie>
          <naam>
            <voornaam>E.</voornaam>
            <achternaam>Heinen</achternaam>
          </naam>
        </ondertekening>
      </nota-toelichting>
    </wet-besluit>
  </staatsblad>
</officiele-publicatie>