<OfficielePublicatie schemaversie="1.2.0" xmlns="https://standaarden.overheid.nl/lvbb/stop/uitlevering/">
  <ExpressionIdentificatie xmlns="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
    <FRBRWork>/akn/nl/officialGazette/prb/2026/4037</FRBRWork>
    <FRBRExpression>/akn/nl/officialGazette/prb/2026/4037/nld@2026-03-09</FRBRExpression>
    <soortWork>/join/id/stop/work_015</soortWork>
  </ExpressionIdentificatie>
  <OfficielePublicatieVersieMetadata xmlns="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
    <gepubliceerdOp>2026-03-09</gepubliceerdOp>
  </OfficielePublicatieVersieMetadata>
  <OfficielePublicatieMetadata xmlns="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
    <heeftCiteertitelInformatie>
      <CiteertitelInformatie>
	<citeertitel>Ontwerp Provinciale Omgevingsvisie Fryslân</citeertitel>
	<isOfficieel>true</isOfficieel>
      </CiteertitelInformatie>
    </heeftCiteertitelInformatie>
    <eindverantwoordelijke>/tooi/id/provincie/pv21</eindverantwoordelijke>
    <informatieobjectRefs>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/POVI_Participatie_16_12_2025/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_1_Leefomgevingsfoto_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_2_Contourenschets_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_3_Matrix_alternatieven_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_4_Managementsamenvatting_PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_5_Matrix_keuzepunten_en_aspecten_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_6_Passende_beoordeling_Povi_Friesland/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
      <informatieobjectRef>/join/id/regdata/pv21/2026/PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</informatieobjectRef>
    </informatieobjectRefs>
    <jaargang>2026</jaargang>
    <maker>/tooi/id/provincie/pv21</maker>
    <officieleTitel>Ontwerp Provinciale Omgevingsvisie Fryslân</officieleTitel>
    <ondertekendOp>2026-03-03</ondertekendOp>
    <onderwerpen>
      <onderwerp>/tooi/def/concept/c_cfc7d5ab</onderwerp>
    </onderwerpen>
    <publicatieIdentifier>prb-2026-4037</publicatieIdentifier>
    <publicatienaam>Provinciaal blad 2026, 4037</publicatienaam>
    <publicatieblad>/tooi/def/concept/c_bdc265d5</publicatieblad>
    <publicatienummer>4037</publicatienummer>
    <publiceert>/akn/nl/bill/pv21/2026/besluit-omgevingsvisie-20260309-183154/nld@2026-03-09;1</publiceert>
    <soortProcedure>/join/id/stop/proceduretype_ontwerp</soortProcedure>
    <rechtsgebieden>
      <rechtsgebied>/tooi/def/concept/c_8ad05f6d</rechtsgebied>
    </rechtsgebieden>
    <uitgever>/tooi/id/provincie/pv21</uitgever>
    <soortPublicatie>/join/id/stop/soortpublicatie_001</soortPublicatie>
  </OfficielePublicatieMetadata>
  <OfficielePublicatie xmlns="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/tekst/">
    <Provinciaalblad>
      <Bladaanduiding>
	<Titelregel>Provinciaal blad</Titelregel>
	<Titelregel>Officiële uitgave van de provincie Fryslân</Titelregel>
      </Bladaanduiding>
      <BesluitCompact schemaversie="1.2.0">
	<RegelingOpschrift wId="longTitle" eId="longTitle">
	  <Al>Ontwerp Provinciale Omgevingsvisie Fryslân</Al>
	</RegelingOpschrift>
	<Lichaam wId="body" eId="body">
	  <WijzigArtikel wId="pv21_c57970e887f04d1b824d51c5572cb505__art_I" eId="art_I">
	    <Kop>
	      <Label>Artikel</Label>
	      <Nummer>I</Nummer>
	    </Kop>
	    <Wat>Dit besluit betreft de ontwerp 'Provinciale Omgevingsvisie Fryslân' die opgenomen is in '<IntRef ref="cmp_A">bijlage A</IntRef>'.</Wat>
	  </WijzigArtikel>
	  <Artikel wId="pv21_0740c55a00d34eca898dfb5674f2b0a7__art_I" eId="art_II">
	    <Kop>
	      <Label>Artikel</Label>
	      <Nummer>II</Nummer>
	    </Kop>
	    <Inhoud>
	      <Al>Dit ontwerpbesluit, het ontwerp omgevingseffectrapport inclusief bijlagen en het participatieverslag worden voor de minimale wettelijke periode van 6 weken ter inzage gelegd.</Al>
	    </Inhoud>
	  </Artikel>
	</Lichaam>
	<WijzigBijlage wId="pv21_69103d4187bf4cb682cf09134c989507__cmp_A" eId="cmp_A">
	  <Kop>
	    <Label>Bijlage</Label>
	    <Nummer>A</Nummer>
	  </Kop>
	  <RegelingVrijetekst schemaversie="1.2.0" wordt="/akn/nl/act/pv21/2026/omgevingsvisie/nld@2026-03-09;1" componentnaam="regeling">
	    <RegelingOpschrift wId="longTitle" eId="longTitle">
	      <Al>Provinciale Omgevingsvisie Fryslân</Al>
	    </RegelingOpschrift>
	    <Lichaam wId="body" eId="body">
	      <Divisietekst wId="pv21_af36733b51f34a7c9d1bcfceac97427e__div_o_1__content_o_2" eId="content_o_1">
		<Kop>
		  <Opschrift>Leeswijzer</Opschrift>
		</Kop>
		<Inhoud>
		  <Kadertekst wId="pv21_5d434b871de94c7b8e828df928fbbd23__recital_o_1" eId="content_o_1__recital_o_1">
		    <Al>
                              <b>Leeswijzer omgevingsvisie</b>
                           </Al>
		    <Al>De totale provinciale Omgevingsvisie bestaat uit vijf delen:</Al>
		    <Lijst type="expliciet" wId="pv21_44657b07d4af472e86afbe7a0671405a__recital_o_1__list_o_1" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1">
		      <Li wId="pv21_1cbf2d7d9c0b433b9395b12c4b1f51ca__recital_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_A">
			<LiNummer>A.</LiNummer>
			<Al>Visie (inhoudelijk en sturingsfilosofie)</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_594a6060f47a43d2b7536c384116a27c__recital_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_B">
			<LiNummer>B.</LiNummer>
			<Al>Thematische Verdieping</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_18d121565fc7482d9351b849b9744c23__recital_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_C">
			<LiNummer>C.</LiNummer>
			<Al>Gebiedsgerichte Verdieping</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_4396df6dedd04a91a630e1271bea70f4__recital_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_D">
			<LiNummer>D.</LiNummer>
			<Al>Kaartenboek</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_5300acfa5efa4b8ebd25a8dff09fb65d__recital_o_1__list_o_1__item_o_5" eId="content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_E">
			<LiNummer>E.</LiNummer>
			<Al>Bijlagen</Al>
		      </Li>
		    </Lijst>
		    <Al>Het deel Visie schetst het hoofddoel waar we voor gaan, de uitdagingen waar we voor staan, de ambities die we hebben en hoe we daar invulling en sturing aan willen geven. Dit afgeronde deel geeft op hoofdlijnen de inhoud weer. Het deel Visie sluit af met de sturingsfilosofie en benoemt provinciale rollen en taken, de gewenste samenwerking en het instrumentarium dat ingezet kan worden bij de uitvoering van plannen.</Al>
		    <Al>In het deel Thematische Verdieping gaan we – aan de hand van thema's - nader in op de in de Visie aangegeven ambities/bewegingen. Binnen de thema's worden uitgangsituaties, opgaven, doelen en oplossingsrichtingen beschreven. Ook geven we aan waar er raakvlakken liggen met andere thema’s. We kijken en zoeken binnen de fysieke leefomgeving immers naar integrale oplossingen.</Al>
		    <Al>In het deel Gebiedsgerichte Verdieping beschrijven we hoe de bewegingen, doelen en thema's uitwerken in acht Friese regio's en in zeven zogenaamde uitnodigingszones.</Al>
		    <Al>De ondersteunende kaartbeelden en bijlagen vormen de overige delen.<br/></Al>
		  </Kadertekst>
		</Inhoud>
	      </Divisietekst>
	      <Divisie wId="pv21_c8307535f43c4240aea9a1ec973caca9__div_o_1" eId="div_A">
		<Kop>
		  <Label>Deel</Label>
		  <Nummer>A</Nummer>
		  <Opschrift>VISIE</Opschrift>
		</Kop>
		<Divisietekst wId="pv21_1d4b8abcbb384a34a6c98d085a038450__div_A__content_A.1" eId="div_A__content_o_1">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Leeswijzer</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Voor u ligt het deel Visie. </Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_e835546f495147c1994ec6fd92b58919__recital_o_1" eId="div_A__content_o_1__recital_o_1">
		      <Al>
                                 <b>Leeswijzer deel Visie</b>
                              </Al>
		      <Al>In dit deel Visie schetsen we in het eerste hoofdstuk het hoofddoel waar we voor gaan: brede welvaart en Fries geluk voor iedereen. In hoofdstuk 2 gaan we in op de opgaven en uitdagingen waar we zowel (inter)nationaal als provinciaal voor staan. In het derde hoofdstuk schetsen we onze ambities in de vorm van vier bewegingen, om vervolgens in het vierde en vijfde hoofdstuk aan te geven hoe we gaan werken. Tot slot gaan we in hoofdstuk 6 kort in op de participatie en de in het verlengde van deze Omgevingsvisie liggende Omgevingseffectrapportage (OER). </Al>
		      <Al>Dit deel Visie is een afgerond geheel dat op hoofdlijnen de inhoud van de complete Omgevingsvisie weergeeft.</Al>
		    </Kadertekst>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_2393aac246b74ca280d1b2af7e931771__div_o_1__content_o_6" eId="div_A__content_o_2">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Inleiding</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Fryslân is in beweging. Het bruist en borrelt er, de dingen gebeuren er met energie, enthousiasme en elan. Dat spreekt onder meer uit de zelfbewuste manier waarop Fryslân zich profileert als provincie waar het goed wonen, werken, studeren en leven is. Als provincie ook met unieke kenmerken en een bijzondere eigen identiteit. Bovendien een ondernemende provincie waar organisaties en inwoners samen veel weten te bereiken. Kortom, een provincie die vanuit het verleden zelfbewust en slagvaardig naar het heden en de toekomst kijkt. Dat is ook nodig, gezien de grote actuele vraagstukken en opgaven in de fysieke leefomgeving: de gedeelde ruimte waarin de inwoners van Fryslân samenleven.</Al>
		    <Al>In deze nieuwe Omgevingsvisie bieden we een inspirerend en uitnodigend perspectief op de toekomst van deze gedeelde ruimte. Met aandacht voor water, bodem, natuur, landschap, landbouw, bedrijvigheid, milieu, energie, mobiliteit, wonen, werken en recreëren. Centraal staan de urgente opgaven die in die ruimte op de juiste plek een passende uitwerking moeten krijgen, zodat we ook in de toekomst in een mooi, gezond en leefbaar Fryslân kunnen leven.</Al>
		    <Al>De visie is geen eindbeeld maar biedt een perspectief voor de gewenste ontwikkeling van de Friese leefomgeving op de lange termijn; van nu, tot straks (2035), naar later (2050 en verder). Een perspectief waarin Fryslân bij alle noodzakelijke aanpassingen haar eigenheid weet te bewaren. Alle in Fryslân aanwezige kennis, vaardigheden en creativiteit zijn nodig om aan de opgaven een goede invulling te geven. Dat vraagt om een vergezicht: een gedeelde blik op de fysieke leefomgeving die we tussen nu en 2050 in Fryslân willen ontwikkelen. Zo’n vergezicht biedt deze Omgevingsvisie. Met als inzet: brede welvaart voor iedereen en in elke regio.</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_195171bb391a4891bcac28885b583d69__recital_o_1" eId="div_A__content_o_2__recital_o_1">
		      <Al>
                                 <b>Rol en positie van de provincie</b>
                                 <br/>
                                 <br/>De provincie concentreert zich op bovenlokale vraagstukken voor de fysieke leefomgeving. De lokale uitwerking hiervan ligt bij gemeenten en op gebiedsniveau. Om één integrale koers te bewaken, stemmen we deze vraagstukken af met gemeenten, Wetterskip Fryslân en het Rijk. Onze wettelijke taken en bevoegdheden en (inter)nationale juridische en verdragsverplichtingen vormen daarvoor de basis. Daarnaast beschouwen we een thema van provinciaal belang wanneer het gemeente- of provinciegrenzen overstijgt en het doeltreffend en doelmatig is dat de provincie hierin het voortouw neemt. Of wanneer gemeenten aangeven onvoldoende te zijn toegerust om het zelfstandig op te pakken. De provincie en gemeenten zijn samen verantwoordelijk voor de ruimtelijke ordening en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in Fryslân. In bijlage 4 hebben we de provinciale belangen thematisch aangegeven.</Al>
		      <Al>Het Rijk is verantwoordelijk voor een Nationale Omgevingsvisie, de Nota Ruimte. Met de hoofdlijnen voor de fysieke leefomgeving uit deze nota hebben we in deze provinciale Omgevingsvisie rekening gehouden.</Al>
		    </Kadertekst>
		    <Tussenkop>Concreter</Tussenkop>
		    <Al>Deze Omgevingsvisie is een stuk concreter dan de vorige Omgevingsvisie uit 2020. De urgente opgaven in de provincie vragen om duidelijke oplossingsrichtingen en keuzes. Ook de samenleving en onze partners gaven aan: provincie, maak keuzes en geef richting aan ontwikkelingen op vooral bovenlokaal niveau. Geef bijvoorbeeld aan hoe we de landbouw toekomstperspectief kunnen bieden, hoe we moeten omgaan met de energietransitie, de netcongestie, het woningtekort, het herstellen van de natuur en het versterken en vergroenen van de economie. Maar ook hoe we Fryslân weerbaarder kunnen maken in een veranderende internationale context en bij een veranderend klimaat. En last but not least: hoe komen we van het stikstofslot af en hoe kunnen we de landbouw een toekomstbestendig perspectief bieden, waarin de sector een vliegwiel is voor de kwaliteitsverbetering in het landelijk gebied?</Al>
		    <Al>De afgelopen jaren deden we over deze vraagstukken ook meer kennis, ervaring en inzichten op. Zo kwam uit onze analyse van de Friese leefomgeving, de Leefomgevingsfoto, naar voren dat de kwaliteit van de leefomgeving de nodige aandacht verdient. Daar kunnen we, samen met partners, dus meer richting en sturing aan geven. Duidelijk is ook, dat we iedereen nodig hebben om Fryslân toekomstbestendig te maken en herkenbaar te houden. Aan de hand van deze vernieuwde Omgevingsvisie gaan we dan ook graag samen aan de slag.</Al>
		    <Al>Als tussenstap in het proces hebben we een Contourenschets opgesteld en op 24 juni 2025 vastgesteld. Hierin staan de hoofdkeuzes voor de Friese leefomgeving richting 2050. Wij hebben hiermee de koers uitgezet die we in deze Omgevingsvisie uitwerken.</Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_b9517ebf6a4348eab078d05c7137634e__content_o_1" eId="div_A__content_1">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>1</Nummer>
		    <Opschrift>Een herkenbaar Fryslân, klaar voor de toekomst</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>
                              <b>De kwaliteit van wonen, werken en leven is goed in Fryslân. Niet zonder reden scoren we bovengemiddeld op het gebied van brede welvaart. Maar ook de Friese taal en identiteit, de sociale samenhang, de waardevolle landschappen, de sterke en diverse landbouw, de gevarieerde natuur, het volop aanwezige cultureel erfgoed en het relatief schone milieu zijn kwaliteiten om trots op te zijn. Dat is echter geen reden om achterover te leunen. Gezien de talrijke opgaven die er liggen, moeten we samen aan de slag. Liever nog vandaag, dan morgen.</b>
                           </Al>
		    <Al>Grote opgaven raken de kwaliteit van onze leefomgeving en samenleving en vragen om een gezamenlijke aanpak en oplossingen. Denk aan de internationale onrust, de snelle technologische ontwikkelingen en de klimaatverandering, maar ook aan het stikstofslot, de veenweideproblematiek, de netcongestie, het woningtekort, de ontgroening en het dreigend tekort aan vakmensen in onze provincie. Willen we blijven scoren in brede welvaart voor iedereen, dan is nú actie noodzakelijk. Zonder nieuwe impulsen komen we niet alleen economisch, maar in het verlengde daarvan ook maatschappelijk tot stilstand. Deze Omgevingsvisie fungeert dan ook als vliegwiel dat niet alleen richting geeft aan nieuwe ontwikkelingen en noodzakelijke veranderingen, maar deze ook activeert en versnelt. Met als overkoepelend streefbeeld:</Al>
		    <Al>
                              <strong>Een herkenbaar Fryslân, klaar voor de toekomst, met sterke steden en dorpen in een landschap van wereldklasse…</strong>
                           </Al>
		    <Al>De noodzaak tot het aanbrengen van richting en versnelling koppelen we aan brede welvaart. Het concept dat een veerkrachtige economie laat samenvallen met een gezonde leefomgeving en een goed leefklimaat. De keuzes die we maken garanderen dan ook dat de welvaart gebalanceerd, inclusief en duurzaam is en geborgd in beleid.</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_2726a97a1daa44f59b734fa94c1f1535__recital_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_1">
		      <Al>De kenmerken van brede welvaart</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_b11c45ed3fc84bf5aac0e2e6a18ead80__recital_o_1__list_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_b6a5e40238c2488dad4c4b96333a2fee__recital_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Gebalanceerd: economische, sociale en ecologische belangen zijn in evenwicht;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_297ad6a1c53d4043b3941ac9bf864414__recital_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__content_1__recital_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Inclusief: iedereen profiteert, ongeacht achtergrond of regio;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e4dd573410ca4bf48b8dd54d8662d65a__recital_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__content_1__recital_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Duurzaam: het welzijn van vandaag staat dat van morgen niet in de weg;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_50fba80292f54334a9a4cfcde91d423d__recital_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__content_1__recital_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Geborgd in beleid: de overheid maakt brede welvaart leidend in keuzes.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Kadertekst>
		    <Al>We streven daarbij naar een optimaal evenwicht tussen beschermen, benutten én het realiseren van een toekomstgerichte, circulaire economie en weerbare samenleving. Een samenleving ook die het heft in eigen handen neemt en samen werkt aan een vitaal, leefbaar, mooi, gezond en veilig Fryslân. Voor onszelf én voor toekomstige generaties. Waarbij we ook hebben te accepteren dat sommige keuzes lasten met zich meebrengen en dat het er op aankomt om deze lasten zo eerlijk mogelijk te verdelen.</Al>
		    <Al>
                              <strong>...met een weerbare samenleving en vitale leefomgeving...</strong>
                           </Al>
		    <Al>De natuurlijke ondergrond van water en bodem vormt het fundament waarop we toewerken naar dit optimale evenwicht. Zo voorkomen we dat grenzen van onze natuurlijke systemen worden overschreden en oplossingen in de toekomst niet langer houdbaar en betaalbaar zijn. Vanuit deze drijfveer – en de (inter)nationale verhoudingen – leggen we nieuwe accenten die de Friese economie, leefomgeving én samenleving sterker, veerkrachtiger en duurzamer maken.</Al>
		    <Al>Het invullen van deze accenten (zie kader) kunnen we niet alleen, daar hebben we anderen voor nodig. We nodigen dan ook iedereen uit om samen met ons aan de slag te gaan. Waarbij onze rol als provincie verschillend kan worden ingevuld: van richtinggevend, sturend, voorwaardenscheppend en regisserend tot activerend, initiërend, faciliterend, verbindend en uitvoerend.</Al>
		    <Al>Zo gaan we in de stedelijke uitnodigingszones (zie begrippenlijst in deel Bijlagen) in een vroeg stadium met alle partijen om de tafel om rollen en samenwerkingsvorm af te stemmen. In het landelijk gebied gaan we, vanwege de urgentie van vraagstukken in Zuidoost-Fryslân, samen met onze partners met een programma aan de slag.</Al>
		    <Al>In welke vorm of rol we dan ook met elkaar aan de slag gaan, we hanteren zes ruimtelijke principes (zie bijlage 1). Met deze principes werken we aan een goede leefomgevingskwaliteit. Ze geven richting aan oplossingen en zijn flexibel genoeg om op verschillende schaalniveaus aan de opgaven en ambities invulling te geven.</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_a12b662282e84b8eaed8c1047f700c5a__recital_o_2" eId="div_A__content_1__recital_o_2">
		      <Al>
                                 <b>Accenten</b>
                              </Al>
		      <Al>In de nieuwe Omgevingsvisie leggen we onder meer de volgende accenten:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_9cddb9808501427bba81b5b7bf175d96__recital_o_2__list_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_e61bdb96af0048799c9ab1f6fc790172__recital_o_2__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Zes economische sectoren (deel Thematische Verdieping, paragraaf 4.1) die dienen als vliegwiel voor de instandhouding van brede welvaart;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_457ec5433c8045a2bdc39e94362c0c52__recital_o_2__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Een rendabel en robuust toekomstperspectief voor landbouw en voldoende en gezond voedsel;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_592d149e820649fd9528560ead7bfd73__recital_o_2__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Clustering van bedrijvigheid, kennisinstellingen, energieopwekking en mobiliteit om schaalvoordelen te benutten en zorgvuldig om te gaan met beperkt beschikbare ruimte;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a808cf8a4dcf4a3387fd9ebea837061b__recital_o_2__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Passende woonruimte voor iedereen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_267ace5f621e498396a77a7f1b0acb32__recital_o_2__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Een betaalbare, betrouwbare en fossielvrije energievoorziening;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_083ce326548f464aa57d489315db1cce__recital_o_2__list_o_1__item_o_7" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Verduurzamen van mobiliteit over weg, water en door de lucht, incl. beter benutten van vaarwegen voor goederenvervoer;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_195bc537eb23433988f955581c0b5d03__recital_o_2__list_o_1__item_o_8" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Landgebruik dat beter dan nu is afgestemd op het natuurlijke water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fba918c9e6ee44c08669b88051b9705f__recital_o_2__list_o_1__item_o_8" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Zorgen voor basiskwaliteit natuur en landschap en herstel van biodiversiteit, mede als fundament voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat en toerisme en gastvrijheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fac054ca4f4644dea175d450536f0a08__recital_o_2__list_o_1__item_o_9" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_9">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Meervoudig ruimtegebruik en benutten/beschermen identiteit landschap bij nieuwe ontwikkelingen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f00394b9687848bf965b670e1a318631__recital_o_2__list_o_1__item_o_10" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_10">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Omturnen van kampioen ‘water afvoeren’ naar ‘kampioen water vasthouden’;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b0a6df1a503948e3ac248c4dfeebf518__recital_o_2__list_o_1__item_o_11" eId="div_A__content_1__recital_o_2__list_o_1__item_o_11">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Een klimaatbestendig, gezond én veilig Fryslân.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Kadertekst>
		    <Al>
                              <strong>…met een groene en robuuste economie…</strong>
                              <br/>
                              <br/>Een robuuste en groene economie werkt als vliegwiel voor een toekomstbestendig verdienvermogen en brede welvaart. Daarvoor gaan we, samen met onze partners, de zes Friese speerpuntsectoren (Economische Samenwerkingsagenda Blue Delta; zie 3.4) uitbouwen en opschalen. Met aandacht voor innovatie, technologische ontwikkelingen als artificial intelligence (AI), kennisdeling en het verduurzamen van de productiviteit. Hiermee kunnen we onze koploperpositie in de circulaire economie versterken en door ontwikkelen.</Al>
		    <Al>Economische kansen die zich voordoen en die bij Fryslân passen, bijvoorbeeld op het terrein van hightech, grijpen we aan. Dit faciliteren we met voldoende ruimte, energie, en andere infrastructuur. Daarbij benutten we de sterke punten van de provincie. Denk aan het uitstekende woon- en leefklimaat, maar ook aan het wijdvertakte netwerk van beroepsvaarwegen voor goederenvervoer. Een tak van sport waarvan het volume vooral in een circulaire economie aanzienlijk gaat toenemen.</Al>
		    <Al>Met een meer diverse, robuuste economie houden we jongeren beter vast en zijn we aantrekkelijk(er) voor vakmensen, kenniswerkers en studenten van binnen en buiten de provincie. Ook houden we onze beroepsbevolking, welvaart en voorzieningenniveau gemakkelijker op peil. Zo zorgen we voor een balans tussen de stuwende en de verzorgende economie, die – gelet op de demografische ontwikkeling – meer handjes vraagt. Met een stabiel verdienvermogen kunnen we bovendien blijvend investeren in duurzaamheid en de kwaliteit van onze leefomgeving, zowel in de steden, in de dorpen als in het landelijke gebied.</Al>
		    <Al>Voldoende verdienvermogen maakt ook dat we kunnen investeren in een fossielvrij, betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem, in adequate en verbonden vervoersystemen én in een innovatieve, meer zelfvoorzienende en gezonde voedselproductie. Bovendien zijn we weerbaarder in turbulente tijden met internationale spanningen, snelle technologische ontwikkelingen en verschuivende economische verhoudingen.</Al>
		    <Al>Naast Fryslân landbouwprovincie is er ook een Fryslân van hoogwaardige kennis en slimme technologie. We grijpen daarbij terug op de identiteit en positie die Fryslân eens had: een provincie van kennis en wetenschap, handel en excellente maakbedrijven (destijds scheepsbouw).</Al>
		    <Al>
                              <strong>…met sterke steden en dorpen…</strong>
                           </Al>
		    <Al>We zien het netwerk van steden en dorpen als vliegwiel voor een groene, circulaire economische ontwikkeling, maar ook voor benodigde woningbouw, de ontwikkeling van kennisclusters, zorgvoorzieningen, cultureel aanbod en tegelijk voor rust en een groen, water- en voedselrijk landschap met waardevol erfgoed. De dynamische steden, nauw verbonden met vitale regiokernen en levendige dorpen, functioneren als samenwerkende netwerken – daily urban systems – die elkaar opstuwen en nodig hebben. Net zo goed als de even natuurlijke als geleidelijke overgangen naar het landelijk gebied, die de Friese steden en dorpen rijker en aantrekkelijker maken.</Al>
		    <Al>De kern van het netwerk van steden en dorpen vormt het Fries Stedelijk Netwerk (FSN): Leeuwarden, Drachten, Sneek en Heerenveen. Deze vier steden functioneren als één samenhangend stedelijk systeem (daily urban system). Ze hebben nu al een gedeelde arbeidsmarkt van meer dan 250.000 banen en complementaire profielen in economie, onderwijs en kennis (campussen), zorg en cultuur. Juist deze sterke regionale ecosystemen maken ‘borrowed size’ mogelijk: de overige kernen profiteren van de concentratie van voorzieningen, werkgelegenheid, en kennis en kunde in de vier steden, terwijl de agglomeratiekracht en economische potenties van het FSN de brede welvaart in heel Fryslân ten goede komen. Daarom is het van belang dat de ontwikkeling van de andere Friese kernen op het gebied van wonen, werken, voorzieningen, energie en mobiliteit daarop aanhaakt en in balans mee-ontwikkelt.</Al>
		    <Al>In onze visie ontstaan er gebieden waar stedelijke voorzieningen samenkomen en gebieden waar de dynamiek vooral zit in kwaliteitsverbetering en betere afstemming van functies zoals landbouw en natuur. Deze verdeling maakt een gerichte en efficiënte inzet van investeringen en voorzieningen mogelijk. Bovendien voorkomt ze versnippering en de achteruitgang van het verdienvermogen en de landschapskwaliteit. Het clusteren van activiteiten en meervoudig gebruik is ook een noodzakelijk antwoord op de vele aanspraken op de (beperkt) beschikbare ruimte.</Al>
		    <Al>In de uitnodigingszones (zie begrippenlijst) in de stedelijke gebieden krijgen veel opgaven, nieuwe functies en voorzieningen een plek. Hier geven we met gemeenten, en andere partners, invulling aan stedelijke ontwikkelingen (zie kader). Daarbij komen we samen tot logische, toekomstbestendige oplossingen en aantrekkelijke overgangen tussen stad en landelijk gebied.</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_5a7fbdb4e64645a5a45fdd79e8ae0366__recital_o_3" eId="div_A__content_1__recital_o_3">
		      <Al>
                                 <b>Stedelijke ontwikkelingen</b>
                              </Al>
		      <Al>In stedelijke milieus richten we ons onder meer op de volgende zaken:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_66907757abf542abac35c62e1f60543a__recital_o_3__list_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_a0376a42d2824054830f82b2f41b5f4b__recital_o_3__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Herstructureren, verduurzamen en uitbreiden van bedrijventerreinen, ontwikkeling van kenniscampussen en innovatiedistricten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8de7f92d439343d5bd2292cbdd1460af__recital_o_3__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al> Versterken van economische speerpunten en stimuleren van nieuwe kansrijke sectoren, waaronder stuwende (circulaire/grootschalige) bedrijvigheid met regionale meerwaarde en (inter)nationale uitstraling die ook nieuwe inwoners aantrekt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_608259050dea4b67ba5b15bed272bf32__recital_o_3__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Gevarieerde woningbouw; bij voorkeur binnenstedelijk, in combinatie met het opknappen en verduurzamen van bestaande woningen, en op uitbreidingslocaties;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b505273f486444919dc368c494bf9c66__recital_o_3__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Duurzame en stabiele energieopwekking, met onderlinge afstemming en clustering van vraag en aanbod om netcongestie te voorkomen en zo de economie te versterken en verduurzamen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9d403c89521c4b41aed25a8dde42cc12__recital_o_3__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Een klimaatbestendige leefomgeving en meer biodiversiteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_088807f8c67b4e44b973252b48754b79__recital_o_3__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Groene, toegankelijke en (recreatief) aantrekkelijke uitloopgebieden/ multifunctionele stadsranden, die stad en landelijk gebied verbinden en versterken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a34fce14f27b410da377fcf95923b610__recital_o_3__list_o_1__item_o_7" eId="div_A__content_1__recital_o_3__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Adequate ontsluiting en bereikbaarheid, waarbij alle vervoersvormen op elkaar zijn afgestemd.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Kadertekst>
		    <Al>Buiten de uitnodigingszones werken we met gemeenten en lokale organisaties aan sterke regiokernen met een compleet voorzieningenpakket en woningaanbod en gevarieerde werkgelegenheid (de regiokernen staan op kaart en in de begrippenlijst). Deze kernen dragen een vitaal en leefbaar platteland, waarin voorzieningen en werk vanuit alle windstreken bereikbaar zijn. De grotere en kleinere dorpen maken het gevarieerde palet volledig met hun specifieke woonkwaliteiten, lokale bedrijvigheid, sociale samenhang, eigen identiteit en hecht verenigingsleven. Ontwikkelingen zijn hier vooral gebaseerd op wat er al aanwezig is en waaraan veel waarde wordt gehecht. Ook hier is er dus – naar aard en schaal – ruimte voor ontwikkeling van woningbouw, het midden- en kleinbedrijf, de gastvrijheidssector, de energiesector en infrastructuur.</Al>
		    <Al>
                              <strong>… met een toekomstbestendige infrastructuur…</strong>
                           </Al>
		    <Al>Zonder energie en mobiliteit staat alles stil. We versterken en verduurzamen deze netwerken en stemmen ze af op de locaties waar we wonen, werken, ontspannen en elkaar ontmoeten. Het fossielvrije energiesysteem is robuust en flexibel. Een goede inpassing in het woon- en leefmilieu en in het Friese landschap is uitgangspunt; desondanks zal het nieuwe energiesysteem meer zichtbaar zijn in de ruimte. Maar ook maatschappelijke acceptatie en betaalbaarheid van energie verdienen veel aandacht. <br/>We clusteren vraag en aanbod van energie, onder andere in energiehubs, om netcongestie te beperken en ondersteunen netbeheerders om het netwerk robuuster te maken.</Al>
		    <Al>Het mobiliteitssysteem verbindt de verschillende vervoerswijzen naadloos met elkaar. Een uitgekiend stelsel van mobiliteitshubs maakt snel en eenvoudig overstappen mogelijk en zorgt ervoor dat banen en regionale voorzieningen van huis uit binnen een half uur reistijd te bereiken zijn, en basisvoorzieningen bij voorkeur binnen vijftien minuten. Goederenstromen verlopen efficiënt en duurzaam, dankzij onder meer de aanleg van transferia en toenemend vervoer over het water en door de lucht. </Al>
		    <Al>De provincie maakt deel uit van zowel nationale en Europese transportcorridors. Wat bijdraagt aan de versterking van de groene, Friese economie. De door het Rijk geplande Lelylijn vergroot en versterkt de (inter)nationale bereikbaarheid van - en werkgelegenheid en woningbouw in - de provincie. Mede dankzij de aansluiting van de omliggende regio’s op de nieuwe halteplaatsen.</Al>
		    <Al>
                              <strong>...met een landschap van wereldklasse…</strong>
                           </Al>
		    <Al>We positioneren ons ten opzichte van de rest van Nederland als een provincie met een landschap van wereldklasse. Van de smûke Wâlden, het open kleigebied met z’n vergezichten en het uitgestrekte merengebied tot het glooiende Gaasterland en de natuurrijke Waddeneilanden. Het even aantrekkelijke als diverse landschap, erfgoed en watersysteem zijn - samen met een vitale bodem, rijke natuur en boerdiverse landbouw - de dragers van het aantrekkelijke woon- en leefklimaat. Maar bijvoorbeeld ook van recreatie, toerisme en een gezonde leefomgeving.</Al>
		    <Al>
                              <strong>...waar natuur, cultuur en economie elkaar versterken…</strong>
                           </Al>
		    <Al>Grote delen van het landelijk gebied kennen een andere dynamiek, maar de opgaven die om (acute) aandacht vragen zijn niet minder groot. Hier combineren we een toekomstperspectief voor de landbouw met natuurherstel, klimaatadaptatie en verbetering van de milieu- en landschapskwaliteiten. Vooral waar meervoudige opgaven (zie begrippenlijst in deel Bijlagen) spelen is extra inzet nodig om gebiedsgericht te werken aan kwaliteitsverbetering waarbij alle functies erop vooruit aan. In Zuidoost-Fryslân zijn de opgaven zo urgent dat we op programmaniveau met alle partijen naar oplossingen zoeken om uit de impasse van stikstof, natuurherstel en klimaatadaptatie te komen.</Al>
		    <Al>We moeten ook ruimte vinden voor tijdelijke waterberging bij overvloedige neerslag. Hetzelfde geldt voor het vasthouden van water om de gevolgen van verdroging en verzilting in delen van Fryslân te beperken. Ook gaan we buiten de natuurgebieden, in het cultuurlandschap en in steden en dorpen, werken aan herstel van biodiversiteit. Natuurinclusief werken en waterrobuust bouwen en inrichten worden de standaard bij alle ingrepen en activiteiten in onze leefomgeving.</Al>
		    <Al>
                              <strong>...waar een robuuste landbouw samengaat met maatschappelijk opgaven…</strong>
                           </Al>
		    <Al>De Friese landbouw – als belangrijke drager van de economie, de voedselzekerheid en beheerder van het cultuurlandschap – is innovatief, divers en kent vele verschijningsvormen. Van hoogproductief naar meer extensief en verbreed met bijvoorbeeld groene en blauwe diensten. Met inzet van een landbouwhoofdstructuur en boerdiversiteit (zie begrippenlijst in deel Bijlagen) zorgen we voor een kwaliteitsslag in het landelijk gebied mogelijk (zie 3.2). Veel agrariërs zijn hier al mee bezig en krijgen onze steun. Met de wil om een rendabel en duurzaam toekomstperspectief voor de landbouw te combineren met natuur-, bodem- en biodiversiteitsherstel. En met een verbeterde water- en landschapskwaliteit. </Al>
		    <Al>Dit alles draagt ook bij het imago en de aantrekkelijkheid van de provincie voor recreanten en toeristen. Waarvan ook de gastvrijheidssector – als belangrijke drager van ons welzijn en onze economie - zal profiteren. </Al>
		    <Al>
                              <strong>...klaar voor de toekomst...</strong>
                           </Al>
		    <Al>Wat signaleren we over pakweg twintig jaar als we samen de schouders eronder zetten? Dan zien we een herkenbaar Fryslân, met sterke steden, levendige dorpen, een vitale en diverse landbouw, een rijke natuur en volop recreatiemogelijkheden in een landschap van wereldklasse. Een goed ontsloten, schoon, veilig, duurzaam en klimaatbestendig Fryslân ook. En een provincie met een sterk vergroende, toekomstbestendige economie die bijdraagt aan de brede welvaart van alle inwoners.</Al>
		    <Al>Kortom:</Al>
		    <Al>
                              <strong>Een Fryslân dat klaar is voor de toekomst en dat we vol vertrouwen overdragen aan volgende generaties.</strong>
                           </Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_2276695a954645edaeb1b6bcdb9baf83__recital_o_4" eId="div_A__content_1__recital_o_4">
		      <Al>
                                 <b>Van visie, via opgaven naar bewegingen</b>
                                 <br/>In hoofdstuk 3 werken we deze algemene visie uit in vier bewegingen. Voorafgaand schetsen we in hoofdstuk 2 eerst de bredere (inter)nationale context en de belangrijkste opgaven waar we als provincie voor staan. Het zijn deze – veelal urgente – opgaven die de kwaliteit van de Friese leefomgeving onder druk zetten. En waarvoor we liever vandaag dan morgen aan oplossingen moeten werken. Ook om onze brede welvaart – 'het Friese geluk’ – in de toekomst te kunnen behouden en waar nodig te versterken.</Al>
		    </Kadertekst>
		    <Al>
                              <b>
                                 <i>
                                    <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_visiekaart_0.pdf?cb=OCJSRVHh">Visiekaart</ExtRef>
                                 </i>
                              </b>
                              <i> (zie kaartenboek)</i>
                           </Al>
		    <Al>
                              <i>In een reeks van kaarten verbeelden we deze Omgevingsvisie. De hoofdlijnen van ‘Een herkenbaar Fryslân, klaar voor de toekomst’ zijn weergegeven op de Visiekaart:</i>
                           </Al>
		    <Lijst type="ongemarkeerd" wId="pv21_e072fc4b57364b2cbc5c0782a1703ec8__list_o_1" eId="div_A__content_1__list_o_1">
		      <Li wId="pv21_add10c48aafa4bc68f4fd40686bbffd9__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__content_1__list_o_1__item_o_1">
			<Al>
                                    <i>de hoofdindeling naar grondsoorten, als basis voor de diversiteit van het Friese landschap, natuur, landbouw, bodem- en watersysteem. </i> </Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_4d5999c8f7854b52bf9d978b0e3f2dc5__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__content_1__list_o_1__item_o_2">
			<Al>
                                    <i>de diversiteit van Fryslân naar ruimtelijke-, culturele-, ecologische- en economische waarden. Het bodem- watersysteem is een belangrijke drager voor deze waarden. Een robuuste en groene economie door ontwikkeling van de zes speerpuntsectoren en het benutten van het beroepsvaarwegennetwerk zijn voorbeelden die op de kaart zichtbaar worden. </i> </Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_92514b3a9c9a49189e881ceaef231d9b__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__content_1__list_o_1__item_o_3">
			<Al>
                                    <i>de kernenstructuur als vliegwiel voor groene, circulaire economische ontwikkeling en voor de benodigde woningbouw. Door te clusteren en duidelijk te zijn over in- en uitbreiding geeft de kernenstructuur ook richting aan een groen, water- en voedselrijk landschap. </i> </Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_621a7b86dd684deca63dbb7123e50749__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__content_1__list_o_1__item_o_4">
			<Al>
                                    <i>de uitnodigingszones stedelijk, waar we samen met gemeenten en andere partners invulling geven aan de opgaven op het gebied van wonen, werken, voorzieningen, energie (energievraagclusters), klimaatadaptatie, groen en water, en recreatieve voorzieningen;</i> </Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_cf12ca6f63d64d8789c87ae48c246f43__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__content_1__list_o_1__item_o_5">
			<Al>
                                    <i>de uitnodigingszone landelijk, Zuidoost Fryslân, waar opgaven vanuit natuur, landbouw en water urgent zijn en we met medeoverheden en stakeholders aan de slag gaan.</i>
                                 </Al>
		      </Li>
		    </Lijst>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisie wId="pv21_f07e83100d4f4a4192ecaa653726201a__div_o_2" eId="div_A__div_2">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>2</Nummer>
		    <Opschrift>Context en opgaven</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_75605a174b9b4e05acd496154b4fae75__div_o_2__content_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.1</Nummer>
		      <Opschrift>Fryslân in groter verband</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân ligt op enige afstand van grote economische centra, maar is goed verbonden met de Randstad, Duitsland, Scandinavië en de Baltische staten. Amsterdam en Schiphol zijn over de weg binnen twee uur bereikbaar. Met het openbaar vervoer (trein) is meer tijd gemoeid. Deze ‘ligging in de luwte’, in combinatie met de natuurlijke kenmerken, leverde een ontspannen provincie op met een diversiteit aan landschappen en agrarische bedrijvigheid, natuur- en recreatieve gebieden, steden en dorpen. Het leidde echter ook tot een minder sterke, meer ‘ijle’, economie. Terwijl een toekomstbestendige economie wel nodig is om onze brede welvaart in stand te houden. Voordeel is dat er in de provincie (nog) ruimte is voor ontwikkeling en het oplossen van opgaven. Waarbij we inzetten op het zorgvuldig ontwikkelen en versterken van de ruimtelijke kwaliteit, als onderscheidende kwaliteit van Fryslân.</b>
                              </Al>
		      <Figuur wId="pv21_bc6a7ea742b8453daaf74de08541f902__img_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-16.jpg" breedte="1121" hoogte="961" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, tekst, atlas&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="220"/>
		      </Figuur>
		      <Al>De economische dynamiek van Nederland is vooral gekoppeld aan een netwerk van grote en middelgrote steden (polycentrisch netwerk). Leeuwarden, Drachten, Heerenveen, Sneek, Harlingen en Dokkum maken hiervan deel uit. Binnen Fryslân vormen deze steden eveneens een netwerk, aangevuld met regiokernen en kleinere dorpen; ieder met eigen kwaliteiten.</Al>
		      <Al>Fryslân is in veel opzichten ingebed in Noord-Nederland. Ook vanwege een gedeelde ontstaansgeschiedenis, vooral gebaseerd op het winnen van land op zee en het ontginnen van veen. De ontwikkelkracht van onderop die daaraan ten grondslag lag, is nog steeds de motor van veel ontwikkelingen. Met de provincies Drenthe en Groningen - en andere organisaties - werken we via het stimuleren van samenwerking, onderwijs, kennisuitwisseling en innovatie aan versterking van de economische clusters in Noord-Nederland.</Al>
		      <Tussenkop>Waterbeschikbaarheid</Tussenkop>
		      <Al>Ook het watersysteem van Noord-Nederland vormt een eenheid: er bestaan nauwe verbanden tussen de zoetwatervoorraad van het Drents Plateau, de gordel van natte, laaggelegen veengronden daaromheen, overgaand in een brede strook van vruchtbare kleigronden die afwateren richting Waddenzee en IJsselmeer. Het IJsselmeer is een belangrijke leverancier van zoet water tijdens droge perioden.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_a41fc13a8da24f5788a011fada7e3853__img_o_2" eId="div_A__div_2__content_2.1__img_o_2">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-24.png" breedte="824" hoogte="638" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="139"/>
		      </Figuur>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <strong>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260223_noord_nederland_water_en_bodemsysteem.pdf?cb=YjKs97GO">Kaartbeeld Noord Nederland water- en bodemsysteem</ExtRef>
                                    </strong>
                                 </i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>De samenhang van het water- en bodemsysteem in Noord Nederland is op deze kaart zichtbaar. Het hoger gelegen Drents Plateau bestaat uit zandgrond en fungeert als strategische grondwatervoorraad voor het hele Noorden. Rondom dit plateau bevindt zich een lagergelegen zone met veengronden waar grondwater toestroomt en beekwater zich verzamelt. De buitenste rand, het zeekleigebied, bestaat uit vruchtbare kleigronden afgezet door de zee. Hier ontmoet het zoete water uit het achterland het zoute water van de Waddenzee, het grootste aaneengesloten getijdengebied ter wereld met geulen, platen en de Waddeneilanden.</i>
                              </Al>
		      <Tussenkop>Infrastructuur</Tussenkop>
		      <Al>De vaarwegen Lemmer-Delfzijl en Harlingen-Delfzijl maken deel uit van de Europese North Sea – Baltic corridor. Fryslân vervult hiermee een schakelfunctie tussen de Randstad en Duitsland/ Noordoost-Europa. De spoorlijnen Leeuwarden – Zwolle en Leeuwarden – Groningen leggen verbinding met het (inter)nationale spoornetwerk en worden intensiever benut. De door het Rijk geplande Lelylijn zal na 2040 de verbinding van Fryslân met andere landsdelen en landen versterken. De rijkswegen (A6, A7, A31, A32) en een aantal provinciale wegen zorgen voor aansluiting op het (inter)nationale wegennet voor personenvervoer en goederentransport.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_6b134b4f898d49aca4f5ec3032042340__img_o_3" eId="div_A__div_2__content_2.1__img_o_3">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-25.png" breedte="815" hoogte="630" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="138"/>
		      </Figuur>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <strong>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260223_noord_nederland_economie.pdf?cb=6Z833YV">Kaartbeeld Noord Nederland economie</ExtRef>
                                    </strong>
                                    <br/>De economische structuur van Noord Nederland berust op een combinatie van gedeelde sectorstructuren, functionele arbeidsmarkten, gezamenlijke infrastructuur en bestuurlijk‑economische samenwerking. Zo zijn landbouw en agrofood belangrijk in alle drie provincies.Industrie en energie concentreren zich vooral in specifieke knooppunten (o.a. overslagpunten). Niet elke provincie heeft alle schakels, maar samen vormen ze een redelijk volledige regionale economie. Droge en natte infrastructuur vormen belangrijke dragers voor deze economie.<br/></i>
                                 <br/>Ook het energienetwerk overstijgt de provinciegrenzen: het Friese netwerk is aangesloten op het landelijke en Europese elektriciteits- en gasnetwerk. In de toekomst willen we de wisselwerking tussen het regionale en landelijke netwerk verder verstevigen met een aansluiting op de toekomstige 380 kV-hoogspanningsverbinding en het waterstofnetwerk Nederland (de backbone).</Al>
		      <Tussenkop>Waddengebied</Tussenkop>
		      <Al>De kuststrook met de Waddeneilanden is onderdeel van een aaneengesloten Waddengebied dat zich uitstrekt van Den Helder (Noord-Holland) tot Esbjerg (Denemarken). Deze strook is een belangrijk onderdeel van de East Atlantic Flyway voor vogels. Niet voor niets is de Waddenzee, vanwege de bijzondere natuurlijke en landschappelijke waarden, aangewezen als UNESCO Werelderfgoed en Natura 2000-gebied. Nationaal en internationaal zetten veel partijen zich gezamenlijk in voor dit unieke getijdengebied</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_ba1dd967be0242709dc28c4bb0ccf8cb__div_o_2__content_o_2" eId="div_A__div_2__content_2.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.2</Nummer>
		      <Opschrift>De Friese opgaven</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>De samenleving vraagt oplossingen voor urgente opgaven in onze leefomgeving. De Omgevingsvisie zet hiervoor een koers uit die aansluit bij de provinciale ambities en rekening houdt met de balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. Een langjarige koers, die voortbouwt op bestaande kwaliteiten. Een koers ook die tegen een stootje kan én ruimte biedt om te anticiperen op nieuwe ontwikkelingen. Het is belangrijk te weten voor welke opgaven we anno 2026 staan. En welke uitdagingen de grootste (ruimtelijke)impact hebben op onze leefomgeving.</b>
                              </Al>
		      <Al>De uitdagingen waar we voor staan zijn overwegend omvangrijk, urgent en samenhangend. Ze vragen dan ook snel om actie en oplossingen. Zo vergrijst en ontgroent de Friese bevolking, die op dit moment uit circa 665.000 inwoners bestaat. In 2040 zullen er bijna 90.000 meer 65-plussers zijn dan in 2010, een toename van 84 procent. Op dit moment zijn er al ruim 13.000 minder kinderen (0-14 jaar) dan tien jaar geleden. Zonder extra inspanningen zullen er in 2040 32.000 minder mensen beschikbaar voor de Friese arbeidsmarkt (15-64 jaar) dan in 2024. Dit heeft grote gevolgen voor de ontwikkelkansen van het bedrijfsleven en de vitaliteit van hele gebieden. Maar bijvoorbeeld ook voor het onderwijs en de gezondheidszorg. In de zorg is al sprake is van personeelstekorten, terwijl de vraag naar zorg verder toeneemt door de vergrijzing.</Al>
		      <Tussenkop>Landbouw</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw is van oudsher economisch en sociaal-cultureel nauw verbonden met Fryslân en haar inwoners. Het aandeel van de agrofoodsector (incl. verwerking) in de Friese economie ligt met circa 10% ruim boven het landelijk gemiddelde van 6,6%. Ongeveer 10% van de Friese beroepsbevolking is werkzaam in de agrofoodsector. <br/>De landbouw is ook van groot belang voor de export en voedselzekerheid en heeft veel behoefte aan een uitvoerbaar en rendabel toekomstperspectief in een concurrerende markt, zodat ze weer vooruit kan en de bedrijfscontinuïteit wordt geborgd. Het overschot aan stikstof in kwetsbare natuurgebieden belemmert door het stikstofslot de woningbouw maar ook aanpassingen in de landbouw, bedrijfsontwikkelingen en kansrijke energieprojecten zoals monovergisting. <br/></Al>
		      <Tussenkop>Woningen</Tussenkop>
		      <Al>Een ander issue is de woningnood. Omdat er minder mensen in een woning wonen en door de groei van de bevolking, is de woningbouwopgave voor 2035 minimaal 23.850 woningen en voor 2050 ruim 33.000 tot 37.500 woningen. Er liggen plannen die voorzien in 22.406 nieuwe woningen in 2030. <br/>We komen niet alleen woningen tekort, maar er is ook behoefte aan meer diversiteit in het aanbod. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld jongeren hun leven niet opbouwen en ouderen niet doorstromen naar passende woningen met zorg. Dat de bouwsector de vraag niet kan bijhouden, heeft verschillende oorzaken. Variërend van dure grond en netcongestie tot het stikstofslot en trage planontwikkeling. Tegelijk is verbetering en verduurzaming van veel bestaande woningen hard nodig, ook om aan de veranderende woningvraag – meer een-, en tweepersoons huishoudens – te kunnen voldoen. In 2026 is 56% van de bestaande woningen in Fryslân ouder dan vijftig jaar; 21% is van voor 1945. Dit aandeel is in Nederland 51% respectievelijk 18%.</Al>
		      <Tussenkop>Klimaat</Tussenkop>
		      <Al>Het klimaat warmt op, weersextremen nemen toe. Fryslân moet zich voorbereiden op een toekomstige zeespiegelstijging van maximaal 1 meter. Maar ook op afwisselende perioden van hitte, droogte en veel neerslag. Een en ander heeft weer gevolgen voor zowel de afvoer als de beschikbaarheid van (voldoende) zoetwater, voor opdringende verzilting en bijvoorbeeld ook voor op veilige hoogte bouwen.</Al>
		      <Tussenkop>Economie, mobiliteit en energie</Tussenkop>
		      <Al>Bedrijven kampen met personeelstekorten en stijgende energieprijzen. Door netcongestie kunnen ze bovendien niet uitbreiden, zich vestigen of verduurzamen. Meerdere bedrijven overwegen hierdoor te vertrekken. Kunstwerken raken verouderd en onveilig, waardoor vrachtwagens hier en daar al moeten omrijden. </Al>
		      <Al>Versterking van de Friese economie vraagt sowieso aandacht: alle drie de noordelijke provincies zagen de afgelopen 50 jaar hun aandeel in de landelijke economie (qua Bruto Binnenlands Product) krimpen, Fryslân van 3,1 naar 2,8 procent. Het vergroten van de innovatiekracht van het Friese bedrijfsleven en van de arbeidsproductiviteit is de grootste uitdaging. Deze productiviteit ligt nu in Noord Nederland bijna 20 procent lager t.o.v. het landelijk gemiddelde. Dit verschil loopt zonder extra inspanningen verder op. Investeringen in machines, digitalisering, robotisering en innovatie zijn nodig. </Al>
		      <Al>Verder vraagt de omslag naar een circulaire economie aanpassingen bij bedrijven maar ook (tijdelijke) extra ruimte en voorzieningen. Ter indicatie: ruimtevraag circa 20% tot 40% ten opzichte van de huidige lineaire economie.</Al>
		      <Al>Om in 2050 fossielvrij te zijn, moet de energievoorziening verduurzaamd worden. De verwachting is dat we in 2050 circa 11,7 TWh aan energie gebruiken, onder voorwaarde dat we ook voldoende besparen. De huidige opwek van duurzame energie bedraagt ongeveer 4,3 TWh. De opwekcapaciteit van duurzame energie moet dus nog aanzienlijk opgeschaald worden. Netcongestie zet, net als de stikstofproblematiek rond natuurgebieden, het bedrijfsleven op slot: uitbreiding en verduurzaming stagneren, en ook woningbouw en energieprojecten lopen vast. Het oplossen van deze knelpunten is daarom urgent.</Al>
		      <Tussenkop>Natuur</Tussenkop>
		      <Al>De biodiversiteit ging afgelopen decennia achteruit. Zo is de kruidenrijkdom in het landelijke gebied sterk achteruit gegaan en hebben veel insecten, waaronder wilde bijen en dagvlinders, het moeilijk. Het gaat ook niet goed met de weidevogels en met de schelpdier etende vogels op het wad. Diverse kleine zoogdieren staan inmiddels op de rode lijst van kwetsbare en bedreigde soorten. Signalen dat we tegen de grenzen van natuurlijke systemen aanlopen en dringend aan provinciebreed natuur- en biodiversiteitsherstel moeten werken.</Al>
		      <Tussenkop>Veiligheid</Tussenkop>
		      <Al>Internationale ontwikkelingen zorgen ervoor dat we de weerbaarheid van onze samenleving moeten vergroten. Denk daarbij aan het versterken van defensie, het vergroten van de digitale veiligheid, maar ook aan een zelfvoorzienende voedsel- en energieproductie. Technologische ontwikkelingen als kunstmatige intelligentie bieden mogelijk nieuwe oplossingen, maar roepen ook vragen op over veiligheid, privacy en de invloed op onze economie en werkgelegenheid.</Al>
		      <Al>Anders gezegd: onze leefomgeving wordt van alle kanten uitgedaagd. We hebben een duidelijke en robuuste koers nodig om de komende jaren even effectieve als wendbare oplossingen te kunnen realiseren. Maar ook om adequaat op optredende disrupties te kunnen reageren.<br/></Al>
		      <Al>Op basis van deze uitdagingen komen we tot onderstaande kernopgaven waar we samen met onze partners en de samenleving werk van gaan maken.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_c07fe2f94aa9491694cfe25343799c21__list_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_098cb12562764986879e6070a0b4b381__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zorgdragen voor een leefomgeving die schoon, veilig, inclusief en mooi is en die de gezondheid van bewoners bevordert. Denk daarbij aan borgen van de lucht-, bodem- en waterkwaliteit, de natuur- en landschapskwaliteit, maar ook aan omgevingsveiligheid, defensie en cybersecurity, verkeersveiligheid en brandveiligheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_45aa1abde9e24c929ebbde44ec47738f__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fryslân klimaatbestendig maken door te zorgen voor:<br/></Al>
			  <Lijst type="ongemarkeerd" wId="pv21_9cbe2d8bac7246f88aa08d6c444bee05__div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2__list_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2__list_o_1">
			    <Li wId="pv21_e776123b971440a799b8f65cb022fecd__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_1">
			      <Al>Voldoende, schoon water;</Al>
			    </Li>
			    <Li wId="pv21_f55e4c6efed640c2bb9cc1943123344a__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_2">
			      <Al>Beperking van de water- en droogteschade;</Al>
			    </Li>
			    <Li wId="pv21_3736b09c651c49ccae25f3e24052d74f__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2__list_o_1__item_o_3">
			      <Al>Verbetering van de waterkwaliteit;<br/></Al>
			    </Li>
			  </Lijst>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a0841b381f444a269b9836ae819549be__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het ontwikkelen van een perspectief voor een boerdiverse en toekomstbestendige landbouw, in combinatie met het realiseren van een veerkrachtige natuur en herstel van de biodiversiteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4ca9a42d4aee427682dc43fe8c54340b__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het realiseren van een vitale, weerbare economie met een toekomstbestendig verdienvermogen. Een economie ook die in 2050 circulair is, met voldoende ontwikkelruimte voor de juiste bedrijvigheid op de juiste locatie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_33720efd9fad4026a0376d8f8de6190d__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het faciliteren van de overgang naar een fossielvrije energievoorziening in 2050;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b5cc2631b22942c5988c7dfcd6865d56__div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen (95% minder in 2050) en het vastleggen van koolstof via landgebruik;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f66cf07b032447e2b8cc69646fa30c07__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het ontwikkelen van een mobiliteitssysteem met goed verbonden vervoersvormen voor optimale bereikbaarheid (ketenmobiliteit): snel en comfortabel, veilig, slim, betaalbaar, schoon en duurzaam;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6c3a7545533841908ca31512bf5f148c__list_o_1__item_o_7" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het ontwikkelen van een perspectief voor onbemande luchtvaart, zoals drones;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_de90d75b4a2d49f09eba8b2c605dba24__list_o_1__item_o_8" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het creëren van randvoorwaarden voor vitale en leefbare steden en dorpen bij een ouder wordende bevolking. Daaronder valt het versnellen van de woningbouw en het realiseren van de gewenste woningtypen voor verschillende doelgroepen. Dit gebeurt in samenhang met het opknappen en verduurzamen van bestaand, bebouwd gebied (woningvoorraad, werklocaties, voorzieningen);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a6cbca7a4dc448a7a7c103a9e07fed70__list_o_1__item_o_9" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het herkenbaar houden van de Friese landschappen en voortbouwen op haar kernkwaliteiten. Dit betekent ook aandacht voor rust en donkerte; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7575463dca7b47ccbe70ec1205cfea0a__div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_9" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_11">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het behouden, benutten en versterken van waardevol erfgoed, ook in relatie tot de omgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f52147573bed4a8a9a74522ae3f9e315__list_o_1__item_o_10" eId="div_A__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_12">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het faciliteren van slimme groei van de Friese gastvrijheidseconomie, voor een leefbare provincie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Ruimte</Tussenkop>
		      <Al>De genoemde opgaven vragen ruimte. Om alle opgaven het hoofd te kunnen bieden, is meer ruimte nodig dan één Fryslân kan bieden. We moeten dus keuzes maken: niet alles kan overal.</Al>
		      <Al>Bovendien moeten we zorgen voor een goede afstemming tussen de verschillende vormen van gebruik van onze leefomgeving. Functies mogen elkaar immers niet hinderen, maar dienen elkaar te versterken. Denk aan de concentratie van watergebonden bedrijvigheid, nabij vaarwater.</Al>
		      <Al>Het slim combineren van functies is dé manier om zuinig met de beperkt beschikbare ruimte om te gaan. Tegelijk kan het kwaliteitswinst opleveren omdat het bijdraagt aan meerdere doelen. In het vervolg van deze visie geven we hier verder invulling aan en komen we met voorbeelden.<br/><br/></Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_75d90e7c442a4fbfbefa42e21ca22abf__div_o_1__div_o_2" eId="div_A__div_3">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>3</Nummer>
		    <Opschrift>Bewegingen</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_4b7e0443af4d44cf8671325fc4cf4fa9__div_o_1__div_o_2__content_o_2" eId="div_A__div_3__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Kadertekst wId="pv21_024d1381728e4c6ea62e845ab13cef37__recital_o_1" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1">
			<Al>In dit hoofdstuk presenteren we een viertal strategische bewegingen waarlangs we het in hoofdstuk 1 geschetste streefbeeld gaan bereiken. Elke beweging wordt ondersteund door een bewegingskaart (zie kaartenboek).</Al>
			<Al>De vier bewegingen geven invulling aan de beschreven opgaven en zetten de noodzakelijke transities en vliegwielen in gang:</Al>
			<Lijst type="expliciet" wId="pv21_7695399961a74a97981f0b571a79721b__recital_o_1__list_o_1" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1__list_o_1">
			  <Li wId="pv21_ee6cf104facd4f91b217eb35c99cf87b__recital_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_1">
			    <LiNummer>1.</LiNummer>
			    <Al>Naar een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving met identiteit</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_0c07e48419ed406fb9c1ba91ac557949__recital_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_2">
			    <LiNummer>2.</LiNummer>
			    <Al>Naar een sterke landbouw en natuur in een klimaatbestendig Fryslân</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_a15d90a94d6c4d4f9d3e62d106794257__recital_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_3">
			    <LiNummer>3.</LiNummer>
			    <Al>Naar vitale steden en dorpen in een verbonden Fryslân</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_0700eb584f4e430eb72acc298a2884fd__recital_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_o_1__recital_o_1__list_o_1__item_4">
			    <LiNummer>4.</LiNummer>
			    <Al>Naar een fossielvrije en circulaire samenleving</Al>
			  </Li>
			</Lijst>
			<Al>In het deel Thematische Verdieping werken we deze vier bewegingen per thema uit. Dit doen we door dieper op de relevante thema’s binnen een beweging in te gaan en daarbij de doelen en beoogde ontwikkelingen te specificeren. Op die manier geven we concreet invulling aan de ambities uit dit Visiedeel. We houden daarbij oog voor de samenhang tussen alle thema’s. In het deel Gebiedsgerichte Verdieping vertalen we onze inzet voor de bewegingen en de thema’s naar gebiedsniveau: we geven we aan wat dit betekent voor de acht gebieden waarin Fryslân onderverdeeld kan worden, en daarbinnen voor de zes uitnodigingszones.</Al>
		      </Kadertekst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_625f513d25bc47beb2bf87b0f2c4d1ba__div_o_1__content_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.1</Nummer>
		      <Opschrift>Naar een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving met identiteit</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving, waarvan we het unieke Friese karakter behouden. Dat is waar we voor gaan en wat aan de basis staat van de provinciale ambities. Als we keuzes maken die de leefomgeving beïnvloeden, stellen we de gezondheid, (omgevings)veiligheid en het welzijn van inwoners voorop. Bovendien moeten keuzes recht doen aan de bijzondere kwaliteiten van het landschap, ons erfgoed en de natuur.</b>
                              </Al>
		      <Tussenkop>De milieubasis op orde brengen én houden</Tussenkop>
		      <Al>Fryslân is een relatief schone, stille en veilige provincie, waar we ’s nachts ook nog de duisternis kunnen ervaren. Het milieu wordt schoner. Het voldoet op een toenemend aantal plaatsen aan de wettelijke eisen, maar niet overal. Zo worden de normen voor waterkwaliteit op veel plekken nog overschreden, is de stikstofbelasting te hoog. Ook zijn er nog verontreinigde locaties, bijvoorbeeld met zeer zorgwekkende stoffen zoals PFAS. We willen minimaal voldoen aan de wettelijke normen voldoen voor water-, lucht- en bodemkwaliteit, geluid, geur en veiligheid. Daarbij moet ook de calamiteitenzorg goed zijn geregeld. Net zo goed als het toezicht op de naleving van actuele vergunningen, verleend aan bedrijven.</Al>
		      <Al>Maar we willen meer. We willen vooruitgang zien. We vinden dat de leefomgeving de gezondheid en veiligheid van mensen niet langer nadelig mag beïnvloeden. Ook sociale en regionale verschillen in gezondheid zien we graag verdwijnen. Dit vraagt van ons allen dat we alle mogelijkheden aangrijpen om de milieukwaliteit verder te verbeteren en te voldoen aan (inter)nationale streefwaarden voor lucht, water, bodem en (afval)stoffen.</Al>
		      <Al>Bij milieu- of gezondheidsrisico's houden we rekening met het voorzorgsbeginsel (art. 3.3 Omgevingswet), het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron worden bestreden en het beginsel dat de vervuiler betaalt. </Al>
		      <Al>We vragen bijzondere aandacht voor onderwerpen als dierziekten, geluidhinder, fijnstof, PFAS en chemische bestrijdingsmiddelen. En we kijken vooral naar de optelsom van milieuhinder en -belasting (cumulatie). Bestaande milieuproblemen, zoals vervuilde bodem en grondwater, ruimen we zoveel mogelijk op.</Al>
		      <Tussenkop>Klimaatverandering</Tussenkop>
		      <Al>Een relatief nieuw, belangrijk aandachtspunt is het beperken van hittestress en wateroverlast door klimaatverandering. Deze verschijnselen zijn van grote invloed op de gezondheid van met name kwetsbare groepen. Het is dan ook essentieel dat we bij de inrichting van steden, dorpen en het landelijk gebied rekening houden met het veranderende klimaat. Het is dan ook belangrijk dat we groen en water meenemen in nieuwe inrichtingsplannen en -maatregelen.</Al>
		      <Tussenkop>Gezonde en veilige leefomgeving voor iedereen</Tussenkop>
		      <Al>Hoe we onze omgeving inrichten en wat de kwaliteit daarvan is, heeft direct invloed op onze gezondheid. Het is bewezen dat verschillen in gezondheid samenhangen met bijvoorbeeld de luchtkwaliteit of de bereikbaarheid van voorzieningen. Maar bijvoorbeeld ook met de nabijheid van groen en water. Niet voor niets is in de Omgevingswet vastgelegd dat overheden bij hun ruimtelijke keuzes rekening moeten houden met de bescherming van – en de effecten op – onze gezondheid.</Al>
		      <Al>Wij zien gezondheid breed. Een gezonde leefomgeving draagt bij aan het fysieke, mentale én sociale welzijn van mensen. Dat gaat verder dan het tegengaan van vervuiling of gevaar. Het gaat ook om een omgeving die uitnodigt tot gezond gedrag, tot sociale verbondenheid en mogelijkheden biedt om de regie over je eigen leven te houden. Een omgeving ook die iedereen in staat stelt het maximale uit het leven te halen. Een gezonde leefomgeving is ook veilig en inclusief. In een veilige leefomgeving voelen mensen zich beschermd tegen risico's en is de kans op ongelukken of schade zo klein mogelijk. Dit vergt aandacht voor verkeersveiligheid, waterveiligheid, cyberveiligheid, brandveiligheid en sociale veiligheid. Een inclusieve leefomgeving zorgt ervoor dat iedereen volledig kan meedoen aan het dagelijks leven. Dus dat niemand wordt buitengesloten en dat voorzieningen, activiteiten en openbare ruimtes voor iedereen bereikbaar, toegankelijk en uitnodigend zijn. In deze brede opvatting hebben we als provincie deels een rol; het is een gezamenlijke opgave met gemeenten.</Al>
		      <Al>Een goede ruimtelijke inrichting draagt bij aan het verminderen van gezondheidsrisico's, milieuschade, onveiligheid en sociale uitsluiting. Het is daarom dat we gezondheid en veiligheid standaard meewegen in alle ruimtelijke beslissingen. Voorkomen is immers beter dan bestrijden. We zien dit als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle betrokkenen.</Al>
		      <Al>Een bijzonder aspect van veiligheid is defensie. De geopolitieke situatie noodzaakt tot versterking van onze nationale defensie. Daarvoor is ruimte nodig. Fryslân zal daarin een evenredige bijdrage leveren. In overleg met het Rijk zorgen we ervoor dat de impact van defensieactiviteiten op de omgeving zo beperkt mogelijk is. Ook willen we kansen benutten om defensieterreinen en –objecten te combineren met andere functies, kwaliteiten en opgaven. Denk aan natuurontwikkeling op defensieterreinen die hiervoor, door het extensieve gebruik, geschikt zijn. Ook kijken we naar de mogelijkheden die de defensie-industrie kennisinstellingen en het Friese bedrijfsleven – en dan met name de maakindustrie - biedt.</Al>
		      <Tussenkop>Impuls voor gezond leven en eigen regie</Tussenkop>
		      <Al>De leefomgeving kan een krachtige stimulans zijn voor gezond gedrag en een gezond leven. De inrichting van de ruimte kan mensen aanzetten tot bewegen, ontmoeten en deelnemen aan de samenleving. Denk aan het integreren van groen en water, sport- en recreatiemogelijkheden in de leefomgeving. Maar bijvoorbeeld ook aan plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Een gezonde bodem levert gezond voedsel. En een rijke natuur, gevarieerd landschap en rijk erfgoed dragen bij aan onze beleving, ontspanning en rust.</Al>
		      <Al>Het is ook belangrijk dat mensen zich in hun omgeving kunnen ontplooien en de regie over hun leven kunnen voeren. Vanzelfsprekend zijn werk en voorzieningen voor iedereen bereikbaar en toegankelijk. Bij alle keuzes die we in de leefomgeving maken, kijken we naar de effecten op gezondheid, welzijn en veiligheid van inwoners en naar de mogelijkheden om verschillen hierin te verkleinen. Ook beschermen we natuurgebieden en plekken die stil en donker zijn, omdat we daar rust en ontspanning vinden.</Al>
		      <Tussenkop>Een leefomgeving met identiteit, pit en karakter</Tussenkop>
		      <Al>Landschap en erfgoed van Fryslân zijn hecht verbonden met de Friese identiteit. Het Friese cultuurlandschap is medebepalend voor de kwaliteit van onze leef- en werkomgeving, het vestigingsklimaat en de kansen voor toerisme en recreatie. Dit betekent dat ze bijdragen aan de brede welvaart in onze provincie. </Al>
		      <Al>Landschap en erfgoed veranderen echter van karakter door de manier waarop we onze ruimte gebruiken. Ze zijn het resultaat van uiteenlopende ontwikkelingen en ingrijpende aanpassingen zoals, in het verleden, het droogleggen van veengronden of het inpolderen van land.</Al>
		      <Al>De druk op het Friese cultuurlandschap vraagt om zorgvuldig handelen. Tegelijkertijd vragen de opgaven van vandaag om aanpassingen in onze leefomgeving die het landschap zullen veranderen. Maar wanneer we met een brede blik naar onze leefomgeving kijken en voortbouwen op wat er al is - met respect voor landschap, erfgoed en hun ontstaansgeschiedenis - kunnen we nieuwe ruimtelijke kwaliteit toevoegen. Dit kan ook leiden tot nieuwe iconen die in de toekomst op veel lof en waardering kunnen rekenen.</Al>
		      <Al>Ons uitgangspunt is dat Friese landschapstypen herkenbaar blijven en dat we waardevol erfgoed (inclusief archeologie) behouden en waar mogelijk versterken. Dit gaat niet vanzelf; hiervoor is ook inzet van de provincie nodig.</Al>
		      <Al> In hoofdlijnen willen we dit op de volgende manieren bereiken:<br/></Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_ef56ddeefe0e476f82511aacccd45b45__list_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_de51b97a5ddb4334a82d90296823e2a3__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door ruimtelijke kwaliteit of omgevingskwaliteit centraal te stellen als ontwerpprincipe. Verleden, heden en toekomst worden op samenhangende wijze verbonden. Dit betekent dat landschap en erfgoed vanaf het begin aandacht krijgen in de planvorming rond ruimtelijke opgaven; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ecc5c5f0a1e04c12889828f748267ade__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door gemeenten en initiatiefnemers te vragen in hun plannen rekening te houden met de landschappelijke en cultuurhistorische waarden van provinciaal belang, zoals beschreven in de beleidsnota Grutsk op ’e Romte. Hieruit hebben we dan ook de top 10 identiteitsdragers van Fryslân overgenomen. De provincie draagt hieraan bij met kennis en informatie. Het team ruimtelijke kwaliteit adviseert oplossingsgericht over projecten en initiatieven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f4a8477dee884c13aab5949ba7430bfb__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door te laten zien hoe landschap en erfgoed als inspiratiebron kunnen dienen voor nieuwe opgaven. In plaats van belemmeringen op te werpen, kunnen ze onvermoede oplossingen bieden die bestaande kwaliteiten versterken en nieuwe toevoegen. Zo kunnen we oude water- of landschapsstructuren inzetten voor klimaatadaptatie en biodiversiteit. Vrijkomend erfgoed, zoals boerderijen, kerken of scholen, biedt kansen voor herbestemming. Waardevol cultuurlandschap en erfgoed kunnen we inzetten voor de gastvrijheidseconomie. Nieuwe ontwikkelingen bouwen zo voort op wat er is en voegen nieuwe kwaliteit toe;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1d9218b3fdf34b54aae8f9d212a46937__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door extra inzet op het herkenbaar houden en beschermen van kwetsbare landschappelijke en cultuurhistorische structuren en elementen, zoals dijken, essentiële watergangen of bijzondere verkavelingen, in balans met economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Agrarische ontwikkelingen, zoals perceelverbetering of nieuwbouw van stallen, moeten aansluiting vinden bij – bijvoorbeeld – verkavelingsstructuren, archeologie, reliëf en het karakter van boerenerven. Een ander voorbeeld is dat dorpskernen gescheiden blijven en niet aan elkaar groeien. Bij uitbreidingen is het belangrijk dat kenmerkende patronen van water, wegen en groen – die het dorp of de stad met het landschap verbinden – herkenbaar blijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a2a30308a4c7440eb13d0c9a674ac994__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door aanleg, herstel en beheer van landschapsstructuren en -elementen te stimuleren. Dit geldt ook voor het in stand houden, herbestemmen en verduurzamen van gebouwd en groen erfgoed. Verder gebruiken we onze wettelijke bevoegdheden voor het behoud en de bescherming van monumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten. We onderzoeken de mogelijkheden om dit te verbinden aan nieuw gebruik en nieuwe opgaven.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_1.pdf?cb=F6gSjD1u">Bewegingskaart 1</ExtRef>
                                    </b> (zie </i>
                                 <i>
                                    <IntRef ref="div_D__content_o_1">kaartenboek</IntRef>
                                 </i>
                                 <i>)<br/><b>Naar een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving met identiteit</b><br/>Niet alles van deze beweging laat zich vangen in een kaartbeeld. Op deze kaart staan de belangrijkste waarden en kwaliteiten, met name van landschap, stilte, donkerte en natuur. Daarnaast wordt de identiteit van Fryslân bepaald door culturele-, ecologische- en economische waarden en door de geschiedenis van onze provincie, zoals op de andere kaarten weergegeven. De Waddenzee, de Friese elf steden, het Woudagemaal en de Koloniën van Weldadigheid zijn aangegeven als plekken met bijzondere, te behouden/ beschermen waarden.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_a9bb25eaeabc4110ba343d586e6ee7d9__div_o_1__div_o_2__content_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.2</Nummer>
		      <Opschrift>Naar een sterke landbouw en natuur in een klimaatbestendig Fryslân</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Samen met andere partijen werken we aan een waardevol, gezond, vitaal en leefbaar platteland. Onze stip op de horizon is een sterke en duurzame agrarische sector die perspectief voor de toekomst heeft en die hand in hand gaat met klimaatadaptatie en herstel van natuur-, milieu- en landschapskwaliteit. We doorbreken de impasse die onder andere door de stikstofcrisis is ontstaan. Van stilstand naar vooruitgang.</b>
                              </Al>
		      <Al>Een landbouwsector met toekomstperspectief fungeert als vliegwiel voor voedselproductie, economie, natuurherstel en beheer van het landschap. De sector heeft duidelijkheid nodig zodat ondernemers weten waar ze aan toe zijn. Zodat ze weer durven investeren in hun bedrijven. Elk gebied is anders en elke agrariër oefent zijn of haar onderneming op een andere manier uit. Deze boerdiversiteit is de sleutel voor een gezonde bedrijfsontwikkeling en de aanpak van de opgaven in het landelijk gebied.</Al>
		      <Al>Maar Fryslân is een provincie waarin water, bodem, landbouw en natuur al eeuwenlang samen het landschap vormen. Deze samenhang blijft een grote kracht, maar staat onder druk door veranderingen in klimaat, waterkwaliteit, stikstofbelasting en door bodemdaling en afnemende biodiversiteit. Daardoor neemt in delen van het landelijk gebied de ruimte voor ontwikkeling af en ontstaan spanningen tussen functies.</Al>
		      <Al>Tegelijk beschikt Fryslân over stevige basiswaarden: een sterke en diverse landbouw, waardevolle natuur en een lange traditie van samenwerken in en met het gebied. Die kwaliteiten maken het mogelijk toe te groeien naar een nieuwe balans, waarin functies beter aansluiten bij het water- en bodemsysteem en waarin het landschap toekomstbestendig blijft voor bewoners, ondernemers en komende generaties.</Al>
		      <Al>Dus bieden we duidelijkheid door per gebied ontwikkelperspectief te bieden, zodat ondernemers voor hun bedrijfsvoering (lange termijn) keuzes kunnen maken. Verder werken we samen met het Rijk aan een juridisch houdbare aanpak voor stikstofreductie en natuurherstel, zodat vergunningverlening weer mogelijk wordt en maatschappelijke ontwikkelingen niet worden belemmerd.</Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem als basis</Tussenkop>
		      <Al>Fryslân krijgt steeds vaker te maken met droge perioden, wateroverlast, verzilting en druk op de zoetwatervoorziening. Deze ontwikkelingen raken landbouw, natuur, waterveiligheid en onze gezondheid. Daarom vormt het water- en bodemsysteem de basis voor keuzes in het landelijk gebied.</Al>
		      <Al>Een robuust watersysteem, gezonde bodem en voldoende schoon zoetwater zijn randvoorwaarden voor een veerkrachtig landschap. Dit vraagt om landgebruik dat beter past bij de draagkracht van de bodem, om herstel van hydrologische systemen en om het zorgvuldig beschermen van drinkwaterbronnen. Door vroegtijdig te bepalen wat waar duurzaam mogelijk is, creëren we duidelijkheid voor bewoners, ondernemers en overheden. Agrariërs kunnen vervolgens zelf bepalen hoe ze hierop het beste kunnen inspelen.</Al>
		      <Al>In alle gebieden staat het vasthouden van zoetwater voorop, zodat we in droge periodes minder afhankelijk zijn van IJsselmeerwater. Extra ruimte is nodig voor het (tijdelijk) bergen van overmatig boezemwater, en voor piekwaterberging; voor dit laatste kunnen we de laagste delen van polders benutten. Samen met Wetterskip Fryslân onderzoeken we of, en waar, extra maalcapaciteit nodig is.</Al>
		      <Al>Friese grondgebruikers moeten rekening houden met toenemende wateroverlast wanneer hevige regenval en een hoog boezempeil samenvallen. In en rond drinkwaterwingebieden zien we erop toe dat bodemgebruik de kwaliteit van het grondwater niet schaadt.</Al>
		      <Tussenkop>Een landbouwhoofdstructuur met ontwikkelruimte en toekomstperspectief</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw is en blijft één van de belangrijke pijlers van Fryslân. Ze draagt bij aan voedselproductie, economie, landschap, leefbaarheid in het landelijk gebied en het functioneren van ketens. Agrarische ondernemers hebben behoefte aan duidelijkheid over het ontwikkelperspectief dat past bij hun gebied en de stappen die nodig zijn om toekomstbestendig te blijven ondernemen.</Al>
		      <Al>De landbouwhoofdstructuur – zoals onderstaand uitgewerkt – helpt daarbij en omvat de volgende elementen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_518d22b689884b29ae44201b04d0c397__list_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_e35210d869bb44b98542e2be26c22a8c__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Aanduiding van alle huidige landbouwgronden; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_55f4ecd9859d49b8a484206a84a485f3__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Duiding van de opgaven, waaronder meervoudige opgaven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_92e314f9736348b2ad04bb7c4f1f84b4__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een afwegingskader bij voorgenomen functiewijziging.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Dit afwegingskader werkt niet belemmerend maar maakt een gelijkwaardige afweging van belangen mogelijk, waaronder het belang van landbouw en voedselvoorziening. </Al>
		      <Al>Binnen de landbouwhoofdstructuur is ruimte voor boerdiversiteit: verschillende bedrijfsmodellen kunnen zich naast elkaar ontwikkelen, passend bij hun gebied en bedrijfsstrategie. Door te werken met ontwikkelpaden en doelsturing via een herkenbare set KPI’s (Kritische Prestatie Indicatoren) kunnen ondernemers een koers kiezen die aansluit bij hun bedrijf en tegelijkertijd bijdraagt aan water-, natuur- en klimaatdoelen. Zo ontstaat een landbouw die economisch vitaal blijft, beter aansluit bij water- en bodemsysteem en meegroeit met de maatschappelijke opgaven waarvoor Fryslân staat.</Al>
		      <Tussenkop>Natuur, biodiversiteit en gezondheid versterken</Tussenkop>
		      <Al>De natuur in Fryslân staat onder druk door stikstofbelasting, verdroging, versnippering en waterkwaliteit die nog niet overal op orde is. Herstel is noodzakelijk, niet alleen om aan onze wettelijke milieu- en natuurdoelen te voldoen, maar ook voor een gezonde leefomgeving. De provincie werkt aan natuurherstel vanuit het functioneren van ecosystemen: het herstel van bodem- en waterprocessen, leefgebieden, biodiversiteit en verbindingen tussen natuurgebieden. Daarom zetten we in op het afronden van het Friese deel van het Natuurnetwerk Nederland en op natuurverbetering in deze natuurgebieden. </Al>
		      <Al>In het landelijk gebied buiten de natuurgebieden werken we samen met grondgebruikers en hun coöperaties aan de basiskwaliteit natuur. Zo versterken we de groenblauwe dooradering van het landelijk gebied; dit zorgt ook voor betere verbindingen tussen natuurgebieden. Bovendien herstellen we de (ecologische) waterkwaliteit en hydrologische systemen. Via het Aanvalsplan Grutto, in combinatie met de aanwijzing van weidevogelgebieden, versterken we de weidevogelpopulaties. Door provinciebreed te werken aan gezonde ecosystemen wordt biodiversiteit niet alleen in natuurkernen, maar in heel Fryslân ondersteund en kan de kwaliteit van het landschap duurzaam toenemen.</Al>
		      <Al>Rond kwetsbare natuurgebieden (Natura 2000) zijn extra inspanningen nodig om de samenhang en synergie tussen landbouw en natuur te versterken. We bouwen daarbij voort op succesvolle voorbeelden. Naast het beperken van emissies van stikstof en chemische gewasbeschermingsmiddelen, zijn maatregelen nodig die de waterhuishouding herstellen. Samen met agrariërs geven we hier invulling aan via doelsturing (KPI’s), inrichtings- en beheermaatregelen zoals Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLB) en aanpassingen in de bedrijfsvoering.</Al>
		      <Tussenkop>Meervoudige opgaven binnen één landelijk system</Tussenkop>
		      <Al>In delen van Fryslân komen opgaven rond water, bodem, klimaat, landbouw en natuur sterk samen, o.a. rond Natura 2000-gebieden, veenweidegebieden, beekdalen en grondwaterbeschermingsgebieden. In deze gebieden is extra inzet nodig om landbouwontwikkeling, natuurherstel, waterkwaliteit en klimaatadaptatie met elkaar te verbinden. We werken hier met generieke maatregelen als basis en gerichte gebiedsaanpakken waar dat nodig is. We zullen een extra inzet ondersteunen met ons grondinstrumentarium en middelen voor agrarisch natuurbeheer, groenblauwe dooradering, innovatie, KPI-sturing door agrariërs, water- en bodemmaatregelen. Ook maatregelen voor zoetwaterbeschikbaarheid en het beperken van wateroverlast maken hiervan onderdeel uit. Agrariërs kunnen zo hun bedrijfsvoering en verdienmodellen verbreden en verduurzamen. Door te werken vanuit bodem- en waterlogica, gebiedskennis en de ontwikkelpaden voor landbouw, ontstaan oplossingen die uitvoerbaar zijn voor het landschap én voor de bedrijven die er actief zijn.</Al>
		      <Tussenkop>Zorgvuldig omgaan met landbouwgrond</Tussenkop>
		      <Al>Landbouwgrond is schaars en van groot belang voor voedselproductie, de regionale economie en het functioneren van ketens. Daar zijn we zuinig op. Daarom ontwikkelen we, samen met het Rijk en in afstemming met het Wetterskip en gemeenten, een afwegingskader voor functieverandering van landbouwgrond. Hierin worden per geval de landbouwkundige waarde, voedselvoorziening en concurrerend vermogen, landschappelijke kwaliteit en andere maatschappelijke belangen in samenhang afgewogen. Dit biedt duidelijkheid voor ondernemers, financiers, gemeenten en andere gebiedspartners.</Al>
		      <Tussenkop>Samen werken aan een duurzaam landschap</Tussenkop>
		      <Al>De ontwikkeling van het landelijk gebied vraagt tijd, continuïteit en samenwerking. Door water en bodem centraal te stellen, landbouw perspectief te bieden en natuur te herstellen, groeit Fryslân stap voor stap toe naar een nieuw evenwicht. Met gebiedskennis, vakmanschap, innovatie en gezamenlijke verantwoordelijkheid ontstaat een landelijk gebied dat leefbaar is voor bewoners, aantrekkelijk voor bezoekers en veerkrachtig voor toekomstige generaties. En we hebben aandacht voor stilte en donkerte, als basisvoorwaarden voor een natuurlijke en gezonde leefomgeving.</Al>
		      <Tussenkop>Uitwerking per grondsoort</Tussenkop>
		      <Al>De belangrijkste aandachtspunten die voortvloeien uit deze beweging presenteren we hieronder per grondsoort (water en bodem als basis).</Al>
		      <Al>
                                 <b>Klei: zoetwater en cultuurbehoud</b>
                                 <br/>Het kleigebied is van vitaal belang voor de agrarische sector. We stellen het behoud van de uitstekende productieomstandigheden voor de landbouw dan ook voorop. Belangrijke opgaven zijn het anticiperen op de toenemende verzilting en het verbeteren van de bodem- en waterkwaliteit. Omdat het doorspoelen met zoet (IJsselmeer)water in de toekomst niet altijd gegarandeerd kan worden, wordt het vasthouden van zoetwater en het vergroten - en in stand houden - van zoetwaterlenzen onder percelen steeds belangrijker. Op plekken waar verzilting in de toekomst onontkoombaar is, liggen kansen voor andere teelten. Daarnaast zijn het verbeteren van de biodiversiteit en het behoud van het karakteristieke kleilandschap met zijn rijkdom aan cultuurhistorisch erfgoed en unieke verkavelingspatronen belangrijk.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Veen: veenoxidatie en bodemdaling</b>
                              </Al>
		      <Al>Onze ambitie voor het veengebied voor de lange termijn (2050) is een blijvend evenwicht, waarin veenafbraak, maaivelddaling en CO2- uitstoot nagenoeg zijn gestopt. De kwaliteiten van landschap en natuur zijn verbeterd. Funderingen worden niet verder aangetast. Ook de leefbaarheid en vitaliteit staan op een hoog peil; de landbouw heeft zich aangepast aan de veranderde omstandigheden en recreatie en toerisme hebben zich verder ontwikkeld. </Al>
		      <Al>Om tot deze ambitie te komen richten we ons voor 2030 op de volgende veenweidedoelen: </Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_4c7b308856624003a614d96ab6d1a61a__list_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_5682edfd68d142e9a5eb6ae79bacc514__list_o_2__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>De negatieve effecten van maaivelddaling zijn verminderd (gemiddeld 0,2 cm minder maaivelddaling per jaar; daarnaast beperken en compenseren van negatieve effecten); </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_133f1eda7d49411595199869d3ebd536__list_o_2__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>De uitstoot van broeikasgassen is met 0,4 megaton CO2 equivalenten per jaar afgenomen; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_558d359292674d049f2dfe5cea69e4fa__list_o_2__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>De landbouw heeft een duurzaam toekomstperspectief; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_41c2ef43aca34064b9f80b12fbb80cb1__list_o_2__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>●</LiNummer>
			  <Al>Het watersysteem is waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. </Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>We koppelen maatregelen en acties voor deze veenweidedoelen zoveel mogelijk ook aan andere doelen, zoals biodiversiteit, duurzame energie, vermindering stikstofdepositie, waterkwaliteit. Op die manier is meerwaarde te bereiken en worden zaken in een gebied in een keer aangepakt.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Zand: stikstof- en waterurgentie</b>
                                 <br/>Het afstemmen van landbouw, natuur, water, bodem en landschap is op het zand de voornaamste opgave: een kwaliteitsimpuls waarmee een toekomstbestendige landbouw en natuurherstel verder worden vorm gegeven. De beschikbaarheid van voldoende en schoon water speelt daarin een belangrijke rol.</Al>
		      <Al>Vanwege de aanwezigheid van een groot aantal stikstofgevoelige natuurgebieden en verdroging/ droogtestress, ligt de grootste opgave in Zuidoost-Fryslân. Omdat natuurherstel en perspectief voor de landbouw onmogelijk zijn zonder optimale waterhuishouding, zetten we hier in op zoetwater vasthouden. In gebiedsprogramma’s werken we de benodigde maatregelen uit met agrariërs, Wetterskip Fryslân en natuurbeheerders. Specifieke aandacht hebben de beekdalen, waar versterkt wordt ingezet op verbetering van natuur-, landschaps- en waterkwaliteit. Dit maakt deze gebieden bovendien aantrekkelijker voor recreanten en toeristen.<br/></Al>
		      <Al>In de grondwaterbeschermingsgebieden verbeteren we de grondwaterkwaliteit, met het oog op een veilige en toekomstbestendige drinkwaterwinning. Daarom beperken we hier de uit- en afspoeling van met name nutriënten en pesticiden.</Al>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_2_1.pdf?cb=YNZwWVOB">Bewegingskaart 2</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_1">kaartenboek</IntRef>)<br/><b>Naar een sterke landbouw en natuur in de klimaatbestendig Fryslân</b><br/>Ook voor deze kaart is de natuurlijke ondergrond van water en bodem de basis. De situaties waar Fryslân mee te maken krijgt door klimaatverandering zijn weergegeven, samen met de oplossingen die we hiervoor willen inzetten. Het tegengaan van verzilting en verdroging en het reserveren van ruimte voor dijkversterking zijn hiervan voorbeelden. De landbouwhoofdstructuur wordt weergegeven met de vier gebieden (wadden, klei, veen en zand). Onderdeel daarvan zijn de meervoudige opgaven, waar opgaven rond water, bodem, klimaat, landbouw en natuur sterk samenhangen. In de uitnodigingszone landelijk, Zuidoost Fryslân spelen urgente opgaven vanwege stikstofgevoelige natuur, verdroging en landbouw. We willen hier met medeoverheden en stakeholders aan de slag gaan.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_0a5c18063fbe428fa3ba9b5b1e6841cb__div_o_1__div_o_2__content_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.3</Nummer>
		      <Opschrift>Naar vitale steden en dorpen in een verbonden Fryslân</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Een vitaal Fryslân begint bij sterke steden en dorpen die elkaar aanvullen en versterken. Elk dorp en elke stad moet zich kunnen ontwikkelen op een manier die aansluit bij de eigen identiteit, schaal en behoeften. Daarbij streven we naar leefbaarheid door het creëren en faciliteren van nabijheid: wonen dicht bij werken, met voorzieningen binnen handbereik en nooit ver weg van groen, water en een aantrekkelijk en klimaatadaptief landschap.</b>
                                 <strong/>
                              </Al>
		      <Al>Het Fries Stedelijk Netwerk is het hart van de regio. Het biedt een breed scala aan stedelijke voorzieningen en bedrijvigheid waar iedereen in Fryslân van profiteert. De stedelijke dynamiek zorgt voor gevarieerde en stuwende werkgelegenheid, innovatie en kennisontwikkeling. Daarnaast vervullen de regiosteden Harlingen en Dokkum en de regiokernen een cruciale werkgelegenheids- en verzorgingsrol voor hun omgeving. Complementair vormen de dorpen, met hun unieke kwaliteiten, het bruisende weefsel van het platteland.</Al>
		      <Tussenkop>Gevarieerde woningbouw voor groei</Tussenkop>
		      <Al>De grote vraag naar woningen beantwoorden we met gevarieerde nieuwbouw in en rond steden en dorpen; onze ambitie is om in Fryslân voldoende woningen te realiseren waarbij ook rekening wordt gehouden met demografische ontwikkelingen en de verwachte economische impuls in 2050. Door de woningvoorraad aan te vullen en te differentiëren, houden we jongeren vast en komen we tegemoet aan de woonbehoeften van ouderen. Denk daarbij ook aan de combinatie van wonen en zorg. Daarbij vraagt nieuwe woningbouw om tijdige aandacht voor netbewust bouwen en aardgasvrije en collectieve warmteoplossingen. <br/>Met circulaire en modulaire bouw en nieuwe woonvormen, kan snel en flexibel worden ingespeeld op veranderende behoeften en tijdelijke woningvraag. En door natuurinclusief te bouwen kunnen we ook in bebouwde gebieden de biodiversiteit vergroten.</Al>
		      <Al>Alle steden en dorpen moeten in de autonome vraag naar woningen (zie begrippenlijst) kunnen voorzien. Naast het slim benutten van de bestaande woningvoorraad, en van vrijkomende plekken in bebouwd gebied, kunnen enkele woningen - of ‘een straatje’ erbij - nodig zijn. Voorwaarde is dat dit geen afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit van de kern. De grotere dorpen - met name de regiokernen - en de steden zullen meer ruimte voor woningbouw nodig hebben.</Al>
		      <Al>Wanneer nieuwe bedrijvigheid aantoonbaar nieuwe inwoners aantrekt, is extra woningbouw nodig. Dan kunnen we zowel de beroepsbevolking, de economie als het voorzieningenniveau op peil houden. Het accent voor extra woningbouw ligt op het Fries Stedelijk Netwerk, de regiosteden en de regiokernen. Aanvullend zien we, naar aard en schaal, passende mogelijkheden voor woningen bij de dorpen en ook – onder voorwaarden – in het landelijk gebied.<br/></Al>
		      <Al>Daarnaast vinden we ook het volgende belangrijk:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_3b4330e8ba8a4a96a924473bdf09f2e2__list_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_4840fca29d114fb09983ac54a461dd2e__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gemeenten, corporaties en marktpartijen knappen bebouwd gebied op en geven het een optimale, eigentijdse invulling, met aandacht voor energiebesparing en duurzame energie bronnen. Daarbij houden ze rekening met de nederzettingenstructuur en karakteristieke bebouwing. Zo ontstaat ruimte voor nieuwe woningen, bedrijven en voorzieningen in de steden en de dorpen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fb5869a49fd34c47867cb46f143f4825__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Samen met gemeenten zoeken we de juiste balans tussen bouwen binnen de bestaande kernen (inbreiding) en erbuiten (uitbreidingslocaties);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_dabbc10bfb1240b0a34831563b798ce3__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Vrijkomend vastgoed – denk aan boerderijen en karakteristieke gebouwen – komt in aanmerking voor nieuwe bestemmingen voor wonen, recreatie, zorg of passende bedrijvigheid. Ook op het omliggende erf zien we passende mogelijkheden. De ruimtelijke, functionele en maatschappelijke meerwaarde is daarbij leidend. En nieuwe activiteiten mogen geen belemmeringen opleveren voor bestaande activiteiten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_de8db4565edc417e8ef972f5889fa182__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ondanks dat de Waddeneilanden te maken hebben met meer beperkingen voor woningbouw, vinden we het belangrijk dat ze voldoende woningen kunnen bouwen. We ondersteunen de eilandgemeenten in het vinden van maatwerkoplossingen in relatie tot de beperkte ruimte en nabijheid van natuurgebieden. Woningen zijn bij voorkeur bestemd voor degenen die een sociale en/of economisch binding hebben met de eilanden.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Kwaliteit in de bebouwingsranden</Tussenkop>
		      <Al>Grote inbreidings- en uitbreidingslocaties voor wonen, werken en voorzieningen komen tegemoet aan de bovenlokale behoefte.</Al>
		      <Al> Bij de ontwikkeling van zulke locaties houden we onder meer het volgende in het oog:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_2778df1f0ef843dc83cb67da42cd022f__list_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2">
			<Li wId="pv21_bcbf5e40b5754a769185516af625f539__list_o_2__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Meegroeien van groen en ruimte voor water;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ce98848f72784ac985635c3bafce653f__list_o_2__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nabijheid van recreatiemogelijkheden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6ae950201d33439eacb44ba9aae57a2a__list_o_2__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving (qua geluid, geur en schone lucht);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c00afb81339542848391d9f0814becb9__list_o_2__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Beschikbaarheid van voldoende fossielvrije energie; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_efb4408852994e0f8a90c42c9b94a58a__div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Adequate afstemming op het natuurlijke water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5b7e497bdd38407381b22c27f18bff0e__div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Goede ontsluiting en bereikbaarheid, ook met fiets en OV.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>In aantrekkelijke multifunctionele stadsranden, met ruimtelijke kwaliteit, zorgen we dat de ontwikkeling van stedelijke functies en de aanleg van energie- en data-infrastructuur gelijktijdig plaatsvindt met de aanleg van groen, water en recreatieve voorzieningen. Hierin nemen we samen met gemeenten de regie (uitnodigingszones).</Al>
		      <Al> Gemeenten werken op hun beurt aan een gezonde en inclusieve woon- en leefomgeving met een inrichting die de volgende kenmerken combineert:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_36333dca42074970b5587f7933c366dc__list_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3">
			<Li wId="pv21_2a5a0e6c31524fcf859896857fb45bdc__list_o_3__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Beperking van hittestress en wateroverlast;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8094fdfcb63241c380b7e5e0bce54275__list_o_3__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Vergroten van de biodiversiteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ed83c609601b401db6877e313a1a7dd5__list_o_3__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een levendig en gemengd karakter;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2e8e25ef28e64b428975b1fe8702a85a__list_o_3__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Uitnodiging tot bewegen, ontmoeten en ontspannen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8d11fe1c8eb946f48544e3b7a2c37116__div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Tot stand brengen van ruimtelijke kwaliteit en identiteit.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Verbindingen en bereikbaarheid</Tussenkop>
		      <Al>We versterken de verbindingen tussen steden, dorpen en het platteland, en tussen verschillende vervoerswijzen (OV, fiets, auto, water en lucht). Met nadruk op het optimaliseren, combineren en doelmatig benutten van de bestaande verbindingen. Streven is dat banen en regionale voorzieningen voor iedereen van huis uit binnen dertig minuten reistijd te bereiken zijn; voor basisvoorzieningen is het streven vijftien minuten. Mobiliteitshubs spelen hierin een belangrijke rol doordat ze verschillende vervoerstypen verknopen en het overstappen vergemakkelijken. Daarbij hoort passende laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer, in het bijzonder bij mobiliteitshubs en OV-knooppunten.<br/><br/>Bij nieuwe ruimtelijke projecten zijn adequate ontsluiting en goede bereikbaarheid voorwaarden. De steden en regiokernen zijn de knooppunten van snelle, goed bezette OV-lijnen. Van daaruit zorgen we voor een fijnmazige ontsluiting van de kleinere kernen met passend lokaal vervoer. Vestiging van functies in de omgeving van OV-knooppunten en stations draagt bij aan het optimaliseren van de bereikbaarheid. Transferia rond de steden ontlasten binnensteden en maken deze veiliger.<br/><br/>De door het Rijk geplande Lelylijn versterkt niet alleen de onderlinge verbindingen in het Fries Stedelijk Netwerk en in Noord-Nederland, maar ook de aansluiting op de rest van het land. Bij de planvorming rond woon- en werklocaties houden we rekening met de aanleg van deze spoorlijn. Belangrijk aandachtspunt is de aansluiting van de omliggende regio’s op de nieuwe halteplaatsen.<br/></Al>
		      <Tussenkop>Gastvrijheidssector met meerwaarde</Tussenkop>
		      <Al>Slimme groei van de gastvrijheidssector draagt bij aan een prettige leefomgeving, leidt tot behoud van voorzieningen en karakteristieke gebouwen én schept toekomstbestendige banen. De sector is dan ook van grote waarde. Niet alleen voor de brede welvaart, maar ook voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Ze raakt immers een grote verscheidenheid aan ruimtelijke vraagstukken.<br/></Al>
		      <Al>In relatie tot de gastvrijheidssector merken we het volgende op:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d0a8874c34b74923a64db330335821e7__list_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4">
			<Li wId="pv21_058586f9fe284547b2b0e5c10e077f5d__list_o_4__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Naast de traditionele watersport en vaarrecreatie, zien we kansen in cultuur-, bezinnings-, agro- en natuurtoerisme. Ontwikkelingen die passen bij de kwaliteiten van Fryslân en het verduurzamen van het toerisme;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d48360a696b1496e9dd716aa184df680__list_o_4__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We benutten en versterken de potentie van water- en landrecreatie. Gebieds- en landschapskwaliteiten zijn leidend en inspirerend voor nieuwe ontwikkelingen en aanpassingen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2231523561bf4788856842f509c3fbd4__list_o_4__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwe, grootschalige voorzieningen passen niet bij slimme groei van het toerisme. Uitzonderingen zijn mogelijk, mits een initiatief grote meerwaarde heeft voor opgaven als natuurontwikkeling, ruimtelijke kwaliteit en/of leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_adea3974f13d4da1a78644b65dcadb33__list_o_4__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Prioriteit ligt bij kwaliteitsverbetering en de meerwaarde van recreatieve en toeristische voorzieningen voor inwoners en bij het aantrekken van passende doelgroepen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3dafcc6ece154ec88f41be977df3e998__list_o_4__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.3__list_o_4__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Op de Waddeneilanden zien we kansen voor duurzame recreatievormen die aansluiten bij het unieke landschap, de natuur, het erfgoed en bij de draagkracht van de eilanden.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_3.pdf?cb=lTvarvsC">Bewegingskaart 3</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_1">kaartenboek</IntRef>)<br/><b>Naar sterke steden en dorpen in een leefbaar, vitaal en verbonden Fryslân</b><br/>Op deze kaart staat de kernenstructuur met het Fries Stedelijk Netwerk, de twee regiosteden Harlingen en Dokkum, de regiokernen, waddenkernen, overige dorpen en plattelandsdorpen. Ook het netwerk van fietspaden, autowegen, spoorverbindingen is aangegeven. De cirkels rondom de steden en de regiokernen geven indicatief het verzorgingsgebied aan; we streven ernaar dat iedereen in Fryslân binnen 15 tot 30 minuten toegang heeft tot banen en belangrijke voorzieningen.<br/><br/></i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_1598c841ec40432b952c37ba5bfd2b63__div_o_1__div_o_2__content_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.4">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.4</Nummer>
		      <Opschrift>Naar een fossielvrije en circulaire samenleving</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân maakt in de komende decennia werk van een sterke, circulaire economie met een betrouwbare en betaalbare fossielvrije energievoorziening. Met als sleutelwoorden: slim clusteren en verbinden.</b>
                              </Al>
		      <Al>Door economie, energie en mobiliteit grotendeels op de meest geschikte locaties te concentreren, benutten we netwerken en infrastructuur maximaal. Deze netwerken en infrastructuur staan onder druk en moeten worden versterkt om de huidige en nieuwe Friese bedrijvigheid goed te faciliteren. Bovendien versterken we synergie-effecten en is concentratie gunstig voor de ruimtelijke kwaliteit. Met bodem, water en landschappelijke waarden als basis bouwen we voort op de kracht en kwaliteiten van Fryslân. <br/></Al>
		      <Al>Daarbij zetten we in op de volgende zaken:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d609aa764d334c358541137dcc5531fa__list_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1">
			<Li wId="pv21_ac077d82463f4572ae2480d7c434ac21__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Groei van de zes economische speerpuntsectoren (AgroFood, Water Technology, High Tech Systems &amp; Materials, Circular Materials, Maritime Technology, Tourism &amp; Hospitality) waarmee we ook onze koploperpositie in de circulaire economie verder versterken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fcb3f9026f534cfe8daf4c8364f20f9a__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het faciliteren van een fossielvrije bedrijfsvoering en mobiliteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f9161a0d24ec4912a4c4ad39547e0e4f__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Uitstekende verbindingen ((vaar)wegen, digitale netwerken, Openbaar Vervoer) zorgen voor de bereikbaarheid en onderlinge connectiviteit van belangrijke economische clusters. Hiermee stimuleren we innovatie en versterken we het vestigingsklimaat voor nieuwe, stuwende - en bij voorkeur - innovatieve bedrijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9fed23f92eb440b4856275f2d0f55bf3__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De door het Rijk geplande Lelylijn, als bijdrage aan genoemde connectiviteit, zowel binnen Noord-Nederland als met de rest van het land. Niet alleen het Fries Stedelijk Netwerk profiteert, maar ook de omliggende regio's;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bd23c144fba9455f97c9fa7218df74c1__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het stimuleren van het gebruik van ons vaarwegennet voor goederenvervoer over water. Vaarverbindingen zoals het Prinses Margriet- en Van Harinxmakanaal worden robuuste, strategische corridors binnen de grotere Europese netwerken. Watergebonden bedrijven concentreren zich op enkele goed ontsloten natte bedrijventerreinen;de ontwikkeling hiervan sluit aan op de huidige vaarwegklasse;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f92264e81be442bd891b3a08802752b0__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Inzet van drones om snel, veilig en efficiënt data te verzamelen, inspecties uit te voeren, (medische) goederen te transporteren en taken uit te voeren op moeilijk bereikbare of risicovolle locaties.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Het juiste bedrijf op de juiste locatie</Tussenkop>
		      <Al>Bij het ruimtelijk programmeren van bedrijventerreinen sturen we op de match tussen bedrijf en locatie.</Al>
		      <Al>Dit betekent dat de aard en schaal van een onderneming moeten passen bij een reeks van factoren:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_270b9b10363443caa5e1c28b7bc89d2b__list_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2">
			<Li wId="pv21_9dae913e92fe45dab048409dd11bf0fa__list_o_2__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De context van de stad of het dorp;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_64844c82f9fb4dd9bf52d052195b5319__list_o_2__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het onderliggende water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_37411394a5ee4c03b6e83a070a32b332__list_o_2__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De ontsluiting en bereikbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_73084294400d4628b2e9ab0ea18cb2fc__list_o_2__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De beschikbaarheid van energie en zoetwater;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_42daeaebe5994cdf84edb09b60ef7d3f__list_o_2__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De specifieke kwaliteiten van stad of dorp.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>We beginnen met het optimaal benutten en opwaarderen van bestaande bedrijventerreinen. Dit betekent: indeling, verblijfskwaliteit en bereikbaarheid verbeteren, klimaat adaptief maken en voorzien in snel internet, duurzame energie en laadinfrastructuur (zogeheten 'clean energy hubs'). Op enkele strategische locaties bieden we ruimte aan grootschalige bedrijvigheid (kavels &gt;3 ha.) met een duidelijke (regionale) meerwaarde, die bijdraagt aan de brede welvaart van Fryslân.</Al>
		      <Tussenkop>Duurzame energie dichtbij</Tussenkop>
		      <Al>Energie is essentieel voor goed en betaalbaar wonen, werken en verplaatsen in Fryslân. De energievoorziening staat echter onder druk. De ontwikkeling van bedrijven wordt beperkt door stijgende prijzen en netcongestie. Hierdoor stagneren uitbreiding en verduurzaming. Maar ook huishoudens voelen de hoge energiekosten. Bovendien stagneert de woningbouw doordat niet altijd in aansluitingen kan worden voorzien.<br/><br/>Om deze problematiek op te lossen moeten we het energienetwerk slimmer benutten en uitbreiden. Daarbij zetten we ook vol in op energiebesparing en toepassing van niet-elektrische bronnen. Het tijdelijk opwekken van nieuwe elektriciteit in de vorm van zonne- en windenergie is echter nodig. En op termijn mogelijk met SMR’s en wind op zee. De productie koppelen we aan de Friese energievraag, waarbij de opbrengsten zo veel mogelijk binnen de provincie blijven.<br/><br/>Door verouderde windturbines op te ruimen, creëren we op een beperkt aantal plekken ruimte voor nieuwe turbines. Dit onder strikte voorwaarden en in samenhang met andere ruimtelijke opgaven. Belangrijk is dat de opbrengsten grotendeels binnen Fryslân blijven. Nieuwe ontwikkelingen die veel energie vragen, zoals bedrijvigheid en transport, koppelen we slim aan plekken waar voldoende energie beschikbaar is of kan worden opgewekt.<br/></Al>
		      <Al>Tot 2035 concentreren we onze aandacht op het volgende:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_fbca8b59a7bc40798d0d715b51cac0a6__list_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3">
			<Li wId="pv21_fa907818e2184002ab196ebcf0a4ff0e__list_o_3__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Versneld benutten van duurzame warmtebronnen zoals aquathermie, groengas, restwarmte en geothermie om de behoefte aan lokaal opgewekte elektriciteit te beperken. Dit vraagt om lokaal maatwerk;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_aaf7f6d109624b5db2d05878a091d040__list_o_3__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Slimmer omgaan met beschikbare energie door vraag en aanbod lokaal beter op elkaar af te stemmen en meer flexibele capaciteit op het elektriciteitsnet te realiseren. Energiehubs op centrale knooppunten zorgen voor stabiliteit in het energienetwerk en voor snelheid en doelmatigheid van onze energievoorziening;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_172ab651284b474c966b99a390435cdc__list_o_3__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Versnellen van de uitbreiding van de energie-infrastructuur door vergunning-verlening te stroomlijnen en de inzet van provinciale grondposities te verkennen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2a4efb262fae4bcf95ef42439c650eea__list_o_3__item_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Stimuleren van opslag bij grootverbruikers en voorlopig geen grootschalige opslag (&gt;100 MW) toestaan, totdat - in samenspraak met de netbeheerder - duidelijk is waar en waarom deze nodig is;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4c1639d46d144a24851b6993316dc81d__list_o_3__item_o_5" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Saneren van verouderde windturbines om ruimte te creëren voor moderne exemplaren (meer duurzame elektriciteit met minder turbines);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_880ae00c4fad40f581a12b0495fc8b61__list_o_3__item_o_6" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ruimte bieden voor nieuwe windenergie op logische locaties, onder strikte voorwaarden en met oog voor de ruimtelijke kwaliteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6849435c5d504104b153e3c202dda991__div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_6" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Onderzoek naar de haalbaarheid van kleine, modulaire kernreactoren (SMR's) en volgen van innovaties zoals getijdenenergie, onderwatervliegers en blue energy.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Na 2035 streven we het volgende na:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_ba65793c277b4755b5e69db4f9de193a__list_o_4" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_4">
			<Li wId="pv21_221deb3565ee4d4c896dcf86750d2e0f__list_o_4__item_o_1" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een sterke aansluiting op nationale en Europese energienetwerken - denk aan de waterstofbackbone en 380 kV-verbinding - om onze energievoorziening stabiel, betrouwbaar en toekomstbestendig te houden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f4ac5abc549848a3a66634255df59528__list_o_4__item_o_2" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het afstemmen van ontwikkelingen die veel energie vragen op de daadwerkelijke beschikbaarheid daarvan. Denk daarbij aan woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en mobiliteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa6ede7b6d1c4196a40c1e938d960327__list_o_4__item_o_3" eId="div_A__div_3__content_3.4__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Concentratie van duurzame energieopwekking. Tijdelijke clusters van wind- en zonne-energie worden vervangen door meer permanente oplossingen. Kernenergie kan deel van de energiemix uitmaken, mits uit onderzoek blijkt dat dat wenselijk en haalbaar is.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Circulaire economie en sluiten van kringlopen</Tussenkop>
		      <Al>Fryslân is wereldwijd koploper in de circulaire economie met actoren als Vereniging Circulair Fryslân, Omrin, Wetsus, de Dairy Campus en een innovatieve agrofoodsector. Deze positie willen we uitbouwen en opschalen. Naast toepassing van nieuwe technieken in productie en verwerking, hebben we het dan ook over het doorontwikkelen, uitdragen en vermarkten van kennis.</Al>
		      <Al>In 2030 kunnen we Europees vooroplopen op het terrein van de grondstofkringlopen. We gaan daarom slim en spaarzaam om met zowel grondstoffen, componenten als eindproducten. We werken toe naar een integrale aanpak waarin ketens sluiten en afval niet meer bestaat. Naast de productie werkt dit door in de consumptie van goederen, waarbij bewustzijn, koopgedrag, en duurzame omgang met reststoffen centraal staan. <br/><br/>In de overgangsfase naar een volledig circulaire economie bestaan er twee economieën naast elkaar: een lineaire en een circulaire. Dit zal tijdelijk meer ruimte kosten, tot wel zo’n 40%. Ruimte die eerst op bestaande locaties gevonden moet worden. Bijvoorbeeld door revitalisering, herverkaveling en herplaatsing, inschikking en meervoudig ruimtegebruik. In een later stadium komt noodzakelijke uitbreiding in het vizier. Op geschikte locaties dient altijd voldoende ontwikkelruimte te zijn voor watergebonden bedrijven en zwaardere bedrijven in de hogere milieucategoriëen.<br/><br/>Het sluiten van kringlopen geldt ook in het landelijk gebied. Agrarisch ondernemers maken daarbij gebruik van elkaars grondstoffen en producten. Zo kan samenwerking tussen akkerbouw- en veeteeltbedrijven (her)gebruik van reststromen stimuleren. Ook de productie van groengas uit mest is kansrijk – afhankelijk van toekomstige ontwikkeling van het mestaanbod – en biedt agrariërs nieuwe kansen op inkomsten. De kans bestaat dat hierdoor de druk op het netwerk van erftoegangswegen en provinciale wegen toeneemt. We monitoren hoe dit uitpakt en anticiperen waar nodig.<br/><br/><i><b><ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_4.pdf?cb=qFU6ExcW">Bewegingskaart 4</ExtRef></b> (zie </i><i><IntRef ref="div_D__content_o_1">kaartenboek</IntRef></i><i>)<br/><b>Naar een fossielvrije en circulaire samenleving </b>De netwerken voor energie en economie zijn de belangrijkste dragers van deze kaart. Samen met de grote en middelgrote steden wordt zichtbaar waar de economie, voorzieningen en mobiliteit samenkomen. Ook laat de kaart zien waar de grootste energievraagclusters zich bevinden en waar wordt ingezet op het uitbreiden van onderstations en opwek van duurzame energie. Deze kaart vormt een belangrijke basis voor de uitnodigingszones stedelijk op de Visiekaart. Het zijn de gebieden waar woningbouw, circulaire economie, voorzieningen en duurzame energievoorziening samenkomen. Samen met de grote infrastructuur, zowel op land als op water, stuurt energievoorziening sterk op toekomstige ontwikkelingen.<br/></i></Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_7fae57751d8c4355a3a9f4f6bcbe10af__div_o_2" eId="div_A__div_4">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>4</Nummer>
		    <Opschrift>Sturing: samenwerken in de geest van de Omgevingswet</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_23fceeb41aa349d2b59b8ae0b0f6e66c__div_o_2__content_o_1" eId="div_A__div_4__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>De Omgevingsvisie is een instrument op grond van artikel 3.2 van de Omgevingswet.</Al>
		      <Al> We sluiten voor onze sturingsfilosofie dan ook aan bij de doelen van deze wet:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_af8e7bbb32194978b275178abc9446c3__list_o_1" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_0cc806c7aa02466c8a66666fce64833e__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Meer samenwerken als één overheid, met onderkenning van de verschillende belangen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_aa20177078344a84b4a06aeb62c3324d__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Meer samenhang brengen in de afwegingen en keuzes voor de leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3419e7ea3a53482c800f6251dbc07236__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ruimte laten voor maatwerk en initiatieven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_790da2d9d5ad40218090b2cfc207b14e__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Snellere en betere besluitvorming realiseren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ec0b424431634dc69094e8ec6a649183__div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Overzichtelijke regels opstellen.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Deze Omgevingsvisie beschrijft zo concreet mogelijk de provinciale opgaven en belangen, ambities en oplossingsrichtingen. Onze samenwerkingspartners, de Friese gemeenten, Wetterskip Fryslân en het Rijk, vragen dit ook van ons. Dit is gedaan in de vier bewegingen en de thematische uitwerkingen daarvan. Om dit alles gestalte te geven sturen niet alleen op proces, maar voeren we ook regie op bovenlokale vraagstukken, zoals klimaatadaptatie, energie, landbouw, natuur en de grote woningbehoefte.</Al>
		      <Al>We doen dit altijd samen en in overleg met onze partners. Tegelijk wordt ons gevraagd om waar dat kan, ruimte te bieden aan andere partijen en initiatiefnemers. Bijvoorbeeld door lokale ruimtelijke afwegingen aan gemeenten over te laten, dus decentraal te doen wat decentraal kan. Of door ideeën en initiatieven 'van onderop’ te stimuleren vanuit een positieve houding: ja, mits. En gebruik te maken en aan te sluiten bij wat er al gebeurt.</Al>
		      <Al>Dat vraagt een manier van sturing waarbij we als provincie onze opgaven centraal stellen en samen met samenwerkingspartners keuzes bepalen en aan oplossingsrichtingen werken. De opgaven zijn hierboven in paragraaf 2.2 beschreven. Met deze opgaven dragen we bij aan onze provinciale belangen (zie bijlage 4).</Al>
		      <Al>In dit hoofdstuk beschrijven we hoe we de samenwerking voor ons zien en hoe wij de instrumenten uit de Omgevingswet inzetten om onze doelen te bereiken.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_90d1f6b7eef24df3a4e203252e37c26b__div_o_2__content_o_2" eId="div_A__div_4__content_4.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.1</Nummer>
		      <Opschrift>Samenwerken aan onze opgaven en brede welvaart</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Wij kiezen in deze Omgevingsvisie zoveel mogelijk voor samenwerking als manier om doelen te realiseren. Niet alleen omdat de Omgevingswet dat vraagt, maar ook omdat het ons helpt bij het maken van de juiste keuzes. Door samenwerking leren we de verschillende belangen en invalshoeken die rond een vraagstuk spelen goed kennen. Alleen zo komen we tot integrale keuzes en een dito aanpak. </Al>
		      <Al>Onze ambitie is om de beweging te maken naar samenwerking als één overheid. We zijn ons ervan bewust dat we daar nu nog niet zijn. We zullen samen met onze partners de beweging moeten maken.</Al>
		      <Al>De opgaven waar Fryslân voor staat zijn omvangrijk en urgent. Bij het maken van keuzes – en het vinden van oplossingen – hebben we andere partijen nodig. De opgave bepaalt het schaalniveau van de oplossingen, de daarvoor benodigde maatregelen, de samenstelling van samenwerkende partijen en de tijdspanne waarin een oplossing nodig is. Ook hangt de gebiedsbegrenzing (provinciebreed of specifiek gebied) af van de opgave. </Al>
		      <Al>We stellen onszelf en anderen steeds de vraag; hoe draagt een oplossing of een maatregel bij aan de brede welvaart in Fryslân?</Al>
		      <Al>Vanuit de gedachte 'decentraal wat kan, centraal wat moet', nemen we als provincie meer (proces)regie op bovenlokale vraagstukken. Uiteraard in overleg met onze samenwerkingspartners. Andere partijen en initiatiefnemers hebben ook hun rol in deze vraagstukken. Zo laten we lokale ruimtelijke afwegingen zoveel mogelijk over aan gemeenten (decentraal wat kan) en stimuleren we ideeën en initiatieven 'van onderop’ vanuit een positieve houding: ja, mits. Voor deze ‘mits’ hanteren wij onze Omgevingsvisie als kader. We denken mee en adviseren over projecten en plannen vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor omgevingskwaliteit. De ideeën voor een gezamenlijke werkwijze, vanuit één overheidsgedachte, werken we de komende tijd uit; bijvoorbeeld in de vorm van een Friese organisatie voor omgevingskwaliteit.</Al>
		      <Al>In Fryslân zetten we als provincie al jaren in op (voorkant)samenwerking: we willen vroeg met elkaar ‘om tafel gaan’ voor snelle, integrale oplossingen met oog voor ieders belang. Zowel met inwoners, bedrijven en organisaties als met de Friese gemeenten en Wetterskip Fryslân. Eén van de uitgangspunten van de Omgevingswet is dat overheden meer als één overheid optreden en meer samenwerken. We doen dan ook een beroep op de kennis, middelen en innovatiekracht van alle partijen die bij een opgave betrokken zijn en zijn ons bewust van de beweging die we zelf ook willen maken in de samenwerking.</Al>
		      <Al>Zo werken we samen aan een toekomstbestendig en herkenbaar Fryslân. Dat vraagt een bestuursstijl die samenwerking stimuleert en ruimte biedt voor maatwerk. Met als voorwaarde dat de provinciale belangen gewaarborgd blijven. We gaan dan ook voor een integrale en adaptieve aanpak, met oog voor participatie en een evenwichtige afweging van belangen, soms provinciebreed, soms voor een specifiek gebied.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_2205ffba94844f568fb737ab3ec24dd9__recital_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.1__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Samenwerken aan de Friese verstedelijkings- en kernenstrategie</b>
                                 </Al>
			<Al>De gemeenten van het FSN en de provincie werken de verstedelijkingspropositie voor het FSN uit tot een verstedelijkingsstrategie, met een investerings- en uitvoeringsagenda. De gemeenten zijn de trekker van dit proces. De vijf thema’s uit de verstedelijkingspropositie gaan we verdiepen en met elkaar verbinden: </Al>
			<Al>• Ruimte bieden aan verdergaande specialisatie en clustering van de economische topsectoren vanuit stedelijk perspectief; </Al>
			<Al>• Blijven bouwen aan een onderling gedifferentieerd woningaanbod en zorgen voor voorzieningen in de nabijheid; </Al>
			<Al>• Ontwikkelen van talent door kwalitatief, gericht onderwijs en talent vasthouden door vergroten keuzevrijheid binnen het Noordelijk Stedelijk Netwerk; </Al>
			<Al>• Versterken interne en externe multimodale verbindingen (weg, water en spoor); </Al>
			<Al>• Verweving stad en land door groene en blauwe routes, anders bouwen en energie(transitie). </Al>
			<Al>De tijdshorizon loopt tot 2050, </Al>
			<Al>Parallel hieraan gaan de provincie en alle Friese gemeenten een kernenstrategie opstellen voor heel Fryslân. Deze zal, net als de verstedelijkingsstrategie, een uitwerking zijn van het netwerk van steden en dorpen in deze Omgevingsvisie en dezelfde thema’s omvatten,. De provincie voert de (proces)regie op de samenwerking om tot de kernenstrategie te komen. De strategie geeft inzicht in de benodigde ruimte, zowel binnenstedelijk als buitenstedelijk, en geeft aan waar clustering van activiteiten en meervoudig ruimtegebruik nodig zijn. Op deze manier komen we gezamenlijk, gemeenten en provincie, tot een integrale en goed op elkaar afgestemde ontwikkeling van steden én dorpen. We nemen de verstedelijkingsstrategie en kernenstrategie vervolgens op in een provinciaal Omgevingsprogramma. Hiermee geven we vorm en inhoud aan de beweging naar Sterke steden en dorpen in Fryslân en zorgen we voor een gebalanceerde ruimtelijke ontwikkeling in de hele provincie. </Al>
		      </Kadertekst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_e032d73800074c6ea718ff3b71618e00__div_o_2__content_o_3" eId="div_A__div_4__content_4.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.2</Nummer>
		      <Opschrift>Onze rollen</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Als provincie vervullen we bij ruimtelijke vraagstukken verschillende rollen. Voor ieder vraagstuk/programma bepalen we vooraf welke rol – of rollen – we aannemen om partners helderheid te geven. Ook als onze rol gaandeweg een traject verandert, stellen we hen daarvan op de hoogte.</Al>
		      <Tussenkop>Rechtmatige overheid</Tussenkop>
		      <Al>Daar waar we volgens de wet het bevoegde gezag zijn omdat we regels stellen, vergunningen verlenen of toezicht houden is onze rol helder. We voeren dan wettelijke taken uit en treden op als rechtmatige overheid. Ook in dat geval zoeken we naar afstemming en/of samenwerking met onze partners. Bijvoorbeeld door zoveel mogelijk onderwerpen, voorafgaand aan een formele procedurestap, af te stemmen (voorkantsamenwerking). Of door tijdig in gesprek te gaan met belanghebbenden over een vergunning die we willen verlenen.</Al>
		      <Tussenkop>Presenterende overheid</Tussenkop>
		      <Al>Ook als presterende overheid voeren we wettelijke taken uit, zoals het aanleggen en beheren van wegen, vaarwegen en natuur. Daarbij stemmen we af met andere beheerders (gemeenten, Wetterskip Fryslân, het Rijk, boeren en terreinbeheerders) wanneer we wat doen. We wisselen daarbij onderling de nodige kennis en ervaring uit. Op provinciale projecten voeren we de regie, werken we actief samen met andere overheden – ook om werk met werk te maken – en communiceren we proactief met de projectomgeving.</Al>
		      <Tussenkop>Samenwerkende overheid</Tussenkop>
		      <Al>Indien er sprake is van een gezamenlijke opgave, dan zijn wij als samenwerkende overheid één van de partners. We hebben als provincie onze eigen taak binnen zo'n samenwerking. Als het gaat om bovenlokale vraagstukken of om een opgave in een Omgevingsprogramma dat we moeten vaststellen, dan ligt de (proces)regie/coördinatie bij de provincie. In andere gevallen zijn we verantwoordelijk voor het voeren van de benodigde procedures, brengen we kennis of middelen in of zijn we de verbinding richting het Rijk.</Al>
		      <Tussenkop>Faciliterende of participatieve overheid</Tussenkop>
		      <Al>Bij situaties waarin een gemeente, Wetterskip Fryslân, maatschappelijke organisaties of private partijen aan zet zijn ondersteunen wij hen waar nodig. In die situaties zijn wij de faciliterende of participatieve overheid en geven ons beleid en onze regels de kaders aan. Als initiatieven niet passen binnen deze kaders, maar wel gewenst zijn vanwege het maatschappelijk belang en/of het leereffect, dan stellen we vooraf gezamenlijk de kaders voor zo'n initiatief vast; zo nodig wijken we gemotiveerd af van het algemene beleid en de regels. We dragen bij aan dit soort initiatieven door de inbreng van kennis, financiële middelen, of door grond, vastgoed of materiaal beschikbaar te stellen.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_edd8218820064b1e9d7474d5b9a85438__img_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-21.png" breedte="747" hoogte="747" uitlijning="start" formaat="image/png" alt="" dpi="126"/>
		      </Figuur>
		      <Al>De rollen zullen verschillen per beweging. Hierna een indicatieve invulling daarvan.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_6e7dda43e9ec4996bbcbebfd760d7925__img_o_2" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_2">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-11.png" breedte="656" hoogte="800" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="111"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_b01cb5e660ea4d1eb9eba6015e094e2e__img_o_3" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_3">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-9.png" breedte="660" hoogte="477" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="111"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_1bcae075f69e4ed1aec7cc0da1bb1ba2__img_o_4" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_4">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-22.png" breedte="657" hoogte="745" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="111"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_e00260b29fdb4e9fbd4085c226010c3a__img_o_5" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_5">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-19.png" breedte="655" hoogte="898" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="110"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_79b5ea4d92834fa2898afee46625f64d__img_o_6" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_6">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-23.png" breedte="661" hoogte="515" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="111"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_3fe4ed290b774f74b82b68966e94c416__img_o_7" eId="div_A__div_4__content_4.2__img_o_7">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-2.png" breedte="664" hoogte="733" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="111"/>
		      </Figuur>
		      <Tussenkop>Verschillende instrumenten</Tussenkop>
		      <Al>Bij de verschillende rollen kunnen we verschillende instrumenten inzetten. Waarbij de instrumenten ook per situatie kunnen verschillen. We kunnen zaken regelen via onze Omgevingsverordening, door omgevingswaarden te bepalen, een concreet projectbesluit te nemen of door een Omgevingsvergunning te verlenen. We bouwen aan onze leefomgeving door het uitvoeren van projecten, bijvoorbeeld de aanleg van de vismigratierivier, en het beheer en onderhoud van infrastructuur en natuur. We stimuleren ontwikkelingen of initiatieven van anderen die bijdragen aan onze doelen. Bijvoorbeeld door financiële middelen, kennis, materialen of ruimte beschikbaar te stellen. In Omgevingsprogramma's, samenwerkingsverbanden en/of een gebiedsgerichte aanpak, werken we samen met de onze samenwerkingspartners.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_d78dceb53434470eb406ab5b70831978__div_o_2__content_o_4" eId="div_A__div_4__content_4.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.3</Nummer>
		      <Opschrift>Provinciale belangen</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Voor een Omgevingsvisie is in de Omgevingswet niet bepaald dat het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel in acht moet worden genomen. Voor de Omgevingsvisie is een dergelijke bepaling niet opgenomen. Dat past ook bij de status van een Omgevingsvisie, die zelfbindend is en onze ambitie schetst, maar geen taken en bevoegdheden vastlegt of beperkt. Dat kan bij een nadere uitwerking in de Omgevingsverordening wel aan de orde zijn, en dat moet sprake zijn van een provinciaal belang (proportionaliteit) en moet dat belang niet op doelmatige of doeltreffende wijze door de gemeente kunnen worden behartigd (subsidiariteit).</Al>
		      <Al>In deze Omgevingsvisie hebben we de provinciale belangen verwoord. Op basis van deze provinciale belangen, gekoppeld aan bovenlokale vraagstukken, bepalen we onze rol in de samenwerking. Uit deze belangen vloeit ook voort bij welke ruimtelijke ontwikkelingen of plannen we als provincie betrokken willen zijn.</Al>
		      <Al>Kort opgesomd gaat het om:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_ffd0ae54e69543fcb9c5c57a899438ac__list_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_d8cbed249796498e9db25a8ca7c5fdfb__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een klimaatbestendig water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ac5c09c6132347b7801d14cb095d81bc__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een robuust en veerkrachtig natuursysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_330f4aa3523147e7873f8e558d6a8b71__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een toekomstbestendige innovatieve landbouw;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1dff567823814eecbcc40dd822f2043f__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een sterke economische structuur met een aantrekkelijk vestigingsklimaat;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2b7ed181a9b64aeda4008d11bf188864__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een goede, duurzame en veilige regionale en (inter)nationale bereikbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa59b108f2f642a5a98889692e6c5b7c__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een stabiel en betaalbaar netwerk voor productie, opslag, conversie en transport van energie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fb9a739d4d77473a878e759c92b123fa__list_o_1__item_o_7" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een samenhangende hoofdstructuur van bebouwd gebied, met sterke steden en dorpen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ff324063d33146d1bfdfb6356af686cf__list_o_1__item_o_8" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een veilige en gezonde leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c57585e7b00e44209abd910b1f166d99__list_o_1__item_o_9" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een herkenbaar onderscheid tussen Friese landschapstypen op basis van kernkwaliteiten; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_44c607abbcaa445b9aa5847bb0995ba5__div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_9" eId="div_A__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een gemeenschap waarin mensen naar elkaar omkijken, met bestaanszekerheid en gelijke kansen.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>We verwijzen naar bijlage 4 voor een meer uitgebreid overzicht van onze provinciale belangen.</Al>
		      <Al>Deze provinciale belangen vormen onze basis om regels te stellen in de verordening. Bij het stellen van die regels zullen we uiteraard moeten motiveren dat het doelmatig en doeltreffend is dat wij als provincie deze regels stellen. <br/>We erkennen hierbij dat de zorg voor de fysieke leefomgeving in de basis bij de gemeente ligt, tenzij daar andere wettelijke regels over zijn gesteld. Bij de uitoefening van provinciale bevoegdheden, zoals het stellen van regels, zullen we van geval tot geval beoordelen<i> </i>of aan het subsidiariteitsbeginsel wordt voldaan. </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_209322dc5d4e4adca6dfc1bd0e36d770__div_o_2__content_o_5" eId="div_A__div_4__content_4.4">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.4</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijke principes</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Om onze ambities en doelen te kunnen realiseren, zullen overheid en samenleving oplossingen moeten uitwerken voor de opgaven in de beperkte ruimte. Oplossingen die recht doen aan de omstandigheden en omgevingskwaliteiten in een gebied. Ruimtelijke opgaven zijn immers zelden overal hetzelfde; dat geldt ook voor de oplossingen. Om daar goed op te kunnen anticiperen is gebiedsgericht werken een belangrijk uitgangspunt in deze Omgevingsvisie. De sturingsaanpak vraagt hierin om overleg en samenwerking. Hierbij werken we met gezamenlijke analyses toe naar samenhangende oplossingen en ontwerpen, toegesneden op kenmerken en (gebruiks)waarden in een gebied. En die passen bij onze belangen en bij die van andere partijen. Voor de inrichting van onze ruimte hebben we daarom principes opgesteld. Ze vormen inspiratiebron en hulpmiddel bij het maken van keuzes voor de uitvoering in plannen en programma’s, en om toekomstbestendige keuzes te maken. Er kan niet altijd, in dezelfde mate, aan alle principes worden voldaan. Een bestuurlijke afweging van belangen zal nodig blijven. Daarbij staan de te behalen doelen bij onze opgaven centraal. Net zo goed als de economische haalbaarheid en de betaalbaarheid meewegen.</Al>
		      <Al> We komen tot de volgende ruimtelijke principes:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_0dc6ee2bfb3b48e8ac004553c521f698__list_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1">
			<Li wId="pv21_4a8e4c965e1542f6b350fda7c2fef870__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Meervoudig en zuinig ruimtegebruik: we gaan slim om met de beschikbare ruimte. Eerst benutten wat er al is, dan pas nieuwe ruimte inzetten. En door ruimte voor meerdere functies in te zetten en functies te combineren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4d9e2f8dbe7344b5aa8428a19fdda4a8__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Omgevingskwaliteit als ontwerpbasis: ontwikkelingen bouwen voort op bestaande kwaliteiten. Meestal kunnen nieuwe functies worden ingepast in de bestaande situatie. Soms zal echter de ruimtelijke inrichting worden aangepast aan de nieuwe functies, of is zelfs het transformeren van een gebied met een nieuwe ruimtelijke inrichting nodig;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f5c5b41331044cd694d6f06b6c403327__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Opgaven koppelen en verbinden: stimuleren dat projecten en ontwikkelingen vanaf de start aan zoveel mogelijk verschillende opgaven en ambities bijdragen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_23ed41a1611d42c581b5b5643f983206__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een gezonde en veilige leefomgeving: gezondheid en veiligheid worden als centrale thema’s steeds meegenomen in keuzes voor de fysieke leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8a3ab6c88ce4468195aa4c9a1a41676e__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Klimaatbestendig en voorbereid op toekomstige omstandigheden: onze ruimtelijke ordening en inrichting en daarmee ons landgebruik zijn beter afgestemd op het natuurlijke water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d4494524d29747679d31c99e398f9d4f__list_o_1__item_o_6" eId="div_A__div_4__content_4.4__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Niet afwentelen op toekomstige generaties of elders: in onze visie is het effect voor toekomstige generaties of voor andere plekken, meegewogen in onze keuzes. Zo werken we toe naar een rechtvaardigere en duurzamere samenleving.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>  <br/>We vragen partijen als gemeenten deze principes toe te passen en doen dat zelf ook. Zo hebben we in deze visie het principe Zorgvuldig ruimtegebruik voor ontwikkeling van wonen, werken en voorzieningen vertaald als: “herstructurering, herbestemming en inbreiden voor uitbreiden”. We leggen het principe Koppelen en verbinden voor energie uit door het “combineren van productie, opslag en verbruik van energie in energiehubs, waar tegelijkertijd ruimte is voor groei van de lokale economie, duurzame mobiliteit, warmtetransitie en clustering van functies". Het principe Klimaatbestendigheid en voorbereid op de toekomst, passen we voor economie toe als “Het juiste bedrijf op de juiste plek”. En het principe Niet afwentelen betekent dat we zowel de huidige als de toekomstige drinkwaterwinningen in deze Omgevingsvisie beschermen.<br/><br/>Bij de uitwerking van opgaven, oplossingsrichtingen en programma's zullen we de - in die situatie relevante - principes verder uitwerken, vertalen en concreet maken. Zo helpen ze bij het maken van afwegingen. Ook bij het opstellen en uitvoeren van provinciale projecten benutten we de principes. Wanneer we samen met andere partijen samenwerken aan een opgave of initiatief, dan brengen we de principes aan de start van een traject in.<br/><br/>Via onze opgaven en vanuit brede welvaart willen we zo met alle partijen samenwerken aan een rechtvaardige, doelmatige en slimme verdeling van de ruimte in Fryslân en een goede balans tussen lusten en lasten. Door te zorgen voor interactie en samenhang tussen alle verschillende belangen bij een opgave, kunnen we in elke situatie/gebied beter prioriteren en, waar nodig scherpe, ruimtelijke keuzes maken in waar functies wel, niet, of onder voorwaarden waar hun beslag kunnen krijgen. Zo maken we met elkaar toekomstbestendige keuzes die passen bij onze Friese identiteit en maken we samen de beweging naar het samenwerken als één overheid.</Al>
		      <Al>
                                 <br/>
                                 <br/>De ruimtelijke principes zijn als checklist en handreiking uitgewerkt in <IntRef ref="div_E__div_1">bijlage 1</IntRef>.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_a10663d4b752410d8bcd8f8ecd70a895__div_o_2" eId="div_A__div_5">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>5</Nummer>
		    <Opschrift>Van Omgevingsvisie naar uitvoering</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_4c6f28dc5f4c4ac3a0ac95b5265749ad__div_o_2__content_o_1" eId="div_A__div_5__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>De Omgevingsvisie is onze strategische visie voor de Friese leefomgeving en zet daarmee een integrale en langjarige koers uit.</Al>
		      <Al> De uitvoering daarvan krijgt op de volgende manieren zijn beslag:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_723982a4924746e5a62e0d106459fd81__list_o_1" eId="div_A__div_5__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_28765edfe0ac414b99020e8704f264e4__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door het opstellen van provinciale Omgevingsprogramma’s voor bepaalde thema’s of gebieden, waarin de visie wordt uitgewerkt naar operationele doelen en een pakket aan maatregelen om die doelen te bereiken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b9019b34e22d408591f42a9b53a3cb41__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door het opnemen van regels in de provinciale Omgevingsverordening die doorwerken in gemeentelijke Omgevingsplannen of rechtstreeks werken naar inwoners en bedrijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5ac7139a95c647c99cb4bd8e4378c763__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door het nemen van een provinciaal projectbesluit of omgevingsvergunning voor grote projecten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2ab427b028054919bd1bcc706f6908ab__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Door het opstellen van (gemeentelijke) plannen en projecten en het uitvoeren hiervan. De Omgevingsvisie is alleen bindend voor de provincie zelf. Op basis van de beleidscyclus vanuit de Omgevingswet, werkt de Omgevingsvisie door in verschillende instrumenten die wij kunnen inzetten.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Figuur wId="pv21_de60563ab5c947fba20d16c62c4d263e__img_o_1" eId="div_A__div_5__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-17.png" breedte="479" hoogte="473" uitlijning="start" formaat="image/png" alt="" dpi="121"/>
			<Bron>Informatie Leefomgeving</Bron>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_c30c0fa5ee3e4525866f7d2e8ad394ac__div_o_2__content_o_2" eId="div_A__div_5__content_5.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>5.1</Nummer>
		      <Opschrift>Doorwerking</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Tussenkop>Omgevingsprogramma's</Tussenkop>
		      <Al>Omgevingsprogramma's zijn uitvoeringsgericht, inclusief de financiering. Ze zorgen voor uitwerking en doorwerking van de Omgevingsvisie en bevatten maatregelen om de doelen en ambities uit de visie te realiseren. </Al>
		      <Al>De maatregelen kunnen bijvoorbeeld bestaan uit:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_5d404114640a47ecbf0b8b21174b064a__list_o_1" eId="div_A__div_5__content_5.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_b850487c76b44f5696f557e3d7eb59f7__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__div_5__content_5.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Inzet van communicatie- en informatie-instrumenten, kennis en kunde;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f902d035f5be40a1af08112e1ddf8764__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__div_5__content_5.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Inzet van financiële instrumenten, zoals subsidies;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7b4bbcccb7c041178893768eb1a7c0d0__list_o_1__item_o_4" eId="div_A__div_5__content_5.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Feitelijke maatregelen, zoals de uitvoering van een project in de fysieke leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_524b1e343119404391269897070cbd94__list_o_1__item_o_5" eId="div_A__div_5__content_5.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het opnemen van omgevingswaarden, instructieregels en algemene regels (zoals vergunningplichten) in de Omgevingsverordening.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Omgevingsverordening</Tussenkop>
		      <Al>De Omgevingsvisie en een Omgevingsprogramma bieden de basis om regels op te nemen in een provinciale Omgevingsverordening. In onze Omgevingsverordening zijn regels opgenomen met een directe werking (algemene, rechtstreeks werkende regels) die voor een ieder gelden. Denk daarbij aan vergunningplichten die we als (vaar)wegbeheerder opleggen, of bepaalde verbods- en gebruiksregels zoals ten aanzien van grondwaterbeschermings- of stiltegebieden. <br/><br/>Daarnaast zijn in onze verordening instructieregels opgenomen. Dit zijn regels waaraan Omgevingsplannen of buitenplanse Omgevingsvergunningen van gemeenten moeten voldoen. Tot slot kunnen we omgevingswaarden vastleggen in de verordening. Dat zijn objectief vast te stellen meetbare waarden waarvoor een concreet doel wordt gesteld. De maatregelen om deze waarde te behalen, staan in een Omgevingsprogramma.  </Al>
		      <Tussenkop>Projectbesluit en Omgevingsvergunning</Tussenkop>
		      <Al>Voor concrete activiteiten kunnen we een projectbesluit of een Omgevingsvergunning afgeven. Voor sommige activiteiten in de fysieke leefomgeving is een Omgevingsvergunning nodig. In de Omgevingsverordening staan beoordelingsregels waaraan zo’n vergunning moet voldoen. Het projectbesluit is vooral bedoeld en geschikt voor meer complexe, grote projecten, zoals de aanleg van infrastructuur. Of voor gemeentegrensoverschrijdende projecten. In enkele gevallen, zoals het plaatsen van windturbines met meer dan 15 MWh capaciteit, zijn we zelfs verplicht om een projectbesluit te nemen.  </Al>
		      <Al>De instrumenten die we inzetten, stemmen we af op de opgave en op wat er nodig is om de doelen te bereiken. Omdat we vanuit samenwerking en een ‘ja, mits’ houding willen werken, stellen we zo weinig mogelijk en zo helder mogelijke regels. </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_2c21f03eb1e3406db2b555a1c31e98da__div_o_2__content_o_3" eId="div_A__div_5__content_5.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>5.2</Nummer>
		      <Opschrift>Samenwerken aan omgevingsprogramma's</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Tussenkop>Soorten omgevingsprogramma's</Tussenkop>
		      <Al>We werken onze Omgevingsvisie op onderdelen uit in programma’s. We onderscheiden daarbij verschillende soorten programma’s. Er zijn verplichte en vrijwillige programma’s. De wettelijk verplichte Omgevingsprogramma’s zijn: het Regionaal Waterprogramma (wordt in Fryslân een Regionaal Water- en Bodemprogramma), het Actieprogramma Geluid, de Beheerplannen Natura 2000 en een Volkshuisvestingsprogramma. Deze Omgevingsprogramma’s zijn thematisch en veelal provinciebreed.</Al>
		      <Al>Naast de verplichte programma's, stellen we vrijwillige Omgevingsprogramma’s op. Dit zullen meer integrale en/of meer gebiedsgerichte Omgevingsprogramma’s worden. Hierin worden alle relevante beleidsthema's onderling afgewogen (integraal) en vervolgens vertaald. Deze programma’s kunnen zowel provinciebreed als gebiedsgericht zijn.</Al>
		      <Al>De overgang van sectoraal beleid naar integrale Omgevingsprogramma's vergt tijd. De komende jaren maken we deze omslag. Met als doel de huidige veelheid aan sectorale beleidsstukken terug te brengen naar een werkbaar aantal Omgevingsprogramma's. Om daarmee de ambities en doelen uit onze visie provinciebreed te kunnen realiseren met, daar waar nodig, een uitwerking per gebied. Voor water en bodem stellen we al één Omgevingsprogramma op.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_9588642efd0842b6bea0f02b6cddd72e__img_o_1" eId="div_A__div_5__content_5.2__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-4.png" breedte="866" hoogte="486" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="142"/>
		      </Figuur>
		      <Figuur wId="pv21_32cfe8df062d4b0ba6634f41d6a61721__img_o_2" eId="div_A__div_5__content_5.2__img_o_2">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-7.png" breedte="937" hoogte="483" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="154"/>
		      </Figuur>
		      <Al>We betrekken onze samenwerkingspartners bij het opstellen van onze programma’s. Bij de start van een programma bepalen we met onze samenwerkingspartners ieders rol hierin. Ook brengen we onze provinciale belangen in en vragen onze partners om ook hun belangen te benoemen.</Al>
		      <Al>Bij ieder programma vertalen we de verplichtingen uit Europese en landelijke wet- en regelgeving en visies, zoals de landelijke Nota Ruimte, naar de Friese situatie. Door ook bij het opstellen van Omgevingsprogramma’s samen te werken met relevante partijen in het gebied krijgen we oog voor wat er leeft en speelt, en kunnen we samen de juiste keuzes maken.</Al>
		      <Al>Dit kan er toe leiden dat we, met gemeenten en/of Wetterskip Fryslân, een gezamenlijk Omgevingsprogramma voor gedeelde doelstellingen opstellen.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_8f19ddf56648481ba1e84d441830faa8__img_o_3" eId="div_A__div_5__content_5.2__img_o_3">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-18.png" breedte="542" hoogte="508" uitlijning="start" formaat="image/png" dpi="138"/>
			<Bron>Bron: Provincie Drenthe</Bron>
		      </Figuur>
		      <Tussenkop>Uitnodigingszones</Tussenkop>
		      <Al>In een aantal zones in Fryslân komen veel verschillende – en veelal urgente – opgaven samen op het gebied van energie, economie, wonen, klimaatadaptatie, landbouw, natuur etc. Deze uitnodigingszones zijn aangegeven op de Visiekaart en worden in paragraaf 4.1 en in hoofdstuk 9 van het deel Gebiedsgerichte Verdieping toegelicht. De accenten verschillen per zone, maar overal zullen we met adequate, integrale oplossingen komen passend bij de omgevingskwaliteiten ter plekke. Het zijn geen afgebakende ruimtelijke zones. De begrenzing van de uitnodigingszones is indicatief en flexibel; deze kan meebewegen met de voortgang van de samenwerking en met de kansen die zich daarin voordoen, en met nieuwe ontwikkelingen.</Al>
		      <Al>In deze zones nodigen we de gemeenten en andere betrokkenen uit om samen om tafel te gaan en plannen vroegtijdig af te stemmen. We brengen onze belangen en de opgaven in de zone in beeld en spreken met elkaar af wie welke rol heeft of neemt en de regie voert over de ruimtelijke ontwikkelingen in de zone. Gemeenten kunnen daarin, vanuit hun verantwoordelijkheid voor hun grondgebied, het voortouw nemen.</Al>
		      <Al>De resultaten van de planvorming kunnen een plek krijgen in een gemeentelijk, provinciaal of gezamenlijk gebiedsgericht Omgevingsprogramma. Zo kunnen we keuzes op elkaar afstemmen, koppelkansen benutten en verschillende belangen zo goed mogelijk dienen. Iedere partij kan vervolgens, binnen de eigen rol en bevoegdheid, aan de slag gaan.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_4cefeb0ba3464df3920670fd4aca1c38__div_o_2__content_o_4" eId="div_A__div_5__content_5.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>5.3</Nummer>
		      <Opschrift>Monitoring en evaluatie: bijsturen waar nodig</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>De wereld om ons heen verandert snel. Oplossingen die nu de juiste lijken, kunnen gaandeweg om bijstelling vragen. We evalueren daarom geregeld – bij voorkeur jaarlijks – onze Omgevingsvisie. Bij de start van iedere nieuwe bestuursperiode voeren we bovendien een meer uitgebreide herijking van onze visie uit. Zo blijven we op de juiste koers.</Al>
		      <Al>Daarnaast monitoren we of we de doelen uit de visie – en de verschillende Omgevingsprogramma's – halen. Daar waar nodig, stellen we maatregelen bij. Zo werken we goed en resultaatgericht aan onze opgaven en geven we invulling aan de beleidscyclus van de Omgevingswet.</Al>
		      <Al>Hiermee borgen we – met een doorlopend proces – dat de instrumenten van de Omgevingswet (visie, programma's en verordening) actueel en bruikbaar blijven. Bijstellen doen we ook weer in afstemming met andere organisaties, inwoners en bedrijven. Zo werken we continu samen aan een sterker Fryslân waarin we ons thuis blijven voelen.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisietekst wId="pv21_96e8719893254023b7d5f8fa0b5e3623__content_o_1" eId="div_A__content_6">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>6</Nummer>
		    <Opschrift>Het voorgaande samengevat in één afbeelding</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Figuur wId="pv21_ba86281b197e4be1acfdb77763b45b6e__img_o_1" eId="div_A__content_6__img_o_1">
		      <Illustratie naam="prb-2026-4037-5.png" breedte="1043" hoogte="1303" uitlijning="start" formaat="image/png" alt="" dpi="171"/>
		    </Figuur>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_e7c9b2f93d454baf982c731981fc19ef__content_o_1" eId="div_A__content_7">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>7</Nummer>
		    <Opschrift>Participatie</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>In een dialoog met de samenleving is met allerlei mensen en organisaties gesproken over de stand van de Friese leefomgeving en de opgaven en kansen die op de provincie afkomen. Deelnemers wezen met name op het belang om als provincie duidelijke keuzes te maken en aan te geven waar ze met partijen naar toe wil werken. Urgente opgaven als woningtekorten, bereikbaarheid van voorzieningen, klimaatadaptatie, landbouw en natuur, en energietransitie vragen om oplossingen, met name op bovenlokaal niveau. Let daarbij wel op de schaal en herkenbaarheid van gebieden. Mensen hechten aan behoud van de menselijke maat en de identiteit van het landschap. In de separaat bijgevoegde Participatierapportage verantwoorden we het gevolgde participatieproces en de resultaten daarvan.</Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_fd35326aa3614d599520bc958f626060__content_o_1" eId="div_A__content_8">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>8</Nummer>
		    <Opschrift>Omgevingseffectrapportage</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Bij het formuleren van een Omgevingsvisie is het doorlopen van een plan-milieueffectrapportage (mer: de procedure) een wettelijke verplichting die is opgenomen in de Omgevingswet. Met de milieueffectrapportage krijgt het milieu een plaats in de besluitvorming. De verwachte effecten voor het milieu worden beschreven in een milieueffectrapport (MER: het rapport). Wij hebben het MER uitgebreid tot een Omgevingseffectrapport (OER) zodat niet alleen wordt gekeken naar het milieu maar ook naar de sociale en economische effecten. Het OER levert zo een integrale onderbouwing van de keuzes, die erop gericht zijn om onze ambities en brede welvaart in Fryslân te realiseren.</Al>
		    <Al>Het OER bestaat uit een aantal onderdelen. Ten eerste is er een zogenaamde Leefomgevingsfoto (LOF) gemaakt van de Friese leefomgeving. Deze toont hoe het momenteel is gesteld met de kwaliteiten van de Friese leefomgeving. Ook geeft de LOF weer hoe die kwaliteiten zich autonoom zullen ontwikkelen richting 2035, met een doorkijk naar 2050, bij voortzetting van het huidige beleid. De LOF maakt zichtbaar dat de sociaaleconomische aspecten over het algemeen redelijk tot goed scoren. Economie en verdienvermogen verdienen wel aandacht. Wonen en bereikbaarheid scoren minder gunstig en ook voor de toekomst zijn dit zorgpunten. De fysiek-natuurlijke aspecten van de leefomgeving scoren minder positief. Ook voor de toekomst staan deze aspecten onder druk.</Al>
		    <Al>Ten tweede is er voor de Contourenschets een Effectbeoordeling op hoofdlijnen uitgevoerd. Hieruit bleek dat de voornemens in de Contourenschets in het algemeen resulteren in een (grotere kans op) verbetering van de leefomgeving. Er zijn aandachtspunten meegegeven voor de verdere invulling van de Omgevingsvisie, te onderbouwen door het OER. </Al>
		    <Al>In het proces om te komen tot de provinciale omgevingsvisie formuleren we doelen en zoeken we naar de optimale strategische keuzes om die doelen ook daadwerkelijk te kunnen bereiken. Om gevoel te krijgen bij de effecten van bepaalde keuzes zijn er binnen het OER een viertal alternatieve keuzepakketten samengesteld. Voor elk van die vier alternatieven is beoordeeld hoe de keuzes daarbinnen scoren op de kans op doelbereik. Het beoordelen van deze vier alternatieven vormt het derde onderdeel van de OER. De uitkomsten daarvan staan opgenomen in hoofdstuk 6 van de OER (separate bijlage).</Al>
		    <Al>Mede op basis van de eerste drie onderdelen van de OER maken we de uiteindelijke keuzes voor onze omgevingsvisie. Dat pakket aan omgevingsvisie-keuzes wordt binnen de OER het voorkeursalternatief (VKA) genoemd. Het vierde onderdeel van de OER omvat het beoordelen van dat voorkeursalternatief. Dat wil zeggen, hoe beïnvloeden de omgevingsvisie-keuzes de kansen op doelbereik? De beoordeling van het voorkeursalternatief laat zien dat de kans op doelbereik voor veruit de meeste thema’s groter wordt (zie afbeelding volgende pagina).</Al>
		    <Figuur wId="pv21_a2a60415e1a74f5f96a2fad27b1921da__img_o_2" eId="div_A__content_8__img_o_1">
		      <Illustratie naam="prb-2026-4037-13.png" breedte="1146" hoogte="1485" uitlijning="start" formaat="image/png" alt="Afbeelding met tekst, schermopname, nummer, Parallel&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="201"/>
		    </Figuur>
		    <Al>Samenvatting effectbeoordeling VKA</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_0feda3f76e2e47abbbca58eede904fc1__recital_o_1" eId="div_A__content_8__recital_o_1">
		      <Al>In de afbeelding zijn alle aspecten uit het beoordelingskader samengevat weergegeven. Links zijn de aspecten uit het beoordelingskader per thema geclusterd. Op al deze aspecten zijn door de provincie doelen gesteld of ambities uitgesproken. De symbolen boven – en de bijbehorende kleurschakeringen - staan voor de kans dat voor het betreffende aspect de doelstellingen of ambities worden gehaald. Daarbij staat rood voor “zeer laag” en groen voor “zeer hoog”. </Al>
		      <Al>Per aspect zijn drie situaties weergegeven:</Al>
		      <Lijst type="ongemarkeerd" wId="pv21_b1942893bf224ea38e5a926a22933ff6__recital_o_1__list_o_1" eId="div_A__content_8__recital_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_4c3526621ff1479e9b93d48273c1735f__recital_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_A__content_8__recital_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <Al>Huidig: wat is op dit moment de stand van zaken met betrekking tot de te behalen doelen of ambities. De huidige situatie is bepaald in de Leefomgevingsfoto. </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8b3eb73fdb424fcab8e9154e18ca5243__recital_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_A__content_8__recital_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <Al>Autonoom: wat is de verwachte trend met bijbehorende onzekerheidsmarge bij gelijkblijvend beleid. De autonome trend is eveneens bepaald in de Leefomgevingsfoto. </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_77f4fabd835148b1b008c5a381209d25__recital_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_A__content_8__recital_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <Al>POVI: wat is de verwachte trend met bijbehorende bandbreedte gebaseerd op de keuzes in de POVI (oftewel het voorkeursalternatief). </Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Algemene indruk</Al>
		      <Al>De afbeelding laat zien dat voor de meeste aspecten uit het beoordelingskader een (licht) positief effect wordt verwacht t.o.v. de referentiesituatie. Dit betekent dat het VKA in algemene zin leidt tot het vergroten van de kans op doelbereik voor de aspecten uit het beoordelingskader. </Al>
		      <Al>Er worden geen trendbreuken of sterke verbeteringen of verslechteringen verwacht ten opzichte van de referentiesituatie. Dit betekent wel dat aspecten die in de referentiesituatie onder druk staan weliswaar iets verbeteren, maar nog steeds is er sprake van een slechte tot matige kans op doelbereik wanneer geen extra maatregelen op programmaniveau worden getroffen. Bovendien is in de afbeelding te zien dat voor de meeste aspecten een relatief grote onzekerheidsmarge geldt. Dit heeft vooral te maken met het overwegend abstracte karakter van de gemaakte keuzes. Door de keuzes verder uit te werken in (thematische en gebiedsgerichte) programma’s wordt duidelijker wat het effect op doelbereik zal zijn.</Al>
		      <Al>Positief effect op brede welvaart</Al>
		      <Al>Het hoofddoel van de nieuwe omgevingsvisie voor Fryslân is <i>brede welvaart en Fries geluk voor iedereen. </i>In de figuur is te zien dat het VKA positief scoort op de aspecten die te maken hebben met brede welvaart, zowel op effect ten opzichte van de referentiesituatie als op doelbereik. Met name de aspecten <i>Werkgelegenheid, Voorzieningen, Vestigingslocaties, Sociale samenhang, Inclusiviteit</i> scoren positief.</Al>
		      <Al>Aandachtspunten </Al>
		      <Al>Bij het aspect <i>Woningbouwlocaties </i>is de kans op doelbereik echter nog steeds matig tot redelijk, met een grote onzekerheidsmarge. Dit heeft vooral te maken met de relatief hoge woonlasten in Fryslân en het gebrek aan passende woningen voor starters. Zorgpunt is ook de funderingsproblematiek en de verdergaande maaivelddaling. De verwachting is dat zeker na 2050 de aanpak van het Veenweideprogramma niet meer volstaat om (negatieve gevolgen van) maaivelddaling in het veenweidegebied afdoende tegen te gaan. </Al>
		      <Al>Aspecten met lage kans op doelbereik</Al>
		      <Al>Er blijven bij de beoordeling van het VKA aspecten over die een slechte tot matige kans op doelbereik houden. De hierbij het meest in het oog springende aspecten zijn <i>Verkeersveiligheid, Natuurgebieden, Biodiversiteit,</i> <i>Drinkwater </i>en <i>Archeologie</i>. </Al>
		      <Al>Voor <i>verkeersveiligheid</i> heeft dit vooral te maken met het ambitieuze doel van 0 verkeersdoden in 2040. De kans dat dit doel gehaald wordt is klein, hoeveel aanvullende maatregelen op programmaniveau de provincie ook zal nemen. De inzet binnen het VKA op multimodale ontsluiting, ketenmobiliteit, fietsnetwerk en OV bieden wel kansen om verkeersstromen veiliger te reguleren. </Al>
		      <Al>De huidige staat en de referentiesituatie van <i>Natuurgebieden </i>is in de Leefomgevingsfoto negatief beoordeeld. Het VKA biedt wel kansen voor het verbeteren van (de bescherming van) Natura2000-gebieden maar deze zijn abstract en moeten verder geconcretiseerd worden. Het behalen van de NNN-doelstellingen voor 2027 blijven in dit VKA buiten bereik, tenzij aanvullende maatregelen worden getroffen die op programmaniveau in het kader van deze POVI verder kunnen worden ingevuld.</Al>
		      <Al>In het verlengde daarvan blijven ook de doelstellingen voor <i>Biodiversiteit</i> buiten bereik met de keuzes die in het VKA worden gemaakt. Er liggen kansen voor verbetering, maar om te voldoen aan de doelen die in de Vogel- en Habitatrichtlijn zijn gesteld is veel meer inspanning en oppervlakte aan beschermde natuur nodig. Deze extra inspanning kan binnen het kader van deze POVI zijn beslag krijgen in een programma Natuur. Het VKA laat wel een lichte verbetering ten opzichte van de referentiesituatie zien. Dit komt voort uit het onderscheid tussen de Landbouwhoofdstructuur en gebieden met meervoudige opgaven én het inzetten op extra waterberging en groenblauwe dooradering. De kansen zullen echter wel geconcretiseerd moeten worden in de gebieden willen ze echt tot verbetering leiden; dit leidt tot een grote onzekerheidsmarge. </Al>
		      <Al>Voor <i>Drinkwater </i>geldt dat in het VKA wordt ingezet op verbetering van de kwaliteit en kwantiteit. Dit wordt vooral gedaan door stimuleren van infiltratie en waterberging en het treffen van maatregelen met betrekking tot gewasbeschermingsmiddelen. In het VKA worden nieuwe ASV’s aangewezen. Dit leidt tot een licht positief effect ten opzichte van de referentiesituatie. De vraag is of dit genoeg zal zijn om in de toekomst voldoende schoon drinkwater te houden. Verwacht wordt dat de vraag naar drinkwater tot 2050 met zo’n 20% zal stijgen. Daarnaast is sprake van toenemende verzilting en vergrijzing van grondwater. Specifiek zijn de Waddeneilanden kwetsbaar, hoewel in het VKA wel wordt ingezet op het in stand houden van de zoetwaterlenzen aldaar. Al met al biedt het VKA nog steeds een slechte tot matige kans op het halen van de doelstellingen voor drinkwater. </Al>
		      <Al>Het feit dat het aspect <i>Archeologie</i> laag scoort op doelbereik heeft vooral te maken met het risico van veenafbraak en de daarmee gepaard gaande verliezen van archeologische bodemschatten. Met het in stand houden van het Veenweideprogramma verandert er weinig ten opzichte van de referentiesituatie.              </Al>
		    </Kadertekst>
		    <Al>Het totale OER-pakket is omvangrijk en daarom beschikbaar in een separate bijlage. </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
	      </Divisie>
	      <Divisie wId="pv21_8ecaa403b26b49ac81d1ec76d5052814__div_o_2" eId="div_B">
		<Kop>
		  <Label>Deel</Label>
		  <Nummer>B</Nummer>
		  <Opschrift>THEMATISCHE VERDIEPING</Opschrift>
		</Kop>
		<Divisietekst wId="pv21_0c8beedc7a08406599ad4cfabb873d17__content_o_1" eId="div_B__content_o_1">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Leeswijzer</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Voor u ligt het deel Thematische Verdieping. </Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_50b69d85e2da48df9ca425d89f73ca3f__recital_o_1" eId="div_B__content_o_1__recital_o_1">
		      <Al>Leeswijzer Thematische Verdieping</Al>
		      <Al>Dit deel Thematische Verdieping verlaat de hoofdlijnen en gaat meer de diepte in. Er komen een groot aantal thema’s voorbij die binnen de vier bewegingen (zie deel Visie) relevant zijn. Binnen de thema's worden uitgangssituaties, opgaven, doelen en oplossingsrichtingen beschreven. Ook geven we aan waar er raakvlakken liggen met andere thema’s. We moeten in de fysieke leefomgeving immers naar integrale oplossingen kijken.</Al>
		      <Al>De Thematische Verdieping is het meest omvangrijke onderdeel van de Omgevingsvisie. Het biedt handvatten voor de ontwikkeling van beleid, plannen en initiatieven</Al>
		    </Kadertekst>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisie wId="pv21_0043b5c027a8406db1d2ffa7a5e7139d__div_o_3" eId="div_B__div_1">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>1</Nummer>
		    <Opschrift>Naar een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving met identiteit</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_2dcfbae649174bc09339aa3160b262f9__div_o_3__content_o_3" eId="div_B__div_1__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>De provinciale ambitie voor 2035-2050 richt zich op een schone, gezonde, inclusieve en veilige leefomgeving, met behoud van het unieke Friese karakter. Bij alle ruimtelijke keuzes staan de gezondheid, veiligheid en het welzijn van de inwoners centraal, evenals respect voor landschap, erfgoed en natuur.</b>
                              </Al>
		      <Al>Een gezonde leefomgeving draagt breed bij aan het fysieke, mentale en sociale welzijn, en nodigt uit tot gezond gedrag en sociale verbondenheid. Een veilige omgeving vermindert fysieke en sociale risico's. Inclusiviteit vereist dat alle voorzieningen en openbare ruimtes bereikbaar en toegankelijk zijn voor iedereen.</Al>
		      <Al>Hoewel Fryslân relatief schoon en veilig is, moet de milieubasis verder op orde gebracht worden. Dus voldoen aan wettelijke normen voor onder andere water- en luchtkwaliteit, het aanpakken van stikstofproblematiek en verontreinigde locaties (zoals PFAS). Ook klimaatverandering vraagt om aanpassingen, waarbij het beperken van hittestress en wateroverlast via de integratie van groen en water essentieel is. Ruimtelijke ordening wordt gezien als de meest effectieve manier om hinder en risico’s te voorkomen (‘voorkomen is beter dan bestrijden’).</Al>
		      <Al>Het Friese landschap en erfgoed geven de provincie haar identiteit en dragen bij aan de brede welvaart. Bij nieuwe ontwikkelingen is het uitgangspunt dat de Friese landschapstypen en het waardevol erfgoed herkenbaar blijven en worden versterkt. Dit vereist dat ruimtelijke kwaliteit centraal staat in de planvorming en dat landschap en erfgoed als inspiratiebron dienen voor nieuwe opgaven (bv. klimaatadaptatie).Archeologische waarden moeten zoveel mogelijk in situ (ter plekke) behouden blijven.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_4d5a15dbf69b4c3b827b1f4a0dc230ba__div_o_3__content_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.1</Nummer>
		      <Opschrift>Gezonde en veilige leefomgeving</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>De Friese leefomgeving is relatief schoon, stil, donker en veilig. Tegelijkertijd zien we dat er extra aandacht nodig is om een gezonde leefomgeving te behouden en waar nodig te verbeteren. Hierbij kijken we naar alle facetten van onze leefomgeving die – al dan niet direct – van invloed zijn op onze gezondheid. De veiligheid van onze inwoners, een basisconditie, is in alle opzichten geborgd.</b>
                              </Al>
		      <Al>De Omgevingswet stelt dat overheden bij het maken van keuzes in de fysieke leefomgeving rekening moeten houden met de volksgezondheid. Deze dient beschermd, dan wel bevorderd te worden. Dit begint met voldoende milieukwaliteit, maar gaat ook over het voorzien in fysieke veiligheid, adequate faciliteiten en een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en sociale activiteiten. Dit vraagt om integrale afwegingen. Door in een vroeg stadium gezondheid en veiligheid integraal mee te nemen in plannen en projecten, kan veel gezondheidswinst worden geboekt, vooral preventief. </Al>
		      <Tussenkop>Milieu en klimaat</Tussenkop>
		      <Al>Allereerst moeten de milieucondities op orde zijn. Zo moeten we minimaal voldoen aan (inter)nationale grenswaarden voor afvalstoffen, lucht-, water- en bodemkwaliteit. Daarbij benutten we de kansen om de (inter)nationale streefwaarden te bereiken. En wel met aandacht voor zowel milieubelasting als hinder die elkaar onderling (kunnen) versterken. We doen dit vooralsnog conform de Friese Uitvoerings- en Handhavingsstrategie (UHS) 2025 – 2028  (<ExtRef soort="URL" ref="https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR736641">https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR736641</ExtRef>) en de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Provincie Fryslân 2025 – 2028 (<ExtRef soort="URL" ref="https://www.fryslan.frl/uitvoerings-en-handhavingsstrategie-provincie-fryslan-2025-2028">https://www.fryslan.frl/uitvoerings-en-handhavingsstrategie-provincie-fryslan-2025-2028</ExtRef>).</Al>
		      <Al>Ook klimaatverandering – en daarmee samenhangende weersextremen als wateroverlast en hittestress – beïnvloed onze veiligheid en gezondheid. Net zo goed als geluidshinder, dierziekten en uitstoot en afspoeling van schadelijke stoffen. Dit vraagt om blijvende aandacht.</Al>
		      <Tussenkop>Uitnodigend</Tussenkop>
		      <Al>Belangrijk is ook dat de leefomgeving uitnodigt tot gezond gedrag, ontspanning en interactie. Denk aan bewegen, fietsen, wandelen, sport en spel. Dat betekent bijvoorbeeld dat we moeten voorzien in voldoende openbare ruimte, groen en natuur, om sociale interactie te stimuleren en het risico van vereenzaming te verkleinen. Ontmoetingsplekken als dorpshuizen, speeltuinen en sportvelden zijn hierin belangrijk. Net zo goed als een omgeving met ruimtelijke kwaliteit en groen goed is voor ontspanning en beleving. Ook vanuit dit perspectief werken we aan de basiskwaliteit voor natuur en landschap (BKNL). Dit is een gedeelde verantwoordelijkheid. Conform het principe ‘Health in all policies’ zullen we dit in al onze kerntaken meenemen. Ook kijken we waar optimalisaties en koppelkansen liggen om meer te doen in samenspraak met de partners. </Al>
		      <Tussenkop>Defensie</Tussenkop>
		      <Al>De huidige geopolitieke situatie laat Nederland - en Fryslân in het bijzonder - niet onberoerd. In het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie heeft het kabinet aangegeven waar voor defensie extra ruimte nodig is; ook in Fryslân zijn uitbreidingen en nieuwe activiteiten voorzien.</Al>
		      <Al>Het is belangrijk dat we deze zo goed mogelijk inpassen om de impact op de omgeving beperkt te houden. Met deze ontwikkeling zijn grote investeringen gemoeid en liggen er koppelkansen voor medegebruik, zoals natuurontwikkeling. Ook willen we kansen benutten van de defensie-industrie voor het Friese bedrijfsleven en kennisinstellingen. Het Rijk is eerstverantwoordelijk voor defensie en neemt het voortouw in plannen. Wij wenden onze invloed aan, overleggen met het Rijk, stemmen af met gemeenten en zetten onze wettelijke bevoegdheden voor de leefomgeving in.</Al>
		      <Al>Actueel is ook de cybersecurity van onze leefomgeving. Denk aan het in de lucht houden van cruciale netwerken voor energie, economie, waterbeheer en onze basisvoorzieningen. Dit is een belangrijk aandachtspunt. Een ander aspect betreft ondermijning: criminele activiteiten die via legale bedrijven of diensten verlopen. Denk aan een drugslab in een boerenschuur. De aanpak van ondermijning is een gezamenlijk verantwoordelijkheid van overheden, ondernemers en ander belanghebbenden.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_08e16bb399274aa394b299e5c795ca4c__recital_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 is de Friese leefomgeving gezonder, veiliger, schoner en weerbaarder dan in 2026. Het leefmilieu voldoet aan de aangescherpte normen voor onder andere water-, lucht- en bodemkwaliteit, geluid, omgevingsveiligheid en geur. Nog resterende milieuknelpunten zijn of worden opgelost.</Al>
			<Al>Milieubelastende activiteiten blijven binnen de normen en zijn in balans met de omgeving. Door innovatie en omschakeling op andere technieken en bedrijfsmodellen telt de provincie veel ‘schone’ bedrijven. Veelal op circulaire leest geschoeid.</Al>
			<Al>De defensietaken die op de provincie afkwamen, zijn goed ingebed in het landschap en de samenleving. De investeringen kwamen deels ten goede aan maatschappelijk opgaven en diensten. Ook leverde het de nodige, hoogwaardige kennis en werkgelegenheid op. Wat ook geldt voor gedane investeringen in cybersecurity waar tal van organisaties van profiteren.</Al>
			<Al>Gezondheid raakt vrijwel alle provinciale kerntaken. Via het internationale principe van ‘health in all policies’ is een sterk verbeterde leefomgeving gecreeërd. Een omgeving ook waar mensen zich thuis voelen en elkaar kunnen ontmoeten. En waar ze gestimuleerd worden om gezond te leven met voldoende vrije tijd en ruimte om te bewegen en te sporten.</Al>
			<Al>Banen en regionale voorzieningen zijn voor iedereen van huis uit binnen een half uur te bereiken, de zogenaamde ‘30-minutengemeenschap'; voor basisvoorzieningen geldt als streven 15 minuten. Ook is iedereen in de gelegenheid zichzelf te ontplooien en kansen te verzilveren. Het versterken van gezondheid, geluk en veiligheid draagt voor een belangrijk deel bij aan de brede welvaart en economie in de provincie.</Al>
			<Al>Er is in Fryslân voldoende ruimte beschikbaar voor de krijgsmacht om haar grondwettelijke taken voor een weerbare samenleving te kunnen uitvoeren.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Als provincie zetten we ons in voor het in onderlinge samenhang bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving, en tevens voor de omgevingskwaliteit. Ook vanwege de intrinsieke waarde daarvan voor de natuur. Veel partijen werken aan gezondheid. Alleen samen kunnen we het verschil maken. We richten ons daarbij op de facetten die in de openbare ruimte spelen en de grootste gezondheidsrisico's met zich meebrengen.</Al>
		      <Al>Dat betekent dat we in elk geval veel aandacht besteden aan de volgende zaken:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_112c4d6adbf34134929017ccda646ac8__list_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_4d9c5f5b2ded4ffbbfb38f00065509ae__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Lucht-, bodem- en (grond)waterkwaliteit, vooral in relatie tot zeer zorgwekkende stoffen (ZZS);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f8da1cfa79c44e99864c42265cc6fb56__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het beperken van onnodige lichtuitstoot;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8daf3554b63f4d16bd67c227458537ed__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Geluidhinder en fijnstof langs wegen en rond luchthavens;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c3e33d17efbf476cb581ebc5048f2f9d__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wateroverlast, waterveiligheid en hittestress door klimaatverandering;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c2e66cb6a42a45c5a4bf77084f7475dd__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Dierziekten, inclusief effecten daarvan op de volksgezondheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7f39b8f5a8254ccb9370f9dabf123612__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gebruik van pesticiden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_778076e0692b4ac1badf9245f9f523de__list_o_1__item_o_7" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Veiligheid en hinder met betrekking tot duurzame energie en circulaire economie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b0a699cf6bea44b8bed59e4b2ac4eb65__list_o_1__item_o_8" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Geluid- en geurhinder, fijnstof en veiligheid van bedrijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e59d3ecd63464692b517860d68ee3e0f__list_o_1__item_o_9" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Effecten van ontgrondingen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a26716a4251a4a239f91f04e0429ca6d__list_o_1__item_o_10" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Neerslag van stikstofdioxide en ammoniak op kwetsbare natuur;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e9822e39074b45afa175421dafbab6e6__list_o_1__item_o_11" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_11">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Verkeersveiligheid, omgevingsveiligheid, cybersecurity, defensie en brandveiligheid.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Een en ander vertaalt zich naar de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_c3d07b77f332426dbd49059acd3e2dda__list_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2">
			<Li wId="pv21_eb034dbdafe84a2984e7a1dc6107be00__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde bodem, schone lucht en schoon water, duisternis en stilte als basisvoorwaarden voor een gezonde leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a4b7ea61b3e84decabb8f144507bf22a__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Minimaal voldoen aan de wettelijke milieu- en veiligheidsnormen; Terugdringing gebruik schadelijke pesticiden in en nabij kwetsbare gebieden en functies;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_46090f6876a04ce7acddedb29113b5de__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Terugdringing schadelijke vormen van hinder (geluid, trilling, licht, geur e.d.);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_706fb538c8b04054a1a1d8629b2a790d__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een voor iedereen toegankelijke leefomgeving die gezond gedrag, ontspanning, ontmoeting en ontplooiing bevordert;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_188bc9412be34d0b9ed49861846f4905__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Beschikbaarheid van (extra) oefenterreinen en locaties/objecten voor defensie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen - Algemeen</Tussenkop>
		      <Al>Om een antwoord te geven op de opgaven – en daarbij onze doelen te realiseren – zetten we in Fryslân breed in op twee sporen. We lichten ze hieronder toe.</Al>
		      <Al>
                                 <b>1. Minimaal voldoen aan wettelijke milieu- en veiligheidseisen en bestuurlijke afspraken</b>
                              </Al>
		      <Al>De wet verplicht provincies de gezondheid van mensen te beschermen tegen de nadelige effecten van de milieukwaliteit. De wettelijke taken die wij - als bevoegd gezag - moeten uitvoeren zijn benoemd in de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Fryslân. Het gaat daarbij met name om de vergunningverlening van bedrijven en activiteiten als ontgrondingen. Maar ook het toezicht hierop en bijvoorbeeld het beoordelen van gemeentelijke omgevingsplannen. De provincie neemt haar verantwoordelijkheid in het naleven van de regels en verwacht hetzelfde van bedrijven, instellingen en particulieren. Ook willen we ondermijnende criminaliteit zo veel mogelijk voorkomen.</Al>
		      <Al>Naast de gebruikelijke aandacht voor alle milieuaspecten, zetten we specifiek in op:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_52912f9e507f478f806bfc67b3ac566d__list_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3">
			<Li wId="pv21_e75a64f890174d288867935b9441665a__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het minimaliseren van locaties met of gebruik van Zeer Zorgwekkende Stoffen (zoals onder meer PFAS). De Omgevingswet en onderliggende besluiten stellen regels aan ZZS die kunnen vrijkomen bij bedrijfsmatige activiteiten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0ebccd3db31049ac8e6af26ef949c58d__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Concentratie van bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen (zogenaamde Seveso-bedrijven) op speciaal daarvoor gereserveerde bedrijventerreinen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_169c377a2ff0470e9f743f8f4b947f65__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het in samenwerking met ketenpartners beperken van (brand)veiligheidsrisico’s bij nieuwe vormen van duurzame energieopwekking, -opslag, en - transport, droogte in natuurgebieden, en grote veestallen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5d8f904edc6e4e6d94ced9394cb2f678__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het samen met ketenpartners voorkomen van conflicten tussen vaarrecreatie en beroepsvaart, ook in relatie tot het vervoer van gevaarlijke stoffen; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c0c07a7c79dd4a88a3d4b69f53427b9c__div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het waar mogelijk vergunnen aan de ondergrens van de Best Beschikbare Technieken (BBT). Dit is de meest doeltreffende methode om uitstoot (emissies) en andere nadelige gevolgen voor het milieu op bedrijfsniveau te voorkomen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6b14ff2905d84c4999b2b58b9db1ed76__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Minder gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen in het verlengde van initiatiefvoorstel PS ‘Naar een schone en gezonde leefomgeving: afbouw gebruik van pesticiden in Fryslân’. Vooral in de nabijheid van kwetsbare of gevoelige gebieden (Natura 2000, beekdalen en waterwingebieden) en functies (wonen, leren, gezondheidszorg, etc.);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8fd49b44636141eda8d4b1d063493a48__list_o_3__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het donker houden van gebieden die ’s nachts nog echt donker zijn (zoals Dark Sky Parks) en op het behouden en beschermen van rust in stiltegebieden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0053c0df6f154d09a2b1578d3f6c1c89__list_o_3__item_o_7" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_3__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Toepassen van het voorzorgsbeginsel (art. 3.3. Omgevingswet) bij onzekere milieu- en veiligheidsrisico's. Zo beoordelen we op basis van wetenschappelijk onderzoek, gerechtelijke uitspraken en beleid van andere overheden of er regels nodig zijn voor uitbreiding en nieuwvestiging van geitenhouderijen. Dit vanwege mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden. Daarnaast houden we rekening met het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron worden bestreden en het beginsel dat de vervuiler betaalt.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Uitwerking van deze kaders en acties gebeurt via het aanpassen van de Omgevings-verordening en door het opstellen van een te ontwikkelen Omgevingsprogramma Milieu/Gezonde leefomgeving.</Al>
		      <Al>
                                 <b>2. Reguleren en stimuleren</b>
                              </Al>
		      <Al>Door omgevingsveiligheid vroegtijdig bij ruimtelijke planvorming te betrekken, kunnen we veel veiligheidsconflicten op voorhand voorkomen. Dit is allereerst een verantwoordelijk-heid van gemeenten, waarbij wij hen aanmoedigen dit op te pakken. Daar bovenop - en volgens het thema leefbaarheid en het principe ‘Health in all Policies’ - zetten we in op vroegtijdig meedenken over een leefomgeving die gezondheid bevordert. Dat doen we zelf bij projecten en initiatieven die we op grond van onze provinciale kerntaken uitvoeren.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_ccc4147515c54a47b4796ccd90794764__recital_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2">
			<Al> Voorbeelden die bijdragen aan een gezonde en veilige leefomgeving:</Al>
			<Lijst type="expliciet" wId="pv21_2bbd18fb024943f6899b5b86b7e97d24__recital_o_2__list_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1">
			  <Li wId="pv21_02de5245ddca4b66b10087f57a11c68c__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Het integreren van groen en water, sport- en recreatiemogelijkheden en ontmoetingsplekken. We noemen hierbij de zogenaamde 3-30-300-regel zoals een aantal Friese gemeenten hanteert om te komen tot een groene omgeving. Dit houdt in dat plannen voldoen aan de volgende richtlijnen:</Al>
			    <Lijst type="expliciet" wId="pv21_be2268184d7649728639d5e59e11e854__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1">
			      <Li wId="pv21_ed6daa7fb032434aa0e437d4f89afc56__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_1">
				<LiNummer>●</LiNummer>
				<Al>3 bomen zichtbaar vanuit iedere woning (of werkplek, e.d.). Dit bevordert het welzijn, de verbondenheid met de natuur en draagt bij aan mentale ontspanning, concentratie, leerprestaties en creativiteit;</Al>
			      </Li>
			      <Li wId="pv21_ed0ce1e1860648e8a0152d22abbd8202__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_2">
				<LiNummer>●</LiNummer>
				<Al>30% bladerdek (kroonbedekking) aanwezig in onze wijken of dorpen, zowel in de vorm van bomen als grote struiken. Dit ter verkoeling, voor een betere luchtkwaliteit en ter bevordering van ons welzijn, onze fysieke gezondheid en sociale interactie;</Al>
			      </Li>
			      <Li wId="pv21_3a3ee8555f4c4ca1a7ed31517ade3383__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_1__list_o_1__item_o_3">
				<LiNummer>●</LiNummer>
				<Al>300 meter tot het dichtstbijzijnde (openbare) groengebied. Toegang tot een kwalitatief hoogwaardige, openbaar toegankelijke groene ruimte van minstens 0,5–1,0 hectare, op maximaal 300 meter lopen of fietsen. Dit waarborgt de toegankelijkheid voor recreatie en bevordert gezondere levensstijlen.</Al>
			      </Li>
			    </Lijst>
			  </Li>
			</Lijst>
			<Lijst type="expliciet" wId="pv21_48cc70838d0c4da393e438ca35e0f5c0__recital_o_2__list_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2">
			  <Li wId="pv21_8ee4340918674d18b9057522ee2d03b3__list_o_4__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_1">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Stimuleren dat ook mensen met een beperking, kwetsbare ouderen, jongeren in WIA/ jeugdzorg, mensen in armoede en chronische zieken volwaardig kunnen meedoen aan de samenleving, o.a. via toegankelijke openbare ruimten, gebouwen, Openbaar Vervoer;</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_7b7dcbf4d39141fbaf1dede67194af92__list_o_4__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_2">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Stimuleren dat de leefomgeving van voldoende groen en water wordt voorzien. Niet alleen om hittestress te voorkomen, maar ook als bijdrage aan klimaatadaptatie;</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_6263f00f68fe469bb3c56fd3ccdfc603__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_3">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Werk maken van de zogenaamde ’30-minutengemeenschap' (zie begrippenlijst). Dit is belangrijk voor zowel de gezondheid en inclusiviteit van bewoners als de bereikbaarheid van voorzieningen. Voor basisvoorzieningen geldt als streven 15 minuten; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_9476b0f27cb64d72ad69a11774dcfbb4__list_o_4__item_o_8" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_4">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Gezonde voedselproductie meenemen in onze keuzes. We streven naar gezonde bodems voor de voedselproductie;</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_d6eeec79737446a7b415cc50dbbb1178__list_o_4__item_o_9" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_5">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Deelname aan het Schone Lucht Akkoord (SLA). Ook stimuleren we Friese gemeenten hieraan deel te nemen. Onderdeel daarvan is bijvoorbeeld het voorkomen van overlast en gezondheidsschade door houtstook; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_37d75b32dec74d92a3c595d1934b613e__div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_1__item_o_9" eId="div_B__div_1__content_1.1__recital_o_2__list_o_2__item_o_6">
			    <LiNummer>●</LiNummer>
			    <Al>Samen met gemeenten en betrokken partijen kijken naar mogelijkheden om lichtuitstraling te beperken, met behoud van verkeers- en sociale veiligheid.</Al>
			  </Li>
			</Lijst>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Defensie</Tussenkop>
		      <Al>We zijn van oudsher verbonden met defensie. Denk aan de Luchtmachtbasis Leeuwarden en de militaire apotheek in Heerenveen als belangrijke werkgevers. We realiseren ons dat de uitbreiding van defensieactiviteiten in Fryslân, zoals voorzien in de Rijksnota Ruimte voor defensie, impact heeft op de omgeving. Onze inzet is gericht op zorgvuldige inpassing met draagvlak en meerwaarde voor andere functies.</Al>
		      <Al>In overleg met het Rijk willen we deze impact zo beperkt mogelijk houden en koppelkansen benutten. Daarnaast zoeken we actief naar verbinding met het bedrijfsleven en het onderwijs, zoals civiel-militaire samenwerking op het gebied van drones. We lichten dit hieronder toe aan de hand van vier voorziene defensie-activiteiten.</Al>
		      <Al>
                                 <b>1. Uitbreiden milieuruimte Luchtmachtbasis Leeuwarden</b>
                              </Al>
		      <Al>De voorziene uitbreiding van milieuruimte voor activiteiten op de Luchtmachtbasis Leeuwarden gaat primair om grondgebonden geluid voor het extra proefdraaien van jachtvliegtuigen en het gebruik van grondvoertuigen. Ook wordt de secundaire baan verlengd voor beter en vaker gebruik. Met als nadrukkelijke voorwaarde dat de geluidszone voor het vliegverkeer (35 KE) gelijk blijft. Daar blijven we ons in de Commissie Overleg en Voorlichting Milieu voor inzetten, gezien de huidige geluidsbelasting van de omgeving. Ook moet rekening worden gehouden met de aardgasleiding en archeologie. Rondom de vliegbasis ligt, vanwege de vliegveiligheid, een beperkingengebied voor bouwhoogten. Dit zal juridisch beter geregeld worden, zodat duidelijk is wat de bouwmogelijkheden zijn.</Al>
		      <Al>
                                 <b>2. Munitieopslag Kollumerwaard</b>
                              </Al>
		      <Al>In de Kollumerwaard is een munitieopslag voor snel inzetbare capaciteit (SIC) voorzien. Op en rondom de munitieopslag komen veiligheidsmaatregelen. Er worden geen woningen gesaneerd. Het Lauwersmeer is Nationaal Park, Natura 2000-gebied, Dark Sky Park en stiltegebied. Bij inpassing wordt rekening gehouden met natuur, landschap, landbouw en (recreatieve) beleving. Ook is er aandacht voor beperking van licht en geluid; in ieder geval passend binnen het stiltegebied.</Al>
		      <Al>
                                 <b>3. Uitbreiden activiteiten militaire apotheek Heerenveen</b>
                              </Al>
		      <Al>Bij uitbreiding van de activiteiten van de militaire apotheek in Heerenveen - zoals nu voorzien, inpandig en binnen de perceelgrenzen - moet rekening worden gehouden met de lopende tracékeuze voor de door het Rijk geplande Lelylijn en de locatiekeuze voor de halteplaats in of bij Heerenveen en de bijbehorende stadsontwikkeling.</Al>
		      <Al>
                                 <b>4. Uitbreiden activiteiten Vlieland en elders</b>
                              </Al>
		      <Al>Bij de uitbreiding van de militaire activiteiten op Vlieland gaat het om schieten met Apache en Reaper op de Vliehorsrange (incl. aanpassing onveilige zone) en de instelling van een nieuw amfibisch oefengebied. Ook is er sprake van meer vliegoefengebieden op de Noordzee en schietoefeningen vanaf de Breezanddijk.</Al>
		      <Al>Deze optelsom van activiteiten in het kwetsbare Waddengebied, en bij de IJsselmeerkust, vraagt de nodige aandacht. We verwachten dat Defensie bij rekening houdt met de natuurlijke waarden en stiltegebieden. En daar haar plannen ook op afstemt. Richtinggevend is de, ook door het Rijk ondertekende, Agenda voor het Waddengebied 2050 met als hoofddoel: een duurzame bescherming en ontwikkeling van de Waddenzee en het open landschap.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema ‘Gezonde en veilige leefomgeving’ raakt aan veel andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Al>Hieronder een opsomming van de belangrijkste verbanden.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_a5abf45050224843921c52bcf0f6613d__list_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4">
			<Li wId="pv21_78e32b62b5d846a99d3366502e26132e__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur: Een gezonde leefomgeving is niet denkbaar zonder natuur. Andersom is de natuur gebaat bij een gezonde leefomgeving. Biodiversiteit is bijvoorbeeld afhankelijk van een gezonde bodem, schoon (grond)water en schone lucht;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a8015a9936624bb993e122e97d693b05__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Schone bodem en schoon water zijn voorwaarden voor een gezonde leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d9f09ebf70f64e5da974816df448247c__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Gezond en voldoende voedsel zijn belangrijk voor de gezondheid. Landbouwproductie met lage milieu-impact en als drager van het landschap zorgt voor een gezonde leefomgeving. Omgekeerd is de landbouw gebaat bij een gezonde bodem en schoon water;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0870ef52093f4134b90842f6e02d1392__list_o_4__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Een fijne, veilige en betaalbare woning is essentieel voor de gezondheid. De inrichting van de woonomgeving kan uitnodigen tot gezond gedrag en sociale interactie, en kan hittestress voorkomen. Op plekken waar de gezondheid en veiligheid onder druk staan, is wonen minder op zijn plaats;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b0a33ffbe987496eaf0c207400c78a0e__list_o_4__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Goede bereikbaarheid van werk, voorzieningen en onderwijs is cruciaal voor de leefbaarheid en gezondheid. Bereikbaarheid voor iedereen - dus ook voor mensen met een beperking - draagt bij aan een inclusieve samenleving. Mobiliteit kan ook hinder opleveren en de gezondheid bedreigen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_75afe4f79878414aa252331bc4fd7e63__list_o_4__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: Nieuwe vormen van winning, opslag of vervoer van energie brengen risico’s met zich mee, bijvoorbeeld voor (brand)veiligheid en gezondheid. Anderzijds is de beschikbaarheid van duurzame energie noodzakelijk om gezond te kunnen leven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4edd6ff161b8407ab730cd984b3c3c22__list_o_4__item_o_7" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Werk, inkomen en verdienvermogen zijn essentieel voor gezondheid. Omgekeerd is gezondheid, en ook veiligheid, van groot belang voor de economie. Economische activiteiten kunnen ook hinder en vervuiling opleveren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ce47f410f46649378743cc899f1c18d8__list_o_4__item_o_8" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Slimme groei van de gastvrijheidseconomie en een gezonde leefomgeving gaan goed samen. Te veel recreatie kan afbreuk doen aan de leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6d95940c20914bdcbda955a221306fe3__list_o_4__item_o_9" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leefbaarheid: Een gezonde en veilige leefomgeving die sociale samenhang bevordert en waarin mensen zich thuis kunnen voelen, draagt positief bij aan leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4ce85e19c40f42269c6d2feb45cff206__list_o_4__item_o_10" eId="div_B__div_1__content_1.1__list_o_4__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Defensie: specifiek geldt dat defensie ruimte vraagt en impact heeft op het woon- en leefmilieu. Defensie biedt ook kansen: terreinen mede inrichten voor natuurontwikkeling, gebouwen circulair bouwen en bijdrage laten leveren aan energieopwekking, civiel medegebruik van faciliteiten, versterking van wegen/infrastructuur, combinatie van defensie-industrie met onderwijs, innovatie en bedrijfsleven.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_09fdd1a65f8a408c941c1bf50d7d9e60__div_o_3__content_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.2</Nummer>
		      <Opschrift>Landschap, erfgoed en identiteit</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân is een prachtige provincie met een sterke landschappelijke identiteit, gevormd door eeuwenlange interactie tussen mens en natuur. Voortbouwen op die identiteit vraagt inzicht in en waardering van ons landschap en onze dorpen en steden. Juist in een tijd waarin er veel opgaven liggen, is dit een voorwaarde voor het maken van verantwoorde keuzes en een juiste balans tussen beschermen en ontwikkelen.</b>
                              </Al>
		      <Al>Vanuit een positieve en oplossingsgerichte houding sturen we aan op ruimtelijke kwaliteit, een gezonde leefomgeving met een rijke natuur en een herkenbaar Fries landschap. Waar we met het Friese landschap heen willen, verduidelijken we aan de hand van de in Grutsk op ‘e Romte (2025) vastgelegde top 10 van kenmerken en kwaliteiten van het Friese landschap en erfgoed, waarbij we het streefbeeld richting 2050 voor ogen houden.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_daacffa2189e4975a434aa3340bd7581__recital_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 komt het Friese landschap en het hierin verspreide erfgoed (inclusief archeologie) sterk voor de dag. Enerzijds doordat essentiële kenmerken behouden zijn gebleven en anderzijds doordat we bij nieuwe ontwikkelingen ruimtelijke kwaliteit toevoegden. De kenmerken van de landschappen zijn gebruikt om het water- en bodemsysteem beter te laten functioneren. Dit betekent bijvoorbeeld dat oude waterlopen en sloten zijn benut voor doorspoeling, biodiversiteit en tegendruk ter voorkoming van verzilting. Ook zijn houtsingels gehandhaafd en waar mogelijk versterkt. Niet alleen omdat ze de identiteit van het landschap dragen, maar ook de biodiversiteit bevorderen en een ‘medicijnkast’ zijn voor koeien.</Al>
			<Al>De kenmerkende eigenschappen van de verschillende gebieden worden gerespecteerd en benut door de gebruikers. De landbouw is meer divers geworden, in aansluiting met het landschap en de natuur. Op veel plaatsen wordt het agrarisch cultuurlandschap samen met agrariërs versterkt. Ook alle andere gebruikers van het landelijk gebied - zoals terreinbeherende organisaties, Wetterskip Fryslân en partijen die met infrastructuur, energie en delfstofwinning bezig zijn - weten goed om te gaan met de kenmerken van het landschap.</Al>
			<Al>De ontwikkeling van wonen, werken en voorzieningen – in en rond dorpen en steden – sluit aan bij de oorspronkelijke nederzettingsstructuur en karakteristieke bebouwing. Daarbij is eerst gekeken naar de mogelijkheden binnen bestaande steden en dorpen en naar herbestemming van karakteristieke bebouwing, voor er tot nieuwbouw is overgegaan. En als er nieuw werd gebouwd, dan was dat met oog voor de ruimtelijke kwaliteit van dorp, stad en landschap.</Al>
			<Al>De verbinding met het landschap, een kenmerkend aspect van de Friese dorpen, bleef behouden. Hetzelfde geldt voor de open ruimtes die van wezenlijk belang zijn voor de verbinding met het landschap. Zorgvuldige omgang met open ruimtes (kaatsveld, open plek rondom de kerk, kleine weilandjes, voormalig bouwland) in de dorpen staat altijd voorop. Een zorgvuldige analyse van het plangebied heeft daaraan bijgedragen. De kwaliteit van het gebouwde en groene erfgoed is vergroot door restauratie, herstel, onderhoud en aanpassingen voor eigentijds gebruik en herbestemming.</Al>
			<Al>Landschap en erfgoed zijn ook voor de recreatieve sector van belang. Die sector is verder gegroeid en zorgde voor een belangrijke economische impuls. Daarbij is gebruik gemaakt van kansen voor extra gebruiksfuncties bij een agrarisch bedrijf of op het erf van bijvoorbeeld een woonboerderij.</Al>
			<Al>Maar ook van kansen in of nabij steden en dorpen. Denk bijvoorbeeld aan de landgoederen die vaak in de nabijheid van dorpen en steden liggen. Hierin is steeds het principe van slimme groei gevolgd. Dit betekent onder meer dat ontwikkelingen altijd ook gericht zijn op behoud en versterking van het landschap.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Voor welke opgave zien we ons gesteld als we het streefbeeld in ogenschouw nemen? Die vraag beantwoorden we allereerst aan de hand van genoemde top 10 uit Grutsk op ‘e Romte.</Al>
		      <Al>In willekeurige volgorde gaat het om de volgende opgaven en doelen:<br/><br/></Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_40ce4c9610634319a9cb930cbe6d2ef7__list_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_fd69ad47374044b096d457d3bbb6506b__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_1">
			  <LiNummer>1.</LiNummer>
			  <Al>Diversiteit van landschapstypen<br/>We willen de diversiteit aan landschapstypen behouden en de onderlinge contrasten in stand houden. Dit betekent dat we ook aandacht schenken aan de inrichting van de overgang van het ene naar het andere landschapstype.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_41e9c42ed04f400ab0d3d62fcd09d3e1__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_2">
			  <LiNummer>2.</LiNummer>
			  <Al>Grootschalige openheid<br/>We zien de grootschalige openheid, weidsheid of leegte van grote delen van ons landschap als kenmerk en kwaliteit. De mate van beleving hiervan verschilt echter per gebied. Bij de inpassing van de opgaven houden we hier rekening mee.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_71347b2f89c548669b5b6ecc2b5d76a1__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_3">
			  <LiNummer>3.</LiNummer>
			  <Al>Het Friese water- en waddensysteem<br/>Het water- en waddensysteem varieert van grootschalig tot fijnmazig, van natuurlijk tot aangelegd. We zien het bestaande systeem als kwaliteit en vertrekpunt voor verdere ontwikkeling. Nieuwe ontwikkelingen worden respectvol ingepast. Als voorbeeld: opgaven voor de groenblauwe dooradering borduren voort op bestaande patronen, door natuurlijke en historische watergangen te benutten en waar nodig te herstellen.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_12c134349ecd45949c68768ea939900a__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_4">
			  <LiNummer>4.</LiNummer>
			  <Al>Dijkenstelsel<br/>We zien het stelsel van dijken, in samenhang met het watersysteem en de agrarisch-economische ontwikkeling, als een kenmerk van het landschap en willen dit herkenbaar houden.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3adb03574089467e8aad50a9d4d10dab__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_5">
			  <LiNummer>5.</LiNummer>
			  <Al>Reliëf en aardkundige ondergrond<br/>Ook al is Fryslân relatief vlak, er is wel degelijk sprake van (micro)reliëf. Het is een landschappelijke, cultuurhistorische en bodemkundige waarde, waar we zorgvuldig mee omgaan. We bevorderen de kennis over en waardering voor het reliëf en stimuleren de instandhouding ervan. Dit doen we mede met het oog op het versterken van biodiversiteit, duurzaam landgebruik en een zorgvuldig gebruik van de bodem.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_975f7134875643d0ac1fcab68fb0e3e1__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_6">
			  <LiNummer>6.</LiNummer>
			  <Al>Verkaveling<br/>We streven naar het herkenbaar houden van kavelpatronen in elk landschapstype. Bij kavelaanpassingen in de landbouw of omwille van waterbeheer, streven we naar het benutten van essentiële watergangen als dragers. Op die manier kunnen we de karakteristiek en landbouwkundige waarde van het oude landschap respecteren en landbouwgronden klimaatbestendig maken.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_45391f01fd934a4d96b03d4aeffa41f2__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_7">
			  <LiNummer>7.</LiNummer>
			  <Al>Archeologische waarden<br/>Er ligt een wettelijke verplichting om zorgvuldig om te gaan met archeologische waarden. In situ conserveren is voor ons het uitgangspunt. Bij ontwikkelingen volgen we de adviezen op van de FAMKE.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7b5b8c11b9d14b15bd5f5ddcbc7f67b6__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_8">
			  <LiNummer>8.</LiNummer>
			  <Al>Structuur van nederzettingen<br/>Veel inwoners van Fryslân zijn gehecht aan de kenmerkende historische steden, dorpen, buurtschappen - en in het buitengebied vooral de boerderijen - in hun provincie. Bij verdere ontwikkeling benaderen we die hechting met respect.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_eda86e04927a431bb593864ef02eaa06__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_9">
			  <LiNummer>9.</LiNummer>
			  <Al>Gebouwd erfgoed<br/>Het gebouwde ergoed geeft kleur aan onze omgeving en is belangrijk voor het verhaal van Fryslân. Samen met onze partners zetten we in op behoud en ontwikkeling. Daarbij kijken we in het bijzonder naar vrijkomende kerken en boerderijen.<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e4392317e4084f82aa4167c8b86daf9b__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_1__item_10">
			  <LiNummer>10.</LiNummer>
			  <Al>Groene landschapselementen<br/>Elk landschap kent zijn eigen typische groene landschapselementen voortkomend uit het gebruik. Deze elementen verdienen behoud en versterking, mede met het oog op een toekomstbestendig landschap.<br/><br/></Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Doelen</Tussenkop>
		      <Al>Naast de hierboven opgesomde doelen, streeft de provincie Fryslân rond het thema landschap, erfgoed en identiteit ook de volgende doelen na:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_8c417cc1ad29418b99f93c52e20a8147__list_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_a3b8795045d54604966b7802f4875ac6__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Blijvende herkenbaarheid van de Friese landschapstypen, elk met hun eigen ontstaansachtergrond en kenmerken. Nieuwe ontwikkelingen bouwen op deze typen voort en voegen er ruimtelijke kwaliteit aan toe;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_13fdfcf1cafc4deab149629ea32f89fe__div_B__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Specifiek voor de Nationale Landschappen De Noardlike Fryske Wâlden en Súdwest Fryslân gaat het om behoud en versterken van de unieke combinatie van natuur, cultuurhistorie en landschap, als karakteristiek voor de Nederlandse wordingsgeschiedenis;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c8f47301bcbf4e2180d2895fb36b4ad7__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Behoud en (her)gebruik van gebouwd en ongebouwd erfgoed. We verbinden erfgoed met nieuwe ontwikkelingen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6df5cb6274ce4235acec56cbe3563662__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het zoveel mogelijk in situ behouden van archeologische waarden. Wanneer andere belangen behoud in situ onmogelijk maken, volgt onderzoek, deskundige opgraving en verdere conservatie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om onze doelen rond het Friese landschap, het erfgoed en de identiteit te bereiken, werken we volgens twee sporen, namelijk 'Samenwerken, meedenken en stimuleren' en 'Beschermen van waardevolle, kwetsbare eenheden'.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Samenwerken, meedenken en stimuleren</b>
                              </Al>
		      <Al>Door in een vroeg stadium met partners samen te werken en mee te denken, willen we hen stimuleren om landschap en erfgoed tot het startpunt te maken van ontwikkelingen. We hebben een landschap van wereldklasse voor ogen en willen iedereen daarvoor enthousiast maken. Onze inzet steunt op het stevige fundament van Grutsk op ‘e Romte en de cultuurhistorische kaart Fryslân. Voor archeologie is de Friese Archeologische Monumentenkaart Extra (FAMKE) van belang.</Al>
		      <Al>Bij ruimtelijke plannen met veel effecten en waarmee provinciale belangen (bijlage 3) gemoeid zijn, is vroegtijdige samenwerking tussen gemeente en provincie noodzakelijk. De provincie zet in ieder geval informatie en/of ontwerpkracht in rond de grote dossiers voor het landelijk gebied en voor energie, infrastructuur en wonen. We geven hoofdlijnen en ontwerprichtingen aan en bieden inspiratie voor nieuwe ruimtelijke kwaliteit.</Al>
		      <Al>Bij de ontwikkeling van wonen, werken en voorzieningen bij steden en dorpen gaan we uit van het principe: herstructurering, herbestemming, inbreiden voor uitbreiden, mits passend bij de nederzettingsstructuur. We kijken bij zowel inbreiden en als uitbreiden naar de kenmerken van de plek; hoe is de opbouw van de nederzetting, zijn er waardevolle open ruimten of zichtlijnen, zijn er mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik of hergebruik. Op deze manier geven we invulling aan ruimtelijke kwaliteit en de opgave voor wonen. Wanneer gemeenten goed in beeld brengen wat de mogelijkheden binnen bestaande steden en dorpen zijn, dan kan uitbreiding ook zijn beslag krijgen als nog niet alle mogelijkheden van inbreiding zijn benut. Op die manier kunnen we landschap en erfgoed combineren met voldoende mogelijkheden en tempo maken voor noodzakelijke woningbouw en economische ontwikkeling.</Al>
		      <Al>We ondersteunen dwarsverbanden met andere opgaven, ambities en maatregelen (zoals groenblauwe dooradering/GBDA) en het benutten van financieringsmogelijkheden. Daarbij doelen we op subsidieregelingen voor zaken als herstel en beheer van cultuurlandschap (onder het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid), natuur en landschap, weidevogels, bomen- en bossenstrategie en Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer.</Al>
		      <Al>De Omgevingswet en het Verdrag van Faro hebben geleid tot de verplichting om burgers meer te laten participeren in beleid rond landschap en erfgoed. De provincie moet meer met de samenleving werken. We doen dat door de samenleving te betrekken bij een reeks van beleids- en kennisonderwerpen. </Al>
		      <Al>Daarbij bewandelen we onder meer de volgende wegen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_8dde6ec0d1474cb291baf7f7a6c53822__list_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_3">
			<Li wId="pv21_3ff8b71038774290ac83b8cfe59c1cec__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het stimuleren van instellingen in hun publieks- en vrijwilligersactiviteiten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c7349c1405d64c78a8cd9a091a739d14__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De ondersteuning van de publieksgerichte archeologische steunpunten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5c4614c6a4c144669484643cdd9d78b8__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het stimuleren van bewustwording en draagvlak binnen de Nationale Landschappen De Noardlike Fryske Wâlden en Súdwest Fryslân. Dit zijn landschappen die het Rijk, in samenspraak met de provincies, in 2004 vanwege hun bijzondere kenmerken van nationale betekenis heeft gevonden en als zodanig heeft aangewezen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b3b723801f524e39a814e28883de0f8b__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Vergroting van ons publieksbereik via Merk Fryslân.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Deze vormen van participatie, die vaak gepaard gaan met vrijwilligerswerk, dragen door zingeving ook bij aan onze inzet voor positieve gezondheid.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_0fcd751a48f04602a8296b3534aa90b0__recital_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__recital_o_2">
			<Al>Samenwerken, meedenken en stimuleren: drie voorbeelden</Al>
			<Al>In het megaproject De Nieuwe Afsluitdijk werkt een grote verzameling van partijen aan een gecombineerde opgave voor dijkversterking en verbetering van de infrastructuur. Er is bovendien een vismigratierivier in opgenomen, waarvan met name de provincie de trekker is. Het werk aan de dijk is nog lang niet afgerond, maar er is al veel gerealiseerd. De ruimtelijke kwaliteit staat bij dit project hoog in het vaandel omdat de Afsluitdijk tot in de verre toekomst een identiteitsbepalend monument zal blijven. Daarom wordt er met de vismigratierivier een iconisch onderdeel aan toegevoegd.</Al>
			<Al>Een voorbeeld van totaal andere schaal is de herbestemming van de zuivelfabriek in Moarre-Ljussens. Het is een project van particulieren die dit met veel enthousiasme hebben gerealiseerd. De gezamenlijke overheden hebben de voorwaarden geschapen om dit financieel mogelijk te maken. Zo kon het project ingepast worden in de Erfgoeddeal K(l)ei-goed waarvoor ook het Rijk middelen beschikbaar stelde. Nota Bene: zuivelfabrieken zijn als specifieke categorie opgenomen op de cultuurhistorische kaart.</Al>
			<Al>Als derde voorbeeld noemen we het met elkaar werken aan kennisvergaring en kennisdeling. Als provincie doen we dat onder meer via de provinciale website. In 2025 is deze site vernieuwd. Gemeenten en deskundigen kunnen nu ook kaarten toevoegen of actualiseren. We zien dat de behoefte aan informatie groot is en dat met name gemeenten hier graag gebruik van maken. Bijvoorbeeld voor landschaps- en dorpsbiografieën. In relatie tot dit laatste vermelden we ook ons eigen initiatief <ExtRef soort="URL" ref="http://www.dorpenatlas.nl">www.dorpenatlas.nl</ExtRef>.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Al>
                                 <b>Beschermen en behouden van waardevolle, kwetsbare kenmerken</b>
                              </Al>
		      <Al>De huidige Omgevingsverordening bevat een basisbescherming voor landschap en cultuurhistorie. In het krachtenveld van alle opgaven blijkt dat sommige identiteitsbepalende onderdelen van het landschap en ons erfgoed kwetsbaar zijn. Om die reden geven we deze ruimtelijke elementen of fenomenen extra aandacht.</Al>
		      <Al>Het gaat dan bijvoorbeeld om:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_63260dae467d4cfa86eae88eaf325080__list_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_4">
			<Li wId="pv21_a02342f4dd104228af78f14d5712d7e1__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Historische dijken als de Âlddyk in de noordelijke kleischil of de Pingjumer Gulden Halsbân;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_183841ac749b43cab78823c1fb15860f__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Van oorsprong natuurlijke waterlopen zoals de Peazens of vergelijkbare geulen en prielen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9275205dd2a64413b1be192bac704bc1__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kenmerkend reliëf zoals de essen in het Friese essenlandschap in Gaasterlân of de Zuidelijke Wouden.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>De uitwerking hiervan volgt in het Omgevingsprogramma Landschap en krijgt zijn verdere beslag in de Omgevingsverordening. Het resultaat kan variëren van bijvoorbeeld directe bescherming op de kaart tot de verplichting om bij veranderingsplannen een landschapsdeskundige in de arm te nemen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Ontwerpende benadering en gebieden</b>
                              </Al>
		      <Al>In Fryslân is de diversiteit aan landschapstypen en de verspreide ligging van bebouwing een belangrijke kwaliteit. Het betekent niet dat alles moet blijven zoals het is. Met een ontwerpende benadering kunnen we onderzoeken op welke wijze een ontwikkeling bijdraagt aan het verhaal van Fryslan. In een gebiedsgerichte aanpak zorgt ontwerpend onderzoek ervoor dat de wensen van gebruikers en belanghebbenden worden meegenomen in dit toekomstige landschap en de nederzettingen. Door ideeën, programma’s en wensen een plek te geven in de buitenruimte, worden de mogelijkheden, beperkingen en nog uit te zoeken vragen duidelijk. De onderzoeksvragen richten zich op hoe het landschap eruit ziet, op welke manier veranderingen zijn vorm te geven, hoe landschappelijke processen kunnen verlopen en welke toegevoegde waarde mogelijk is. Het maakt diverse toekomstbeelden voorstelbaar en draagt bij aan een betekenisvolle ruimte.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Archeologie</b>
                              </Al>
		      <Al>Een bijzondere vorm van bescherming is de archeologie. De provincie heeft haar archeologisch adviesbeleid verwerkt in de FAMKE en verankerd in de omgevingsverordening. FAMKE geeft een gedetailleerd overzicht van de (verwachte) ligging, verspreiding en aard van archeologische waarden in Fryslân, en hoe hiermee om te gaan. Doel is om deze waarden te behouden, liefst zoveel mogelijk in situ. Als andere belangen dat nodig maken, volgen onderzoek, deskundige opgraving en conservatie. We streven naar actualisering en verbetering van de FAMKE-kaarten, waarbij ook de gemeenten een belangrijke rol vervullen. Vaak leidt dat tot verlichting van de onderzoeksopgave.</Al>
		      <Al>Met de provincies Groningen en Drenthe houden we een gezamenlijk depot in stand voor het bergen van archeologische vondsten: het Noordelijk Archeologisch Depot in Nuis. Dit is een wettelijke taak.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Erfgoed</b>
                              </Al>
		      <Al>We zetten ons ook in voor de bescherming van erkend erfgoed. Dit omvat allereerst de prestigieuze Werelderfgoedlocaties (Fryslân heeft er maar liefst 4: de Waddenzee, (een stukje van) De Koloniën van Weldadigheid, het Woudagemaal in Lemmer en het Eise Eisinga Planetarium in Franeker). Daarnaast zijn er de van rijkswege beschermde stads- en dorpsgezichten, landgoederen en monumenten, aan te vullen met de zaken die op provinciaal en gemeentelijk niveau van belang zijn.</Al>
		      <Al>We beschermen dit rode en groene erfgoed op de volgende manieren:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_f53effb4128e45d397fab2e9388f511a__list_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_5">
			<Li wId="pv21_82a64dc5d87a4e5aa86436852dfc522d__list_o_5__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We continueren de aandacht in de Omgevingsverordening voor het werelderfgoedgebied Koloniën van Weldadigheid. Dit is een verplichting op grond van artikel 7.3 en 7.4 van het Besluit kwaliteit leefomgeving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa545e53b9334f088736560764710521__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We zien erop toe dat erfgoedwaarden voldoende aan bod komen bij planvorming van onszelf en van anderen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a33bac617a824d46a3885fcedee595a9__list_o_5__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We stimuleren het gebruik van subsidieregelingen en financieringen via laagrentende leningen voor restauratie, onderhoud en herbestemming van monumenten en andere waardevolle bebouwing.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Op het terrein van erfgoed zijn veel partijen actief die belangrijke bijdragen leveren. We stimuleren de activiteiten van provinciale instellingen voor landschap en erfgoed. Deze instellingen hebben een belangrijke rol in behoud, ontwikkeling, kennis en draagvlak. We ondersteunen een aantal van deze instellingen met een structurele boekjaarsubsidie. Daarnaast ondersteunen we de onderlinge samenwerking van deze instellingen.</Al>
		      <Al>Het <i>Omgevingsprogramma Erf-goed 2025-2028 </i>is reeds vastgesteld. Het Omgevingsprogramma Landschap, waarvoor een startnotitie is behandeld in Provinciale Staten, wordt naar verwachting vastgesteld kort na deze Omgevingsvisie.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema ‘Landschap, erfgoed en identiteit’ raakt aan veel andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Al>Hieronder een weergave van de belangrijkste verbanden.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_737199856dd742259ca8f76538f3c88c__list_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6">
			<Li wId="pv21_342b1ab44d254858bcbedef3b6172039__list_o_6__item_o_1" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Water en bodem: Water en bodem zijn de basis van het Friese landschap. Landschappelijke en cultuurhistorische waarden uit <i>Grutsk op ‘e Romte </i>zijn tegelijk belangrijke aanknopingspunten bij het beantwoorden van de opgaven voor water en bodem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1189c3a5ab764ee0a0dda590266a157a__list_o_6__item_o_2" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur: Natuurgebieden zijn kenmerkende en identiteitsdragende onderdelen van het landschap. Tegelijk draagt het landschap de natuur, bijvoorbeeld doordat het als ecologisch netwerk de uitwisseling van soorten mogelijk maakt. Onderhoud en herstel van landschapselementen, aanleg van groenblauwe dooradering en de bossenstrategie dragen bij aan het versterken van de biodiversiteit. Ook donkerte draagt bij aan natuur;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5aa2973973fb401a8d5cf57fd8c18675__list_o_6__item_o_3" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Agrarische ontwikkelingen hebben invloed op de landschappelijke en cultuurhistorische structuren die genoemd worden in Grutsk op ‘e Romte. Andersom kunnen deze structuren benut worden als aanknopingspunt voor agrarische ontwikkelingen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_88cb2f2eb3fd4111a14ff5198c820da3__list_o_6__item_o_4" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen en leefbaarheid: Nederzettingen (van boerderij-erf tot stad) zijn onderdeel van het landschap. Herbestemming, ruimte-voor-ruimte, en toevoeging van functies op boerenerven geven meer verstedelijking in cultuurlandschap. Ook stads- en dorpsuitbreidingen veranderen het landschap. Tegelijk draagt wonen als herbestemming bij aan het behoud en versterking van erfgoed en landschap. Herbestemming van erfgoed is bovendien goed voor de leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_47535379e94f46828f521db6437f2612__list_o_6__item_o_5" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Infrastructuur doorsnijdt het landschap en vormt het landschap. Tegelijkertijd beïnvloedt het landschap hoe mobiliteit zich ontwikkelt: stedelijke gebieden vragen om andere vervoersoplossingen dan landelijke regio’s;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0d1c50dce10c4f43a6bead5655cd65a5__list_o_6__item_o_6" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: De energietransitie heeft impact op het landschap. Door zorgvuldig te ontwerpen kunnen duurzame energieprojecten, de natuur, cultuurhistorie en leefomgeving versterken, met kansen voor meervoudig grondgebruik;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2bc39d844561481cb93ed23dcfeb09d3__list_o_6__item_o_7" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: De manier waarop we grondstoffen hergebruiken en kringlopen sluiten, heeft invloed op hoe ons landschap eruit ziet en functioneert. Met een circulaire opzet kunnen landbouw, industrie en stedelijke gebieden het landschap duurzamer, veerkrachtiger en aantrekkelijker maken. Een aantrekkelijk landschap en erfgoed dragen bij aan het vestigingsklimaat voor bedrijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5e5448d75bfd4ac4846acf8443c153ee__list_o_6__item_o_8" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: De kwaliteiten van het landschap en het erfgoed zijn trekkers voor de gastvrijheidseconomie. Voorzieningen voor recreatie hebben echter impact op het landschap. De gastvrijheidssector kan kwaliteit aan het landschap toevoegen door erin te investeren en voor goede ontwerpen te zorgen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bc19d6e5db9b46ac9baf59551aae378e__list_o_6__item_o_9" eId="div_B__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving: Landschappelijke beleving verlaagt stress, stimuleert beweging, versterkt sociale verbinding en draagt bij aan herstel en welzijn.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_landschap.pdf?cb=TLTDSjtv">Structuurkaart Landschap </ExtRef>(zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>De diversiteit aan landschapstypen geeft deze kaart weer, inclusief de Nationale Parken en Nationale Landschappen. Enkele pijlen geven aan waar behoud van openheid tussen kernen om landschappelijke redenen van belang is. Het is een kaart op hoofdlijnen. De nadere uitwerking van deze kaart is te vinden in Grutsk op ‘e Romte.</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_friese_waarden.pdf?cb=q8xisGbH">Structuurkaart Friese waarden</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i> Op deze kaart staan enkele voorbeelden van waarden/ kenmerken die de Friese identiteit bepalen; behoud en doorontwikkeling daarvan zijn van belang. We onderkennen hierbij dat de identiteit van Fryslân wordt bepaald door veel aspecten en verschillend beleefd kan worden. Ook verschilt de identiteit per gebied door ruimtelijke kenmerken, culturele tradities, taal, soortenrijkdom, watersysteem, economische accenten en de mensen die er wonen. De kaart pretendeert dus niet compleet te zijn.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_b53ea9ab451c4fd5b81f6b396b7d33a1__div_o_3" eId="div_B__div_2">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>2</Nummer>
		    <Opschrift>Naar een sterke landbouw en natuur in een klimaatbestendig Fryslân</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_b8f334bd4e464877bbefd090ddc5f365__div_o_3__content_o_1" eId="div_B__div_2__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>In Fryslân werken we aan een veerkrachtig en leefbaar platteland door een solide perspectief voor de landbouw te ontwikkelen en door de kwaliteit van onze natuur, bodem en water te verbeteren. Deze integrale aanpak is essentieel om de impasse, die onder meer door de stikstofcrisis is ontstaan, te doorbreken: van stilstand naar vooruitgang.</Al>
		      <Al>Samen met boeren, overheden, ondernemers, natuurorganisaties en bewoners gaan we voor een landelijk gebied waarin perspectief is voor de landbouw, waar niet alleen de natuur en het landschap beschermd wordt en zich herstelt en dat ook klimaatbestendig is. Dit betekent dat alle activiteiten, van landbouw tot recreatie, moeten passen bij wat een gebied kan dragen en versterken. Wat op de klei kan, kan bijvoorbeeld niet altijd op veen of zand. Terwijl de laatste grondsoorten weer mogelijkheden bieden die de kleistrook ontbeert. </Al>
		      <Tussenkop>Perspectief door samenwerking</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw is van vitaal belang voor de economie, de leefbaarheid en het landschap van Fryslân. Veel boeren zijn echter onzeker over de toekomst van hun bedrijf. Door samen te werken met alle partijen die een direct belang hebben bij de agrarische grond, sturen we op een vitale agrarische sector. De kracht van de diversiteit in bedrijfsvoering (boerdiversiteit) is de sleutel tot het aanpakken van de grote opgaven, zoals herstel van de natuur, biodiversiteit, waterkwaliteit en klimaatadaptatie.</Al>
		      <Al>Voor 2050 streven we naar:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_758bceb9d0794254af890a2137786e74__list_o_1" eId="div_B__div_2__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_6c06c3b237e04e62839a928dbdc6c647__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een vitale en krachtige landbouwsector met toekomstperspectief;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_df65c99330ce423eb46da3e31a12f5bd__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een economisch vitaal, leefbaar en ecologisch duurzaam platteland;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_88418faf6c3f4110b60eae0d40cb3504__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een landelijk gebied dat voldoet aan wettelijke doelen voor natuur, milieu, water en klimaat;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0fb6b1a7b8b84abfbfa2d3175d700454__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landgebruik dat redelijkerwijs is aangepast aan de condities van het water- en bodemsysteem.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_e65a2964033b4b03a3156bcf55f16baa__div_o_3__content_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.1</Nummer>
		      <Opschrift>Water, bodem en klimaat</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân is van oudsher verbonden met water. Dit zien we terug in de vele meren, vaarten en kanalen, maar ook in hoe dorpen, steden en het landschap zich ontwikkelden in verbinding met dit water. Met als kloppend hart de Friese boezem: een samenhangend watersysteem dat landschap, natuur, landbouw, recreatie en leefbaarheid onderling verbindt. Inmiddels zorgen klimaatverandering en bodemdaling ervoor dat het waterbeheer en landgebruik onder druk komen te staan. Keuzes zijn nodig om dit unieke samenspel toekomstbestendig te maken. Niet zonder reden zijn water en bodem richtinggevend bij landgebruik en nieuwe ontwikkelingen.</b>
                              </Al>
		      <Al>In de toekomst kunnen we – als gevolg van de klimaatverandering – de aanvoer van voldoende IJsselmeerwater bij droogte niet langer garanderen. Net zo goed zal er vaker sprake zijn van extreem lage grondwaterstanden. We zullen zoveel mogelijk gebiedseigen zoetwater moeten vasthouden. Vooral op de hogere zandgronden die kampen met verdroging van natuur en landbouwgronden. Ook om ecologie in de Waddenzee te behouden is het noodzakelijk dat er zoet water gespuid blijft worden bij Harlingen en Lauwersoog, ook in periode van langdurige droogte. Bij overvloedige neerslag zullen we (tijdelijk) water moeten bergen om wateroverlast te beperken.</Al>
		      <Al>De Waddeneilanden en Waddenkust worden geconfronteerd met zeespiegelstijging en verzilting van oppervlakte- en grondwater. De verzilting wordt versterkt in de steeds vaker voorkomende perioden van droogte. Het veengebied, waar het grondwaterpeil kunstmatig laag wordt gehouden, kampt met veenoxidatie (CO2-uitstoot) en maaivelddaling van circa 1 centimeter jaarlijks. Dit leidt tot schade aan bebouwing/ funderingen, riolering en infrastructuur, verdroging van natuurgebieden en hoge kosten voor het waterbeheer.</Al>
		      <Al>De waterkwaliteit is nog niet overal op orde. In delen van Fryslân worden de normen van de Kaderrichtlijn Water voor 2027 niet gehaald, zowel voor oppervlakte- als grondwater. Zonder extra inspanningen kan dit vanaf 2027 de ontwikkeling van het landelijk gebied gaan beperken. Het kwaliteitstekort wordt onder meer veroorzaakt door te hoge concentraties nutriënten (fosfaat, stikstof) en ongewenste chemische stoffen, zoals PFAS en chemische gewasbeschermingsmiddelen. Dit pakt niet alleen nadelig uit voor de (grond)waterkwaliteit, maar ook voor het drinkwater, de natuur en de bodemkwaliteit. En het vergroot de zuiveringsinspanning voor drinkwater en de risico's van zwemmen in open water.</Al>
		      <Al>Ook de bodemkwaliteit is niet overal op orde. Er zijn nog verontreinigde locaties die gesaneerd moeten worden. Milieuvreemde stoffen, zoals PFAS en chemische gewasbeschermingsmiddelen, komen door uitspoeling en afspoeling in bodem en water terecht. Daarnaast is de bodemvruchtbaarheid gemiddeld afgenomen, vooral door verminderd bodemleven (biotische kwaliteit).</Al>
		      <Al>In 2027 wordt een nieuw <i>Deltabesluit</i> verwacht dat een belangrijk ijkmoment vormt voor het toekomstige water- en bodembeleid. De uitkomsten daarvan verwerken we in het <i>Regionaal Water en Bodemprogramma </i>(RWBP).</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_0e565e2bf7f14c6f84f8a0422ddf9c59__recital_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.1__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 is de Friese leefomgeving klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. Landgebruik heeft zich beter aangepast aan de kenmerken van het water- en bodemsysteem. Er is voldoende schoon zoetwater beschikbaar. Steden en dorpen zijn beschermd tegen wateroverlast en overstromingen. Droogteproblemen en hittestress zijn op een maatschappelijk aanvaardbaar niveau. Alle waterkeringen voldoen aan de veiligheidsnormen. De waterkwaliteit is sterk verbeterd. De maaivelddaling, veenafbraak en CO₂-uitstoot in het veenweidegebied zijn nagenoeg tot stilstand gekomen. De landbouw is hier afgestemd op de nattere omstandigheden. Wat de drinkwatervoorziening betreft zijn nieuwe bronnen veiliggesteld. Ook zijn de Aanvullende Strategische Voorraden aangewezen en beschermd.</Al>
			<Al>Er wordt klimaat-adaptief ontwikkeld, gebouwd en ingericht. Nieuwe woon- en bedrijfslocaties zijn boven het niveau van de Friese boezem aangelegd, met ruimte voor waterpartijen en groen. Ze zijn niet alleen aantrekkelijk om te wonen en werken, maar ook bestand tegen wateroverlast en hitte. Laaggelegen veenpolders en beekdalen bleven gevrijwaard van nieuwe bebouwing. Bij vernieuwbouw en herbestemming van woningen en (agrarische) gebouwen is rekening gehouden met de kans op wateroverlast.</Al>
			<Al>Het grond- en oppervlaktewater en de bodem zijn schoon en gezond. De belasting van chemische stoffen uit verschillende bronnen is minimaal, door terugdringen van chemische gewasbeschermingsmiddelen, industriële lozingen, riooloverstorten en huishoudelijk gebruik van schadelijke middelen. Een rijker bodemleven draagt bij aan vruchtbare landbouwgronden met goede opbrengsten en gezond voedsel.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Met het oog op de huidige en gewenste situatie, staan we de komende decennia voor belangrijke opgaven op het gebied van waterkwaliteit en -beschikbaarheid, bodemkwaliteit en klimaatadaptatie.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Zoetwaterbeschikbaarheid</b>
                              </Al>
		      <Al>Omdat we in de toekomst steeds vaker te maken zullen krijgen met een tekort aan zoetwater uit het IJsselmeer, gaan we zuiniger om met het beschikbare water en zullen we overal, maar vooral op de hogere zandgronden, meer gebiedseigen water moeten vasthouden. De uitdaging is om dit op een even praktische als doelmatige manier te doen, met een goede balans tussen het anticiperen op natte en droge omstandigheden.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Waterkwaliteit</b>
                              </Al>
		      <Al>Zonder extra inspanningen halen we de KRW-doelen in 2027 niet. Met alle gevolgen voor de natuur, de volksgezondheid, drinkwater, zwemwater en mogelijke beperkingen qua economische ontwikkelingen. Hete zomers (verdamping) en hevige buien (uit- en afspoeling) maken het behalen én behouden van een goede ecologische toestand, zoals de KRW voorschrijft, extra uitdagend. Een belangrijke opgave is de aanpak van vervuilingsbronnen, bijvoorbeeld door het terugdringen van (indirecte) lozingen en het tegengaan van de verspreiding van PFAS en de uitspoeling van chemische gewasbeschermingsmiddelen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Drinkwater</b>
                              </Al>
		      <Al>De <i>Drinkwaterstrategie Fryslân</i> geeft aan dat nieuwe drinkwaterwinningen nodig zijn en tegelijkertijd moeilijk realiseerbaar. Daarom is het zeer belangrijk dat we bestaande winningen goed beschermen. Denk daarbij aan striktere bescherming van grondwaterbeschermingsgebieden en het vermijden van risicovolle activiteiten nabij deze bronnen. De 25-jaars beschermingszones worden vergroot naar 100-jarige beschermingszones. Verder geven we invulling aan onze wettelijke verplichting op risicoanalyse en risicobeheer van de drinkwatervoorziening. Dit in de vorm van de Gebiedsdossiers en het Uitvoeringsprogramma Drinkwaterwinningen. Om in de toekomstige vraag naar drinkwater te voorzien is er op termijn behoefte aan nieuwe bronnen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Waterveiligheid</b>
                              </Al>
		      <Al>Volgens rapporten van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) zal de zeespiegelstijging in de komende decennia versnellen. Dit heeft directe gevolgen voor onze kustverdediging en waterveiligheid. Dijken langs de kust moeten dan ook versterkt worden, zodat alle primaire keringen ook in de toekomst aan de veiligheidsnormen voldoen. Omdat zowel de Waddenzee als het IJsselmeer Natura 2000-gebieden zijn, is de uitdaging dijkversterkingen te combineren met binnen- en/of buitendijkse versterking van ecologische waarden. Belangen van de landbouw worden hierbij afgewogen. Bovendien houden we rekening met een mogelijke peilstijging van het IJsselmeer en het vaker optreden van extreme waterstanden. Dit heeft vooral effect op de bestaande functies in de buitendijkse gebieden.</Al>
		      <Al>Het is belangrijk dat we het systeem van polderdijken en boezemkaden binnen ons regionale watersysteem op orde houden. In het veengebied zullen keringen steeds hoger worden en meer ruimte innemen als gevolg van maaivelddaling in de polders.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Wateroverlast</b>
                              </Al>
		      <Al>De uitdaging is om zowel in steden, in dorpen als in het landelijk gebied toe te werken naar een waterrobuuste en klimaatadaptieve inrichting. In de toekomst kan vaker tijdelijke wateroverlast optreden, als gevolg van intensieve buien in de zomer of bij aanhoudende neerslagperioden in de winter.</Al>
		      <Al>Om woongebieden en andere belangrijke functies droog te houden is het van belang, dat deze waterrobuust worden aangelegd. Bij het ophogen van gronden geldt de hoogteligging van de bestaande bebouwing in kernen als maatstaf. Maatwerk in de inrichting kan nodig zijn om te voorkomen dat deze ophoging van gronden bij bebouwing elders tot wateroverlast leidt. Hiermee wordt zowel de kans op wateroverlast beperkt, als de kans op schade die kan ontstaan door overstroming van de polder wanneer een boezemkade zou doorbreken.</Al>
		      <Al>De keuze voor een waterrobuuste inrichting past bij de historische inrichting van Friese dorpen en steden. En sluit aan bij de hedendaagse praktijk waarin water en bodem richtinggevend zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen. In steden en dorpen dienen we in voldoende water- en groenpartijen te voorzien om wateroverlast en hittestress te beperken. Dit geldt ook voor nieuw bebouwd gebied.</Al>
		      <Al>In het landelijk gebied houden we bij inrichting en beheer rekening met situaties waarin tijdelijk meer water op het land blijft staan. Zo ontstaat een robuuster watersysteem dat ook bij extreme neerslag goed functioneert.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Bodem en ondergrond</b>
                              </Al>
		      <Al>Door oxidatie en inklinking van veengronden daalt de bodem in het veengebied jaarlijks zo'n 1 centimeter. Het nagenoeg stoppen van deze ontwikkeling is de komende decennia een belangrijke opgave. Niet alleen vanwege de hoge kosten van het waterbeheer, de verdroging van natuur en de schade aan bebouwing, ondergrondse infrastructuur en wegen, maar ook om de CO2-uitstoot te beperken.</Al>
		      <Al>Ook willen we zorgvuldig omgaan met de bodemkwaliteit. Naast sanering van verontreinigde bodems (spoedlocaties PFAS, asbest etc.) is het zaak nieuwe vervuilingen te voorkomen. Ook het verdichten, verstoren en afdekken van bodems moet beperkt worden. We streven naar vitale, gezonde bodems die we duurzaam kunnen gebruiken voor landbouw, natuur en stedelijke functies. De druk op de ondergrond neemt toe. Onder andere door drinkwaterwinning, geothermie, energieopslag en transport. Om conflicten te voorkomen en synergie te versterken is het belangrijk dat we ondergronds en bovengronds gebruik goed op elkaar afstemmen.</Al>
		      <Al>Samenvattend leidt een en ander richting 2050 tot de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_fc9145936812460ea511b814eb24d8f1__list_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_7fe9551c1ede4fe880eca3edc550294d__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2035 is ongeveer de helft van het water- en bodemsysteem, en van de Friese leefomgeving, klimaatbestendig ingericht en in 2050 de hele provincie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_36fbee9668b745c5b5ed8a3fdd632a82__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De ruimtelijke inrichting en het landgebruik zijn afgestemd op de mogelijkheden van het water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_52e55828d7f0483f99bf65041fcf5841__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2027 wordt voldaan aan de normen voor waterkwaliteit, conform de Europese Kaderrichtlijn Water;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_df6cd7d1f6e44826b5c00458587fe62a__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Uiterlijk in 2050 voldoen de primaire keringen langs het hoofdwatersysteem aan de veiligheidsnormen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a8ccb8e8898a469e81e2df16ddbf7776__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Er is voldoende zoet en schoon water beschikbaar voor de verschillende woon-, werk- en verblijfsfuncties en voor landbouw en natuur;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_88bdd5b71e6249fba3106b728153f6c4__div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De drinkwatervoorziening is geborgd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_45d4809fa0a04fe3884e0246a2ab6b6e__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwe bebouwing wordt gerealiseerd op plekken die qua water en bodem geschikt zijn. Stedelijke ontwikkelingen worden waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. Uitgangspunt bij grootschalige ontwikkelingen is dat alleen boven het niveau van de Friese boezem gebouwd wordt</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f4d6801723624b5796e5d8e98d004845__list_o_1__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wateroverlast en de nadelige gevolgen van hitte en droogte liggen op een aanvaardbaar niveau;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_cff5beaab4ce4bd092d752a783b3507d__div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Spoedlocaties met bodemverontreiniging zijn in 2030 gesaneerd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fc0525af14af4562894d0fdb0cfcbf4c__div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2050 zijn alle verontreinigde bodems gesaneerd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c86a4c545afa4a6892ea53207dcad3dc__list_o_1__item_o_8" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_11">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De bodem is gezond; de fysische, chemische en biologische kwaliteit van de bodem voldoet aan de doelstellingen van de EU-richtlijn bodemmonitoring en bodemveerkracht. Waardevolle bodemelementen, waaronder archeologische vindplaatsen, blijven behouden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a91713942b7f43bb9a88a6101f260d44__list_o_1__item_o_9" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_12">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het aantal zwemlocaties in (schoon) open water is toegenomen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b4ccda6b1e494fc89cf46fb87d5ee3c6__list_o_1__item_o_10" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_13">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2050 zijn de veenafbraak, CO2-uitstoot en de maaivelddaling in het veenweidegebied nagenoeg gestopt, waarbij de kwaliteiten van landschap en natuur zijn verbeterd.. Funderingen worden niet verder aangetast. Ook de leefbaarheid en vitaliteit staan op een hoog peil; de landbouw heeft zich aangepast aan de veranderde omstandigheden en recreatie en toerisme hebben zich verder ontwikkeld; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_88b7876f90ad474dadc34a6a12c17c87__div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_13" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_1__item_o_14">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voor 2030 wordt in het veenweidegebied jaarlijks uitgegaan van gemiddeld 0,2 cm minder maaivelddaling en 0,4 megaton minder uitstoot van CO2-equivalenten (kanttekening hierbij: door een nieuwe rekenmethodiek kan dit wijzigen); de negatieve effecten van maaivelddaling worden beperkt en gecompenseerd. De landbouw heeft hierbij een duurzaam ontwikkelperspectief, en het watersysteem is waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. </Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om een antwoord te geven op de veelheid aan opgaven – en daarbij onze doelen te realiseren – zetten we in Fryslân breed in op verschillende, onderling sterk samenhangende sporen. Bij het maken van keuzes in ontwikkelingsrichtingen is het water- en bodemsysteem richtinggevend.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Waterbeschikbaarheid</b>
                              </Al>
		      <Al>Om de beschikbaarheid van zoet water te bestendigen, investeren we komende jaren in diverse maatregelen. Voldoende aanbod van oppervlaktewater is afhankelijk van de inrichting en het beheer van het landelijke hoofdwatersysteem. Vooral de beschikbaarheid van IJsselmeerwater in droge perioden is voor ons belangrijk. Omdat we dit in de toekomst niet altijd kunnen garanderen, moeten we meer gebiedseigen water vasthouden. En accepteren dat er in perioden van langdurige droogte niet altijd doorgespoeld en/of beregend kan worden.</Al>
		      <Al>Maatregelen als peilverhoging en ondiepere sloten zijn nodig om voldoende water in de bodem vast te houden; deze zijn te combineren met bestaand grondgebruik. Zo voorkomen we dat grondwaterstanden in de zomer te diep uitzakken, waardoor landbouw en natuur schade ondervinden. Vooral op de zandgronden is dit belangrijk. Hier liggen kansen in de combinatie met groenblauwe dooradering. De landbouwsector kan met eigen wateropslag, adequaat bodemmanagement en de teelt van bepaalde rassen en gewassen minder kwetsbaar worden voor droogteperioden. Door meer zoetwater vast te houden en te laten infiltreren, onder meer in de beekdalen, kunnen we ook de grondwatervoorraden op peil houden. Deze grondwatervoorraden zijn onder meer van belang voor de winning van drinkwater (zie hierna). Het vasthouden van gebiedseigen water en het herstellen van de sponswerking van stroomgebieden (beekdalen) zijn ook belangrijk om zo lang mogelijk een basisafvoer richting Waddenzee te behouden.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Wateroverschot</b>
                              </Al>
		      <Al>Bij een wateroverschot gaan we uit van de volgorde vasthouden, bergen en afvoeren van water. Hiervoor is meer ruimte nodig. Het is wenselijk de Friese boezem uit te breiden met zo’n 1.500 hectare, zoveel mogelijk gecombineerd met andere functies (zoals woningbouw). Ook zijn er waterbergingspolders nodig die, bij aanhoudend hoge waterstanden, de boezem (tijdelijk) ontlasten. Dat kan op zowel natuur- als landbouwgronden plaatsvinden. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor lokale piekwaterberging in steden en dorpen.</Al>
		      <Al>Om voldoende water te kunnen afvoeren, zijn tussen 2035 één of twee nieuwe zeegemalen nodig. Harlingen en Lauwersoog zijn hiervoor in beeld. Als we onvoldoende boezemwater kunnen afvoeren, komen laaggelegen gronden onder water te staan. Deze gronden houden we dan ook zoveel mogelijk vrij van bebouwing en kwetsbare functies. Ook om (nieuwe) inrichtingsmaatregelen te voorkomen. Gemeenten stemmen hun ruimtelijk beleid hierop af. Waterrobuust bouwen is de norm. Bij herontwikkeling en (ver)nieuwbouw dienen we dus rekening te houden met het risico van hogere waterstanden.</Al>
		      <Al>Om (nieuwe) inrichtingsmaatregelen te voorkomen realiseren we daarom nieuwe ontwikkelingen op plekken die passen bij het water- en bodemsysteem. Daar hoort bij dat we in de laagste delen van de verschillende gebieden het waterbergend vermogen op peil houden. Dit is maatwerk en vergt locatieafwegingen en inrichtingskeuzes op gebiedsniveau. Gemeenten stemmen hun ruimtelijk beleid hierop af. Waterrobuust en klimaatrobuust bouwen is de norm. Bij herontwikkeling en (ver)nieuwbouw dienen we dus rekening te houden met het risico van hogere waterstanden. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Waterveiligheid</b>
                              </Al>
		      <Al>We hebben ruimte gereserveerd voor toekomstige versterking van de primaire waterkeringen langs de Waddenzee en het IJsselmeerkust; deze reserveringszones zijn opgenomen in de Omgevingsverordening. De keuze voor binnen- of buitendijkse versterking is maatwerk, waarbij de voorkeur uitgaat naar buitendijks en afhankelijk van natuurwaarden, bebouwing, de productiewaarde van landbouwgronden, landschap en erfgoed.</Al>
		      <Al>We geven invulling aan het begrip meerlaagse veiligheid door waterrobuust te bouwen. Op deze manier zijn we voorbereid op noodsituaties. Voor vitale en kwetsbare functies is borging extra van belang. De Waddeneilanden verdienen speciale aandacht. Schuilmogelijkheden kunnen nodig zijn, omdat evacuatie bij een dreiging van een dijkdoorbraak moeilijk kan zijn. Ook gas- en zoutwinning mogen niet leiden tot veiligheidsrisico's.</Al>
		      <Al>Bij nieuwe ontwikkelingen rond water, groen en infrastructuur voorzien we in de nodige waterberging. Op die manier voorkomen we schade, bijvoorbeeld aan woon- en bedrijfspanden, bij extreme neerslag. Gemeenten gaan de verstening van publieke en private ruimte tegen, met specifieke aandacht voor terreinen met een publieke/maatschappelijke functie. Door ook in het landelijk gebied op voldoende hoogte te bouwen, voorkomen we bij extreme buien – of bij een noodzakelijke maalstop – schade aan bebouwing. Kortdurende wateroverlast op landbouwgrond zal in de toekomst vaker voorkomen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Waterkwaliteit</b>
                              </Al>
		      <Al>Om de waterkwaliteit in Fryslân te verbeteren, zetten we in op maatregelen aan de bron. Denk aan het verminderen van de uitstoot en uitspoeling van nutriënten, chemische gewasbeschermingsmiddelen en andere verontreinigingen naar sloten en meren. Maar ook het voorkomen/beperken van de lozing van vervuilende stoffen via het riool (indirecte lozing).</Al>
		      <Al>Door actualisatie van lozingsvergunningen, aanscherping van regelgeving en het voeren van bewustwordingscampagnes werken we aan een structurele vermindering van schadelijke stoffen in het milieu. We stimuleren agrariërs en bedrijven om preventieve maatregelen te treffen, bijvoorbeeld met bufferstroken langs watergangen, een emissiearme bedrijfsvoering en de aanleg van natuurvriendelijke oevers. Op plekken met bestaande verontreiniging (bodem- en sedimentverontreiniging), blijven we saneren en herstellen. In het RWBP werken we de maatregelen voor waterkwaliteit uit.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Duurzaam bodemgebruik en bodembeheer</b>
                              </Al>
		      <Al>De bodem vormt letterlijk het fundament voor een schone, gezonde en natuurrijke leefomgeving. Naast het verbeteren van kwaliteit en structuur van de bodem, gaat het om het voorkomen van ongewenste activiteiten in bodem en ondergrond (bronmaatregelen). Voor de afstemming tussen ingrepen in de (diepe) ondergrond, ook in relatie tot bovengronds gebruik, maken we op programmaniveau een afwegingskader. Dit kader passen we onder meer toe in onze adviezen inzake de Mijnbouwwet. We zien mogelijkheden voor ondergrondse opslag van stoffen ten behoeve van duurzame energievoorziening.</Al>
		      <Al>De volgende activiteiten in de ondergrond vinden we ongewenst:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_30a24ef903994e038d700b710bb95679__list_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_2">
			<Li wId="pv21_0726566dd5d9427b843bda5800a1ae76__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ondergrondse opslag van schadelijke afvalstoffen, zoals radioactief en chemisch afval;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f94ab06224c14059898009d7dec625dc__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De winning van gas- en zout onder land. Wanneer het Rijk dit toch toestaat, moet aantasting van het watersysteem worden voorkomen en moeten effecten op veiligheid worden weggenomen of gecompenseerd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e39e26b796c748629bb28edbed5aa1eb__div_B__div_2__content_2.1__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ondergrondse opslag van CO2, vanwege de mogelijkheid van calamiteiten bovengronds;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_724e4bb547de4a789bcc29551673eccc__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fracking van de ondergrond met gebruikmaking van schadelijke stiffen.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>We stimuleren duurzaam bodembeheer en duurzaam bodemgebruik, zodat water en voedingsstoffen beter worden vastgehouden en de bodemstructuur verbetert. Dit wordt onderdeel van het Regionaal Water- en bodemprogramma. Gemeenten zijn sinds enkele jaren wettelijk verantwoordelijk voor alle bodemsaneringen. Als provincie saneren we de laatste spoedlocaties bodemverontreiniging waarvoor we wettelijk nog verantwoordelijk zijn. We houden in de komende jaren de vinger aan de pols als het gaat om de gevolgen van zoutwinning in de Waddenzee.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Multifunctionele ontgrondingen</b>
                              </Al>
		      <Al>Bij ontgrondingen voor de winning van oppervlaktedelfstoffen (zand, grind, klei), gaan we uit van multifunctionaliteit. Naast de winning zelf worden ook andere doelen gediend, zoals natuurontwikkeling, waterberging en recreatie. Als het even kan wordt zandwinning gecombineerd met het op diepte houden van meren. Dit geldt zowel voor de uitbreiding van bestaande ontgrondingen als voor nieuwe ontgrondingen.</Al>
		      <Al>Deze koppeling sluit aan bij het principe ‘koppelen en verbinden als uitdaging’ en is van meerwaarde voor de omgeving. Ook moet een voorgenomen ontgronding passen bij de kwaliteiten en omstandigheden van een gebied, waaronder landschap en archeologie. Het maatschappelijk belang van de winning van een hoeveelheid oppervlaktedelfstoffen, wordt afgewogen tegen andere belangen in het gebied, zoals landbouw, landschap, natuur, woon- en leefmilieu. Bij alle ontgrondingen wordt de Omgevingsverordening in acht genomen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Opgaven koppelen en verbinden</b>
                              </Al>
		      <Al>We zoeken actief naar kansen om water-, bodem- en klimaatmaatregelen met andere opgaven te combineren. Kunnen we bij de dijkversterkingen bijvoorbeeld gelijk meer doen voor de natuur, het recreatief medegebruik, de landbouw en de cultuurhistorische waarden in het gebied? En bij omvangrijke ruimtelijke initiatieven (nieuwe woonwijken, infrastructuur) dienen we bijvoorbeeld klimaatadaptatie integraal mee te nemen in zowel het ontwerp als de uitvoering. Deze meervoudige benadering leidt tot efficiënt ruimtegebruik en draagt bij aan meerdere opgaven en doelen tegelijk.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Meervoudige opgaven</b>
                              </Al>
		      <Al>In Fryslân spelen meervoudige opgaven, zoals in de Visie genoemd en ook in de thema’s Landbouw en Natuur uitgewerkt. Vanuit water, bodem en klimaat gaat het om de volgende gebieden:</Al>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>Veenweidegebieden</b>
                                 </i>
                              </Al>
		      <Al>In veengebieden beperken we de veenoxidatie en maaivelddaling en verbeteren we het water- en bodemsysteem. Met het <i>Veenweideprogramma </i>en in gebiedsprocessen geven we hier invulling aan; in de Gebiedsgerichte Verdieping gaan we hier nader op in. We streven naar een grondwaterstand van gemiddeld 40 centimeter onder het maaiveld. In de Omgevingsverordening worden instructieregels voor peilbesluiten opgenomen, zodat de randvoorwaarden voor het peilbeheer in het veenweidegebied duidelijk zijn.</Al>
		      <Al>Wanneer dat vanwege bijvoorbeeld de hoge kosten van waterbeheer of de bescherming van infrastructuur en woningen wenselijk is, onderzoeken we of, waar en wanneer het Veenweideprogramma zich ook kan richten op het stoppen van maaivelddaling (zoals dit in De Hege Warren gebeurd is). We bieden waar mogelijk ruimte voor initiatieven van onderop die een hoger waterpeil nastreven. Ook stimuleren we natte teelten bij hogere waterstanden en ondersteunen we pilots voor bijvoorbeeld de teelt van riet, lisdodde of andere biobased grondstoffen. We gebruiken onze strategische grondvoorraad om gronden aan te kopen of te ruilen. We kijken daarbij naar de gewenste landbouwstructuur en gebiedsopgaven. De laagste gronden in het veenweidegebied kunnen zich ontwikkelen tot moerasnatuur of natte landbouw. Daarmee zijn zowel de klimaatadaptatie als het herstel van biodiversiteit gediend.</Al>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>Natura 2000-gebieden</b>
                                 </i>
                              </Al>
		      <Al>Rondom kwetsbare en verdroogde Natura 2000-gebieden – zoals hoogveen, heide en bossen op zand – zijn maatregelen nodig voor onder meer het reduceren van stikstof en hydrologie ten behoeve van natuurherstel. Dat kan bijvoorbeeld door het hanteren van hogere waterpeilen rondom deze gebieden. Maar ook door ontwateringssloten en -greppels aan te passen. Of door de drainage van landbouwpercelen en grondwateronttrekkingen te beperken. Hierdoor heeft de natuur minder last van ontwatering en dragen deze gebieden bij aan het beter vasthouden van water.</Al>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>Beekdalen</b>
                                 </i>
                              </Al>
		      <Al>Historisch gezien konden de Friese boezem en beekdalen periodiek overstromen. Dit natuurlijke overloopvermogen is grotendeels verdwenen. Door water in de beekdalen meer ruimte te geven sluiten we weer aan bij dat oorspronkelijke systeem en werken we aan de wettelijke opgaven voor water, klimaat en natuur.</Al>
		      <Al>Het herstel van de beekdalen in vooral Zuidoost-Fryslân is een belangrijk aandachtspunt. Beken zoals de Linde, de Tsjonger en het Koningsdiep krijgen meer ruimte om te meanderen en zo nu en dan buiten hun oevers te treden. We passen herstelmaatregelen – als het verhogen van waterpeilen – toe zodat de beekdalen weer functioneren als overstromingsvlaktes. Waar mogelijk brengen we oude beekmeanders terug.</Al>
		      <Al>Door deze beekdalen, gecombineerd met natuurontwikkeling, fasegewijs te vernatten en de afvoer te vertragen houden we het water langer vast. Ook kan water beter infiltreren om de grondwatervoorraad op peil te houden. En de waterkwaliteit verbetert erdoor. <br/>De bodem werkt als een spons die zowel verdroging in de zomer als piekafvoer in de winter dempt. Daarmee blijft het beekveen behouden en gaan we verdroging van zowel de natuur als de landbouwgronden tegen. Behoud van beekveen en vochtige natuur is belangrijk. Het vergroot de waterbergingscapaciteit en is van grote ecologische waarde. We zoeken naar passende gebiedsprocessen voor de drie beekdalen. Deze worden gericht op beekherstel, natuurontwikkeling (nieuwe moeras- en overstromingsgebieden) en landbouwkundige aanpassingen (bijvoorbeeld richting extensiever gebruik in de beekzone), in nauwe samenwerking met de waterschappen, buurprovincies, agrariërs en natuurbeheerders.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Grondwaterbeschermingsgebieden en toekomstige grondwatervoorraden</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Op de zandgronden liggen ook belangrijke drinkwaterbronnen, zoals de infiltratiegebieden bij Appelscha en Oosterwolde. In grondwaterbeschermingsgebieden staan we geen vervuilende activiteiten toe. Risicovolle activiteiten in de ondergrond – denk aan mijnbouw en warmte-koude opslag – blijven op veilige afstand van drinkwaterbronnen. Om een veilige drinkwatervoorziening in de toekomst veilig te stellen, scherpen we de bescherming van de grondwaterbeschermingsgebieden aan in de Omgevingsverordening.</Al>
		      <Al>Door toenemende drinkwatervraag, en verzilting van bestaande drinkwaterbronnen, zijn nieuwe drinkwaterbronnen in de toekomst noodzakelijk. De gebieden waar deze toekomstige drinkwaterbronnen liggen, moeten we nu al vastleggen. De zoekgebieden voor deze zogenaamde Aanvullende Strategische Voorraden zijn bekend. We beschermen deze grondwatervoorraden en leggen ze vast in de Omgevingsverordening. De best mogelijke locatie voor drinkwaterwinning binnen de zoekgebieden wordt op een later moment vastgesteld. Andere bronnen voor drinkwater dan zoet grondwater en nieuwe winmethoden blijven in beeld, waarbij duurzaamheid en financiële en technische haalbaarheid bepalend zijn voor inzet.</Al>
		      <Al>We stimuleren waterbesparing en innovaties die (drink)watergebruik verminderen, bijvoorbeeld door hergebruik van regenwater en waterrecycling. We werken de besparingsmaatregelen uit in het <i>Regionaal Water en Bodem Programma</i> (RWBP). <br/>De drinkwatervraag op de Waddeneilanden mag niet stijgen. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten dan ook samengaan met waterbesparende maatregelen elders.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema ‘Water, bodem en klimaat’ raakt aan veel andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte van Fryslân.</Al>
		      <Al>Hieronder een opsomming van de belangrijkste verbanden:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_3941892d5261411daf679552cedc1028__list_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3">
			<Li wId="pv21_c14e3f820f594fd2bfae71d76ec8c688__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap: Water- en klimaatmaatregelen kunnen bijdragen aan de kwaliteit van het landschap. Nieuwe ingrepen zoeken aansluiting bij historische elementen zoals dijken, terpen en oude waterlopen. Dijkversterkingen worden landschappelijk ingepast, met respect voor cultuurhistorie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bbe1aaf173a848e4b556f0e704576b6f__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur en landbouw: Water en bodem vormen de basis voor duurzame landbouw en veerkrachtige natuur. Aanpassingen in natuur en landbouw zijn nodig om het water- en bodemsysteem voor te bereiden op klimaatverandering (water vasthouden en water bergen);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_321d0b8e2559497aaa4494932f6c4620__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Bij alle woningbouw in dorpen en steden is klimaatbestendigheid cruciaal. Wonen vraagt om groene klimaatadaptieve wijken en een veilige leefomgeving zonder overstromingsrisico’s;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bcf8e432911449bab383304eee4be4e2__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Infrastructuur: Wegen en spoorwegen moeten bestand zijn tegen droogte, wateroverlast en calamiteiten. Bij aanleg en beheer van infrastructuur op slappe veenbodems vraagt de draagkracht van de bodem aandacht. Tegelijk is klimaatadaptatie moeilijk voorstelbaar zonder infrastructuur, denk aan dijken, kanalen en rioleringen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5ac2151bb12d4d4985538925303dfaeb__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: De uitdaging is om energieopwekking zo in te passen dat deze niet alleen de uitstoot van CO₂ reduceert, maar ook de bodemvruchtbaarheid, waterveiligheid en klimaatbestendigheid versterkt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_62bc81d2ce014c3eb589ccedd483f23b__list_o_3__item_o_6" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Bestaande en nieuwe bedrijventerreinen worden klimaatbestendig ingericht, met meer ruimte voor water. Kostbare en kwetsbare economische functies worden niet in de laagste delen gesitueerd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_476ca85fb79741738b217612f72f0c8e__list_o_3__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Omgevingskwaliteit: We zien aanpassingen in het watersysteem niet alleen als technische ingrepen, maar ook als ontwerpopgaven waarin esthetiek, beleving en gebruikswaarde gezamenlijk meewegen. Elke ingreep is een kans om de omgevingskwaliteit te vergroten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d8930094014844b6b2ce9b62c8eea219__list_o_3__item_o_8" eId="div_B__div_2__content_2.1__list_o_3__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde leefomgeving: De natuurlijke systemen van water en bodem beïnvloeden onze fysieke en mentale gezondheid en vormen de basis voor een gezonde leefomgeving. Hittestress en wateroverlast zetten deze basis onder druk. In steden en dorpen zorgen wadi’s en groene waterpleinen niet alleen voor wateropvang, maar vergroten ze ook de aantrekkelijkheid van het straatbeeld en de leefomgeving.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_klimaat.pdf?cb=aGb7IK5S">Structuurkaart Klimaat</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>De kaart Klimaat laat de belangrijkste onderdelen zien van het Friese watersysteem en onze drinkwatervoorziening. Het gaat dan om de waterlopen, de beekdalen en de grotere gemalen en sluizen. Door klimaatverandering zullen we moeten anticiperen op een aantal situaties zoals verzilting (kleigebieden), verdroging (vooral in de zandgebieden) en voldoende zoet water. Door bij nieuwe ontwikkelingen goed te bedenken waar we ontwikkelen en hoe we dat doen, kunnen we (toekomstige) problemen voorkomen.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_47c6afd19f404267bc7456c53829257c__div_o_3__content_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.2</Nummer>
		      <Opschrift>Landbouw</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân hecht aan een toekomst waarin landbouw een volwaardige functie blijft. We willen een provincie zijn waar boeren ontwikkelruimte hebben en waar de maatschappelijke betekenis van landbouw wordt gewaardeerd en beloond. Dat past bij de overtuiging dat Fryslân, met haar rijke landbouwtraditie, boerdiversiteit en sterke ketens, dé landbouwprovincie van Nederland is en blijft. In Fryslân is landbouw geen sector op afstand, maar een stevig ingebed onderdeel van de samenleving.</b>
                              </Al>
		      <Al>De landbouw is een van de belangrijkste economische pijlers van Fryslân. Boerenbedrijven, zuivel- en akkerbouwketens, loonwerkers en kennisinstellingen vormen samen een sterke regionale economie met een grote bijdrage aan werkgelegenheid en brede welvaart.</Al>
		      <Al>De Friese landbouw levert ook een belangrijke bijdrage aan de voedselzekerheid. Met vruchtbare bodems, kennisintensieve bedrijven, sterke ketens en relatief stabiele waterbeschikbaarheid is Fryslân een van de regio’s waar ook in de toekomst betrouwbaar en hoogwaardig voedsel kan worden geproduceerd. In een tijd van klimaatverandering, geopolitieke spanningen en onvoorspelbare internationale handel is deze regionale voedselbasis van strategisch belang.</Al>
		      <Al>De sterke agrarische sector heeft vanouds zijn stempel gedrukt op het landschap. Het Friese landschap is grotendeels agrarisch cultuurlandschap: van de open kleigebieden tot de besloten zandgebieden. Dit landschap, inclusief de boerenerven die er deel van uitmaken, is niet alleen economisch van waarde, maar ook sociaal en cultuurhistorisch. Boeren beheren het grootste deel van het landelijk gebied en leveren daarmee onmisbare bijdragen aan waterbeheer, bodemkwaliteit, biodiversiteit, landschapsbehoud en recreatieve kwaliteit. Deze groenblauwe diensten – van houtwalonderhoud tot slootbeheer en weidevogelmaatregelen – zijn al generaties lang onderdeel van het Friese vakmanschap. Steeds meer worden ze ook erkend als maatschappelijk waardevol en als bron van inkomsten voor boeren.</Al>
		      <Al>De Friese landbouw- en agrofoodsector is een weerspiegeling van de diversiteit aan landschappen en sociaaleconomische omstandigheden in Fryslân. Gezond, veilig en duurzaam geproduceerd voedsel staat centraal voor de Friese landbouw. </Al>
		      <Al>Hiermee wordt gezorgd voor voedselzekerheid, een leefbaar platteland, een vitale economie en een rijk landschap. Iedere landbouwer heeft een duidelijk ontwikkelperspectief en willen investeren in de toekomst van hun bedrijf. Boeren staan aan het roer van hun eigen bedrijf. </Al>
		      <Al>De landbouw is verweven met maatschappelijke opgaven en marktsectoren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan agrarisch natuur en landschapsbeheer, biobased teelten voor bijvoorbeeld de woningbouw, energieproductie of agrarische kinderopvang. Hiermee is de landbouw multifunctioneel en behouden we boerdiversiteit die produceert vanuit een gezonde balans tussen agrarische economie, natuur, landschap, klimaat en gezondheid.</Al>
		      <Al>Gemeenschappelijk is dat landbouwbedrijven kwalitatieve groei laten zien: slimmer, efficiënter, duurzamer en met meer waarde voor de omgeving. Dit kan zijn voor hoogwaardige producten met gebiedswaarden die onder andere lokaal worden afgezet of exportproducten in grotere volumes voor de (inter)nationaal. </Al>
		      <Al>Fryslân werkt gebiedsgericht, zonder blauwdrukken. Elk gebied vindt oplossingen die passen bij de bodem, het water, de landbouwstructuur, de biodiversiteit en de samenleving. Boeren zijn medeontwerpers van het Friese landschap. Resultaten komen tot stand door vakmanschap, samenwerking en wederzijds begrip. Banden tussen boeren en hun omgeving zijn versterkt met duurzame oplossingen voor de landbouw en de regio. Zo ontstaat er een toekomst waarin landbouw en leefomgeving elkaar versterken. </Al>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>De Friese landbouw staat voor een aantal samenhangende opgaven. Regelgeving rond mest, stikstof, waterkwaliteit en dierwaardigheid stelt eisen aan bedrijfsvoering en vergt investeringen. Schommelende marktprijzen, hogere kosten, stijgende grondvraag, onzekerheid over toekomstig beleid en maatschappelijke verwachtingen maken het voor ondernemers soms lastig om lange termijn beslissingen te nemen. Dit alles biedt kansen, maar vraagt ook aanpassingen. Wij zien de landbouw als sector die oplossingen biedt voor de opgaven waar we voor staan – voor voedsel, landschap, natuur én leefbaarheid. Daarom zet de provincie in op ontwikkelruimte voor de landbouw, benutten van boerdiversiteit en innovatiekracht, en aansluiting bij de kenmerken van het Friese platteland.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Verdienvermogen en perspectief</b>
                              </Al>
		      <Al>Een sterk en stabiel verdienvermogen is de basis voor een toekomstbestendige en boerdiverse landbouwsector. Dat geldt des te meer voor Fryslân, waar veel familiebedrijven al generaties lang het landschap en de economie vormgeven. De uitdaging is om kansen toegankelijk en rendabel te maken voor uiteenlopende bedrijfstypen. Een gezonde financiële basis is een voorwaarde voor investeringen in duurzaamheid, innovatie en opvolging. Het versterken van het verdienvermogen is daarmee niet alleen een economische opgave, maar ook een sociaal-maatschappelijke: het gaat om de leefbaarheid van het landelijk gebied, de continuïteit van ketens en het behoud van agrarisch vakmanschap voor volgende generaties.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Goed, veilig en voldoende voedsel</b>
                              </Al>
		      <Al>Wereldwijde ontwikkelingen maken voedselzekerheid steeds belangrijker. Fryslân heeft hierin een strategische positie. Vruchtbare bodems, kennisrijke ketens, relatief goede waterbeschikbaarheid en een sterke landbouwtraditie maken de provincie tot een betrouwbare voedselproducent. De uitdaging is om deze positie te blijven benutten met zo weinig mogelijk impact op natuur, water en leefomgeving. Een robuuste landbouwsector is essentieel voor een stabiele en veilige voedselvoorziening. Dat vraagt om investeringsruimte, innovatie en aandacht voor bodem- en waterkwaliteit.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Bodem, water en klimaatverandering</b>
                              </Al>
		      <Al>Het Friese landbouwsysteem staat direct in verbinding met water en bodem. Klimaatverandering zet dit systeem onder druk: langere droge perioden, intensievere buien, toenemende verzilting en veranderingen in grondwaterstanden beïnvloeden de bedrijfsvoering. Regionale verschillen tussen Wadden, klei, veen en zand vragen een gebiedsgerichte aanpak. De uitdaging is om in elk gebied een balans te vinden tussen landbouwproductie, water- en bodembeheer, natuurwaarden en klimaatadaptatie. Boeren leveren een cruciale bijdrage aan deze balans. Door hun landbeheer vormen zij immers de basis voor het functioneren van het watersysteem.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Ruimte en ruimtelijke duidelijkheid</b>
                              </Al>
		      <Al>De druk op de ruimte neemt toe: woningbouw, recreatie, natuurherstel, energie, wateropgaven en infrastructuur vragen allemaal om plek. In deze context is duidelijkheid voor de landbouw van groot belang. Bedrijven moeten voor hun bedrijfsvoering weten waar ze aan toe zijn. Zonder ruimtelijke zekerheid nemen investeringsbereidheid en opvolging af. Daarom werkt Fryslân aan een landbouwhoofdstructuur: een kader dat duidelijk aangeeft waar landbouwproductie leidend blijft en waar combinaties met andere opgaven mogelijk zijn. De uitdaging ligt in het vinden van een evenwicht tussen flexibiliteit en zekerheid, zonder belemmeringen op te werpen voor noodzakelijke maatschappelijke ontwikkelingen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Biodiversiteit en landschapskwaliteit</b>
                              </Al>
		      <Al>Het Friese agrarische landschap kan bogen op waardevolle biodiversiteit. Het herbergt boerenlandvogels, zoogdieren, bestuivers, graslandvlinders en slootflora en -fauna. Toch staat deze biodiversiteit al jaren onder druk. De uitdaging is om biodiversiteit te versterken op een manier die realistisch is voor de landbouwpraktijk. En om die biodiversiteit gunstig te laten werken voor de landbouw (functionele agrobiodiversiteit). Boeren zijn al decennialang actief met beheermaatregelen, waarbij agrarische collectieven een cruciale rol spelen. Dat vraagt om evenwicht tussen productie en beheer, en om maatregelen die passen bij het gebied. Biodiversiteitsherstel in Fryslân is niet alleen een ecologische opgave, maar ook een landschapsopgave. Het in stand houden en versterken van landschapsstructuren draagt bij aan biodiversiteit, cultuurhistorie, recreatieve waarde en identiteit. Boeren spelen hierin een sleutelrol.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Maatschappelijke druk</b>
                              </Al>
		      <Al>De landbouw staat enerzijds midden in de samenleving en ervaart anderzijds maatschappelijke druk. Discussies over stikstof, mest, klimaat, biodiversiteit of dierwaardigheid raken ondernemers en gezinnen. Toch is het juist in Fryslân vanzelfsprekend dat boeren, inwoners, organisaties en overheden samen optrekken: de door alle partijen gewaardeerde ‘Friese aanpak’. De uitdaging is om dat sociale fundament te benutten. Door te werken met agrarische collectieven, gebiedscoöperaties, dorpen en ketens ontstaan draagvlak en uitvoeringskracht. Dit vraagt ook om wederzijds vertrouwen, betrouwbare informatie, voorspelbare communicatie en aandacht voor de menselijke kant en maat van verandering.</Al>
		      <Al>Alles bij elkaar genomen, leiden deze opgaven tot twee hoofddoelen voor 2050:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_1077fda3e0b34b5b83784cdc99510818__list_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_b1758518d21743099d52efe024791cdb__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een diverse en toekomstbestendige landbouw, die bijdraagt aan brede welvaart, voedselzekerheid en andere – wettelijke – opgaven in het landelijk gebied;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0e6c4bcb958940daa87088d23953b4d0__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De agrarische bedrijfsvoering en het landbouwkundig gebruik zijn afgestemd op de natuurlijke omstandigheden van gebieden (boerdiversiteit). </Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Oplossingsrichtingen</Tussenkop>
		      <Al>Door te investeren in innovatie, ketenontwikkeling, circulariteit en nieuwe markten, werkt Fryslân aan een toekomstbestendige landbouw die ruimte biedt aan ondernemers, aansluit bij de gebiedsopgaven en waarde creëert voor boeren, bedrijven en de mienskip.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Landbouwhoofdstructuur</b>
                              </Al>
		      <Al>Ruimtelijke duidelijkheid is één van de belangrijkste voorwaarden voor toekomstbestendig ondernemerschap. Boeren moeten weten waar welke (meervoudige) opgaven spelen, waar de landbouw als primaire functie wordt erkend en waar investeringen logisch zijn. De landbouwhoofdstructuur biedt dat fundament.</Al>
		      <Al>In Fryslân kiezen we voor een landbouwhoofdstructuur waarin alle huidige landbouwgronden een plek hebben. De structuur voorkomt dat landbouw te pas en te onpas ‘overal een beetje’ moet wijken, en bevestigt dat landbouw in Fryslân een volwaardige en blijvende functie is. De provincie kiest voor een benadering waarin boerdiversiteit de ruimte krijgt: de ondernemer bepaalt zijn of haar eigen richting, rekening houdend met de omstandigheden en opgaven in het gebied. De provincie ondersteunt dit met heldere gebiedsdoelen en haar instrumentarium, waaronder actief grondbeleid.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Afwegingskader</b>
                              </Al>
		      <Al>De landbouw heeft belang bij ruimte, investeringszekerheid en eerlijke afweging. Voor de provincie betekent dit helder communiceren, keuzes goed onderbouwen en gebiedsgericht werken. Daarom ontwikkelen we, samen met het Rijk en in afstemming met het Wetterskip en gemeenten, een afwegingskader voor landbouwgronden; op programmaniveau vullen we dit in. <br/>Hiermee willen we bewerkstelligen dat het publieke belang van landbouw/voedselvoorziening wordt afgewogen tegen de voorgenomen functiewijziging. Bij een voorgenomen onttrekking van landbouwgrond voor een andere functie (bijvoorbeeld woningbouw) wordt het maatschappelijk belang daarvan dus nadrukkelijker afgewogen tegen het belang van behoud van de landbouwgrond. Deze afweging is maatwerk, afhankelijk van omstandigheden als de kwaliteit en ligging van de grond, en van beschikbare alternatieven. Het afwegingskader werkt dus niet belemmerend, maar zorgt voor een gelijkwaardige afweging van belangen. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Meervoudige opgaven</b>
                              </Al>
		      <Al>Binnen de landbouwhoofdstructuur spelen meervoudige opgaven: rond Natura 2000-gebieden, in grondwaterbeschermingsgebieden en beekdalen, en in het veenweidegebied. Hier werken we gebiedsgericht aan de wettelijke opgaven voor natuur, water en klimaat. Dat brengt bijzondere aandacht met zich mee voor maatregelen als stikstofreductie, hydrologie, groenblauwe dooradering en het beperken van het gebruik van pesticiden (vanuit het voorzorgsbeginsel). Met gericht grond- en subsidiebeleid (bijvoorbeeld ANLb en het werken met KPI’s) rond deze meervoudige opgaven kunnen we de landbouwstructuur verbeteren.</Al>
		      <Al>De werkwijze vanuit de landbouwhoofdstructuur en de meervoudige opgaven biedt een stabiel ruimtelijk kader dat ondernemers houvast geeft om te investeren en door te ontwikkelen. Deze duidelijkheid helpt niet alleen boeren, maar ook andere partijen. Gemeenten weten hierdoor beter waarmee ze rekening moeten houden bij bijvoorbeeld woningbouw en recreatie. Ook kan Wetterskip Fryslân investeringen afstemmen op agrarische structuren. Daarnaast ontstaat voor financiers, zoals banken, meer zekerheid over de ontwikkelruimte van bedrijven. Daardoor kunnen zij ondernemers beter ondersteunen bij investeringen die passen bij de opgaven en het gebied.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Gebiedsgericht werken met lokale logica</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân werkt gebiedsgericht, omdat de verschillen tussen Wadden, klei, veen en zand groot zijn. De gebiedsgerichte aanpak draait om het vinden van oplossingen die passen bij de lokale gesteldheid van bodem, water, landbouwstructuur, natuurwaarden en de samenleving. 'Niet alles kan overal' (Remkes, 2022). Boeren worden daarbij niet gezien als uitvoerders, maar als mede-ontwerpers van het landschap.</Al>
		      <Al>Dit is zichtbaar in de verschillende gebieden van Fryslân en ook op het agrarische erf. Innovaties en nieuwe functies krijgen steeds vaker een plek op het agrarische bouwperceel en leveren een bijdrage aan maatschappelijke opgaven. Zo kan mestvergisting (afhankelijk van toekomstige ontwikkeling van het mestaanbod) bijdragen aan het terugdringen van stikstof- en broeikasuitstoot en het opwekken van groene energie. Zulke ontwikkelingen vragen extra ruimte, net als bevordering van dierenwaardigheid of alternatieve verdienmodellen zoals kamperen bij de boer. Daarom willen we maatwerk toestaan bij de uitbreiding van agrarische bouwpercelen. De inhoudelijke en procesvoorwaarden werken we nader uit in de Omgevingsverordening.</Al>
		      <Al>In gebiedsprocessen worden afspraken gemaakt over waterbeheer, landschap, biodiversiteit en landbouwontwikkeling. Deze afspraken zijn gebaseerd op lokaal vakmanschap en gebiedslogica. Het gaat om trajecten met een lange tijdsspanne: gezamenlijke planvorming op basis van heldere gebieds- en bedrijfsdoelen, meerjarig beheer, monitoring, etc. Grondeigenaren, collectieven, landbouw- en natuurorganisaties, dorpen en overheden vormen de kern van deze aanpak. Zij kennen het gebied en kunnen draagvlak organiseren. Door deze gebiedsgerichte samenwerking ontstaat een uitvoeringspraktijk die realistisch is, gedragen wordt en bijdraagt aan ruimtelijke kwaliteit en agrarisch perspectief.</Al>
		      <Al>We gaan en hoeven niet overal tegelijk aan de slag. Urgent zijn de meervoudige opgaven. Voor het veengebied zijn we al aan het werk via het <i>Veenweideprogramma</i>. Daarnaast hebben de Zuidelijke Wouden (Zuidoost-Fryslân) prioriteit vanwege de noodzaak om de stikstofdepositie in kwetsbare natuurgebieden te verlagen en daarmee uit het vergunningenslot te komen. Om die reden merken we dit gebied aan als uitnodigingszone landelijk gebied (zie begrippenlijst in de Bijlagen) en onderzoeken we de mogelijkheid om voor de Zuidelijke Wouden een programma te starten dat vergelijkbaar is met het <i>Veenweideprogramma</i>.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Agrofood, innovatie, nieuwe teelten en kringlopen</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân heeft een sterke agrofoodsector met een kennisbasis die zich kan meten met de beste in Europa. De combinatie van agrarisch vakmanschap, verwerkende industrie, hoogwaardige onderwijs- en kennisinstellingen en een cultuur van samenwerking vormt een sterke motor voor vernieuwing. Hiermee kunnen we de landbouw economisch vitaal houden en tegelijk duurzaam ontwikkelen.</Al>
		      <Al>De opgaven van deze tijd bieden ook economische kansen. De groeiende vraag naar biobased materialen en regionale eiwitten maakt nieuwe teelten en ketens interessant voor Fryslân. Vlas, hennep, riet en andere vezelgewassen sluiten goed aan bij de biobased bouwsector, terwijl eiwitteelten bijdragen aan de eiwittransitie, bodemkwaliteit en teeltdiversiteit. Ook combinaties met nattere omstandigheden (peilverhoging) zijn mogelijk. Door producten regionaal te verwerken, kunnen onderscheidende Friese producten worden ontwikkeld en ontstaat meerwaarde in de keten. Zulke gewassen kunnen wel gevolgen hebben voor het landschapsbeeld; op programmaniveau zullen we daar aandacht aan besteden.<br/>We vinden het wel gewenst dat hoogwaardige landbouwgronden vooral beschikbaar blijven voor voedselproductie. Bij de inzet van subsidies en andere stimuleringsmaatregelen sturen we daarop.</Al>
		      <Al>Bij innovaties staat in Fryslân het versterken van kringlopen – van bodemvruchtbaarheid en ruwvoerbenutting tot mest- en mineralenstromen – voorop. Dat streven naar circulariteit vormt het fundament onder verdere verduurzaming. Innovaties die daarop aansluiten dragen bij aan lagere emissies, volhoudbare bedrijfsvoering en een beter rendement. Denk aan gebruik van renure, evenwichtsbemesting en precisielandbouw. Zo kunnen veranderingen meerdere doelen tegelijk dienen. Ook precisie- en datatechnologie, water-, kunstmest- en chemische stoffen besparende technologieën en automatisering/ robotisering, dragen bij aan een toekomstbestendige, rendabele landbouw.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Groenblauwe diensten en agrarisch natuurbeheer</b>
                              </Al>
		      <Al>In Fryslân zetten we groenblauwe dooradering (GBDA) in als maatregel, omdat een fijnmazig netwerk van landschapselementen essentieel is voor biodiversiteitsherstel, waterkwaliteit en landschappelijke kwaliteit. Daarnaast draagt het bij aan de levering van essentiële ecosysteem diensten zoals bestuiving en natuurlijke plaagregulatie voor de landbouw. Boeren vervullen hierin een sleutelrol als landschapsbeheerders. Het behoud, herstel en de uitbreiding van houtwallen, elzensingels, heggen, hagen, overhoekjes, ecologisch beheerde bermen en sloten en kruidenrijke akkerranden dragen bij aan de herkenbaarheid van het Friese landschap en biodiversiteitsherstel. Friese medeoverheden nemen verantwoordelijkheid door publiek eigendom van bermen, oevers en watergangen ecologisch te beheren. Daar werken we al aan in gezamenlijkheid. </Al>
		      <Al>We streven naar 10% GBDA over het hele areaal van Fryslân in 2050 (aansluitend op de Friese Bomen- en Bossenstrategie en het Aanvalsplan Landschapselementen Deltaplan Biodiversiteitsherstel) waarbij het specifieke percentage per gebied kan verschillen.</Al>
		      <Al>Fryslân kiest ervoor om groenblauwe diensten een plek te geven in het verdienmodel. Samen met het Rijk werken we aan samenhang tussen het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB, met eco-regelingen en ANLb) en provinciale regelingen. Naar verwachting zal het areaal agrarisch natuurbeheer de komende jaren fors toenemen door verruiming van het landelijke ANLb-budget; we streven in dat kader naar langjarige vergoedingen. Meervoudige opgaven en belangrijke vogelgebieden hebben daarbij prioriteit. Boeren hoeven dit niet alleen te organiseren: BoerenNatuur Fryslân speelt hierin een belangrijke rol als verbinder en uitvoerder. </Al>
		      <Al>Agrarisch natuurbeheer is voor Fryslân niet alleen een ecologisch instrument, maar ook een manier om het landschap aantrekkelijk en leefbaar te houden voor bewoners en bezoekers. Door hun bijdrage aan het beheer van natuur en landschap versterken boeren de identiteit en kwaliteit van Fryslân. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Beroepsvisserij </b>
                              </Al>
		      <Al>De beroepsvisserij hoort bij Fryslân. Het Waddengebied, het IJsselmeer, Lauwersmeer en Harlingen zijn economische schakels in de kust- en zeevisserij. We ondersteunen de sector in haar transitie naar een duurzame toekomst, in balans met natuurherstel, waterkwaliteit en klimaatadaptatie.</Al>
		      <Al>De binnenvisserij is niet alleen economisch van belang, maar ook belangrijk vanwege haar bijdrage aan streekproducten, bestrijding van invasieve exoten, waterkwaliteit en cultuurhistorische evenementen. De Friese boezem vormt de ruggengraat van de binnenvisserij en is ook aantrekkelijk voor vele sportvissers. Omdat ze tevens de snelweg vormt voor vele vissoorten die binnenlands migreren, of gebruikmaken van zoetzout-overgangen, zijn vismigratievoorzieningen cruciaal. Deze voorzieningen leveren dus een belangrijke bijdrage aan de visstand, waar zowel visserij als biodiversiteit van profiteren.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Glastuinbouw</b>
                              </Al>
		      <Al>In de provincie Fryslân is glastuinbouw geen grote groeisector. Het areaal is beperkt. We kiezen voor behoud en optimalisatie van bestaande glastuinbouwlocaties, in plaats van nieuwe locaties. Nieuwe vestigingen zijn alleen mogelijk binnen bestaande bestemmingen en met een goede landschappelijke inpassing. Uitbreiding van een bestaand glastuinbouwbedrijf is maatwerk en moet passen bij de schaal van het bedrijf. Verplaatsing naar een bestaande glastuinbouwlocatie geniet daarbij de voorkeur.</Al>
		      <Al>Verduurzaming van de glastuinbouw is wenselijk; in plaats van energie gebruiken, kunnen kassen energieneutraal worden of zelfs energie leveren. </Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw staat in verband met veel andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Al>Hieronder noemen we de voornaamste.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_ea55b8434106462e9df00994248b92bf__list_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_e61c8d4db42b4f5c83264e98df1b8d90__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Veilige en gezonde leefomgeving: Een schone en toekomstbestendige landbouw draagt bij aan schoon water, gezonde bodems, biodiversiteit en gezond voedsel;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_58f046304c1e4f59b1249ccb9f68f81b__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap: Landbouw vormt het landschap, en omgekeerd bepaalt het landschap de mogelijkheden voor de landbouw. Samen zijn ze ecologisch, historisch en cultureel met elkaar verweven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8e89741b5173484d868105205c07594d__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur: Landbouwvormen met relatief veel uitstoot van schadelijke stoffen en bodemingrepen kunnen biodiversiteit onder druk zetten. Andere landbouwvormen kunnen de biodiversiteit versterken en daar zelf van profiteren (agrobiodiversiteit);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1f7f3d7d6feb4684923e9ecd956ccc33__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Landbouw en wonen zijn historisch en ruimtelijk verweven. Het agrarische cultuurlandschap vormt een prettige woonomgeving; hinder kan daar ook afbreuk aan doen. Hergebruik van voormalige boerderijen is een kans voor wonen en behoud van agrarisch erfgoed, onder voorwaarde dat dit geen beperkingen voor de landbouw oplevert;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b4f5205d29434301819e69ed0c5f1002__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Landbouw heeft infrastructuur nodig voor transport en bereikbaarheid. Grote landbouwvoertuigen belasten (plattelands)wegen en kunnen de verkeersveiligheid bedreigen. Drones in de landbouw worden gebruikt voor precisielandbouw; ze helpen boeren kosten te verlagen en verspilling milieubelasting te beperken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_862e7b8625c44f9393a68c0b1cdf8d6c__list_o_2__item_o_6" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Landbouw vormt al eeuwenlang de economische ruggengraat van Fryslân en is belangrijk voor de werkgelegenheid, export en regionale identiteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_37122d88f8044f4aa280fe7f35bf8162__list_o_2__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.2__list_o_2__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: De landbouwsector beheert het landschap en de producten die toerisme en horeca aantrekkelijk maken. De gastvrijheidseconomie biedt de landbouw kansen om zich te verbreden.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_landbouw_en_natuur_0.pdf?cb=hDCBCMD">Structuur</ExtRef>
                                    </b>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_landbouw_en_natuur_0.pdf?cb=hDCBCMD">kaart landbouw en natuur</ExtRef> </b>(zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>Deze kaart geeft inzicht in de landbouwhoofdstructuur, waarin alle huidige landbouwgronden een plek hebben. Op deze gronden krijgt boerdiversiteit de ruimte , rekening houdend met de omstandigheden en opgaven in een gebied. Overal zorgen we voor een basiskwaliteit natuur en landschap. De meervoudige opgaven in het veenweidegebied, de beekdalen, rondom Natura 2000 gebieden en de drinkwaterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden zijn met rasters aangegeven. Twee gebieden zijn aangeduid met een contour: het veenweidegebied waar we al aan de slag zijn met het Veenweideprogramma, en Zuidoost Fryslân waar de opgaven vanuit natuur, landbouw en water urgent zijn.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_542ca7df7e1948fdb1269aac7a1ec639__div_o_3__content_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.3</Nummer>
		      <Opschrift>Natuur</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân kent een grote rijkdom aan landschappen en natuurtypen die samen een herkenbare en gewaardeerde provincie vormen. De open kleigebieden, de dynamische Wadden, de meren en vaarten, de veenmoerassen, het coulissenlandschap van de Wâlden en de veenweidegebieden vormen een mozaïek waarin natuur, landschap en cultuurhistorie nauw met elkaar zijn verweven. Deze landschappen zijn door eeuwen van menselijk gebruik gevormd, hebben grote ecologische waarde en zijn een leefgebied voor veel soorten planten en dieren. Ze bieden rust, ruimte en unieke kenmerken die bepalend zijn voor de beleving van Fryslân.</b>
                              </Al>
		      <Al>In deze landschappen liggen belangrijke natuurkernen, zoals het Friese deel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de Natura 2000-gebieden, nationale parken en de Waddenzee met een internationale UNESCO-status. Deze gebieden zijn van cruciaal belang voor bijvoorbeeld broedvogels, trekvogels, zoet- en brakwaternatuur. Bovendien vinden we er zeer kwetsbare habitattypen. De weidevogelgraslanden maken Fryslân daarnaast tot een provincie van internationale betekenis voor soorten als grutto, kievit en tureluur. De Friese meren en boezem spelen een sleutelrol in onze waterhuishouding en bieden leefgebied voor tal van vis- en vogelsoorten.</Al>
		      <Al>Een groot deel van de biodiversiteit vinden we (ook) buiten de formele natuurgebieden: in bermen, sloten, houtwallen, erfbeplanting, dijken, weilanden en akkers en het groen in en rondom dorpen en steden. Deze structuren vormen de dooradering van het landschap en verbinden natuurgebieden met elkaar. Ze bieden dieren ruimte om te schuilen, te foerageren en zich voort te planten. Het is de dagelijkse natuur die bewoners zien en ervaren, en die kenmerkend is voor zowel het ecologische als het landschappelijke karakter van Fryslân.</Al>
		      <Tussenkop>Natuur onder druk</Tussenkop>
		      <Al>De soortenrijkdom en natuurkwaliteit staan echter onder druk. Dit ondanks alle inspanningen, zoals het verbeteren van het Natuurnetwerk Nederland en het Programma Natuur van de Rijksoverheid. Zo voldoet de waterkwaliteit nog niet overal aan de normen van de Kaderrichtlijn Water en beperkt de hoge stikstofdepositie de ecologische veerkracht van gevoelige natuurtypen. Klimaatverandering zorgt bovendien voor een veranderende hydrologie en bodemverdroging.</Al>
		      <Al>Ook neemt de ruimtedruk toe: woningbouw, infrastructuur, landbouw, energie en recreatie vragen steeds meer van de beperkt beschikbare ruimte in de provincie. We moeten natuurwaarden dan ook afwegen tegen de waarde van andere maatschappelijke doelen en belangen. En deze zoveel mogelijk combineren met andere functies.</Al>
		      <Al>Het huidige vergunningenslot rondom stikstof maakt duidelijk dat natuurkwaliteit een voorwaarde is voor ruimtelijke ontwikkelingen. Door te hoge stikstofbelasting, en onvoldoende geborgd natuurherstel, is de provincie beperkt in het afgeven van natuurvergunningen. Dit raakt de landbouw, de woningbouw, de energietransitie, de infrastructuur en het bedrijfsleven. Natuurherstel is daarmee niet alleen ecologisch, maar ook maatschappelijk en economisch noodzakelijk. Fryslân zal hiervoor samen met het Rijk een stap extra moeten zetten.</Al>
		      <Al>Een veerkrachtige natuur, met een rijke biodiversiteit, is bovendien een randvoorwaarde voor een gezonde en leefbare toekomst voor iedereen. Natuur is belangrijk voor onze gezondheid, woon- en leefkwaliteit. Groene en waterrijke omgevingen bieden ontspanning, verkoeling en ruimte voor recreatie. Rust, stilte en duisternis – kwaliteiten van Fryslân – worden schaarser en daarmee waardevoller. Er is in veel gebieden een sterk draagvlak voor natuur, landschap en biodiversiteit, mede dankzij agrarische collectieven, dorpsinitiatieven en vele vrijwilligers.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_724cbed68ad74be18ab691128e6b7c6a__recital_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 beschikt Fryslân over een vitaal en toekomstbestendig natuurnetwerk zonder onderbrekingen. Binnen en buiten natuurgebieden zijn de doelen uit de Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR) behaald en de biodiversiteit is hersteld. Het Friese deel van Natuurnetwerk Nederland (NNN) is gerealiseerd en functioneert als de ruggengraat van de Friese natuur, met daarbinnen gezonde bronpopulaties. Het natuurbeheer van het NNN en de Natura 2000-gebieden is duurzaam geborgd. Ecosystemen functioneren en natuurherstelmaatregelen zijn niet of nauwelijks meer nodig.</Al>
			<Al>Natuur speelt niet alleen een rol in beschermde gebieden. Ook daarbuiten zijn de bodem- en waterkwaliteit en de biodiversiteit op orde. De omgeving is natuurinclusief ingericht, met bloemrijke bermen, groene verbindingen in het landschap en groen- en waterstructuren in dorpen en steden. Het gaat goed met onze algemene soorten. Fryslân is hierdoor klimaatbestendiger, leefbaarder en aantrekkelijker. Bij ontwikkelingen houden we standaard rekening met de werking van ecosystemen en van de soorten die hierin voorkomen. Natuurwaarden wegen mee in de beoordeling of ruimtelijke functies op de juiste plek liggen.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>De natuuropgave van Fryslân is omvangrijk en nauw verweven met veel andere maatschappelijke thema’s. In de periode tot 2050 richten we ons op herstel, behoud en duurzame verankering van natuur binnen een uitvoerbaar kader. Hieronder duiden we de voornaamste opgaven aan.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Europese en landelijke verplichtingen</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân werkt aan de uitvoering van de Europese Natuurherstelverordening, de Vogel- en Habitatrichtlijn, de Kaderrichtlijn Water (ecologische waterkwaliteit) en het Natuurpact met het Rijk. Deze kaders vragen om herstel van natuurkwaliteit, verbetering van leefgebieden, versterking van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en het voorkomen van verslechtering in Natura 2000-gebieden. Deze verplichtingen zijn richtinggevend voor de Omgevingsvisie. Een groot deel van de soorten, habitattypen en vogels bevinden zich niet in een gunstige staat van instandhouding. Dit geldt ook voor onze boerenlandvogels en bestuivers.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Vergunningverlening en stikstof</b>
                              </Al>
		      <Al>Door hoge stikstofdepositie en onvoldoende geborgde herstelmaatregelen is het moeilijk om natuurvergunningen te verlenen. Dit belemmert het bedrijfsleven in het algemeen en de landbouw, woning-, utiliteits- en wegenbouw in het bijzonder. Ecologisch herstel en juridisch houdbare maatregelen voor stikstofreductie zijn noodzakelijk om voortgang en investeringen weer mogelijk te maken.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Afronding en kwaliteitsversterking van Natuurnetwerk Nederland</b>
                              </Al>
		      <Al>Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is de ruggengraat van de Friese natuur en de voorraadkast van de Friese biodiversiteit. Daarom heeft een tijdige afronding van het Friese deel van het NNN prioriteit. Tegelijkertijd werken we via Grip op Kwaliteit met natuurbeheerders aan het versterken van de ecologische kwaliteit binnen bestaande natuurgebieden. Ook verbeteren we samen met Wetterskip Fryslân de ecologische waterkwaliteit, in lijn met de doelen van de Kaderrichtlijn Water.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Basiskwaliteit natuur en landschap buiten beschermde natuurgebieden</b>
                              </Al>
		      <Al>Buiten de aangewezen natuurgebieden zorgen we voor een basisniveau van natuur- en landschapskwaliteit. Dat betekent: ruimte voor biodiversiteit in het agrarisch gebied, in de dorpen en de steden. Als de landschappelijke en milieucondities voor algemene soorten, ook buiten de natuurgebieden, op orde zijn dan ondersteunt dat de beschermde natuur en draagt dit bij aan voldoende habitat voor soorten van belang voor de landbouw, zoals natuurlijke vijanden die jagen op plaaginsecten.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Boerenlandvogels</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân heeft een internationale verantwoordelijkheid voor boerenlandvogels. In de Nota Weidevogels 2021-2030 is als ambitie opgenomen de neerwaartse spiraal van veel weidevogelsoorten om te buigen in een opwaartse trend van zo’n 30% ten opzichte van 2021. Voor de gidssoort grutto streven we naar minimaal tienduizend broedparen in 2030. We werken onder meer via het Aanvalsplan Grutto aan de doelen. Ook andere boerenlandvogels zoals akkervogels en broedvogels van het agrarische cultuurlandschap verdienen onze aandacht.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Inzet van groenblauwe dooradering</b>
                              </Al>
		      <Al>We werken aan hoogwaardige groenblauwe dooradering (GBDA) van het landelijk gebied. De verbinding en versterking van leefgebieden die hiermee gestalte krijgt, draagt bij aan de basiskwaliteit van natuur en landschap en komt tegemoet aan de VHR-doelen. We hanteren daarbij de definities en criteria van het Aanvalsplan Landschap. Het huidige areaal en kwaliteit van GBDA leggen we vast en monitoren we, zodat we dit beter kunnen beschermen.</Al>
		      <Al>Een groot deel van de biodiversiteit bevindt zich in het agrarisch gebied en dit wordt ondersteund door GBDA. Er liggen kansen voor aanleg en beheer van houtwallen, singels, agroforestry, grasland- en akkerranden, sloten, oevers, dijken en bermen. De uitdaging is om natuurmaatregelen goed te integreren in de bedrijfsvoering en langdurige financiering te borgen. Collectieven spelen hierin een cruciale rol.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Soortenbeleid</b>
                              </Al>
		      <Al>Zowel het Rijk als de provincies hebben beleid voor algemeen of schaars voorkomende soorten of soortengroepen. Hiervoor zijn beleids-, beheer- of beschermingsplannen opgesteld.</Al>
		      <Al>Het soortenbeleid van de provincie Fryslân bestaat uit de volgende onderdelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_538f5341f61545e5b04cdb44b84841f1__list_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_5dafd63333d84f7bb53be0cbff6a2b7f__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Actief soortenbeleid: gericht op de bescherming van soorten die onder druk staan, met als doel behoud en herstel;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5a41bc0d9a864d57a2e819f4fe62d8ac__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Aanpak van invasieve exoten: gericht op de bestrijding van invasieve soorten die hier van nature niet voorkomen en een bedreiging vormen voor de inheemse biodiversiteit, waarbij ook belangen zoals economie en volksgezondheid worden meegewogen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_55b7805bfa06497589fa01367622450a__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Faunabeleid: gericht op het bestrijden van overlast en schade, en het verstrekken van tegemoetkomingen bij faunaschade.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <b>Nationale Parken</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân telt vier Nationale Parken: de Alde Feanen, Schiermonnikoog, het Lauwersmeer (samen met de provincie Groningen) en het Drents-Friese Wold (samen met de provincie Drenthe). De Nationale Parken werken aan het nationale Beleidsprogramma Nationale Parken 2024-2030. Rijk en provincies helpen de Nationale Parken bij het realiseren van de opgaven uit het beleidsprogramma. Belangrijk is dat ze hun kernkwaliteiten behouden en versterken. Meer synergie tussen park en omgeving draagt bovendien bij aan de regionale economie en leefbaarheid.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Friese Bomen- en Bossenstrategie</b>
                              </Al>
		      <Al>Met de uitvoering van de in 2022 vastgestelde Friese Bomen- en Bossenstrategie draagt de provincie Fryslân bij aan de opname van CO2. Dit in lijn met de klimaatopgave, zoals vastgelegd in het Klimaatakkoord. Ook het herstel van biodiversiteit en landschap is hiermee gediend. De strategie draait om uitbreiding en revitalisering van bos, houtige landschapselementen, natte natuur en het ontwikkelen van agroforestry en voedselbossen. Belangrijk is ook gebruik en bescherming van inheems plantmateriaal. De uitvoering van de strategie omvat tevens de inzet van de maatregel groenblauwe dooradering van het landelijk gebied.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Monitoring, transparantie en vertrouwen</b>
                              </Al>
		      <Al>Door resultaten te volgen en te rapporteren, kunnen we beleid (tijdig) bijstellen en ontstaat er vertrouwen in de voortgang. Op deze manier blijft natuurherstel, -beheer en -uitbreiding een lerend proces, niet een eenmalige uitvoering.</Al>
		      <Al>Op basis van deze opgaven formuleren we het volgende algemene doel:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_bbef67b6146649369b72725600c7d6b8__list_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_2">
			<Li wId="pv21_6a6d5d6095644d18b5f64b3a25d9b183__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2050 is de biodiversiteit in Fryslân hersteld en is de natuur zodanig veerkrachtig en weerbaar dat soorten en habitats niet meer worden bedreigd.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Daarnaast zien we de volgende specifieke doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d93ba472409b48f6a20b816de8ec570e__list_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_3">
			<Li wId="pv21_eead359ec44a46ce8ac075402852dbc0__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zo spoedig mogelijk ombuigen van de neerwaartse trend van de biodiversiteit naar een opwaartse trend, met bijzondere aandacht voor zeldzame en beschermde soorten die een sterke binding hebben met Fryslân. In lijn met de Agenda Herstel Biodiversiteit Fryslân;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8a97d52999dc4defa852848be2b6a7df__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We brengen de condities op orde die nodig zijn om de Friese natuur en de VHR doelen weer in gunstige staat van instandhouding te brengen. Dit doen we door zowel binnen als buiten Natura 2000-gebieden de drukfactoren te verlagen die voor verslechtering zorgen, waaronder stikstofdepositie. Daarmee leveren we een evenredige bijdrage aan de landelijke doelen (voor stikstof: in 2030 is 50% van het areaal stikgevoelige Natura 2000-gebieden niet meer overbelast; in 2035 is dat 74%);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_28a9be11576b49a49d5aaed41b4f856c__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ombuigen van de neerwaartse trend van veel weidevogelsoorten in een toename van ca. 30% t.o.v. 2021, om te komen tot duurzame weidevogelpopulaties. Specifiek voor de gidssoort grutto streven we naar minimaal tienduizend broedparen in 2030;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b63909d330eb44778073cf38985912ea__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een einde maken aan de achteruitgang van bestuivende insecten. In 2030 dient dat het geval te zijn.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Oplossingsrichtingen</Tussenkop>
		      <Al>Bij het realiseren van een veerkrachtige natuur met een rijke biodiversiteit is ecosysteemherstel ons uitgangspunt. Dit sluit aan bij de Europese Natuurherstelverordening en is nodig om van het vergunningenslot af te komen. De aanpak is gericht op uitvoerbaarheid, samenwerking en lange termijn. Daarbij kiezen we voor een Friese, realistische en gebiedsgerichte invulling van Europese en nationale doelen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Maximale inzet op bestaande afspraken</b>
                              </Al>
		      <Al>We zetten maximaal in op de uitvoering van de bestaande afspraken, zoals het afronden van het Friese deel van het NNN en de Natura 2000-doelstellingen. Via beheerplannen werkt de provincie samen met beheerders en andere belanghebbenden aan de doelstellingen zoals opgenomen in de aanwijzingsbesluiten. De uitvoering van natuurherstelmaatregelen vindt plaats via het Programma Natuur (fase 2) en het<i> Maatregelpakket Natuur</i>.</Al>
		      <Al>Afspraken met de andere provincies en het Rijk worden geactualiseerd. Bijvoorbeeld het Natuurpact, inclusief de afspraken over fauna- en exotenbeheer, monitoring, natuurbrandbeheersing toezicht en eventuele handhaving.</Al>
		      <Al>Bijzondere aandacht is er voor het Waddengebied en het IJsselmeer, waar het Rijk het bevoegd gezag is. Hier spelen namelijk naast de natuuropgaven ook complexe vraagstukken rondom waterveiligheid, grondstofwinning, energie en defensie. Deze vragen om een integrale aanpak met daarin een belangrijke rol voor de provincie Fryslân.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Natuur en biodiversiteit versterken in de hele provincie Fryslân</b>
                              </Al>
		      <Al>Een goede basiskwaliteit natuur en landschap (BKNL) is een set condities (milieu- en landschappelijke condities) die algemene soorten nodig hebben om algemeen te kunnen blijven. In een Omgevingsprogramma of in gebiedsplannen werken we concreet uit hoe we de BKNL borgen. Een belangrijk onderdeel hiervan is de inzet van groenblauwe dooradering. <br/>Natuurgebieden buiten het NNN (zie structuurkaart landbouw en natuur) dragen bij aan de samenhang tussen natuurgebieden en landschappelijke kwaliteit; deze hebben nu meestal een bestemming natuur, groen/ bos of water. De begrenzing en functie van deze gebieden kunnen worden aangepast indien dit nodig is voor andere maatschappelijke belangen zoals woningbouw, mits de totale omvang niet afneemt en de samenhang blijft bestaan.</Al>
		      <Al>In het landelijk gebied bevinden zich belangrijke vogelgebieden en leefgebieden van beschermde soorten. Denk aan weide- en akkervogelgebieden, gebieden waar vogels overwinteren en leefgebieden van vissen, libellen en otters. Weidevogelgebieden vereisen voldoende openheid en rust. In de Omgevingsverordening regelen we dat noodzakelijke ruimtelijke ingrepen die - na afweging van belangen – genoemde rust en openheid in weidevogelgebieden aantasten door de initiatiefnemer worden gecompenseerd. Hetzij kwalitatief, kwantitatief of financieel.</Al>
		      <Al>De aanwezigheid van vogels van de Europese Vogelrichtlijn, zoals grutto en smient, roerdomp en bruine kiekendief, vraagt om een integrale aanpak en een goede samenwerking met het Rijk. Ook is het behoud van vrijwilligheid gewenst voor realisatie van het doelbereik.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Gebiedsgerichte uitvoering in de gebieden met meervoudige opgaven</b>
                              </Al>
		      <Al>Waar er sprake is van meervoudige opgaven (zoals genoemd in deel Visie) zijn extra inspanningen nodig om doelen voor natuur, landbouw en klimaat te kunnen realiseren. Waar nodig ondersteund met gebiedsplannen met concrete doelen, maatregelen en verantwoordelijkheden. </Al>
		      <Al>Vanuit de natuuropgaven gaat de aandacht vooral uit naar de Natura 2000-gebieden en de beekdalen. Rondom de Natura 2000-gebieden ligt de prioriteit bij het verminderen van stikstofuitstoot en verdroging om de natuurdoelen in het Natura 2000-gebied te kunnen halen. We ondersteunen grondgebruikers hierbij met ons grondinstrumentarium en middelen voor agrarisch natuurbeheer, groenblauwe dooradering, innovatie, KPI-sturing door agrariërs, water- en bodemmaatregelen. </Al>
		      <Al>In de beekdalen koppelen we herstel van een meer natuurlijk watersysteem aan verbetering van natuur. In verschillende gebiedsplannen zijn we hier al met boeren, terreinbeheerders, Wetterskip Fryslân, gemeenten en inwoners mee bezig. </Al>
		      <Al>Ook in het veenweidegebied zien we kansen om maatregelen voor het verminderen van veenoxidatie en maaivelddaling te combineren met verhoging van natuurwaarden. Door inzet van maatwerk verzilveren we lokale kansen. </Al>
		      <Al>We besteden, waar sprake is van meervoudige opgaven, extra aandacht aan het vroegtijdig behalen van een kwalitatief hoogwaardige groenblauwe dooradering.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Stikstofaanpak</b>
                              </Al>
		      <Al>In Fryslân kiezen we voor een samenhangende stikstofaanpak om van het vergunningenslot te komen. Hierbij is geborgd natuurherstel het sleutelwoord. We kijken naast stikstof en de kritische depositiewaarden ook naar andere drukfactoren, zoals hydrologie. Vanuit deze brede insteek beoordelen we of vrijgekomen stikstofruimte nodig is om verslechtering van de natuur in Natura 2000-gebieden te voorkomen (additionaliteitsvereiste). </Al>
		      <Al>We hanteren in Fryslân een generieke en een gebiedsgerichte aanpak. Generiek gaat om maatregelen voor heel Fryslân. De gebiedsgerichte aanpak concentreert zich met name in de Zuidelijke Wouden/ Zuidoost Fryslân. Hier willen wij met betrokken partijen aan de slag om oplossingen te vinden voor de meervoudige opgaven rondom Natura 2000-gebieden.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Agenda Natuurinclusief</b>
                              </Al>
		      <Al>Met het vaststellen van de Agenda Herstel Biodiversiteit Friesland in 2021, is afgesproken om de neerwaartse trend van de biodiversiteit om te buigen naar een opwaartse. Met daarbij extra aandacht voor zeldzame en beschermde soorten die een sterke binding hebben met Fryslân. Tot en met 2025 is aan deze agenda gewerkt via een herstelprogramma biodiversiteit. Vanaf 2026 wordt aansluiting gezocht bij de nationale beweging voor een natuurinclusieve samenleving (Collectief Natuurinclusief en Agenda Natuurinclusief).</Al>
		      <Al>
                                 <b>Actieve soortenbescherming</b>
                              </Al>
		      <Al>We ontwikkelen beleid voor actieve soortenbescherming, zodat zeldzame en beschermde soorten duurzaam stand houden en zich kunnen uitbreiden. Hiermee voert de provincie haar wettelijke taak beter uit.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Ruimtelijke ingrepen en natuurcompensatie</b>
                              </Al>
		      <Al>Ruimtelijke ingrepen in het NNN voor andere functies dan natuur, zijn alleen mogelijk als hiervoor geen ruimte buiten het NNN te vinden is. En er moet sprake zijn van een openbaar belang dat opweegt tegen het natuurbelang. </Al>
		      <Al>Bij noodzakelijke ruimtelijke ingrepen in het NNN, of ontwikkelingen die aanzienlijke nadelige gevolgen hebben voor het NNN, wordt in fysieke in plaats van financiële compensatie voorzien. Hiermee borgen we dat de natuur per saldo niet verslechtert. Ook voldoen we hiermee aan onze zorgplicht vanuit de Omgevingswet.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Natuurbrandbeheersing</b>
                              </Al>
		      <Al>De vaststelling van het Fries Natuurbrandbeheersingsplan 2025-2029 (en bijbehorend samenwerkingsconvenant) legt de basis ter voorkoming van grote en onbeheersbare natuurbranden. In de uitvoering wordt hier al rekening mee gehouden.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>De natuur is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Al>Onderstaand sommen we de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_c2f9feda26e247e8b2c617963f39da53__list_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4">
			<Li wId="pv21_d16aa8a9c26940d3b21ba3f377c9ffed__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving, leefbaarheid: Natuur is een voorwaarde voor een gezonde en veilige leefomgeving en voor leefbaarheid. De natuur biedt schoon water, frisse lucht, rust en ontspanning. Zorg voor de natuur biedt bescherming tegen klimaatrisico’s en draagt bij aan een veerkrachtige samenleving;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_61b9568437ef426280d2b464be5c2fee__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap: Natuur geeft het landschap zijn identiteit en ecologische waarde, terwijl het landschap bepaalt hoe natuur wordt gebruikt, beschermd en beleefd. Veel plant- en diersoorten zijn exclusief gebonden aan een landschapstype;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0a8ea6de85554be6ad60d3e4b169aa18__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Landbouw en natuur vormen vanouds het fundament van het Friese landschap, de economie en de cultuur. De natuur levert de landbouw diensten zoals schoon water, bodemvruchtbaarheid, mineralen, bestuiving, bescherming en plaagbestrijding. Ook levert ze rechtstreeks grondstoffen zoals hout. De uitdaging is om landbouw en natuur meer met elkaar te verweven en gezamenlijk te versterken. Een goed voorbeeld is het beheer van weidevogelgebieden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_79c5684a08b7479fb24a7a3604a2a99f__list_o_4__item_o_4" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Natuur en groen maken wonen gezonder en prettiger. Een groene leefomgeving nodigt uit tot meer beweging en sociale interactie. Ook zijn mensen meer tevreden met hun woonomgeving. Door woongebieden groener en natuurinclusiever te maken zijn ze beter bestand tegen de gevolgen van klimaatverandering, zoals hittestress en wateroverlast. Ook draagt groen binnen de bebouwde kom bij aan de biodiversiteitsopgave (Natuurherstelverordening);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_370a611a67a2413e94e8f95cafe21a7b__list_o_4__item_o_5" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Mobiliteit en infrastructuur kunnen de natuur onder druk zetten. Denk hierbij aan versnippering van natuur en leefgebieden van soorten door (water)wegen. Natuur en mobiliteit kunnen elkaar ook verrijken, op zo’n manier dat het besef van de waarde van natuur groeit - denk hierbij aan fiets- en wandelpaden door de natuur. Ecologisch beheer en zorgvuldig ontwerpen is belangrijk om elkaar wederzijds te kunnen versterken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c142df76b7814eb9877c5a3159f7ac8a__list_o_4__item_o_6" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: De Friese economie is verbonden met de natuur. Dat geldt niet alleen voor de sterk ontwikkelde landbouw en zuivelindustrie, maar ook voor andere sectoren. Bij onvoldoende zorg voor de natuur, of negatieve effecten op de natuur, valt de bodem onder de economie weg en wordt de provincie minder aantrekkelijk voor nieuwkomers;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6df0c3480d934695910edcb8900432ee__list_o_4__item_o_7" eId="div_B__div_2__content_2.3__list_o_4__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: De natuur geeft de gastvrijheidseconomie inhoud en aantrekkingskracht, terwijl gastvrijheid de natuur toegankelijk maakt en er economische waarde aan toekent. De uitdaging is om gastvrijheid zo te organiseren dat ze samengaat met de aanwezige natuurwaarden.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_04d1b1129b434ea9b32fa7b4b4301af1__div_o_3" eId="div_B__div_3">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>3</Nummer>
		    <Opschrift>Naar sterke steden en dorpen in een leefbaar, vitaal en verbonden Fryslân</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_2a46b65611d042b487ce93a6ed3c4106__div_o_2__content_o_2" eId="div_B__div_3__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Een vitaal Fryslân bouwt op sterke, complementaire steden en dorpen, met de nadruk op leefbaarheid door nabijheid. Dit betekent wonen, werken en voorzieningen dicht bij huis, inclusief groen, water en een klimaatadaptief landschap.</b>
                              </Al>
		      <Al>Een vitaal Fryslân bouwt op sterke, complementaire steden en dorpen, met de nadruk op leefbaarheid door nabijheid. Dit betekent wonen, werken en voorzieningen dicht bij huis, inclusief groen, water en een klimaatadaptief landschap.</Al>
		      <Al>Het Fries Stedelijk Netwerk is het economische en innovatieve hart, terwijl de steden en regionale kernen essentiële werkgelegenheids- en verzorgingsrollen vervullen. De dorpen vormen het unieke, bruisende weefsel van het platteland.</Al>
		      <Al>Om te groeien, wordt ingezet op gevarieerde woningbouw om jongeren te behouden en ouderen tegemoet te komen, met aandacht voor woon-zorgcombinaties. Er wordt slim gebruikgemaakt van de bestaande voorraad, maar ook nieuwbouw is hard nodig, vooral rond het stedelijk netwerk en in grotere dorpen/regionale kernen.</Al>
		      <Al>De inrichting van nieuwe woon- en werklocaties gaat samen met de aanleg van groen, water en recreatie om de ruimtelijke kwaliteit in de multifunctionele stadsranden (als onderdeel van de ‘uitnodigingszones’) te garanderen. We streven daarbij naar een gezonde, inclusieve leefomgeving die hittestress en wateroverlast beperkt, en biodiversiteit vergroot.</Al>
		      <Al>Verbindingen en bereikbaarheid worden versterkt met als doel dat banen en regionale voorzieningen van huis uit binnen 30 minuten reistijd bereikbaar zijn; voor basisvoorzieningen geldt als streven 15 minuten. Mobiliteitshubs en een fijnmazig lokaal vervoer vanuit de OV-knooppunten spelen hierbij een sleutelrol in het daily urban system. De door het Rijk geplande Lelylijn zal de verbindingen binnen Noord-Nederland en met de rest van het land versterken.</Al>
		      <Al>De gastvrijheidssector draagt bij aan de brede welvaart. Focus ligt op slimme, duurzame groei en revitalisering van bestaande voorzieningen. Kansen liggen in cultuur-, bezinnings-, agro- en natuurtoerisme, passend bij de Friese kwaliteiten.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_4ae32e6145884998ae723926963099bc__div_o_3__content_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.1</Nummer>
		      <Opschrift>Wonen</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân staat bekend om haar aantrekkelijk woon- en leefklimaat met relatief betaalbare woningen. Net als in de rest van het land is er ook in onze provincie veel vraag naar zowel koop- als huurwoningen. Het huidige aanbod voorziet daar onvoldoende in; versnelling van woningbouw is noodzakelijk. Dit geldt voor betaalbare woningen voor starters, woonruimte voor de groeiende groep ouderen, geschikte woningen voor nieuw- en terugkomers en woningen voor één- en tweepersoonshuishoudens. Er ligt dus een behoorlijke woningbouwopgave in het verschiet. Wat we niet los kunnen zien van opgaven als het oplossen van de netcongestie en het stikstofslot, die de benodigde woningbouw vertragen.</b>
                              </Al>
		      <Al>De Friese steden, regiokernen en dorpen vervullen elk hun eigen rol op de woningmarkt. De steden, met hun kenniscentra en grootschalige bedrijvigheid, retailsector en voorzieningen, herbergen een belangrijk deel van de woningvoorraad. Dat is niet alleen economisch zo gegroeid – ‘wonen waar werk is’ –, maar wordt ook gestimuleerd om de verkeersdruk (en uitstoot) te beperken en zo efficiënt mogelijk om te gaan met ruimte (concentratie, verdichting, hoogbouw).</Al>
		      <Al>De regiokernen, met een belangrijke regionale verzorgingsfunctie, vervullen op meer bescheiden schaal een belangrijke woon- en bedrijfsfunctie. Tot slot zijn daar de vele dorpen - en woningen in het landelijk gebied – waar ruim en aantrekkelijk wonen veelal gecombineerd wordt met kleinschalige bedrijvigheid en sociaal woonklimaat.</Al>
		      <Al>In de hele provincie wordt, samen met gemeenten en woningbouwcorporaties, geïnvesteerd in het herstructureren, revitaliseren en verduurzamen van de huidige woningvoorraad, bij zowel de woningbouwcorporaties als de private sector. Er zijn veel grote eengezinswoningen, die minder geschikt zijn voor kleinere huishoudens en voor 65-plussers. Daarnaast worden er nieuwe woningen toegevoegd door inbreiding of een ‘straatje’ erbij, en door grotere uitbreidingen bij steden en regiokernen.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_f5bce7c9130b4575abb63d223033e632__recital_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.1__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 kent Fryslân een sterk samenhangend netwerk van steden en dorpen. In alle dorpen en steden van de Friese kernenstructuur is het aanbod van - en de variatie aan - woningen toegenomen. Voor iedereen is een passende woning beschikbaar. Leeuwarden, Drachten, Heerenveen en Sneek vormen het Fries Stedelijk Netwerk. Hier vinden we een grote variatie aan woonmilieus, bedrijvigheid en kennisclusters. Zowel in het bebouwd gebied als in nieuwe, aantrekkelijke locaties in de multifunctionele stadsranden. De regiosteden en -kernen vervullen een belangrijke regiofunctie op het gebied van wonen, werken en voorzieningen. Ze bieden een aantrekkelijk woonklimaat, met een breed palet aan woningen en werkgelegenheid, en voorzieningen voor het omliggende platteland. In de overige dorpen zijn wonen, werken en voorzieningen harmonieus verweven met de landelijke omgeving, wat een unieke woonkwaliteit oplevert; de dorpen zijn cruciaal voor de leefbaarheid op het platteland.</Al>
			<Al>Het bebouwde gebied is opgeknapt, klimaatadaptief en verduurzaamd. Bodem- en waterkwaliteit zijn bij alle ontwikkelingen zorgvuldig afgewogen. In de stadsranden gaan nieuwe bedrijvigheid én trendy woonwijken samen met energieopwekking en -opslag, recreatief groen en waterpartijen. Uitbreidingen rond de dorpen sluiten naadloos aan bij de historische ontwikkelingsstructuur en versterken de regionale identiteit.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven</Tussenkop>
		      <Al>Met het oog op de te verwachten woningbehoefte en de staat van de bestaande woningvoorraad, staan we komende decennia voor een woningbouwopgave van ruim 33.000 woningen tot 37.500 te realiseren woningen. Voor de periode van nu tot 2030 geldt dat in de regionale woondeals tussen Rijk, gemeenten en provincie is afgesproken om 22.406 nieuwe woningen te bouwen. Voor de periode 2025 – 2050 ligt er een ambitie, gezien onze demografische prognoses aangevuld met een te verwachten economische impuls in 2050. Hierbij wordt uitgegaan van een evenwichtige verdeling tussen het Fries Stedelijk Netwerk versus de overige steden, regiokernen, dorpen en plattelandsdorpen (zie hierna, Wonen naar behoefte en ambitie); dit betekent dat elke kern in ieder geval de autonome woningbehoefte (zie begrippenlijst) kan opvangen. In het FSN zullen tot 2050 woningen kunnen worden gebouwd, in relatie tot de demografische ontwikkeling, economie, arbeidsmarkt, voorzieningenstructuur en bereikbaarheid.<br/></Al>
		      <Al>We bouwen die woningen op de juiste plaats en voor de juiste doelgroepen, conform de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_f9f72c9391884ae7899aaed4be0d14f7__list_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_2c9cb0afa0c640eebe05bfa478427406__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voorzien in voldoende ontwikkelruimte voor het bouwen van de juiste woningen op de juiste plaats. Daarbij kijken we eerst naar mogelijkheden voor herstructurering en inbreiding van woningen voordat er ruimte wordt gereserveerd voor uitbreiding. Hierbij is het uitgangspunt dat woningbouw niet meer ruimte in beslag neemt dan noodzakelijk is;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4628ae9090524754b9e7eea2c7696c57__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het aanbod van bestaande en nieuwe woningen sluit aan op de vraag naar woningen. Dit zowel qua aantallen als qua woningtypen. De woningvoorraad is gevarieerd en bevordert de doorstroming. We bouwen naar behoefte, zowel in de steden, de regiokernen als in de dorpen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b4a27a2e36c5441482ba3f19c43b6d3c__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De bestaande woningvoorraad is gerevitaliseerd en verduurzaamd en daarmee toekomstbestendig; de woonomgeving is klimaatbestendig ingericht;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_70085d7bfedc4d209699c715bff87017__div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwe woningen wordt gerealiseerd op plekken die qua water en bodem geschikt zijn. Stedelijke ontwikkelingen worden waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. Uitgangspunt bij grootschalige ontwikkelingen is dat alleen boven het niveau van de Friese boezem gebouwd wordt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d5b6961411494bb7bea937ce5e03c0fa__div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwbouw vindt plaats op locaties waar energie beschikbaar is, gecombineerd met duurzame warmtevoorziening, en op locaties die goed ontsloten (kunnen) worden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_be560c7a0e994c9488b3eb61be0b8fdb__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het accent in het aanbod van woningen voor nieuwe inwoners van buiten Fryslân ligt bij het Fries stedelijk netwerk;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9d466283d6604aaaab17b0dd9439f3d7__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Woningbouw in de regiokernen ondersteunt het voorzieningenniveau voor de omliggende dorpen en de bereikbaarheid daarvan binnen 15 tot 30 minuten reistijd (30-minutengemeenschap).</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om een antwoord te geven op de diversiteit van de opgaven – en onze doelen te realiseren – werken we in samenwerking met de Friese gemeenten de opgaven uit in programma's. Dit doen we volgens onderstaande uitgangspunten.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Wonen naar behoefte en onze ambitie</b>
                              </Al>
		      <Al>Uitgangspunt is wonen naar behoefte, zowel kwantitatief als kwalitatief. Dat gebeurt zowel in de vorm van nieuwbouwen als herbestemmen van gebouwen. Daarbij is het belangrijk dat het juiste type woning op de juiste plek wordt gebouwd of verbouwd. Maar ook dat de woningvoorraad aansluit bij de veranderende vraag: meer een- en tweepersoonshuishoudens, combinaties van wonen en zorg, duurzame en betaalbare woningen. We gaan ervan uit dat tweederde van alle nieuw te bouwen woningen (huur en koop) betaalbaar zijn (30% uit sociale huurwoningen, 37% betaalbare huur en koop). Dit is in overeenstemming met de landelijke lijn. We streven er naar dat het aantal bestaande sociale huurwoningen niet afneemt. </Al>
		      <Al>Afhankelijk van onder meer de economische dynamiek kunnen er, bovenop de autonome behoefte, extra woningen voor nieuwe inwoners worden gerealiseerd; dit is onze ambitie. We willen immers een aantrekkelijke woonprovincie zijn voor werkgevers en werknemers die zich hier willen vestigen. De beschik- en betaalbaarheid van woningen en de kwaliteit van de woonomgeving zijn immers belangrijke vestigingsvoorwaarden. Deze extra woningbouw vindt met name plaats bij het Fries stedelijk netwerk, en in meer beperkte mate bij de regiosteden Harlingen en Dokkum en de regiokernen; dit vooral vanwege de daar aanwezige werkgelegenheid. Aanvullend zijn er, naar aard en schaal, en in overleg met gemeenten, mogelijkheden voor extra woningbouw in de Ook vrijkomende bebouwing in het landelijk gebied - zoals boerderijen - leent zich voor aantrekkelijk wonen in een landelijke setting.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Wonen in gezonde, leefbare steden en dorpen</b>
                              </Al>
		      <Al>Het sterk samenhangende netwerk van steden en dorpen (kernenstructuur) biedt de kapstok voor een gevarieerd palet aan woningen en woonmilieus die elkaar aanvullen en versterken. Naast het bouwen van de juiste woningen gaat het ook om het ontwikkelen van een aantrekkelijke woonomgeving die gezondheid en leefbaarheid stimuleert. En die is voorbereid op het veranderende klimaat, met o.a. voldoende groen en water, om wateroverlast en hittestress te beperken.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Fries Stedelijk Netwerk (F4)</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Vanuit een stevige economische positie en een hoog voorzieningenniveau, gecombineerd met de Friese cultuur en het landschap, vormen de steden Leeuwarden, Sneek, Drachten en Heerenveen het Fries Stedelijk Netwerk. Deze steden hebben veel potentie om (door) te groeien. Beperkte en omvangrijke inbreidings- en uitbreidingsplannen zijn in alle varianten mogelijk: van hoogbouw en stedelijk wonen in hoge dichtheden, naar ruimer wonen in het groen en nabij water en bos. Het aantal woningen groeit indicatief 25% ten opzichte van de huidige woningvoorraad; dit kan toenemen tot 40% indien de extra woningbehoefte van nieuwe inwoners van buiten Fryslân voornamelijk in het Fries Stedelijk Netwerk wordt opgevangen.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_fd0aaf0e68784af2ba75566888ade2af__list_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_2">
			<Li wId="pv21_116178f4c7514fe5b27b869a3b0fe068__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leeuwarden: De nadruk ligt op transformatie en verdichting. Op de middellange termijn ligt de focus op kleinschalige inbreidingslocaties, op omvangrijke transformatielocaties (Spoordok), op herstructurering van de bestaande voorraad (Leeuwarden-Oost) en op de uitbreidingslocatie Middelsee;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_07946efed5c64b838c45d5bef2cc2377__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Drachten: Naast binnenstedelijk wonen op diverse inbreidings- en herstructureringslocaties, zijn er op termijn mogelijkheden voor grootschalige woningbouw ten zuiden van de A7. In de toekomst te combineren met een station voor de door het Rijk geplande Lelylijn;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ce4696deadf7474fa2cbc7430d834aff__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Heerenveen: Naast binnenstedelijk wonen op diverse inbreidings- en herstructureringslocaties, is er ruimte voor de ontwikkeling van de grootschalige woningbouwlocatie Heerenveen-West;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_43fd18bb4b154a8585d89b7fefa291fc__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Sneek:Naast binnenstedelijk wonen op diverse inbreidings- en herstructureringslocaties, is er ruimte voor de grootschalige gebiedsontwikkeling Spoorzone Sneek en de ontwikkeling van de uitbreidingslocatie Harinxmaland.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Regiosteden Harlingen en Dokkum</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>In en rond de regiosteden Harlingen en Dokkum is een grote variatie in woningaanbod mogelijk: van stedelijk wonen tot meer ruim opgezette woonbuurten. Het aantal woningen groeit indicatief 15-25% ten opzichte van de huidige woningvoorraad.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Regiokernen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>De regiokernen zijn het middelpunt van de 30-minutengemeenschap op het platteland. De kernen vormen de basis voor een compleet aanbod aan voorzieningen, ook voor de omringende dorpen en het landelijk gebied. Het aantal woningen groeit indicatief 10-25% ten opzichte van de huidige woningvoorraad.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Dorpen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Dorpen met meer dan 250 inwoners vangen voornamelijk de plaatselijke woonbehoefte op. Denk daarbij vooral aan herstructurering, inbreiding en eventueel uitbreiding, mits passend bij de omvang en identiteit van het dorp. Het aantal woningen groeit indicatief 0-10% ten opzichte van de huidige woningvoorraad.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Plattelandsdorpen/Landelijk gebied</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>In het landelijk gebied wordt gewoond in kleinere dorpen (&lt;250 inwoners) en op erven, onder meer bij of in (vrijkomende) agrarische bebouwing. Via transformatie wordt ingezet op het behoud van karakteristieke waardevolle bebouwing. Nieuwe bebouwing op bestaande erven in het buitengebied is mogelijk, mits dit de kwaliteit van het ensemble ten goede komt en er rekening wordt gehouden met de omgevingsfuncties. <br/>Het toevoegen van zowel woningen als voorzieningen in plattelandsdorpen en in het landelijk gebied is maatwerk. Door de keuze voor maatwerk is het niet meer nodig om in de Omgevingsverordening voor deze categorie de grenzen van het bestaand bebouwd gebied aan te geven.</Al>
		      <Al>We houden met de groeipercentages rekening bij het maken van onze regionale woningbouwafspraken met gemeenten.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Anders bouwen</b>
                              </Al>
		      <Al>Oplossingen voor de omvangrijke woningbouwopgave kunnen ook worden gevonden door anders te bouwen. In het provinciaal Volkshuisvestingsprogramma werken we dit uit, mede op basis van de beschikbare middelen en maatregelen van diverse partijen en overheden. Hieronder geven we enkele richtingen aan. Hieronder geven we enkele richtingen aan.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Herstructureren en revitaliseren</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Uit oogpunt van zorgvuldig ruimtegebruik en behoud van omgevingskwaliteit, zetten we in op het optimaal benutten van het bestaand bebouwd gebied. We betrekken hierbij de grote herstructureringsopgave in steden en dorpen: het opknappen en verduurzamen van woningen, het klimaatadaptief maken van de woon- en leefomgeving én het aantrekkelijker maken van werklocaties en stads- en dorpscentra. Het aandeel woningen in Fryslân dat ouder is dan 50 jaar is 56%; hoger dan landelijk. <br/></Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Meer voordeuren</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Via creatieve oplossingen als woningsplitsing en woningdelen, collectief wonen, transformatie en hergebruik, het optoppen van woningen, kunnen in steden en dorpen – en op bestaande erven, extra woningen worden gerealiseerd. Dit is maatwerk per kern en erf en vraagt om inzet en maatregelen van gemeenten, corporaties en marktpartijen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Circulair, biobased en fabrieksmatig bouwen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>We stimuleren circulair en biobased bouwen, eigentijds ontwerpen en bouwen met kwaliteit en oog voor de omgeving. Wat een impuls geeft aan een nieuwe Friese circulaire bouwcultuur.</Al>
		      <Al>Om de woningbouw te versnellen zien we goede mogelijkheden voor innovatie in de bouw. Voorbeelden hiervan zijn houtskeletbouw en fabrieksmatige bouw van woningen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Wonen voor specifieke doelgroepen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Het huisvesten van arbeidsmigranten in de landbouw kan, conform de vigerende Omgevingsverordening, plaatsvinden op het erf van het agrarisch bedrijf. Voor de (tijdelijke) huisvesting van personeel op de Waddeneilanden zoeken we met gemeenten naar creatieve oplossingen, in en buiten de dorpen. In het provinciaal Volkshuisvestingsprogramma werken we dit uit mede op basis van de beschikbare middelen en maatregelen van diverse partijen en overheden en komen we met voorstellen voor huisvesting van andere, specifieke doelgroepen.<br/></Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Wonen in relatie tot water en bodem </i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Door klimaatverandering krijgen we vaker te maken met hevige regenbuien en langdurige neerslagperioden waardoor wateroverlast kan ontstaan; ook in de bebouwde omgeving. Om wateroverlast te voorkomen dienen nieuwe ontwikkellocaties voor woningbouw daarom zo veel mogelijk op -vanuit het water- en bodemsysteem gezien- geschikte locaties te liggen, en ingericht met voldoende bergingscapaciteit voor water. Waar nodig, worden nieuwe woonlocaties opgehoogd met het oog op een klimaatadaptieve en waterrobuuste inrichting. Het is van belang hierbij oog te houden voor de effecten van nieuwbouwlocaties op het watersysteem en het waterbergend vermogen; zeker wanneer deze in de lagere delen van polders liggen. Dit is maatwerk en vergt locatieafwegingen en inrichtingskeuzes op gebiedsniveau.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het wonen is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Al>Onderstaand sommen we de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_1e91791b71df492aad6b1c571495062b__list_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3">
			<Li wId="pv21_df1a5a0879dd4dbd8d7664c41d4022ce__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving: Een gezonde en veilige leefomgeving is een basisvoorwaarde voor gezond en prettig wonen. Toevoeging van woonfuncties kan bijdragen aan de sociale veiligheid - denk aan wonen boven winkels. Een goed ontworpen woonomgeving draagt bij aan de gezondheid van de bewoners;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_2f81214daae34e5e9d6616d16bfdf716__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur: Natuurwaarden dragen bij aan een fijn woonklimaat en voorkomen hittestress. Andersom kunnen woongebieden bij een juiste inrichting veel bijdragen aan de biodiversiteit. Om woningen te kunnen bouwen is voldoende stikstofruimte nodig; natuurherstel draagt hieraan bij;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b63a5768c46746cb8ce509b0603093ac__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap en erfgoed: Nieuwe uitbreidingslocaties voor woningbouw nemen ruimte in en hebben impact op het landschap en de cultuurhistorie. Dit vraagt om ontwerpen met aandacht voor landschappelijke kwaliteit, groen en water. Vrijkomend erfgoed kan goed benut worden voor wonen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_23b0812c93c042afa8c912946c40ab7c__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Nieuwe woningbouwlocaties kunnen ten koste gaan van landbouwgrond. Dit vergt een afweging van belangen. De teelt van gewassen voor biobased bouwen kan een verdienmodel voor agrariërs zijn of worden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_abe0872a0aad4a42a9e90acb5c2b3a6b__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Meer ruimte voor water maakt woonwijken klimaatbestendig. Andersom wordt in het ontwerp van woonwijken en de wijze van bouwen rekening gehouden met het water- en bodemsysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7cfc7bf897bf41b1aca5d0fe9d836b84__list_o_3__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leefbaarheid: Een fijne woning in een prettige woonomgeving is een basisvoorwaarde voor leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b7a6293e5f254e499c4cc58115828898__list_o_3__item_o_7" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit, bereikbaarheid: Woonwijken vragen een goede ontsluiting met diverse vervoerstypen in een samenhangend mobiliteitssysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f3bf4ed719424095b322cd7a31e93283__list_o_3__item_o_8" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: Een voorwaarde om te kunnen bouwen is ruimte voor aansluiting op het elektriciteitsnetwerk noodzakelijk, dit kan onder ander via netbewust bouwen. Netcongestie werkt momenteel vertragend;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8aadb94f849543f5be27d8b07f19b383__list_o_3__item_o_9" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Sterke economische ontwikkeling leidt meestal tot een grotere woningbehoefte. Andersom is een prettig woonklimaat een vestigingsfactor voor bedrijven en een impuls voor economische ontwikkeling;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c03a457df37845e491dc6bbe6a882bb4__list_o_3__item_o_10" eId="div_B__div_3__content_3.1__list_o_3__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Een slimme gastvrijheidseconomie komt de leefbaarheid en het woonklimaat ten goede.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_wonen.pdf?cb=awSrVMRR">Structuurkaart Wonen</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>) </i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>De kaart geeft vooral de kernenstructuur weer en de percentages uitbreiding die bij de verschillende categorieën kernen horen. Vooral de gebieden buiten de indicatief aangegeven verzorgingsgebieden rond de kernen (in de vorm van cirkels) verdienen aandacht qua bereikbaarheid van voorzieningen.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_84fce8e1f53e441a8871a700dee32f70__div_o_3__content_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.2</Nummer>
		      <Opschrift>Leefbaarheid</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Friezen zijn de gelukkigste inwoners van Nederland en doen veel vrijwilligerswerk. Ze geven de kwaliteit van hun leven ongeveer een acht. Desalniettemin is actie nodig. De bevolking vergrijst namelijk snel. Ook worden er minder kinderen geboren. Gelet op de huidige bevolkingsprognose zal de beroepsbevolking – als er niets verandert – met 5 % gaan afnemen. Dit leidt tot knelpunten op de arbeidsmarkt en in de zorg. Bovendien tast deze ontwikkeling de sociale samenhang van de samenleving aan. Voorzieningen in dorpen verdwijnen, de bereikbaarheid ervan wordt minder en de leegstand neemt toe. Anders gezegd: de leefbaarheid staat onder druk en daarmee ook het Friese geluk.</b>
                              </Al>
		      <Al>Een leefbare omgeving maakt mensen gezonder en gelukkiger. Leefbaarheid gaat over de mate waarin de leefomgeving aansluit bij de wensen en behoeften van inwoners. Maar wat mensen belangrijk vinden, verschilt. Sommigen houden van rust en ruimte, anderen juist van levendigheid. Jongeren hebben belang bij goed onderwijs en vervoer. Gezinnen zoeken een veilige woonomgeving met een school, met kinderopvang of een speeltuin in de buurt. Ouderen hechten veel waarde aan zorg dichtbij, zoals een huisarts of apotheek, maar ook aan goed vervoer en sociaal contact.</Al>
		      <Al>Behalve per individu en leeftijdscategorie, verschillen de behoeften ook per gebied en regio. Door de bank genomen is het Fries landelijk gebied, op Nederlandse schaal, relatief dunbevolkt met veel kleine kernen. Anders dan in de steden, vragen bereikbaarheid en behoud van het voorzieningenniveau – waaronder winkels, scholen en bibliotheken - veel aandacht.</Al>
		      <Al>Overigens moet er ook in sommige stedelijke wijken het nodige gebeuren om de leefbaarheid op orde te krijgen. Denk aan het revitaliseren en verduurzamen van woningen, het vergroten van de veiligheid op straat en het verbeteren van woonmilieus. Hier zijn echter vooral het Rijk, gemeenten, woningbouwcorporaties en private partijen aan zet. Als provincie richten we ons vooral op het behoud van de leefbaarheid op het platteland, zodat die niet achterblijft bij de stedelijke ambities. Zo ondersteunen we bijvoorbeeld met onze Kleine Kernen Aanpak initiatieven en projecten gericht op het verbeteren van de leefbaarheid in dorpen.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_c5646ee5e36348e7a5855abac830200b__recital_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>De brede welvaart floreert in Fryslân. Mensen wonen prettig en werken, leren en ontspannen in een gezonde, gevarieerde omgeving. De provincie is Europees gezien het voorbeeld van een betrokken en verbonden samenleving met levendige dorpen, culturele activiteiten en een dynamisch stedelijk netwerk.</Al>
			<Al>Dankzij een provinciedekkend en samenhangend mobiliteitssysteem, zijn voorzieningen en werklocaties voor iedereen goed bereikbaar. Het slim combineren van voorzieningen en clusteren van bedrijvigheid heeft daaraan bijgedragen. Centrumgebieden vormen het kloppende hart van steden en dorpen, met gevarieerde detailhandel, horeca en andere publieksfuncties die de levendigheid en aantrekkelijkheid vergroten. De leegstand van winkels en andere bebouwing is sterk afgenomen door vestiging van nieuwe, eigentijdse (winkel)functies.</Al>
			<Al>Transport, energievoorziening en economie zijn verduurzaamd, waardoor de kwaliteit van de leefomgeving een impuls kreeg. Dit heeft - tesamen met de investeringen in de woningvoorraad, natuurkwaliteit en gastvrijheid - geleid tot sterke stedelijke clusters, waar bestaande en nieuwe bedrijvigheid is gevestigd en een aantrekkelijk woonklimaat heerst. De beroepsbevolking is, mede door technologische innovaties en verdere automatisering, weer op voldoende peil; er zijn voldoende mensen om de zorg en het onderwijs op niveau te houden en om in diverse vormen van bedrijvigheid en dienstverlening aan de slag te gaan. Mede dankzij deze aanwas, maar ook door het aantrekken van het toerisme, konden we het voorzieningenniveau, en de leefbaarheid, in stand houden. Ook in de vele, kleine historische kernen die het platteland sieren.</Al>
			<Al>Dit alles mede dankzij de vruchtbare samenwerking tussen Friese overheden, (kennis)instellingen, bedrijfsleven, ngo’s en bewoners(initiatieven).</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>De leefbaarheid en het voorzieningenniveau staan onder druk in veel dorpen in het landelijk gebied. Niet alleen door de geschetste vergrijzing en ontgroening van de Friese samenleving, maar ook door het tekort aan woningen en de trek naar de stad van met name jongeren. Ook door leegstand van vrijkomende boerderijen, kerken en vergelijkbare gebouwen staan de leefbaarheid en het behoud van karakteristieke bebouwing onder druk.</Al>
		      <Al>Komende decennia zullen we alle zeilen moeten bijzetten om de leefbaarheid en vitaliteit van de dorpen, maar ook van sommige steden, op peil te houden.</Al>
		      <Al>Daarvoor moeten we:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_26e96456559845eb81eac0770953505e__list_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_078bcc9379bc47e7a7350fc6cf3dcd9d__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voldoende en gevarieerde woningen bouwen, ook in en rond de regiokernen en dorpen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f6479a1f3c494227a42248790361f22c__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voorzieningen waar mogelijk combineren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f7f451d8b92e4928bae47d4c7911517c__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Investeren in gemeenschapszin/verbondenheid. Dit tegen de achtergrond van verregaande individualisering, digitalisering en de demografische ontwikkeling;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fdd3078922324e7ca75df3eb029a4342__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Investeren in het versterken van de economie, ook om arbeidskrachten aan te trekken en de beroepsbevolking op voldoende peil te houden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fe838ca761f54c35a273811264424f0c__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Sturen op - en stimuleren van - de aantrekkelijkheid van stads- en dorpscentra als plekken om te winkelen, ontmoeten en beleven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4e16ecf1ae1b47ac8f0c6ff17650777f__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ruimte bieden voor vervangende functies in leegstaande bebouwing.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Daarbij stellen we onszelf de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_aaa0f36b40c84a34b358c9e9bf42f5fa__list_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_c19fed2fba9f4d9fb206308682c696cc__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Realiseren van toekomstbestendige banen en voorzieningen in alle delen van Fryslân, passend bij de samenstelling van de beroepsbevolking in een gebied;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6e6db5e5622a4999ac2849c685000b4e__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Banen en regionale voorzieningen zijn binnen dertig minuten van huis uit bereikbaar; voor basisvoorzieningen geldt als streven 15 minuten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7ab25bfb591642b58899cbf4f5938843__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De bebouwde omgeving in steden en dorpen is opgeknapt, verduurzaamd, klimaatadaptief en voldoet aan ieders woonwensen en specifiek aan die van ouderen en starters op de woon- en arbeidsmarkt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa7454974788412e94b8ef12b4e88d8b__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Stads- en dorpscentra aantrekkelijker maken, zodat er geen of nauwelijks leegstand is;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f09b8642d722466e9eef6277967f1872__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Afname van leegstand van karakteristieke bebouwing door passend hergebruik.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om een antwoord te geven op genoemde opgaven – en onze doelen te realiseren – zetten we in het landelijk gebied in op de volgende aanpak:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_904b5ed360674d79ba830482ae05f3f3__list_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3">
			<Li wId="pv21_c67136dc115848ae9592eae1291ae31d__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Creëren van een 30-minutengemeenschap door diverse mobiliteiten goed op elkaar af te stemmen en overstappen te faciliteren via mobiliteitshubs;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_066a181e7ef44e2da30edc1b742e0db2__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Creëren van de juiste balans tussen economische ontwikkelingen en ruimtelijke- en sociale inrichting. Regiokernen en steden - met hun gevarieerde aanbod aan werkgelegenheid en voorzieningen - spelen hierin een belangrijke rol. Gemeenten zetten hierop in;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4de3e968279a40f0b11f5f56684a4ecc__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bevorderen van sociale cohesie. Dat doen we door te investeren in verenigingen, dorpsbelangen en vrijwilligers. Onze ambitie is een ontmoetingsplek in elk dorp of elke wijk. Dat kan in de vorm van een dorpshuis (dorpskamer), sportaccommodatie, bibliotheek, buurthuis of wijkgebouw zijn, maar het kan ook om een jeu de boules-baan of een gezamenlijke pluktuin gaan;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1a00c0918116420a887e553ff8db7b56__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Realiseren van adequate bereikbaarheid, zowel fysiek als digitaal (glasvezel). Een goed werkend daily urban system, waarin wonen, werken en voorzieningen qua ligging en ontsluiting goed op elkaar zijn afgestemd, vormt hiervoor de basis;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_298920493c9840c380ce00d936cd2bfb__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voorzien in voldoende, passende en betaalbare woonruimte voor diverse doelgroepen, waaronder jongeren, jonge gezinnen en ouderen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_12581b70b41f4bf39a0cf2189e194bee__list_o_3__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Faciliteren van initiatieven die leiden tot het combineren van voorzieningen, het verbeteren van de toegankelijkheid van voorzieningen en het onderwijsaanbod voor iedereen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_85e23ad745c4435ea3c0c2ebc5fb9529__list_o_3__item_o_7" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In lijn met het gedachtegoed van Positieve Gezondheid (leefstijl, participatie, enz.) bevorderen wij gezondheid in al ons beleid.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Met het oog op de detailhandel zijn we uit op:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_a6ef47581da84430844fcb2122917ba5__list_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_4">
			<Li wId="pv21_515238c2ce884c349d6f9f0ace566d78__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het vergroten van de aantrekkelijkheid, kwaliteit en toegankelijkheid van centrumgebieden; de gemeenten hebben hierin het voortouw. De Friese Retailaanpak met gemeenten en private partijen speelt hierin een belangrijke rol. Deze is gericht op het stimuleren en organiseren van samenwerking, ondernemerschap en adequate inrichting van de openbare ruimte. Ook in de aanpak van leegstand – en de afstemming van het detailhandelbeleid – werken we samen met de Friese gemeenten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6b455244d7c74483b779a6285e323c55__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De concentratie van winkels in de stads- en dorpscentra. Met uitzondering van winkelformules die hier niet passen en waarvan vestiging buiten de centra geen afbreuk doet aan de winkelfuntie van de stads- en dorpscentra;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3aed086eb35e4a97b1ff6d23c21048bf__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Voor vrijkomende boerderijen, kerken en vergelijkbare gebouwen zetten we in op passend hergebruik. Dit is voor verschillende functies ook een aantrekkelijke optie. Vervangende functies als wonen, cultuur en kunst, educatie, zorgverlening, recreatie, horeca en ontspanning, ambachtelijke en dienstverlenende bedrijvigheid kunnen goed in de landelijke omgeving passen. Het toevoegen van nieuwe bebouwing op het omringende perceel is mogelijk wanneer dit bijdraagt aan behoud van de karakteristiek van de bebouwing en de ruimtelijke kwaliteit van het ensemble als geheel vergroot.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Voor veel van deze initiatieven geldt dat de provincie richtinggevend en faciliterend is en de uitvoering vooral ligt bij partijen als gemeenten, woningbouwverenigingen en wijkteams. Dat geldt ook als het gaat om investeringen in de leefbaarheid in wijken met een relatief eenzijdige bevolkingssamenstelling en waar meervoudige problemen spelen. De gemeenten zijn daarin leidend.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Leefbaarheid is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte van Fryslân.</Al>
		      <Al>Onderstaand sommen we de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_748b677374cb4e9b9287655dabdd0d8a__list_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5">
			<Li wId="pv21_00aa76198fcf4d47b98d536a9fdcc6a4__list_o_5__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur: De aanwezigheid van natuur bepaalt mede de mate van leefbaarheid. Volgens onderzoek van Planbureau Fryslân wil 71% van de ondervraagde inwoners van Fryslân meer ruimte voor natuur;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4a6e392bc5534c81959e8b275c69b338__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap en erfgoed: Een mooie en karakteristieke leefomgeving en het benutten van erfgoed bevorderen de waardering en identitificatie en daarmee de leefbaarheid; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_28cf2572c53b4759ae5eb5cf35359fdc__div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Agrarisch natuur- en landschapsbeheer, korte voedselketens en lokaal geproduceerd voedsel dragen bij aan de leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b82d0bc1d2734f74aa8338fbbd6af692__div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Fijne, veilige en betaalbare woningen zijn essentieel voor de leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_60814a2a4f0a4a18b2323bbbb803046a__div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Goede bereikbaarheid van werk, voorzieningen en onderwijs is cruciaal voor de leefbaarheid, met name in het landelijk gebied;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_052821c5943a460dab82a9bc991d747d__list_o_5__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Een sterke economie versterkt de leefbaarheid. Economische activiteiten zijn een bron van werk en inkomen, en bieden draagvlak voor voorzieningen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_32edcd8262c14d17a931be501af0884b__list_o_5__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Recreatie en toerisme dragen sterk bij aan het geluk, het welzijn en de gezondheid van zowel bewoners als bezoekers van de provincie. Van toeristische en recreatieve voorzieningen profiteert uiteindelijk iedereen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_882f70166cfc44b7851e89e868fe5f2c__list_o_5__item_o_7" eId="div_B__div_3__content_3.2__list_o_5__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde leefomgeving: Sporten versterkt de sociale samenhang en is goed voor de gezondheid. Het Friese verenigingsleven is voor een groot deel rond sport georganiseerd.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_405de3033229487ca0f8eba3d4dfba62__div_o_3__content_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.3</Nummer>
		      <Opschrift>Bereikbaarheid</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Bereikbaarheid speelt een sleutelrol in het verbinden van platteland, dorpen, regionale kernen en het stedelijk netwerk. Dat is niet alleen belangrijk voor de instandhouding van de leefbaarheid in het landelijk gebied, maar ook voor de werkgelegenheid en economische ontwikkeling van de provincie.</b>
                              </Al>
		      <Al>We streven naar een betere onderlinge bereikbaarheid van steden, regiokernen, dorpen en landelijk gebied. Niet alleen door te investeren in de infrastructuur, maar ook door in te zetten op duurzame mobiliteit. Dit via mobiliteitshubs en transferia waar openbaar vervoer, deelvervoer, fiets- en autovervoer en voorzieningen samenkomen. De mobiliteitshubs versterken de bereikbaarheid, in het daily urban system, beperken de vervoersarmoede, stimuleren duurzame vervoerskeuzes en dragen bij aan leefbaarheid. Meer hierover in het thema mobiliteit (4.3).</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_4829cb27f18245fda110ee69e0892e14__recital_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 is Fryslân een 30-minutengemeenschap waarin banen en regionale voorzieningen vanuit alle delen van de provincie voor iedereen binnen een half uur van huis uit te bereiken zijn. En basisvoorzieningen bij voorkeur binnen 15 minuten. Cruciale rol hierin speelt het gedifferentieerd OV-netwerk met sterke, directe verbindingen tussen de dorpen en de steden. Hetzelfde geld voor de fijnmazige bereikbaarheid van de halteplaatsen met publiek en privaat vervoer. Het vervoer is bovendien betaalbaar, zodat de vervoerskosten geen belemmering vormen om werk en voorzieningen te bereiken.</Al>
			<Al>In het verbinden van de verschillende vervoerswijzen, spelen de verspreid over de provincie liggende mobiliteitshubs en transferia een belangrijke rol. Ook in relatie tot het beperken van het autoverkeer, het ontzien van de binnensteden en het verduurzamen van de mobiliteit.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Fryslân staat voor de opgave om te werken aan zowel de bereikbaarheid en leefbaarheid van het platteland, met zijn vele kleine kernen, als het verduurzamen van de mobiliteit. Het uitgestrekte grondgebied en de veranderende bevolkingssamenstelling vragen een flexibel en betaalbaar mobiliteitssysteem. Een inclusief systeem van publieke en private mobiliteit, dat aansluit bij de regionale verschillen en maatschappelijke ontwikkelingen. Met als extra opgave dit systeem te verduurzamen om het milieu en de leefomgeving te ontzien.</Al>
		      <Al>Om dat te realiseren zet de provincie in op de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_847940d7c93b488c83b6a10cf5cdb334__list_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_b6434691e5984901a5294ee08495fe26__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het borgen van (basis) bereikbaarheid en beperken van vervoersarmoede. Bijvoorbeeld door inzet van dorpshubs met sociale- en vervoersfuncties;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f3f15ced30fa4a6f8bd333dace6ce00d__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het verminderen van de uitstoot van CO2 en fijnstof;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_82568b4e1f724ec6bf80673a6cd9001d__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het verbeteren van de verkeersveiligheid.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Bij het (door)ontwikkelen van het mobiliteitssysteem passen we de Trias Mobilica toe. Dat wil zeggen dat we ten eerste onnodige verplaatsingen vermijden (door voorzieningen naar mensen te brengen), ten tweede de vorm van mobiliteit veranderen en ten derde mobiliteit schoner maken.</Al>
		      <Al>In de Friese situatie maken we dat op de volgende manieren concrete:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_9a8f002903204b6ba8a010566d20e04b__list_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2">
			<Li wId="pv21_86fdf71409074a89889b5ec48d459717__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteitshubs ontwikkelen op de juiste locaties in het daily urban system: uitrol van regionale en bovenlokale hubs die openbaar-, auto- en fietsvervoer, deelmobiliteit en noodzakelijke voorzieningen onderling verbinden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_df22fd72fd3a443faf5c26bd6776ea60__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Dorpshubs combineren met maatschappelijke voorzieningen, zoals de bibliotheek en de supermarkt. Door de centrale ligging in het dorp - en de aanwezige voorzieningen - heeft deze hub behalve een reisfunctie ook een sociale functie. Dit kan ook leiden tot beperking van het aantal verplaatsingen. Anders gezegd: breng de mensen niet naar de voorzieningen, maar de voorzieningen naar de mensen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_cf58be565c614469b17cdabf78a551d5__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het fietsnetwerk/doorfietsroutenetwerk versterken. Aanleg of verbetering van snelle en veilige fietsroutes tussen kernen. Dit zal vooral gericht zijn op woon-werkverkeer. Daarnaast kijken we naar mogelijkheden om het recreatief fietsnetwerk te versterken, als bijdrage aan de gastvrijheidseconomie; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_31cc8604cbbf4fba8d6a5b056066a2a7__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Duurzaam mobiliteitsgedrag stimuleren. Onder andere door in te zetten op een gedragsverandering die het aantal autokilometers beperkt en duurzame reiskeuzes vanzelfsprekend maakt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d87ee28f04f7412ea9d0b9eb85e93539__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De verkeersveiligheid verbeteren via infrastructurele maatregelen en de inzet op veilig verkeersgedrag;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1f712c5084f947fea40e4a8f3df88a56__list_o_2__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_2__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het STOMP-principe toepassen, bijvoorbeeld bij gebiedsontwikkeling, om duurzame verplaatsingen te stimuleren. .</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Kadertekst wId="pv21_a43a6005524b46cc81acc26a66d6550c__recital_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2">
			<Al>
                                    <b>STOMP-principe</b>
                                 </Al>
			<Al>Het STOMP-principe passen we toe in gebiedsontwikkeling en is leidend voor ons mobiliteitsbeleid om duurzame vervoerskeuzes te stimuleren. Met het STOMP-ordeningsprincipe geven we prioriteit aan <u>meer duurzame en gezonde vormen van mobiliteit </u>(lopen, fietsen en openbaar vervoer) en minder prioriteit aan minder duurzame mobiliteitsvormen (zoals de auto).</Al>
			<Al>Met STOMP zorgen we voor bereikbare en leefbare gebieden, waarin de mens centraal staat en de auto als laatste vervoermiddel wordt ingezet.</Al>
			<Lijst type="expliciet" wId="pv21_911e8e28bf594e66a6a99fc242b5b56f__recital_o_2__list_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1">
			  <Li wId="pv21_7445985c87944885bb865423718ac905__recital_o_2__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1__item_1">
			    <LiNummer>1.</LiNummer>
			    <Al>Stappen: hoe zorgen we in een gebied voor voorzieningen op loopafstand? En hoe zorgen we voor <u>aantrekkelijke looproutes</u> en verblijfsruimtes voor verschillende doelgroepen?</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_e7ac0b8674c44fa1aaf7432bf26d60fa__recital_o_2__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1__item_2">
			    <LiNummer>2.</LiNummer>
			    <Al>Trappen: hoe zorgen we ervoor dat voorzieningen bereikbaar zijn met de fiets? Hoe zorgen we voor directe en comfortabele fietsroutes?</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_af2752c24379479c892f8fadd06acc37__recital_o_2__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1__item_3">
			    <LiNummer>3.</LiNummer>
			    <Al>Openbaar vervoer: hoe sluiten we een gebied aan op het ov-netwerk? Kunnen we ov-voorzieningen en gebiedsfuncties combineren?</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_b7bcaa80a2a04848b99622d56f7dbed2__recital_o_2__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1__item_4">
			    <LiNummer>4.</LiNummer>
			    <Al>Mobility as a Service: welke mobiliteitsdiensten bieden we aan? Komen er hubs, en waar? Welke vormen van mobiliteit bieden we aan?</Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_c4e94ed8c92c42fcbf0d4712684855cd__recital_o_2__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.3__recital_o_2__list_o_1__item_5">
			    <LiNummer>5.</LiNummer>
			    <Al>Privé-auto: moet het gebied bereikbaar zijn voor privéauto's? En op welke manier? Wat betekent dat voor parkeervoorzieningen?</Al>
			  </Li>
			</Lijst>
			<Al>Op het platteland blijft de auto voor veel mensen een belangrijk vervoermiddel. Het STOMP-principe passen we dan ook niet rigide toe, maar als maatwerk en met gezond verstand. Dat doen we in samenwerking met gemeenten, vervoerders en lokale partijen.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema bereikbaarheid kent de volgende raakvlakken met andere thema’s en opgaven:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_be6cb91bd8b54da09bee90a3c2753234__list_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3">
			<Li wId="pv21_683352fc3cc74cb0b65bd47c7a5b6209__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen, bedrijvigheid, voorzieningen: het goed situeren van mobiliteitshubs draagt bij aan de bereikbaarheid van woningen, bedrijven en voorzieningen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e75a32c0b1c44df9857c9bedaeb0adee__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde leefomgeving: mobiliteitshubs, fietsnetwerken en het STOMP-principe brengen mensen in beweging en komen de leefbaarheid en gezondheid van mensen ten goede;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f0379f65215f438fb6fd3290997fcf2d__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur en landschap: infrastructuur is enerzijds onderdeel van het landschap en anderzijds heeft infrastructuur impact op landschap en natuur; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1be68783da1c428ca3f6e26aa5186e5a__div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leefbaarheid: bereikbaarheid van basisvoorzieningen komt de leefbaarheid ten goede;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_dc6b1ada0d024eb1b49c7aa626e348f7__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: mobiliteitshubs zijn te combineren met voorzieningen voor elektrisch laden, groengas en waterstofgas, energiehubs en deelvoertuigen; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_87463f820c294441a475ec48f4341d05__div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie en bedrijvigheid: een optimale bereikbaarheid is goed voor de economie en een aantrekkelijk vestigingsklimaat;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a427024e9b3943398a1b957a192d5659__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.3__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: een verbonden fiets- en wandelnetwerk met goed gesitueerde hubs is aantrekkelijk voor recreanten en geeft een impuls aan de gastvrijheidseconomie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_d53555759f63472285ee1e51292d95e6__div_o_3__content_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.4">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.4</Nummer>
		      <Opschrift>Gastvrijheid</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>De gastvrijheidssector is van grote betekenis voor Fryslân. De sector is goed voor 7,2% van de totale (directe) Friese werkgelegenheid en voor 4% van de toegevoegde economische waarde. Niet minder van belang is haar bijdrage aan het geluk, het welzijn, de gezondheid en de kwaliteit van leven van zowel inwoners als bezoekers. Het even fraaie als diverse landschap, de eigen cultuur, het erfgoed en het vele water nodigen uit om in Fryslân te recreëren en de provincie te bezoeken.</b>
                              </Al>
		      <Al>Recreatie en toerisme dragen dus zowel bij aan de economische dynamiek, de vitaliteit van steden en dorpen als aan het Friese woon-, leef- en vestigingsklimaat. Vanwege dit belang continueren we onze inzet op slimme groei. Dat betekent dat kwaliteit boven kwantiteit gaat en dat nieuwe ontwikkelingen altijd toekomstbestendig zijn en verbonden met andere ruimtelijke vraagstukken. Daarbij spelen vragen als: Wie wordt er beter van? Wat wordt er mooier van? Past het bij Fryslân? Hoe gaat het met de natuur? Zo zetten we bijvoorbeeld in op spreiding van bezoek over de provincie en over de seizoenen. En op het stimuleren van (duurzaam) toeristisch-recreatief aanbod dat aansluit bij de aard, schaal en identiteit van de provincie en specifieke gebieden. Maar bijvoorbeeld ook op het realiseren van aantrekkelijke, toekomstbestendige banen.</Al>
		      <Al>In het verlengde hiervan nemen we de beschikbaarheid en toegankelijkheid van recreatieruimte mee in lopende en nieuwe gebiedsopgaven. Mooi voorbeeld hiervan is de herinrichting van de Lendevallei waarin zowel natuur-, landschap-, landbouw-, recreatie- als klimaatdoelen samenkomen.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_a44ee88f8ae243468e6b98eb91511178__recital_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.4__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>Ook in 2050 hebben de inwoners van Fryslân profijt van de slimme groei van de gastvrijheidssector. Recreatie- en toerisme leveren naast een grote bijdrage aan de economie, vooral ook een bijdrage aan het geluk, het welzijn, de gezondheid en de kwaliteit van leven van alle inwoners. De provincie heeft zich ontwikkeld tot een voor iedereen aantrekkelijke en duurzame toeristisch-recreatieve bestemming die aansluit bij de aard, schaal en identiteit van de provincie.</Al>
			<Al>Het recreatieve aanbod is vervlochten met – en onderdeel van – een divers landschap, robuuste natuur, rijk cultureel erfgoed, leefbare dorpen, aantrekkelijke steden én het is voor iedereen dichtbij en bereikbaar. De strategie van slimme groei, met behoud van ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid, heeft haar vruchten afgeworpen.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Er spelen verschillende opgaven waarin de gastvrijheidssector een rol kan spelen. Dat geldt bijvoorbeeld voor de instandhouding van werkgelegenheid en erfgoed, en de verbetering van natuur en landschap. Maar ook voor de aantrekkelijkheid en aantrekkingskracht van dorpen en steden en het woon-, leef- en investeringsklimaat.</Al>
		      <Al>Ook mogen we het belang van de sector voor onze gezondheid en verbondenheid niet vergeten. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de toegenomen populariteit van wandelen, fietsen en het bezoeken van natuurgebieden. Maar ook uit de waardering voor evenementen en ontmoetingsplekken in dorpen en kleine kernen. Bovendien draagt de sector aantoonbaar bij aan de instandhouding van het voorzieningenniveau.</Al>
		      <Al>Voor het omgevingsbeleid rond gastvrijheid leidt dit tot de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_19440abd7671486abdc0f1a47e4eb19a__list_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1">
			<Li wId="pv21_1339a629626e4569b75aa912b910ddca__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De gastvrijheidseconomie groeit slim en duurzaam; dit betekent dat de sector bijdraagt aan de brede welvaart van Friese inwoners, nu en later;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e077a67c3c3d45be8e790923ccb23562__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Er is per inwoner meer recreatieruimte beschikbaar; deze is adequaat ontsloten en voldoet ook kwalitatief aan de recreatiebehoefte;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_90c89779d9b749c5b510baaa54cc02c6__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De recreatieve netwerken (varen, wandelen, fietsen, paardrijden ca.) hebben meer samenhang en zijn versterkt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a5d45c55a77a4a06803d46f57a8539c8__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De kwaliteit en duurzaamheid van recreatieve voorzieningen en accommodaties zijn verbeterd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e8ba61df16f643bfb748f8d9480d019b__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Recreatiemogelijkheden worden integraal meegenomen in gebiedsontwikkelingen, woningbouwopgaven en de aanleg of revitalisatie van bedrijventerreinen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_cb2c9580d24540b59cea4973b91f54c4__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Recreatiemogelijkheden worden gecombineerd met ruimtelijke opgaven als klimaatmitigatie, natuurversterking, cultuurbehoud, energie- en landbouwtransitie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Aansluitend op de opgaven en doelen kiezen we een aanpak langs verschillende sporen. Hieronder geven we ze weer, met een korte toelichting.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Slimme groei</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>We zetten blijvend in op slimme groei. Dat verschilt per gebied en soms ook locatie. Zo kan er in het ene gebied ruimte en draagvlak zijn voor groei van kwaliteitstoerisme, bijvoorbeeld om lokale voorzieningen in stand te kunnen houden (zoals supermarkt, dorpscafé, zwembad), terwijl dat elders anders ligt en we daar juist inzetten op spreiding van bezoek over het gebied en de seizoenen. Denk hierbij aan het onderscheid tussen het Waddengebied (kust) en de Waddeneilanden. Bij slimme groei zoeken we dus naar een balans tussen de economische belangen en die van bezoekers en inwoners; brede welvaart dus.</Al>
		      <Al>Slimme groei betekent ook gebruik maken van bestaand en/of vrijkomend erfgoed, monumentale gebouwen en het (her)ontwikkelen van bebouwde locaties. Dit verdient, ook uit oogpunt van ruimtegebruik, de voorkeur boven nieuwe locaties ontwikkelen. Onder slimme groei verstaan we tevens dat we in het bestemmingsmangement meer inzetten op doelgroepen die de kwaliteiten van Fryslân en de Friese natuur, cultuur en het landschap onderkennen, weten te waarderen, zullen bewaken en daar zelfs aan bijdragen (regeneratief toerisme). Denk daarbij bijvoorbeeld aan de natuur- en cultuurtoeristen.</Al>
		      <Al>Voor alles geldt dat we het aanbod aan dagrecreatie en verblijfstoerisme beschikbaar moeten houden voor alle inkomens en mensen met een beperking: inclusief dus.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Investeren in recreatieve infrastructuur</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Van oudsher is Fryslân een vaarprovincie, dankzij het uitgebreide waternetwerk van meren, kanalen en vaarten. Daarbij zien we een verschuiving van het bezit naar de huur van boten, maar ook een verschuiving naar compleet andere en nieuwe vormen van waterrecreatie. Denk aan suppen en foilen.</Al>
		      <Al>Inmiddels staat de provincie ook te boek als favoriete bestemming van wandelaars en fietsers. Hiervan profiteren niet alleen bezoekers, maar ook de eigen inwoners die er in hun vrije tijd graag op uittrekken. De behoefte aan een hoogwaardig en toegankelijk routenetwerk voor wandelen, fietsen, varen blijft dan ook groot. Denk daarbij niet alleen aan uitbreiden én verbinden van bestaande routenetwerken, maar ook aan het openstellen van particulier bezit als landpaden en het slechten van weg- en waterbarrières. De ontsluiting en aantrekkelijkheid van de routenetwerken kunnen ook verbeterd worden door ze te verrijken (voorzien van points of interest) en te verbinden met recreatieve en culturele voorzieningen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Grootschalige en bestaande voorzieningen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Nieuwe grootschalige (verblijfs)voorzieningen op land of water sluiten niet aan bij de inzet op slimme groei. Een uitzondering maken we voor voorzieningen die meerwaarde hebben voor andere opgaven. Bijvoorbeeld doordat ze substantieel bijdragen aan de kwaliteiten van natuur, landschap of de gemeenschap. Of dat ze verdiensten opleveren waarmee we het gebied mooier kunnen maken of het beter kunnen ontsluiten. Ook in dat geval is er oog voor ruimtelijke kwaliteit en voor een bij Fryslân passend aanbod.</Al>
		      <Al>Prioriteit ligt bij het revitaliseren, dan wel transformeren, van bestaande recreatieve accommodaties en complexen binnen het bestaande ruimtebeslag. Uitbreiding van een terrein is mogelijk als dit gecombineerd wordt met andere opgaven. Het verbeteren van de kwaliteit van bestaande recreatieterreinen en voorzieningen zien we als een verantwoordelijkheid van de ondernemers, binnen de kaders van deze Omgevingsvisie. Zij kunnen het beste bepalen waar in de markt behoefte aan is. Als er zich initiatieven voordoen voor bijzondere en nieuwe vormen van verblijfsrecreatie – bijvoorbeeld varende huizen – met onvoorziene ongewenste effecten, dan zullen wij de verordening daar op aanpassen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Gebruiksvisies voor water- en landrecreatie</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>De provinciale gebruiksvisies voor water- en landrecreatie bieden, op basis van o.a. de beschreven landschappelijke kwaliteiten per gebied, inspiratie om water- en landrecreatie een goede plek te geven in plannen en ontwikkelingen. In de gebruiksvisies geven we verschillende accenten voor ontwikkeling, afhankelijk van de regionale/lokale omstandigheden, onder meer qua landschap, natuur, landgebruik, bebouwing en erfgoed. Stedelijke gebieden Samen met de gemeenten en het Rijk willen we een impuls geven aan recreatie in en rond de steden en regiokernen en daar met gemeenten de regie op voeren. Er is behoefte aan meer – of aan andere functies gekoppelde – recreatieruimte per inwoner én aan betere verbindingen met het landelijk gebied. Ook moet er bij ontwikkelingen aandacht zijn voor meer – en goed toegankelijk – recreatief groen en water. Ook binnen de bebouwde kom. Dit draagt tevens bij aan de klimaatbestendigheid van wijken.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Duurzaam toerisme en recreatie</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Passend bij onze circulaire ambities – en natuur-, landschap- en culturele kwaliteiten – zien we het beperken van energieverbruik, CO2 uitstoot en het stimuleren van fossielvrij vervoer binnen de sector als vanzelfsprekend. Hetzelfde geldt voor van het gebruik van hernieuwbare materialen en hergebruik van grondstoffen. Of toerisme en recreatie die samengaan met natuur- en landschapsontwikkeling. Ook het ontwikkelen van nieuwe duurzame concepten op het terrein van gezond ouder worden, voeding, streekproducten en korte ketens sluit hierbij aan.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Permanente bewoning van recreatiewoningen</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Permanente bewoning van recreatiewoningen vinden we ongewenst. Het doet afbreuk aan de recreatieve kwaliteit en capaciteit van recreatieterreinen, levert meer verkeersdruk op en geeft een andere uitstraling. Omzetting naar een permanente woonbestemming is bij uitzondering mogelijk als de recreatiewoningen aansluiten op stad of dorp. Mits dit past binnen het gemeentelijk woonbeleid. Gemeenten zijn hiervoor aan zet. </Al>
		      <Al>Omgekeerd speelt het recreatief bewonen van woningen met een permanente woonbestemming. Dit doet in kernen als Heeg en Hindeloopen – en op de Waddeneilanden – afbreuk aan de leefbaarheid. Het is een gemeentelijke verantwoordelijkheid om hierin handhavend op te treden.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Gastvrijheid is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte van Fryslân.</Al>
		      <Al>Hieronder sommen we de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_bd31cdb43aa74574aab4d16cc4d4681b__list_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2">
			<Li wId="pv21_80e02785bccb490094939de2d297bc5d__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving: Een gezonde en veilige leefomgeving is een voorwaarde voor gastvrijheid. Te veel recreatieve drukte kan tot overlast voor bewoners leiden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_683c5756e6b4495780da5956406c810b__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Een klimaatbestendige omgeving is een voorwaarde voor gastvrijheid. Sommige recreatievoorzieningen zijn kwetsbaar voor klimaatverandering. Denk aan buitendijkse voorzieningen in het IJsselmeer, die gevaar lopen bij peilverhoging;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_b1023f7478464c14aabc6c4c28fcd03e__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landschap en natuur: Natuur en landschap zijn trekkers voor recreanten. Recreatieve beleving van natuur vergroot het draagvlak voor natuur. Op recreatieterreinen kan de biodiversiteit vergroot worden. Grootschalige recreatieterreinen kunnen nadelig zijn voor het landschap. Slimme groei van de gastvrijheidseconomie draagt bij aan beheer en onderhoud van natuur en landschap;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9e667eff0b1f4756a582308bd3682c93__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Erfgoed: Karakteristieke steden, dorpen en monumenten zijn trekkers voor recreatie en toerisme, waaronder cultuur- en bezinningstoerisme. Daarnaast zijn karakteristieke panden aantrekkelijk als verblijfsaccommodatie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f3654015da18451bbd250f9d665f1a53__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Recreatie kan voor agrariërs een bron zijn van (neven)inkomsten. Het agrarisch cultuurlandschap trekt recreanten aan. Recreatie kan de agrarische bedrijfsvoering ook in de weg zitten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5bc35d18bc884ad8ac3bd32b12770db2__list_o_2__item_o_6" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Slimme groei van de gastvrijheidseconomie draagt bij aan een prettig woonmilieu. Teveel recreatieve drukte kan afbreuk doen aan het woonklimaat;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fb6616e3f0ce4af7ac895c77bcf491fd__list_o_2__item_o_7" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Een toegankelijk en fijn vertakt netwerk van vaarwegen, fiets- en wandelroutes is een voorwaarde voor gastvrijheid. Recreatieve voorzieningen hebben een goede ontsluiting nodig. Op sommige plekken worden wegen en vaarwegen sterk belast door recreatief verkeer;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5856182b7b9a411f88323d5248220f7a__list_o_2__item_o_8" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: Een fossielvrije energievoorziening voor gastvrijheid vraagt om stevige aanpassingen - denk alleen al aan de veerboten naar de Waddeneilanden. Recreatieve voorzieningen zijn te combineren met energieopwekking en energieopslag;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5fa05f58d1164d53a937a9a0ac4beb69__list_o_2__item_o_9" eId="div_B__div_3__content_3.4__list_o_2__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: De gastvrijheidseconomie is een van de zes economische speerpuntsectoren. Slimme groei van de gastvrijheidseconomie draagt bij aan een toekomstbestendige economie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_98df2583970b4a329b28ee60f42323ca__div_o_3" eId="div_B__div_4">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>4</Nummer>
		    <Opschrift>Naar een fossielvrije en circulaire samenleving</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_36f3c30222b84e4dbe3bcbcedb370d5a__div_o_3__content_o_4" eId="div_B__div_4__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Fryslân maakt werk van een sterke, circulaire economie met een betrouwbare en betaalbare fossielvrije energievoorziening tegen 2050, met de focus op 2035. Met als uitdaging het slim clusteren en verbinden van economie, energie en mobiliteit op de meest geschikte locaties. Op die manier benutten we de infrastructuur maximaal, versterken we synergie-effecten en voorkomen we versnippering en verstoring van de ruimtelijke kwaliteit.</b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân zet in op de groei van economische speerpunten, versterkt haar ruimtelijke positie in de circulaire economie en stimuleert fossielvrije bedrijfsvoering. Goede verbindingen via water, weg, openbaar vervoor en de digitale snelweg zijn cruciaal voor het vestigingsklimaat en adequate bereikbaarheid en verbindingen.</Al>
		      <Al>De provincie zet zich in voor de juiste match tussen bedrijf en locatie, rekening houdend met de context, het water- en bodemsysteem, de bereikbaarheid en de beschikbaarheid van energie. Bestaande bedrijventerreinen worden optimaal benut en opgewaardeerd tot <i>energie hubs</i>. Op strategische plekken bieden we ruimte aan grootschalige bedrijvigheid met (regionale) meerwaarde.</Al>
		      <Al>Daarbij concentreren we ons de komende decennia op:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_e7dbf10e56264fe0b1154b959852b5ee__list_o_1" eId="div_B__div_4__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_a838ef9787c34078a7ed069ac8afe9e6__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De (door)groei op het gebied van de economische speerpunten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_95ea53448f594d16a673656051087fc4__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het uitbouwen en opschalen van de koppositie in de circulaire economie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4b23abe014504aad9628dba4743d0c65__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het oplossen van netcongestie en het slim(mer) omgaan met beschikbare energie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bdd52f2542864a50a6fc86b3c8998b37__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het versnellen en concentreren van duurzame energie-opwekking.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_e3acd83f8e164f6a83e673db8d33d3c2__div_o_3__content_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.1</Nummer>
		      <Opschrift>Economie en bedrijvigheid</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Het economisch beleid van de provincie Fryslân staat in dienst van de brede welvaart: een schoon, gezond en gelukkig leven voor alle inwoners. Een gezonde economische groei houdt daarin gelijke tred met – en gaat niet ten koste van – het sociale en natuurlijke kapitaal. Een strategische keuze die Fryslân zowel kansen als uitdagingen biedt.</b>
                              </Al>
		      <Al>Friezen behoren tot de gelukkigste inwoners van Europa, wat wijst op een sterk sociaal en natuurlijk kapitaal (natuur, landschap, cultuur, erfgoed en gemeenschapszin) en hoge levenskwaliteit; het zogenaamde Friese Goud. Tegelijkertijd blijft de provincie economisch achter op de rest van Nederland. Dit manifesteert zich in lagere productiviteit en innovatiegraad, een krimpende beroepsbevolking en een lager gemiddeld en besteedbaar inkomen. Dit staat bekend als de Friese paradox: een gelukkig leven ondanks een relatief zwakke economische en financiële positie. </Al>
		      <Al>Perspectief biedt dat de provincie koploper is in de circulaire economie. Het is belangrijk deze voorsprong en de brede welvaart te behouden én te versterken. Maar ook om de economische achterstand in te lopen, met als vliegwiel het stimuleren en faciliteren van toekomstgerichte, innovatieve en duurzame bedrijfssectoren en verdienmodellen. Een strategie die niet alleen interessant is voor (de werving van) ‘schone’ bedrijven, maar ook leidt tot een verbetering van de bodem, water-, natuur- en luchtkwaliteit en de volksgezondheid. Technologische innovaties, zoals Artificial Intelligence (AI), bieden (nieuwe) kansen. Deze hebben effect op het soort van bedrijfsactiviteiten, de benodigde kennis en op het aantal en de soort van banen. Digitale voorzieningen (waaronder datacentra), verbindingen en veiligheid zijn inmiddels onmisbaar voor het functioneren en innoveren van bedrijven en alle andere organisaties.</Al>
		      <Al>Netcongestie en stijgende energieprijzen belemmeren de economische ontwikkeling van Fryslân. Zo is er niet altijd een aansluiting beschikbaar voor nieuwe bedrijven of voor bedrijven die willen verduurzamen of uitbreiden. Zonder extra maatregelen verwachten we dat deze problematiek toeneemt. De oplossingsrichtingen zijn aangegeven in de paragraaf energie (4.2).</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_598e8646af234006af595f74b8a4b4b8__recital_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 is de Friese economie toekomstbestendig en circulair. Welzijn, welvaart en leefomgeving zijn met elkaar in balans. Dit is geleidelijk en stapsgewijs tot stand gekomen. In de eerste fase, richting 2035, lag de nadruk op het moderniseren en verduurzamen van de economische structuur. Bestaande bedrijfs- en kantoorlocaties werden heringericht, verduurzaamd, adequaat ontsloten én klimaatbestendig gemaakt. Hierdoor zijn bestaande bedrijfslocaties optimaal benut. Door de transitie van een lineaire naar een circulaire economie worden er geen grondstoffen meer verspild.</Al>
			<Al>In het verlengde van de economische vernieuwing - en het provinciale speerpuntenbeleid - verrezen er gaandeweg nieuwe bedrijfs- en kantoorlocaties, met name rond het Fries Stedelijk Netwerk, de regiosteden en regiokernen. Deze gerichte clustering van activiteiten was essentieel voor het beheer van de schaarse ruimte en cruciale productiefactoren als energie en personeel. Ook het onderling uitwisselen van kennis en kunde, diensten en goederen is hierdoor versterkt. De locaties zijn specifiek gekozen om optimale synergie te creëren. Ondernemingen kunnen dichtbij 'huis’ beschikken over de noodzakelijk infrastructuur, variërend van snelle (fysieke en digitale) verbindingen, geschoold personeel en voldoende duurzame energie en woningen voor werknemers. Maar ook over samenwerkingspartners, waaronder kennisinstellingen en opleidingscentra. In de overige dorpen hebben de van oudsher meer kleinschalige bedrijven hun sterke positie behouden; ook deze bedrijven hebben de slag naar circulariteit en innovatie gemaakt.</Al>
			<Al>Dat alles in een aantrekkelijke omgeving waarin in de ontwerpfase aandacht is besteed aan ruimtelijke kwaliteit, duurzame mobiliteit (transferia en hubs), circulariteit, groen, water en een goede overgang naar het omringende landschap. Kwaliteiten die zich terugbetaalden in zowel de vestiging van nieuwe – hoofdzakelijk op circulaire leest geschoeide en stuwende, innovatieve - bedrijven als uitbreiding van bestaande bedrijven. Dit heeft geleid tot groei van de (beroeps)bevolking en het aantal jongeren dat in Fryslân werkt, studeert en (ver)blijft.</Al>
			<Al>Door te investeren in kwaliteit, duurzaamheid, bereikbaarheid en moderne faciliteiten heeft Fryslân haar economische achterstand de afgelopen decennia zelfs omgezet in een voorsprong. Daarin bleek het inzetten en voortbouwen op de Economische Samenwerkingsagenda Blue Delta een gouden zet. Alle zes daarin benoemde speerpuntsectoren – Agro Food, Watertechnologie, Hightech Systemen en Materialen, Circulaire Materialen, Maritieme Technologie en Gastvrijheidssector – hebben de wind in de zeilen. Mede dankzij van een uitstekend woon- en leefklimaat, met voldoende betaalbare woningen.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>De centrale opgave voor de komende decennia is het realiseren van een vitale economie met een toekomstbestendig verdienvermogen, die in 2050 volledig circulair is. Dit vereist het bieden van voldoende ontwikkelruimte, met als leidend principe: het juiste bedrijf op de juiste plek. Om dit te bereiken, zetten we in op economische vernieuwing. We willen onze achterstand inlopen door innovatie in speerpuntsectoren en zorgvuldig gebruik van energie, grondstoffen, arbeid en ruimte.</Al>
		      <Al>De ambitie om de economische achterstand in te lopen vertaalt zich in de volgende doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_1e43c13f24d44e0b9bef7fdfb3f7491f__list_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_b59f3cf52e4948d9b013ba23fa4896e4__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economische structuurversterking met behoud van het ‘Friese Goud’ als fundament van de brede welvaart: natuur, landschap, cultuur, erfgoed en sterke sociale verbanden;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_72d4886ee26245eaaf33a095619a6af3__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het inlopen van de economische achterstand ten opzichte van de rest van Nederland op het gebied van productiviteit, innovatiegraad, gemiddeld inkomen en bruto regionaal product per inwoner;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_245273eb0e234885b489013bd3c2e212__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2050 is de Friese economie volledig circulair met een gesloten kringloop van grond- en hulpstoffen en eindproducten. Concrete mijlpaal voor de korte termijn is het bereiken van 50% circulariteit in 2035;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0577c7658ae74de4a0b34a37e4134aca__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het op peil houden van de beroepsbevolking om de economische en maatschappelijke doelen te kunnen realiseren.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Specifieke doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_71bb158744e4474da131a426450723a7__list_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2">
			<Li wId="pv21_bf5d20e357f04cd69227ec84c0898fe4__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In 2050 zijn alle bedrijfsmatige vervoersstromen fossielvrij;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0764bba01fd94a2d95fbad6aa22d5476__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een toename van de rol van vaarwegen in het transport van goederen, grond-, hulp- en reststoffen voor bedrijven;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_98bcf0936ce84775952f5e4958b7b0b2__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De havens aan het Prinses Margrietkanaal en Van Harinxmakanaal, en de zijtakken hiervan, richten zich op watergebonden bedrijvigheid, gaan zuinig om met de ruimte en ontwikkelen zich op basis van bestaande specialismen en de vaarwegklasse;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_464b0c5c6ec34541b4161f5cdbe67290__div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwe bedrijvigheid wordt gerealiseerd op plekken die qua water en bodem geschikt zijn. Bedrijfslocaties worden waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. Uitgangspunt bij grootschalige ontwikkelingen is dat alleen boven het niveau van de Friese boezem gebouwd wordt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_790f60eb22d84376a21c98414339f9d5__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het aanbod aan kantoorlocaties sluit aan op de vraag, zowel in kwantitatieve als in kwalitatieve zin.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Ruimtelijke uitdagingen</Tussenkop>
		      <Al>Genoemde opgaven en doelen leiden tot een drietal ruimtelijke uitdagingen. De eerste is het bieden van ruimte voor toekomstbestendige bedrijvigheid. Hoewel de Friese economie zich ontwikkelt en bedrijven willen vernieuwen, zijn de beschikbare ruimte, cruciale infrastructurele voorzieningen – zoals energie, laadinfrastructuur en verbindingen – en zoetwater niet overal toereikend. De oplossing schuilt in het zorgvuldig matchen van de aard van de bedrijvigheid met de locatie, waarbij beschikbaarheid van infrastructuur en zoetwater en een zorgvuldige inpassing in de omgeving van stad of dorp voorop staan. Anders gezegd: het juiste bedrijf op de juiste locatie.</Al>
		      <Al>De tweede uitdaging is flexibel inspelen op nieuwe ontwikkelingen, ook wel de 'additionele ruimtevraag' genoemd. De ruimtevraag laat zich niet volledig voorspellen, zodat provincie en gemeenten strategisch wendbaar moeten zijn om ruimte te reserveren voor kansrijke, onverwachte initiatieven, zoals nieuwe vormen van hightech bedrijvigheid of snelle groei van bestaande ondernemingen. Dit zonder de kwaliteit van de leefomgeving uit het oog te verliezen. We sluiten echter niet uit dat de ruimtevraag op termijn afneemt, bijvoorbeeld door (toename) online (thuis/elders) werken. Of doordat bestaande bedrijfsactiviteiten – als gevolg van AI – verder worden geautomatiseerd en minder ruimte vragen.</Al>
		      <Al>De derde uitdaging is het versterken van de integrale kwaliteit van bedrijventerreinen. Bedrijventerreinen zijn meer dan economische centra; het zijn plekken waar verschillende opgaven samenkomen. Naast behoefte aan ruimte voor ondernemen, is er een groeiende behoefte aan energie, groen, klimaatadaptatie en duurzame mobiliteit, inclusief laadinfrastructuur. Kortom: het toekomstbestendig ontwikkelen, revitaliseren en aantrekkelijker maken van bestaande en nieuwe bedrijfslocaties.</Al>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om te komen tot een gezonde, duurzame economische ontwikkeling en om achterstanden in te lopen, nemen we eerder genoemde opgaven en uitdagingen als vertrekpunt. We willen de Friese economie faciliteren door ruimte te bieden aan bedrijvigheid op een manier die past bij onze provincie. Dit vraagt om strategische planning, optimaal gebruik van bestaande locaties en het toewijzen van de juiste plek aan het juiste type bedrijf, met oog voor landschap en leefbaarheid. De aanpak die we voor ogen hebben, gaan we hieronder puntsgewijs af.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Inzicht en integrale programmering</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Slim faciliteren van de Friese economie vereist kennis van de ruimtebehoefte bij bedrijven en een integrale benadering van programmering en toewijzing. Om inzicht te krijgen in de autonome ruimtevraag (natuurlijke groei en dynamiek van bedrijven), voeren we elke vier tot vijf jaar een vraagprognose uit. Deze analyse kijkt naar sectorontwikkeling, de functie van bedrijventerreinen en ruimtegebruik per kavel. De uitkomsten bieden houvast voor beleid.</Al>
		      <Al>Samen met gemeenten en partners (zoals netbeheerders) maken we periodieke regionale afspraken voor enkele jaren over de benodigde ruimte voor bedrijvigheid, energieopwekking, energieopslag en laadinfrastructuur. Bepalend hierbij zijn de energievoorziening, de infrastructuur, de grootte en het type bedrijvigheid die bij een plek passen.</Al>
		      <Al>We gaan zuinig met onze ruimte om. We hanteren daarbij de ‘ladder van zuinig ruimtegebruik’. Daarbij kijken we eerst naar wat er binnen bestaande bedrijventerreinen mogelijk is, ondermeer via revitalisering, daarna of uitbreiding wenselijk is en pas als laatste of een nieuw terrein nodig is. Bij het ontwikkelen van een nieuw bedrijventerrein wordt vooraf beoordeeld of er voldoende fossielvrije energie beschikbaar is. Of dat deze lokaal kan worden opgewekt. Daarbij wordt rekening gehouden met de benodigde ruimte voor energievoorziening.</Al>
		      <Al>We onderzoeken met gemeenten de mogelijkheden om bestaande bedrijventerreinen beter te benutten. De uitkomsten van dit onderzoek gebruiken we in de programmeringsafspraken met gemeenten. Samen verkennen we ook het instrumentarium – ruimtelijk, juridisch, financieel – om deze mogelijkheden te benutten. <br/>Op programmaniveau werken we dit verder uit.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Passend bij aard en schaal</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Nieuwe bedrijfsontwikkelingen moeten passen bij de aard en schaal van de kern en het landschap respecteren. De meer grootschalige bedrijvigheid in alle categorieën concentreren we in en rond het Fries stedelijk netwerk, de regiosteden en regiokernen. Dit versterkt de economische structuur en voorkomt afbreuk aan het landschap en leefmilieu. Ook houden we zo het platteland vitaal. Kleinschalige en gemengde bedrijvigheid met beperkt ruimtebeslag kan zich verspreid over de provincie ontwikkelen, ook bij kleinere kernen.</Al>
		      <Al>Samen met gemeenten stellen we een richtinggevende lijst op met bedrijventerreinen waar uitbreiding of herontwikkeling wenselijk is, en voor welk type bedrijvigheid. Mede vanuit de Economische Samenwerkingsagenda Blue Delta versterken we de economische speerpuntclusters in het Fries Stedelijk Netwerk, waarbij elk centrum een eigen focus heeft (Leeuwarden: watertechnologie/agrofood, Drachten: innovatieve maakindustrie, Sneek: maritieme technologie en toerisme, Heerenveen: circulaire materialen).</Al>
		      <Al>Bij de regiosteden Harlingen en Dokkum ligt het accent op regionaal gebonden bedrijven. Zo is Harlingen uitermate geschikt voor (zee)haven gebonden bedrijvigheid en Dokkum de bedrijfsspil in Noordoost-Friesland.</Al>
		      <Al>De regiokernen zijn het terrein van de meer regiogebonden ondernemingen met een belangrijke regiofunctie, veelal in de streek genestelde MKB-bedrijven. De dorpen zijn het terrein voor de meer kleinschalige, lokale bedrijven die passen bij de identiteit en schaal van het dorp en die zich als zodanig kunnen ontwikkelen; een nieuw bedrijventerrein ligt hier niet voor hand. Wanneer bestaande bedrijven uit hun jasje groeien, is verplaatsing naar één van de regiokernen of stedelijke centra gewenst.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Sturing op meerwaarde en specifieke typen bedrijvigheid</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>We bieden ruimte aan grootschalige bedrijvigheid (kavels &gt; 3 ha) die bijdraagt aan de Friese economie en brede welvaart, zoals circulaire productie en verwerking, logistiek/distributie en (hightech) maakindustrie.</Al>
		      <Al>De zoekgebieden hiervoor liggen bij Leeuwarden, Drachten, Sneek, Heerenveen en Harlingen; deze zijn gebaseerd op criteria vanuit markt- en ruimtelijk perspectief. Het gaat om goed ontsloten locaties nabij bestaande (bovenregionale) bedrijventerreinen, waar grootschalige bedrijventerreinen logisch op aansluiten; als herontwikkeling van bestaand bedrijventerrein reële mogelijkheden biedt, heeft dit de voorkeur boven aanleg van nieuw bedrijventerrein. <br/>Binnen de zoekgebieden wijzen provincie en gemeenten samen geschikte locaties aan. Ze ontwikkelen deze in samenhang met de speerpuntclusters en het acquisitieconvenant met de F4-gemeenten.</Al>
		      <Al>Nieuwe grootschalige bedrijven versterken het economisch profiel van Fryslân en dragen aantoonbaar bij aan brede welvaart (bij voorkeur aansluiten bij de zes speerpuntsectoren, bijdragen aan werkgelegenheid/kennis, duurzaam omgaan met energie/water/ruimte).</Al>
		      <Al>Hyperscale datacentra vinden we ongewenst; landelijk zijn hiervoor enkele plekken buiten Fryslân gereserveerd. Kleinere datacentra sluiten we niet uit, mits deze de Friese economie ondersteunen en, zoals genoemd, regionale meerwaarde hebben.</Al>
		      <Al>We ontwikkelen met gemeenten een afwegingskader om te bepalen welke bedrijven gewenst zijn.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Watergebonden en milieubelastende bedrijvigheid</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Om de vitale watergebonden sectoren, zoals maritieme maakindustrie, jachtbouw en bedrijven met veel vervoer over water, en sectoren met een hogere milieucategorie zo goed mogelijk ruimtelijk te faciliteren, willen we met gemeenten de hiervoor bestemde terreinen beter beschermen.</Al>
		      <Al>Bij nieuwe/vrijkomende kavels op bedrijventerreinen met een hogere milieucategorie en watergebonden bedrijventerreinen, wordt voorrang gegeven aan bedrijvigheid in een hogere milieucategorie respectievelijk daadwerkelijk watergebonden bedrijvigheid (vaarwegklasse leidend).</Al>
		      <Al>We onderzoeken met gemeenten de mogelijkheden om droge, respectievelijk lichtere bedrijvigheid te verplaatsen naar andere geschikte locaties.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Balans in kantoorruimte</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Met gemeenten maken we afspraken over de afstemming van aanbod aan de vraag naar kantoorruimte. Vanwege de afnemende behoefte ligt de nadruk op herstructurering en transformatie. Door functieverandering kan ruimte vrijkomen voor stedelijke bedrijvigheid, voorzieningen én woningbouw. Wenselijk is dat de nieuwe functies gebruik maken van de bestaande ontsluiting en OV-voorzieningen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Ruimte voor circulaire economie</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>De circulaire economie zal (tijdelijk) meer ruimte vragen dan een lineaire economie; zo’n 20 tot 40 procent voor onder meer opslag, verwerking en recycling van reststoffen. Deze ruimte bieden we volgens de genoemde oplossingsrichtingen en maakt onderdeel uit van de provinciale vraagprognoses.</Al>
		      <Al>Samen met de Vereniging Circulair Fryslân (VCF) blijven we vol inzetten op de transitie van een lineaire naar een circulaire economie. We willen Fryslân tot de meest circulaire regio van Europa maken. Als provincie hebben we een aanjagende, stimulerende, inspirerende en coördinerende rol, zoals uitgewerkt in de Beleidsbrief Economie 2025-2030. Zo zetten we subsidieinstrumenten in en bevorderen we innovaties door middel van proeftuinen en regelluwe zones.</Al>
		      <Al>We werken samen met bedrijven en kennisinstellingen aan een systematische aanpak van biobased bouwen en het circulair maken van plastic; de focus ligt op onderzoek en innovatie (hoger onderwijs) en een bij de praktijk passend curriculum.</Al>
		      <Al>We acteren actief om hobbels op weg naar circulariteit weg te nemen. We sturen op een goede (inter)nationale profilering: Fryslân als voorbeeldregio. Op Europees niveau werken we in Interreg-projecten samen met andere Europese regio’s aan opschaling van het gebruik van biobased materialen.</Al>
		      <Al>Onze blik is breed. Bij het ontwikkelen en uitvoeren van beleid voor biobased bouwen is het bijvoorbeeld belangrijk om opgaven als wonen, landbouw, gastvrijheid, ruimte, infra en de groenblauwe opgaven in het landelijk gebied te verbinden.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Additionele ruimtevraag</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>De uitdaging is om als overheid flexibel en strategisch om te gaan met onvoorziene ruimtevraag, zonder de kwaliteit van de leefomgeving uit het oog te verliezen.</Al>
		      <Al>Deze additionele ruimtevraag is niet voorspelbaar met gebruikelijke prognosemodellen en omvat de volgende typen ontwikkelingen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_a71baa24a9f84c928e06de12d8db9cd7__list_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_3">
			<Li wId="pv21_eaa0649005dd46339750cd1197cc8797__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Nieuwe economische activiteiten die incidenteel van aard zijn of een trendbreuk vormen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_534fd02c48434d84857de16d3c7afdee__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bestaande economische activiteiten die onverwacht sterk groeien;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_505f6dc8d01f423084264061ec0a071c__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Niet-economische activiteiten die extra ruimte vragen op bedrijventerreinen, zoals mestvergisters, windmolens/zonneparken, laadinfrastructuur.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>In de <i>Uitvoeringsagenda Ruimtelijk Economische Visie (2026)</i> maken we met het Rijk en gemeenten afspraken over hoe we deze additionele ruimtevraag op een verantwoorde en zorgvuldige manier opnemen in de programmering van bedrijventerreinen. Op termijn kan minder ruimte nodig zijn, bijvoorbeeld door nieuwe toepassingen van AI die bepaalde bedrijfsactiviteiten overbodig maken. Door op deze manier strategisch te programmeren, blijven we flexibel. En kunnen we ruimte bieden aan nieuwe, kansrijke economische initiatieven, terwijl we toch zorgvuldig omgaan met onze schaarse ruimte en landschappelijke kwaliteiten.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Meervoudig gebruik en kwaliteit</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Bedrijventerreinen zijn steeds vaker multidisciplinaire werklocaties waar meerdere opgaven samenkomen. Wat een integrale benadering van ruimtelijke kwaliteit noodzakelijk maakt.</Al>
		      <Al>Naast ruimte voor bedrijven is er behoefte aan:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_aa18c170e75f4dfda3d3b32a475e0d4f__list_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_4">
			<Li wId="pv21_4c204e20c88140099eee4ab8da64b0ca__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Duurzame energiefuncties in de vorm van opwekking, opslag, conversie en laadinfrastructuur (incl. clean energy hubs);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1b7a1bc80b524c249025b2112bcebbdb__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Duurzaamheids- en klimaatoplossingen in de vorm van groen, biodiversiteit, waterberging en klimaatadaptatie;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_58a6f8a45d514f5191969118663a6615__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Sociale kwaliteit in de vorm van plekken voor ontmoeten en bewegen, veilige bereikbaarheid en voorzieningen zoals verzorgingsplaatsen. Deze dragen bij aan een prettig werkklimaat.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Het is cruciaal dat bij herstructurering, uitbreiding en ontwikkeling van nieuwe terreinen van meet af aan rekening wordt gehouden met de samenhang tussen deze opgaven. Aandacht voor energievoorziening, water, groen, duurzame mobiliteit en klimaatbestendigheid maakt bedrijfslocaties tot toekomstbestendige en goed ingepaste werkomgevingen. De ruimte die deze aanvullende functies vragen, beïnvloedt de fysieke ruimte voor nieuwe bedrijvigheid. Een integrale benadering in de programmeringsafspraken helpt om binnen de bestaande ruimte de juiste balans te vinden tussen economische, ecologische en maatschappelijke belangen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Bedrijfslocaties in relatie tot water en bodem </i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Door klimaatverandering krijgen we vaker te maken met hevige regenbuien en langdurige neerslagperioden waardoor wateroverlast kan ontstaan; ook in de bebouwde omgeving. Om wateroverlast te voorkomen dienen nieuwe bedrijfslocaties daarom zo veel mogelijk op -vanuit het water- en bodemsysteem gezien- geschikte locaties te liggen, en ingericht met voldoende bergingscapaciteit voor water. Waar nodig worden nieuwe bedrijfslocaties opgehoogd met het oog op een klimaatadaptieve en waterrobuuste inrichting. Het is van belang hierbij oog te houden voor de effecten van nieuwbouwlocaties op het watersysteem en het waterbergend vermogen; zeker wanneer deze in de lagere delen van polders liggen. Dit is maatwerk en vergt locatieafwegingen en inrichtingskeuzes op gebiedsniveau.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema ‘Economie en bedrijvigheid' is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte van Fryslân.</Al>
		      <Al>We sommen de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_01aff57504644c7da0f293b1a4465128__list_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5">
			<Li wId="pv21_c9ed537f05b54736aaf09772f0f75ec8__list_o_5__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving: Bedrijven kunnen hinder veroorzaken en het milieu belasten. Adequate vergunningsvoorwaarden en een goede ligging ten opzichte van kwetsbare functies kunnen dit beperken. Werkgelegenheid en een prettig werkklimaat dragen bij aan gezondheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_261b0f643c504af9a4738b935907377b__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Sommige bedrijven hebben veel koelwater nodig. Ook gebruik van de bodem komt voor, zoals bij ondergrondse energieopslag. Laaggelegen bedrijventerreinen lopen risico op wateroverlast. Anderzijds bieden bedrijventerreinen kansen voor de aanleg van waterberging;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_046efe83484140e2bf4f2f0b26956a7e__list_o_5__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Ruimte voor (circulaire) economie kan ten koste gaan van landbouwgrond. Hoe meer ruimte er wordt gecreëerd op bestaande bedrijventerreinen, hoe minder landbouwgrond er nodig is;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0ea4cc9482054836aafa6001b81521a9__list_o_5__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur en landschap: Ruimte voor (circulaire) economie heeft impact op natuur en landschap. Hoe meer ruimte er op bestaande bedrijventerreinen wordt gecreëerd, hoe kleiner de impact. Een duurzaam verdienvermogen genereert middelen om te investeren in natuur en landschap. De aanwezigheid van natuur, landschap en erfgoed bevordert het economisch vestigingsklimaat;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_914a0fcc9299492e9a384a8ff0abdce7__list_o_5__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: Bedrijventerreinen vragen veel energie. Nabijheid van energieopwekking is daarom belangrijk. Op de terreinen kan ook energie worden geproduceerd;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_908c2e521d8e4002aa890eb5697da238__div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Een sterke economische ontwikkeling leidt tot een grotere woningbehoefte. Onderlinge nabijheid van wonen en werken beperkt de mobiliteit en stimuleert lopen en fietsen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4ac73cdfb515476fb019706c17c787e5__list_o_5__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leefbaarheid: Een sterke economie zorgt voor werkgelegenheid, inkomen en verdienvermogen. Voor de leefbaarheid en brede welvaart is dit belangrijk;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_dddbb88d6fe746b4ba385de76e1dc6f6__list_o_5__item_o_7" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Bedrijventerreinen vragen een goede ontsluiting, met vervoerstypen die zijn afgestemd op het type bedrijven. Hoe beter deze afstemming, hoe beter het mobiliteitssysteem functioneert;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e21ca9bdc92743c6b6ac0eec31525f07__list_o_5__item_o_8" eId="div_B__div_4__content_4.1__list_o_5__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Nieuwe bedrijventerreinen kunnen nadelig zijn voor recreatieve beleving. Bedrijventerreinen kunnen ook recreatief aantrekkelijker worden, zeker in combinatie met bezoek aan en beleving van sommige categorieën van bedrijven.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <b>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_economie.pdf?cb=Nzj3yw_8">Structuurkaart Economie</ExtRef>
                                    </b> (zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>Deze kaart geeft inzicht in de ruimtelijke opgaven op het gebied van economie. Met als uitgangspunt ‘het juiste bedrijf op de juiste locatie’ qua type bedrijvigheid, beschikbaarheid van voldoende infrastructuur, zoetwater en energie. Op de kaart is te zien dat bij het stedelijk netwerk veel samenkomt, waarbij elke kern eigen accenten heeft. De uitdaging is om bij deze clusters van bedrijvigheid, zowel bestaande terreinen beter te benutten als nieuwe, toekomstbestendige bedrijventerreinen te ontwikkelen (incl. zoekruimte voor grootschalige bedrijvigheid &gt; 3 ha). Het beter benutten van het Friese beroepsvaarwegennetwerk (P.M. Kanaal en Van Harinxmakanaal, en zijtakken) voor met name circulaire bedrijven is een belangrijk striven.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_0d8f988d982f4b8b8eda5460d28be052__div_o_3__content_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.2</Nummer>
		      <Opschrift>Energie</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>De Friese economie, woningbouw en mobiliteit zijn afhankelijk van een betrouwbaar energiesysteem. Dat systeem verandert snel maar loopt inmiddels hard tegen grenzen aan. Steeds meer bedrijven en instellingen kunnen niet verder groeien door netcongestie. Zonder ingrijpen raakt dit ook huishoudens. Tegelijkertijd staan betaalbaarheid en leveringszekerheid van energie onder druk door internationale ontwikkelingen. Als we nu niet handelen, wordt energie duurder, kunnen bedrijven niet groeien en dreigen ze te vertrekken. Ook worden woningen niet of veel later gebouwd. Energiezekerheid is daarmee een basisvoorwaarde voor brede welvaart en een toekomstbestendige provincie.</b>
                              </Al>
		      <Al>De energietransitie is in volle gang. In 2023 werd er in Fryslân 4,3 TWh fossielvrije energie opgewekt, dat was toen 26% van onze totale energievraag. Er moet dus nog veel gebeuren om in 2050 een fossielvrije energievoorziening te hebben. Daarom verkennen we of technieken als Small Modular Reactor (SMR, kleine kerncentrales) of Blue Energy op termijn kunnen bijdragen aan de energievoorziening.</Al>
		      <Al>Dit zijn echter geen oplossingen voor de huidige problemen. Extra duurzame elektriciteitsopwekking is op korte termijn nodig om het elektriciteitsnet betrouwbaar en betaalbaar te houden. Met het oog op de toekomst staan we dit tijdelijk toe (ca. 25 jaar). Ook het transport, de conversie en de opslag van duurzame energie vragen nog veel aanpassingen aan het energienetwerk en veel ruimtebeslag, zowel onder- als bovengronds.</Al>
		      <Al>De energievoorziening wordt dan ook duidelijker zichtbaar. Door vroegtijdig na te denken over waar we energie opwekken, opslaan en distribueren, voorkomen we conflicten in het landschap en verminderen we kosten en hinder (energieplanologie). We verbinden technische, ruimtelijke en maatschappelijke keuzes, zodat de energietransitie niet alleen haalbaar wordt, maar ook rechtvaardig en toekomstbestendig.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_8a196745893740f288ec58ca875302fe__recital_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 beschikt Fryslân over een betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam energiesysteem dat bijdraagt aan de brede welvaart. De provincie is aardgas- en fossielvrij en landelijk koploper in slimme oplossingen in de energietransitie. De omslag naar duurzame energie heeft niet alleen bijgedragen aan het behalen van klimaatdoelen, maar ook aan een rechtvaardige energietransitie waarin alle Friezen kunnen meedoen en van profiteren. Er ontstonden ook nieuwe kansen voor de Friese economie.</Al>
			<Al>Het Friese energiesysteem bestaat uit een slimme combinatie van centrale en decentrale onderdelen. De landelijke infrastructuur met wind op zee, kernenergie, groen gas en waterstof vormt de ruggengraat van het systeem. Deze wordt aangevuld met lokale energiehubs, wind- en zonne-energie, warmtenetten, mogelijke SMR's, biogas en opslag van warmte en elektriciteit. Zo versterken verschillende bronnen en schaalniveaus elkaar. Met als resultaat een flexibel en toekomstbestendig energiesysteem.</Al>
			<Al>Vraag en aanbod van energie komen op de juiste plekken samen, met aandacht voor een gezonde leefomgeving, landschap en de beperkte beschikbare ruimte. Nieuwe infrastructuur (elektriciteitskabels) is grotendeels ondergronds aangelegd en gebundeld in bestaande structuren, waardoor de impact op het landschap beperkt blijft en er ruimte overblijft voor andere functies.</Al>
			<Al>Op bedrijventerreinen ligt een fijnmazig netwerk van energiehubs waar opwekking, opslag en gebruik samenkomen. Door slim gebruik te maken van lokaal opgewekte energie ontstaat een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven. In de warmtetransitie hebben isolatiemaatregelen, het benutten van geothermie en aquathermie en de aanleg van warmtenetten geleid tot een efficiënte inzet van warmtebronnen.</Al>
			<Al>De Friezen profiteren rechtstreeks van de duurzame, in de provincie opgewekte, energie. Het aantal windturbines is de afgelopen jaren afgenomen. Daar staat tegenover dat nieuwe, hogere en efficiëntere turbines veel meer energie opwekken. Biogas en groen gas leveren een belangrijke bijdrage aan het verduurzamen van de landbouw. Innovaties in het opwekken van duurzame energie en nieuwe opslagtechnieken dragen bij aan de stabiliteit en leveringszekerheid van elektriciteit en warmte. Fryslân anticipeert voortdurend op nieuwe inzichten en technologische ontwikkelingen.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Fryslân staat voor de opgave om de komende decennia flinke vorderingen te maken met de realisatie van een betrouwbaar, betaalbaar en fossielvrij energiesysteem. Dit is een voorwaarde voor het goed kunnen wonen, werken en verplaatsen. In 2050 willen we onafhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. In de <i>Friese Energievisie</i>, die we in regionaal verband als Friese Energietafel hebben opgesteld, is de opgave richting 2050 inzichtelijk gemaakt.</Al>
		      <Al>In die visie zijn de volgende vijf principes voor het energiesysteem van de toekomst opgenomen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_617e9ac1a237485999323b92780dcc8a__list_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_d95109cc838d4123ac8669458ce2e75b__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fryslân stimuleert energie voor en door de gemeenschap;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fabe4e7a91ae49dc9c843c8006324679__list_o_1__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fryslân zet maximaal in op energiebesparing;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5561b9587eb74ec1891c968e49bff981__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Alle bronnen zijn nodig, naast kleinschalige is ook grootschalige productie nodig;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_71b42c56ec07440f8a107bf4ceae041d__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fryslân past de energie-infrastructuur goed in, zowel in het landschap als in het energiesysteem;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa59b540b66e4a2f8efe136df03b1b51__div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Fryslân versterkt de flexibiliteit van het energiesysteem.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>We verduurzamen de energievoorziening, beperken het energiegebruik en garanderen leveringszekerheid. Op korte termijn is de grootste uitdaging het oplossen van netcongestie. Daarvoor wordt het elektriciteitsnet uitgebreid, verzwaard en slimmer benut.</Al>
		      <Al>We gaan zuinig(er) om met energie. We willen in 2030 25% minder energie verbruiken dan in 2010. Met energiebesparing - en door de potentie van biogas, aquathermie, restwarmte en geothermie optimaal te benutten - verminderen we de druk op het elektriciteitsnet en bieden we perspectief op (meer) lokale energievoorziening. Daarom zetten we maximaal in op energiebesparing.</Al>
		      <Al>We streven de komende jaren naar een evenwichtige groei van duurzame elektriciteitsopwekking. In 2025 wekken we in Fryslân zo'n 3 TWh aan elektriciteit op. Dat moet in 2035 minstens 4,4 TWh zijn, met inzet op zonne- en windenergie. In 2050 voorzien we een behoefte van minstens 7,1 TWh elektriciteit.</Al>
		      <Al>Voor de doorgroei richting 2050 kijken we, in samenwerking met het Rijk, naar wind op zee en naar de mogelijkheden die één of meer SMR’s kunnen bieden. Ook onderzoeken we de haalbaarheid van opwekking met nieuwe alternatieve bronnen zoals de Tidal Kite en Blue Energy. Bronnen die wezenlijk kunnen bijdragen aan het beantwoorden van de energievraag én aan de stabiliteit van ons energiesysteem. Zo zetten we stap voor stap koers naar een provincie die haar energie zoveel mogelijk zelf opwekt en onafhankelijk is van fossiele brandstoffen.</Al>
		      <Al>Doelen 2030 – 2035:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_35c95adc005d4acf826e518424d6110a__list_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_4a94ad60fbf74f8c90f45ca01b751079__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>33% fossielvrije energieopwekking in 2030;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_05b77d3554f94bb098cd1fd34fd41b22__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>25% energiebesparing in 2030 t.o.v. 2010;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8feb3ef9320e49f7a12eeaa9061b942f__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>55% CO2-reductie in 2030 t.o.v. 1990;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ff1144f4cef241f79eaa624a8f2256ff__list_o_2__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Maximale inzet op groen gas en duurzame warmte (biogas, aquathermie, restwarmte en geothermie) tot 2035;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c3d2c938c90b4be2b90f6e21847ffec7__list_o_2__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Minimaal 4,4 TWh duurzame elektriciteitsopwekking in 2035.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Doelen voor 2050:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_906c14d3a3ec4d10aba61023b0e8003f__list_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_3">
			<Li wId="pv21_f275dfe18c204c5487fdebac044efbc8__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Onafhankelijkheid van fossiele brandstoffen. We wekken op wat we zelf verbruiken (inclusief wind van zee);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1268d6fd0ada4702b331b4bcb721b763__div_B__div_4__content_4.2__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>95% CO2-reductie t.o.v. 1990.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Om te komen tot een robuust en toekomstbestendig energiesysteem moeten we de komende jaren tegelijkertijd werken aan uitbreiding, slimmer gebruik en verduurzaming van het energiesysteem. Als provincie vervullen we hierin een sturende en regisserende rol, terwijl netbeheerders, gemeenten, bedrijven en inwoners de uitvoering grotendeels vormgeven. In de Friese Energietafel werken we samen in het afstemmen en gezamenlijk oppakken van bovengemeentelijke acties. We werken die verder uit in onze programma’s. Voor de uitvoering van projecten is onder andere het Fûns Skjinne Fryske Enerzjy (FSFE) beschikbaar.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Uitbreiding van het elektriciteitsnet</b>
                              </Al>
		      <Al>Een versnelde uitbreiding van het elektriciteitsnet is noodzakelijk om netcongestie op te lossen. We werken samen met TenneT, Liander, gemeenten en het Rijk. De benodigde energie-infrastructuur zal veel ruimte innemen; daarom zorgen we voor een zorgvuldige inpassing van nieuwe stations, kabelverbindingen en andere voorzieningen voor energietransport, -opslag en -omzetting.</Al>
		      <Al>We willen Friese aftakkingen van het nationale energienetwerk, zoals de waterstofbackbone en de 380 kV-hoogspanningsverbinding; het tracé van de 380 kV-verbinding op de kaart Energie is gebaseerd op het Regioadvies 380 kV-verbinding Vierverlaten-Ens. Daarmee kunnen we de pieken en dalen in vraag en aanbod naar energie opvangen en zorgen voor een stabiele en betrouwbare energievoorziening. We gaan daarbij voor een snelle(re) vergunningverlening en verkennen hoe we de provinciale grondstrategie kunnen inzetten om de bouw van nieuwe energie-infrastructuur te versnellen. Deze inzet – het aftakken van het nationale energienetwerk en de snelle(re) vergunningen – werken we nader uit in het <i>Energieprogramma</i>.</Al>
		      <Al>Uitgangspunt is dat nieuwe elektriciteitsinfrastructuur zoals kabels waar mogelijk, ondergronds wordt aangelegd. Dit om het effect op de omgeving te beperken en optimaal gebruik te maken van de beschikbare ruimte. Het Rijk hanteert voor 380kV- en 220kV-verbindingen: 'bovengronds, tenzij'. Als het Rijk voor bovengrondse uitvoering kiest, moet daar een passende vorm van compensatie tegenover staan. Bijvoorbeeld door elders in de provincie bestaande, bovengrondse verbindingen ondergronds te brengen. Of door te investeren in de provincie. Omdat het Rijk verantwoordelijk is voor de nationale energie-infrastructuur, brengen we dit punt nadrukkelijk onder de aandacht in de landelijke besluitvorming.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Slimmer gebruik van het bestaande net</b>
                              </Al>
		      <Al>Naast uitbreiding van het elektriciteitsnet, gaan we voor efficiënter gebruik van de bestaande infrastructuur. Samen met de Friese gemeenten, netbeheerders en partners van de Friese Energietafel werken we aan de uitvoering van het <i>Actieplan Netcongestie Fryslân</i>. Met als doel het creëren van meer flexibiliteit (FLEX), het stimuleren van energieopslag en het slimmer koppelen van lokale vraag en opwek, zodat we pieken in het net kunnen opvangen en economische ontwikkeling mogelijk blijft.<br/>Bij ruimtelijke keuzes over bedrijventerrein, woningbouw en mobiliteit wordt rekening gehouden met beschikbare netcapaciteit; in de raakvlakken gaan we hierop in.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Opslag (batterij)</b>
                              </Al>
		      <Al>We maken onderscheid tussen verschillende vormen van batterijopslag en koppelen deze aan uiteenlopende uitgangspunten, zoals hierna weergegeven:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_b37a8cc2189c45c5ac8960f43c88ef02__list_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_4">
			<Li wId="pv21_1d7505f0a7674404b23fb2bc3d792b39__list_o_4__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Opslag bij energieopwekking Elektriciteitsopslag bij zonne- of windparken staan wij onder voorwaarden toe. De opslaginstallatie moet ruimtelijk en qua capaciteit in verhouding staan tot het project, voldoen aan de veiligheidsnormen en zorgvuldig landschappelijk worden ingepast. De vergunning voor opslag en opwekking kent dezelfde looptijd en geldt alleen binnen het bestaande projectperceel.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1044857dbbb04db5bd6ff664e5a99608__list_o_4__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_4__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Opslag bij grootverbruikers. (achter de meter)</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_30781c774fe24b0fa88b21a2817bfb41__list_o_4__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_4__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wij stimuleren bedrijven om energie op eigen terrein op te slaan, bijvoorbeeld op bedrijventerreinen en/of bij grote aansluitingen, om de piekbelasting op het net te verminderen en bedrijven meer leveringszekerheid te bieden.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_64152ba5aa4b4f7e894550d6d2b1a396__list_o_4__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_4__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Grootschalige opslag (&gt; 100 MW en niet gekoppeld aan opwekking of eigen aansluiting) Voorlopig staan wij grootschalige batterijopslag niet toe. Samen met de netbeheerders verkennen we waar – en in welke mate – dat in Fryslân nodig is.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>In een Richtlijn Batterijsysteem Fryslân van de Friese Energietafel is opslag van energie verder uitgewerkt.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Lokale Energiehubs</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>We bevorderen initiatieven voor energiehubs op en rond bedrijventerreinen, waarmee productie, opslag en verbruik van energie slim worden gekoppeld. Deze hubs dragen bij aan een stabieler energiesysteem, versterken de lokale economie en bieden aanknopingspunten voor andere opgaven, zoals duurzame mobiliteit, warmtetransitie en ruimtelijke clustering van functies. Gemeenten spelen hierin een actieve rol. De mogelijkheden voor energiehubs worden begrensd door de voorwaarden die wij stellen aan verschillende vormen van opwekking, zoals de voorwaarden voor windenergie. </Al>
		      <Al>We zien kansen om energiehubs te koppelen aan energiegemeenschappen. Binnen deze gemeenschappen werken bedrijven, inwoners en maatschappelijke organisaties lokaal samen aan een betrouwbare en betaalbare energievoorziening.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Energiebesparing</b>
                              </Al>
		      <Al>De provincie ziet energiebesparing in alle sectoren als een noodzakelijke opgave. Energiebesparing sluit direct aan bij verschillende provinciale doelen: het beperkt de energievraag, verlaagt de CO₂-uitstoot, ontlast het elektriciteitsnet en draagt bij aan een gezonde en betaalbare leefomgeving.</Al>
		      <Al>Dat kan via isolatie, verduurzaming van (bedrijf)processen en elektrificatie van mobiliteit. Onze rol hierin is beperkt: het Rijk bepaalt grotendeels het tempo en de randvoorwaarden, onder meer via wetgeving en subsidieregelingen. Gemeenten en woningcorporaties vervullen een leidende rol in de warmtetransitie en zijn cruciaal bij de uitvoering van energiebesparende maatregelen. Elektrificatie speelt een grote rol binnen energiebesparing. Bij de elektrificatie van mobiliteit vervullen we wel een rol in de organisatie van de laadinfrastructuur. We werken dit uit in een <i>Energieprogramma</i>.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Versnelling niet-elektrische bronnen</b>
                              </Al>
		      <Al>Om de energietransitie te versnellen, zetten we maximaal in op niet-elektrische energiebronnen zoals biogas, aquathermie, restwarmte en geothermie. Deze bronnen leveren duurzame warmte en groen gas en verlichten daarmee de druk op het elektriciteitsnet. Aquathermie en geothermie mogen het grond- en oppervlaktewater echter niet negatief beïnvloeden.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Biogas – Vergisting</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Vergisting van met name mest biedt kansen. Het draagt bij aan het perspectief voor de landbouw, vermindert de uitstoot van stikstof en broeikasgassen en levert duurzaam groen gas. De potentie in Fryslân is groot, momenteel wordt nauwelijks vijf procent van de mest vergist. De vergunningverlening wordt belemmerd door de stikstofproblematiek, terwijl mestvergisting juist de totale stikstofuitstoot verlaagt. Als provincie werken we aan oplossingen en stimuleren we deze ontwikkeling.</Al>
		      <Al>We willen de mogelijkheden van vergisting beter benutten door ruimte te bieden aan mono-mestvergisting op agrarische bouwpercelen, individueel of in lokale samenwerkingsverbanden. Zorgvuldige inpassing en minimale overlast voor omwonenden staan daarbij voorop. Ook zien we mogelijkheden voor vervoer en grootschalige vergisting van mest op bedrijventerreinen. De voorwaarden werken we verder uit in de Omgevingsverordening.</Al>
		      <Al>Vergisting kan boeren helpen bij de afbouw van derogatie en kunstmestgebruik. Bovendien draagt men bij aan de Friese energievoorziening. Met inzet van innovatieve technieken, zoals stikstofstripping en coproductie met warmte, versterken we de kringlooplandbouw en benutten we de Friese biogaspotentie maximaal.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Waterstof</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>We zien beperkte kansen voor de productie van waterstof. Waterstof is vooral een ondersteunende energiedrager in sectoren waar elektrificatie lastig is. Denk aan processen met hoge warmte, zwaar transport, piekverwarming in industrie en back-upvermogen. We zetten in op een aftakking van het waterstofnetwerk Nederland naar een vijftal Friese locaties (zie kaart Energie), mits daar een passende energiebehoefte is. Wij zien wel kansen voor kleinschalige elektrolyse (&lt;10–20 MW) bij bedrijven of energiehubs. Dit kan benut worden voor het balanceren van het net.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Warmtetransitie en publieke rol</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>In de warmtetransitie zet Fryslân in op efficiënt gebruik van energie en zo min mogelijk warmteverlies. Dat betekent: isoleren waar het kan en kiezen voor collectieve warmtesystemen in plaats van individuele oplossingen. Via lokale en regionale warmtenetten willen we duurzame warmtebronnen beter benutten, zoals aquathermie, restwarmte, biogas en bodemenergie; de ontwikkeling van lokale en regionale warmtenetten is in dit verband een wettelijke verplichting voor gemeenten en provincie. Daarmee ontlasten we het elektriciteitsnet, verlagen we de energievraag en beperken we de investeringskosten voor woningeigenaren en bedrijven.</Al>
		      <Al>Met de ‘Missy Wetterwaarmte’ spraken we de ambitie uit om in 2030 zo'n 60.000 woningen en 10.000 bedrijfsgebouwen aan te sluiten op collectieve warmtenetten. Aquathermie (TEO en TEA) speelt hierin een belangrijke rol. Ook Wetterskip Fryslân levert een belangrijke bijdrage door warmte beschikbaar te stellen uit hun installaties, zoals via Warmte Kracht Koppelingen en warmte uit gezuiverd afvalwater (RWZI's). We stimuleren bovendien lokale warmtegemeenschappen, seizoensopslag en kleinschalige warmtenetten, zoals onder andere in Súdwest-Fryslân wordt onderzocht.</Al>
		      <Al>Bij de ontwikkeling van warmtenetten houden we rekening met de benodigde ruimte voor opwekking, opslag en distributie. Dit kan vaak goed worden ingepast op bestaande en nieuwe bedrijventerreinen. Bij de ontwikkeling van geothermie, en warmte-koude opslag (WKO), houden we nadrukkelijk rekening met de functies in de ondergrond, zoals drinkwaterwinning en bodemkwaliteit.</Al>
		      <Al>Bij het realiseren van warmtenetten ervaren gemeenten, waterschappen en warmte-initiatieven verschillende barrières. Denk aan lange vergunningstrajecten, onduidelijkheid over eigendom en rolverdeling, hoge aanloopkosten, onzekerheid over warmtevraag en betaalbaarheid, en beperkte uitvoeringscapaciteit. Dit vraagt om meer publieke regie en ondersteuning, zodat lokale en regionale warmtenetten daadwerkelijk van de grond komen.</Al>
		      <Al>Daarom verkennen we met gemeenten, en het waterschap, een grotere rol van publieke partijen bij de aanleg en exploitatie van warmtenetten. Dat kan via een regionaal warmte- of energiebedrijf, waarmee publieke sturing, kostenefficiëntie en lokaal eigendom beter worden geborgd. Binnen het programma Energie werken we mogelijke vormen van zo’n provinciale of regionale warmteorganisatie en warmtestrategie nader uit.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Nieuwe elektriciteitsopwekking onder voorwaarden</b>
                              </Al>
		      <Al>Ondanks de maximale inzet op duurzame warmte, groen gas en andere niet-elektrische bronnen, blijft elektriciteit een onmisbare en grote rol spelen in de Friese energietransitie. We werken aan een toekomstbestendige mix van elektrische energiebronnen, die past bij de Friese schaal en bijdraagt aan de provinciale doelen.</Al>
		      <Al>Tot 2035 zetten we in op meerdere sporen. We verkennen de haalbaarheid van SMR’s als stabiele bron binnen het Friese energiesysteem. Vóór 2030 wordt hierover een besluit genomen. Voor wind op zee willen we met het Rijk afspreken dat een evenredig deel van de productie aan Fryslân wordt toegerekend. Dit ook als onderdeel van het compensatiepakket voor de nieuwe 380 kV-hoogspanningsverbinding en de aanlanding van wind van zee in de provincie.</Al>
		      <Al>Op korte termijn blijft windenergie op land belangrijk om de productie te vergroten. Daarbij richten we ons vooral op logische locaties rond bedrijventerreinen om vraag en aanbod efficiënt op elkaar af te kunnen stemmen. Tegelijk volgen we de ontwikkeling van innovatieve technieken, zoals tidal kites, blue energy en golfenergie, zodat we deze - zodra ze technisch en economisch haalbaar zijn - kunnen opnemen in de Friese energiemix.</Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Windenergie</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Wind blijft een belangrijke bron van schone elektriciteit, we staan het opwekken van windenergie onder voorwaarden toe. Initiatieven moeten bijdragen aan Friese opgaven, zoals het verminderen van netcongestie, het betaalbaar houden van energie voor de Friese inwoners, en het verbeteren van de energievoorziening voor bedrijven. Daarnaast streven we naar clustering van wind om grote spreiding over landschap te voorkomen en de impact op het woon- en leefmilieu beperkt te houden. </Al>
		      <Al>We beginnen op die plekken waar de energievraag het grootst is: bij de grote energievraagclusters Leeuwarden, Heerenveen, Drachten, Sneek en Harlingen. Gekoppeld aan de lokale energievraag zijn windturbines daar mogelijk als onderdeel van energiehubs of collectieve oplossingen voor netcongestie. We passen de regelgeving daarop aan. </Al>
		      <Al>De grotere energievraagclusters liggen grotendeels in de uitnodigingszones. Dit zijn zones waar meerdere opgaven samenkomen, zoals groei van bedrijventerreinen, laadinfrastructuur en woningbouw. Door de koppeling van windturbines aan de opgaven in deze uitnodigingszones borgen we de ruimtelijke kwaliteit en de samenhang met andere opgaven, ook tussen gemeenten.  </Al>
		      <Al>Daarnaast bieden we ruimte voor windturbines bij middelgrote energievraagclusters; deze koppelen we aan het opruimen van bestaande turbines. Windturbines, in clusterverband, zijn hier mogelijk als deze bijdrage aan een collectieve oplossing of als onderdeel van een energiehub. Gemeenten zijn aan zet om het proces te leiden en het borgen van de randvoorwaarden zoals het lokaal eigendom.</Al>
		      <Al>Per saldo leidt dit tot minder turbines en meer energieoplossingen in de provincie. In Fryslân staan momenteel 384 windturbines, waarvan een groot deel (ongeveer 200) het einde van de technische levensduur nadert. Omdat veel oude vergunningen geen einddatum hebben, verdwijnen deze turbines niet vanzelf. We maken gezamenlijk met de Friese gemeenten afspraken over hoe we het saneren van oude windturbines kunnen koppelen aan nieuwe opwek. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor een zorgvuldige locatieafweging en het organiseren van draagvlak.</Al>
		      <Al>Lusten en lasten worden eerlijk verdeeld: opbrengsten blijven zoveel mogelijk binnen de provincie, met minimaal 60% lokaal eigendom (bewoners, een collectief van lokale bedrijven, en/of overheid) als uitgangspunt. Windturbines worden toegestaan voor een periode van maximaal 25 jaar. In het ontwerpproces streven we naar zo veel mogelijk ruimtelijke kwaliteit en houden we rekening met gezondheidseffecten. </Al>
		      <Al>Erfmolens zorgen in Fryslân voor lokale opwekking van elektriciteit voor gebruik op het boerenerf. In het nieuwe Energieprogramma bekijken we opnieuw de rol van kleinschalige windturbines en hun bijdrage aan de provinciale energiedoelen. We letten daarbij nadrukkelijk op de effecten voor natuur, landschap en landbouw.</Al>
		      <Al>We kiezen bewust voor grotere, samenhangende windoplossingen en staan geen nieuwe, solitaire dorpsmolens toe. Met deze keuze leveren we meer bijdragen aan de energieopgaven en spelen we beter in op actuele randvoorwaarden, zoals voldoende netcapaciteit, landschapskwaliteit en een betrouwbare energievoorziening. Vanwege de ruimtelijke impact wijken we hier af van het principe ‘vraag en aanbod bij elkaar’. Het principe van dorpsmolens – energie voor en door de Friezen – blijft voor ons belangrijk. Daarom zorgen we ervoor dat dorpen en coöperaties kunnen participeren in en betaalbare stroom kunnen afnemen van deze windopstellingen. Zo combineren we lokale participatie en lokale stroom met schaalvoordeel en toekomstbestendig energiesysteem. </Al>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>Zonne-energie</i>
                                 </b>
                              </Al>
		      <Al>Fryslân heeft inmiddels voldoende monofunctionele zonneparken gerealiseerd. Met het oog op het zuinig omgaan met landbouwgronden zijn we daarom terughoudend met nieuwe zonneparken op landbouwgronden. Voor een beter opwekprofiel richten we ons de komende jaren vooral op windenergie en zetten we niet meer in op nieuwe monofunctionele zonneparken op landbouwgronden. </Al>
		      <Al>We willen de komende jaren meer ruimte bieden aan multifunctionele toepassingen van zonne-energie, bijvoorbeeld gecombineerd met windenergie, waterberging, RWZI’s, infrastructuur en oeverhoeken, parkeren of agri-PV. Deze vormen van zonne-energie staan we maximaal 25 jaar toe. Ook stimuleren we de toepassing van zon op daken, ook zonder salderingsregeling, waarbij afstemming op het eigen verbruik centraal staat. Daarmee benutten we de beschikbare ruimte efficiënt en beperken we de druk op het elektriciteitsnet. Ontwikkelingen en innovaties in zonne-energie nemen we mee in de regelmatige actualisatie van onze programma’s en de Omgevingsverordening.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Waddeneilanden </b>
                              </Al>
		      <Al>De Waddeneilanden hebben een zelfstandige plek in het Friese energiesysteem. In afstemming met de eilandgemeenten en Liander zien wij de aanleg van nieuwe wadkabels en bijbehorende infrastructuur als een toereikende oplossing voor de toekomstige energievoorziening op de eilanden. Voordat de nieuwe wadkabels in bedrijf zijn, zal in samenwerking met de gemeenten en Liander naar tussenoplossingen voor netcongestie worden gezocht. Maatregelen uit het ‘Actieplan Netcongestie’ bieden daarvoor oplossingen.</Al>
		      <Al>Vanwege de bijzondere omstandigheden op de eilanden is er ruimte voor maatwerk, bijvoorbeeld voor opwekking, om tot een betaalbaar en betrouwbaar nieuw energiesysteem te komen. Gelet op de kwetsbaarheid van het Waddengebied, de unieke landschapskwaliteiten en de Unesco Werelderfgoedstatus gaan wij graag met de eilanden in gesprek over de mogelijkheden voor nieuwe opwekking en opslag van energie. We zien net als op het vaste land geen mogelijkheid voor solitaire windturbines.</Al>
		      <Al>Voor (opschaling van) innovatieve vormen van elektriciteitsproductie uit getijden, stroming en golven geldt dat er geen significante schadelijke effecten mogen optreden. Wij zullen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de eilandgemeenten faciliteren in het verduurzamen van de veerverbindingen naar de Friese Waddeneilanden, met als doel dat deze in 2040 elektrisch varen. Verder onderzoeken we de koppelkansen die gepaard gaan met de elektrificatie van de veerverbindingen. Tegelijkertijd onderzoeken wij de koppelkansen die dit met zich meebrengt.</Al>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Het thema duurzame energie heeft veel raakvlakken met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_694a1baec27c448fb01c16a34f5004a3__list_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5">
			<Li wId="pv21_e01cd4082a3c4a66988e153445dd9102__list_o_5__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Het waterbeheer heeft veel energie nodig. Water kan worden benut voor de verwarming en verkoeling van de gebouwde omgeving. Geothermie en ondergrondse opslag van gassen kunnen het grondwater verontreinigen. Voor de productie van waterstof is veel water nodig. Energie-infrastructuur, zoals elektriciteitsstations, is kwetsbaar voor wateroverlast;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7f6a9e8b4ff14c36a2a0bdb8fa95311d__list_o_5__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving, en leefbaarheid: Duurzame energie levert schone lucht, klimaatbescherming en energiezekerheid. Energieopwekking kan echter ook hinder opleveren en vereist afstemming met een gezond woon- en leefmilieu;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_0216d16aa48243308bd615094e6b86d5__list_o_5__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur en landschap: een schone energievoorziening is gunstig voor natuurwaarden. Duurzame energie kan echter ook hinder voor natuur opleveren en impact op landschap hebben. Wel kan energie samengaan met nieuwe landschappelijke kwaliteit en het stimuleren van biodiversiteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8cd1a9a7bc4e4c009b29a85d44160232__list_o_5__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: Zonnevelden en, in minder mate, windmolens kunnen concurreren met landbouwgrond. Ze leveren ook een nieuw verdienmodel. Boerenbedrijven kunnen mest en organische reststromen omzetten in biogas, wat bijdraagt aan lokale energievoorziening en kansen biedt voor het reduceren van broeikasgasemissies;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_38211621fd1a414d816909b06eb81b95__list_o_5__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Energievoorziening is voorwaardelijk voor wonen. Bij het bouwen van nieuwe woonwijken is aandacht nodig voor de principes van energieplanologie, specifiek ten aanzien van netbewust bouwen, duurzame warmtevoorziening (conform gemeenteplannen), ruimte in de wijk voor energie-infrastructuur en eventuele laadpleinen en energieopslag. Ook het isoleren van woningen is een belangrijk aandachtspunt;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_bb1928b9921342af845317d5f797752d__list_o_5__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie: Energievoorziening is voorwaardelijk voor de economie. Bij het ontwerpen van nieuwe bedrijventerreinen wordt rekening gehouden met de principes van energieplanologie: er moet ruimte zijn voor energie-infrastructuur en worden gelet op de beoogde duurzame warmtevoorziening. Bedrijven kunnen met flexibel gebruik van elektriciteit en het toepassen van slimme technieken netcongestie beperken. Bovendien is energiebesparing belangrijk;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a4373bd169994fa39eb307fa94d084cb__list_o_5__item_o_7" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Mobiliteit: Energie is voorwaardelijk voor de mobiliteit in de provincie. Verschillende duurzame brandstoffen kunnen worden benut voor de verduurzaming van de mobiliteit – o.a. in clean energy hubs. Netcongestie is een belemmering voor de elektrificatie van vervoer, netbewust laden is daarom belangrijk;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ce61b9bb14b64d1e9be8103d438b038d__list_o_5__item_o_8" eId="div_B__div_4__content_4.2__list_o_5__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Er liggen kansen voor de elektrificatie van de pleziervaart en het realiseren van energiehubs bij (jacht)havens.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <i>
                                    <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_energie.pdf?cb=ZeQFSwX6">Structuurkaart Energie </ExtRef>(zie </i>
                                 <i>
                                    <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>
                                 </i>
                                 <i>)</i>
                              </Al>
		      <Al>
                                 <i>Op deze kaart staat het huidige en toekomstige netwerk van energievoorziening met hoogspanningsleidingen, de toekomstige waterstofbackbone en de aanlanding van waterstof en wind van zee. Daarnaast laat het zien waar we nu fossielvrij energie opwekken met windturbines en zonnepanelen. Met bruine rasters is aangegeven waar de grootste energievragers liggen. Het is effectief om in de nabijheid daarvan nieuwe energieopwekking te situeren; de uitnodigingszones stedelijk op de Visiekaart geven aan waar we deze ruimte zoeken, samen met onze partners. De kaart laat ook zien dat er ruimtelijk winst te behalen is door met name in het kleigebied oudere windturbines te saneren.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_b59ce00beb94432bab2fef571891c020__div_o_3__content_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.3</Nummer>
		      <Opschrift>Mobiliteit</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>
                                 <b>Mobiliteit speelt een sleutelrol in de ontwikkeling van Fryslân. Zonder mobiliteit van personen en goederen kan geen enkele moderne samenleving of economie functioneren. Mobiliteit is dan ook een belangrijke pijler onder zowel onze welvaart als ons welzijn. Tegelijk heeft mobiliteit impact op de leefomgeving, in de vorm van ruimtebeslag, geluid, uitstoot en veiligheidsrisico’s. Dat daagt ons uit om slim met mobiliteit om te gaan. We zetten in op duurzame, fossielvrije mobiliteit en het goed afstemmen en combineren van modaliteiten.</b>
                              </Al>
		      <Al>Mobiliteit draagt direct bij aan de brede welvaart: verplaatsing van mensen en goederen vergroot de leefbaarheid, maakt economische ontwikkeling mogelijk en is onmisbaar in een gezonde, duurzame leefomgeving waarin mensen regie over hun eigen leven hebben. Adequate bereikbaarheid van voorzieningen, zowel in het landelijk gebied als in stedelijke gebieden en dorpskernen, is een belangrijke basisvoorziening. Tegelijkertijd proberen we het aantal verplaatsingen te beperken door wonen, werken en voorzieningen bij elkaar te brengen (zie Trias Mobilica, 3.3).</Al>
		      <Tussenkop>Verbinden</Tussenkop>
		      <Al>Onze uitgangspositie is goed: we beschikken over meerdere goed ontwikkelde netwerken per vervoersmodaliteit. Deze netwerken gaan we slimmer en beter met elkaar verbinden, zodat een samenhangend vervoerssysteem ontstaat dat de mobiliteit van mensen en goederen effectief faciliteert zonder afbreuk te doen aan de omgevingskwaliteit. Mobiliteit staat in nauw verband met ruimtelijke ordening, maar ook met vitale maatschappelijke functies als wonen, werk, zorg, onderwijs, productie, dagelijkse boodschappen en recreatie.</Al>
		      <Al>Als provincie beheren, onderhouden en investeren we in de regionale hoofdinfrastructuur die bestaat uit provinciale wegen en vaarwegen - inclusief bruggen, sluizen en aquaducten - en fietspaden. Ook zijn we verantwoordelijk voor verkeersveiligheid en bereikbaarheid. En als consessiebeheerder zijn we bovendien verantwoordelijk voor regionale vormen van openbaar vervoer binnen de provinciegrenzen. Ook werken we aan mobiliteitshubs, ketenmobiliteit en gedragsverandering om deze infrastructuur beter onderling te verbinden en te benutten. Tenslotte is de provincie het bevoegd gezag voor burgerluchthavens van regionale betekenis. Samen met gemeenten, het Rijk, vervoerders en maatschappelijke organisaties zorgen we zo voor een slim, veilig en duurzaam mobiliteitssysteem.</Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_5a6f6b8816b741a2a61557aadad05d36__recital_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.3__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Streefbeeld 2050</b>
                                 </Al>
			<Al>In 2050 beschikt Fryslân over een samenhangend mobiliteitssysteem dat mensen, dorpen, steden en bedrijven op een slimme en duurzame wijze met elkaar verbindt. Dit systeem is betrouwbaar, veilig en toekomstbestendig. De verschillende vervoerswijzen zijn duurzaam en sluiten, mede dankzij een fijnmazig netwerk van mobiliteitshubs en transferia, perfect op elkaar aan. De opkomst van deelmobiliteit heeft daaraan ook bijgedragen.</Al>
			<Al>Inwoners en bezoekers kunnen zich vlot, veilig, betaalbaar en fossielvrij verplaatsen – te voet, met de fiets, met het openbaar vervoer en de auto – terwijl goederen efficiënt en steeds duurzamer over water en land worden vervoerd. De Friese havens en bedrijfslocaties zijn adequaat verbonden met de nationale en Europese transportcorridors. Mede hierdoor heeft Fryslân zijn economische positie de afgelopen decennia versterkt.</Al>
			<Al>De onbemande luchtvaart heeft letterlijk en figuurlijk een vlucht genomen. Drones worden breed ingezet ten behoeve van bijvoorbeeld (land)bouw en natuur, medicijnvervoer en onderhoud en inspecties van infrastructuur, gebouwen, windturbines en zendmasten. Dit gebeurt binnen duidelijke kaders die hiervoor zijn ontwikkeld.</Al>
			<Al>We benutten de bestaande infrastructuur optimaal, verbinden netwerken slim met elkaar en stemmen mobiliteit en ruimtelijke en economische ontwikkelingen op elkaar af. Zo is Fryslân goed bereikbaar, leefbaar en aantrekkelijk, nu en in de toekomst.</Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven en doelen</Tussenkop>
		      <Al>Op het vlak van de mobiliteit liggen er voor de provincie Fryslân een aantal opgaven. We laten ze hieronder de revue passeren.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Een bereikbaar Fryslân voor iedereen</b>
                              </Al>
		      <Al>Inwoners en bezoekers moeten zich vlot, veilig, betaalbaar en duurzaam kunnen verplaatsen – naar werk, onderwijs, zorg en vrijetijdsbesteding. Een goede bereikbaarheid van voorzieningen is essentieel voor de leefbaarheid. Door de grote afstanden en de relatief lage bevolkingsdichtheid ligt die opgave in Fryslân anders dan in meer stedelijke provincies. Voor veel voorzieningen moeten we verder reizen en het openbaar vervoer is minder fijnmazig. Dit vergroot de afhankelijkheid van de auto en maakt het organiseren van een duurzaam en inclusief mobiliteitssysteem complexer. Maar hoe dan ook streven we vervoersgelijkheid na. De uitdaging is om alle inwoners – in de stad én op het platteland – deel te laten nemen aan de samenleving door blijvend toegang te geven tot voorzieningen. Zonder dat dit leidt tot meer verkeersdruk of hogere uitstoot.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Goederenstromen duurzamer en slimmer organiseren</b>
                              </Al>
		      <Al>Goederenstromen zijn onmisbaar voor de Friese economie. Wij zien het als een opgave om deze stromen duurzamer en slimmer te organiseren - met gebruik van bestaande verbindingen – ook en vooral over het water. De uitdaging is om de logistiek zodanig te versterken dat ze goed samengaat met onze ambities rond andere thema’s.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Ondersteuning van niet-fossiele mobiliteit</b>
                              </Al>
		      <Al>Aanleg, uitbreiding en onderhoud van laadinfrastructuur voor de ondersteuning van niet-fossiele mobiliteit is een belangrijke opgave in relatie tot de Friese mobiliteit. Toegang tot energie is een voorwaarde voor duurzame en betaalbare mobiliteit. Deze opgave ligt in het verlengde van paragraaf 4.2 ‘Energie’. In die paragraaf gaat het vooral over de energietransitie in algemene zin. Bij mobiliteit is de uitdaging die transitie uit te breiden tot het personen- en goederenvervoer. En om daar bij de inrichting van de ruimte rekening mee te houden.</Al>
		      <Al>In relatie met de hierboven genoemde opgaven sturen we aan op een mobiliteitssysteem dat voorziet in een reeks van doelen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_b48931f5db0647b6bbbc3317fd8b2b41__list_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1">
			<Li wId="pv21_95af064fcfd0459c96b581f32660bcdf__list_o_1__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Veilige, vlotte, betaalbare en fossielvrije verplaatsing, voor iedereen in Fryslân en voor bewoners en bezoekers. Functies en voorzieningen zijn beter bereikbaar, rekening houdend met leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4b2ef7dcba0e45bdb19e03d4cb0f01e7__list_o_1__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Goede samenhang en onderlinge aansluiting van verschillende vervoerswijzen – lopen, fietsen, openbaar vervoer, deelmobiliteit en auto. Opgezet volgens het STOMP-principe: Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as a Service (MaaS) en Personenauto (zie 3.3);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3e3fcc0573714f6caa9ab0a7aae5361c__list_o_1__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Een sterke regionale OV-hoofdstructuur met snelle en comfortabele bus- en treinverbindingen en een fijnmazige bereikbaarheid met publiek en privaat vervoer daarbuiten. De door het Rijk geplande Lelylijn kan hierin – op langere termijn – een belangrijke schakel worden die de Randstad en Noord-Nederland verbindt. Ook aan snelle verbindingen binnen Noord-Nederland, met onder meer Groningen en Flevoland, zal de Lelylijn bijdragen; </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6bd0282a74ef4e18860a0d845e9c650f__div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Betere verbinding van het platteland en de dorpen met de steden en vervoersknooppunten. Regionale voorzieningen zijn in 2035 vanuit alle delen van Fryslân beter bereikbaar (sneller, gemakkelijker en goedkoper);</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3565e3544f6d4fd5bd5c103b9aaa562c__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Toename van het goederentransport over water, zowel in volume als in waarde;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_8e55607a48e641f0b1ba1d8a478374a4__div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Geen verkeersdoden in 2040. Tussendoel 2030: een zichtbare kentering naar minder verkeersdoden en gewonden ten opzichte van 2025;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6781106886b044c189dfa9f0e4739cf1__div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Optimale benutting van bestaande luchtvaartlocaties. Bij voorkeur geen uitbreiding van het aantal luchthavens. </Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Hoe gaan we dat doen?</Tussenkop>
		      <Al>Voor de aanpak van de geschetste opgaven en het bereiken van de gestelde doelen zien we een reeks van oplossingen. We schetsen de richtingen hieronder.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Beter verbinden van vervoerswijzen</b>
                              </Al>
		      <Al>In een mobiliteitssysteem volgens het STOMP-principe (zie 3.3), is lopen of fietsen vaak het eerste en laatste onderdeel van een verplaatsing (ketenreis). Door de infrastructuur voor voetgangers en fietsers te verbeteren, en goed aan te sluiten op andere vervoerswijzen, wordt het eenvoudiger om duurzame keuzes te maken en aantrekkelijker om een ketenreis te maken. De elektrische fiets vergroot de actieradius van inwoners aanzienlijk. Met een netwerk van doorfietsroutes willen we belangrijke verbindingen tussen steden en dorpen verbeteren. Door te investeren in fietscomfort, veiligheid en beleving, stimuleren we dat meer mensen de fiets nemen in plaats van de auto.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Versterken van het openbaar vervoer</b>
                              </Al>
		      <Al>Als concessieverlener zorgen we voor directe en snelle regionale trein- en busverbindingen. Via op maat gesneden publiek en privaat vervoer stimuleren we een goede bereikbaarheid van de halteplaatsen vanuit alle delen van de provincie.</Al>
		      <Al>Het hoofdrailnet richting Zwolle en verder, verbindt Fryslân met andere landsdelen; met het Rijk streven we hier naar snelle en frequente treinen. Het oplossen van de flessenhals bij Meppel heeft hoge prioriteit, evenals de aanleg van een spooraquaduct onder het Van Harinxmakanaal in Leeuwarden.</Al>
		      <Al>De regionale spoorverbindingen zorgen voor regionale bereikbaarheid en aansluiting op het nationale spoornetwerk. De spoorlijn Leeuwarden – Groningen heeft een belangrijke interprovinciale functie, met een toenemend aantal reizigers. Samen met de provincie Groningen zetten we in op het verduurzamen van deze lijn en op het verhogen van de frequentie van het aantal treinen.</Al>
		      <Al>Met het Rijk en noordelijke overheden participeren we in het aanvullend onderzoek naar tracé, inpassing en effecten van de door het Rijk geplande Lelylijn. En naar de financiering ervan.</Al>
		      <Al>Het openbaar vervoer versterken we verder door de aanleg van mobiliteitshubs: goed bereikbare knooppunten waar reizigers eenvoudig kunnen switchen tussen fiets, auto, openbaar en deelvervoer. Deze hubs vormen de schakels tussen het regionale en lokale netwerk en komen in elk geval bij de stedelijke centra en regiokernen te liggen. Ze verbeteren de benutting van bestaande verbindingen, maken ketenmobiliteit aantrekkelijker en dragen bij aan een robuust vervoerssysteem. Bij de ontwikkeling van hubs nemen we – waar mogelijk – laadinfrastructuur mee, zodat reizigers ook kunnen laden of overstappen op elektrische vervoermiddelen en (elektrisch) deelvervoer.</Al>
		      <Al>Mobiliteitshubs vragen een zorgvuldige ruimtelijke inpassing: niet alleen lokaal, maar ook als onderdeel van een netwerk. Voor een maximaal effect, moeten ze op de juiste plekken gesitueerd worden. Daarbij rekening houdend met sociale veiligheid én met de bereikbaarheid van het platteland en de kleinere kernen, om vervoersarmoede te voorkomen en de leefbaarheid te behouden. Op de kaart van beweging 4 zijn de locaties van de belangrijkste hubs indicatief aangegeven.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Verbinden van mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling</b>
                              </Al>
		      <Al>Een duurzaam mobiliteitssysteem vraagt om slimme ruimtelijke keuzes. Samen met gemeenten versterken we de relatie tussen infrastructuur, mobiliteit en ruimtelijke ontwikkelingen. We stimuleren dat functies die veel verplaatsingen met zich meebrengen – zoals kantoren, onderwijsinstellingen en voorzieningen – nabij OV-knooppunten komen en goed bereikbaar zijn met de fiets. Goed bereikbare stations en haltes zijn geschikte locaties voor levendige milieus met een concentratie van gemengde functies. We stimuleren gemeenten om de omgeving van treinstations en andere OV-knooppunten beter en intensiever te benutten voor functies die gebruik maken van de trein en ander OV. Op deze manier brengen we een goed werkend daily urban system tot stand, waarin wonen, werken en voorzieningen qua ligging en ontsluiting goed op elkaar zijn afgestemd.</Al>
		      <Al>‘Het rondje Fryslân’ is een kansrijk voorbeeld van een optimaal verbonden regionaal mobiliteitssysteem met een koppeling aan ruimtelijke ontwikkeling. We hebben het dan over het beter benutten van OV-verbindingen, zoals de spoorlijnen Groningen-Leeuwarden en Leeuwarden-Sneek. En over het toevoegen van ontbrekende schakels tussen de steden van het Fries Stedelijk Netwerk en tussen het Fries Stedelijk Netwerk en de omliggende regio’s. Dit werkt als een vliegwiel voor economische ontwikkelingen en de gastvrijheidseconomie, maar ook voor wonen, leefbaarheid en de bereikbaarheid van voorzieningen. Ook het omringende landelijk gebied profiteert hiervan. We gaan dit samen met de gemeenten verkennen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Toekomstbestendige en veilige infrastructuur</b>
                              </Al>
		      <Al>De auto blijft, naast de fiets en het OV, onmisbaar voor de bereikbaarheid van niet-stedelijke gebieden. We investeren dan ook blijvend in een verkeersveilige infrastructuur en voldoende doorstroming, zodat automobilisten zich vlot en veilig kunnen verplaatsen. Stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen vormen samen een goed functionerend wegennet dat kernen onderling verbindt. Daarbij hoort ook voldoende laadinfrastructuur, zodat de overstap naar elektrisch rijden – door inwoners én bedrijven – wordt gestimuleerd.</Al>
		      <Al>De bestaande hoofdwegen houden we op orde en passen we waar nodig aan nieuwe eisen aan; we vragen dit ook van andere wegbeheerders. Het kan zijn dat wegen worden opgewaardeerd – zoals de verbinding Leeuwarden-Sneek – of juist afgewaardeerd uit oogpunt van verkeersveiligheid. Ook kunnen inrichtingsmaatregelen als gescheiden rijbanen nodig zijn. We kijken ook naar nieuwe verkeers- en vervoerstechnieken, zoals autonoom rijden, die in de toekomst kunnen bijdragen aan beter gebruik van de bestaande infrastructuur.</Al>
		      <Al>Specifieke aandacht vragen de verouderde kunstwerken, zoals bruggen en viaducten, waarvoor nu al verkeer moet omrijden. We overleggen met het Rijk, en andere partijen, over adequate oplossingen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Meer goederenvervoer over water</b>
                              </Al>
		      <Al>We zetten in op een verschuiving van goederenvervoer van de weg naar het water. De Friese hoofdvaarwegen – het Prinses Margrietkanaal en het Van Harinxmakanaal – bieden voldoende capaciteit en vormen hiervoor de dragende structuur; deze maken deel uit van de Europese North Sea – Baltic corridor. Door vervoer over water te stimuleren, beperken we de verkeersdruk op de weg, verminderen we de CO₂-uitstoot en verbeteren we de efficiëntie van de logistieke keten. </Al>
		      <Al>De uitvoering van de Havenvisie Fryslân is hierin een belangrijke eerste stap. De visie richt zich op het versterken van de samenwerking tussen Friese havens met een industrieel-logistiek karakter en op het beter benutten van watergebonden bedrijventerreinen; met als voorwaarde dat dit past bij de vaarwegklasse. Zo willen we de economische betekenis van deze locaties bestendigen, de mogelijkheden van vervoer over water verder benutten en de circulaire economie een impuls geven.</Al>
		      <Al>We blijven ons inzetten voor veiligheid van waterverkeer. Specifiek waar het gaat om de afstemming tussen recreatie- en beroepsvaart.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Verbeteren van verbindingen</b>
                              </Al>
		      <Al>Voor een goed functionerend logistiek netwerk is samenhang tussen weg en water essentieel. We werken daarom aan het oplossen van knelpunten bij bruggen, sluizen en weg-waterkruisingen, zodat goederenvervoer veiliger en efficiënter kan plaatsvinden. Via de hoofdvaarwegen, en de koppeling met het Europese TEN-T-netwerk, versterken we onze positie binnen regionale en internationale goederenstromen.</Al>
		      <Al>Goede externe bereikbaarheid van onze toegangspoorten via het water is een belangrijke voorwaarde voor goederenvervoer over het water. In dit verband vragen we aandacht voor de vaarwegen vanaf de Noordzee en het IJsselmeer via Harlingen richting het Van Harinxmakanaal en voor de vaarweg vanaf het IJsselmeer naar Lemmer en het Prinses Margrietkanaal.</Al>
		      <Al>Daarnaast onderzoeken we andere mogelijkheden om de logistiek verder te optimaliseren – bijvoorbeeld door betere aansluiting van bedrijventerreinen op vaarwegen. Ook op logistieke knooppunten, zoals bedrijventerreinen en overslaglocaties, nemen we laadinfrastructuur standaard mee bij herstructurering of nieuwe ontwikkeling. Daar kunnen aanvullende voorzieningen aan gekoppeld worden, zoals uitbouw tot <i>clean energy hubs</i> en verzorgingsplaatsen voor (inter)nationaal vrachtverkeer.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Ontwikkeling van luchtverkeer</b>
                              </Al>
		      <Al>Om de kansen die (onbemande) luchtvaart biedt te kunnen benutten, werken we – in overleg met partners – aan nieuw luchtvaartbeleid binnen het programma milieu/gezonde leefomgeving. We willen de ontwikkelingen in de luchtvaartsector verder verkennen en waar mogelijk – met oog voor veiligheid, leefomgeving en ruimtelijke kwaliteit – samenwerken, ondersteunen en reguleren binnen onze wettelijke taken. Wij gaan voor een omslag naar een slimmere en meer duurzame luchtvaart en luchthavenontwikkeling. Voor onbemande luchtvaart (drones) volgen we de ontwikkelingen en onderzoeken we de behoefte aan test- en experimenteerruimte en onze mogelijke rol in het lagere luchtruim.</Al>
		      <Al>We onderscheiden verschillende categorieën van terreinen voor het opstijgen en landen van luchtvaartuigen (vliegtuigen, helikopters, zweefvliegtuigen, paramotorvliegers, drones). Uitbreiding van het aantal luchthavens heeft geen prioriteit.</Al>
		      <Al>Hierop zijn drie uitzonderingen mogelijk:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_6506b66d4eb04002a1b6f30dedc3d394__list_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_2">
			<Li wId="pv21_409227325fec4668a9bd85bd2a70375c__list_o_2__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Luchthavens met een maatschappelijk belang, zoals bij ziekenhuizen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_09b088c135fc48f4a8f59f0636db740e__list_o_2__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Luchthavens met een uitermate innovatief karakter, waarbij de overlast voor de omgeving minimaal is. Denk hierbij aan vertiports voor drones;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9c4a8dde0b1c4f409d495f3981c0db1b__list_o_2__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Luchthavens op locaties waarvoor al meerdere jaren een TUG-ontheffing (Tijdelijk en Uitzonderlijk Gebruik voor landen en opstijgen buiten een officiële luchthaven) is verleend.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Raakvlakken</Tussenkop>
		      <Al>Mobiliteit is nauw verweven met andere thema’s en opgaven in de fysieke ruimte van Fryslân.</Al>
		      <Al>Hieronder sommen we de belangrijkste raakvlakken op.</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_8c17a11bcab44b59b841a849f9833b83__list_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3">
			<Li wId="pv21_e04ac3ab3e4344b2b75c96de4acd90c0__list_o_3__item_o_1" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gezonde en veilige leefomgeving, leefbaarheid: Mensen hebben mobiliteit nodig om te kunnen functioneren; zonder mobiliteit staat alles stil. Mobiliteit geeft ook hinder en kan afbreuk doen aan gezondheid, veiligheid en leefbaarheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_335c214c628f4ab8b747318438a06984__list_o_3__item_o_2" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Bodem en water: Infrastructuur moet klimaatbestendig worden gemaakt en voorbereid op calamiteiten. Daarbij moet rekening worden gehouden met bodem en water. Zettingen in de ondergrond zijn een bijzonder punt van aandacht. Tegelijk is infrastructuur een vereiste voor een klimaatbestendige inrichting. Er zijn kansrijke combinaties denkbaar van mobiliteit en waterveiligheid;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9fbda00aa2174fc39fd959f59cf9524f__list_o_3__item_o_3" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Landbouw: De landbouw heeft wegen nodig voor transport. Grote landbouwvoertuigen belasten de plattelandswegen en kunnen verkeersonveilige situaties opleveren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e456a6d216454d7dbb81329d51c011b1__list_o_3__item_o_4" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Natuur en landschap: Mobiliteit draagt bij aan beleving van - en draagvlak voor - natuur en landschap. Mobiliteit kan de natuur ook belasten en verstoren;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5d6f0c3d59e448e3aa824f35d96ce7e4__list_o_3__item_o_5" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energie: Het fossielvrij maken van mobiliteit is een grote opgave. Hiervoor zijn aanpassingen nodig aan infrastructuur, zoals het realiseren van voldoende elektrische laadvoorzieningen en vulpunten voor groengas en waterstofgas of de elektrificatie van spoorlijnen en veerverbindingen. Het oplossen van de netcongestie is hierbij een voorwaarde;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6ca983203e9245f18f217fbdfb79425a__list_o_3__item_o_6" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wonen: Bestaande en nieuwe woonwijken moeten goed worden ontsloten. De uitdaging is om de bestaande infrastructuur optimaal te benutten door slimme vervoerscombinaties te maken;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_636b5749507843919a87a0af99044a31__list_o_3__item_o_7" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Economie en bedrijvigheid: Bestaande en nieuwe werklocaties moeten goed worden ontsloten. De uitdaging is om bestaande infrastructuur optimaal te benutten en de wijze van ontsluiting goed af te stemmen op de bedrijfstypen. Het filevrij houden van Fryslân is een vestigingsfactor voor bedrijven. Meer vervoer over water biedt kansen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6b4d5e382e7348129366787f8c7f5f01__list_o_3__item_o_8" eId="div_B__div_4__content_4.3__list_o_3__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gastvrijheid: Slimme groei van de gastvrijheidseconomie vraagt een goede ontsluiting, ook van buiten Fryslân, en samenhangende recreatieve netwerken voor varen, wandelen en fietsen. Te veel recreatieverkeer kan op piekmomenten verkeersknelpunten opleveren.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>
                                 <b>
                                    <i>
                                       <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_mobiliteit.pdf?cb=9SqJzosb">Structuurkaart Mobiliteit</ExtRef>
                                    </i>
                                 </b> <i>(zie <IntRef ref="div_D__content_o_2">kaartenboek</IntRef>)</i></Al>
		      <Al>
                                 <i>Op deze kaart staan de belangrijkste onderdelen van het mobiliteitsnetwerk . Het bestaande netwerk is redelijk goed ontwikkeld maar willen we slimmer verbinden en optimaliseren. Soms leidt dit tot verbeteringen van de verbinding zelf, soms tot het toevoegen van knooppunten zoals mobiliteitshubs. We houden het Prinses Margrietkanaal en het Van Harinxmakanaal incl. zijtakken goed bevaarbaar en stimuleren meer goederenvervoer over water. We zoeken naar een duurzame oplossing voor de veerverbinding naar Ameland. De door het Rijk geplande Lelylijn met mogelijke halteplaatsen is indicatief aangegeven, als nieuwe, snelle spoorverbinding binnen Noord-Nederland en richting Randstad en Duitsland e.v.</i>
                              </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
	      </Divisie>
	      <Divisie wId="pv21_55aa20e9f42243c8b2dd587b02e23fc2__div_o_3" eId="div_C">
		<Kop>
		  <Label>Deel</Label>
		  <Nummer>C</Nummer>
		  <Opschrift>GEBIEDSGERICHTE VERDIEPING</Opschrift>
		</Kop>
		<Divisietekst wId="pv21_6838bb4bf44b42b6b4b27f266a8115d1__div_o_3__content_o_1" eId="div_C__content_o_1">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Leeswijzer</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Voor u ligt het deel Gebiedsgerichte Verdieping</Al>
		    <Kadertekst wId="pv21_bc0691e2b4af4732b230fae03db498d4__recital_o_1" eId="div_C__content_o_1__recital_o_1">
		      <Al>
                                 <b>Leeswijzer Gebiedsgerichte Verdieping</b>
                              </Al>
		      <Al>Dit deel Gebiedsgerichte Verdieping beschrijft hoe de bewegingen, de doelen en de thema’s hun uitwerking krijgen in acht Friese regio’s én in zes zogenaamde uitnodigingszones. We sluiten aan bij de vaker gehanteerde gebiedsindeling: Oostergo, Westergo, Lage Midden, Gaasterland, Wadden, IJsselmeer/Waddenzee, Noordelijke Wouden en Zuidelijke Wouden. Voor elk gebied beschrijven we het profiel om vervolgens een perspectief te schetsen van hoe deze provinciale Omgevingsvisie gestalte krijgt in elk gebied. Op het Fries stedelijk netwerk en de uitnodigingszones rond de steden gaan we vervolgens nog afzonderlijk in.</Al>
		      <Al>Met de term uitnodigingszone introduceren we een nieuw concept. In deze zones komen meerdere opgaven samen. Nóg meer dan voor andere gebieden, geldt in de uitnodigingszones dat we als provincie niet bepalen welke ruimtelijke oplossingen we vinden en hoe we die vorm geven. We nodigen de gemeenten en andere betrokkenen nadrukkelijk uit om samen om tafel te gaan en initiatief te tonen. Voorafgaand aan de planvorming stemmen we met elkaar de rollen af. Daarmee geven we de samenwerking vorm die aan de uitnodigingszones inhoud moet geven.</Al>
		    </Kadertekst>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_c21110feae234f2cbefd9bba129dc64d__div_o_3__content_o_2" eId="div_C__content_o_2">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Inleiding</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Als logisch vervolg op de thematische verdieping in het voorgaande deel van deze Omgevingsvisie, geven we in dit deel, zoals de titel al aangeeft, een verdieping op gebiedsniveau, overal waar dat relevant is. Daarbij maken we gebruik van de lagenbenadering, die het systeem van het landschap inzichtelijk maakt. <br/>Naast deze gebiedsindeling zijn er andere organisatorische indelingen, waarbinnen we met gemeenten o.a. regionale afspraken maken over woningbouw, bedrijventerreinen e.d; deze indelingen en systematiek van werken blijven bestaan.</Al>
		    <Al>In ons omgevingsbeleid maken we afwegingen op basis van de drie lagen. De ondergrond (water- en bodemsysteem) vormt het fundament waarop onze leefomgeving is gebouwd en functioneert. De mogelijkheden en beperkingen van die ondergrond werken vervolgens door in de middelste laag van netwerken (infrastructuur) en de bovenste laag van bebouwing en landgebruik.  </Al>
		    <Al>Tegelijkertijd heeft de middelste laag een eigen dynamiek en ontwikkellogica; netwerken voor energie, economie en mobiliteit zijn daarmee niet alleen volgend, maar ook sturend in ruimtelijke keuzes. Ook de structuur van dorpen en steden heeft invloed op keuzes over het ruimtegebruik en ruimtelijke ontwikkelingen. Zo is er sprake van een voortdurende wisselwerking tussen de lagen op verschillende schaalniveaus. De lagen samen vormen het landschap.  </Al>
		    <Tussenkop>Acht gebieden  </Tussenkop>
		    <Al>De ondergrond bepaalde in Fryslân lange tijd de ontwikkeling van de provincie. Het bouwen op de hogere zandgronden en het optrekken van nederzettingen op terpen zijn daar historische voorbeelden van. Hetzelfde geldt voor de teelt van pootaardappelen op vruchtbare kleigronden en het ontstaan van de weidegebieden op het veen.  </Al>
		    <Al>Door dijken aan te leggen, polders te ontwateren en kunstmest te gebruiken, hebben wij water en bodem – en daarmee het landschap – steeds meer naar onze hand kunnen zetten. Dit bracht ons veel, maar levert ook problemen op. Versterkt door de klimaatverandering is de huidige inrichting van – en onze omgang met – het water- en bodemsysteem niet langer toekomstbestendig. Daarmee is het leefbaar houden van onze leefomgeving een urgente opgave die vraagt om een ruimtelijke herijking en mogelijke herinrichting en herverdeling van diezelfde leefomgeving.  </Al>
		    <Al>Door daar per gebied richting aan te geven, kunnen we met de Omgevingsvisie beter inspelen op de specifieke situatie in – en mogelijkheden van – betreffend gebied. Daarmee bieden we per gebied een richtinggevend kader voor maatwerk. In samenspraak met gebiedspartijen, inwoners en bedrijven, komen we zo samen tot oplossingen die aansluiten op de regionale kenmerken en kwaliteiten.  </Al>
		    <Al>Op basis van de grondsoort, water- en bodemsysteem en verschillen in sociaaleconomische structuur, ontsluiting, bewoningsgeschiedenis en natuur- en landschapswaarden komen we tot acht verschillende gebieden. We beschrijven per gebied de voornaamste, richtinggevende kenmerken en waarden. Dat doen we ook voor de steden, de regiokernen en de dorpen. Ook zoomen we vervolgens apart in op de uitnodigingszones van de stedelijke gebieden.</Al>
		    <Al>Uiteraard staan de gebieden niet opzichzelf. Er zijn sterke samenhangen tussen de gebieden. Niet alleen wat betreft het water-en bodemsysteem, natuur en landschap, maar ook qua ontsluiting, wonen en werken, voorzieningen en energie. Zo is de hydrologie van de Noordelijke en Zuidelijke Wouden nauw verweven met de condities in het Lage Midden. En bestaan er sterke sociaaleconomische verbanden tussen Oostergo en de Noordelijke Wouden en tussen Westergo en het Lage Midden; de woon-werk relaties vanuit de steden overschrijden sowieso veel gebiedsgrenzen. Bij het gebiedsgericht werken zal hier rekening mee moeten worden gehouden. <br/>De gebieden zijn geen eilanden; veel ontwikkelingen overstijgen deze. </Al>
		    <Figuur wId="pv21_fced6d99b3364a3e859a3aefae178ba2__img_o_1" eId="div_C__content_o_2__img_o_1">
		      <Illustratie naam="prb-2026-4037-15.jpg" breedte="1127" hoogte="872" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, tekst, atlas&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="187"/>
		    </Figuur>
		    <Tussenkop>Sterke steden en dorpen </Tussenkop>
		    <Al>De kenmerken van de dorpen en steden komen voort uit hun ligging, de daaruit voortvloeiende economische pijlers en de invloed van onder andere historische ontwikkelingen en cultuur. Dit leidde in Fryslân tot een structuur van verspreid liggende nederzettingen met elk een eigen identiteit, schaal en eigen behoeften.  </Al>
		    <Al>In deze Omgevingsvisie onderscheiden we een kernenstructuur met een Fries stedelijk netwerk, een tweetal regiosteden (Dokkum en Harlingen), meerdere regiokernen en tal van dorpen. Het is een samenhangende structuur waarin steden, kernen en dorpen elkaar aanvullen en versterken. De diversiteit zorgt voor een robuust netwerk waar de hele provincie van profiteert. Zo liggen er kansen om de concentratie van stedelijke activiteiten te benutten voor de versterking van het voorzieningenniveau in zowel de stedelijke gebieden, de kernen als de dorpen. Economische samenwerking is hierbij van belang. Uitgangspunt is het principe van <i>borrowed size</i>: ook regiokernen en dorpen hebben baat bij de voorzieningen, economische kracht en werkgelegenheid in de nabijgelegen steden.  </Al>
		    <Al>Door de rolverdeling tussen de steden profiteren ze maximaal van agglomeratievoordelen en worden dubbelingen voorkomen. Met het oog op de toekomst fungeert Leeuwarden als grootste stad en primaire schakel in het stedelijk netwerk. Drachten, Heerenveen en Sneek ontwikkelen zich als complementaire steden met een centrumfunctie.  </Al>
		    <Al>De regiokernen zijn geselecteerd op basis van voorzieningenniveau en ruimtelijke spreiding over de provincie. Ze hebben een belangrijke regiofunctie op het gebied van voorzieningen, werkgelegenheid en wonen. De overige dorpen maken het palet compleet met hun eigen identiteit; sterk verbonden met het landschap bieden ze aantrekkelijke en vitale woonplekken.</Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszones, stedelijk en landelijk gebied</Tussenkop>
		    <Al>De opgaven waar we voor staan zijn urgent en vragen om actie en versnelling, zowel in het stedelijk als in het landelijk gebied. Als overheden hebben we ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de leefomgeving. Dit vergt integraliteit, samenwerking op alle schaalniveaus en inzet van de juiste instrumenten. </Al>
		    <Al>In de vijf uitnodigingszones stedelijk en in de uitnodigingszone landelijk gebied Zuidoost Fryslân komen veel opgaven samen; deze behandelen we ook in dit gebiedsdeel. Deze uitnodigingszones vormen de start voor een nieuwe aanpak: ze geven aan waar kansen zijn voor samenwerking en afstemming op bepaalde onderwerpen. Kansen die integraliteit bevorderen en ruimtelijk meerwaarde opleveren. Het zijn geen afgebakende ruimtelijke zones. De begrenzing van de uitnodigingszones is indicatief en flexibel; deze kan meebewegen met de voortgang van de samenwerking en met de kansen die zich daarin voordoen, en met nieuwe ontwikkelingen. </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisie wId="pv21_441d58e338c74efa8fb70f8c8cd7e1dd__div_o_3__div_o_1" eId="div_C__div_1">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>1</Nummer>
		    <Opschrift>Westergo: Wadden- en Waterpoort en vruchtbare grond</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_e20ba5cda05b4860be56af75b8fff6f6__div_o_3__div_o_1__content_o_2" eId="div_C__div_1__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>Het noordwestelijke deel van de provincie duiden we ook wel aan als Westergo. Een gebied met een zeer oud cultuurlandschap. De landbouwgrond is vruchtbaar en de dorpen en steden liggen als compacte, groene bakens in het open landschap.</Al>
		      <Al> Fysisch-geografisch (zie CHK, landschapstypenkaart) en cultuurhistorisch gezien, omvat Westergo de volgende regio’s:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_891ae825c5834357bfb3cab1e518834c__list_o_1" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_c59601a81e1a4f54ad956f428982a415__list_o_1__item_o_1" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Noordelijk Westergo/westelijke Bouhoeke: een regio met elkaar afwisselende parallelle kwelderwallen en kweldervlakten;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e8b9d7a489a34e1cb31eeec893e27175__list_o_1__item_o_2" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kleiterpengebied of Greidhoeke: een regio met bochtige slenken, prielen en oeverwallen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_92cd25c22a4d43e9ad93bb86ea33755d__list_o_1__item_o_3" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zuidelijk Westergo: een regio bestaande uit klei-op-veengebieden, hempolders en latere droogmakerijen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_189bc3369f3c4c11b06d582120356ac3__list_o_1__item_o_4" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Noordelijke Middelsee (Het Bildt) en zuidelijke Middelsee: gebieden ontstaan door inpoldering van de Middelzee;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_461a8b7fa8d54094844ca10582119b37__list_o_1__item_o_5" eId="div_C__div_1__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Marneslenk: een ingepolderde vroegere zeearm ten zuiden van Harlingen.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Figuur wId="pv21_e7aaa2ab01b647539657a815790645f0__img_o_1" eId="div_C__div_1__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-14.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, kunst&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		      <Al>Met steden als Sneek, Harlingen, Bolsward en Franeker is Westergo historisch en economisch sterk verbonden met zowel het zoete water van de meren en het IJsselmeer als met het zoute water van de Waddenzee (in H. 9 over de uitnodigingszones stedelijk, gaan we nader op Sneek, Harlingen en Franeker in). We koesteren de Friese Elfsteden, waarvan de meeste op de klei liggen. Het gebied telt veel beschermde stads- en dorpsgezichten en is rijk aan cultuurhistorie. Denk aan de vele monumentale boerderijen, kerken, staten en stinsen. De in het open landschap gelegen terpen, terpdorpen en boerderijen zijn beeldbepalende elementen.</Al>
		      <Al>Andere zichtbare elementen zijn bijvoorbeeld de windmolensvoor het opwekken van elektriciteit die sinds de jaren tachtig deel uitmaken van het landschap in de Súdwesthoeke (het zuidelijke deel van Westergo, Het Lage Midden en Gaasterland). De eerste windmolen werd in 1988 in Baburen geplaatst op particulier initiatief. In de jaren daarop verrezen er meer molens en al snel verschenen ook de eerste windturbines langs de kust. Zeer kenmerkend is het windmolenpark op het vasteland bij de kop van de Afsluitdijk (Nij Hiddum-Houw). Windmolens zijn vanaf grote afstand te zien en maken onderdeel uit van de beleving van het open weidelandschap. </Al>
		      <Al>Na afsluiting van de Zuiderzee (1932) kwamen zandplaten langs de Friese kust droog te liggen. Tegenwoordig zijn dit beschermde natuurgebieden. Ze zijn rijk aan unieke flora en fauna. Een mooi voorbeeld hiervan is de <ExtRef soort="URL" ref="https://fryslan.maps.arcgis.com/apps/MapJournal/index.html?appid=a8a6e8fd89b6429f916e6a9a9c64fce5">Makkumerwaard.</ExtRef> De landbouw draagt bij aan de weidse en open structuur in het gebied.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_da995f6ee8a84c58ba4b17b01d3ebbf1__content_o_1" eId="div_C__div_1__content_1.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.2</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Westergo bouwt – net als Oostergo – aan een duurzame en circulaire landbouw, met aandacht voor klimaatadaptatie en biodiversiteit; samenwerking tussen de akkerbouw op de kwelderruggen en de melkveehouderij op de overige gronden bevordert dit. Er wordt ingezet op synergie tussen de kennisinstellingen van de stad en de praktijkervaringen in het landelijk gebied. Tegelijk positioneert Westergo zich, met de maritieme en circulaire haven van Harlingen en de Maritieme Academie, als een internationale waddenpoort die deel uitmaakt van de North Sea Baltic corridor. </Al>
		      <Tussenkop>Dragers</Tussenkop>
		      <Al>Het stelsel van historische steden en waterwegen vormt de drager van een krachtig toeristisch-economisch netwerk. De nederzettingen, dorpen, steden en buurtschappen in Westergo vertellen het verhaal van het leven met de zee. Gelegen op kwelderruggen en/of terpen, meestal met een vrij compacte stedenbouwkundige structuur, hebben zij allemaal een eigen silhouet. Kenmerkend is het contact met het omliggende landschap, door de situering van de kerk, een kaatsveld, een stinzenpark, eendenkooi of kerkenpad.  </Al>
		      <Al>De terpen, terpdorpen en beschermde stads- en dorpsgezichten zijn hecht met het gebied verbonden. Oude laagtes, kweldervlakten, restanten van prielen en geulen benutten we om het gebied klimaatbestendig te maken. Een voorbeeld hiervan is het overloop aan de Roptavaart, aangelegd in het kader van de gebiedsontwikkeling Franekeradeel-Harlingen. </Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>De noordelijke zeekleizone kampt zowel in Westergo als in Oostergo met verzilting; de bodemdaling, mede als gevolg van zout- en gaswinning, versterkt dit. In de komende tien tot twintig jaar kan doorspoelen van het systeem, met zoet water, de verzilting van het oppervlaktewater tegengaan. Wel zal er in de toekomst, door klimaatverandering, vaker een tekort aan IJsselmeerwater zijn, wat het doorspoelen bemoeilijkt. Om verzilting van het bovenste grondwater te beperken, werken we op de langere termijn in de akkerbouwzone toe naar vitalere bodems en het behoud van zoetwaterlenzen. Het verhogen van waterpeilen en het verbreden en toevoegen van sloten draagt daaraan bij en zorgt ook voor extra opslag van zoet water.</Al>
		      <Al>Aanvullend kan verzilting in veel gevallen beperkt worden door bijvoorbeeld de aanleg van anti-verziltingsdrainage. De grondgebruiker is daarin zelf aan zet. Op de lange termijn zijn de gevolgen van verzilting mogelijk niet meer overal te voorkomen. De teelt van gewassen die beter bestand zijn tegen verzilting kan een oplossing bieden. Op bedrijfsniveau kan ook het ondergronds opslaan van zoet water soelaas bieden. </Al>
		      <Al>Op het gebied van de waterkwaliteit en biodiversiteit kan een sprong voorwaarts worden gemaakt. De beste kansen liggen in het instellen van hogere waterpeilen in de slenken die hier van oudsher liggen, in combinatie met weidevogelbeheer. Waar mogelijk ontstaan in het waterbeheer grotere eenheden met hetzelfde waterpeil, waardoor er meer diversiteit in natte en droge gronden ontstaat.  </Al>
		      <Tussenkop>Natuur en biodiversiteit</Tussenkop>
		      <Al>Het open kustlandschap van Westergo grenst aan het Natura 2000-gebied en Unesco Werelderfgoed Waddenzee. Deels is het oude reliëf van kwelderruggen en slenken herkenbaar, net als de voormalige Middelzee en de meer dan duizend jaar oude kruidenrijke Slachtedyk. Voor het versterken van de biodiversiteit liggen er veel kansen voor kruidenrijke akkers en graslanden, weide- en akkervogels. Ook dragen de vele historische landschapselementen zoals keringen, terpen, eendenkooien, boomgaarden en stinzenparken hun steentje bij aan de biodiversiteit. Ook zoet-zoutovergangen geven de biodiversiteit een impuls.  </Al>
		      <Tussenkop>Cultuurhistorische sporen</Tussenkop>
		      <Al>Westergo heeft een rijke cultuurhistorie, waarvan terpen, oude dijken en stadjes en dorpen zichtbare sporen vormen. We zorgen ervoor dat klimaatmaatregelen het historische landschap zoveel mogelijk leesbaar houden. Bijvoorbeeld: bij het verbreden van watergangen of aanleggen van retentiegebieden houden we rekening met de historische verkaveling en oude structuren – denk aan dijken en terpen. Door modern waterbeheer te combineren met respect voor het verleden, beschermen we de identiteit van het kleigebied.  </Al>
		      <Al>Dit oude agrarische cultuurlandschap ademt geschiedenis. Die lees je onder meer af aan de kronkelige loop van wegen, de afwisseling van regelmatige en onregelmatige verkavelingen, de aanwezigheid van (voormalige) dijken en waterlopen en de ligging van dorpen en steden als oriëntatiepunten in het landschap. De grootschalige openheid gaat samen met fijnmazige cultuurhistorische dichtheid. Bij ontwikkelingen vragen we dan ook de identiteitsdragers als onderlegger te gebruiken.  </Al>
		      <Al>Behoud en het weer terugbrengen van greppelland of kruinige percelen, in combinatie met kruidenrijk grasland, draagt bij aan het vitaal houden van de bodem, het vasthouden van zoet water, het versterken van de biodiversiteit, het vastleggen van CO2 en aan een aantrekkelijk landschap.  </Al>
		      <Tussenkop>Economie en energie</Tussenkop>
		      <Al>Westergo is één van de belangrijke Friese landbouwgebieden. Er wordt op efficiënte en innovatieve wijze hoogwaardige zuivel geproduceerd. We zetten in op doorontwikkeling van de melkveehouderij door kringlopen verder te sluiten en daarmee de efficiëntie te verhogen. Ten aanzien van het sluiten van kringlopen liggen er regionale kansen voor samenwerking tussen akkerbouw en veeteelt, maar ook voor verbreding van de bedrijfsvoering met groenblauwe diensten, mestvergisting en korte ketens. Boeren doen veel aan weidevogelbeheer met ondersteuning vanuit het ANLb. <br/><br/>De kleigrond is zeer geschikt voor akkerbouw. Er wordt onder andere pootgoed geteeld dat bij draagt aan (inter)nationale voedselzekerheid en innovatiekracht. Vanwege de belangrijke landbouwfunctie van dit gebied, zullen we aan de hand van het afwegingskader voor de landbouwhoofdstructuur, zorgvuldig afwegen of – en waar – landbouwgronden nodig zijn voor woningbouw, bedrijvigheid en energie. Het zoeken naar combinaties en meervoudig ruimtegebruik maakt hier onderdeel van uit. De landbouw draagt bij aan de weidse en open structuur in het gebied.  </Al>
		      <Al>Qua duurzame energie stimuleren we de sanering van turbines van dertig jaar en ouder die in dit gebied in groten getale aanwezig zijn. Op de langere termijn is de elektrificatie van de waddenveren een aandachtspunt in relatie tot de opwekking van duurzame energie in dit gebied. </Al>
		      <Al>Ook andere sectoren vragen aandacht. Denk aan de circulaire, maritieme en recreatieve sectoren met Sneek als koploper op het gebied van duurzame watersport. Harlingen als waddenfront heeft een belangrijke functie als multimodaal overslagpunt, nabij de zeehaven. Samen met Franeker kan Harlingen deze positie verstevigen. Aandachtspunt is wel de toename van sediment in de haven. Dat vraagt op termijn meer onderhoud.  </Al>
		      <Tussenkop>Ontsluiting</Tussenkop>
		      <Al>Een fijnmazig routenetwerk zorgt voor ruimere mogelijkheden om het landschap te beleven en om te bewegen, te sporten en te ontmoeten. In het kleigebied kunnen we dit netwerk versterken met bijvoorbeeld de aanleg van boerenlandpaden. Routenetwerken verbinden kernen en voorzieningen. Zo kunnen ze langs bezienswaardigheden, horeca en rust- en informatiepunten leiden. Gekoppeld aan verblijfsrecreatie maken ze het voor bezoekers gemakkelijker en aantrekkelijker om het gebied te verkennen. Om verstoring in kwetsbare perioden zoveel mogelijk te voorkomen, wordt er bij aanleg en openstelling rekening gehouden met aanwezige soorten (zoals reeën, hazen en vogels). </Al>
		      <Al>Leefbaarheid en bereikbaarheid zijn onderling hecht verbonden. In deze regio voorzien we op een aantal plekken in mobiliteitshubs om basisvoorzieningen voor iedereen bereikbaar te houden. Aandachtspunt in dit verband is ook de provinciale weg N354. Deze stroomweg voldoet straks niet meer aan de eisen die het Rijk stelt. Afwaardering of aanpassing van de weg is daarmee aan de orde.  </Al>
		      <Tussenkop>Dijkversterkingen en de toekomst</Tussenkop>
		      <Al>Langs de IJsselmeer- en Waddenkust werken we samen met het Rijk en Wetterskip Fryslân aan een integrale aanpak voor waterveiligheid. Benodigde dijkversterkingen koppelen we waar mogelijk aan natuurverbetering (bloemrijke dijken, nieuwe natuurgebieden of slenken langs de dijk), recreatie (bijvoorbeeld nieuwe fiets- of wandelpaden op dijken), waterkwaliteit en landbouw. De versterking tussen Koehool en Lauwersoog zorgt ervoor dat de waddendijk op dit tracé vanaf 2027 weer vijftig jaar op sterkte is. Later dit decennium start de aanpak van de dijk tussen Koehool en Zurich. De zeespiegelstijging – en meer extreme weersomstandigheden – vragen richting toekomst ruimte en slimme oplossingen.  </Al>
		      <Al>Richting de toekomst verkennen we met het Rijk hoe om te gaan met de veranderingen in het peilbeheer van het IJsselmeer. Dit is nodig met het oog op voldoende zoetwateraanvoer tijdens droge perioden en het beter verdelen van zoetwater bij schaarste, zodat het kleigebied voldoende water houdt. We kijken daarbij bijvoorbeeld ook naar de gevolgen voor de buitendijkse functies (natuur, recreatie, bedrijvigheid). Via het <i>Programma Versterking Friese IJsselmeerkust</i> creëren we klimaatbestendige landschappen langs de kust.  </Al>
		      <Tussenkop>Regiokernen</Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>Bolsward</b> </Al>
		      <Al>Bolsward kan zich ontwikkelen tot een energieneutrale woonstad met regionale uitstraling, terwijl Sneek de rol van centrumstad vervult. Samen vormen ze een complementair duo dat Súdwest-Fryslân positioneert als duurzame en aantrekkelijke regio, met een gunstige ligging ten opzichte van de Randstad. Door samenwerking rond waterstof, circulaire economie en energietransitie kan een regionaal kennis- en bedrijvencluster ontstaan rond Bolsward. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Sint Annaparochie</b> </Al>
		      <Al>Regiokern Sint Annaparochie kan zich verder ontwikkelen als vitale kern in de gemeente Waadhoeke, met nadruk op woningbouw, centrumvernieuwing, regionaal gebonden bedrijvigheid, en een veilige, aantrekkelijke inrichting van de openbare ruimte. Om haar positie te behouden en te versterken wordt ingezet op een mix van betaalbare woningen en gemengde bedrijvigheid, een toekomstbestendig centrum en adequate voorzieningen. Door de aanleg van de Noordwesttangent en de Haak om Leeuwarden is de ontsluiting van het dorp verbeterd.  </Al>
		      <Al>
                                 <b>Workum</b> </Al>
		      <Al>Workum is één van de elf Friese steden, met een aantrekkelijk historisch centrum en ligging aan het IJsselmeer. Daarmee is Workum van recreatieve betekenis. In deze regiokern zetten we in op de woningbouw, met een zuidelijke uitbreiding met nieuwe woningen voor starters, jongeren en ouderen. Dit onderdeel van de Friese regionale woondeal moet het tekort aan betaalbare woningen verlichten. Overall is het perspectief gericht op brede welvaart: een kern waar het goed wonen, werken en recreëren is. En een kern die een verzorgings- en werkgelegenheidsfunctie heeft voor de regio.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Koudum</b> </Al>
		      <Al>Vanwege de centrale ligging in Zuidwest-Fryslân merken we Koudum aan als regiokern. Het dorp vervult een centrumfunctie in het gebied tussen Workum, Hindeloopen en Balk. Het is belangrijk deze status zodanig vorm te geven dat woningbouw en voorzieningen de structuur van het dorp versterken. Het dorp is onderdeel van het Nationaal Landschap Zuidwest Fryslân en vormt een schakel tussen water en land, ideaal voor watersport, fiets- en wandelroutes. Koudum heeft vooral inbreidingsplannen, aangevuld met enkele kleinschalige uitbreidingen. De strategie is gericht op behoud van voorzieningen voor leefbaarheid, betaalbare woningen en beperkte groei, passend bij het dorpse karakter.  </Al>
		      <Al>
                                 <b>Makkum</b> </Al>
		      <Al>Makkum heeft naast maritieme bedrijvigheid een belangrijke recreatiefunctie. Het ontwikkelperspectief van deze regiokern is gericht op het benutten van de unieke ligging aan de IJsselmeerkust, de historische identiteit als visserij- en havenstad en de rol als toeristische trekpleister binnen Súdwest-Fryslân. Makkum kan zich ontwikkelen als een levendige kustkern waar wonen, werken (maritieme bedrijvigheid), toerisme en cultureel erfgoed elkaar versterken. Het erfgoed van Makkum – aardewerk, vissersgeschiedenis, monumentale panden – maakt het dorp onderscheidend. </Al>
		      <Al>In <IntRef ref="div_C__content_9">hoofdstuk 9</IntRef> over de uitnodigingszones, gaan we voor de uitnodigingszone Harlingen-Franeker nader in op de ontwikkeling van regiokern Franeker. </Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen</Tussenkop>
		      <Al>Dorpen als Berlikum en Tzummarum ademen nog echt de sfeer van (terp)dorpen op de klaai, waar ‘Frysk wenjen’ samengaat met authentiek landelijk wonen. Voldoende woningen en een goede bereikbaarheid zijn belangrijk ingrediënten van de leefbaarheid, met name om jonge mensen aan deze en andere dorpen te blijven binden. Dorpen in de nabijheid van het Fries stedelijk netwerk kunnen hun positie als aantrekkelijke woonkern versterken.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_8540146972fd45fc9cc91b3bf6b14045__div_o_3__div_o_2" eId="div_C__div_2">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>2</Nummer>
		    <Opschrift>Oostergo: Motor van circulaire agro-economie</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_243f5088442a4ef78ee19f7dac7ff19e__div_o_3__div_o_2__content_o_2" eId="div_C__div_2__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>Aan de oostzijde van de voormalige Middelsee, en ten noorden van de zandgronden van de Noordelijke Wouden, ligt het kleigebied Oostergo. De kleiband van Oostergo strekt zich uit van Jirnsum in het zuiden, via Leeuwarden en Stiens naar het noorden. De landschappelijke zonering van dit deelgebied is tamelijk overzichtelijk. Op de kwelderwal, die ten noorden van Leeuwarden in een kromming tot iets voorbij Ternaard loopt, liggen enkele van de oudste Friese terpdorpen. Op de lichte kleigronden overheerst de akkerbouw. Omwille van de afwatering zijn hier veel akkers bolvormig aangelegd, als zogenoemde kruinige percelen. Het kleigebied is een oud gebied waar de geschiedenis nog herkenbaar aanwezig is. De landbouwgrond is vruchtbaar en de dorpen en steden liggen, net als in Westergo, als compacte, groene bakens in het open landschap.  </Al>
		      <Al>Dokkum heeft een belangrijke functie als regiostad, met een vrij groot verzorgingsgebied dat zich uitstrekt tot de Waddeneilanden Ameland en Schiermonnikoog (in H. 9 over de uitnodigingszones stedelijk, gaan we nader op Dokkum in). De komst van De Centrale As (N356) heeft een positief effect gehad op de economische ontwikkeling, bereikbaarheid en leefbaarheid in deze regio. Het Lauwersmeergebied (Natura 2000-gebied en Nationaal Park) is van grote natuurwaarde. Hetzelfde geldt voor Noard Fryslân Bûtendyks dat onderdeel is van Natura 2000-gebied de Waddenzee. Weidevogelgebieden en ganzenfoerageergebieden laten zien dat het verweven van landbouw en natuur kansen biedt.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_92cc41ebf6404f80bba0401f721fe745__img_o_1" eId="div_C__div_2__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-1.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_76a2cbce87064b558193d0fc19fc68d2__div_o_3__content_o_2" eId="div_C__div_2__content_2.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>2.1</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>In Oostergo gaat veel aandacht uit naar de landbouw van de toekomst, met verminderde emissies, gesloten kringlopen en nieuwe eiwitbronnen. Het gebied heeft een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzame en circulaire landbouw. Hier komen agrarische innovaties en duurzaamheidsambities samen. Dokkum zet in op versterking van zijn verzorgingsfunctie voor het Waddengebied en heeft hierin een sleutelrol door zijn verbinding met de regio. Ruimte voor water en groen heeft de stad klimaatadaptief gemaakt. </Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>De noordelijke zeekleizone kampt zowel in Westergo als in Oostergo met verzilting; de bodemdaling, mede als gevolg van gaswinning, versterkt dit proces. In de komende tien tot twintig jaar kan doorspoelen van het systeem, met zoet water, de verzilting van het oppervlaktewater tegengaan. Wel zal er in de toekomst, door klimaatverandering, vaker een tekort aan IJsselmeerwater zijn, wat het doorspoelen bemoeilijkt. Om verzilting van het bovenste grondwater te beperken, werken we in de akkerbouwzone op de langere termijn toe naar meer vitale bodems en behoud van zoetwaterlenzen. Het verhogen van waterpeilen en het verbreden en toevoegen van sloten draagt daaraan bij en zorgt ook voor extra opslag van zoet water.</Al>
		      <Al>Aanvullend kan verzilting in veel gevallen beperkt worden door bijvoorbeeld de aanleg van anti-verziltingsdrainage. De grondgebruiker is daarin zelf aan zet. Op de lange termijn zijn de gevolgen van verzilting mogelijk niet meer overal te voorkomen. De teelt van gewassen die beter bestand zijn tegen verzilting kan een oplossing bieden. Op bedrijfsniveau kan ook het ondergronds opslaan van zoet water soelaas bieden. </Al>
		      <Al>Verbetering van het water- en bodemsysteem en verduurzaming in de landbouw gaan hand in hand met het vergroten van de biodiversiteit. Het inzetten van groenblauwe dooradering – en maatregelen ten behoeve van de <i>Kaderrichtlijn Water</i> – moeten in dit agrarisch cultuurlandschap zorgen voor een sprong voorwaarts als het gaat om het vergroten van biodiversiteit en verbeteren van de waterkwaliteit.  </Al>
		      <Al>In het Lauwersmeergebied komen de natuur- en wateropgaven samen. Het Lauwersmeer is de belangrijkste afvoerroute voor water uit Fryslân. Zeespiegelstijging gecombineerd met overvloedige neerslag en harde wind uit het zuidwesten, leidt in het Lauwersmeer en noordoost Fryslân vaker tot langere perioden met hoogwater, vooral in de winter. Hierdoor kan er vanuit Fryslân, via het Lauwersmeer, minder water (onder vrij verval) afgevoerd worden; in extreme situaties geeft dit wateroverlast. Een belangrijk vraagstuk is, hoe we deze verbinding doelmatig kunnen versterken, met oog voor de afwatering van Fryslân en Groningen en de agrarische bedrijfsvoering.</Al>
		      <Al>Het Lauwersmeer vormt tevens een verbindende schakel tussen Waddenzeenatuur en het binnenland. </Al>
		      <Tussenkop>Natuur en biodiversiteit</Tussenkop>
		      <Al>Het open kustlandschap van Oostergo grenst aan het Natura 2000-gebied de Waddenzee. Voor het versterken van de biodiversiteit, liggen er veel kansen voor kruidenrijke akkers en graslanden, weide- en akkervogels. Ook dragen de vele historische landschapselementen zoals keringen, terpen, eendenkooien, boomgaarden en stinzenparken hun steentje bij aan de biodiversiteit. Ook zoet-zoutovergangen kunnen de biodiversiteit een impuls geven.  </Al>
		      <Tussenkop>Landbouw</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw is en blijft een belangrijke economische drager in het gebied. De sector zal wel moeten anticiperen op veranderende bodemomstandigheden en de beschikbaarheid van zoetwater. Net als Westergo speelt in Oostergo de voedselproductie een belangrijke rol met hoogwaardige teelten, kennis en innovatie die bijdragen aan (inter)nationale voedselzekerheid. Naast met name de pootaardappelenteelt zijn er goede mogelijkheden voor de melkveehouderij en de ontwikkeling van teelten die beter bestand zijn tegen zilte omstandigheden.  </Al>
		      <Al>Voor het beter sluiten van kringlopen zijn er kansen voor uitwisseling van mest en voer tussen melkveehouders en akkerbouwers. Ook zijn er mogelijkheden voor verbreding van de bedrijfsvoering met groenblauwe diensten, mestvergisting en korte ketens. Boeren doen veel aan weide- en akkervogelbeheer, met ondersteuning vanuit het ANLb. Voor een gezonde landbouwbodem is het belangrijk het organisch stofgehalte te verhogen en minimale grondbewerking uit te voeren. Daarmee wordt ook CO2 vastgelegd.<br/><br/>Vanwege de belangrijke landbouwfunctie van dit gebied, zullen we aan de hand van het afwegingskader voor de landbouwhoofdstructuur, zorgvuldig afwegen of – en waar – landbouwgronden nodig zijn voor woningbouw, bedrijvigheid en energie. Het zoeken naar combinaties en meervoudig ruimtegebruik maakt hiervan deel uit.  </Al>
		      <Tussenkop>Energie</Tussenkop>
		      <Al>Qua duurzame energie stimuleren we de sanering van turbines van dertig jaar en ouder die in dit gebied aanwezig zijn. Op de langere termijn is de elektrificatie van de waddenveren een aandachtspunt in relatie tot de opwekking van duurzame energie in dit gebied. </Al>
		      <Tussenkop>Cultuurhistorische sporen</Tussenkop>
		      <Al>Het oude agrarische cultuurlandschap van Oostergo ademt geschiedenis. Die lees je onder meer af aan de kronkelige loop van wegen, de onregelmatige verkavelingen, de aanwezigheid van (voormalige) dijken en waterlopen en de ligging van dorpen en steden als oriëntatiepunten in het landschap. De grootschalige openheid gaat samen met fijnmazige cultuurhistorische dichtheid. Bij ontwikkelingen vragen we deze identiteitsdragers als onderlegger te benutten. Het gaat daarbij onder meer over het onregelmatige verkavelingspatroon en de loop van wegen, (voormalige) dijken en wateren.  </Al>
		      <Al>We beschermen kwetsbare identiteitsdragers die we sluipenderwijs zien verdwijnen of aangetast worden. Denk daarbij aan historische dijken als de Âlddyk, aan van oorsprong natuurlijke waterlopen zoals De Peazens of vergelijkbare geulen en prielen. Deze elementen zijn ook belangrijk voor de biodiversiteit (kruiden en insecten) en bieden kansen voor het versterken hiervan. Behoud en het weer terugbrengen van bijvoorbeeld greppelland, kruinige percelen, poelen en bosjes draagt bij aan de bodemvitaliteit, het vasthouden van zoet water, het vastleggen van CO2 en aan een aantrekkelijk landschap.  </Al>
		      <Tussenkop>Bereikbaarheid</Tussenkop>
		      <Al>Leefbaarheid en bereikbaarheid gaan hand in hand. In dit gebied is extra aandacht nodig voor het adequaat (ruimtelijk) rangschikken van voorzieningen en het aantrekkelijk houden van de regio als woongebied. In Oostergo is op een aantal plekken in mobiliteitshubs voorzien om basisvoorzieningen voor iedereen bereikbaar te houden.<br/></Al>
		      <Al>Om Ameland bereikbaar te houden, wordt momenteel onderzoek gedaan naar het optimaliseren van de huidige veerhaven bij Holwerd of de aanleg van een nieuwe boven Ferwert. Dit is nodig vanwege toenemend sediment in de vaargeul naar Ameland, waardoor er veel onderhoud nodig is. Naast het dichtslibben van de geul, is ook de elektrificatie van de waddenveren een aandachtspunt in relatie tot opwekking van duurzame energie in het Waddengebied. </Al>
		      <Tussenkop>Dijkversterking</Tussenkop>
		      <Al>Met de versterking tussen Koehool en Lauwersoog is de Waddendijk vanaf 2027 voor de komende vijftig jaar op orde. De zeespiegelstijging – en meer extreme weersomstandigheden – vragen richting toekomst om ruimte en slimme oplossingen.<br/><br/>De versterking en het opnieuw vormgeven van de Waddendijk, biedt kansen om de beleefbaarheid van zowel de Waddenzee als de dijk zelf te vergroten. Maar ook om de verbinding tussen het vasteland en de Waddenzee te versterken. Bovendien kan de dijk bijdragen aan de biodiversiteit door deze natuurinclusief in te richten. </Al>
		      <Tussenkop>Donkerte</Tussenkop>
		      <Al>De noordzijde van het kleigebied staat bekend als een van de donkerste gebieden in Nederland. Het Nationaal Park Lauwersmeer is zelfs als ‘Dark Sky-Park’ aangewezen. De beleving van donkerte is een landschaps- en natuurwaarde die we willen behouden. Toerisme en recreatie kunnen daarop inspelen. De bewustwording van de kwaliteit van donkerte helpt overbodige verlichting te weren. <br/></Al>
		      <Tussenkop>Regiokernen</Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>Stiens</b> </Al>
		      <Al>Stiens is de grootste kern van de voormalige gemeente Ljouwerteradiel en vervult een belangrijke voorzieningenfunctie voor omliggende dorpen. Stiens breidt de komende jaren, vanaf 2026, vooral uit met de wijk Steenslân II, aangevuld met projecten zoals De Remise en eerdere bouw op het voormalige NS-emplacement. Daarmee wordt ingespeeld op de regionale woonbehoefte en blijft Stiens een sterke regiokern. Op deze manier kan Stiens zich ontwikkelen tot een toekomstbestendige regiokern die wonen, voorzieningen en bereikbaarheid combineert. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Kollum</b> </Al>
		      <Al>Kollum is een dorp waar het goed wonen en werken is. En dat tegelijk een centrale rol vervult voor de omliggende dorpen qua werkgelegenheid en (onderwijs)voorzieningen, en profiteert van de ligging tussen Fryslân en Groningen. Kollum zet in op een dubbele strategie: uitbreidingslocaties voor nieuwe woningen én inbreidingsprojecten om leegstand tegen te gaan en het centrum te versterken. Zo blijft de kern aantrekkelijk voor zowel jongeren, gezinnen als ouderen. Kollum en Buitenpost vullen elkaar aan. Kollum is het historische en leefbare regiocentrum met nadruk op wonen en voorzieningen, terwijl Buitenpost de rol van mobiliteits- en onderwijscentrum vervult. Samen vormen ze een complementair duo dat de regio Noordoost-Fryslân versterkt.</Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen</Tussenkop>
		      <Al>Overige dorpen, zoals Ferwerd, Hallum en Ternaard vormen een dorpenreeks op de kwelderwal, met woonkwaliteiten en ook de nodige bedrijvigheid die het gebied vitaal houden; zo zijn bij Hallum bakkerijen ontstaan in samenwerking met de akkerbouw (verbouw graan). Terpdorpen zoals Burdaard en Anjum hebben nog echt de sfeer van ‘Frysk wenjen op ‘e klaai’. Voldoende woningen en bereikbaarheid zijn van belang voor de leefbaarheid, met name om jonge mensen aan de dorpen te kunnen blijven binden.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_7ab02dce0d054acda8102333be0376ea__div_o_3__div_o_2" eId="div_C__div_3">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>3</Nummer>
		    <Opschrift>Noordelijke Wouden: Coöperatieve regio als merk</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_1ccd02bf797b4da7bedcf081f2c3b261__div_o_3__div_o_2__content_o_2" eId="div_C__div_3__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>Het oude cultuurlandschap van de Noordelijke Wouden ligt op de noordwestelijke uitloper van het Drents Plateau. Het gebied grenst aan Oostergo (noordwesten), het Lage Midden (zuidwesten), de Zuidelijke Wouden (zuiden) en de provincie Groningen (oosten). Het gebied wordt doorsneden door een aantal beekdalen en andere laagten waarin klei- en veenafzettingen voorkomen. Een samenspel van natuurlijke en cultuurhistorische factoren zorgde in de loop der eeuwen voor een uniek cultuurlandschap dat tegenwoordig grotendeels binnen de grenzen van Nationaal Landschap Noardlike Fryske Wâlden valt.  </Al>
		      <Al>Het gebied dankt zijn bijzondere karakter vooral aan de rijke aanwezigheid van elzensingels en houtwallen (ook wel dykswâlen genoemd) die de Noordelijke Wouden een kleinschalig en besloten karakter geven. Naast typische agrarische veenontginningsdorpen, met strookvormige kavels en een lintvormige bewoningsas, liggen er in het gebied ook een aantal esachtige dorpen (Fries essenlandschap).  </Al>
		      <Al>In 2005 werd dit bijzondere landschap aangemerkt als één van de twintig Nationale Landschappen van Nederland (Nationaal Landschap Noardlike Fryske Wâlden). </Al>
		      <Al>Het besloten landschap van de Noordelijke Wouden is aantrekkelijk voor toerisme en recreatie. De natuur is sterk aanwezig in dit bijzondere landschap met elzensingels en pingoruïnes. De groenblauwe dooradering bereikt hier het hoogste percentage van Fryslân. De landbouw in dit gebied, overwegend melkveehouderij, benut de kracht van deze kenmerken voor nevenfuncties als het ontwikkelen van streekproducten en recreatievormen. Ook is ze hecht verbonden met natuur- en landschapsbeheer.  </Al>
		      <Al>Burgum, Buitenpost en Surhuisterveen zijn sterke, zelfstandige regiokernen met veel detailhandel en midden- en kleinbedrijf. Drachten, als onderdeel van het stedelijk netwerk, heeft een belangrijke regionale verzorgingsfunctie en een maakindustrie die zich onder meer richt op hightech. Voor De Westereen wordt in ANNO-verband een gebiedsprogramma opgesteld, gericht op betere bereikbaarheid, wonen en werken.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_22217bc9f7f645b0ad0bdcda5841df46__img_o_1" eId="div_C__div_3__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-12.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_ee74cd257ac741feb4606d69c379dfde__div_o_3__div_o_2__content_o_1" eId="div_C__div_3__content_3.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>3.1</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>De koers voor de Noordelijke Wouden richt zich op het verstevigen van het merk de ‘Noardlike Fryske Wâlden’. Dit merk verwijst naar het fraaie decor en vormt de kern van het regionale, economische model. Onder deze paraplu verbinden we boerdiverse landbouw met robuuste en veerkrachtige natuur, een rijke biodiversiteit en – mede daardoor – een variatie aan recreatie-mogelijkheden. Consumenten betalen graag een meerprijs voor producten en diensten ‘Fan de Wâlden’ omdat ze zich verbonden voelen met de identiteit van het gebied.  </Al>
		      <Al>De positionering van de regio als een sterk merk gaat samen met landschapsbehoud en met bijvoorbeeld de versterking van de groenblauwe dooradering van hetzelfde landschap. Om droogte te voorkomen, zetten we ook in op peilverhoging en het langer vasthouden van water. Het gebied biedt kansen voor ruimtelijke woon- en recreatieconcepten die aansluiten bij het palet van landbouw en natuur in een besloten agrarisch cultuurlandschap.  </Al>
		      <Al>Drachten werkt toe naar een positie als sterk hightech-centrum: het Eindhoven van het Noorden (in H. 9 over de uitnodigingszones stedelijk, gaan we nader op Drachten in). Regionale centra als Burgum, Surhuisterveen en Buitenpost behouden hun sterke voorzieningenniveau en werkgelegenheidsfunctie. Dat is belangrijk voor zowel de economie als de leefbaarheid van dit gebied.</Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>Op de hogere zandgronden ligt het accent op het langer vasthouden van water om droge perioden beter door te komen. Op veel plekken komt echter lokaal ondiep keileem voor, wat in de winter tot hoge grondwaterstanden leidt. Waar dat niet het geval is, kunnen agrariërs op beperkte schaal water vasthouden in perceelsloten om de grondwaterstand te verhogen en de gevolgen van droogte te verkleinen. Ook in de veengebieden in de Noordelijke Wouden verhogen we de grondwaterstanden.  </Al>
		      <Al>Zandgronden zijn gevoelig voor uitspoeling. Daarom is er extra aandacht voor blijvend en kruidenrijk grasland en het beperken van het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen.  </Al>
		      <Tussenkop>Natuur en landschap</Tussenkop>
		      <Al>Het zandlandschap van de Noordelijke Wouden bevat veel houtwallen en elzensingels en is rijk aan insecten, zangvogels en vleermuizen. Ook vinden we er nog enkele oude landgoederen. Pingoruïnes herinneren aan de ijstijden die zorgden voor veel gradiënten. Lagere delen van het landschap zijn venig en opener van karakter. Denk daarbij aan het Bûtenfjild en de Mieden die samen een natte verbinding vormen tussen de Natura 2000-gebieden Groote Wielen en Lauwersmeer. Hier broeden vele soorten moerasvogels en vinden vissen, amfibieën en libellen een leefgebied. ’s Winters verblijven er grote aantallen watervogels. De Leijen is een laagveenplas in een deel van de Noordelijke Wouden waar van oudsher veel grondwater naartoe stroomt.  </Al>
		      <Al>Genoemde natuurwaarden zijn niet alleen belangrijk voor de biodiversiteit, maar ook voor de beleving van en leefbaarheid in het gebied. Een belangrijke opgave is dan ook het behoud en waar nodig herstel van de bijzondere landschapswaarden. We willen het kenmerkende landschap van de Noordelijke Wouden verder versterken. Zo liggen er nog veel mogelijkheden om de groenblauwe dooradering (GBDA) door te ontwikkelen. </Al>
		      <Al>De Noardlike Fryske Wâlden (NFW) is een goed voorbeeld van een vereniging waarin boeren en particulieren samen zorgen voor behoud van zowel het landschap als de boerenlandvogels. Dat blijven we ondersteunen. Net zo goed als de bescherming van landschapselementen zoals (delen van) het Fries essenlandschap, de pingoruïnes en bijzondere kavelpatronen.  </Al>
		      <Tussenkop>Landbouw</Tussenkop>
		      <Al>Op de hogere zandgronden kan de landbouw zich, met behoud van boerdiversiteit – en in samenhang met natuur en landschap – ook in nieuwe richtingen ontwikkelen en/of de bedrijfsvoering verbreden. Denk aan groenblauwe diensten en aan korte ketens met hoge toegevoegde waarde voor niche markten. De unieke landschapskwaliteit van omsingelde, kleinschalige percelen, is hierin een factor van belang. Dit behouden en beschermen we, met inschakeling van boeren die bij uitstek ook landschapsbeheerder zijn en hiervoor passend worden beloond. We zien ook extra mogelijkheden voor bijvoorbeeld agrobiodiversiteit, waaronder agroforestry, biobased teelten en alternatieve bloeiende gewassen als boekweit. Ook de gastvrijheidseconomie kan in deze regio een impuls krijgen door openstelling van boerenlandpaden en ontwikkeling van kleinschalige vormen van verblijfsrecreatie.  </Al>
		      <Tussenkop>Wonen</Tussenkop>
		      <Al>Net als andere ontwikkelingen, willen we ook het wonen in overeenstemming brengen met de klimaatverandering. De hogere zandgronden blijven aantrekkelijk als woongebied. Bij dorpsuitbreidingen zorgen we dat nieuwe wijken klimaatbestendig zijn ingericht; groen en water in de wijk en niet bouwen in laagtes. Water vasthouden kan gelijk op gaan met de aanleg van nieuwe recreatieve plassen of natuurroutes. Wat ook een stimulans betekent voor de gastvrijheidseconomie in de regio.  </Al>
		      <Al>We gaan voor een aantrekkelijk woongebied. Dit vraagt onder meer om het ruimtelijk adequaat rangschikken van voorzieningen. Ook is voorzien in enkele mobiliteitshubs die basisvoorzieningen voor iedereen bereikbaar houden. De aanleg van de door het Rijk geplande Lelylijn kan veel betekenen voor de economische ontwikkeling en de woningbouw in het gebied. De lijn heeft ook een sterk ruimtelijk structurerende werking. We kunnen daar in deze Omgevingsvisie nog niet op anticiperen. Als het tracé duidelijk is, nemen wij de spoorlijn op in de Omgevingsvisie.  </Al>
		      <Tussenkop>Regiokernen</Tussenkop>
		      <Al>Een belangrijk aandachtspunt is het behoud van voldoende bedrijvigheid in de regio om werkgelegenheid en de daaraan gerelateerde leefbaarheid te waarborgen. Daarom zien we ook voor de regiokernen mogelijkheden tot behoud van een sterke detailhandel en sterk midden- en kleinbedrijf. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Burgum</b> </Al>
		      <Al>Burgum is een vitale – en goed verbonden – regiokern met een aantrekkelijk centrum, betaalbare woningen en bedrijvigheid langs en nabij het Prinses Margrietkanaal. Het dorp heeft dan ook een belangrijke verzorgingsfunctie in de gemeente Tytsjerksteradiel. Het dorp heeft een levendig centrum met winkels en horeca en een sterke historische identiteit. Het onderscheidt zich door de ligging aan het Prinses Margrietkanaal en het Burgumermeer in Nationaal Landschap De Noardlike Fryske Wâlden. Burgum zet in op uitbreidingslocaties zoals Elingsloane, Kloosterlaan en Burgum-West, én inbreidingsprojecten in het centrum en bestaande wijken. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Buitenpost</b> </Al>
		      <Al>Kollum en Buitenpost vullen elkaar aan. Kollum is het historische en leefbare regiocentrum met nadruk op wonen en (onderwijs)voorzieningen, terwijl Buitenpost de rol van mobiliteits- en onderwijscentrum vervult. Als complementair duo versterken ze de regio Noordoost-Fryslân. Met een station en bijbehorende overstapmogelijkheden, en de strategische ligging tussen Leeuwarden en Groningen, vervult Buitenpost een belangrijke regiofunctie. Het dorp zet in op zowel uitbreidingslocaties als inbreidingsprojecten, en op de verduurzaming en herontwikkeling van bestaande woningen en bedrijvigheid. Zo blijft het dorp leefbaar en toekomstbestendig, passend bij zijn rol als regiokern in Noordoost-Fryslân.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Surhuisterveen</b> </Al>
		      <Al>Surhuisterveen is een ondernemende en levendige regiokern, met een groot winkelhart, tal van evenementen en een actieve gemeenschap. Het dorp combineert wonen, bedrijvigheid, voorzieningen en beleving en trekt daarmee publiek uit de hele regio. <br/>Voor wonen zet Surhuisterveen momenteel vooral in op inbreiding en herontwikkeling, zoals de AVEK-locatie en locatie De Dellen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Damwoude</b> </Al>
		      <Al>Damwâld ontwikkelt zich tot een toekomstbestendige regiokern met nieuwe woningen, een sterke onderwijs- en sportcampus en een aantrekkelijk dorpshart. Het perspectief richt zich op brede welvaart: een dorp waar het goed wonen, leren en leven is, met een centrale positie in de gemeente Dantumadiel. De nabijheid van Dokkum is een aandachtspunt: door specialisatie en voorzieningen die elkaar aanvullen, kunnen beide kernen elkaar versterken. </Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen</Tussenkop>
		      <Al>‘Wonen op het zand’ is een woonkwaliteit die in de vele dorpen, zoals Feanwâlden en Eastermar, bewaarheid wordt; de regionale mobiliteitshub bij station Feanwâlden biedt kansen voor woningbouw voor woon-werk forensen in het dorp. Voldoende woningen en een goede bereikbaarheid zijn belangrijk om de leefbaarheid in stand te houden en met name jongeren blijvend te binden. Dorpen nabij het Fries stedelijk netwerk kunnen hun positie als aantrekkelijke woonplek versterken.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_56032261d9394c34bb282c3c3b2c5b64__div_o_3__div_o_3" eId="div_C__div_4">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>4</Nummer>
		    <Opschrift>Zuidelijke Wouden: Topnatuur in een vitale regio</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_055fa76f065b40a4a6222eba1eabd58d__div_o_3__div_o_3__content_o_2" eId="div_C__div_4__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>De Zuidelijke Wouden zijn onderdeel van de westelijke helling van het Drents Plateau. Dit landschappelijke fundament was doorslaggevend voor de cultuurhistorische ontwikkeling van de Zuidelijke Wouden. Het relatief hooggelegen oude cultuurlandschap van het gebied grenst zowel aan de provincies Drenthe en Overijssel (oosten en zuidoosten) als aan de Noordelijke Wouden en de provincie Groningen. In het westen markeert het NAP-nulpunt grofweg de scheiding met het Lage Midden.  </Al>
		      <Al>Richtinggevende landschappelijke structuren zijn van oudsher de van noordoost naar zuidwest lopende beekdalen en zandruggen. Op deze zandruggen ontstonden bebouwingslinten. Naast deze zogenoemde woudontginningen vinden we er het Friese esdorpenlandschap en hoogveenontginningen. Maar ook de Oost- en Westvierdeparten, waarvan een gedeelte onderdeel is van UNESCO Werelderfgoed Koloniën van Weldadigheid. Drachten is voor deze regio een belangrijk centrum voor werkgelegenheid en voorzieningen. Regiokernen als Oosterwolde, Gorredijk en Wolvega bieden aantrekkelijke woonmilieus.  </Al>
		      <Al>Hoewel het cultuurlandschap van de Zuidelijke Wouden minder besloten is dan dat van de Noordelijke Wouden, komen er verhoudingsgewijs vrij veel opgaande elementen (boomvormers) voor. Denk aan houtwallen en kleinschalige bosjes. Van een weids, open landschap is bijna nergens sprake. Het gebied kent enkele grote natuurclusters, waarvan het Drents-Friese Wold en het Fochteloërveen (hoogveen) sprekende voorbeelden zijn. Maar ook rond Bakkeveen en Beetsterzwaag valt er veel natuurschoon te bewonderen. Daarnaast liggen er in de beekdalen enkele natuurterreinen, waaronder de bloemrijke graslanden van de Haulerpolder en de verruigde petgatennatuur in de Lendevallei, ten oosten van Wolvega.  </Al>
		      <Al>Het gevarieerde landschap en rijke natuur van de Zuidelijke Wouden dragen bij aan een prettige en gezonde leefomgeving waar het goed recreëren is. De hoge zandgronden vormen de motor van het grondwatersysteem. Water deed er honderden jaren over om het drinkwater te worden waarvan veel Friezen afhankelijk zijn. </Al>
		      <Al>De Zuidelijke Wouden kent een sterke landbouw, vooral gericht op melkveehouderij. De uitgestrekte bossen, de heide en de beekdalen vormen het fundament voor de recreatieve economie. Het gebied is echter ook kwetsbaar; de zandgronden zijn gevoelig voor droogte en uitspoeling van schadelijke stoffen. Bovendien liggen er de meeste stikstofgevoelige natuurgebieden van Fryslân.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_2ee0b3e850244cae9112d9c020b3e650__img_o_1" eId="div_C__div_4__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-26.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, kunst&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_36b84c112d114b8196bc3aacbb057cbf__div_o_3__div_o_3__content_o_1" eId="div_C__div_4__content_4.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>4.1</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>In de Zuidelijke Wouden sturen we aan op een evenwichtige ontwikkeling van boerdiverse landbouw, robuuste en veerkrachtige natuur en gevarieerde recreatie. Met de bossen van Beetsterzwaag, Nationaal Park Drents-Friese Wold en het Unesco Werelderfgoed van de Maatschappij van Weldadigheid (in samenwerking met Drenthe en Overijssel) heeft dit gebied een gunstige uitgangspositie voor de gastvrijheidseconomie. Ook het agrarische cultuurlandschap doet hierbij een duit in het zakje. Gecombineerd met de nodige circulaire innovatie kan het gebied uitgroeien tot een zeer geliefde bestemming voor recreatie en toerisme.  </Al>
		      <Al>Om deze uitgangspositie te behouden moet in heel Fryslân de ammoniakuitstoot teruggedrongen worden, zodat de stikstofdepositie op kwetsbare natuur sterk vermindert. In de Zuidelijke Wouden is hiervoor extra inspanning nodig. Hier liggen namelijk meerdere stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden met habitattypes die niet in een goede staat verkeren.  </Al>
		      <Al>Om de waterkwaliteit en biodiversiteit te verbeteren is het nodig de toepassing van chemische gewasbeschermingsmiddelen te beperken. Ook het hydrologische systeem is niet op orde; dit is vooral voor de natuurgebieden en beekdalen nadelig. Met gebiedsgerichte maatregelen gaan we de verdroging van deze gebieden tegen en zorgen we ervoor dat de invloed van grondwater weer toeneemt. Daarmee dragen we ook bij aan het versterken van onze strategische zoetwatervoorraad.  </Al>
		      <Tussenkop>Uitnodigingszone landelijk gebied, Zuidoost Fryslân</Tussenkop>
		      <Al>Gelet op het totaal aan opgaven geven we de Zuidelijke Wouden (Zuidoost-Fryslân) prioriteit, ook om daarmee uit het vergunningenslot te komen. Om die reden merken we dit gebied aan als uitnodigingszone landelijk gebied (zie begrippenlijst in de Bijlagen) en onderzoeken we de mogelijkheid om voor de Zuidelijke Wouden een programma te starten dat vergelijkbaar is met het <i>Veenweideprogramma</i>.  </Al>
		      <Figuur wId="pv21_24f5c069d90b4bca8ab51bc9992f5c1d__img_o_1" eId="div_C__div_4__content_4.1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-6.jpg" breedte="826" hoogte="615" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="210"/>
		      </Figuur>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>Op de hogere zandgronden ligt de nadruk op het langer vasthouden van water om droge perioden beter door te komen. We verhogen lokaal grondwaterstanden door stuwen in afwateringssloten aan te passen en slootbodems te verhogen. We stimuleren maatregelen waarbij agrariërs zelf water kunnen vasthouden in perceelsloten.  </Al>
		      <Al>De Linde (Lende), de Tjonger (Tsjonger of Kuunder) en het Koningsdiep (Âlddjip) krijgen meer ruimte om te meanderen en periodiek buiten hun oevers te treden. In de beekdalen van Zuidoost-Fryslân passen we herstelmaatregelen toe. Zoals het verhogen van waterpeilen, waardoor de beekdalen weer functioneren als overstromingsvlaktes. Waar mogelijk brengen we oude beekmeanders terug. Door deze beekdalen te vernatten – in combinatie met natuurontwikkeling – houden we water langer vast, blijft beekveen behouden en wordt verdroging van zowel natuur als landbouwgronden tegengegaan.  </Al>
		      <Al>We zoeken met terreinbeheerders naar mogelijkheden om in natuurgebieden klimaatadaptieve maatregelen te treffen. Zo behouden de Zuidelijke Wouden hun unieke karakter en biodiversiteit, terwijl ze beter bestand zijn tegen droogte.  </Al>
		      <Al>Het grootste deel van de Zuidelijke Wouden bestaat uit hogere gronden. De kans op wateroverlast is hier in het algemeen beperkt. Beekdalen en lokale laagten kunnen wel meer te maken krijgen met perioden van meer water en eventueel wateroverlast. Nieuwe bebouwing in de beekdalen is dan ook ongewenst. In de polders is het belangrijk om waterrobuust te bouwen.  </Al>
		      <Tussenkop>Natuur</Tussenkop>
		      <Al>De Zuidelijke Wouden kennen uitgestrekte bos- en heidegebieden, waaronder de landgoedbossen bij Oranjewoud en Beetsterzwaag, en Natura 2000-gebieden als het Wijnjeterperschar, de Bakkeveense Duinen en het Drents-Friese Wold (Nationaal Park). Buiten de natuurgebieden is het relatief kleinschalige agrarische cultuurlandschap onderdeel van de leefgebieden van beschermde soorten. Ook ontspringen hier de beken Koningsdiep, Tsjonger en Lende, die afwateren naar het Lage Midden. Op de flanken van de beken liggen bijzondere natte graslanden, waaronder Van Oordt's Mersken.  </Al>
		      <Al>Veel natuurgebieden zijn gevoelig voor een overschot aan stikstof vanwege de aanwezigheid van zeldzame soorten en habitattypen (zoals heivlinder en heischraal grasland). Ook een goed functionerend hydrologisch systeem is een sleutel voor natuurherstel. De hoogste delen van de zandgronden en het hoogveen zijn afhankelijk van regenwater. De biodiversiteit is daarop afgestemd. Vasthouden van water is dan ook nodig.  </Al>
		      <Al>Op de laagste plekken in de beekdalgebieden vinden we grondwaterafhankelijke natuur. Hier zijn ook kansen voor tijdelijke waterberging, mits dit niet leidt tot verslechtering van de aanwezige natuurwaarden. Voor minder mobiele soorten, zoals vlinders en reptielen, is het beter met elkaar verbinden van natuurgebieden randvoorwaarde. Zo beogen we een ecologische verbinding tussen het Drents-Friese Wold en het Fochteloërveen. Groenblauwe dooradering kan hier ook aan bijdragen.  </Al>
		      <Tussenkop>Wonen</Tussenkop>
		      <Al>We kijken naar kansen om klimaatadaptatie te koppelen aan andere ontwikkelingen. De hogere zandgronden blijven aantrekkelijk als woongebied. Bij dorpsuitbreidingen zorgen we dat nieuwe wijken klimaatbestendig zijn ingericht; niet bouwen in laagtes, groen en water in de wijk. Water vasthouden kan samengaan met het maken van nieuwe recreatieve plassen of natuurroutes. Dat geeft ook de gastvrijheidseconomie een impuls. </Al>
		      <Tussenkop>Landschap en erfgoed</Tussenkop>
		      <Al>Door uitbreiding van de groenblauwe dooradering (GBDA) en uitvoering van de <i>Bossenstrategie</i> werken we aan versterking van het landschap, waarbij we klimaatdoelen halen en de biodiversiteit vergroten. We verruimen de middelen en vergroten de capaciteit voor begeleiding van boeren en burgers bij aanleg en hoogwaardig beheer van de GBDA. Ook het beschermen van bepaalde landschapselementen behoort hiertoe. Denk aan onderdelen van het Fries essenlandschap, pingoruïnes of erfgoedensembles.  </Al>
		      <Tussenkop>Recreatie</Tussenkop>
		      <Al>We zetten in op een gevarieerd recreatief aanbod, in samenwerking met onze buurprovincies. Kansen liggen in ruimtelijke concepten voor wonen en recreatie die aansluiten bij het palet van landbouw en natuur in een besloten agrarisch cultuurlandschap. Aandachtspunt is ook het behoud van voldoende rust in de natuurgebieden. Zonering en vergroting van terreinen of verplaatsing van routes kan daarbij helpen.  </Al>
		      <Tussenkop>Landbouw</Tussenkop>
		      <Al>De landbouw kenmerkt zich door overwegend veeteelt afgewisseld met enige akkerbouw. Blijvend grasland is van belang. Boeren zijn bij uitstek landschapsbeheerder; daar worden ze passend voor beloond. Daarnaast zien we mogelijkheden voor een verbreding in teelten en agrarisch grondgebruik, waaronder agroforestry, biobased teelten en bloeiende gewassen zoals boekweit. De gastvrijheidseconomie kan een impuls krijgen door openstelling van boerenlandpaden en ontwikkeling van kleinschalige verblijfsrecreatie.  </Al>
		      <Al>Rondom Natura 2000-gebieden en in de grondwaterbeschermingsgebieden en beekdalen spelen meervoudige opgaven. Vermindering van stikstofuitstoot en herstel van het hydrologische systeem zijn nodig om de wettelijke natuur- en waterdoelen te kunnen realiseren. Hier zien we kansen voor groenblauwe diensten en doelsturing via KPI’s door de landbouw. Het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen, in met name de sierteelt en andere rooigewassen, is nadelig voor zowel de waterkwaliteit als de natuur. Vanuit het voorzorgsbeginsel is het noodzakelijk het gebruik van deze middelen te beperken.  </Al>
		      <Tussenkop>Leefbaarheid </Tussenkop>
		      <Al>In Zuidoost-Fryslân liggen enkele detailhandelsvestigingen en een ecologisch bedrijvencentrum bij Oosterwolde met bovenregionale aantrekkingskracht. Extra aandacht voor het behoud hiervan is gewenst. Niet alleen vanwege de excentrische ligging en werkgelegenheid, maar ook met het oog op de leefbaarheid en het regionale voorzieningenniveau. Ook is er aandacht nodig voor een goede regionale spreiding van voorzieningen zoals zorg, onderwijs, sport, cultuur en ouderenzorg. Bereikbaarheid is daarvoor een belangrijke voorwaarde. Hier zetten we ons als provincie voor in. </Al>
		      <Tussenkop>Regiokernen</Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>Oosterwolde </b>
                              </Al>
		      <Al>Oosterwolde is een historisch brinkdorp met een levendig centrum en een regionaal knooppunt in Zuidoost-Fryslân. Sinds 1886 is het ook het bestuurlijk en economisch het centrum van de gemeente Ooststellingwerf. Het toekomstperspectief van Oosterwolde richt zich op het versterken van de rol als regionaal centrum, met nadruk op wonen (uitbreiding van de wijken Baden en Biezenkamp), centrumontwikkeling, regionale bedrijvigheid, voorzieningen, toerisme en duurzaamheid ; het Ecomunity-park, waar ook het kenniscentrum bodem deel van uitmaakt, is een kenniscluster voor toekomstbestendig leven en ondernemen. De gemeente stelde een <i>Toekomstvisie 2040</i> op waarin Oosterwolde zich ontwikkelt tot een leefbare, vitale kern die reageert op vergrijzing, woningdruk, klimaat en economische kansen.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Gorredijk </b>
                              </Al>
		      <Al>Gorredijk is van oudsher een handelsdorp, gelegen aan de Opsterlandse Compagnonsvaart (Turfroute) en in het bezit van een levendig centrum, een sterke ondernemerscultuur en een strategische ligging tussen Heerenveen en Drachten, nabij de A7. Met plannen voor inbreiding en enige uitbreiding, zoals woonwijk De Vrieswijck, wil de gemeente de regiofunctie versterken en het leefklimaat een impuls geven. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Wolvega</b> </Al>
		      <Al>Wolvega is de hoofdplaats van Weststellingwerf en een regionaal centrum met sterke zorg- en sportvoorzieningen. Met de centrumvisie zet de gemeente in op een belevingsgericht winkelgebied, in samenwerking met ondernemers, om het centrum aantrekkelijk te houden. Er zijn plannen voor zowel inbreiding als uitbreiding met woningbouw. Inbreiding in het centrum via herontwikkeling van verouderde panden, toevoeging van appartementen boven winkels en kleinschalige projecten zoals Pieterslaan en Emmastraat. Op de voormalige drafbaan, en in deelgebied twee van de Lindewijk, zijn uitbreidingen voorzien. </Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen </Tussenkop>
		      <Al>In dit gebied vinden we voor Friese begrippen specifieke woonmilieus, gerelateerd aan ‘wonen nabij bos, veen en hei’, in dorpen als Appelscha en Noordwolde. De nabijheid van Drenthe is voelbaar en ook merkbaar in verhuisbewegingen over en weer. Voldoende aanbod van woningen en een goede bereikbaarheid zijn van belang voor de leefbaarheid, met name om jongeren en jonge gezinnen blijvende te kunnen binden. Dorpen in de buurt van het Fries stedelijk netwerk hebben goede mogelijkheden om hun positie als aantrekkelijke woonkern te versterken.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_9cda55c24298499daa5d06f3f3d35447__div_o_3__div_o_4" eId="div_C__div_5">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>5</Nummer>
		    <Opschrift>Gaasterland: De landgoedtuin van Fryslân</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_054400929f614c7b840109fc77a2c425__div_o_3__div_o_4__content_o_2" eId="div_C__div_5__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>Het in het zuidwesten van Fryslân gelegen Gaasterland vormt door zijn reliëfrijke karakter een bijzonder cultuurlandschap binnen de provincie. </Al>
		      <Al>Op basis van landschappelijke en cultuurhistorische verschillen verdelen we Gaasterland in drie subregio’s:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d20e3380837e4906a779ce837d636ac1__list_o_1" eId="div_C__div_5__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_4cddee29bb9940a6b0dee25181be9be8__list_o_1__item_o_1" eId="div_C__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Centraal Gaasterland, dat de eigenlijke stuwwalkern omvat, inclusief de oostelijke, zandige uitloper;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5133e39daeae4144a66a55d54f28516a__list_o_1__item_o_2" eId="div_C__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kleigebied Gaasterland, het westelijk gelegen kleigebied met klei-op-veengronden en vele droogmakerijen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fa58bf5ce06f45dfa875d3dbdd624d74__list_o_1__item_o_3" eId="div_C__div_5__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De IJsselmeerkust, met de kliffen en havenstad Stavoren.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Figuur wId="pv21_709eafd0b61546b78ec45dad8b79412d__img_o_1" eId="div_C__div_5__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-10.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		      <Al>Gaasterland grenst in het noordwesten aan Westergo, in het noorden en noordoosten aan het Lage Midden en in het zuiden aan het IJsselmeer. Naast het kerngebied, rond dorpen als Sondel en Oudemirdum, kent de regio een hoge oostelijke uitloper richting Sint Nicolaasga en Joure. Ook de uiterste zuidwesthoek van de provincie wordt tot Gaasterland gerekend. Glooiingen, klifkusten, strandwallen en laagten maken Gaasterland tot het gebied met de meest geprononceerde hoogteverschillen van de provincie. Het bosrijke, hooggelegen centrale deel contrasteert fraai met het meer open, laaggelegen landschap van de stuwwallaagtes en het kleigebied. Met Stavoren en Sloten telt de regio twee van de elf steden. Balk, Koudum en Joure zijn tamelijk grote bewoningskernen.  </Al>
		      <Al>Het centrale deel van Gaasterland heeft de vorm van een licht gekantelde schotel waarvan de zuidrand hoger ligt (circa +12,5 NAP) dan de noordrand (circa +3,5 NAP). De (noord)westelijk gerichte helling van het terrein maakt dat de afwatering naar het noordwesten plaatsvindt. Het macroreliëf van keileemruggen en glooiend dekzand is voor Friese begrippen uniek.  </Al>
		      <Al>Het zuidwestelijke deel van Gaasterland was lange tijd grotendeels bedekt met veen. Aansluitend op de agrarische veenontginningen van het Lage Midden zijn in de tiende of elfde eeuw ook delen van het Gaasterlandse veen in cultuur gebracht.  </Al>
		      <Al>Gaasterland staat bekend om de kliffen die zich, door eeuwenlange erosie onder inwerking van de Zuiderzee, scherp aftekenen. Ze waren onderdeel van het agrarisch cultuurlandschap. Boven op sommige kliffen lagen bijvoorbeeld tûnwallen; een typische perceelscheiding en veekering voor stuwwalgebieden in Noord-Nederland. Andere zichtbare elementen zijn de windmolens voor het opwekken van elektriciteit die sinds de jaren tachtig deel uitmaken van het landschap in de Súdwesthoeke (het zuidelijke deel van Westergo, het Lage Midden en Gaasterland).  </Al>
		      <Al>De landbouw is gericht op de melkveehouderij, maar ook op landschapsbeheer en systeemherstel. Het watersysteem voert vooral water af, terwijl de droge zomers erom vragen zoet water vast te houden. Het verbeteren van het watersysteem is in dit zandgebied dan ook duidelijk aan de orde.  </Al>
		      <Al>Tegenwoordig staat de Súdwesthoeke bekend als recreatiegebied. Mensen trekken vanuit binnen- en buitenland naar Gaasterland, de meren of de IJsselmeerkust om te genieten van het landschap, de natuur, de fraaie plaatsen en steden. Juist de afwisseling van verschillende landschapstypes maakt de Súdwesthoeke tot een populaire bestemming.  </Al>
		      <Al>Op veel plaatsen zijn de aanwezige bossen en landgoederen geleidelijk omgevormd van productiebos naar een meer natuurlijk bostype. In 2005 werd de Súdwesthoeke, inclusief Gaasterland, aangemerkt als één van de twintig Nationale Landschappen van Nederland (Nationaal Landschap Zuidwest-Fryslân).</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_74aa13039c6941a1a20e00835529935c__div_o_3__div_o_4__content_o_1" eId="div_C__div_5__content_5.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>5.2</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>In het afwisselende gebied van Gaasterland, met glooiingen, (landgoed)bossen en openheid, streven we naar een balans tussen recreatie en ondernemerschap aan de ene kant en behoud van de identiteitsdragers van het gebied aan de andere kant. De uitdaging is om ruimte te geven aan vernieuwing zonder het unieke karakter van het Nationaal Landschap aan te tasten.  </Al>
		      <Al>Om die balans te bereiken, willen we een boerdiverse landbouw combineren met robuuste en veerkrachtige natuur en gevarieerde recreatie. De aanplant van meer bos en versterking van de groenblauwe dooradering (GBDA) dragen bij aan klimaat- en natuurdoelen. Bovendien bevorderen ze het vasthouden van water op de stuwwal. De overgang van de stuwwal naar de open veenpolders is een waardevolle gradiënt. De landbouwfunctie heeft daarin een belangrijke rol die we als provincie ondersteunen.  </Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem </Tussenkop>
		      <Al>Waar mogelijk worden kansen benut om water langer vast te houden voor droge perioden. Vanwege het watersysteem, en de ondergrond, ligt de nadruk op lokale en kleinschalige maatregelen. Zo stimuleren we dat agrariërs zelf water in perceelsloten vasthouden door het plaatsen van stuwen in perceelsloten of slootbodems te verhogen.  </Al>
		      <Al>We zoeken met terreinbeheerders naar mogelijkheden om klimaatadaptieve maatregelen te treffen in en rondom natuurgebieden. Zo behoudt Gaasterland zijn unieke karakter en biodiversiteit, terwijl het beter bestand is tegen droogte.  </Al>
		      <Al>We kijken ook naar kansen om klimaatadaptatie te koppelen aan andere ontwikkelingen. Gaasterland is een aantrekkelijk woongebied. Bij dorpsuitbreidingen zorgen we dat nieuwe wijken klimaatbestendig zijn ingericht door niet te bouwen in laagtes en groen en water in de wijk te brengen. Water vasthouden kan samengaan met nieuwe recreatieve plassen of natuurroutes. Dat geeft ook de gastvrijheidseconomie een impuls.  </Al>
		      <Al>Richting de toekomst verkennen we met het Rijk hoe om te gaan met de veranderingen in het peilbeheer van het IJsselmeer. Dit is nodig met het oog op voldoende zoetwateraanvoer tijdens droge perioden en het beter verdelen van zoetwater bij schaarste. We kijken daarbij bijvoorbeeld ook naar de gevolgen voor de buitendijkse functies (natuur, recreatie, bedrijvigheid). Via het <i>Programma Versterking Friese IJsselmeerkust</i> creëren we klimaatbestendige landschappen langs de kust.  </Al>
		      <Tussenkop>Landbouw en landschap </Tussenkop>
		      <Al>De landbouw kan zich in Gaasterland ontwikkelen tot een gevarieerd mozaïek van veeteelt en akkerbouw (op de stuwwal), met voldoende ruimte voor de groenblauwe dooradering (GBDA) en een basiskwaliteit natuur en landschap. Vanuit boerdiversiteit bekeken zijn er in dit gebied met name kansen voor gecombineerde kleinschalige landbouw passend bij het landschap, verbrede landbouw met recreatie en natuurbeheer, en de teelt van kwaliteitsproducten voor nichemarkten. </Al>
		      <Al>Door uitbreiding van de GBDA en uitvoering van de <i>Bossenstrategie </i>versterken we het landschap, waarbij we klimaatdoelen halen en de biodiversiteit vergroten. Groene landschapselementen op de flanken van de stuwwal zijn belangrijk voor het vasthouden van water. Daarnaast beschermen we bijzondere landschapselementen. Het gaat dan bijvoorbeeld om onderdelen van het Fries essenlandschap of erfgoedensembles, zoals unieke aardkundige waarden.  </Al>
		      <Al>We streven naar sanering van windturbines van dertig jaar en ouder, die in dit gebied volop in aanwezig zijn.  </Al>
		      <Tussenkop>Toerisme, leefbaarheid en bereikbaarheid </Tussenkop>
		      <Al>De gastvrijheidssector is een belangrijke pijler van de lokale economie in Gaasterland. Identiteitsdragers zoals de (landgoed)bossen, de overgangen naar het open veenlandschap, het reliëf en het maritieme karakter van de IJsselmeerkust zijn te benutten als onderlegger. <br/> </Al>
		      <Al>Het toerisme is een inkomstenbron voor veel regionale ondernemers en daarmee een belangrijk fundament voor de leefbaarheid. Adequate spreiding van voorzieningen zoals zorg, onderwijs, sport, cultuur en ouderenzorg blijft hier een aandachtspunt. Een goede bereikbaarheid is in dit verband een belangrijke voorwaarde waar wij ons als provincie voor inzetten.  </Al>
		      <Tussenkop>Regiokernen </Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>Balk</b> </Al>
		      <Al>Kenmerkend voor de regiokern Balk is de combinatie van historische dorpsstructuur, toeristische aantrekkingskracht en ligging op de overgang van het Fries Merengebied naar het bosrijke Gaasterland. Balk heeft een gave historische kern met monumentale panden langs de Luts en een beschermd dorpsgezicht. Het dorp wil in 2030 aardgasvrij zijn via een warmtenet dat gebruik maakt van warmte uit de rivier De Luts en restwarmte van lokale bedrijven (zoals AVK Plastics). Kleinschalige uitbreiding, passend bij het dorp, en inbreiding met herontwikkeling vormen de woningbouwstrategie van deze regiokern. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Koudum </b>
                              </Al>
		      <Al>Vanwege de centrale ligging in Zuidwest-Fryslân merken we Koudum aan als regiokern. Het dorp is onderdeel van het Nationaal Landschap Zuidwest Fryslân en vormt een schakel tussen water en land, ideaal voor watersport, fiets- en wandelroutes. Koudum heeft vooral inbreidingsplannen, aangevuld met enkele kleinschalige uitbreidingen. De strategie is gericht op behoud van voorzieningen voor leefbaarheid, betaalbare woningen en beperkte groei, passend bij het dorpse karakter. </Al>
		      <Al>
                                 <b>Joure </b>
                              </Al>
		      <Al>Joure ligt op een zandrug tussen de meren en het veenweidegebied. Het dorp vormt een knooppunt van water- en wegroutes (rijkswegen A6 en A7). Door het goede voorzieningenniveau en de aanwezige bedrijvigheid heeft de kern een belangrijke functie voor het omliggende gebied. Joure zet in op compacte groei met duurzame nieuwbouw (o.a. Wyldehoarne en een aantal inbreidingsprojecten) en versterking van het centrum en de entreezones om bereikbaarheid, uitstraling en voorzieningen te verbeteren. Opgaven op economisch vlak en op het terrein van duurzame energie hangen samen met die van Heerenveen en vinden een plek in de uitnodigingszone Heerenveen-Joure.</Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen</Tussenkop>
		      <Al>De bijzondere en afwisselende (recreatieve) kwaliteiten van Gaasterland worden weerspiegeld in karakteristieke dorpen als Oudemirdum en Warns. Deze dorpen oefenen ook aantrekkingskracht uit op mensen van buiten Fryslân. Voldoende aanbod van woningen en een goede bereikbaarheid zijn belangrijk voor de leefbaarheid, met name om jonge mensen aan de dorpen te kunnen blijven binden. Dorpen in de buurt van het Fries Stedelijk Netwerk hebben goede mogelijkheden om hun positie als aantrekkelijke woonkern te versterken.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_1734583b2cdd42608ea49ea3f284f8f5__div_o_3__div_o_5" eId="div_C__div_6">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>6</Nummer>
		    <Opschrift>Het Lage Midden: het verhaal van het water en het veen</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_148c36c38e2247408f51599240176eb0__div_o_3__div_o_5__content_o_1" eId="div_C__div_6__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>Het Lage Midden, ook wel het veenweidegebied genoemd, is zoals de naam al aangeeft het lage middendeel van Fryslân. Het wordt omarmd door de laaggelegen kleigronden van Westergo in het noordwesten, en hogere gronden in het zuiden en oosten – zoals de stuwwallen van Gaasterland en de zandgronden van de Zuidelijke Wouden. Het overgrote deel van het gebied ligt onder Normaal Amsterdams Peil (NAP). De lage ligging bepaalde in belangrijke mate de landschapshistorie van de regio.<br/></Al>
		      <Al>Op basis van latere cultuurhistorische ontwikkelingen splitsen we het gebied op in twee delen:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_2f24c79d20fa4f409405d8659a99b81f__list_o_1" eId="div_C__div_6__content_o_1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_d17eaa753026488cb6bd64264dcef12a__list_o_1__item_o_1" eId="div_C__div_6__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Het Merengebied, dat de westelijke, zuidwestelijke en noordelijke delen omvat, met de beeldbepalende hoge dichtheid aan meren, poelen en plassen;</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_f95d9ffac25743698315d654b755ac75__list_o_1__item_o_2" eId="div_C__div_6__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>De Veenpolders in het oostelijke en zuidoostelijke deel, waar vanaf de 19e eeuw stelselmatig veenpolders zijn aangelegd.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Figuur wId="pv21_764ba3e8fa0c420e8231d00178d244ec__img_o_1" eId="div_C__div_6__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-27.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, tekst&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_5e4714973d8f4c738ce10713eb254727__div_o_3__div_o_5__content_o_3" eId="div_C__div_6__content_6.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>6.1</Nummer>
		      <Opschrift>Profiel</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Het veengebied van onze provincie heeft een lange geschiedenis van ontginning, maaivelddaling, overstroming, veenafgraving en inpoldering. Tegenwoordig is het een gevarieerd landschap van weilanden, meren, sloten en vaarten. Een deel van het gebied is uitgeveend, of het veen is er geoxideerd, waardoor er nu een zandbodem ligt met een moerige bovenlaag. In de hoogtekaart zijn deze uitgeveende veenpolders duidelijk herkenbaar als laaggelegen gebieden. De Grote Veenpolder heeft een eigen waterhuishouding die hydrologische relaties heeft met Overijssel en de Noordoostpolder.</Al>
		      <Al>Buiten de veenpolders bestaat de bodem uit veen, met een dikte variërend van enkele centimeters tot lokaal een aantal meter. Dit veen ontstond tijdens een eeuwenlange ophoping van plantenresten in moerassen. Zodra we veen ontwateren, oxideert het en klinkt de bodem in. Wat aanleiding kan geven tot verdere ontwatering, opnieuw gevolgd door oxidatie en inklinking. Dit proces heeft verschillende gevolgen. Door de steeds lagere grondwaterstanden ontstaat schade aan houten paalfunderingen en aan infrastructuur. Doordat de natte natuurgebieden minder zakken komen deze steeds hoger te liggen ten opzichte van het omliggende landschap. Hierdoor neemt de verdroging van deze gebieden toe. Ook de kosten van het waterbeheer stijgen, doordat bijvoorbeeld de kades langs de Friese boezem verhoogd en verstevigd moeten worden om het peilverschil tussen boezem en polder te kunnen keren.  </Al>
		      <Al>Een bijzonder natuurfenomeen dat bij dit veengebied hoort, is kwel. Dit is zeer schoon en vaak honderden jaren oud grondwater, dat vanuit diepere zandige gronden aan de oppervlakte komt en lokaal voor unieke ecologische omstandigheden zorgt. Op dit moment wordt dit unieke water via de boezem snel afgevoerd naar zee. Het is gewenst om deze kwelstroom te verminderen of om het water beter te benutten, bijvoorbeeld als drinkwater.</Al>
		      <Al>Sinds 2021 werkt de provincie, samen met het waterschap, gemeenten en ondernemers, in het kader van het <i>Veenweideprogramma</i> aan een aantal deelgebieden in het Lage Midden. Met als inzet het beperken van veenoxidatie en maaivelddaling, het bieden van toekomstperspectief aan de landbouw, klimaatadaptatie en kwaliteitsverbetering van landschap en natuur. Voor de lange termijn (2050) zet het programma in op een veenweidegebied waarin veenafbraak, maaivelddaling en CO2-uitstoot nagenoeg zijn gestopt. Met als doel dat de landbouw zich aanpast aan de veranderde omstandigheden en een verdere ontwikkeling van recreatie en toerisme in het gebied. Ook leefbaarheid en vitaliteit staan hoog op de agenda.</Al>
		      <Al>In het Lage Midden domineert de melkveehouderij, die daarmee een belangrijke economische pijler is in het gebied. Naast de landbouw zijn recreatie en toerisme belangrijke dragers van de economie. Het Friese Merengebied is een topbestemming voor watersportliefhebbers. De recreatieve voorzieningen hebben door hun uitgestrektheid gevolgen voor het landschap. Dit geldt niet alleen voor campings en havens, maar ook voor bijvoorbeeld golfbanen. Sommige dorpen ontwikkelden zich tot ware recreatiecentra, zoals Akkrum, Grou en Terherne. Sneek is een hotspot van maritieme techniek en jachtbouw, gekoppeld aan onderwijs.</Al>
		      <Al>Zichtbare elementen zijn de windmolens voor de opwekking van elektriciteit die sinds de jaren tachtig deel uitmaken van het landschap in de Súdwesthoeke; het zuidelijke deel van Westergo, het Lage Midden en Gaasterland. De vier grote steden liggen aan de rand van het Lage Midden. Strategisch gelegen voor handel en bewoning op de hogere en drogere locaties. Ze vormen als het ware de knooppunten tussen de hogere gronden en het moerassige achterland. Ze hebben dan ook alle vier een relatie met het Lage Midden.  </Al>
		      <Al>In 2005 werd de Súdwesthoeke, inclusief Gaasterland, aangemerkt als één van de twintig Nationale Landschappen van Nederland (Nationaal Landschap Zuidwest-Fryslân).</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_a1e7317a47b14677ab247db6e23839c2__div_o_3__div_o_5__content_o_2" eId="div_C__div_6__content_6.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>6.2</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Het veengebied zal veranderen – zoals landschappen dat al eeuwenlang doen. We zetten in op het herkenbaar houden van de grotere landschappelijke kenmerken, zoals de dijken rondom de veenpolders die na droogmaking weer als landbouwgronden werden gebruikt. Ook de opstrekkende (langgerekte) verkavelingspatronen zijn kenmerkend voor het gebied.  </Al>
		      <Al>In het kader van het <i>Veenweideprogramma </i>werken we momenteel in ontwikkelgebieden met partijen ‘van onderop’ aan een integrale gebiedsaanpak. Met als insteek een gedifferentieerde, stapsgewijze aanpak op basis van de kenmerken van de verschillende deelgebieden. Er is geen blauwdruk voor het hele gebied, maar een mozaïek aan oplossingen die per gebied of per polder kunnen verschillen. De oplossingen zijn afhankelijk van de mate van maaivelddaling, de landbouwkundige structuur en wensen van de gemeenschap in een bepaald gebied. <br/>We kijken of uitbreiding van de ontwikkelgebieden wenselijk en haalbaar is. Bijvoorbeeld met de Grote Veenpolder, waar het meeste veen verdwenen is en een brede aanpak vanuit leefbaarheid, waterbeheer en ruimtelijke ontwikkelingen (zoals 380 kV-verbinding) op basis van een landschapsbiografie denkbaar is. <br/></Al>
		      <Al>De benodigde aanpassingen duren decennia en kunnen alleen slagen in samenspraak met bewoners, beheerders en ondernemers. Dit moet leiden tot een landbouw die geoptimaliseerd is voor de ondergrond, maar ook tot nieuwe vormen van landgebruik die aansluiten bij de nattere omstandigheden. Ontwikkelingen op het gebied van recreatie en educatie kunnen hier goed op aansluiten.  </Al>
		      <Al>Tegelijk versterken we de unieke waarden van het Friese Merengebied. De waterkwaliteit wordt verbeterd en de verbindingen tussen natuurgebieden worden robuuster gemaakt, bijvoorbeeld met groenblauwe dooradering. De gastvrijheidseconomie profiteert hiervan en het gebied wordt nog belangrijker als uitloopgebied van het omliggend stedelijk netwerk. Nationaal Park De Âlde Feanen speelt hierin een belangrijke rol door de synergie te vergroten tussen het Nationale Park en haar directe omgeving. </Al>
		      <Al>Via deze twee parallelle sporen werken we toe naar een vitaal en klimaatbestendig landschap, waarvan het water integraal onderdeel is. We experimenteren in deze regio met nieuwe vormen van bouwen, zodat er voldoende ruimte voor water beschikbaar blijft. Streefdoel voor de langere termijn is een groenblauw hart van Fryslân waar circulariteit, recreatie, rendabele landbouw en klimaat samenkomen. Drachten en Heerenveen zijn hierin de stuwende krachten op het gebied van productontwikkeling en circulariteit. En Sneek en Leeuwarden respectievelijk op het gebied van waterrecreatie en als kenniscentrum voor watermanagement.<br/></Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>Het nagenoeg stoppen van de maaivelddaling in het veenweidegebied is van belang voor het hele grondwatersysteem van Fryslân. Richting 2050 hebben steeds meer veengronden een waterpeil van 40 centimeter onder maaiveld. In de Omgevingsverordening nemen we instructieregels op voor peilbesluiten, zodat ook duidelijk is wat de randvoorwaarden zijn om in de toekomst nog waterpeilen te kunnen verlagen in het veenweidegebied.  </Al>
		      <Al>Met het <i>Veenweideprogramma 2021-2030</i> kunnen in een deel van het veenweidegebied waterpeilen verhoogd worden, zodat de maaivelddaling al eerder vertraagt en we bijdragen aan de klimaatdoelstellingen. Cruciaal is dat we deze peilaanpassingen doorvoeren in overleg met betrokkenen, vanwege de impact op landbouw. De focus van het Veenweideprogramma ligt op gebieden met dik veen. Behoud van alle veengronden (dun veen) is naar verwachting onhaalbaar. We onderzoeken of dit programma zich ook kan richten op het stoppen van maaivelddaling, daar waar de maaivelddaling tot maatschappelijk onverantwoorde kosten voor het waterbeheer of tot grote nadelige effecten op infrastructuur of woningen leidt.</Al>
		      <Al>In het veengebied komen klimaatmitigatie en -adaptatie samen. Door maaivelddaling te beperken verminderen we de CO₂-uitstoot. De landbouw heeft tijd nodig om zich aan te passen aan nattere omstandigheden. Het landschap verandert door hogere waterstanden in de sloten en lokaal meer natuurlijke vegetatie in de laagste delen. Het veenweidegebied blijft daarbij een open en aantrekkelijk gebied voor bewoning, landbouw en recreatie. </Al>
		      <Tussenkop>Landbouw en energie</Tussenkop>
		      <Al>De melkveehouderij is in het veengebied prominent aanwezig en beheert grote delen ervan. Vaak gecombineerd met weidevogel- en waterbeheer. Naast de traditionele melkveehouderij, vinden we er bedrijven met een meer extensieve en biologische bedrijfsvoering die rekening houden met de nattere omstandigheden in het gebied. In de ontwikkelgebieden van het <i>Veenweideprogramma </i>wordt geëxperimenteerd met andere bedrijfsvormen en natte teelten. Ook combinaties met recreatie en zorg komen relatief veel voor en bieden kansen voor extra inkomsten. </Al>
		      <Al>De landbouw zal in het veenweidegebied een belangrijke bedrijfsactiviteit blijven. Dit zal, vanwege de dalende en nattere bodem, wel een meer diverse landbouw worden met een mozaïek van natte en meer droge delen. We ondersteunen deze ontwikkeling via groenblauwe diensten. Ook ons grondinstrumentarium zetten we in om gronden te ruilen en bedrijven in en uit het gebied te verplaatsen, zodat vanuit een oogpunt van boerdiversiteit agrarische bedrijven op geschikte plekken terechtkomen.  </Al>
		      <Al>Rondom Natura 2000-gebieden en in de beekdalen spelen meervoudige opgaven. Vermindering van stikstofuitstoot en herstel van het hydrologische systeem zijn nodig om de wettelijke natuur- en waterdoelen te realiseren. Hier zien we kansen voor groenblauwe diensten in combinatie met aangepaste landbouw en doelsturing via KPI’s. </Al>
		      <Al>In het Veenweideprogramma, en bijbehorende gebiedsontwikkelingen, kan energieopwekking een bijdrage leveren aan nieuwe perspectieven. </Al>
		      <Tussenkop>Natuur en biodiversiteit</Tussenkop>
		      <Al>Het lage midden van Fryslân is een typisch veenlandschap; een combinatie van grote veenmoerassen waaronder de Natura 2000-gebieden de Âlde Feanen (ook Nationaal Park), de Deelen en de Rottige Meenthe-Brandemeer en veenweidegebieden die van oudsher van betekenis zijn voor weidevogels, waaronder grutto, watersnip en kemphaan.  </Al>
		      <Al>De genoemde moerasgebieden zijn vanwege de aanwezigheid van natte schraalgraslanden en veenmosrietlanden met unieke soorten gevoelig voor zowel verdroging als teveel stikstof. Het zijn ook belangrijke broedgebieden voor moerasvogels. Bovendien komen er endemische soorten voor zoals de Noordse woelmuis en de grote vuurvlinder. Juist de zones tussen de laaggelegen veengebieden en de hogere zandgronden bieden kansen voor vernatting en natuurherstel. We streven in dit verband naar meer samenhang tussen de natuurgebieden. </Al>
		      <Al>Vanwege de omgekeerde hoogteligging – van oorsprong op de laagste plekken, nu door het zakken van de omgeving juist hooggelegen – is het volledig herstellen van de oorspronkelijke hydrologische omstandigheden op veel plekken niet mogelijk. In de verre toekomst zullen we moeten bekijken of ruimtelijke functies nog op de meest geschikte plek liggen. </Al>
		      <Tussenkop>Wonen</Tussenkop>
		      <Al>Ook in het Lage Midden zien we mogelijkheden voor nieuwe woonvormen. Het wonen krijgt met name vorm in kleinschalige uitbreidingen van dorpen. Vanwege de lage ligging van dit gebied kijken we in eerste instantie naar de meest geschikte locaties en houden rekening met water en bodem. Dit betekent dat we waterrobuust bouwen. We verwelkomen initiatieven voor bijvoorbeeld drijvende of paalwoningen. Grootschalige stedelijke ontwikkelingen lijken niet logisch in het veenweidegebied. In diep gelegen veenpolders is het wenselijk geheel af te zien van nieuwe woningbouw. Waar sprake is van vernieuwbouw is het van belang dat waterrobuust te doen. </Al>
		      <Tussenkop>Regiokern</Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>Grou</b> </Al>
		      <Al>Grou ligt midden in Fryslân, direct aan het Pikmeer en het Prinses Margrietkanaal. Het dorp vormt een toegangspoort tot Nationaal Park De Alde Feanen. Het is omgeven door water en weidse landschappen, ideaal voor watersport, fietsen en wandelen. Grou ligt bovendien gunstig ten opzichte van Leeuwarden en Heerenveen; aan de A32 en met een station aan de spoorlijn Zwolle-Leeuwarden. Grou wil compact groeien binnen bestaande contouren, met nadruk op betaalbare en duurzame woningen, versterking van voorzieningen en toeristische ontwikkeling. Op termijn is een uitbreiding in noordelijke richting voorzien, in combinatie met verbetering van de structuur en ontsluiting van het gehele dorp.</Al>
		      <Al>
                                 <b>Lemmer</b> </Al>
		      <Al>De regiokern Lemmer is binnen Fryslân bijzonder vanwege een zeldzame combinatie van schaal, ligging en functies. Door de strategische ligging aan het IJsselmeer is Lemmer een belangrijk waterknooppunt en toegangspoort voor de Friese Meren. Lemmer is géén grote stad, maar vervult wél een bovenlokale rol die andere kernen van vergelijkbare omvang niet hebben, zoals een groot aantal jachthavens en ligplaatsen, verblijfsrecreatie, horeca en detailhandel. Lemmer zet zowel in op inbreiding als op uitbreiding, zoals aan de noordzijde van de kern. Ook wordt ingezet op transformatie van (havengerichte) verouderde bedrijvigheid. </Al>
		      <Tussenkop>Overige dorpen</Tussenkop>
		      <Al>Dorpen als Aldeboarn en Nijbeets zijn fijne woonplekken waar de historie van het veen tastbaar is. Sommige dorpen, als Earnewald en Terherne, hebben een belangrijke recreatiefunctie. Voldoende woningen en een goede bereikbaarheid zijn belangrijke ingrediënten voor de leefbaarheid, met name om jongeren te blijven binden. Dorpen in de nabijheid van het Fries stedelijk netwerk kunnen hun positie als aantrekkelijke woonkern versterken. </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_cb4d7dcd8696477cb0b193bcedeb9d65__div_o_3__div_o_6" eId="div_C__div_7">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>7</Nummer>
		    <Opschrift>Waddeneilanden: Proeftuinen voor zelfvoorzienende gemeenschappen</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_37ca7f38d5d44896ba6f6ad3390d14f0__div_o_3__div_o_6__content_o_3" eId="div_C__div_7__content_o_1">
		    <Inhoud>
		      <Al>De Friese Waddeneilanden Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog zijn onderdeel van het Waddengebied: het deel van de Zuidelijke Noordzeekust dat zich grofweg uitstrekt van Den Helder tot Esbjerg (Denemarken). Behalve de Waddeneilanden en UNESCO Waddenzee Werelderfgoed, omvat dit gebied ook de kleistreken van het aangrenzende vasteland. Samen met Texel – en de onbewoonde eilanden Rottumeroog, Rottumerplaat en Razende Bol – is dit het grootste aaneengesloten natuurgebied van Nederland. De Waddenzee komt aan de orde onder Grote wateren (zie <IntRef ref="div_C__div_8">H8</IntRef>.). </Al>
		      <Figuur wId="pv21_a646565df7c04ca799b6349b4b00f0ee__img_o_1" eId="div_C__div_7__content_o_1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-20.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart, tekst&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_12dfe607fa0b4e10b9b3cea033f20110__div_o_3__div_o_6__content_o_1" eId="div_C__div_7__content_7.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>7.1</Nummer>
		      <Opschrift>Profiel</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>De Waddeneilanden verschillen onderling, maar er zijn ook overeenkomsten. Zo is er de bijzondere aardkundige ontstaanswijze, waarin sedimentatie en erosieprocessen nog steeds plaatsvinden, met gave en karakteristieke duinvormen, grote strandvlakten en kwelders met kenmerkende kreken en slenken. De dwarsdoorsneden van de Waddeneilanden hebben een vergelijkbare opbouw. Van buiten naar binnen hebben ze de volgende structuur: stranden, buitenduinen of zeereep, binnenduinen en binnenduinranden (afwisselend hogere en lagere gronden omringd door elzensingels), dorpen, polders (bedijkt kwelderland), een dijk aan de Wadzijde en op een aantal plekken kwelders.  </Al>
		      <Al>Een andere overeenkomst is het in de twintigste eeuw opgekomen eilandtoerisme dat de bouw van hotels, badpaviljoens en recreatiewoningen in de duinen stimuleerde. Tegenwoordig is dit een belangrijk onderdeel van de eilander karakteristiek. Verder delen ze de aanwezigheid van militair erfgoed (Atlantikwall) en militaire infrastructuur, zoals een groot oefenterrein op Vlieland (Vliehors). Ook het stelsel van dijken is kenmerkend voor de vier bewoonde eilanden.  </Al>
		      <Al>De bewoning op de eilanden concentreerde zich van oudsher in de dorpen. De verspreide bewoning op ingedijkte kwelders – of in de ruilverkavelde polders – is van later datum. Hier en daar vinden we er nog traditionele boerderijtjes. Het maritieme karakter komt tot uiting in de aanwezigheid van vuurtorens, lichttorens, commandeurswoningen, havengebouwen, pieren en natuurlijk de havens.  </Al>
		      <Al>De bebouwing maakt ook de verschillen tussen de Waddeneilanden zichtbaar. Op Terschelling is deze afgestemd op de in de ondergrond aanwezige strandwallen, ook wel geestgronden genoemd. Hier ontstond een samenhangend complex van akkerland, ingebed in – of gecombineerd met – een stelsel van wegen en paden op de strandwallen. De vier dorpen op Ameland kennen een duidelijk esaanleg, vergelijkbaar met de structuur van de Drentse esdorpen. Schiermonnikoog en Oost-Vlieland zijn gevormd langs een hoofdweg en daarom verwant aan een wegdorp. </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_2dcf22bd99064168b7e0bac3a18ab877__div_o_3__div_o_6__content_o_2" eId="div_C__div_7__content_7.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>7.2</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelingsperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Bij alle ontwikkelingen in het Waddengebied hanteren we de zeven vertrekpunten uit de <i>Agenda van het Waddengebied 2050</i>. We willen de Waddeneilanden borgen als een veilig en veerkrachtig gebied voor mens en natuur, dat veranderingen van het klimaat kan opvangen en kan meebewegen met de natuurlijke dynamiek. Dat kan tegelijk een gebied zijn dat zich steeds verder ontwikkelt als zelfvoorzienende en circulaire gemeenschap. Een hoge mate van zelfvoorziening qua energie en zoetwater horen daarbij. Er wordt voortdurend gemonitord op een balans tussen duurzaam medegebruik en het behoud van het dynamische natuurmonument van wereldformaat, inclusief de status van UNESCO Werelderfgoed. Het dwarsprofiel van de eilanden, met de kenmerkende opeenvolging van Noordzee, strand, duinen, binnenduinrand, dorpen, polders, zeedijk, kwelders en Waddenzee, houden we helder. </Al>
		      <Kadertekst wId="pv21_b90f26828b6147a19c46b5dc54263534__recital_o_1" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1">
			<Al>De zeven ruimtelijke vertrekpunten uit de Agenda voor het Waddengebied 2050:</Al>
			<Lijst type="expliciet" wId="pv21_fc74e654307e42d09b6f147fe8cb1a2d__recital_o_1__list_o_1" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1">
			  <Li wId="pv21_e35478a90c8644edaac917b8b690a6ea__recital_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_1">
			    <LiNummer>1.</LiNummer>
			    <Al>Zet in op één samenhangend internationaal Waddengebied met het landschap als drager; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_839d654b6dc6477dbe3b275e4f33942a__recital_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_2">
			    <LiNummer>2.</LiNummer>
			    <Al>Respecteer de natuurlijke dynamiek van de Waddenzee en geef ruimte om die dynamiek te versterken waar het kan; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_0e8ed40921854422826b11df55cfdb14__recital_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_3">
			    <LiNummer>3.</LiNummer>
			    <Al>Koester de unieke kwaliteiten van de eilanden; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_fff4df3a929d475ea51a8a72213d872f__recital_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_4">
			    <LiNummer>4.</LiNummer>
			    <Al>Respecteer de open ruimte, rust en duisternis van de Waddenzee. Cluster grote economische opgaven en energieopgaven; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_f3c98c6a1b8440c992983ee2b7339754__recital_o_1__list_o_1__item_o_5" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_5">
			    <LiNummer>5.</LiNummer>
			    <Al>Zet in op versterking van de verschillende (ruimtelijke) identiteiten in het Waddengebied; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_7abcc93ef58747789b13d9dc21165236__recital_o_1__list_o_1__item_o_6" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_6">
			    <LiNummer>6.</LiNummer>
			    <Al>Benader kusten van het Waddengebied als robuuste zones en als onderdeel van één samenhangende kuststrook; </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_b870fc16c5e94a6ead63ea4a9a79c71f__recital_o_1__list_o_1__item_o_7" eId="div_C__div_7__content_7.2__recital_o_1__list_o_1__item_7">
			    <LiNummer>7.</LiNummer>
			    <Al>Neem bij ontwikkelingen de bestaande kwaliteiten als vertrekpunt.</Al>
			  </Li>
			</Lijst>
			<Al>De vertaling van deze vertrekpunten in ruimtelijke ontwikkelrichtingen vraagt om een integrale benadering. We werken dit voor het Waddengebied uit in een integraal kustprogramma. Hierbij houden we rekening met de onderstaande onderdelen. </Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Economie en wonen</Tussenkop>
		      <Al>Recreatie en toerisme zijn de pijlers van de economie op de eilanden, vooral gebaseerd op de natuurlijke en landschappelijke waarden. In de sector van toerisme en recreatie verschuift de focus van ‘meer toeristen’ naar 'meer waarde per toerist’. Landbouw en natuur gaan op de eilanden al eeuwenlang samen. Dit verbond wordt sterker door extra inzet op natuurinclusieve landbouw met gesloten kringlopen. Deze reeds ingeslagen weg stimuleren we. We hechten bovendien aan de totstandkoming van een duurzame visserijsector op de Waddenzee.  </Al>
		      <Al>Het vestigingsklimaat op de eilanden willen we versterken door de woningvoorraad te verbeteren en beter aan te sluiten bij de behoeften van bewoners. Woningen zijn ook nodig om een gemêleerde bevolkingssamenstelling te behouden. Sociale en economische gebondenheid is een belangrijk uitgangspunt.  </Al>
		      <Tussenkop>Water en bodem</Tussenkop>
		      <Al>De duinen en dijken op de Waddeneilanden en langs de Waddenzee, houden we op orde en versterken we waar nodig. De dijken en het kustfundament moeten op sterkte zijn en blijven om woongebieden te beschermen. Op Vlieland is de zeedijk onlangs versterkt en voor Schiermonnikoog zijn plannen in de maak. De primaire keringen op Terschelling en Ameland moeten in de komende 25 jaar opnieuw versterkt worden.  </Al>
		      <Al>We willen de zoetwaterlenzen onder de eilanden in stand houden. Dit doen we door zuinig om te gaan met grondwater (door beperken van winning, en stimulering van zuinig watergebruik) en door de afstroming van oppervlaktewater uit de duinen te beperken. Voor de wateroverlast in de binnenduinrand, met name voor de recreatie in het voorjaar, zoeken we met de gemeenten naar maatwerkoplossingen. </Al>
		      <Al>Nieuwe ontwikkelingen op de eilanden mogen niet tot een toename van het watergebruik leiden zonder compenserende maatregelen. Via het <i>Deltaprogramma Zoetwater</i> stimuleren we maatregelen voor meer lokale wateropslag en -besparing op de eilanden.  </Al>
		      <Al>De Waddeneilanden ontwikkelen zich tot koplopers in klimaatadaptatie. Ruimtelijke ontwikkelingen worden maximaal afgestemd op water- en bodemcondities. Dat begint bij locatiekeuzes (geen bouw in overstroombare of kwetsbare zones), waterrobuust bouwen (hooggelegen of adaptief bouwen) en aangepaste landbouwmethodes. Klimaatrobuust bouwen op de eilanden is een uitdaging door het beperkte aantal geschikte locaties. Dit vraagt om maatwerk en creatieve, innovatieve oplossingen waarbij we graag met de gemeenten meedenken.  </Al>
		      <Al>We zoeken continu naar een nieuwe balans tussen voldoende zoetwater en het voorkomen van wateroverlast. Met deze maatregelen zullen de eilanden beter bestand zijn tegen klimaatverandering. Dat is essentieel voor de leefbaarheid en het toerisme op lange termijn.  </Al>
		      <Tussenkop>Natuur en landbouw</Tussenkop>
		      <Al>Waddenzee (Natura 2000-gebied en Werelderfgoed) en Waddeneilanden vormen samen één van de grootste getijdengebieden ter wereld, met uitgestrekte kwelders en slikvelden en veel dynamiek. Jaarlijks maken miljoenen (trek)vogels gebruik van dit gebied om er te rusten, te foerageren of te broeden. De natuur op de Waddeneilanden wordt gekenmerkt door stranden, een zeereep, oude en jongere, kalkarme of kalkrijke duinen, duinvalleien en duinbossen. Hier vinden we veel zeldzame soorten zoals parnassia en duinparelmoervlinder. </Al>
		      <Al>De (landbouw)polders hebben een functie als broedgebied voor weidevogels en overwinteringsgebied voor wintergasten. Een uitdaging is dat het toerisme te verenigen blijft met de aanwezige natuur(waarden) waar de toerist juist voor was gekomen. In de landbouwpolders blijven we natuurinclusieve en klimaatrobuuste bedrijfsmodellen stimuleren, zoals een verbrede landbouw (combinatie met natuurbeheer en/of recreatie). </Al>
		      <Tussenkop>Bereikbaarheid</Tussenkop>
		      <Al>We houden de bereikbaarheid van de Waddeneilanden op peil. Hierbij zetten we in op verduurzaming van de vaarverbinding en op vermindering van de impact op de natuur door onderhoud aan de vaargeul. Alle eilanden hebben via de ambulancehelikopter een verbinding naar het vaste land; handhaving hiervan vinden we noodzakelijk. Drones kunnen een rol gaan spelen in de bevoorrading van de eilanden. Met een pilot rond medicijnvluchten naar de eilanden onderzoeken we of dit kansrijk en haalbaar is. </Al>
		      <Tussenkop>Energievoorziening</Tussenkop>
		      <Al>Er is ruimte voor diverse vormen van duurzame energieopwekking op de eilanden, mogelijk ook in de Waddenzee (getijdenstroom). Vanwege de status van de Waddenzee (Werelderfgoed en Natura 2000-gebied) is een zorgvuldige afweging evident. Voor de aanlanding van windenergie, opgewekt op de Noordzee, hebben we een voorkeur voor een route oostelijk van de Nederlandse Waddeneilanden.<br/></Al>
		      <Al>In de nabije toekomst gaan de Waddenveren elektrisch varen. De vraag naar duurzame energie neemt daardoor toe, zowel op de eilanden als in de havens aan de vaste wal. We onderzoeken de koppelkansen die gepaard gaan met de elektrificatie van de veerverbindingen. </Al>
		      <Tussenkop>Donkerte</Tussenkop>
		      <Al>De Boschplaat is één van de donkerste gebieden in Nederland en aangewezen als ‘Dark Sky-Park’. De beleving van donkerte is een landschaps- en natuurwaarde die we willen behouden. Toerisme en recreatie kunnen inspelen op de beleving van donkerte. De bewustwording van de kwaliteit van donkerte helpt overbodige verlichting te beperken. </Al>
		      <Tussenkop>Waddenkernen</Tussenkop>
		      <Al>De mogelijkheden van de eilanden voor ruimtelijke ontwikkelingen, zoals woningbouw en bedrijvigheid, zijn beperkt vanwege de schaarse ruimte en de natuurlijke waarden. We ondersteunen de eilanden bij het behoud van levendige, eilander gemeenschappen, waarin wonen, werken, onderwijs en zorg ook voor toekomstige generaties mogelijk blijven.  </Al>
		      <Al>Samen met de gemeenten zoeken we naar maatwerkoplossingen voor voldoende beschikbaarheid van woningen, lokale bedrijvigheid en bereikbaarheid van voorzieningen als zorg en onderwijs. Zo houden we bij de afweging van ‘openbaar belang’ ten opzichte van natuurwaarden (NNN) rekening met de eilander situatie en de beperkt beschikbare ruimte: ook een relatief kleinschalig woningbouwproject en recreatieve voorzieningen kunnen van openbaar belang zijn. We onderkennen hierbij dat bewoners en bedrijven op een eiland, in tegenstelling tot het vasteland, voor de meeste (zorg)voorzieningen niet zomaar kunnen uitwijken naar een grotere kern verderop. Ook voor de (tijdelijke) huisvesting van personeel kijken we met gemeenten naar creatieve oplossingen, zoals accommodaties op erven van agrarische bedrijven en bij recreatiebedrijven. Op programmaniveau werken we dit uit.<br/></Al>
		      <Tussenkop>Vlieland</Tussenkop>
		      <Al>De kern Vlieland (vroeger Oost-Vlieland) is het enige dorp op het eiland Vlieland en vormt het bestuurs-, economisch en cultureel centrum van de gemeente Vlieland. Het is de enige woonkern en voorzieningencentrum voor bewoners en bezoekers. Vanwege de beperkte ruimte en natuurwaarden rondom de kern, vindt woningbouw hoofdzakelijk via inbreiding en transformatie plaats. </Al>
		      <Tussenkop>Terschelling</Tussenkop>
		      <Al>
                                 <b>West-Terschelling</b> </Al>
		      <Al>West-Terschelling is het grootste dorp op Terschelling. Het fungeert als hoofddorp en toegangspoort voor bezoekers: hier komt de veerboot aan. Het dorp heeft een sterke maritieme identiteit met het Maritiem Instituut Willem Barentsz, en ligt aan een natuurlijke baai. Het heeft een belangrijke toeristische functie en speelt een belangrijke rol in de voorzieningen op het eiland. Zo is de haven cruciaal in de bevoorrading van het eiland en vormt de kern zelf het economische en culturele hart van Terschelling. West-Terschelling zet in op woningbouw en herontwikkeling om betaalbare en duurzame woonruimte te creëren voor eilandbewoners (jongeren, ouderen, starters). Dit gebeurt via locatiegerichte projecten, zoals CNL-locatie, Lutineweg/Douwstraat en Aletalaan.  </Al>
		      <Al>
                                 <b>Midsland</b> </Al>
		      <Al>Midsland is het op één na grootste dorp van Terschelling, centraal gelegen op het eiland. De naam verwijst naar die ligging: Midsland = middenland. Het dorp heeft een rijke historie en was in de middeleeuwen zelfs het bestuurscentrum van Terschelling – en later van Oost-Terschelling – voordat West-Terschelling die functie overnam. Midsland heeft een belangrijke voorzieningenfunctie op het eiland. Onderwijs, een medisch centrum, een helihaven en veel dagelijkse voorzieningen bevinden zich hier. Kleinschalige nieuwbouwprojecten – zoals Zuidermiede – maken deel uit van bredere plannen om het woningtekort op het eiland op te lossen, met nadruk op sociale huur en starterswoningen. </Al>
		      <Tussenkop>Ameland</Tussenkop>
		      <Al>Op Ameland liggen vier grotere kernen met elk hun eigen karakter en accenten. Nes is de toegangspoort en speelt daardoor een grote rol in de bereikbaarheid van het eiland en de gastvrijheidseconomie. Ook vinden we er de meeste voorzieningen. Hollum is het historische en culturele centrum van het eiland. De kern ligt aan de westzijde, nabij een aantal grote voorzieningen voor verblijfsrecreatie. In Ballum staat het gemeentehuis; het is een relatief rustige kern met kleinschalige horeca en luxe accommodaties. Buren heeft een woonfunctie en ligt dicht bij een aantal grotere vakantieparken. </Al>
		      <Al>Ameland richt zich op betaalbare woningen voor starters, jongeren en personeel, en op levensloopbestendige woningen voor ouderen (<i>Woonvisie 2024-2028</i>). Er wordt gewerkt aan verschillende bouwplannen verspreid over het eiland, zoals Binnendieken aan de westzijde van Nes en Trapweg aan de noordoostzijde van Hollum. </Al>
		      <Tussenkop>Schiermonnikoog</Tussenkop>
		      <Al>De kern Schiermonnikoog op het gelijknamige eiland is het enige dorp en het bestuurlijke centrum van de gemeente Schiermonnikoog. En daarmee het hart van het eiland voor zowel bewoners als bezoekers. Het dorp beschikt over alle basisvoorzieningen voor dagelijks leven en toerisme, maar mist voortgezet onderwijs en uitgebreide winkelvoorzieningen. Dit is logisch gezien de kleinschaligheid en het autoluwe karakter van het eiland.  </Al>
		      <Al>Schiermonnikoog zet in op kleinschalige nieuwbouw en kwalitatieve versterking van de bestaande voorraad, met de nadruk op betaalbaarheid, duurzaamheid en leefbaarheid. Grootschalige uitbreidingen zijn niet mogelijk, als gevolg van de aanwezige natuur- en landschapswaarden.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisie wId="pv21_45e2da0d6f9447db9ca83ea07d89836b__div_o_3__div_o_7" eId="div_C__div_8">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>8</Nummer>
		    <Opschrift>Grote wateren: Waddenzee en IJsselmeer</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_d5daf5203ee14679a9e4bc1440e5328f__div_o_3__div_o_7__content_o_1" eId="div_C__div_8__content_8.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>8.1</Nummer>
		      <Opschrift>Waddenzee</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Ten zuiden van de eilanden strekt zich één groot Natura 2000-gebied uit: de Waddenzee, in 2009 aangewezen als UNESCO Werelderfgoed. Een internationaal uniek gebied met een rijke biodiversiteit, dat onder meer een cruciale rol vervult als rust- en foerageergebied voor trekvogels. Zandplaten, wadgeulen en nieuwe kwelders vormen het toneel. De Waddenzee heeft een dynamisch karakter, het gebied is constant aan verandering onderhevig. Sommige vaargeulen slibben dicht of verplaatsen zich. In de 19e eeuw ondernam men een vergeefse poging om delen van de Waddenzee af te dammen, met het oog op inpoldering.  </Al>
		      <Al>In tegenstelling tot de gesloten Hollandse kust is de Noordzeekust ter hoogte van de Waddeneilanden onderbroken. Door de overheersende westenwind ontstonden er strandwallen, die zich vervolgens ontwikkelden tot eilanden. Vergelijkbare geologische processen vinden in het Waddengebied nog altijd grotendeels ongestoord plaats. Omdat de getijden en de wind oostwaarts zijn gericht, verplaatsen de eilanden zich naar het zuidoosten. De afgelopen vijfhonderd jaar is Schiermonnikoog wel tien kilometer in die richting opgeschoven.  </Al>
		      <Al>De afsluitingen van de Zuiderzee (1932) en de Lauwerszee (1969) hebben invloed op de buitendelta’s; de geulen en zandbanken tussen de eilanden aan de Noordzeezijde, die in sterke mate de kustontwikkeling van de Waddeneilanden bepalen. De erosie van de koppen van de eilanden is door deze afsluitingen versterkt. De stijgende zeespiegel en een dalende wadbodem zorgen tegelijk voor meer zandhonger, met als gevolg dat er met vloed meer zand de Waddenzee instroomt en er tijdens eb minder zand naar buitengaats vloeit. Zwakkere buitendelta’s en gevaarlijke geulen zijn het gevolg. De toename van zand of sediment in de oostelijke Waddenzee kunnen we ook verwachten in het westelijk deel. Om geulen zoals ‘De Boontjes’, maar ook de haven van Harlingen bevaarbaar te houden, zal meer onderhoud nodig zijn.  </Al>
		      <Al>Er is nog onvoldoende zicht op hoe onderdelen van dit zand-delend systeem reageren op de effecten van klimaatverandering. Onduidelijk is ook hoe lang de Waddeneilanden, maar ook de wadplaten en kwelders, mee kunnen groeien met de te verwachten zeespiegelstijging. Dit heeft niet alleen gevolgen voor de waterveiligheid, maar ook voor de natuurwaarden in het gebied die onder druk staan en aanleiding geven tot het opstellen van een <i>Beleidskader Natuur </i>door het Rijk.</Al>
		      <Figuur wId="pv21_47411a373c8b469282355960b8a8dc7b__img_o_1" eId="div_C__div_8__content_8.1__img_o_1">
			<Illustratie naam="prb-2026-4037-3.jpg" breedte="433" hoogte="433" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" alt="Afbeelding met kaart&amp;#10;&amp;#10;Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist." dpi="110"/>
		      </Figuur>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_098c301adfb8446daed83351f38d12b5__div_o_3__div_o_7__content_o_2" eId="div_C__div_8__content_8.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>8.2</Nummer>
		      <Opschrift>IJsselmeer</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Als het gaat over groot water dan moeten we ook het IJsselmeer noemen. Dit water, voorheen de brakke en zoute Zuiderzee, veranderde sinds de aanleg van de imposante Afsluitdijk (1932) in een groot zoetwaterbekken. Naast zijn betekenis voor (recreatieve) scheepvaart, recreatie en watergerelateerde bedrijvigheid, is het een belangrijk zoetwaterreservoir en -leverancier voor meerdere provincies, waaronder Fryslân.  </Al>
		      <Al>Als Natura 2000-gebied heeft het IJsselmeer natuurwaarde; tegelijk biedt het ruimte aan bijvoorbeeld windmolens. Het iconische Windpark Fryslân toont de veelzijdigheid van het IJsselmeer. Langs de randen liggen diverse markante historische kustplaatsen, in een fijnmazige dijkzone met sterk wisselende lay-out. In tegenstelling tot de steile kust van Noord-Holland en Flevoland, loopt de Friese IJsselmeerkust flauw af. Er liggen relatief veel buitendijkse gebieden met natuur, recreatie en bedrijvigheid. Hierdoor is de Friese kust gevoelig voor peilfluctuaties in het IJsselmeer. Terwijl in de toekomst het peil meer zal fluctueren en hoger en lager kan worden ten behoeve van het waterbeheer en de zoetwatervoorziening.  </Al>
		      <Al>De Afsluitdijk vormt met zijn strakke dijklichaam, sluizencomplexen en militaire verdedigingswerken in Kornwerderzand (beschermd dorpsgezicht met beschermde onderdelen) een monumentaal complex. Het is een prominente uiting van de utilitaire waterbouwkunde uit de beginjaren van de vorige eeuw, gelegen tussen twee grote open watervlakten: Waddenzee en IJsselmeer. Van waarde is hier de beleving van het grootschalige waterpanorama, met een lage horizon en veel lucht. In het kader van het project ‘De Nieuwe Afsluitdijk’ wordt sinds 2017 gewerkt aan versterking en vernieuwing van de Afsluitdijk. Met onder meer ruimte voor duurzaamheid en toerisme. Bovendien wordt de dijk versterkt om het land ook in de toekomst tegen zeewater te kunnen beschermen. De IJsselmeerdijk is tegenwoordig een karakteristiek landschapselement. </Al>
		      <Al>Een onderdeel van ‘De Nieuwe Afsluitdijk’ is de Vismigratierivier, een opzienbarend ingenieurswerk waardoor trekvissen zoals paling, zalm, zeeforel en spiering in de toekomst kunnen migreren tussen het IJsselmeer en de Waddenzee. Dit werk in uitvoering – verwachte oplevering in 2027 – is van historische betekenis voor het IJsselmeer en de Afsluitdijk, en zeker voor natuur en toerisme. Nederland laat hier zien dat kustveiligheid, behoud van zoetwater en natuurherstel kunnen samengaan. Een internationale showcase voor de Nederlandse waterbouw.  </Al>
		      <Al>Het aanzicht van de IJsselmeerkust is beïnvloed door toeristische activiteiten. Zo zijn er nieuwe recreatiegebieden aangelegd, waaronder de Hoalle Poarte in Makkum en It Soal in Workum. </Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_79e2f913f66c4d55bf0200f9f57ae513__div_o_3__div_o_7__content_o_3" eId="div_C__div_8__content_8.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>8.3</Nummer>
		      <Opschrift>Ruimtelijk ontwikkelingsperspectief</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>We respecteren de kenmerkende openheid van zowel de Waddenzee als het totale IJsselmeersysteem en we benaderen de opgaven op het niveau van het gehele systeem. Voor de kustzone, zowel de Friese IJsselmeerkust als de Waddenkust, streven we naar zonering op basis van een ritmiek tussen open en bebouwd en tussen rust en reuring (venster-cluster).  </Al>
		      <Al>We spannen ons in voor schoon water (verbetering van de waterkwaliteit in IJsselmeer en Waddenzee) en een grotere rijkdom aan planten- en diersoorten in het gebied (biodiversiteit). De Vismigratierivier (VMR) is hierin een belangrijke schakel. We benutten de extra kansen en mogelijkheden die hierdoor ontstaan voor recreatie.  </Al>
		      <Al>Zandwinning in het IJsselmeer, en andere wateren, is voor ons een belangrijk aandachtspunt. We participeren in onderzoekstrajecten rond de toekomstige zandwinlocaties in en nabij Fryslân.  </Al>
		      <Tussenkop>Waddenzee </Tussenkop>
		      <Al>Het ruimtelijke beleid rond de Waddenzee is gericht op het behoud van het ecologische functioneren van dit dynamische natuurmonument. Bij alle ontwikkelingen volgen we de zeven vertrekpunten uit de <i>Agenda van het Waddengebied 2050</i>. We behouden en versterken de rijke biodiversiteit van de Waddenzee. We zetten in op flexibel en meebewegend beheer. We houden sedimentbuffers op peil met zandsuppletie, zodat de kustlijnen, de kwelders en de wadplaten kunnen meegroeien met de zeespiegel. Hiermee behouden we de natuurlijke stormkering en de ecologische rijkdom van het gebied.  </Al>
		      <Al>We adresseren het dilemma van de economische positie van Harlingen in relatie tot de nautische bereikbaarheid van de stad en de vaarroute van het IJsselmeer naar de Noordzee. De toenemende sedimentatie in de Waddenzee zorgt op termijn voor een toename van het onderhoud van de vaargeulen en het openhouden van de haven. <br/>We zetten in op vermindering van de impact van het onderhoud van de vaargeulen naar de eilanden op de natuurwaarden. Hierbij kijken we breed, van vaartuigtypen en baggertechnieken tot ligging van vaargeulen en aanlandplekken. Voor de vaarverbinding naar Ameland doen we hier momenteel onderzoek naar. </Al>
		      <Al>Het unieke karakter van de Waddenzee (UNESCO Werelderfgoed) blijft leidend: natuurlijke en landschappelijke waarden krijgen voorrang en andere functies zijn alleen mogelijk indien verenigbaar met de natuur. We zijn terughoudend met ingrepen in dit kwetsbare systeem. Zo vinden we diepe delfstofwinning (gas) onder de Waddenzee en -eilanden ongewenst, om bodemdaling en milieuschade te voorkomen. Voor de bestaande zoutwinning houden we de komende jaren de vinger aan de pols. Voor de aanlanding van windenergie, opgewekt op de Noordzee, heeft een route oostelijk van de Nederlandse Waddeneilanden onze voorkeur.  </Al>
		      <Al>Maritieme archeologie die bedreigd wordt door erosie en menselijk handelen – denk met name aan vrijspoelende scheepswrakken – gaan we beter beschermen. Hogere temperaturen en veranderende zoutbalansen leiden tot verschuivingen in de soorten in de Waddenzee. Dit is een belangrijk punt van zorg. Samen met waterdeskundigen en marien ecologen monitoren we deze ontwikkeling en anticiperen we op mogelijke gevolgen.  </Al>
		      <Al>Het Waddengebied is een economische schakel in de kust- en zeevisserij. We ondersteunen de visserijsector in h aar transitie naar een duurzame toekomst, in balans met natuurherstel, waterkwaliteit en klimaatadaptatie. </Al>
		      <Tussenkop>IJsselmeer </Tussenkop>
		      <Al>Voor het IJsselmeer streven we naar een toekomstbestendig watersysteem, met het oog op zowel de zoetwatervoorziening als de veiligheid van de Friese kust – een kust met relatief veel buitendijkse functies. Voor het water en de kustzone werken we samen met het Rijk, gemeenten, het waterschap en beheerders aan oplossingen voor waterveiligheid, voldoende zoetwater, klimaatadaptatie, natuurontwikkeling, waterkwaliteit, energieproductie, visserij, toerisme en recreatie. De fijnmazige en afwisselende kustrand houden we herkenbaar, inclusief de groene dijken, havens en andere kenmerkende artefacten met een cultuurhistorische, maritieme of waterstaatkundige betekenis. </Al>
		      <Al>Waarschijnlijk na 2050 zal het peil van het IJsselmeer meer fluctueren. Dit zal gevolgen hebben voor buitendijkse functies zoals natuur, recreatie en bedrijvigheid. We zullen met het Rijk, als bevoegd gezag voor het IJsselmeerpeil, en met betrokken gemeenten en Wetterskip Fryslân, bekijken wat dit betekent voor deze functies. En bekijken welke aanpassingen eventueel nodig zijn. Ook zijn we met het Rijk in gesprek over de verdeling van zoetwater tijdens droge perioden (invulling van de verdringingsreeks).  </Al>
		      <Al>We respecteren de Afsluitdijk als kenmerkend iconisch ingenieurswerk, onder het motto ‘spectaculaire eenvoud’. Het werk aan ‘De Nieuwe Afsluitdijk’, inclusief de Vismigratierivier, wordt voortgezet en na voltooiing afgerond. Ook nemen we de beoogde verbreding van de sluis in Kornwerderzand – eveneens een onderdeel van ‘De Nieuwe Afsluitdijk’ – ter hand. Deze verruiming moet ervoor zorgen dat IJsselmeerhavens in onze en andere provincies bereikbaar worden voor grotere schepen. Door de komst van een verruimde sluis, nieuwe bruggen, de Vismigratierivier en het Afsluitdijk Wadden Center kan Kornwerderzand uitgroeien tot een toeristische en recreatieve trekpleister.  </Al>
		      <Al>We ondersteunen de visserijsector in haar transitie naar een duurzame toekomst, in balans met natuurherstel, waterkwaliteit en klimaatadaptatie.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisietekst wId="pv21_6ac95c67bddf4844b39b198108697148__div_o_3__content_o_3" eId="div_C__content_9">
		  <Kop>
		    <Label>H</Label>
		    <Nummer>9</Nummer>
		    <Opschrift>Dynamiek en synergie in de uitnodigingszones stedelijk</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>De steden van het Fries Stedelijk Netwerk (Leeuwarden, Drachten, Sneek, Heerenveen) vormen de zwaartepunten van bedrijvigheid, kennisclusters, onderwijs en dienstverlening. Inclusief een hoog en divers voorzieningenniveau. Ze zijn daarmee voor heel Fryslân van grote betekenis. In de Nota Ruimte is dit stedelijk netwerk ook als zodanig aangewezen, in samenhang met een mogelijke corridorfunctie tussen de Randstad en Midden- en Oost-Europa. </Al>
		    <Al>We willen de economische en sociaal-culturele verbindingen en de kennis- en informatiestromen tussen de vier steden in het netwerk intensiveren. Niet alleen omdat ze op die manier hun (inter)nationale positie kunnen versterken, maar ook om de Friese economie aan te jagen en verbreden ten bate van heel Fryslân. Betrokken gemeenten stemmen de stedelijke ontwikkelingen op elkaar af, zodat deze elkaar aanvullen en versterken. Maar ook om het Fries Stedelijk Netwerk gezamenlijk stevig op de kaart te zetten.  </Al>
		    <Al>De steden zetten daarbij in op de eigen sterke punten:</Al>
		    <Lijst type="expliciet" wId="pv21_2ec635e633f047c8bfa1725bb4149e76__list_o_1" eId="div_C__content_9__list_o_1">
		      <Li wId="pv21_9a50a20a410942e28467f74a063283c1__list_o_1__item_o_1" eId="div_C__content_9__list_o_1__item_o_1">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Leeuwarden is de historische en culturele hoofdstad van Fryslân, en centrum voor economie, onderwijs, gezondheidszorg en cultuur. De stad heeft vooral een sterke positie op het gebied van kennis (hogescholen, Campus Fryslân), watertechnologie, (Wetsus, watercampus), energie (Energiecampus), agrofood (Dairy Campus) en multimedia;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_2aba1adb881e4a15b5a5572aa31856e3__list_o_1__item_o_2" eId="div_C__content_9__list_o_1__item_o_2">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Drachten is een economische ontwikkelkern in het oosten van Fryslân, strategisch gelegen aan de A7 en op relatief korte afstand van economische centra buiten Fryslân. Drachten heeft vooral een sterke positie op het gebied van hoogwaardige maakindustrie (Innovatiecampus), logistiek en distributie;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_e28f604f444a4dc694aedbc84235e57b__list_o_1__item_o_3" eId="div_C__content_9__list_o_1__item_o_3">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Sneek is een watersportstad met een sterk maritiem cluster van jachtbouw en aanverwante vormen van watergebonden bedrijvigheid, gekoppeld aan de positie als (water)recreatiestad in het hart van het Friese merengebied;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_117fbe5041564412a41b83d63bf1b062__list_o_1__item_o_4" eId="div_C__content_9__list_o_1__item_o_4">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Heerenveen, strategisch gelegen aan de A7 en A32, is vooral bekend als sportstad, maar heeft ook een sterke positie op het gebied van circulaire materialen (o.a. circulaire plastics), zuivelindustrie, logistiek en distributie.</Al>
		      </Li>
		    </Lijst>
		    <Al>De vitale regiosteden Harlingen en Dokkum hebben qua bedrijvigheid, werkgelegenheid en voorzieningen belangrijke regionale functies:</Al>
		    <Lijst type="expliciet" wId="pv21_1a6f92f37b45418e9df2ec28696c7799__list_o_2" eId="div_C__content_9__list_o_2">
		      <Li wId="pv21_93607aa440084a83a9befd8711bb8abc__list_o_2__item_o_1" eId="div_C__content_9__list_o_2__item_o_1">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Harlingen is strategisch gelegen aan het Van Harinxmakanaal en de Waddenzee. De stad heeft, naast het historische centrum, vooral een sterke positie als zeehaven, met veerverbindingen met Vlieland en Terschelling, haventerreinen en watergebonden bedrijvigheid;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_848cddaa9a03442983ee8ddd3fea4f37__list_o_2__item_o_2" eId="div_C__content_9__list_o_2__item_o_2">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Dokkum is het stedelijk centrum voor werk, verzorging en voorzieningen in Noordoost- Fryslân. Dokkum is bovendien een toeristische parel met z’n authentieke, historische binnenstad en vestingwerken.</Al>
		      </Li>
		    </Lijst>
		    <Tussenkop>Compleet netwerk</Tussenkop>
		    <Al>We kunnen het Fries Stedelijk Netwerk en beide regiosteden niet los zien van het omliggende platteland met zijn regiokernen en dorpen. Hier huizen van oudsher veel innovatieve clusters van MKB-bedrijven. Zij vervolmaken Fryslân tot een vitale, goed verbonden en aantrekkelijke provincie waar het goed wonen, werken, investeren en leven is. Maar ook tot een provincie met brede welvaart die we willen behouden en waar mogelijk versterken. Dat kan alleen door slim te investeren in een toekomstbestendige, circulaire economie; afgestemd op zowel de netwerken en andere omgevingsfactoren als de mogelijkheden die bodem en water bieden. <br/> </Al>
		    <Figuur wId="pv21_0e1723f2b33e4946b1e3f6d28130f7bc__img_o_1" eId="div_C__content_9__img_o_1">
		      <Illustratie naam="prb-2026-4037-8.jpg" breedte="849" hoogte="630" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="216"/>
		    </Figuur>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszones stedelijk</Tussenkop>
		    <Al>We bouwen voort op de aanwezige kwaliteiten van het netwerk van steden, regiokernen en dorpen. Bijvoorbeeld door bovenregionale, stuwende bedrijvigheid vooral te koppelen aan de zones rondom het Fries Stedelijk Netwerk. In en rond deze steden ligt ook een grote woningbouwopgave, in diverse segmenten. Omdat steden relatief veel energie vragen, moeten we in de nabije omgeving voorzien in nieuwe opwek- en opslagcapaciteit. In en rond de steden komen – versterkt door de dynamiek – veel opgaven samen. Om deze in samenhang – en met oog voor ruimtelijke kwaliteit – een plek te geven, gaan we met betrokken gemeenten, in zes uitnodigingszones (zie visiekaart), de regie voeren over de ruimtelijke invulling:  </Al>
		    <table frame="topbot" wId="pv21_012c06fc2ef449f4b0c783573cd61644__table_o_1" eId="div_C__content_9__table_o_1">
		      <tgroup cols="2" align="left">
			<colspec colname="kolom1" colnum="1" colwidth="50*" align="left"/>
			<colspec colname="kolom2" colnum="2" colwidth="50*" align="left"/>
			<tbody valign="top">
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al> <i>Uitnodigingszone</i></Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al> <i>Nadruk op</i></Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Leeuwarden - Burgum </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Stedelijke ontwikkelingen in de volle breedte in en rond Leeuwarden, incl. nieuw station. Richting Tytsjerk/Burgum faciliteren en verduurzamen bedrijvigheid en ontsluiting, met groen en water </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Drachten - Burgum </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Ontwikkeling bedrijvigheid in en rond Drachten incl. woningbouw. Schaalsprong en halteplaats Lelylijn zuidzijde A7. Aan de noordkant ruimte voor verduurzamen bedrijvigheid, groen en water. Economische ontwikkeling A-7 zone.</Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Heerenveen - Joure </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Bedrijvigheid en woningbouw in en rond Heerenveen. Richting Joure woonuitbreiding Heerenveen-West met recreatieve uitloop, groen en water. Inpassing tracé + station Lelylijn. Economische ontwikkeling A-7 zone.</Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Sneek - Bolsward </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Wonen en (water)gebonden, recreatieve bedrijvigheid bij Sneek. Bij Sneek - Bolward samenkomst van wonen, verduurzamen en circulaire economie, mobiliteit, klimaat en natuur. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Harlingen - Franeker </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Ontwikkeling watergebonden bedrijvigheid, woningbouw en gastvrijheid bij Harlingen en Franeker. Verduurzamen bedrijven in combinatie met sanering en opschaling energie. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Dokkum - Hallum - Holwerd </Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Stedelijke ontwikkelingen in en bij Dokkum. Richting Hallum - Holwerd faciliteren en verduurzamen van bedrijvigheid. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Landelijk gebied, Zuidoost Fryslân</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Deze uitnodigingszone staat beschreven in paragraaf 4.1</Al>
			    </entry>
			  </row>
			</tbody>
		      </tgroup>
		    </table>
		    <Al>De specialisatie, identiteit, kenmerken en de sterke punten van een zone staan centraal bij nieuwe ontwikkelingen. </Al>
		    <Al>We zetten daarbij in op het met elkaar afstemmen en vormgeven van: </Al>
		    <Lijst type="expliciet" wId="pv21_8a83645d8bba42d3a1ed4de0dbce28bf__list_o_3" eId="div_C__content_9__list_o_3">
		      <Li wId="pv21_5449f2370c3b429f9af9248f6330149a__list_o_3__item_o_1" eId="div_C__content_9__list_o_3__item_o_1">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Een gedifferentieerd aanbod van woningen en voorzieningen in de nabijheid;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_0f94f38e19da4a6eaa1f38c34ac1aaf7__list_o_3__item_o_2" eId="div_C__content_9__list_o_3__item_o_2">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Kenniscampussen en innovatieve ecosystemen, waar onderwijs, kennis- en talentontwikkeling en diverse bedrijvigheid samenkomen. Ook grootschalige en circulaire bedrijvigheid moet een goede plek krijgen;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_5d3de83c49ad4d4f9e13a28db3c0aee8__list_o_3__item_o_3" eId="div_C__content_9__list_o_3__item_o_3">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Interne en externe verbindingen (weg, water, spoor) met multimodale knooppunten om over te stappen;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_4d22c9984ace4005a9863c40705eb795__list_o_3__item_o_4" eId="div_C__content_9__list_o_3__item_o_4">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Energie en klimaatadaptatie, inclusief nieuwe vormen van circulair bouwen en wonen;</Al>
		      </Li>
		      <Li wId="pv21_921bb1db08964cad9e9f01b01d23992b__list_o_3__item_o_5" eId="div_C__content_9__list_o_3__item_o_5">
			<LiNummer>◾</LiNummer>
			<Al>Verweving van stad en landschap met behulp van groene en blauwe verbindingen voor recreatieve doeleinden en landschap en natuurbehoud/herstel.  </Al>
		      </Li>
		    </Lijst>
		    <Tussenkop>Blue Delta </Tussenkop>
		    <Al>De <i>Economische Samenwerkingsagenda Blue Delta</i> is onze routekaart voor de stuwende economische sectoren, als basis voor een duurzaam verdienvermogen. De speerpunten waarlangs we innoveren zijn: Agro Food, Watertechnology, High Tech Systems &amp; Materials, Circular Materials, Maritime Technology en Tourism &amp; Hospitality.  </Al>
		    <Al>Voldoende zoetwater en fossielvrije energie en klimaatadaptie zijn hiervoor randvoorwaarden die een structurerende werking op de ruimtelijke inrichting. Ze vragen om regie op verschillende schaalniveaus.  </Al>
		    <Al>Door compact te bouwen in voldoende hoge dichtheden, kunnen we landbouwgronden, landschap en natuur buiten de steden zoveel mogelijk vrijwaren en behouden. Hogere dichtheden vergroten het economisch draagvlak om te investeren in de kwaliteit van publieke ruimten. Daarnaast wordt meervoudig ruimtegebruik eerder economisch rendabel, zoals groene daken en gevels. Hogere dichtheden bevorderen ook andere vormen van mobiliteit: de afhankelijkheid van de auto om voorzieningen te bereiken neemt af, lopen, fietsen en OV zijn goede alternatieven.</Al>
		    <Al>Voldoende groen en water in en om de stad dragen bij aan een gezonde en prettige leefomgeving, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Een aantrekkelijke stedelijke woon-, leef- en werkomgeving met voldoende mogelijkheden voor verkoeling en vrijetijdsbesteding is het visitekaartje om talent, kenniswerkers en vakmensen aan te trekken en vast te houden.  </Al>
		    <Al>In de navolgende voorzetten voor de uitnodigingszones geven we de hoofdlijnen weer van het beleid waaraan we met medeoverheden en andere partijen gestalte willen geven.  </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Leeuwarden – Burgum</Tussenkop>
		    <Al>Leeuwarden heeft grote verstedelijkingsopgaven, zowel binnen als buiten de bestaande stad; dit zal gepaard moeten gaan met uitbreiding van groen/ natuur, water en recreatie. Daarnaast speelt de energieopgave, met name bij de grote energievragers zoals bedrijven. Economische kansen liggen vooral in het clusteren en uitbouwen van de sectoren watertechnologie, agrifood, energie en media, met de bijbehorende onderwijsinstellingen (NHL Stenden Hogeschool, Van Hall Larenstein, University Groningen Campus Fryslân).<br/></Al>
		    <Al>Middelsee en Spoordok vormen de komende vijftien tot twintig jaar de grootschalige woningbouwlocaties. In de Nota Ruimte zijn beide locaties aangewezen als regionale grootschalige woningbouwlocaties bij een centrumstad, met een capaciteit &gt; 1.000 woningen; ze dragen bij aan de nationale woningbouwopgave en verdienen ondersteuning van het Rijk vanwege de complexe opgaven. <br/>Spoordok is een grote binnenstedelijke locatie, gunstig gelegen nabij het centrum en het station. Bij uitstek geschikt voor een aantrekkelijke mix van hoog stedelijk en stedelijk wonen in diverse vormen, milieuvriendelijke bedrijvigheid, dienstverlening en horeca. </Al>
		    <Al>Middelsee is een grote, nieuwe woonwijk ten zuiden van de stad, tot aan de Haak. Hier worden woningen gebouwd in gevarieerde woonmilieus en in een relatief hoge dichtheid; van appartementen tot grondgebonden wonen, nabij groen en water. Rond het nieuwe station Leeuwarden-Middelsee concentreren wonen, dienstverlening en publieksfuncties zich. Op termijn wordt dit ook een halteplaats van de door het Rijk geplande Lelylijn. Groen en water groeien mee met deze stadsuitbreiding, waardoor een klimaatrobuuste stadsrandzone ontstaat, aantrekkelijk verbonden met stad en platteland.</Al>
		    <Al>Naast verschillende binnenstedelijke herstructurerings- en transformatieprojecten, met name in het oosten van de stad, is op termijn een verdieping van het spoor naar Groningen wenselijk. Dit in combinatie met kwaliteitsverbetering van de aangrenzende buurten.</Al>
		    <Al>Bedrijfsontwikkeling vindt met name plaats ten westen van de stad: door herstructurering, kwaliteitsverbetering en uitbouw van bedrijventerrein De Zwette, onder meer met een energielandschap. De ligging aan het Van Harinxmakanaal biedt ontwikkelkansen voor watergebonden circulaire bedrijvigheid. Zoekruimte voor grootschalige bedrijvigheid (&gt; 3 ha), met toegevoegde waarde voor het economisch profiel van Leeuwarden, vinden we aan de zuidwestzijde en noordwestzijde van de stad.  </Al>
		    <Al>De gemeente Leeuwarden werkt aan deze opgaven. Rondom de stad signaleren we ontwikkelingen en opgaven die om een goede afstemming vragen. Dit geldt met name voor de oostkant van de stad. Richting Tytsjerk en Burgum spelen vraagstukken rond duurzame energieopwekking, economische ontwikkeling en infrastructuur die koppelkansen bieden. Dit in samenhang met de doorontwikkeling van het recreatiegebied de Groene Ster, bedrijventerrein De Hemrik en investeringen van Tennet in onderstations en netverzwaring. In deze uitnodigingszone gaan we hiermee aan de slag, samen met onze medeoverheden.  </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Drachten – Burgum </Tussenkop>
		    <Al>Rondom Philips, en andere innovatieve bedrijven, heeft zich in Drachten een cluster van innovatieve maakindustrie ontwikkeld. Dit onder de noemer: High Tech Systems &amp; Materials, Circular Materials. Deze clustering van excellente technische bedrijven wordt versterkt door de aanwezigheid van Campus Drachten, waar onderwijs en bedrijfsleven nauw samenwerken aan innovaties voor de maakindustrie. Met uitbouw en opschaling van dit cluster kan Drachten het Eindhoven van Noord-Nederland worden op een schaal die bij Fryslân past. We zien nu al dat het cluster studenten, vakmensen en kenniswerkers van buitenaf aantrekt. Dit versterkt de bestaande woningbouwopgave.  </Al>
		    <Al>Naast afronding van woningbouw aan de noordzijde, zijn er diverse inbreidings- en herstructureringslocaties in en rond het centrum; Drachten Centrum is in de Nota Ruimte opgenomen als een regionale grootschalige woningbouwlocatie. Daarnaast biedt een sprong over de A7 mogelijkheden voor een grootschalige uitbreiding aan de zuidkant. Met op termijn ook een halteplaats van de door het Rijk geplande Lelylijn, gecombineerd met voorzieningen, (regionale) ontsluiting en stedelijke ontwikkelingen. Belangrijk is dat deze sprong overtuigend is, met voldoende schaal en kwaliteit én goede verbindingen met de bestaande stad. Een eersteklas ontwerp voor de lange termijn dient hieraan ten grondslag te liggen. Met in ieder geval aandacht voor woonkwaliteiten, stedelijke voorzieningen, inpassing van de door het Rijk geplande Lelylijn, afdoende ontsluiting, versterking van groene en blauwe structuren en een passende overgang naar de bossen rondom Beetsterzwaag. Op een meer bescheiden schaal is woningbouw aan de westzijde van Drachten, rond Boornbergum, een optie.</Al>
		    <Al>Door herstructurering en herplaatsing van bedrijven op het bedrijventerrein De Haven ontstaan nieuwe ontwikkelmogelijkheden voor bedrijven. Daaronder vallen watergebonden bedrijven langs de zijtak van het Prinses Margrietkanaal, passend bij de huidige vaarwegklasse. Zoekruimte voor grootschalige bedrijvigheid (&gt; 3 ha) ligt rond de kruising A7/ N31/ N381. Dit in aansluiting op het economisch profiel van Drachten. <br/>Met het Rijk en de gemeenten geven we invulling aan het economisch profiel van het regionaal economisch ecosysteem A-7 zone, zoals opgenomen in de Nota Ruimte, met accent op de maakindustrie.</Al>
		    <Al>Samen met de betrokken gemeenten kijken we naar een gewenste ontwikkeling van het burgerluchtvaartterrein ten oosten van Drachten.</Al>
		    <Al>Het cluster van bedrijvigheid in Drachten, vooral op bedrijventerrein De Haven, vraagt veel energie. Er is dus behoefte aan voldoende zoekruimte voor fossielvrije energieopwekking. Deze is vooral te vinden aan de noordkant, in de richting van Burgum. Dit moet samengaan met groenblauwe zones richting Opeinde en De Leien, ontwikkeling van natuurlijke en landschappelijke kwaliteiten en voldoende buffers tussen kernen. </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Heerenveen – Joure </Tussenkop>
		    <Al>De gunstige ligging van Heerenveen nabij het kruispunt van de A32 en A7 en langs het spoor, op relatief korte afstand van economische centra buiten Fryslân, vertaalt zich in een sterke economische groei. Het nabijgelegen Joure deelt hierin mee. De ontwikkeling van bedrijvigheid in beide kernen wordt op elkaar afgestemd, zodat bedrijven op de juiste plek terecht komen en bedrijventerreinen qua functie en profiel elkaar aanvullen. </Al>
		    <Al>Heerenveen en Joure hebben een belangrijke verzorgingsfunctie in Zuid-Friesland. Heerenveen is naast sportstad, met topsportfaciliteiten en een (inter)nationale uitstraling, en winkelstad, ook een centrum van circulaire economie, logistiek en distributie en zuivelverwerking. In Circular Valley, bij het terrein van Omrin, doen bedrijven kennis en ervaring op met verwerking en recycling van reststoffen, zoals in het testcentrum voor circulaire plastics. Bouwbedrijven zijn actief in modulair bouwen met biobased grondstoffen. Hier ligt de basis voor circulaire productie en verwerking, waarbij grondstoffen niet langer verspild worden. De opgedane kennis en technieken kunnen verhandeld en elders ingezet worden. Joure heeft, naast de woonkwaliteiten en een aantrekkelijk centrum met een compleet voorzieningenaanbod, een aantal bedrijven met veel werkgelegenheid (zie verder de passage over Joure, onder Gaasterland).<br/>Een samenhangende stedelijke ontwikkeling van Heerenveen en Joure, ingebed in een robuust landschappelijk raamwerk, benut de kwaliteiten en economische potenties langs de A7/ A6; dit straalt uit naar een groter gebied, richting Sneek, Sint Nicolaasga en Lemmer. Samen met het Rijk en de gemeenten geven we daarmee invulling aan het economisch profiel van het regionaal economisch ecosysteem A-7 zone, zoals opgenomen in de Nota Ruimte, met accent op de maakindustrie. </Al>
		    <Al>Een landschappelijke buffer tussen Heerenveen en Joure moet voorkomen dat beide kernen aan elkaar groeien.</Al>
		    <Al>Het noordoostkwadrant van de kruising A7/A32 vormt het energiepark Heerenveen, dat op termijn – eventueel aansluitend – zoekruimte biedt voor grootschalige bedrijvigheid (&gt; 3 ha) met duurzame energieopwekking. De bedrijvigheid moet wel aansluiten bij het economische profiel van Heerenveen. De watergebonden bedrijvigheid langs de zijtak van het Prinses Margrietkanaal kan zich verder ontwikkelen, passend bij de huidige vaarwegklasse.</Al>
		    <Al>Naast afronding van Skoatterwâld, is in Heerenveen woningbouw mogelijk op meerdere inbreidings- en transformatielocaties, gecombineerd met herstructurering van bestaande woningen; de A32-zone en het Centrumgebied zijn regionale grootschalige woningbouwlocaties, ook volgens de systematiek van de Nota Ruimte. <br/>De uitbreidingslocatie Heerenveen-West is voor de komende decennia eveneens een regionale grootschalige woningbouwlocatie en als zodanig opgenomen in de Nota Ruimte. Bij de inrichting en bebouwing van dit gebied moet men nadrukkelijk rekening houden met de lage ligging en met compensatie van weidevogelwaarden. Een nieuwe waterrijke wijk met veel groen en een variatie aan moderne woningtypen op en langs water, voegt waarde toe aan het huidige aanbod en komt tegemoet aan de vraag naar woningen. De landschappelijke overgang richting Oudehaske vraagt daarbij de nodige aandacht. Met groenblauwe verbindingen naar het Nannewiid wordt voorzien in een aantrekkelijk, recreatief uitloop- en overgangsgebied. </Al>
		    <Al>Op de langere termijn speelt de inpassing van de door het Rijk geplande Lelylijn in het stedelijk gebied van Heerenveen. Al dan niet met een nieuw (kruis)station, aan de noordkant, met een directe aansluiting richting Leeuwarden en met bijbehorende voorzieningen. Diverse varianten hiervoor zijn nog onderwerp van studie. </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Sneek – Bolsward </Tussenkop>
		    <Al>Dankzij de gunstige ligging aan het water, op de overgang van veen naar klei, ontwikkelde Sneek zich vanaf de vijftiende eeuw tot een handelsstad op een kruispunt van waterwegen; beroemd om zijn zuivel en de boterhandel. Vandaag de dag is Sneek de watersportstad van Fryslân. Bovendien vervult ze een belangrijke voorzienings- en verzorgingsfunctie voor de ruim 150.000 inwoners van Zuidwest-Fryslân. </Al>
		    <Al>Naast woonwijken beschikt Sneek over bedrijventerreinen, zoals Houkesloot en de Hemmen. De monumentale Waterpoortstad fungeert als maritiem centrum, dankzij de aanwezigheid van innovatieve watertechnologiebedrijven en jachtbouwers met een internationale marktpositie. Deze bijzondere positie kan verder uitgebouwd worden, zowel qua bedrijvigheid als recreatief gezien. De ligging aan vaarwater biedt kansen voor watergebonden bedrijvigheid, passend bij de huidige vaarwegklasse. </Al>
		    <Al>Aan de (noord)westkant van de stad, langs de A7, kan ruimte worden gezocht voor grootschalige bedrijvigheid; passend bij het economisch profiel van Sneek en afgestemd op bedrijventerrein de Hemmen. </Al>
		    <Al>In nieuwe woningen wordt op diverse manieren en locaties voorzien. Denk aan binnenstedelijke transformatie en verdichting, naast grootschalige gebiedsontwikkeling in de Spoorzone Sneek. Maar ook aan de verdere ontwikkeling van de uitbreidingslocatie Harinxmaland, met voldoende ruimte voor groen en waterberging op de klei-op-veengronden.  </Al>
		    <Al>Bolsward is een authentieke en sfeervolle historische stad met een belangrijke regiofunctie als het gaat om wonen, werken en voorzieningen. Op de lijn Sneek-IJlst-Bolsward komen meerdere opgaven samen: woningbouw, ruimte voor energie- en mobiliteitshubs, circulaire economie, klimaatadaptatie, herstel van natuur én verbetering van de omgevingskwaliteit. Samen met medeoverheden zoeken we hier naar toekomstbestendige oplossingen met oog voor het open landschap. </Al>
		    <Al>In bredere zin is de wisselwerking tussen Sneek en de overige steden en dorpen van de uitgestrekte gemeente Súdwest-Fryslân zowel in economische zin (werkgelegenheid) als qua leefbaarheid van belang. Een goede bereikbaarheid is hiervoor noodzakelijk. Niet zonder reden zetten we er op in dat belangrijke voorzieningen binnen vijftien tot dertig minuten reistijd van huis uit te bereiken zijn. Dit vraagt om snelle(re) en betere verbindingen voor verschillende vervoersvormen (weg, water en spoor). Zowel binnen de gemeente als met de rest van de provincie en het land. De provinciale weg N354 heeft hierin bijvoorbeeld de aandacht. We onderzoeken hoe zowel de doorstroming als verkeersveiligheid op deze verbinding verbeterd kan worden. </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Harlingen – Franeker </Tussenkop>
		    <Al>Harlingen is de eigenzinnige stad aan het wad, met een heel eigen sfeer en uitstraling. De levendige historische binnenstad is aantrekkelijk voor recreanten en toeristen. En natuurlijk de ideale uitvalbasis naar Terschelling en Vlieland. Door de ligging aan de Waddenzee ontwikkelde Harlingen zich tot een dynamische havenstad met handel, scheepsbouw en andere watergebonden bedrijvigheid. Het maritieme cluster rond de zeevaartschool maakt dit plaatje compleet. </Al>
		    <Al>Het economisch belang van Harlingen voor Fryslân is groot, vooral dankzij het Van Harinxmakanaal dat Harlingen verbindt met het achterland. Hier liggen ook kansen op doorontwikkelingen van de watergebonden bedrijvigheid, met name gericht op circulariteit. Het gebied tussen Harlingen en Franeker biedt hiertoe ontwikkelmogelijkheden, respectievelijk aansluitend op Oosterpoort (Harlingen) en Kie (Franeker). Belangrijk is dat de ontwikkeling gezamenlijk wordt opgepakt en afgestemd. Met in de ontwerpfase aandacht voor zowel de landschappelijke en onderscheidende kwaliteiten van beide steden als de bestaande infrastructuur.  </Al>
		    <Al>Aan de noordoostkant van Harlingen is zoekruimte voor grootschalige, watergebonden bedrijvigheid. Aansluitend op de zeehaven annex industriehaven. De bedrijfsactiviteiten in en rond beide steden, hebben ook een grote energievraag. Er moet dan ook ruimte worden gevonden voor fossielvrije energieopwekking. Het relatief grote aantal windturbines in deze contreien biedt voor de gemeenten mogelijkheden voor sanering en opschaling van windenergie, naast andere bronnen gericht op warmte.  </Al>
		    <Al>De klimaatbestendige ontwikkeling en herinrichting van het Harlinger havenfront met aantrekkelijke voorzieningen, versterkt de toeristisch-recreatieve waarde van de stad. Onderdeel hiervan is het beter op elkaar afstemmen van de diverse logistieke stromen rond binnenstad, veerboten en havens als onderdeel van het <i>Programma Harlingen</i>. </Al>
		    <Al>Franeker is de charmante ‘pronkstad’, waar de rijke geschiedenis als academiestad en internationaal centrum van wetenschap met de tweede universiteit van de Republiek nog duidelijk herkenbaar en beleefbaar is. Deze positie als stad van kennis en wetenschap kan beter benut worden, zeker nadat in 2023 het Eise Eisinga Planetarium de status van Unesco Werelderfgoed verkreeg. Ook de gastvrijheidssector kan hier slim op inspelen, bijvoorbeeld met arrangementen en passende verblijfsvoorzieningen.  </Al>
		    <Al>Woningbouw in Harlingen en Franeker vindt met name plaats op binnenstedelijke locaties, zoals het voormalige Spaansenterrein (Harlingen) en het Vlietstraterrein (Franeker). Ten zuidoosten van Harlingen (Ludinga) en ten zuiden van Franeker (Franeker Zuid; Alvestêdenwyk) is nog ruimte voor woningbouw. Extra inspanningen, zoals waterberging en ophoging, zijn nodig om wateroverlast te voorkomen.  </Al>
		    <Tussenkop>Uitnodigingszone Dokkum – Hallum – Holwerd </Tussenkop>
		    <Al>Admiraliteitstad Dokkum, met een juweel van een historisch centrum en markante vestingwallen, is het centrum van werkgelegenheid en voorzieningen in Noordoost-Fryslân. Dat blijkt uit sterke clusters van streekgebonden bedrijven, gevarieerde woongebieden, en een compleet pakket aan voorzieningen waarvan met name detailhandel, onderwijs en zorg voor de omliggende regio van groot belang zijn. Kwaliteitsverbetering van het centrum en herinrichting van de noordelijke stadsentree met onder meer parkeervoorzieningen, groen en water, moeten de aantrekkingskracht van het stadscentrum vergroten. Op basis van een <i>Stadsrandvisie</i> wordt werk gemaakt van aantrekkelijke stadsranden met groen, water en recreatieve uitloop richting het landelijk gebied met de bijbehorende netwerken. Bijvoorbeeld langs de Dokkumer Ee als wateras en stadsentree.</Al>
		    <Al>Verder zijn er diverse plannen voor woningbouw. Een groot project is herontwikkeling van de Prinslocatie, een voormalig industrieterrein waar woningen in alle segmenten worden gebouwd. Daarnaast zijn er plannen voor de woonuitbreidingen Tusken de Fearten en De Trije Terpen Súd en voor de inbreidinglocatie Noarderstek. Naast het voorzien in de lokale en regionale woningbehoefte, zijn de plannen gericht op verbetering van de ruimtelijke kwaliteit met aanleg van groen en water. <br/></Al>
		    <Al>Op bedrijventerrein Betterwird zijn zwaardere en meer grootschalige bedrijven gevestigd. Uitbreiding van dit terrein kan in de vraag naar ontwikkelruimte voor lokale en regionale bedrijvigheid voorzien. De bedrijvigheid in Dokkum vraagt relatief veel energie. Op enige afstand liggen ook energievraagclusters bij Hallum (bedrijvencluster) en Holwerd (veerboot naar Ameland). Met de gemeenten onderzoeken we de kansen voor combinatiemogelijkheden van fossielvrije energie tussen deze vraagclusters; hierbij betrekken we ook andere functies in het landelijk gebied. Vanwege dit energievraagstuk hebben we de uitnodigingszone rond Dokkum in (noord)westelijke richting verruimd. </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
	      </Divisie>
	      <Divisie wId="pv21_204706edfbf1475f954c512737f5ab77__div_o_4" eId="div_D">
		<Kop>
		  <Label>Deel</Label>
		  <Nummer>D</Nummer>
		  <Opschrift>Kaartenboek</Opschrift>
		</Kop>
		<Divisietekst wId="pv21_7d974784cc3042e09ca622237d930c3a__content_o_1" eId="div_D__content_o_1">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Bewegingskaarten</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_1.pdf?cb=F6gSjD1u">bewegingskaart 1</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_2.pdf?cb=N8FlvWeW">bewegingskaart 2</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_3.pdf?cb=lTvarvsC">bewegingskaart 3</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_bewegingskaart_4.pdf?cb=qFU6ExcW">bewegingskaart 4</ExtRef>
                           </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_297c1667f90c4faca3e4fa8d0f4cf526__div_o_4__content_o_2" eId="div_D__content_o_2">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Structuurkaarten</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_economie.pdf?cb=Nzj3yw_8">structuurkaart economie</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_energie.pdf?cb=ZeQFSwX6">structuurkaart energie</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_friese_waarden.pdf?cb=q8xisGbH">structuurkaart friese waarden</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_klimaat.pdf?cb=aGb7IK5S">structuurkaart klimaat</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_landschap.pdf?cb=TLTDSjtv">structuurkaart landschap</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_landbouw_en_natuur.pdf?cb=QJJylP2H">structuurkaart landbouw en natuur</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_wonen.pdf?cb=awSrVMRR">structuurkaart wonen</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260211_structuurkaart_mobiliteit.pdf?cb=9SqJzosb">structuurkaart mobiliteit</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260223_noord_nederland_economie.pdf?cb=6Z833YV">noord nederland economie</ExtRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <ExtRef soort="URL" ref="https://cuatro.sim-cdn.nl/fryslan/uploads/260223_noord_nederland_water_en_bodemsysteem.pdf?cb=YjKs97GO">noord nederland water en bodemsysteem</ExtRef>
                           </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
	      </Divisie>
	      <Divisie wId="pv21_0b8aaa6c8dbe464c84dc123cb3f7bf98__div_o_5" eId="div_E">
		<Kop>
		  <Label>Deel</Label>
		  <Nummer>E</Nummer>
		  <Opschrift>Bijlagen</Opschrift>
		</Kop>
		<Divisietekst wId="pv21_426c07728fe9465d9bd4a9a5a768ce4b__div_o_5__content_o_5" eId="div_E__content_o_1">
		  <Kop>
		    <Opschrift>Leeswijzer</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Voor u ligt het deel Bijlagen</Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisie wId="pv21_1158cb8e2fd6408e89936b323dbef3c5__div_o_5__div_o_1" eId="div_E__div_1">
		  <Kop>
		    <Label>Bijlage</Label>
		    <Nummer>1</Nummer>
		    <Opschrift>Ruimtelijke principes in de praktijk</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Divisietekst wId="pv21_475df8f18ecd478bba87dea039439ccd__div_o_5__div_o_1__content_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.1">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.1</Nummer>
		      <Opschrift>Inleiding</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>Ruimtelijke principes vervullen een belangrijke rol in het maken van keuzes bij ruimtelijke ontwikkelingen. Ze dienen als inspiratiebron en handreiking om opgaven, waaronder transities, in zowel drukbevolkte als kwetsbare gebieden richting te geven en te borgen. Ze bieden een helder, integraal kompas voor het maken van keuzes. Dit in een context van schaarse ruimte, tegenstrijdige belangen en urgente maatschappelijke opgaven.</Al>
		      <Al>Ruimtelijke principes hebben dan ook de volgende, verschillende functies:<br/><br/></Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_457d10efade84b4290744f22cf040e51__list_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1">
			<Li wId="pv21_9594275255e348199d5a0d50a115250a__list_o_1__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kompas en handreiking<br/>Ze geven richting aan de gewenste langetermijnvisie en de fundamentele waarden voor de inrichting van de fysieke ruimte. Ze zorgen ervoor dat we alle thema's, waaronder economie, infrastructuur, mobiliteit, natuur, landbouw, wonen en energie, zien als onderdelen van één groter, samenhangend geheel;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_df8c8ce1cdce45f3810e78a1c99300ab__list_o_1__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Keuzekader<br/>Ze helpen bij het prioriteren van opgaven en het maken van scherpe ruimtelijke keuzes, door aan te geven waar functies wel, niet, of onder voorwaarden waar hun beslag kunnen krijgen;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_edc1582076dc467b8199a921d3eec505__list_o_1__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Basis op orde<br/>Principes zoals 'water en bodem sturend' (bodem- en watersysteem als basis voor ruimtelijke ontwikkeling) garanderen dat we ecologische en fysische systemen in stand houden. Maar ook dat we onze basiskwaliteiten, zoals waterbeschikbaarheid, energievoorziening, infrastructuur, milieukwaliteit, natuur en voedselvoorziening, landschap en erfgoed op orde hebben. Zo voorkomen we dat we problemen afwentelen op toekomstige generaties en/of andere gebieden;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_68fb0ecf2591403da5853bba6ba6da0a__list_o_1__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Brede welvaart <br/>Ze borgen dat niet alleen economische belangen, maar ook de leefbaarheid, de gezondheid en het welzijn van alle inwoners voorop staan;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_089c088c16dd45fb96a86cb7199744fb__list_o_1__item_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Gedeelde waarden<br/>Door ze expliciet te formuleren, creëren we een transparant kader voor samenwerking. Dit versterkt het vertrouwen en het draagvlak bij inwoners, ondernemers en gebiedspartners;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d0df9d03c1e34fcd9686d49e7dabee8d__list_o_1__item_o_7" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Afweging<br/>Ze helpen bij een rechtvaardige verdeling van de waardevolle ruimte en de bijbehorende lusten en lasten. Ze vormen het gereedschap om bij concrete projecten en initiatieven het gewenste maatwerk te verrichten binnen de algemene kaders van deze Omgevingsvisie.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Bovendien gebruiken we de ruimtelijke principes bij de beoordeling van plannen, projecten en gebiedsprocessen. </Al>
		      <Al>Ze geven aan of een voorgenomen ontwikkeling daadwerkelijk bijdraagt aan de overkoepelende doelen.<br/><br/></Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_f244daefc91142809981b9461c3684b5__list_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2">
			<Li wId="pv21_47a1687a0d8b4cf1b994ed739502628e__list_o_2__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Conformiteit <br/>Elk voorgesteld project in de fysieke leefomgeving - bijvoorbeeld de aanleg van nieuwe natuur, het aanpassen van agrarische bedrijfsvoering of woningbouw - beoordelen we aan de principes. Voldoet het aan het principe van ‘klimaatbestendig’? Draagt het bij aan de 'Friese identiteit'? Toepassen van de ruimtelijke principes doen we uiteraard met ‘gezond verstand’, afhankelijk van de ruimtelijke impact van plannen en projecten;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_eb7d58112735423181f13d694d7339c0__list_o_2__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Multifunctionaliteit <br/>Een principe als 'meervoudig ruimtegebruik' geeft aan of oplossingen voldoende functies combineren om de schaarse ruimte optimaal te benutten en monocultuur te voorkomen;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_88477cd31c9e4aac9a0246b196c26b64__list_o_2__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Integrale blik <br/>Ruimtelijke principes dwingen partijen om de interactie en samenhang tussen de verschillende opgaven onder de loep te nemen. Ze voorkomen sectorale maatregelen zonder oog te hebben voor de gevolgen voor bijvoorbeeld waterkwaliteit of leefbaarheid;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e8608dcb4ef84ef2bfe5c89ac3dc6d4f__list_o_2__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Duurzaam: <br/>Ruimtelijke principes geven aan of keuzes toekomstbestendig zijn en niet leiden tot onomkeerbare schade;<br/><br/></Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d4ec22d0cb2c4abb8fe1843d46c19b53__list_o_2__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.1__list_o_2__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Afwegingskader <br/>Ruimtelijke principes functioneren als een praktisch afwegingskader bij besluitvorming, vooral in de beginfase van de ruimtelijke puzzel.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Kortom, bij de complexe en integrale ruimtelijke opgaven in de fysieke leefomgeving zorgen de ruimtelijke principes voor samenhang, duurzaamheid en een gedragen, toekomstbestendige inrichting van Fryslân.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_8ff4615617fb489db1eb470dfb42de34__div_o_5__div_o_1__content_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.2</Nummer>
		      <Opschrift>De ruimtelijke principes</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Tussenkop>Meervoudig en zuinig ruimtegebruik</Tussenkop>
		      <Al>De grote ruimteclaims, afgezet tegen de beperkt beschikbare ruimte, maken het noodzakelijk dat we met z’n allen de Friese ruimte doelmatig en slim benutten en verspilling van ruimte tegengaan. We dagen initiatiefnemers en planontwikkelaars uit om hiervoor al hun creativiteit en energie aan te wenden. Dit principe betekent bijvoorbeeld dat bij planontwikkeling van meet af aan rekening wordt gehouden met mogelijkheden tot het combineren van functies en het (her)gebruiken van (karakteristieke) gebouwen en locaties.</Al>
		      <Al>Vragen die we bij de planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_4b16e361a663406c96c3ab139c91f2a9__list_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1">
			<Li wId="pv21_7d108cc3ec3d4c10a88c5a05d9ac3d43__list_o_1__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>In hoeverre kan het initiatief aansluiten bij dit ruimtelijke principe?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1489465d56824532b548dabd339dafa4__list_o_1__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Onderzoek voorafgaand of er beperkingen in de bestemmingen of functietoedelingen zijn die multifunctioneel gebruik in de weg staan.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_862af2399fbe4a029c1e131a2012de9a__list_o_1__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zijn er combinaties mogelijk met andere ruimtelijke plannen?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_60c6f3bb88a04db297e36d9ec6bfb599__list_o_1__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kunnen leegstaande en/of karakteristieke gebouwen en locaties opgenomen worden in de planvorming?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e6039d9034ab4c24aee8250b4daaa39b__list_o_1__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke mogelijkheden zijn er om functies te combineren (‘meervoudig ruimtegebruik’)?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_cf1a4fb16d114b5db67d71bfbe7300a3__list_o_1__item_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zijn er mogelijkheden voor tijdelijk ruimtegebruik, met als vertrekpunt dat de locatie, na tijdelijke inrichting, geschikt is voor ander gebruik?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_56c1af333de54cc7a404ee567dd42a9a__list_o_1__item_o_7" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke mogelijkheden zijn er om de levenscyclus-aanpak (goed aan te passen naar levensfase) in te brengen?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_54f358e4f5bd407e9b687835205d5650__list_o_1__item_o_8" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_1__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is de gekozen locatie de meest geschikte of biedt een andere locatie betere kansen voor meervoudig en zuinig ruimtegebruik?</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Voor ons als provincie geldt:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_dc8decb5016d48558632686b5c4ba807__list_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_2">
			<Li wId="pv21_e7a91f93c3114cada5023078d60b567f__list_o_2__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_2__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Ga bij zowel nieuwe als lopende gebiedsprocessen en -programma’s na welke combinaties mogelijk zijn.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Ruimtelijke kwaliteit als ontwerpbasis</Tussenkop>
		      <Al>Ruimtelijke kwaliteiten vormen het vertrekpunt voor inpassing van nieuwe ontwikkelingen. Wat zoveel wil zeggen dat ze voortbouwen op bestaande kwaliteiten en deze waar mogelijk versterken. Ook kan er sprake zijn van een doorontwikkeling in de vorm van nieuwe kwaliteiten. Daarmee verbinden we verleden, heden en toekomst samenhangend en herkenbaar met elkaar. Afhankelijk van aard en schaal van de ontwikkeling kan er sprake zijn van inpassen van de ontwikkeling, aanpassen van een gebied of van een transformatie.</Al>
		      <Al>Toepassing van dit principe start dan ook met een analyse van zowel de opgave als van het gebied. De lagenbenadering helpt bij het bepalen van de juiste plek voor nieuwe ontwikkelingen, waardoor deze goed tot hun recht komen, ook op lange termijn, en optimaal bijdragen aan andere functies.</Al>
		      <Al>Bij elke ontwikkeling – of het nu gaat om woningbouw of dijkversterking - staat de volgende vraag centraal: hoe draagt het bij aan de kwaliteit van de omgeving? Maar ook: kunnen we andere ontwikkelingen ermee verbinden? Zo kunnen we oude waterlopen of landschapsstructuren inzetten voor klimaatadaptatie en biodiversiteit. Vrijkomende boerderijen, kerken en industrieel erfgoed bieden op hun beurt kansen voor nieuwe ruimtebesparende en sociaaleconomische functies. Niet in de laatste plaats draagt ruimtelijke kwaliteit bij aan het welzijn van inwoners en het woon- en vestigingsklimaat van de provincie. </Al>
		      <Al>Vragen die we bij planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_1aed7839fc904f47a3707b9916f29a03__list_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3">
			<Li wId="pv21_8f55ed38efb844ee927140b9620c7e8c__list_o_3__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Waar ligt de locatie waar de ontwikkeling plaatsvindt? Kijk daarbij niet alleen naar de plek zelf, maar (vooral) ook naar de ruimtelijke en/of culturele kwaliteiten en de identiteit van het gebied.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e8ed307abc9b452c8237048fcfb38b9a__list_o_3__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke ruimtelijk beleid is er met betrekking tot het gebied? Neem daar kennis van. Breng de gebiedskwaliteiten in kaart, zodat daar in een vroegtijdig stadium rekening mee wordt gehouden.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a68469770e6f413fa214cd3f3229a0ad__list_o_3__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Hoe komen de kwaliteiten, de kenmerken en de identiteit van het gebied tot uiting in de planontwikkeling?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_79bc54615f464e7ea2f6d757ecebc774__list_o_3__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wat zijn de mogelijkheden voor inpassing, aanpassing en transformatie? En hoe komen die terug in de plantontwikkeling?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a8e705fffc34467ea9aa7b0e7d9f6643__list_o_3__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_3__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke kansen zijn er om waarden te versterken en hoe kunnen die worden benut?</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Voor ons als provincie geldt:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d6ff466a209d40d886f018ccef37310e__list_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_4">
			<Li wId="pv21_f1981e971fcd43b0a541012f6fef51c6__list_o_4__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_4__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wees rolbewust. Stel bij inpassing bijvoorbeeld de vraag of de provincie wel betrokken hoeft te zijn?</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Kadertekst wId="pv21_6d8a050b7ec54d03ac9bfa69a3aae8d6__recital_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_1">
			<Al>
                                    <b>Beknopte checklist ruimtelijke/omgevingskwaliteit</b>
                                 </Al>
			<Al>
                                    <b>Sturend:</b>
                                 </Al>
			<Al>water (veilig, voldoende en schoon);</Al>
			<Al>bodem (schoon).</Al>
			<Al>
                                    <b>Rekenschap:</b>
                                 </Al>
			<Al>natuur- en landschapskwaliteit; </Al>
			<Al>donkerte, stilte en ruimte;</Al>
			<Al>milieukwaliteit;</Al>
			<Al>ontsluiting, beschikbaarheid energie en economische clusters;</Al>
			<Al>gebruikswaarden gebied, waaronder wonen, werken, landbouw.</Al>
			<Al>
                                    <b>Instrumenten:</b>
                                 </Al>
			<Al>Grutsk op ‘e Romte (kwaliteit van de ruimte);</Al>
			<Al>FAMKE (archeologie, bodemkwaliteit) en Cultuurhistorische Kaart Fryslân;</Al>
			<Al>natuurbeheerplan;</Al>
			<Al>landschapstypenkaart;</Al>
			<Al>landschapsbiografieën;</Al>
			<Al>ligging van infrastructuur en netwerken voor energie en economie;</Al>
			<Al>landbouwagenda en economische speerpuntsectoren.      </Al>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Opgaven koppelen en verbinden</Tussenkop>
		      <Al>Bij het ontwikkelen van projecten stimuleren we dat er wordt bijgedragen aan meerdere opgaven en ambities. Variërend van natuur-inclusief ontwerpen, water-robuust inrichten en bouwen tot het meenemen van bijdragen aan de energietransitie, circulaire economie, werkgelegenheid en de landschapskwaliteit. We sluiten daarbij aan bij trends als maatschappelijk ondernemen en het realiseren van nieuwe verdienmodellen. Bovendien stimuleren we een integrale planontwikkeling. Dergelijke ‘plussen’ kunnen reden zijn om gemotiveerd van het beleid - of van een regel - af te wijken.</Al>
		      <Al>Vragen die we bij planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_84f2d5f4ed234798a26cda3e6580b1e6__list_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5">
			<Li wId="pv21_37adfb2c222d40d194762b6b3268e47d__list_o_5__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Sluit het initiatief aan bij de ambitie(s) van de provincie?<br/>Bekijk hiervoor de Omgevingsvisie en bijbehorende programma’s.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fbfdfeddfb104f4498fe65ba415d991b__list_o_5__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zijn er mogelijkheden om verschillende opgaven integraal aan te pakken?<br/>Neem hiervoor contact op met de provincie om dit samen te onderzoeken</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_128bfd0b00ce43008f5f92c40cc76adf__list_o_5__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke opgaven of doelen kunnen meegenomen worden?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5379aae6b35f4e6cb905f40f2f6798f2__list_o_5__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kan de ontwikkeling bijdragen aan de provinciale ruimtelijke en maatschappelijke opgaven?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a9d3d4941694468d83a4d0238cb1c4a9__list_o_5__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Klimaatadaptatie: waterberging, voldoende hoog bouwen, peilverhogen.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_80dca8fd006b4106b9a23e8abc77bc7d__list_o_5__item_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Energietransitie: energie besparen, energie opwekken en CO2 vastleggen.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_29b8afb178114e75ab91391b037b24d3__list_o_5__item_o_7" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Herstel biodiversiteit: natuurinclusief ontwerpen, meeliften van kwetsbare soorten.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_136f155ea3f44595bf738523eb2245e2__list_o_5__item_o_8" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_8">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Basis op orde: goede bodem-, lucht- en waterkwaliteit, herstel van landschapselementen.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_279e0579408849f3bebd7e0a26b8cfc4__list_o_5__item_o_9" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_9">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Leefbaar, vitaal en bereikbaar: economische positie van de regio, circulaire economie, leefbaarheid, (culturele)orzieningen en bereikbaarheid. </Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_af5f9f9eb9fc47ab91ca53ad85f02c20__list_o_5__item_o_10" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_10">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Kunnen ambities met elkaar worden verbonden?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_1184a299e4c546399b82d12fded7849e__list_o_5__item_o_11" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_11">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wordt een optimale balans gevonden tussen leefbaarheid en concurrentiekracht of tussen beschermen en ontwikkelen of tussen productie en gezondheid?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_a3209fde6625458ca5a050f25438c0f7__list_o_5__item_o_12" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Dient de ruimtelijke ontwikkeling bijvoorbeeld ook:</Al>
			  <Lijst type="expliciet" wId="pv21_7e3a6ace3cea4aef8a28886cabdbf5c9__div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12__list_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12__list_o_1">
			    <Li wId="pv21_191836234c3640108467cd6451a03eef__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_1">
			      <LiNummer>○</LiNummer>
			      <Al>culturele doelen;</Al>
			    </Li>
			    <Li wId="pv21_f5f61ba1f0f741458718bd87247aac4a__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_2">
			      <LiNummer>○</LiNummer>
			      <Al>de gezondheid;</Al>
			    </Li>
			    <Li wId="pv21_fad74db536c34294967b90ea8cb374c7__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_5__item_o_12__list_o_1__item_o_3">
			      <LiNummer>○</LiNummer>
			      <Al>de veiligheid.</Al>
			    </Li>
			  </Lijst>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Bijdragen aan brede welvaart voor een gezonde en veilige leefomgeving</Tussenkop>
		      <Al>Het provinciale streven is dat elke ruimtelijke, economische, ecologische of sociaal-culturele ontwikkeling bijdraagt aan de brede welvaart van Fryslân. Door gezondheid en veiligheid vroegtijdig mee te nemen in planvorming boeken we veel gezondheidswinst. Vooral preventief. In een gezonde, fysieke leefomgeving voldoet de milieukwaliteit minimaal aan wettelijke normen. Denk daarbij aan schoon (drink)water, frisse lucht, gezonde bodem, donkerte, stilte en weinig hinder, maar ook aan droge voeten, veilige wegen en een veilige omgeving. Er is veel kennis beschikbaar over de invloed van de fysieke leefomgeving op onze gezondheid en veiligheid. Met dit principe passen we deze kennis in de praktijk toe, zodat de gezondheidswinst maximaal is. Bij alle (ruimtelijke) keuzes/ontwikkelingen wegen we mogelijke gezondheidseffecten dan ook mee. </Al>
		      <Al>Vragen die we bij planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_4259e1a472da479a923ba675c640da9d__list_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6">
			<Li wId="pv21_6896ed15cc334fecb4a3cef110e55a03__list_o_6__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Draagt het initiatief bij aan de brede welvaart? En zo ja, op welke wijze?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_fed23f407eb246cdaa96a47c111de94f__list_o_6__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Hoe wordt voorkomen dat de ontwikkeling negatieve gevolgen heeft voor bewoners en toekomstige generaties?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6f3cd01734f64f0ab21c3351aa5b472a__list_o_6__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is er voldoende aandacht voor het voorkomen van schade en verontreiniging?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_5de6b0d9ab5143f5b1b9d947746f04f2__list_o_6__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Welke bijdrage levert de ontwikkeling aan een veiliger en gezonder Fryslân?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_d5c41e9bede241efb6076dd92fdbf1e8__list_o_6__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_6__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zijn er ook mogelijkheden om (andere) initiatieven die gezondheid en veiligheid verbeteren mee te nemen in – of te koppelen aan – het initiatief. Denk aan sport- en recreatieve voorzieningen en het faciliteiten voor ouderen en/of mensen met een beperking.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Tussenkop>Klimaatbestendig en voorbereid op toekomstige omstandigheden</Tussenkop>
		      <Al>Dit principe betekent dat de ruimtelijke ordening vanuit de onderste laag van water en bodem wordt opgezet, om vervolgens naar boven te werken. Bij het ruimtelijk ontwerpen en inrichten baseren we functies en ruimtegebruik dus in de eerste plaats op de mogelijkheden die natuurlijk water- en bodemsysteem biedt. Zodoende sluiten netwerken en landgebruik beter aan op de mogelijkheden en beperkingen van het water- en bodemsysteem. Soms ontkomen we echter niet aan technische ingrepen. In die gevallen wordt er voor de meest duurzame en innovatieve oplossingen gekozen. <br/></Al>
		      <Al>Vragen die we planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_bd300b6a78fb4e2f8d50bd5e144d98da__list_o_7" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7">
			<Li wId="pv21_c4e41945efe343c8832dc19016484398__list_o_7__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is het initiatief bestand tegen klimaatrisico’s zoals wateroverlast, droogte of hittestress? Is er voldoende ruimte voor wateropvang en voldoende schaduw door bomen?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_4569b009d93b4917a73602e23c26049a__list_o_7__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Worden natuurlijke systemen benut voor klimaatadaptatie?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_ee5bae427756429dbe4900c3c982148f__list_o_7__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is het ontwerp flexibel en toekomstgericht, zodat het kan meebewegen met veranderende omstandigheden?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_6564a382f115414ea93c5075e612ff3c__list_o_7__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wordt er rekening gehouden met de ontwikkeling van het gebied op de lange(re) termijn? Denk aan bodemdaling of veranderende waterhuishouding.</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_9f1e4a4ff28c465c86c3fcc388cce3e9__list_o_7__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Zijn er maatregelen getroffen voor waterberging, infiltratie en/of verkoeling?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_e313b5a864e24bb6a2b1a9cabbaaf8e6__list_o_7__item_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_7__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is veiligheid van inwoners gewaarborgd? Hoe is meerlaagsveiligheid (zie kader) meegenomen in de planontwikkeling?</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Al>Voor ons als provincie geldt:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_d72b5e9ae3ad48798032702723b70714__list_o_8" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_8">
			<Li wId="pv21_1298142e5cc14e70a02bc1a3532f5f06__list_o_8__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_8__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>We trekken hierin samen op met Wetterskip Fryslân.</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		      <Kadertekst wId="pv21_d7a4b0d4e57640bc8cb561f9e9fc1dfe__recital_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_2">
			<Al>
                                    <b>Meerlaagsveiligheid</b>
                                 </Al>
			<Al>Onder waterveiligheid valt ook meerlaagsveiligheid. Dat zijn verschillende soorten maatregelen die de kans op een overstroming of de gevolgen van een overstroming verkleinen.</Al>
			<Lijst type="ongemarkeerd" wId="pv21_caa6f03d9c124d9eb749b55335c398e0__recital_o_2__list_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_2__list_o_1">
			  <Li wId="pv21_0428f79b44c44c488bcb5325b0d3bf5a__list_o_2__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_2__list_o_1__item_o_1">
			    <Al>Met preventieve maatregelen, denk aan dijkverzwaring en bouwen op klimaatdijken, voorkomen we dat overstroming plaatsvindt. </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_78b1864ab88349919b3bbbcb5239e5f1__list_o_2__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_2__list_o_1__item_o_2">
			    <Al>Met beperkende maatregelen, houden we de gevolgen beperkt. Dat kan bijvoorbeeld door in de ruimtelijke ordening gebruiksfuncties te scheiden, te clusteren en/of te combineren in overstroombare gebieden. Maar ook de aard van de bebouwing, de aanleg van vitale functies en de wegeninfrastructuur (evacuatie- en vluchtroutes, toegankelijkheid van hulpverleningsdiensten) zijn belangrijk. </Al>
			  </Li>
			  <Li wId="pv21_028dcf52fcd043a6997544ce3abbdd1c__list_o_2__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__recital_o_2__list_o_1__item_o_3">
			    <Al>Crisisbeheersing: maatregelen die de gevolgen beperken bij een (dreigende) overstroming.</Al>
			  </Li>
			</Lijst>
		      </Kadertekst>
		      <Tussenkop>Niet afwentelen op toekomstige generaties of elders</Tussenkop>
		      <Al>We mogen de gevolgen van keuzes niet afwentelen op anderen of op andere gebieden. Met dit principe dragen we bij aan een rechtvaardigere, inclusieve en duurzamere samenleving. Nu en in de toekomst.</Al>
		      <Al>Vragen die we planontwikkeling stellen zijn:</Al>
		      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_8446adee9cb24e53a0e7fe073681d2af__list_o_9" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9">
			<Li wId="pv21_cab6b54b10f14f988fb82d38df3158e5__list_o_9__item_o_1" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_1">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Worden negatieve effecten voorkomen, beperkt of gecompenseerd?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_aadd21cbcc814309b032be1f7e2febd0__list_o_9__item_o_2" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_2">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is het initiatief circulair en duurzaam in materiaalgebruik, energie en grondstoffen?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_86a48d391abf432cb25f082b62ff13c0__list_o_9__item_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_3">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is het initiatief gericht op de lange termijn?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_3ac3c224cf844b7597f8dcf4bb4d8d10__list_o_9__item_o_4" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_4">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Wordt er verantwoordelijkheid genomen voor de ecologische, sociale en economische impact op de lange termijn?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_7c84704b2192444499c0999c6ee45776__list_o_9__item_o_5" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_5">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Is er sprake van lokale inpassing?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_64b2464c19f344c0815b00da0b16ee71__list_o_9__item_o_6" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_6">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Worden lasten verplaatst naar andere gebieden?</Al>
			</Li>
			<Li wId="pv21_c7346ea4c0f34e4caf675610ba3f1604__list_o_9__item_o_7" eId="div_E__div_1__content_1.2__list_o_9__item_o_7">
			  <LiNummer>◾</LiNummer>
			  <Al>Draagt het initiatief bij aan een robuuste en veerkrachtige leefomgeving voor toekomstige generaties?</Al>
			</Li>
		      </Lijst>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		  <Divisietekst wId="pv21_a2134f55a080473b860f8d41cb8f9b1f__div_o_5__div_o_1__content_o_3" eId="div_E__div_1__content_1.3">
		    <Kop>
		      <Nummer>1.3</Nummer>
		      <Opschrift>Verankering van de ruimtelijke principes</Opschrift>
		    </Kop>
		    <Inhoud>
		      <Al>De ruimtelijke principes maken duidelijk waar de provincie voor staat en hoe we de opgaven zo goed mogelijk een plek in de ruimte gaan geven. Daarbij hebben we oog voor proportionaliteit en kosten versus baten. Duidelijk en transparant is wat we belangrijk vinden. De principes fungeren als gemeenschappelijke taal tussen provincie, gemeenten, Wetterskip Fryslân en maatschappelijke partners. Dit vereenvoudigt de gebiedsgerichte samenwerking het maken van integrale keuzes.  </Al>
		      <Al>We verankeren de ruimtelijke principes in onze Omgevingsprogramma’s en brengen ze in bij gebiedsgericht werken. We zorgen ervoor dat ze worden meegenomen en - gewogen in participatie en co-creatie processen.  </Al>
		      <Al>We gebruiken de ruimtelijke principes idealiter aan de voorkant van processen, als onderdeel van het gesprek over initiatieven in de fysieke leefomgeving. Maar ook voor de beoordeling van ruimtelijke plannen en projecten, subsidies en vergunningen.  </Al>
		      <Al>Door de principes onderdeel van de beleidscyclus te maken - en door te laten werken in bestuurlijke rapportages en begrotingen - zijn ze ook ambtelijk en bestuurlijk geborgd.  </Al>
		      <Al>Tot slot zullen we de ruimtelijke principes periodiek monitoren, evalueren en eventueel bijstellen of aanscherpen als dat nodig is.</Al>
		    </Inhoud>
		  </Divisietekst>
		</Divisie>
		<Divisietekst wId="pv21_acca525fc11a4858a0cdf98dda71aefe__div_o_5__content_o_1" eId="div_E__content_2">
		  <Kop>
		    <Label>Bijlage</Label>
		    <Nummer>2</Nummer>
		    <Opschrift>Participatierapportage</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>In een dialoog met de samenleving is met heel veel mensen en organisaties gesproken over de stand van de Friese leefomgeving en de opgaven en kansen die op de provincie afkomen. In een afzonderlijke bijlage, Participatierapportage, wordt hierop ingegaan.</Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_90f9857c61314b0298247d25a16f2caa__ref_o_1" eId="div_E__content_2__ref_o_1" ref="pv21_803bf49c0ca84e4a90336fa038451fd0__ref_1">POVI-Participatie_16-12-2025.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_95513cc0d0e74760b69c5d6fa01fe287__div_o_5__content_o_2" eId="div_E__content_3">
		  <Kop>
		    <Label>Bijlage</Label>
		    <Nummer>3</Nummer>
		    <Opschrift>Omgevingseffectrapportage (OER)</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Vanwege de omvang van de OER is deze hier niet opgenomen maar als separate bijlage beschikbaar:</Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_3dc6fa211764470dbdac63cd660fe5f3__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1" ref="pv21_b6532ee57359412c9e8e436c9bf1239e__ref_1">Bijlage_1_Leefomgevingsfoto_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_bf98cf5151b2427bb7bc54e47cb402c9__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst1" ref="pv21_bed94c08c30d4c56ae0e8954481430ca__ref_1">Bijlage_2_Contourenschets_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_9e0a392058d44d13bf91866b84f9135d__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst2" ref="pv21_d4aa15d96a0e49098c62c5cdea10759b__ref_1">Bijlage_3_Matrix_alternatieven_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_cb324e8f7e224d829033022df7a4e832__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst3" ref="pv21_63e42a88a1b447b19b735a415988470e__ref_1">Bijlage_4_Managementsamenvatting_PlanMER_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_4fe287d3063a4c938e3aa03dd68ee246__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst4" ref="pv21_35e0be7d94da495e8066472eeaf08fb7__ref_1">Bijlage_5_Matrix_keuzepunten_en_aspecten_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_fd58158ce07c40559139c04df6fbbb30__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst5" ref="pv21_6d59b843791444938b2e2b0d1d03c1fd__ref_1">Bijlage_6_Passende_beoordeling_Povi_Friesland.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		    <Al>
                              <IntIoRef wId="pv21_cec561a75360454ea05a0078a98bd515__ref_o_1" eId="div_E__content_3__ref_o_1_inst6" ref="pv21_5c4764bdd1e043598b19b4126c5f4306__ref_1">PlanMER_Povi_Fryslân.pdf</IntIoRef>
                           </Al>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_c5ddce2a7aa74c218e552bca1c8bec4b__div_o_5__content_o_3" eId="div_E__content_4">
		  <Kop>
		    <Label>Bijlage</Label>
		    <Nummer>4</Nummer>
		    <Opschrift>Van provinciaal belang</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Al>Overzicht van omgevingsgerelateerde kwesties van provinciaal belang, met toelichting. </Al>
		    <table frame="topbot" wId="pv21_867be888000642bfa1dedcf31c9447f6__table_o_1" eId="div_E__content_4__table_o_1">
		      <tgroup cols="2" align="left">
			<colspec colname="kolom1" colnum="1" colwidth="50*" align="left"/>
			<colspec colname="kolom2" colnum="2" colwidth="50*" align="left"/>
			<tbody valign="top">
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Water, bodem en ondergrond</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een klimaatrobuust water- en bodemsysteem dat: </Al>
			      <Lijst type="expliciet" wId="pv21_f12a61ce2e4b41ba9457df993a223bf2__div_E__content_4__table_o_1__list_o_1" eId="div_E__content_4__table_o_1__list_o_1">
				<Li wId="pv21_8688a04d227d453cac1031d81b05d534__div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_1">
				  <LiNummer>●</LiNummer>
				  <Al>zo goed mogelijk beschermt tegen wateroverlast en droogte;</Al>
				</Li>
				<Li wId="pv21_b6ba17c45ddb4fbc9c8d69e0dd7d6167__div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_2">
				  <LiNummer>●</LiNummer>
				  <Al>voorziet in schoon water voor drinkwater, landbouw, natuur en industrie;</Al>
				</Li>
				<Li wId="pv21_c358c9063593400da19c9b7f138a3092__div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_3">
				  <LiNummer>●</LiNummer>
				  <Al>resulteert in een schone en vitale bodem;</Al>
				</Li>
				<Li wId="pv21_8646b66cbea44403a27cbc97465c42bf__div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="div_E__content_4__table_o_1__list_o_1__item_o_4">
				  <LiNummer>●</LiNummer>
				  <Al>en leidt tot een duurzaam en veilig gebruik en beheer van de ondergrond. </Al>
				</Li>
			      </Lijst>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Natuur</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een klimaatrobuust natuursysteem voor behoud en herstel van de Friese natuur, dat bijdraagt aan een goede waterkwaliteit en dat water vasthoudt. Een leefomgeving met goede condities voor natuur buiten de natuurgebieden. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Landbouw</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een toekomstbestendige en innovatieve landbouw, die goed samengaat met natuur en milieukwaliteit. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Economie</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een sterke economische structuur met een vitaal bedrijfsleven dat passend werk levert voor onze inwoners, en met een goede aansluiting tussen kennis, onderwijs en arbeidsmarkt.<br/>Een aantrekkelijk vestigingsklimaat gelet op beschikbare ontwikkelruimte, energie en water, kwaliteit van de leefomgeving, aanbod van arbeid en onderwijs, en op ontsluiting. Waarbij de 'speerpunten' van de economische samenwerkingsagenda gericht worden op gebieden conform het acquisitiebeleid. Daarmee ontstaat een kennis-ecosysteem rondom deze speerpunten. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Mobiliteit</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Goede, duurzame en veilige regionale en (inter)nationale bereikbaarheid, met afstemming van vervoersaanbod en -vraag. Met snelle, hoogwaardige verbindingen tussen stedelijke centra binnen en buiten de regio, en een meer fijnmazige interne bereikbaarheid, geschikt voor veilige, toegankelijke en duurzame vervoerswijzen. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Energie</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een stabiel netwerk voor productie, opslag, conversie en transport van energie, dat bijdraagt aan een duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem, waarbij Fryslân in 2050 fossielvrij en energieneutraal is. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Bebouwde omgeving</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een samenhangende hoofdstructuur van het bebouwde gebied, met een sterk netwerk van steden en dorpen. Met voldoende toekomstbestendige woon- en werklocaties, en toegankelijke en bereikbare voorzieningen voor onderwijs, zorg, publiek vervoer, cultuur, sport en vrijetijdsbesteding. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Veilig en gezond</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een veilige en gezonde leefomgeving met een goede milieukwaliteit. Dit is een leefomgeving die de bewoners als prettig ervaren, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Landschap &amp; erfgoed</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een herkenbaar onderscheid tussen de Friese landschapstypen, gebaseerd op de provinciale kernkwaliteiten – landschap, natuur, cultuurhistorie, archeologie, aardkundig erfgoed, stilte en duisternis – en gericht op het behoud van de eigenheid en identiteit van Fryslân. </Al>
			    </entry>
			  </row>
			  <row>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Sociaal</Al>
			    </entry>
			    <entry valign="top">
			      <Al>Een gemeenschap waarbinnen mensen naar elkaar om kijken, met bestaanszekerheid en gelijke kansen voor iedereen. Een samenleving waarin iedereen zichzelf kan zijn, gezond kan opgroeien en gezond oud kan worden.</Al>
			    </entry>
			  </row>
			</tbody>
		      </tgroup>
		    </table>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
		<Divisietekst wId="pv21_6bbfdbe150bb433d8b003e3ae534ddb8__div_o_5__content_o_4" eId="div_E__content_5">
		  <Kop>
		    <Label>Bijlage</Label>
		    <Nummer>5</Nummer>
		    <Opschrift>Begrippenlijst</Opschrift>
		  </Kop>
		  <Inhoud>
		    <Begrippenlijst wId="pv21_39d2ab277df1405db1efc3cdb792db54__list_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1">
		      <Begrip wId="pv21_af56c69270e8416eac2724dbc5b17369__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_1">
			<Term>(Bestaand) bebouwd gebied</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De grond, binnen steden en dorpen, die benut wordt voor stedelijke functies op grond van een geldend omgevingsplan.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5009cf5ba91645c6a8323dfc716693df__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_2">
			<Term>30-minutengemeenschap</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De 30-minutengemeenschap betekent dat banen en regionale voorzieningen van huis uit binnen 30 minuten met verschillende vervoersvormen (modaliteiten) te bereiken zijn (maatstaf voor bereikbaarheid); voor basisvoorzieningen geldt als streven 15 minuten.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_07c3c5536cbd4af98f29e4a6d572e9a6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_3">
			<Term>Agrarisch natuurbeheer</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De maatregelen die landbouwers nemen om de kwaliteit van natuur en landschap te behouden of te verbeteren. Het omvat aangepaste bedrijfsvoering om natuur- en landschapswaarden te behouden of te creëren. Hieronder valt ook het agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0d876d1e65224c0f8bdc136b34f1553a__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_4">
			<Term>Agrofood sector</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De gehele keten van landbouw en voedsel, van de productie (landbouw, veeteelt) tot de verwerking, distributie, handel en consumptie van voedsel, inclusief non-food landbouwproducten, en omvat ook kennisinstellingen, innovatie en duurzame oplossingen voor deze sector.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_cc05a80e2156433ab5566468eaabc3cd__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_5">
			<Term>Agroforestry</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is een landgebruikssysteem waarbij bomen en struiken bewust worden geïntegreerd in landbouw- en veeteeltsystemen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_7475c69379f241c99fc1d9621dd638d5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_6">
			<Term>Agrolocatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een plek waar agrarische dienstverlenende bedrijven (loonbedrijven, agrarische hulpbedrijven) of voorzieningen en installaties t.b.v. meerdere agrarische bedrijven zijn geconcentreerd.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5f8b408590534e949db5a135e4816e94__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_7">
			<Term>Autonome woningbehoefte</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De vraag naar woningen die primair voortvloeit uit de natuurlijke bevolkingsontwikkeling van een gebied (zoals stad of dorp(en) en – in beperkte mate – uit bestaande migratiepatronen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_1ef6fa5a99044717a1a69fe068d163bc__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_8">
			<Term>Basiskwaliteit natuur en landschap (BKNL)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is een in Nederland voorgestelde minimale vereiste waaraan condities van een landschap moeten voldoen om een gewenst niveau van bij dat landschap passende biodiversiteit duurzaam te ontwikkelen en in stand te houden. Drie factoren zijn hierbij leidend: de milieucondities, de inrichting van het landschap en het beheer van het landschap.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c48a8dc648254ab488e89c803e77a733__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_9">
			<Term>Basisvoorzieningen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Voorzieningen die mensen vaak, soms zelfs dagelijks, nodig hebben, zoals huisarts, basisschool, supermarkt en ontmoetingsplek.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_dafe3907cc1b479f81f77e7e5e80ab97__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_10">
			<Term>Bedrijventerreinen met milieucategorie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Milieucategorie is een vakterm uit de planologie en milieukunde. Het is een indeling van de belasting die een (bedrijfs)activiteit kan leggen op het milieu. Deze indeling bestaat uit zes categorieën: 1 tot en met 6. Hoe hoger de klasse, hoe intensiever de belasting van het milieu.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_934564c906c64af2bf771fc162025f0f__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_11">
			<Term>Beekdalen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Beekdalen zijn laaggelegen gebieden die het zand doorsnijden en in de richting van het veengebied afwateren, voornamelijk in gebruik als graslanden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b4e25f803a184309a62a418905c8b062__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_12">
			<Term>Bereikbaarheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is omgekeerd evenredig aan de kosten in tijd, geld en/of moeite voor de verplaatsing die nodig is. De mate waarin een plaats of bestemming bereikbaar is voor personen, gemeten in tijd, kosten en moeite. Kan geredeneerd worden vanuit een bestemming of persoon. Nabijheid en mobiliteit zijn hierin belangrijke bepalende factoren.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_59a54830e74a4765b02b73aacc22e663__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_13">
			<Term>Biobased toepassingen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Verwijzen naar het gebruik van materialen die afkomstig zijn uit biologische bronnen, zoals planten en dieren, in verschillende producten en processen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_579dd0d02e2b43f9917e148e80d8c0bd__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_14">
			<Term>Biodiversiteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De totale variatie van alle levende planten, dieren en micro-organismen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8c19a9a338244057b117cf6a13ebc3c6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_15">
			<Term>Blue energy</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Technologie waarmee met behulp van membranen energie wordt opgewekt uit het verschil in zoutconcentratie tussen zout en zoet water.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8e30a958315c46788db727208f41706c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_16">
			<Term>Boerdiversiteit/ Boerdiverse landbouw</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Boerdiversiteit verwijst naar de verscheidenheid aan typen boeren en agrarische bedrijfsvoeringen binnen de landbouwsector. Deze variatie maakt de agrarische sector als geheel veerkrachtiger en beter bestand tegen economische, ecologische en maatschappelijke veranderingen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f610e87327aa440c93bfeadee56703ba__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_17">
			<Term>Bossenstrategie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is een beleidsplan dat is opgesteld door het Ministerie van LNV in samenwerking met provincies en andere partners. Het doel is de hoeveelheid en kwaliteit van bossen te vergroten en te verbeteren. Fryslân heeft ook een eigen Friese bomen- en bossenstrategie die hierop voortbouwt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f56794cc4dab4de595bd29c2f996c0e7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_18">
			<Term>Bouw- en ontwikkelstrategie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een strategie voor de langetermijn, die aangeeft waar en in welke vorm bij steden en dorpen nieuwe woningen, bedrijven, kantoren en voorzieningen komen en hoe deze worden verbonden met infrastructuur en energie en met het omringende landschap d.m.v.  groen, water, recreatieve uitloop. Ook geeft deze op hoofdlijnen aan hoe dit gerealiseerd gaat worden en welke kwaliteiten worden nagestreefd.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_65ef61fe529841b487df9e9ca6a060b6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_19">
			<Term>Brede welvaart</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Alles wat mensen van waarde vinden, naast materiele welvaart (inkomen en werkgelegenheid) ook gezondheid, onderwijs, milieu, leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en veiligheid.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_afc55fbfdf6b47f6ae20f5c656894bd8__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_20">
			<Term>Chemische stoffen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Stoffen die risico's kunnen vormen voor gezondheid en milieu.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_3ec7067a512c48fdb9775d13bb9f4737__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_21">
			<Term>CHK en FAMKE</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is een kaart waarop we bestaande en verdwenen landschapstypen en cultuurhistorische elementen in het landschap laten zien (oude gebouwen, archeologische vindplaatsen, historische landschapsstructuren).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_9235b3690f604da68ea7a46c660a4850__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_22">
			<Term>Circulaire economie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een economisch systeem gericht op het maximaal hergebruiken en behouden van de waarde van producten en grondstoffen door delen, verhuren, repareren, opknappen en recyclen, met als doel afval te minimaliseren en waardevernietiging te voorkomen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0394c13659954bb0aeb0a3621fd4564e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_23">
			<Term>Cultureel erfgoed</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Dit verwijst naar de tastbare en niet-tastbare elementen van een cultuur die een bijzondere waarde hebben voor een gemeenschap en die van generatie op generatie worden doorgegeven. Het gaat om monumenten, historische objecten, archeologische sites, maar ook tradities, rituelen en verhalen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c40333b5c7ac4c938f8c2cee43685875__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_24">
			<Term>Daily Urban System (DUS)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het gebied waarbinnen de dagelijkse woon-werkverplaatsingen en andere essentiële activiteiten plaatsvinden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_ea2dbb20a604434ebecb32505cccf36e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_25">
			<Term>Deelmobiliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Vervoersmiddelen die gedeeld worden door meerdere gebruikers, zoals deelauto's, deelfietsen en deelscooters. Kan zowel door overheden, marktpartijen als particulieren worden aangeboden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_a4fef330ba2f489799d39b560ee8e70d__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_26">
			<Term>Delta</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een landvorm die ontstaat waar een rivier uitmondt in een groter waterlichaam zoals een zee of een meer. Delta’s worden gekenmerkt door hun vertakte netwerk van riviertakken en sedimentafzettingen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_922ce6a650db4a7d9f4e0470a10b1a32__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_27">
			<Term>Diepe delfstoffenwinning</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het met gebruikmaking van een boorgat, tunnel, schacht of ander ondergronds werk onttrekken van delfstoffen aan de ondergrond.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_602b6d23854640a996e37661a637a3aa__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_28">
			<Term>Doelbereik</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het halen van een vooraf gesteld doel.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_706166f8e7b741a18a4d1ac5561f6bb1__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_29">
			<Term>Dorpsmolen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een windmolen die eigendom is van en geëxploiteerd wordt door het dorp of dorpscoöperatie, waarbij de opbrengsten terugvloeien naar het dorp zelf.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_cf25ac2aaa0d453b87dbea0f0720d7d0__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_30">
			<Term>Duurzaamheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Ontwikkelingen die voorzien in de behoefte van de huidige generatie, zonder voor toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoefte te voorzien (rekening houdend met milieu, economie en samenleving).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_ecc62d0507114ca78191c6a9454a23fa__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_31">
			<Term>Ecologie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De manier waarop planten en dieren samenleven.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b06487654b094dd3b71ae226611cba05__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_32">
			<Term>Emissie reducerende maatregelen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Technieken en strategieën die worden toegepast om de uitstoot van schadelijke stoffen in de lucht, water of bodem te verminderen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5c523f3738a344038afcd9aef0f42703__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_33">
			<Term>Emissies</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Uitstoot van stoffen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d695205360b84703a3a35dd416d29c08__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_34">
			<Term>Energiehubs</Term>
			<Definitie>
			  <Al>In een energiehub vinden energieproductie en energievraag gelijktijdig plaats. Hierdoor wordt het openbare net zo minimaal mogelijk belast en kan er energie worden uitgewisseld zonder afhankelijkheid van de externe energiemarkt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_992432c7d47b46afa8f39db841bfb847__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_35">
			<Term>Energietransitie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De overgang van fossiele energie naar energie uit hernieuwbare bronnen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_128d906d5a6148da8f95031c48f18761__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_36">
			<Term>Energievraagcluster</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Dit zijn gebieden waar de meeste energie wordt gevraagd. In het kennisdocument onderliggend aan de Friese Energievisie is berekend waar in de toekomst de meeste energie wordt gevraagd. Er is een onderverdeling gemaakt tussen de grote energievraagclusters en de middelgrote energievraagclusters. Deze zijn aangeduid op de bewegingskaart 4 en de structuurkaart energie)</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_54656801b5844431915c3064b3f8b7c1__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_37">
			<Term>Erfmolen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Kleine windturbines op het erf van een (agrarisch) bedrijf waarmee energie wordt opgewekt voor in hoofdzaak eigen gebruik.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_6ffc843ff499452f92335126676b5507__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_38">
			<Term>Flexibel peilbeheer</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Vorm van beheer van waterpeilen waarbij fluctuatie van peilen mogelijk is naar gelang de omstandigheden, in plaats van het hanteren van een vast (zomer of winter) waterpeil.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_68db026eff9c49f9bfa649067c81a0b4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_39">
			<Term>Flexwoningen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Kleine flexibele woningen die door omvang en bouwmethode over het algemeen in relatief korte tijd te realiseren zijn.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5a4ee2e60be9486eb61e31266e9da067__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_40">
			<Term>Fries Stedelijk Netwerk</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het samenhangend netwerk van de vier grote Friese steden (Leeuwarden, Drachten, Heerenveen en Sneek).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4d1ecf8c3d7b41d7b0bc346528a85c48__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_41">
			<Term>Friese boezem</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een aaneengesloten stelsel van meren, kanalen, vaarten, gemalen en spuisluizen met eenzelfde waterpeil, dat een aanzienlijk deel van Fryslân beslaat.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_896c5870daca49098817e1afd0efebe2__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_42">
			<Term>Fysieke leefomgeving</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De ruimte waarin mensen wonen, werken, recreëren en leven.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_7ab821a813bf4914bb5307e4eeb73fa6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_43">
			<Term>Ganzenfourageergebied</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Aangewezen gebied waarbinnen ganzen en smienten voldoende voedsel wordt geboden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_106f2148fa484f4dbd9f57800dd3f88e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_44">
			<Term>Gastvrijheidseconomie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Hiermee wordt het belang van recreatie en toerisme voor de economie en werkgelegenheid van een gebied aangeduid.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_16e193b3d8a24dfc8e38910bdfb0d1ba__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_45">
			<Term>Gebiedseigen water</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Water dat niet van buiten een bepaald gebied wordt aangevoerd. De bron van dit water is meestal neerslag, en het bestaat uit een mengsel van regenwater, grondwater en kwelwater.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_870e53feb2bd4417b63e4a8ab48f08e5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_46">
			<Term>Gebiedsgerichte aanpak</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Is gericht op een aanpak van de opgaven speciaal voor dat gebied.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5115ee8eed374a0a80a718b75a69967f__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_47">
			<Term>Geluidscontour</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een lijn op een kaart die een gebied afbakent waar het geluid van een bepaalde bron (zoals vliegtuigen, wegen of industrie) een vastgestelde geluidswaarde overschrijdt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4a83af8f50cb40ccb6edc9d41f226214__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_48">
			<Term>Geluidshinder</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De mate van geluidsoverlast in een gebied.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_87b7c63a51334f1d94658be85e6d1003__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_49">
			<Term>Geothermie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Ook wel aardwarmte; maakt gebruik van warmte uit de diepe ondergrond (minimaal 500 meter diep).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b3653bfa86744b90af078f7437a3d34d__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_50">
			<Term>Gezondheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Fysieke en mentale gezondheid van de mens door een veilige, toegankelijke en milieuvriendelijke leefomgeving.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e3a6895ea8ce4387a90b52b7624caddf__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_51">
			<Term>Gezondheidseffecten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De gevolgen van beslissingen op de gezondheid van inwoners.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_91b33c9dadfa4549bcb793fd5231fff0__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_52">
			<Term>Gezondheidswinst</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Verbetering van de gezondheid van inwoners door een betere milieukwaliteit.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_1652903e9c1a4725983189730dde8770__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_53">
			<Term>Groenblauwe diensten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bovenwettelijke, vrijwillige activiteiten door particuliere grondeigenaren. Groene diensten richten zich op landschap/natuur; Blauwe diensten richten zich op waterbeheer/berging.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_9376a898931944338dd8efb4db6fffe8__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_54">
			<Term>Groenblauwe dooradering / GBDA</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het netwerk van half-natuurlijke landschapselementen die het landelijk gebied doorsnijden. 'Groen'</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_667b75ba5a0846f5a7c607d3496efd36__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_55">
			<Term>Grondgebonden (melk)veehouderij</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bedrijven waar het vee volledig van eigen land leeft en de mest volledig op eigen land wordt uitgereden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_9415a925760f40efad86efd690a82cc6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_56">
			<Term>Grondwaterbeschermingsgebied</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een zone rondom een waterwingebied, ingesteld om het grondwater te beschermen tegen vervuiling. Er gelden speciale regels en verboden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b7544744ec6140558a8ac41a217b20a0__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_57">
			<Term>Hemelwater</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Verzamelnaam voor water dat uit de lucht valt, zoals regen, sneeuw, hagel en dauw.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_10304a0d95c1449fbb382fde198ea7f4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_58">
			<Term>Herstructurering</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het proces waarbij verouderde woonwijken, bedrijventerreinen en recreatieterreinen opnieuw worden ingericht en waarbij de bestaande functie van het terrein gehandhaafd blijft.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0c05be96b19e49a58cb64d9e66a0c3fc__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_59">
			<Term>Hittestress</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een toestand waarbij mensen en dieren lichamelijke en mentale klachten ervaren door extreme hitte.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f3144ac430544b53b9f5c3a7e20d0dbc__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_60">
			<Term>Houtopstanden</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Houtopstanden verwijzen naar bomen, struiken, boomvormers, hakhout of wilgenhakhout.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b8119331f7a34e1799fc52f3954f4a25__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_61">
			<Term>Inbreidingslocatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een locatie binnen bestaand stedelijk gebied die gebruikt gaat worden voor woningbouw of andere nieuwe functies.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_012ec06757a54b7697d4e676a1fc5a57__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_62">
			<Term>Integraal</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Compleet, samenhangend. Kijken naar de samenhang tussen verschillende onderwerpen en het afwegen van verschillende belangen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_055a03a7752b40458bd064231608bc0e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_63">
			<Term>Invasieve soorten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een plant, dier of micro-organisme dat oorspronkelijk niet in een bepaald gebied voorkomt, maar door menselijk handelen terecht is gekomen en schade kan veroorzaken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_db5b50cea91940308a7337c624601403__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_64">
			<Term>Kader Richtlijn Water (KRW)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een Europese richtlijn (2000) met als doel de kwaliteit van oppervlaktewater en grondwater in Europa te verbeteren en te beschermen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_750b1777ed8342d68a2dacc167c9f826__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_65">
			<Term>Ketenmobiliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Betekent dat een reis wordt gemaakt door meerdere vervoermiddelen achter elkaar te combineren (mobiliteitsketen: van deur tot deur).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_65c12b70a8da464a81d99c3099c0ad99__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_66">
			<Term>Klimaatadaptie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het vermogen om aanpassingen te maken die de gevolgen van klimaatverandering helpen opvangen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4a558a54ce474d23bb17d7e8a2c97a22__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_67">
			<Term>Klimaatlandschappen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Verwijzen naar de manier waarop landschappen worden aangepast en beheerd om beter bestand te zijn tegen de effecten van klimaatverandering.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c0ddefa0ad854097b78e7b325f62aed5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_68">
			<Term>Klimaatmitigatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Maatregelen die zijn bedoeld om de omvang of snelheid van de opwarming van de aarde te beperken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_620e3799dea54dbc9cdd93bfe0627c16__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_69">
			<Term>Klimaatrobuust bouwen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bouwen en inrichten van gebouwen en gebieden op een manier die bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_7cc3309a60694dd5a8682d2abe26ed21__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_70">
			<Term>Koude-warmte opslag (WKO)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een methode om energie in de vorm van warmte of koude op te slaan in de bodem voor verwarming en koeling van gebouwen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_eeb28c4843ee4899a9eb595a7fb01427__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_71">
			<Term>KPI</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI’s) worden gebruikt om prestaties te meten en te monitoren t.o.v. doelstellingen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_321e4599cfa34a119a20d672999b267a__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_72">
			<Term>Laadinfrastructuur</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Alle voorzieningen en infrastructuur die nodig zijn voor het opladen van elektrische voertuigen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_6c570d5b01ac4ba692efa1bda0ed332a__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_73">
			<Term>Lagenbenadering</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Methodiek voor ruimtelijke ordening waarbij de ruimte wordt geanalyseerd in drie lagen: 1. natuurlijke ondergrond, 2. netwerken/infrastructuur, 3. menselijk gebruik (occupatie).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_28e270228f1e4043aca6ae0547af2104__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_74">
			<Term>Landbouwhoofdstructuur</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De landbouwhoofdstructuur omvat alle landbouwgronden in Fryslân met een nader uit te werken afwegingskader voor functiewijziging en geeft richting aan agrarische ontwikkelingen op deze gronden door een duiding van de opgaven, waaronder meervoudige opgaven (zie begripsomschrijving hierna).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_7b95831b071c4693a45b2e97770a323c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_75">
			<Term>Landschap van Wereldklasse</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een Fries landschap dat internationaal als uitzonderlijk wordt beschouwd vanwege kwaliteit, schoonheid, cultuurhistorie en duurzaamheid.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_a93b8e0a02384258b67e54fee817a93b__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_76">
			<Term>Leefbaarheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De mate waarin de leefomgeving aansluit bij de voorwaarden en behoeften die de (Friese) inwoners eraan stellen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8ec8e94c299749d785b1564334ed2991__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_77">
			<Term>Lichthinder</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Overlast en gezondheidsschade door overmatige verlichting.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5d471f92eb9b4284b037566a5535097b__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_78">
			<Term>Luchtvaartlocaties met incidenteel gebruik</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Terreinen die 12 dagen of minder per jaar gebruikt worden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_392e44e9930f4604958115f78937f99f__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_79">
			<Term>Luchtvaartlocaties met structureel gebruik</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Terreinen die meer dan 12 dagen per jaar gebruikt worden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4609990f148b4c039ff238c568a671ca__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_80">
			<Term>Meerlaagsveiligheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Concept voor beheer overstromingsrisico's via drie lagen: 1. preventie, 2. ruimtelijke inrichting, 3. calamiteitenbeheersing.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_2ede20a8947e4e95aa42a45cf263973c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_81">
			<Term>Meervoudige opgaven</Term>
			<Definitie>
			  <Al>In gebieden met meervoudige opgaven spelen opgaven op het gebied van landbouw, natuur, klimaat, water en bodem, die in samenhang aangepakt worden met als doel meerwaarde voor alle opgaven te creëren.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_ee1ce1f084e14fa091f4b3e31ed02d84__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_82">
			<Term>Milieueffecten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De gevolgen van verschillende bronnen op lucht, water en bodem.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_641de4b782d540288c8b996b509118bc__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_83">
			<Term>Mitigatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het verzachten, verminderen of verzwakken van negatieve effecten.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_01af8bc9629e4203ad5bc091b68a7ab5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_84">
			<Term>Mobiliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het verplaatsen van personen of goederen in een bepaald gebied, of het vermogen hiertoe.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f2b33121c38e49c09981a4ddee6d174c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_85">
			<Term>Mobiliteitshubs</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Plek waar verschillende vervoerswijzen (modaliteiten) bij elkaar komen en reizigers kunnen overstappen (bijv. van auto naar trein).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4fb80a1b2ab948ad9ba8cf77e37cdf8e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_86">
			<Term>Mobiliteitsnetwerken</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Verschillende vervoersvormen die in samenhang bekeken worden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_72543ae8b7844156b619dc481c99cef4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_87">
			<Term>Mton</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een metrieke ton is een eenheid van massa die gelijk is aan 1000 kilogram.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_32473528e85d4d099ef983ffbe91d109__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_88">
			<Term>Multimodale knooppunten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Locaties waar overstapmogelijkheden zijn voor meerdere vervoerswijzen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0fa0a0b76247468184304aef4da7d023__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_89">
			<Term>Multimodale mobiliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het gebruik van verschillende vervoersmiddelen binnen één reis of transportketen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8947def2714a4cf5888bcf91c7064360__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_90">
			<Term>Nationaal Landschap</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een door het Rijk aangewezen gebied met een unieke combinatie van agrarisch gebied, natuur en cultuurhistorie, waar ook plaats is voor wonen en werken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_21c473a7faca4534bd6ac877f792b938__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_91">
			<Term>Nationaal Park</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een door het Rijk aangewezen gebied met bijzondere natuurwaarden (bijv. NP Schiermonnikoog, NP Lauwersmeer).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_ef4070a334b7427aa3d1bcf0f44ce246__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_92">
			<Term>Natura-2000 gebied</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een gebied met bijzondere natuurwaarden, onderdeel van een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d3adeae06567458396d51c6fadbb8ff3__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_93">
			<Term>Natuurinclusief</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Rekening houden met natuurwaarden en het versterken van natuur als vanzelfsprekend onderdeel van handelen (bijv. bouwen).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0c0431fd2cb149849fc339b6e6b3dc42__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_94">
			<Term>Natuurnetwerk / NNN</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een samenhangend stelsel van natuurgebieden van internationaal of nationaal belang.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_2ea0bb15636f4fc89731efa2314a909e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_95">
			<Term>Netbalancering</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het in evenwicht houden van vraag en aanbod van elektriciteit op het stroomnet.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_97f4576c04964a1ca6dc5c3dcfb853d0__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_96">
			<Term>Netcapaciteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De maximale hoeveelheid elektriciteit die door het elektriciteitsnet kan worden vervoerd en verdeeld.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_2a52209f14934325a5d7cf1b31731c26__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_97">
			<Term>Netcongestie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Overbelasting van het elektriciteitsnet op een bepaalde plek of tijd.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e33ae3dd012842f58ca10ee539ea08a7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_98">
			<Term>Nutriënten</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Essentiële voedingsstoffen voor planten (zoals stikstof en fosfor). Hoge concentraties kunnen negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de waterkwaliteit.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c9a7104bc2bd4265a5795fdc46695c23__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_99">
			<Term>Nutsvoorzieningen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een algemene voorziening zoals water, gas, elektriciteit, riolering.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_1288e9fa21394db8bfda6a5e15e43f21__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_100">
			<Term>Omgevingseffectrapportage (OER)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Instrument om de effecten van een plan op de leefomgeving systematisch in kaart te brengen (milieu, gezondheid, natuur, etc.).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_517cdc70f3fe40e09429bda2cf744cd9__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_101">
			<Term>Omgevingskwaliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De integrale kwaliteit van de fysieke leefomgeving (veiligheid, gezondheid, duurzaamheid, leefbaarheid, belevingswaarde).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e5c84a86e92f412885e41898cb30d032__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_102">
			<Term>Omgevingsveiligheid / externe veiligheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het voorkomen van gevaarlijke situaties door gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_aa6888e076ec42f0acb53d4158cd5287__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_103">
			<Term>Omgevingsverordening</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Provinciale verordening die alle regels van de provincie (Fryslân) bevat voor de fysieke leefomgeving.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d99ad3f7882e48178a51bde01100907d__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_104">
			<Term>Omgevingswaarde</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een juridische en meetbare norm uit de Omgevingswet die de gewenste staat, kwaliteit of toelaatbare belasting bepaalt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_434b148cf5fc41c79dca4627aa6947da__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_105">
			<Term>Ontgronding</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Werkzaamheden die de hoogteligging van terrein of waterbodem verlagen (winning zand, grind, klei).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b4a6c36cc4524250b7a570703eeef925__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_106">
			<Term>Openbaar vervoer</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Voor eenieder openstaand personenvervoer volgens een dienstregeling (of op afroep/vraagafhankelijk).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_190c89dcc3b6413eba8e7643578f6db7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_107">
			<Term>Ov-concessie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het recht om openbaar vervoer uit te voeren in een bepaald gebied gedurende een bepaald tijdvak.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_fe7efef39a8c4399ac2811a77e70230c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_108">
			<Term>Participatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het actief deelnemen aan de voorbereiding van provinciale besluitvorming.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_aacfc0188ac94930bfa6613723648598__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_109">
			<Term>PFAS</Term>
			<Definitie>
			  <Al>"Forever chemicals"; synthetische chemicaliën die water-, vet- en vuilafstotend zijn maar zeer slecht afbreken in het milieu.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_53279ac7de2249c3a1dbf3b1931d7045__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_110">
			<Term>Primaire waterkering</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bescherming tegen overstromingen bij hoogwater vanuit grote wateren (Noordzee, Waddenzee, IJsselmeer, grote rivieren).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f1f574f8d77f41e8b28795cd46e7bcf8__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_111">
			<Term>Proportionaliteitsbeginsel</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het proportionaliteitsbeginsel is een beginsel onder de OMGEVINGSWET. Het betekent dat een bestuursorgaan zijn bevoegdheden proportioneel toepast. Dat wil zeggen: voor zover dat nodig is voor de uitoefening van zijn taken. Zo richt de provincie richt op het beschermen van provinciale belangen en past haar bevoegdheden daarbij toe.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_2eccaa524e0348228c8983a6657e6e68__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_112">
			<Term>Publieke mobiliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een integraal vervoerssysteem van OV, doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer waarbij de overheid verantwoordelijkheid neemt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_3cd7f40835364e9bb7841155ef3e0b32__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_113">
			<Term>Reductiedoelstellingen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Specifieke doelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b85db308cb5b4f0db19adba882b28092__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_114">
			<Term>Regeneratief toerisme</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Toerisme dat zich richt op het actief verbeteren en herstellen van natuur, cultuur en gemeenschappen (verder gaand dan duurzaamheid).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f524c530e4a3495aafa7b3961b918fa1__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_115">
			<Term>Regiokern</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een regiokern is een (middelgrote) kern met een belangrijke regionale functie, waar wonen, werken, voorzieningen en bereikbaarheid samenkomen en die een belangrijke verzorgende rol vervult voor de omliggende regio. De regiokernen zijn geselecteerd op basis van inwoners, voorzieningenniveau, en spreiding om tot een goede provinciale dekking te komen. De regiokernen in Fryslân zijn: Bolsward, Franeker, Sint Annaparochie, Workum, Koudum, Makkum, Stiens, Kollum, Burgum, Buitenpost, Surhuisterveen, Damwoude, Oosterwolde, Gorredijk, Wolvega, Balk, Joure, Grou, Lemmer.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_319ced44689e4ec2bff34683fedac8f2__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_116">
			<Term>Regionale meerwaarde</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De mate waarin een bedrijf van belang is voor de regio (werkgelegenheid, kennis, maatschappelijke waarde).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_cde3a9f8a1634edf9c01c1262e4c91c7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_117">
			<Term>Regionale voorzieningen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Regionale voorzieningen zijn diensten en faciliteiten die een groter gebied bedienen dan alleen een buurt/ wijk of dorp. Ze bevinden zich vaak in steden of regiokernen en trekken bezoekers uit de omliggende regio(s) aan. Voorbeelden zijn ziekenhuizen, MBO- en HBO-onderwijs, theaters en grote bioscopen, grote winkelcentra, regionale bibliotheken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_f5f7f344695e4316965825617a848529__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_118">
			<Term>Reserveringszone dijkversterking</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een zone langs dijken die vrijgehouden wordt van bebouwing t.b.v. toekomstige dijkversterking.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_66a4c94b77094dba9db0db07ff1e9896__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_119">
			<Term>Ruimtelijke kwaliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het resultaat van handelen dat de ruimte functioneel, aantrekkelijk en toekomstbestendig maakt (synergie tussen gebruik, beleving, herkomst en toekomst).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5a5fad7c071b42439a00d8813def5e35__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_120">
			<Term>Small Modular Reactor (SMR)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een kleine, modulaire kernreactor.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d025f60fefe046e5aa6b73555f6f2ee4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_121">
			<Term>Sociale cohesie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De mate waarin mensen zich met elkaar en met organisaties verbonden voelen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_3f2d9e55c9c146ed9af42a948dd10523__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_122">
			<Term>Speerpuntensectoren</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Strategisch belangrijke economische sectoren. Voor Fryslân: AgroFood, Watertechnologie, HTSM, Circulair, Maritiem, Toerisme &amp; Hospitality.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_6912abc707414072adb021c169c4e455__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_123">
			<Term>Spoedlocatie bodemverontreiniging</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een locatie met bodemverontreiniging die onaanvaardbare risico’s oplevert en spoedig aangepakt moet worden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_ffc985cd4027484e987a9f5d59a020b7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_124">
			<Term>STOMP-principe</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Mobiliteitsprincipe met voorkeursvolgorde: Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobiliteitsdiensten, Privéauto.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_111681caafcb432e988f706552e88ada__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_125">
			<Term>Stroomgebieden</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een gebied waar al het water dat valt naar een gemeenschappelijk punt stroomt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d5f8c51f47b04ce3adb5d1647e99e6e7__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_126">
			<Term>Subsidiariteitsbeginsel</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het subsidiariteitsbeginsel is een beginsel onder de Omgevingswet wat bepaalt dat in principe gemeenten de algemene zorg voor de fysieke leefomgeving dragen en de waterschappen hebben de functionele zorg voor het waterbeheer ('Decentraal, tenzij').Een provincie (of het Rijk) kunnen dit overnemen als hun belang niet op een doelmatige en een doeltreffende wijze door het gemeentebestuur (of waterschap) kan worden behartigd. Provincie (of het Rijk) moeten dit dan wel goed motiveren.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_04c2230dc0ea4240b6ef0357442fd8e4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_127">
			<Term>Synergie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Meerwaarde die ontstaat door concentratie van activiteiten (kennisoverdracht, klantenpotentieel, etc.).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_945528825abc4439b956bab3b635039e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_128">
			<Term>Toegankelijkheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Onderdeel van bereikbaarheid: iedereen kan zonder onderscheid een plaats bereiken, betreden en gebruiken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4da6cd9659ab42cbb8ce3ca68c4f3b61__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_129">
			<Term>Toekomstbestendige landbouw</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Landbouwpraktijken die economisch levensvatbaar, ecologisch verantwoord en sociaal rechtvaardig zijn op de lange termijn.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5cc40b14e1e1497f8887beace5c401f3__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_130">
			<Term>Transformatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Proces van ingrijpende verandering of herontwikkeling van een gebied naar een toekomstbestendige omgeving.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_0547f9b2c78c421ba64f40485380e665__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_131">
			<Term>Transformatie van bestaande gebouwen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het geven van een nieuwe functie en invulling aan bestaand vastgoed.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8b7926ed244c4400810d1177dc9e21fd__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_132">
			<Term>Trias mobilica</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Beleidsprincipe voor duurzame mobiliteit om negatieve effecten te beperken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_58e43789a9f8484590d5d16b411f29a3__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_133">
			<Term>TWh</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Terrawattuur (miljard Kilowattuur/KWh). Jaarlijks elektriciteitsgebruik wordt hier vaak in uitgedrukt.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_dd1d7e1642b641daab706b80de8a78a5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_134">
			<Term>Uitnodigingszone landelijk, Zuidoost Fryslân</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Zone in het landelijk gebied waar diverse opgaven op het gebied van landbouw, natuur, klimaat, en water en bodem samenkomen. In deze zone gaan we samen met medeoverheden en stakeholders aan de slag.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_08aa0c48fc574b2bb0f7b8f70b7e9a2c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_135">
			<Term>Uitnodigingszones stedelijk</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Zones rond steden waarin diverse opgaven op het gebied van woningbouw, bedrijfsontwikkeling, kantoren en kennisclusters, voorzieningen, energie en klimaatadaptatie samenkomen, in samenhang met ontwikkeling van landbouw, groen/ natuur, water, landschap en recreatieve uitloop. In deze zones voeren we samen met medeoverheden regie over de ruimtelijke ontwikkelingen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_80a465dc69d94dfda030f7b9c648d9f6__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_136">
			<Term>Unesco Werelderfgoed</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Cultureel en natuurlijk erfgoed dat uniek en onvervangbaar is en op de Werelderfgoedlijst staat.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_4d8749af042248d98f553094de0e545f__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_137">
			<Term>Vaarwegklasse</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het type vaarweg volgens een vastgestelde klasse-indeling (CEMT).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_800f50f7cdad423296af818ae7006cef__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_138">
			<Term>Veenoxidatie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Proces waarbij veen door lage grondwaterstand wordt afgebroken door zuurstof, wat leidt tot maaivelddaling en CO2-uitstoot.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_5799a46562964be390d62ac5cef26c7c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_139">
			<Term>Verbrede bedrijfsmodellen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bedrijfsstrategieën waarbij activiteiten worden gediversifieerd voor meerdere inkomstenbronnen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_44f5227b8ee149058476e49e7ad38c0a__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_140">
			<Term>Verdichting</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het verhogen van het aantal woningen of functies binnen bestaand bebouwd gebied.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_6c38ee14e6ea41cd80a4e2344386a315__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_141">
			<Term>Verdienmodel</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De manier waarop een organisatie waarde creëert en omzet in inkomsten.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_602a8ffdbd504847bc7304e9cc90c569__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_142">
			<Term>Verdienvermogen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Vermogen om inkomsten te genereren door arbeid of economische activiteiten.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_9e0a4167db654b788d14e5f8dfa51301__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_143">
			<Term>Verdringingsreeks</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Rangorde van gebruikerscategorieën voor de verdeling van zoet water tijdens waterschaarste.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_eaaa877c5d9942f6a43f8711acc766c8__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_144">
			<Term>Verkeersveiligheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De mate waarin iedereen veilig kan deelnemen aan het verkeer.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e2909b3129c64aa78986573c0e59b9d9__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_145">
			<Term>Verstedelijking</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Samenhangende benadering van opgaven in steden en dorpen (wonen, economie, groen, etc.).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c3cd87ec883648a3be21abd7840a643e__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_146">
			<Term>Vervoersarmoede</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Beperkte toegang tot vervoer waardoor deelname aan maatschappelijke activiteiten wordt belemmerd.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b6e887fe601f4ca6979b99f31f392a11__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_147">
			<Term>Vervoersmodaliteit</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Wijze van verplaatsen (fiets, auto, trein, etc.).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_dbb7222d93314bc4ae4290d3093be31c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_148">
			<Term>Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Europees juridisch kader voor bescherming van vogels, habitats en soorten (basis voor Natura 2000).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e587c347e070471bb152cef8ae5a75fa__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_149">
			<Term>Voorzorgsbeginsel</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Het voorzorgsbeginsel houdt in dat bedrijven en overheden maatregelen nemen als er gegronde redenen zijn om te vrezen dat activiteiten negatieve gevolgen kunnen hebben voor het milieu of de gezondheid. Het gaat om activiteiten waarbij de beschikbare wetenschappelijke gegevens wel indicaties geven voor een risico, maar de beschikbare wetenschappelijke gegevens nog geen uitvoerige risico-evaluatie mogelijk maken.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_558c2f919758475ba18e6616d23305a4__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_150">
			<Term>Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB's)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Leegstaande agrarische bedrijfsgebouwen na beëindiging van bedrijfsactiviteiten.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_c05e8376a06046708868dfb3ea8d2f72__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_151">
			<Term>VTH instrumentarium</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Instrumenten voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_791734d222ea4a8f96e19b65dcc123c5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_152">
			<Term>Warmtetransitie</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De overgang van aardgas naar hernieuwbare warmtebronnen in de gebouwde omgeving.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_e8efb1f185294117beb2c52e7c39ba2c__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_153">
			<Term>Water- en bodemsysteem</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De samenhangende water- en bodemlichamen in een gebied.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_40eef598a1644200b3d31f854f3983e8__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_154">
			<Term>Waterbeschikbaarheid</Term>
			<Definitie>
			  <Al>De hoeveelheid water die beschikbaar is voor verschillende toepassingen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_7786d8451aee4387b734cad84909757b__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_155">
			<Term>Waterlichaam</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een samenhangend stelsel van oppervlaktewater met vergelijkbare status en doelen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_6e2f63614beb4bf28b042f60c36bd4a5__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_156">
			<Term>Waterrobuust bouwen</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Bouwen en inrichten van gebouwen en gebieden op een manier die bestand is tegen de gevolgen van wateroverlast, overstromingen en droogte, zodat eventuele schade zoveel mogelijk wordt beperkt. Daaronder valt het voldoende hoog of adaptief bouwen zodat bij calamiteiten de schade van een overstroming beperkt blijft.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_d894537743474f1683181959cd9ab7ed__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_157">
			<Term>Weidevogelgebied</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Een gebied dat is aangewezen vanwege de bijzondere betekenis voor weidevogels.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_b700ad76f10c492490e4de4d4e6c4c69__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_158">
			<Term>WHO-advieswaarden</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Richtlijnen van de WHO voor luchtkwaliteit (fijnstof, stikstof).</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_8c5aba9bca41486c9c877849646f38ac__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_159">
			<Term>WMO-vervoer</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Vervoer geregeld door gemeenten (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) voor mensen die niet zelfstandig kunnen reizen.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		      <Begrip wId="pv21_72c3ba57610a4a54bbc50b674252f579__item_o_1" eId="div_E__content_5__list_o_1__item_o_160">
			<Term>Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS)</Term>
			<Definitie>
			  <Al>Stoffen die ernstige risico’s vormen voor mens en milieu en extra streng gereguleerd worden.</Al>
			</Definitie>
		      </Begrip>
		    </Begrippenlijst>
		  </Inhoud>
		</Divisietekst>
	      </Divisie>
	    </Lichaam>
	    <Bijlage wId="pv21_7c61eb7465024459b2cc885f5f0d4e1f__cmp_A" eId="cmp_o_1">
	      <Kop>
		<Opschrift>Overzicht informatie objecten</Opschrift>
	      </Kop>
	      <Divisietekst wId="pv21_5f0bf339abd74a7da9048eae0841e010__cmp_A__content_o_1" eId="cmp_o_1__content_o_1">
		<Inhoud>
		  <Begrippenlijst wId="pv21_162bbc22b3624566a3d66ed5b1a895f7__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1">
		    <Begrip wId="pv21_928bc80d492e4bef85db6290da42e9f9__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
		      <Term>Bijlage_1_Leefomgevingsfoto_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_b6532ee57359412c9e8e436c9bf1239e__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_1_Leefomgevingsfoto_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_1_Leefomgevingsfoto_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_4fe632af84f745b0b9f695a277ee032f__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_2" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
		      <Term>Bijlage_2_Contourenschets_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_bed94c08c30d4c56ae0e8954481430ca__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_2_Contourenschets_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_2_Contourenschets_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_067fcbf411b84c5ebccf70366f424a7d__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_3" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
		      <Term>Bijlage_3_Matrix_alternatieven_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_d4aa15d96a0e49098c62c5cdea10759b__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_3_Matrix_alternatieven_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_3_Matrix_alternatieven_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_7ec2cebf005c4f7eb9ec25023f174b01__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_4" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
		      <Term>Bijlage_4_Managementsamenvatting_PlanMER_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_63e42a88a1b447b19b735a415988470e__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_4_Managementsamenvatting_PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_4_Managementsamenvatting_PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_6967331920764468a08fe178f85aa4cf__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_5" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
		      <Term>Bijlage_5_Matrix_keuzepunten_en_aspecten_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_35e0be7d94da495e8066472eeaf08fb7__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_5_Matrix_keuzepunten_en_aspecten_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_5_Matrix_keuzepunten_en_aspecten_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_3f244d958c264499972692f1f76570d7__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_6" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_6">
		      <Term>Bijlage_6_Passende_beoordeling_Povi_Friesland.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_6d59b843791444938b2e2b0d1d03c1fd__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_6_Passende_beoordeling_Povi_Friesland/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/Bijlage_6_Passende_beoordeling_Povi_Friesland/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_837e06e82ce246cf934a8469beef037f__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_7" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_7">
		      <Term>PlanMER_Povi_Fryslân.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_5c4764bdd1e043598b19b4126c5f4306__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/PlanMER_Povi_Fryslan/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		    <Begrip wId="pv21_427f0b7012b742fdb17799763356d742__cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_8" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_8">
		      <Term>POVI-Participatie_16-12-2025.pdf</Term>
		      <Definitie>
			<Al>
                                    <ExtIoRef wId="pv21_803bf49c0ca84e4a90336fa038451fd0__ref_1" eId="cmp_o_1__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv21/2026/POVI_Participatie_16_12_2025/nld@2026-03-09;1" xmlns:opera="http://koop.overheid.nl/apps/opera/" xmlns:ogc="http://www.opengis.net/ogc" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:se="http://www.opengis.net/se" xmlns:geo="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/geo/" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">/join/id/regdata/pv21/2026/POVI_Participatie_16_12_2025/nld@2026-03-09;1</ExtIoRef>
                                 </Al>
		      </Definitie>
		    </Begrip>
		  </Begrippenlijst>
		</Inhoud>
	      </Divisietekst>
	    </Bijlage>
	  </RegelingVrijetekst>
	</WijzigBijlage>
      </BesluitCompact>
    </Provinciaalblad>
  </OfficielePublicatie>
</OfficielePublicatie>
