<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-9645/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>PROVINCIAAL BLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de provincie Noord-Holland</subtitel></kop><provinciaalblad><kop><titel>Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026 </titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; </al><al /><al>Overwegende dat Gedeputeerde Staten de gedelegeerde bevoegdheid hebben om subsidies te verstrekken; </al><al /><al>Overwegende dat het wenselijk is om objectieve, toetsbare en redelijke criteria vast te stellen met betrekking tot het verstrekken van begrotingssubsidies als schaarse middelen; </al><al /><al>Gelet op artikel 1 van de Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011; </al><al /><al>Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; </al><al /><al>Besluiten vast te stellen: </al><al /><al><nadruk type="vet">Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026 </nadruk></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling </titel></kop><al>In deze beleidsregel wordt verstaan onder begrotingssubsidie: een subsidie als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Criteria </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een begrotingssubsidie kan aan één aanvrager worden verstrekt als bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat deze aanvrager de enige geschikte gegadigde is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er is sprake van één geschikte gegadigde als aan ten minste één van de volgende criteria wordt voldaan: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de te subsidiëren activiteit behoort tot de wettelijke taak van de gegadigde; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van een goed dat eigendom is van de gegadigde of waarover de gegadigde zeggenschap heeft; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het is aannemelijk dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend door de gegadigde kan plaatsvinden, omdat deze beschikt over: </al><lijst><li><li.nr>i.</li.nr><al>specialistische kennis of een unieke methodiek; </al></li><li><li.nr>ii.</li.nr><al>de vereiste certificaten, keurmerken of andere kwaliteitsverklaringen; </al></li><li><li.nr>iii.</li.nr><al>de noodzakelijke vergunning; </al></li><li><li.nr>iv.</li.nr><al>de noodzakelijke contractuele betrekkingen; of </al></li><li><li.nr>v.</li.nr><al>de noodzakelijk governance-structuur; </al></li></lijst></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>uit een marktconsultatie is gebleken dat er maar één serieuze gegadigde is; </al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>in het kader van een specifieke uitkering (SPUK) is al bepaald wie de subsidieontvanger is; </al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van: </al><lijst><li><li.nr>i.</li.nr><al>de unieke geografische positie van de gegadigde; </al></li><li><li.nr>ii.</li.nr><al>de bijzondere binding die de gegadigde heeft met de doelgroep of regio; en </al></li><li><li.nr>iii.</li.nr><al>een bestaande samenwerkingsrelatie of een langdurig partnerschap; </al></li></lijst></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>de te subsidiëren activiteit kan binnen het voor het beleidsdoel gestelde tijdskader uitsluitend door de gegadigde worden uitgevoerd; of </al></li><li><li.nr>h.</li.nr><al>bij een te subsidiëren activiteit die inmiddels is gestart, zou het opstarten van een open selectieprocedure leiden tot een onherstelbare vertraging in de planning, met ernstige bestuurlijke of economische gevolgen. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Procedure bekendmaking voornemen </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het voornemen tot het verstrekken van een begrotingssubsidie wordt ten minste acht weken voor het te nemen besluit kenbaar gemaakt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het voornemen vermeldt: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de naam van de beoogde subsidieontvanger; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het subsidiebedrag; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>de activiteit waarvoor subsidie wordt verstrekt; en </al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>een onderbouwing aan de hand van de criteria, genoemd in artikel 2, tweede lid, waaruit blijkt waarom de beoogde subsidieontvanger de enige serieuze gegadigde is. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het kenbaar maken van het voornemen wordt de wijze vermeld waarop belanghebbenden een reactie naar voren kunnen brengen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Slotbepalingen </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel toetsingscriteria begrotingssubsidies Noord-Holland 2026.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Haarlem, 2 juni 2026. </functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie /><functie>Gedeputeerde Staten van Noord-Holland </functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie /><functie>A.Th.H. van Dijk, voorzitter </functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie /><functie>M. van Kuijk, provinciesecretaris </functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></provinciaalblad></officiele-publicatie>