﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE officiele-publicatie PUBLIC "-//Overheid//Officiele publicaties 1.0//NL" "http://standaarden.overheid.nl/op/dtd/offpublicatie.dtd"[]>
<officiele-publicatie>
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2008-270/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Staatsblad</titel>
    <subtitel>van het Koninkrijk der Nederlanden</subtitel>
  </kop>
  <staatsblad>
    <intitule>Wet
van 27 juni 2008 tot wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap
ter invoering van een verklaring van verbondenheid, en tot aanpassing
van de regeling van de verkrijging van het Nederlanderschap na
erkenning</intitule>
    <wet-besluit>
      <aanhef>
        <wij>Wij
Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.</wij>
        <considerans>
          <considerans.al>Alzo
Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Rijkswet op
het Nederlanderschap te wijzigen teneinde een verklaring van
verbondenheid onderdeel te laten zijn van de verkrijging van het
Nederlanderschap anders dan van rechtswege en tot aanpassing van de
regeling van de verkrijging van het Nederlanderschap na
erkenning;</considerans.al>
        </considerans>
        <afkondiging>
          <al>Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het
Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de
bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde,
hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij
deze:</al>
        </afkondiging>
      </aanhef>
      <wettekst>
        <wijzig-artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>I</nr>
          </kop>
          <wat type="wijziging">De
Rijkswet op het Nederlanderschap wordt als volgt gewijzigd:</wat>
          <wijziging>
            <nr>A.</nr>
            <wat>Artikel 2 wordt als volgt
gewijzigd:</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>1.</nr>
            <wat>Het derde lid
komt te luiden:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
                <al>Tenzij
anders bepaald, worden verklaringen en verzoeken van minderjarigen door
hun wettelijke vertegenwoordigers afgelegd en
ingediend.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>2.</nr>
            <wat>De laatste zin van het vierde lid komt te
luiden: Indien het kind dat de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt
bedenkingen heeft tegen de verkrijging of medeverkrijging, of tegen de
verlening of medeverlening, of indien zowel het kind als zijn wettelijk
vertegenwoordiger of de in dit lid bedoelde andere ouder bedenkingen
hebben tegen de medeverkrijging of medeverlening, deelt het kind daarin
niet.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>3.</nr>
            <wat>Aan artikel 2 wordt
een vijfde lid toegevoegd, luidend:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">5.</lidnr>
                <al>De
verklaring van verbondenheid wordt door minderjarigen van zestien jaar
en ouder zelfstandig afgelegd. Tenzij anders bepaald kunnen zij daarin
niet worden vertegenwoordigd.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>B.</nr>
            <wat>Het tweede lid van artikel 4 wordt vervangen
door de volgende vijf leden:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
                <al>Nederlander
wordt de minderjarige vreemdeling die na zijn geboorte en voor de
leeftijd van zeven jaar door een Nederlander wordt
erkend.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
                <al>Nederlander
wordt de minderjarige vreemdeling die zonder erkenning door wettiging
het kind wordt van een
Nederlander.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">4.</lidnr>
                <al>Door
erkenning wordt ook Nederlander de minderjarige vreemdeling die na zijn
geboorte wordt erkend door een Nederlander, die zijn biologische
vaderschap bij of binnen de termijn van één jaar na de
erkenning
aantoont.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">5.</lidnr>
                <al>Kinderen
van de minderjarige vreemdeling die op grond van het eerste, derde of
vierde lid het Nederlanderschap verkrijgt, delen in die
verkrijging.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">6.</lidnr>
                <al>Bij of
krachtens algemene maatregel van rijksbestuur kunnen nadere regels
worden gesteld met betrekking tot het in het vierde lid bedoelde
bewijs.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>C.</nr>
            <wat>Artikel 6 wordt als volgt
gewijzigd:</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>1.</nr>
            <wat>In de aanhef
van het eerste lid worden de woorden «tweede lid» vervangen
door: derde lid.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>2.</nr>
            <wat>Onderdeel
c van het eerste lid komt te
luiden:</wat>
            <artikeltekst>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>de minderjarige vreemdeling die
door een Nederlander is erkend en die niet op grond van de artikelen 3
of 4 Nederlander is of is geworden, indien hij onmiddellijk
voorafgaand aan de verklaring gedurende een onafgebroken periode van
ten minste drie jaren verzorging en opvoeding heeft genoten van de
Nederlander door wie hij is
erkend.</al>
                </li>
              </lijst>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>3.</nr>
            <wat>Onder vernummering van het tweede tot en met
achtste lid tot derde tot en met negende lid wordt een nieuw lid
ingevoerd, luidende:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
                <al>Bij het
afleggen van de verklaring tot verkrijging van het Nederlanderschap
verklaart de meerderjarige vreemdeling en de minderjarige vreemdeling
die de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt tevens bereid te zijn
bij de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring van
verbondenheid af te leggen. Het besluit tot bevestiging wordt niet
bekend gemaakt dan nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk
is afgelegd.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>4.</nr>
            <wat>In het achtste lid wordt de laatste zin
vervangen door: Een kind dat ten tijde van het afleggen van de
bereidverklaring de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt, deelt
slechts in de verkrijging indien het daarmee uitdrukkelijk instemt, de
in het tweede lid bedoelde bereidverklaring, alsmede de verklaring zelf
aflegt en jegens hem geen vermoedens bestaan als in het vierde lid
bedoeld. Het besluit tot bevestiging wordt niet bekend gemaakt dan
nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk is
afgelegd.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>D.</nr>
            <wat>In het eerste
lid van artikel 8 wordt in onderdeel c het laatste woord «en»
geschrapt, en wordt na onderdeel d, voorafgegaan door het woord
«en», een nieuw onderdeel toegevoegd,
luidende:</wat>
            <artikeltekst>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>e.</li.nr>
                  <al>die verklaart bereid te zijn bij
de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring van
verbondenheid af te leggen. Het besluit tot verlening wordt niet bekend
gemaakt dan nadat de verklaring daadwerkelijk is
afgelegd.</al>
                </li>
              </lijst>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>E.</nr>
            <wat>Artikel 11 wordt als volgt
gewijzigd:</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>1.</nr>
            <wat>De laatste zin
van het vierde lid komt te luiden: Aan een kind dat ten tijde van het
verzoek de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt, wordt het
Nederlanderschap slechts verleend, indien het daarmee uitdrukkelijk
instemt, hij bereid is bij de verkrijging van het Nederlanderschap een
verklaring van verbondenheid af te leggen en op hem geen van de
afwijzingsgronden van artikel 9, aanhef en onder a, met inbegrip van
het tweede lid van dat artikel, van toepassing is. Het besluit tot
verlening wordt niet bekend gemaakt dan nadat de verklaring van
verbondenheid daadwerkelijk is afgelegd.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>2.</nr>
            <wat>Het vijfde lid komt te
luiden:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">5.</lidnr>
                <al>Aan het
niet-Nederlandse kind van een vader of moeder die het Nederlanderschap
door optie verkregen heeft of aan wie zulks is verleend, dat
minderjarig was op het tijdstip van de verklaring of het verzoek van
die ouder, en dat in deze verkrijging of verlening niet deelde wegens
het bereiken van de meerderjarigheid, wordt het Nederlanderschap op
zijn verzoek
verleend:</al>
                <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                  <li>
                    <li.nr>a.</li.nr>
                    <al>indien
hij een onafgebroken periode van ten minste drie jaren onmiddellijk
voorafgaand aan het verzoek en aanvangende vóór het bereiken
van de meerderjarigheid toelating en hoofdverblijf en, sedert het
tijdstip van het verzoek, toelating voor onbepaalde tijd en
hoofdverblijf in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba
heeft,</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>b.</li.nr>
                    <al>indien hij
bereid is bij de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring
van verbondenheid af te leggen
en</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>c.</li.nr>
                    <al>ten aanzien van
hem geen van de afwijzingsgronden van artikel 9, eerste lid, aanhef en
onder a, met inbegrip van het tweede lid van dat artikel, van
toepassing is.</al>
                  </li>
                </lijst>
                <al>Het besluit tot
verlening wordt niet bekend gemaakt dan nadat de verklaring van
verbondenheid daadwerkelijk is
afgelegd.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>F.</nr>
            <wat>Aan het eerste lid van artikel 16 worden de
zinnen toegevoegd:</wat>
            <artikeltekst>
              <al>De in
onderdeel b bedoelde verklaring van afstand heeft geen rechtsgevolg dan
nadat de minderjarige die de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt en,
op diens verzoek, de ouder die geen wettelijk vertegenwoordiger is,
daarover zijn gehoord. Geen afstand is mogelijk indien het kind en die
ouder daartegen bedenkingen hebben. De minderjarige die de leeftijd van
zestien jaar heeft bereikt, legt de verklaring van afstand zelfstandig
af en kan daarin niet worden
vertegenwoordigd.</al>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>G.</nr>
            <wat>In artikel 22, eerste lid, onderdeel b,
worden de woorden «tweede lid» gewijzigd in: derde
lid.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>H.</nr>
            <wat>Aan artikel 23
worden, onder plaatsing van het getal 1 voor de bestaande tekst twee
leden toegevoegd, luidend:</wat>
            <artikeltekst>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
                <al>De
verklaring van verbondenheid, bedoeld in artikel 6, tweede lid, artikel
8, eerste lid onder e en artikel 11, vierde en vijfde lid, wordt
afgelegd met de volgende woorden: Ik zweer (verklaar) dat ik de
grondwettelijke orde van het Koninkrijk der Nederlanden, haar vrijheden
en rechten respecteer en zweer (beloof) de plichten die het
staatsburgerschap met zich meebrengt getrouw te vervullen. Degene die
de verklaring aflegt voegt daar ter bevestiging aan toe: Zo waarlijk
helpe mij God almachtig, of: Dat verklaar en beloof ik.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
                <al>De
gevallen waarin het afleggen van de verklaring, in afwijking van
artikel 6, tweede lid, 6 achtste lid, 8, eerste lid onder e, 11, vierde
lid, 11 vijfde lid onder b, 26, derde lid en 28, derde lid, niet
gevraagd zal worden of redelijkerwijs niet gevraagd kan worden en de
wijze waarop deze verklaring kan worden afgelegd, worden bij of
krachtens algemene maatregel van bestuur
vastgesteld.</al>
              </lid>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>I.</nr>
            <wat>In artikel 26, derde lid, komt de
voorlaatste zin te luiden: Een kind dat ten tijde van het afleggen van
de verklaring de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt, deelt in de
verkrijging indien het daarmee uitdrukkelijk instemt, de in het tweede
lid van artikel 6 bedoelde bereidverklaring daadwerkelijk aflegt en
jegens hem geen vermoedens bestaan als bedoeld in het vierde lid van
dat artikel. Het besluit tot bevestiging wordt niet bekend gemaakt dan
nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk is
afgelegd.</wat>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>J.</nr>
            <wat>In het tweede
lid van artikel 28 worden de woorden «tweede tot en met vijfde
lid» gewijzigd in: derde tot en met zesde lid, en komt de laatste
zin van het derde lid te luiden: Een kind dat ten tijde van het
afleggen van de verklaring de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt,
deelt in de verkrijging indien het daarmee uitdrukkelijk instemt, de in
het tweede lid van artikel 6 bedoelde bereidverklaring aflegt en jegens
hem geen vermoedens bestaan als bedoeld in het vierde lid van dat
artikel. Het besluit tot bevestiging wordt met betrekking tot hem niet
bekend gemaakt dan nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk
is afgelegd.</wat>
          </wijziging>
        </wijzig-artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>II</nr>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">1.</lidnr>
            <al>Na het
afleggen van een daartoe strekkende schriftelijke verklaring verkrijgt
het Nederlanderschap door een bevestiging als bedoeld in artikel 6,
tweede lid, van de Rijkswet op het
Nederlanderschap</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>de vreemdeling die vóór
de inwerkingtreding van deze Rijkswet maar op of na 1 april 2003,
vóór de leeftijd van zeven jaar is erkend door een
Nederlander,</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>de
vreemdeling die als minderjarige vóór de inwerkingtreding van
deze Rijkswet maar op of na 1 april 2003, op de leeftijd van zeven
jaar of ouder door een Nederlander is erkend, indien hij bij het
afleggen van de verklaring aantoont dat de erkenner zijn biologische
vader is,</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>de
vreemdeling die als minderjarige vóór de inwerkingtreding van
deze Rijkswet maar op of na 1 april 2003 door wettiging het kind
is geworden van een Nederlander.</al>
              </li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">2.</lidnr>
            <al>Artikel
6, derde tot en met negende lid, van de Rijkswet op het
Nederlanderschap is van overeenkomstige toepassing op de in het eerste
lid genoemde erkende of gewettigde personen, met dien verstande, dat op
de in het achtste lid bedoelde minderjarige niet het vereiste van
toelating en hoofdverblijf in Nederland, de Nederlandse Antillen of
Aruba van toepassing is en hij niet gehouden is de bereidverklaring en
de verklaring van verbondenheid af te
leggen.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">3.</lidnr>
            <al>Bij
of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur kunnen nadere regelen
worden gesteld met betrekking tot het in het eerste lid onder b
bedoelde
bewijs.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr status="officieel">4.</lidnr>
            <al>Voor
de toepassing van artikel 14, tweede lid, van de Rijkswet op het
Nederlanderschap wordt onder familierechtelijke betrekking mede
gerekend de erkenning en wettiging als bedoeld in het eerste
lid.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <wijzig-artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>IIA</nr>
          </kop>
          <wijziging>
            <nr>1.</nr>
            <wat>Artikel 5b onder a van de Wet
conflictenrecht namen komt als volgt te
luiden:</wat>
            <artikeltekst>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>Indien
een kind buiten Nederland rechtsgeldig is erkend of gewettigd, door
deze erkenning of wettiging in familierechtelijke betrekkingen tot de
vader is komen te staan en daarbij het Nederlanderschap heeft verkregen
of behouden, en indien de geslachtsnaam van dat kind na de erkenning of
de wettiging niet is bepaald met inachtneming van een naamskeuze in de
zin van artikel 5, tweede lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek,
kunnen de moeder en de erkenner gezamenlijk alsnog, tot twee jaar na de
erkenning of de wettiging, verklaren welke van hun beider geslachtsnaam
het kind zal hebben. Heeft het kind op het tijdstip van de erkenning of
de wettiging de leeftijd van zestien jaren bereikt, dan kan het, tot
twee jaar na de erkenning of de wettiging, zelf alsnog verklaren of het
de geslachts<?xpp afbm?>naam van de vader of de moeder zal
hebben.</al>
                </li>
              </lijst>
            </artikeltekst>
          </wijziging>
          <wijziging>
            <nr>2.</nr>
            <wat>In artikel 5, achtste lid, van Boek 1 BW
wordt onder vervanging van de punt door een komma, aan de tweede volzin
de volgende zinsnede toegevoegd: met dien verstande dat in het geval
dat volgende kinderen blijkens de geboorteakte of krachtens
toepasselijk recht een naam hebben die afwijkt van de naam van het
eerste kind, de ouders kunnen verklaren dat het desbetreffende kind
dezelfde geslachtsnaam zal hebben als het eerste
kind.</wat>
          </wijziging>
        </wijzig-artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>IIB</nr>
          </kop>
          <al>Indien het op 14 december 2004 door de leden
Wolfsen en Luchtenveld ingediende voorstel van wet tot aanvulling van
de Algemene wet bestuursrecht met de mogelijkheid van een dwangsom bij
niet tijdig beslissen door een bestuursorgaan (Wet dwangsom bij niet
tijdig beslissen) (Kamerstukken II 2004/05, 29 934, nr. 2)
tot wet is verheven en in werking is getreden, vinden de artikelen 4:16
tot en met 4:20 Algemene wet bestuursrecht geen toepassing ten aanzien
van beschikkingen op verzoeken tot naturalisatie als bedoeld in artikel
7 van de Rijkswet op het Nederlanderschap, ingediend op de Nederlandse
Antillen of Aruba, en ten aanzien van beslissingen op bezwaar tegen
zodanige beschikkingen, totdat bij Koninklijk Besluit daartoe een datum
is vastgesteld, die voor elk land afzonderlijk kan worden
bepaald.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>III</nr>
          </kop>
          <al>De
in artikel I, onderdelen A en C tot en met J, genoemde wijzigingen zijn
niet van toepassing op verklaringen tot verkrijging en verzoeken om
verlening van het Nederlanderschap ingediend vóór de datum
van inwerkingtreding van deze Rijkswet.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>ARTIKEL</label>
            <nr>IV</nr>
          </kop>
          <al>Deze
Rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip.</al>
        </artikel>
      </wettekst>
      <wetsluiting>
        <slotformulering>
          <al>Lasten en bevelen
dat deze in het Staatsblad, het Publicatieblad van de Nederlandse
Antillen en het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen
houden.</al>
        </slotformulering>
        <histnoot type="parlementair">
          <al>Kamerstuk 30 584 (R
1811)</al>
        </histnoot>
        <gegeven>
          <dagtekening>
            <plaats>’s-Gravenhage,</plaats>
            <datum isodatum="2008-06-27">27
juni
2008</datum>
          </dagtekening>
          <koning>Beatrix</koning>
        </gegeven>
        <ondertekening>
          <functie>De
Minister van
Justitie,</functie>
          <naam>
            <voornaam>E.
M. H.</voornaam>
            <achternaam>Hirsch
Ballin</achternaam>
          </naam>
        </ondertekening>
        <uitgifte>
          <datum isodatum="2008-07-15">Uitgegeven
de <nadruk type="cur">vijftiende</nadruk>
juli 2008</datum>
          <ondertekening>
            <functie>De Minister van
Justitie,</functie>
            <naam>
              <voornaam>E.
M. H.</voornaam>
              <achternaam>Hirsch
Ballin</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </uitgifte>
      </wetsluiting>
    </wet-besluit>
  </staatsblad>
</officiele-publicatie>