﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE staatsbl PUBLIC "-//SDU//DTD staatsblad xml 1.1//NL" "../../dtd/staatsbl-11.dtd"[]>
<staatsbl id="sb998.412" soort="wet" publtype="swet">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-1998-412/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel status="off">Staatsblad</titel>
    <subtitel>van het Koninkrijk der Nederlanden</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.4" conv="port1.2" markup="c1xa"></versie>
    <ordernr>STB4333 </ordernr>
    <stb>
      <jaargang jaar="1998">Jaargang 1998</jaargang>
      <stbjaar>1998 </stbjaar>
      <stbnr>412  </stbnr>
    </stb>
    <intitule>
      <soort>Wet</soort> van 11 juni 1998 tot wijziging van de Ziektewet,
de WAO, de WW en enkele andere wetten in verband met het wegnemen van belemmeringen
in sociale verzekeringswetten bij het opnemen van onbetaald verlof</intitule>
    <aanhef>
      <wie>Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz. </wie>
      <consider>
        <al>Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: </al>
        <al>Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is bestaande
belemmeringen in sociale verzekeringswetten bij het opnemen van onbetaald
verlof weg te nemen;</al>
      </consider>
      <afkondig>Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden
en verstaan bij deze:</afkondig>
    </aanhef>
  </frontm>
  <body>
    <wart id="ai">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL I. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING ZIEKTEWET </titel>
      </kop>
      <al>De Ziektewet<eindref refid="e1"></eindref> wordt als volgt gewijzigd:  </al>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>A </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt door een puntkomma,
een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>h. onbetaald verlof: een tussen werkgever en werknemer overeengekomen
periode van verlof, waarbij op grond van artikel 6, tweede lid, geen dienstbetrekking
aanwezig is. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>B </nr>
        </kop>
        <al>Artikel 6, tweede lid, onderdeel c, vervalt.  </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>C </nr>
        </kop>
        <al>In artikel 29, tweede lid, onderdeel c, wordt de zinsnede «de verzekerde
van wie de dienstbetrekking» vervangen door: de verzekerde van wie de
privaatrechtelijke dienstbetrekking, bedoeld in artikel 3, . 
 </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>D </nr>
        </kop>
        <al>In artikel 44 wordt, onder vernummering van het tweede en derde lid in
derde en vierde lid, een nieuw tweede lid ingevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <lid>
            <nr>2. </nr>
            <al>Het eerste lid blijft buiten toepassing ten aanzien van degene die onmiddellijk
voorafgaande aan het tijdstip, waarop de verzekering een aanvang nam, ononderbroken
onbetaald verlof, tot een maximum van achttien maanden, heeft genoten, behoudens
voorzover het betreft ongeschiktheid tot werken in de zin van het eerste lid,
die bestond op de dag, voorafgaande aan de eerste dag van dit verlof. Als
ononderbroken onbetaald verlof wordt aangemerkt perioden van onbetaald verlof
die elkaar met een onderbreking van minder dan een maand opvolgen. </al>
          </lid>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>E </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 46, eerste lid, wordt een zin toegevoegd, luidende: Indien
de verzekering berust op een privaatrechtelijke dienstbetrekking als bedoeld
in artikel 3 ontstaat de in de eerste zin bedoelde aanspraak op ziekengeld
eerst na het eindigen van die dienstbetrekking. </al>
      </wlid>
    </wart>
    <wart id="aii">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL II. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING WET OP DE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING
 </titel>
      </kop>
      <al>De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering<eindref refid="e2"></eindref> wordt
als volgt gewijzigd:  </al>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>A </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt door een puntkomma,
een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>j. onbetaald verlof: een tussen werkgever en werknemer overeengekomen
periode van verlof, waarbij op grond van artikel 6, tweede lid, geen dienstbetrekking
aanwezig is. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>B </nr>
        </kop>
        <al>Artikel 6, tweede lid, onderdeel c, vervalt.  </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>C </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 17, eerste lid, wordt een zin toegevoegd, luidende: Indien
de verzekering berust op een privaatrechtelijke dienstbetrekking als bedoeld
in artikel 3, is de eerste zin eerst na het eindigen van die dienstbetrekking
van toepassing.  </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>D </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 18, tweede lid, worden twee zinnen toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>De eerste zin blijft buiten toepassing ten aanzien van degene die onmiddellijk
voorafgaande aan het tijdstip, waarop de verzekering een aanvang nam, ononderbroken
onbetaald verlof, tot een maximum van achttien maanden, heeft genoten, behoudens
voorzover het betreft gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid in de zin van het
eerste lid, die bestond op de dag, voorafgaande aan de eerste dag van dit
verlof. Als ononderbroken onbetaald verlof wordt aangemerkt perioden van onbetaald
verlof die elkaar met een onderbreking van minder dan een maand opvolgen.  </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>E </nr>
        </kop>
        <al>Artikel 30 wordt als volgt gewijzigd: </al>
        <al>1°. Onder vernummering van het tweede en derde lid in derde en vierde
lid, wordt een nieuw tweede lid ingevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <lid>
            <nr>2. </nr>
            <al>Het eerste lid blijft buiten toepassing ten aanzien van degene die onmiddellijk
voorafgaande aan het tijdstip, waarop de verzekering een aanvang nam, ononderbroken
onbetaald verlof, tot een maximum van achttien maanden, heeft genoten, behoudens
voorzover het betreft arbeidsongeschiktheid in de zin van het eerste lid,
die bestond op de dag, voorafgaande aan de eerste dag van dit verlof. Als
ononderbroken onbetaald verlof wordt aangemerkt perioden van onbetaald verlof
die elkaar met een onderbreking van minder dan een maand opvolgen. </al>
          </lid>
        </arttkst>
        <al>2°. In het derde lid wordt de zinsnede «De in het vorige lid»
vervangen door: De in het eerste lid.  </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>F </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 75a, derde lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
einde van onderdeel b door een puntkomma, een nieuw onderdeel c toegevoegd,
luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>c. de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend aan een vervanger
als bedoeld in de Wet financiering loopbaanonderbreking, indien de verlofganger
die hij vervangt in de verlofperiode arbeidsongeschikt is geworden en terzake
van die ongeschiktheid recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering
heeft verkregen. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>G </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 76f, vierde lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
einde van onderdeel d door een puntkomma, een nieuw onderdeel e toegevoegd,
luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>e. indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend aan een vervanger
als bedoeld in de Wet financiering loopbaanonderbreking, indien de verlofganger
die hij vervangt in de verlofperiode arbeidsongeschikt is geworden en terzake
daarvan recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft verkregen. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
    </wart>
    <wart id="aiii">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL III. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING WERKLOOSHEIDSWET </titel>
      </kop>
      <al>De Werkloosheidswet<eindref refid="e3"></eindref> wordt als volgt gewijzigd:  </al>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>A </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt door een puntkomma,
een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>i. onbetaald verlof: een tussen werkgever en werknemer voor een gedeelte
of het geheel van de arbeidstijd overeengekomen verlof, waarin de werknemer
geen arbeid jegens de werkgever verricht. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>B </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 16, tweede lid, wordt een zin toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>Voor de vaststelling van de periode van 26 kalenderweken, bedoeld in de
eerste en tweede zin, worden weken, tot een maximum van 78 weken, waarin de
werknemer onbetaald verlof heeft genoten, niet in aanmerking genomen, tenzij
dit leidt tot een lager aantal uren dan wanneer die weken wel in aanmerking
zouden worden genomen.  </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>C </nr>
        </kop>
        <al>In artikel 17a, eerste lid, vervalt na onderdeel a het woord «of»
en wordt de punt aan het eind van onderdeel b vervangen door een puntkomma,
waarna een onderdeel wordt toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>c. wegens het genieten van onbetaald verlof geen arbeid heeft verricht,
tot een maximum van 78 weken. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>D </nr>
        </kop>
        <al>Artikel 17b wordt als volgt gewijzigd: </al>
        <al>1°. Onder vernummering van het zesde en zevende lid tot zevende en
achtste lid wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <lid>
            <nr>6. </nr>
            <al>Voor de toepassing van artikel 17, onderdeel b, onder 1°, worden dagen,
tot een maximum van achttien maanden, waarover de werknemer onbetaald verlof
heeft genoten, gelijkgesteld met dagen, waarover loon is ontvangen. </al>
          </lid>
        </arttkst>
        <al>2°. In het achtste lid, onderdeel a, wordt de zinsnede «dagen
waarover geen loon is ontvangen» vervangen door: dagen waarover, anders
dan bedoeld in het zesde lid, geen loon is ontvangen.  </al>
      </wlid>
      <wlid>
        <kop>
          <nr>E </nr>
        </kop>
        <al>Aan artikel 45, eerste lid, wordt een zin toegevoegd, luidende: </al>
        <arttkst>
          <al>Voor de vaststelling van de periode van 26 weken, bedoeld in de eerste
zin, worden weken, tot een maximum van 78 weken, waarin de werknemer onbetaald
verlof heeft genoten, niet in aanmerking genomen, tenzij dit leidt tot een
lager verdiend loon dan wanneer die weken wel in aanmerking zouden worden
genomen. </al>
        </arttkst>
      </wlid>
    </wart>
    <wart id="aiv">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL IV. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING ZIEKENFONDSWET </titel>
      </kop>
      <al>Artikel 3, vierde lid, onderdeel d, van de Ziekenfondswet<eindref refid="e4"></eindref>
wordt vervangen door: </al>
      <arttkst>
        <al>d. geen rekening gehouden met de wijzigingen van het loon, die tijdens
de duur van de dienstbetrekking plaatsvinden of hebben plaatsgevonden als
gevolg van het genieten van onbetaald verlof in de zin van artikel 1, onderdeel
h, van de Ziektewet of als gevolg van het genieten van ouderschapsverlof in
de zin van artikel 644 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel de op
de verzekerde van toepassing zijnde collectieve arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke
regeling inzake onbetaald verlof of ouderschapsverlof; . </al>
      </arttkst>
    </wart>
    <wart id="av">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL V. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING ALGEMENE BIJSTANDSWET </titel>
      </kop>
      <al>Aan artikel 9, tweede lid, van de Algemene bijstandswet<eindref refid="e5"></eindref>
wordt, onder vervanging van de punt aan het slot door een puntkomma, een nieuw
onderdeel toegevoegd, luidende: </al>
      <arttkst>
        <al>e. die onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel i,
van de Werkloosheidswet of die gehuwd is met een zodanig persoon, voorzover
diens gebrek aan middelen daarvan het gevolg is, tenzij belanghebbende alleenstaande
ouder is voor wie de verplichtingen op grond van artikel 107, tweede lid,
niet gelden en hij verlof geniet als bedoeld in artikel 644 van Boek 7 van
het Burgerlijk Wetboek.  </al>
      </arttkst>
    </wart>
    <wart id="avi">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL VI. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING WET INKOMENSVOORZIENING OUDERE EN GEDEELTELIJK
ARBEIDSONGESCHIKTE WERKLOZE WERKNEMERS </titel>
      </kop>
      <al>Artikel 6, eerste lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers<eindref refid="e6"></eindref> wordt als volgt
gewijzigd: </al>
      <al>1°. Aan het eind van onderdeel b vervalt «of». </al>
      <al>2°. Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door
een puntkomma, wordt een nieuw onderdeel d toegevoegd, luidende: </al>
      <arttkst>
        <al>d. onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van
de Werkloosheidswet of die met die persoon gehuwd is, ter hoogte van het bedrag
van het verlies van inkomen uit arbeid als gevolg van het genieten van dat
verlof, tenzij belanghebbende alleenstaande ouder is voor wie de verplichtingen
op grond van artikel 36, tweede lid, niet gelden en hij verlof geniet als
bedoeld in artikel 644 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. </al>
      </arttkst>
    </wart>
    <wart id="avii">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL VII. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING WET INKOMENSVOORZIENING OUDERE EN GEDEELTELIJK
ARBEIDSONGESCHIKTE GEWEZEN ZELFSTANDIGEN </titel>
      </kop>
      <al>Artikel 6, derde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen<eindref refid="e7"></eindref> wordt als volgt
gewijzigd: </al>
      <al>1°. Aan het eind van onderdeel c vervalt «of». </al>
      <al>2°. Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door
een puntkomma, wordt een nieuw onderdeel e toegevoegd, luidende: </al>
      <arttkst>
        <al>e. onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van
de Werkloosheidswet of die met die persoon gehuwd is, ter hoogte van het bedrag
van het verlies van inkomen uit arbeid als gevolg van het genieten van dat
verlof, tenzij belanghebbende alleenstaande ouder is voor wie de verplichtingen
op grond van artikel 36, tweede lid, niet gelden en hij verlof geniet als
bedoeld in artikel 644 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. </al>
      </arttkst>
    </wart>
    <wart id="aviii">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL VIII. </nr>
        <titel status="off">WIJZIGING TOESLAGENWET </titel>
      </kop>
      <al>Artikel 4 van de Toeslagenwet<eindref refid="e8"></eindref> komt als volgt te luiden:
 </al>
      <wlichaam>
        <art>
          <kop>
            <nr>Artikel 4 </nr>
          </kop>
          <al>Geen recht op toeslag heeft de persoon die onbetaald verlof geniet als
bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Werkloosheidswet of die met die
persoon gehuwd is, ter hoogte van het bedrag van het verlies van inkomen uit
arbeid als gevolg van het genieten van dat verlof. </al>
        </art>
      </wlichaam>
    </wart>
    <art id="aix">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL IX. </nr>
        <titel status="off">OVERGANGSBEPALING ZIEKTEWET </titel>
      </kop>
      <lid>
        <nr>1. </nr>
        <al>De artikelen 29 en 46 van de Ziektewet, zoals deze artikelen luidden op
de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, blijven van toepassing
op de persoon wiens aanspraak op ziekengeld is ontstaan voor de datum van
inwerkingtreding van deze wet, met betrekking tot die aanspraak. </al>
      </lid>
      <lid>
        <nr>2. </nr>
        <al>Artikel I, onderdeel C en E, is niet van toepassing op de persoon, bedoeld
in het eerste lid. </al>
      </lid>
    </art>
    <art id="ax">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL X. </nr>
        <titel status="off">OVERGANGSBEPALING WET OP DE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING </titel>
      </kop>
      <lid>
        <nr>1. </nr>
        <al>Artikel 17 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, zoals dat
artikel luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet,
blijft van toepassing op de persoon wiens aanspraak op arbeidsongeschiktheidsuitkering
is ontstaan voor de datum van inwerkingtreding van deze wet, met betrekking
tot die aanspraak. </al>
      </lid>
      <lid>
        <nr>2. </nr>
        <al>Artikel II, onderdeel C, is niet van toepassing op de persoon, bedoeld
in het eerste lid. </al>
      </lid>
    </art>
    <art id="axi">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL XI. </nr>
        <titel status="off">OVERGANGSBEPALING WERKLOOSHEIDSWET </titel>
      </kop>
      <lid>
        <nr>1. </nr>
        <al>De artikelen 16, 17a en 17b van de Werkloosheidswet, zoals die artikelen
luidden op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, blijven
van toepassing op de persoon wiens recht op uitkering, bedoeld in artikel
17 van de Werkloosheidswet, is ontstaan voor de datum van inwerkingtreding
van deze wet, met betrekking tot dat recht. </al>
      </lid>
      <lid>
        <nr>2. </nr>
        <al>Artikel III, onderdeel B, C en D, is niet van toepassing op de persoon,
bedoeld in het eerste lid. </al>
      </lid>
    </art>
    <art id="axii">
      <kop>
        <nr>ARTIKEL XII. </nr>
        <titel status="off">INWERKINGTREDING </titel>
      </kop>
      <al>Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip,
dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan
worden vastgesteld. </al>
    </art>
  </body>
  <backm>
    <nawerk>
      <slotform>Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat,
aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. </slotform>
      <eindnoot id="e1">
        <al>Stb. 1987, 88, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 april 1998, Stb.
290.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e2">
        <al>Stb. 1987, 89, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 april 1998, Stb.
290.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e3">
        <al>Stb. 1987, 93, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 11 juni 1998, Stb.
411.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e4">
        <al>Stb. 1992, 391, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 maart 1998, Stb.
203.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e5">
        <al>Stb. 1995, 199, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 april 1998, Stb.
290.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e6">
        <al>Stb. 1995, 205, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 april 1998, Stb.
290.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e7">
        <al>Stb. 1995, 206, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 april 1998, Stb.
290.</al>
      </eindnoot>
      <eindnoot id="e8">
        <al>Stb. 1987, 91, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 9 april 1998, Stb.
278.</al>
      </eindnoot>
      <histnoot>
        <al>Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal: </al>
        <al>Kamerstukken II 1997/98, <vetnr>25 618</vetnr>. </al>
        <al>Handelingen II 1997/98, blz. 2300–2325; 2351–2357; 2394–2395. </al>
        <al>Kamerstukken I 1997/98, 25 618 (165, 159a, 159b, 159c, 159d, 159e). </al>
        <al>Handelingen I 1997/98, blz. 1643–1663.</al>
      </histnoot>
      <ondertek>
        <ondplts>Gegeven te 's-Gravenhage, </ondplts>
        <onddatum>11 juni 1998 </onddatum>
        <koning>Beatrix  </koning>
        <minister>
          <minvan>De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, </minvan>
          <naam>A. P. W. Melkert  </naam>
        </minister>
        <minister>
          <minvan>De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, </minvan>
          <naam>F. H. G. de Grave </naam>
        </minister>
      </ondertek>
      <uitgifte>
        <uitgifte-regel>Uitgegeven de <nadruk type="cur">veertiende</nadruk> juli 1998 </uitgifte-regel>
        <uitdag>veertiende</uitdag>
        <uitmaand>juli</uitmaand>
        <uitjaar>1998 </uitjaar>
        <door>
          <minvan>De Minister van Justitie, </minvan>
          <naam>W. Sorgdrager </naam>
        </door>
      </uitgifte>
    </nawerk>
  </backm>
</staatsbl>