<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-5923/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>PROVINCIAAL BLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de provincie Overijssel</subtitel></kop><provinciaalblad><kop><titel>Wijziging Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 </titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde Staten van Overijssel delen mee dat het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 als volgt is gewijzigd:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel> Wijzigingen Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 (Ubs 2022)</titel></kop><al><nadruk type="ondlijn">Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">Hoofdstuk 1 Algemeen </nadruk></nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.1.2 Geldigheid van de regels in het Uitvoeringsbesluit </nadruk></al><al>Lid 2: eerste zin van dit artikel komt als volgt te luiden: </al><al>Voor alle in het Ubs opgenomen subsidies en de incidentele subsidies als bedoeld in artikel 4.23 lid 3 onderdeel d, gelden de voorwaarden uit Hoofdstuk 1 en de aanvullende of afwijkende voorwaarden die in de betreffende subsidieregeling zijn genoemd.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.1.3 Betekenis van begrippen </nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">Algemene begrippen </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Asv-aanvraag: vervallen</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Asv-subsidie: vervallen</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Algemene subsidieverordening Overijssel 2005: de laatste zin vervalt. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.1 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen </nadruk></al><al>Lid 2: vervallen</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.2 Incidentele activiteitensubsidie </nadruk></al><al>Het woord ‘incidentele’ vervalt 3 keer</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.12 Verplicht gebruik van het aanvraagformulier </nadruk></al><al>‘de Asv-aanvraag of’ vervalt </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.13 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens</nadruk></al><al>Lid 5: ‘Asv-aanvraag of’ vervalt</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.15 Beschikbaar budget voor een Asv-aanvraag </nadruk></al><al>vervallen</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.17 Berekening subsidiebedrag </nadruk></al><al>Lid 1: ‘of de Asv-subsidieverlening’ vervalt</al><al>Lid 2 komt als volgt te luiden:</al><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al>De subsidie wordt niet verleend als de berekende subsidie minder dan € 1.000,- bedraagt. De maximale subsidie staat in de subsidieregeling.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.20 Subsidie vanaf € 25.000,- tot € 125.000,- </nadruk></al><al>Lid 8: vervallen</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1.2.21 Subsidies vanaf € 125.000,- </nadruk></al><al>Lid 8: vervallen</al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">6.19 Regio Deal Regio Zwolle II - Gebiedsarrangementen en losse initiatieven</nadruk></nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 6.19.8 Subsidieaanvraag</nadruk></al><al>Lid 1 komt als volgt te luiden:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De subsidieaanvraag kan ingediend worden vanaf:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>19 mei 2025 om 9.00 uur en moet uiterlijk 28 mei 2025 voor 17.00 uur ontvangen zijn;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>20 april 2026 om 9.00 uur en moet uiterlijk 24 april 2026 om 17.00 uur ontvangen zijn. Deze openstelling geldt alleen voor actielijn Leefbaarheid.</al></li></lijst></li></lijst><al>Aan het Ubs 2022 wordt hoofdstuk 9 en paragraaf 9.1 toegevoegd:</al><al /><al><nadruk type="vet">Hoofdstuk 9 Ruimte voor kansen en maatwerk </nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">9.1 Maatwerkprojecten provinciale opgaven </nadruk></nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.1 Betekenis van de begrippen </nadruk></al><al>In dit artikel worden vaker voorkomende begrippen uitgelegd. </al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Provinciale begroting: de door Provinciale Staten vastgestelde begroting van de provincie Overijssel, die is te vinden op <extref doc="https://destaatvan.overijssel.nl/"><nadruk type="ondlijn">www.staatvan.overijssel.nl</nadruk>.</extref></al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Project: een tijdelijke, éénmalige activiteit met een begin- en einddatum waarna het bedoelde, specifieke projectresultaat bereikt is. Het onderscheidt zich van de gebruikelijke, dagelijkse activiteiten van de aanvrager door zijn éénmalige karakter. </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Kerntaak: de provinciale kerntaken zoals opgenomen in de provinciale begroting. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.2 Doel van de subsidieregeling </nadruk></al><al>Met deze subsidieregeling wil de provincie projecten ondersteunen waarvoor geen specifieke provinciale subsidieregeling is en die naar het oordeel van Gedeputeerde Staten van provinciaal belang zijn én een belangrijke bijdrage leveren aan het realiseren van de provinciale beleidsdoelen en opgaven zoals genoemd in artikel 9.1.3. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De subsidie wordt verleend voor een project dat naar het oordeel van Gedeputeerde Staten bijdraagt aan minimaal een van de volgende beleidsdoelen of prestaties zoals opgenomen in de provinciale begroting: </al></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Ruimtelijke ontwikkeling </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Een goede ruimtelijke ordening op en onder de grond (beleidsdoel 1.1)</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Woningbouwontwikkelingen die aansluiten bij de regionale vraag (beleidsdoel 1.3); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Ruimtelijke ontwikkelingen met meerwaarde voor de omgeving (beleidsdoel 1.4). </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Milieu en Energie </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie (prestatie 2.3.1) </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Mobiliteit </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Slimme combinatie van systemen en netwerken (beleidsdoel 4.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Robuuste, slimme en duurzame logistiek (beleidsdoel 4.4). </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Regionale economie </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Bevorderen van de concurrentiekracht en verdienvermogen van ondernemers in Overijssel (prestatie 5.1.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Bevorderen van een attractief Overijssels vestigingsklimaat voor ondernemers (prestatie 5.1.2); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Ontwikkelen van een toekomstgerichte economie (prestatie 5.1.3); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Retail: vernieuwende stads- en dorpscentra (prestatie 5.1.6); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Recreatie en Vrije Tijd (prestatie 5.2.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Nationaal Groeifonds (prestatie 5.3.3). </al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Het project voldoet aan alle voorwaarden die hieronder genoemd zijn: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>voor de activiteit is geen specifieke subsidieregeling opgenomen in de hoofdstukken 2 tot en met 8 van dit Uitvoeringsbesluit; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de activiteit komt voort uit een maatschappelijke vraag in Overijssel; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>de activiteit en de resultaten ervan, zijn niet alleen van belang voor de aanvrager, maar ook voor anderen. Dit betekent dat de resultaten het individueel belang overstijgen; </al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>er is sprake van een leereffect dat verder gaat dan één gemeente en/of organisatie; </al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>als sprake is van fysieke activiteiten in de openbare ruimte, is de betreffende gemeente of de beherende organisatie op de hoogte van de uit te voeren activiteiten; </al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>als de activiteiten of het resultaat ervan na de subsidieperiode worden voortgezet, dan moet de aanvrager in de aanvraag inzichtelijk maken op welke manier dit activiteit organisatorisch en financieel duurzaam wordt geborgd; </al></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>het project heeft geen voorzienbare significante negatieve effecten op andere provinciale doelen en opgaven; </al></li><li><li.nr>h.</li.nr><al>de resultaten kunnen binnen de looptijd van het project worden behaald; </al></li><li><li.nr>i.</li.nr><al>de aanvrager heeft aannemelijk gemaakt dat het project inhoudelijk, juridisch, financieel en organisatorisch haalbaar is. </al></li></lijst></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Projecten op het gebied van Milieu en energie voldoen aanvullend aan de voorwaarde dat het project, naar het oordeel van Gedeputeerde Staten, substantiële toegevoegde waarde heeft voor de versnelling van de overgang naar een schoon, robuust en betaalbaar energiesysteem in 2050, zoals beschreven in de Energievisie Overijssel 2050. Het gaat hierbij om initiatieven die bijdragen aan: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het verminderen van het energiegebruik; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het vergroten van de lokale opwek en benutting van duurzame energie; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het versterken van een toekomstbestendige energie-infrastructuur; </al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het bevorderen van een gebalanceerde energiemix (o.a. elektriciteit, warmte, biogas, waterstof). </al></li></lijst></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>Projecten op het gebied van Regionale economie voldoen aanvullend aan de volgende voorwaarden: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het project heeft, naar het oordeel van Gedeputeerde Staten, aantoonbare en substantiële toegevoegde waarde voor bedrijven in de provincie Overijssel; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het project sluit aan bij de bredere ontwikkelingen binnen het betreffende beleids- of werkveld; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het project versterkt of ondersteunt bestaande projecten, initiatieven en/of de ontwikkeling van relevante economische of maatschappelijke ecosystemen. Een ecosysteem is een netwerk van organisaties, bedrijven, overheden en onderwijs- en kennisinstellingen die werken aan een gemeenschappelijk doel; </al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>er is aantoonbaar draagvlak bij belanghebbenden en relevante (maatschappelijke) organisaties en overheden, of bij bestaande organisaties die vergelijkbare of hiermee samenhangende resultaten nastreven; </al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>als het project wordt uitgevoerd door een onderwijs- of kennisinstelling, is er aantoonbare betrokkenheid van het bedrijfsleven. Deze betrokkenheid blijkt uit samenwerking, inzet van middelen en/of actieve betrokkenheid bij de uitvoering en maakt aannemelijk dat de resultaten van het project ten goede komen aan de economische bedrijvigheid in de provincie Overijssel; </al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>als sprake is van een project voor de sector recreatie en vrije tijd, dan moet het project de balans tussen bewoners, bezoekers en bedrijven bevorderen door het ontwikkelen van nieuw én kwalitatief hoogwaardig toeristisch aanbod, spreiding in tijd en ruimte en aansluiten bij (inter-) gemeentelijk beleid. </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.4 Aanvrager </nadruk></al><al>De aanvrager is een medeoverheid, een stichting, een vereniging, een coöperatie, een BV of een NV of een penvoerder namens een samenwerkingsverband. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.5 Kosten die voor de subsidie in aanmerking komen </nadruk></al><al>De personeelskosten en de kosten van derden zijn subsidiabel. De artikelen 1.2.5 tot en met 1.2.9 zijn van toepassing. Er gelden geen uitzonderingen op de subsidiabele en niet subsidiabele kosten. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.6 Hoogte van de subsidie. </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De subsidie is maximaal 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 500.000,- per aanvraag. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De subsidie wordt niet verleend als de berekende subsidie minder is dan € 5.000,-. Artikel 1.2.17 lid 2 is van toepassing. </al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Het subsidiepercentage van maximaal 50% kan verhoogd worden tot maximaal 100%, mits sprake is van een project waarvoor geen andere inkomstenbronnen of financieringsmogelijkheden beschikbaar zijn. </al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>De maximale subsidie kan door Gedeputeerde Staten worden verhoogd als zij van oordeel zijn dat een hoger provinciaal subsidiebedrag noodzakelijk is om de beoogde resultaten te realiseren of om de financiering van het project sluitend te krijgen. </al></li><li><li.nr>5.</li.nr><al>Een aanvrager mag niet vaker dan 2 keer per kalenderjaar subsidie ontvangen op grond van deze subsidieregeling, behalve als Gedeputeerde Staten anders besluiten. </al></li><li><li.nr>6.</li.nr><al>In afwijking van lid 1 is de subsidie voor de kerntaak Ruimtelijke ontwikkeling maximaal 90% tot een maximum van € 200.000,- per aanvraag. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.7 Verplicht vooroverleg </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag heeft afstemming plaatsgevonden met de provinciale beleidsmedewerker voor het betreffende beleidsdoel waaraan het project bijdraagt. In het vooroverleg wordt een eerste inschatting gemaakt of de aanvraag mogelijk gaat voldoen aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 9.1.3. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De aanmelding voor een vooroverleg kan via het beschikbaar gestelde formulier op de subsidiepagina van deze subsidieregeling.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.8 Subsidieaanvraag </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De aanvraag kan het hele jaar worden ingediend. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De aanvrager maakt gebruik van het digitale aanvraagformulier Maatwerkprojecten provinciale opgaven. </al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>De aanvrager levert een begroting en een dekkingsplan in. Het is verplicht om het beschikbaar gestelde begrotingsformat te gebruiken. Artikel 1.2.13 is van toepassing. </al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>De aanvrager levert aanvullend de volgende stukken in: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een projectplan; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>in geval van een bijdrage van derden: een schriftelijke bevestiging van de partij die een geldbijdrage inbrengt. Als de geldbijdrage uit eigen middelen van de aanvrager komt, is dat niet nodig; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>uitkomst van het vooroverleg zoals genoemd in artikel 9.1.7;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>als de aanvrager niet de eigenaar van de grond is: een verklaring van de eigenaar van de grond dat deze instemt met de realisatie van de activiteit op zijn grond. </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.9 Beschikbaar budget voor de regeling </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Het subsidieplafond wordt jaarlijks vastgesteld. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Er geldt een deelplafond voor de volgende beleidsdoelen of prestaties zoals opgenomen in de provinciale begroting: </al></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Ruimtelijke ontwikkeling </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Een goede ruimtelijke ordening op en onder de grond (beleidsdoel 1.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Woningbouwontwikkelingen die aansluiten bij de regionale vraag (beleidsdoel 1.3); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Ruimtelijke ontwikkelingen met meerwaarde voor de omgeving (beleidsdoel 1.4). </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Milieu en Energie </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie (prestatie 2.3.1). </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Mobiliteit </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Slimme combinatie van systemen en netwerken (beleidsdoel 4.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Robuuste, slimme en duurzame logistiek (beleidsdoel 4.4). </al></li></lijst></li><li><li.nr /><al><nadruk type="ondlijn">Kerntaak Regionale economie </nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Bevorderen van de concurrentiekracht en verdienvermogen van ondernemers in Overijssel (prestatie 5.1.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Bevorderen van een attractief Overijssels vestigingsklimaat voor ondernemers (prestatie 5.1.2); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Ontwikkelen van een toekomstgerichte economie (prestatie 5.1.3); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Retail: vernieuwende stads- en dorpscentra (prestatie 5.1.6); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Recreatie en Vrije Tijd (prestatie 5.2.1); </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Nationaal Groeifonds (prestatie 5.3.3). </al></li></lijst></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Er kan maar voor één deelplafond aangevraagd worden. Als sprake is van een project dat bijdraagt aan meerdere provinciale doelen of prestaties, dan geldt het deelplafond van het beleidsdoel of de -prestatie waaraan naar het oordeel van Gedeputeerde Staten het meest wordt bijgedragen volgens de beschrijving in de aanvraag en de beoordeling in het verplichte vooroverleg. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.10 Aanvullende verplichtingen </nadruk></al><al>De subsidieontvanger is verplicht: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het project binnen 4 jaar na datum van de subsidieverlening uitgevoerd te hebben;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de resultaten van de activiteiten en opgedane kennis en ervaring te delen op de eigen website of sociale mediakanalen. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.11 Staatssteun </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Als sprake is van staatssteun wordt de subsidie alleen verleend als de aanvraag voldoet aan hoofdstuk 1 en aan een van de volgende artikelen, artikel 18, 21, 25, 26, 26 bis, 27, 29, 41, 45, 46, 48, 49, 53, 55 of 56 van de AGVV. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Er is geen sprake van staatssteun als de subsidie verleend kan worden onder de Algemene De-minimisverordening, De-minimisverordening Landbouw of de De-minimisverordening DAEB. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9.1.12 Looptijd </nadruk></al><al>De subsidieregeling vervalt op 31 december 2027, om 17.00 uur. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>II</nr><titel> Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit besluit treedt in werking 1 dag na publicatie in het Provinciaal Blad.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Gedeputeerde Staten van Overijssel</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></provinciaalblad></officiele-publicatie>