<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-2706/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>PROVINCIAAL BLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de provincie Zeeland</subtitel></kop><provinciaalblad><kop><titel>Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al><nadruk type="vet">Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 10 februari 2026, kenmerk 791080, houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023.</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">Gedeputeerde staten van Zeeland,</nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>overwegende dat gedeputeerde staten op 20 augustus 2024 de Leefbaarheidsagenda 2024-2027 hebben vastgesteld, om vanuit het perspectief van Brede Welvaart de kwaliteit van de leefbaarheid voor de inwoners van Zeeland een extra impuls te geven;</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>overwegende dat gedeputeerde staten de bovenstaande doelstelling willen bereiken door onder andere subsidie te verlenen aan projecten die aan de realisering van de doelstelling bijdragen;</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>overwegende dat hiertoe wenselijk is een nieuw hoofdstuk toe te voegen aan het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023;</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>gelet op artikel 7 van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023,</al></li></lijst><al>besluiten vast te stellen de navolgende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel /></kop><al>Onder vernummering van hoofdstuk 46 tot hoofdstuk 47, en onder vernummering van de artikelen 46.1.1 en 46.2.1 tot de artikelen 47.1.1 en 47.2.1, wordt een hoofdstuk ingevoegd, luidende:</al><al /><al>[De bovenstaande tekst bevat een kennelijke verschrijving. Hier wordt bedoeld: Onder vernummering van hoofdstuk 46 tot hoofdstuk 47, en onder vernummering van de paragrafen 46.1 en 46.2 tot de paragrafen 47.1 en 47.2, artikelen 46.1.1 en 46.2.1 tot de artikelen 47.1.1 en 47.2.1, wordt een hoofdstuk ingevoegd, luidende:]</al><al /><al><nadruk type="vet">Hoofdstuk 46 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie in het kader van de Leefbaarheidsagenda 2024-2027 (Leefbaarheidsregeling)</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.1 Begripsbepalingen</nadruk></al><al>In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>duurzaam: geschikt of bedoeld om langer stand te houden;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>LBA 2024-2027: Leefbaarheidsagenda 2024-2027, vastgesteld op 20 augustus 2024 door gedeputeerde staten;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>maatschappelijke organisaties: organisatie met een sociaal of maatschappelijk doel.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.2 Doelgroep</nadruk></al><al>Subsidie kan worden aangevraagd door instellingen. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.3 Subsidiabele activiteiten</nadruk></al><al>Subsidie kan worden verstrekt voor projecten die bijdragen aan een van de volgende focusthema’s uit de LBA 2024-2027:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>Meedoen in Zeeland;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>Gezondheid in Zeeland.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.4 Weigeringsgronden</nadruk></al><al>Onverminderd artikel 1.2.1, tweede lid, wordt subsidie niet verstrekt indien:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het project wordt verricht met een winstoogmerk;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>voor het project reeds subsidie is ontvangen of aangevraagd bij de provincie of bij een andere instantie, anders dan cofinanciering; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het project het uitvoeren van een wettelijke taak omvat;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het project bestaat uit religieuze of politieke activiteiten.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.5 Subsidievereisten</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Om voor subsidie in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het project wordt uitgevoerd in Zeeland;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het project komt ten goede aan inwoners van Zeeland;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het project heeft tenminste betrekking op wijk-, kern- of dorpsniveau;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het project is duurzaam en toekomstgericht;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>het project is openbaar toegankelijk.</al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Onverminderd het eerste lid, draagt het project, om voor subsidie voor het focusthema Meedoen in Zeeland als bedoeld in artikel 46.3 onder a, in aanmerking te komen, bij aan een of meer van de volgende doelen:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het stimuleren van zorgvoorzieningen of andere voorzieningen in een kern of wijk;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het stimuleren van duurzame ontmoeting voor jong en oud;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>de versterking en ondersteuning van vrijwilligerswerk en mantelzorg;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het tegengaan van eenzaamheid;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>het bevorderen van een samenleving waar iedereen in vrijheid mee kan doen en niemand wordt uitgesloten;</al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>kansengelijkheid;</al></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>geletterdheid en digitale vaardigheden bij kwetsbare groepen;</al></li><li><li.nr>h.</li.nr><al>het bevorderen van maatschappelijk initiatief. </al></li></lijst></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Onverminderd het eerste lid, draagt het project, om voor subsidie voor het focusthema Gezondheid in Zeeland als bedoeld in artikel 46.3 onder b, in aanmerking te komen, bij aan een of meer van de volgende doelen:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het bevorderen van de gezondheid;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het bevorderen van de gezondheidsbeleving;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het verbeteren van de toegang tot zorg;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het versterken van mantelzorg en het verminderen van tekorten aan zorgprofessionals;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>samenwerken van zorgpartijen en overheid. </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.6 Subsidiabele kosten</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Onverminderd artikel 1.3.1 en artikel 1.3.3 en in afwijking van artikel 1.3.2, komen voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie, voor subsidie in aanmerking uitsluitend de daadwerkelijk gemaakte kosten:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>van derden en faciliteiten voor scholing en training van vrijwilligers;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>voor derden in de vorm van inhuur van personeel;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>van apparatuur, materiaal en zaalhuur voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het project. Wanneer deze apparatuur en uitrusting niet tijdens hun volledige levensduur voor het project worden gebruikt, worden alleen de afschrijvingskosten overeenstemmend met de looptijd van het project, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, als subsidiabele kosten beschouwd;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>van beeldmateriaal voor voorlichting of educatie;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>van derden voor het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek of een verkenning om te komen tot een nieuwbouwplan.</al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>kosten van consumpties, maaltijden en vervoer anders dan voor sprekers of dagvoorzitters van het project;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>kosten met betrekking tot een jubileum, herdenking of lustrum;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>exploitatiekosten, kosten van nieuwbouw, investeringskosten en onderhoudskosten van gebouwen en gronden die worden gebruikt voor het project. </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.7 Subsidiehoogte</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De subsidie voor het focusthema Meedoen in Zeeland bedoeld in artikel 46.3 onder a, bedraagt maximaal 80% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 50.000.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De subsidie voor het focusthema Gezondheid in Zeeland bedoeld in artikel 46.3 onder b, bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000.</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Onverminderd de voorgaande leden, wordt, indien sprake is van staatssteun, maximaal slechts een zodanig bedrag aan subsidies verstrekt dat voor het totale bedrag aan overheidsbijdragen over een periode van drie jaar het maximumbedrag aan de-minimissteun niet wordt overschreden.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.8 Indieningsvereisten </nadruk></al><al>De aanvraag wordt bij gedeputeerde staten ingediend door gebruik te maken van een volledig ingevuld en ondertekend ‘aanvraagformulier leefbaarheidsregeling’, zoals beschikbaar gesteld op de website van de provincie Zeeland, inclusief de voorgeschreven bijlagen.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.9 Subsidieplafond en openstelling </nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Een subsidie kan uitsluitend worden verstrekt als gedeputeerde staten de mogelijkheid tot het doen van een aanvraag voor subsidie hebben opengesteld door vaststelling van een subsidieplafond en van een openstellingsperiode voor de indiening van een aanvraag voor subsidie.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Het subsidieplafond wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Indien een aanvraag niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de aanvraag volledig is als datum van binnenkomst.</al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige aanvragen plaats door middel van loting.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 46.10 Subsidieverplichtingen</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Onverminderd de artikelen 1.6.1 tot en met 1.6.6 heeft de subsidieontvanger de volgende verplichtingen:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het project start uiterlijk drie maanden na verlening van de subsidie;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het project is uiterlijk twee jaar na verlening van de subsidie gerealiseerd. </al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Gedeputeerde Staten kunnen op schriftelijk verzoek van de subsidieontvanger besluiten uitstel te verlenen van de in het eerste lid onder a of b genoemde termijn. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>II</nr><titel /></kop><al>Na de toelichting op hoofdstuk 45 wordt een toelichting toegevoegd, luidende:</al><al /><al><nadruk type="vet">Toelichting op hoofdstuk 46 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie in het kader van de Leefbaarheidsagenda 2024-2027 (Leefbaarheidsregeling)</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">Algemene toelichting</nadruk></nadruk></al><al>Door Gedeputeerde Staten is op 20 augustus 2024 de Leefbaarheidsagenda 2024-2027 vastgesteld. Op basis van deze agenda kunnen zowel nieuwe als bestaande maatschappelijke initiatieven met subsidie worden ondersteund. Deze initiatieven dienen bij te dragen aan de kwaliteit van de leefbaarheid in de (kleine) kernen van Zeeland, zoals beschreven in Leefbaarheidsagenda 2024-2027. Met kernen wordt overigens niet gedoeld op dorpskernen maar op grotere bebouwingsconcentraties (met woonfunctie) in de bebouwde kom. </al><al /><al>Naast het bestaande beleid willen we de komende jaren vanuit deze Leefbaarheidsagenda 2024-2027 een extra impulsen geven om het voorzieningenniveau te stimuleren. Enerzijds om verschraling van voorzieningen in met name de kleinere kernen te voorkomen en anderzijds om een actieve samenleving te bevorderen. In de Leefbaarheidsagenda staat beschreven hoe we als Provincie extra investeren in het welzijn van onze inwoners, als aanvulling op de al bestaande inspanningen die we voortzetten.</al><al /><al>Mede op basis van ‘Leven in Zeeland’ en de opgehaalde input vanuit de Zeeuwse gemeenten en maatschappelijke organisaties zijn twee overkoepelende thema’s geformuleerd, namelijk: ‘Meedoen in Zeeland ’ en ‘Gezondheid in Zeeland’. Via deze twee focusthema’s kunnen we inzetten op de kwaliteit van voorzieningen in Zeeuwse kernen en steun geven aan mantelzorgers en vrijwilligers ten behoeve van de leefbaarheid. Bij van elk van deze twee thema’s zijn doelstellingen geformuleerd, die opgenomen zijn in het tweede en derde lid van deze subsidieregeling. </al><al /><al><nadruk type="vet">Juridisch kader</nadruk></al><al>Dit hoofdstuk maakt onderdeel uit van het Asb 2023. Dat betekent dat bij subsidieverstrekking ook de algemene bepalingen in hoofdstuk 1 van het Asb 2023 en de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023 (Asv) van toepassing zijn. De bepalingen van de Asv en hoofdstuk 1 van het Asb 2023 gelden in aanvulling op het onderhavige hoofdstuk. Zo bevat § 1.3 van de Asb 2023 een aantal bepalingen over subsidiabele kosten en § 1.4 een aantal vereisten waar de aanvraag aan moet voldoen. §1.6 bevat een aantal verplichtingen die de subsidieontvanger in acht moet nemen, waaronder de meldingsplicht indien hij verwacht de activiteiten niet (geheel) te zullen verrichten of niet (geheel) aan zijn verplichtingen te zullen voldoen. Daar waar hoofdstuk 46 afwijkt van hoofdstuk 1 van het Asb 2023, wordt dit expliciet aangegeven.</al><al /><al><nadruk type="vet">Staatssteun</nadruk></al><al>Subsidie ten behoeve van dit hoofdstuk kan staatssteun inhouden als de subsidie wordt verstrekt aan een onderneming en voor een economische activiteit. Om de subsidie rechtmatig te kunnen verstrekken, wordt gebruik gemaakt van de de-minimisverordeningen. Op grond van deze verordeningen mag een onderneming over een periode van drie jaren maximaal een bedrag ontvangen van € 300.000 aan steun, waarbij alle steun verlenende overheden worden meegerekend. Ondernemingen moeten bij hun aanvraag een de-minimisverklaring ondertekenen die betrekking heeft op eerder verleende steun. </al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">Artikelsgewijze toelichting</nadruk></nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.3 Subsidiabele activiteiten</nadruk></al><al>De subsidie is bedoeld om bij te dragen aan de vitaliteit van de (kleine) kernen, (zorg)voorzieningen en de (preventieve) gezondheid, binnen de doelstellingen van de Leefbaarheidsagenda 2024-2027.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.4 Weigeringsgronden</nadruk></al><al>Onderdeel a</al><al>Onder activiteiten met een winstoogmerk vallen commerciële activiteiten. </al><al /><al>Onderdeel b</al><al>Het is niet de bedoeling om met deze subsidie in de plaats te treden van subsidieregelingen van andere overheden. Van de aanvrager wordt gevraagd te onderzoeken of subsidie kan worden gevraagd voor deze activiteit in de gemeente waar de activiteit wordt uitgevoerd, in de gemeente waar aanvragers zijn gevestigd en of er rijksregelingen zijn die subsidie hiervoor verstrekken. Indien subsidie is ontvangen van een andere instantie, dient aanvrager de beschikking hiervan bij de aanvraag te voegen zodat kan worden getoetst of sprake is van cofinanciering of in de plaats treden. Een andere instantie kan zijn een andere overheid, zoals een gemeente, of bijvoorbeeld een fonds, zoals het publicatiefonds van het Cultuurfonds. </al><al /><al>Onderdeel d</al><al>De weigeringsgrond ziet op de aard van activiteit, niet op de aard van de organisatie. De weigeringsgrond beoogt nadrukkelijk niet om religieuze of politieke organisaties of organisaties met religieuze of politieke achtergrond uit te sluiten van subsidie. Onder religieuze activiteiten worden onder andere handelingen en bijeenkomsten verstaan die primair gericht zijn op het bevorderen of uitdragen ervan. Onder politieke activiteiten worden handelingen verstaan die gericht zijn op het beïnvloeden van de politiek of politieke meningen zoals campagne voeren, demonstreren, lobbyen en delen van politieke content. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.5 Subsidievereisten</nadruk></al><al>Eerste lid, onderdeel e</al><al>Openbaar toegankelijk houdt in dat het project of de activiteit voor iedereen toegankelijk is Er mogen geen toegangsbeperkingen zijn zoals lidmaatschapsvereisten of specifieke toestemming, bijvoorbeeld in de vorm van een uitdrukkelijke uitnodigingen of het krijgen van toegang door de organisator. Er mag wel entree worden geheven, ter dekking van (een deel van) de kosten. Ook mag er een beperking worden gesteld aan openingstijden.</al><al /><al>Tweede lid, onderdeel a</al><al>Het gaat hierbij om (bewoners)initiatieven in de (kleine) kernen die een bijdrage leveren aan ‘Meedoen in Zeeland’ en tot versterking van het voorzieningenniveau en sociale samenhang leiden.</al><al /><al>Tweede lid, onderdeel b</al><al>Het gaat hierbij om projecten die er aan bijdragen dat er meer activiteiten tussen jong en oud georganiseerd gaan worden, zo kan muziek(onderwijs) de sociale samenhang tussen jong en oud in de kleine kernen en dorpen gestimuleerd kan worden.</al><al /><al>Tweede lid, onderdeel c</al><al>Aanvragen kunnen betrekking hebben op het ondersteunen van besturen van vrijwilligersorganisaties en/of mantelzorgers. Scholing, advies en ontmoeting kunnen onderdelen zijn van de aanvraag.</al><al /><al>Tweede lid, onderdelen e en f</al><al>Dit gaat om projecten die bijdragen aan het zelfredzamer maken van de Zeeuwen. Het doel is dat er minder Zeeuwen worden geconfronteerd met uitsluiting, bijvoorbeeld als gevolg van analfabetisme, laaggeletterdheid, beperkte digitale vaardigheden, schuldenproblematiek, laag inkomen, dementie, langdurige werkloosheid, armoede of psychische problemen. </al><al /><al>Derde lid, onderdelen a en b </al><al>Te denken valt aan activiteiten die bijdragen aan het stimuleren van een gezonde levensstijl, met name voor kwetsbare groepen.</al><al /><al>Derde lid, onderdeel c</al><al>Te denken valt aan projecten die zorgen voor behoud en versterking van zorgvoorzieningen in Zeeland en op deze wijze zorgen voor een betere toegankelijkheid.</al><al /><al>Derde lid, onderdeel e</al><al>Dit kan bijvoorbeeld een samenwerking zijn tussen gemeenten en een zorgpartij als de GGD of huisartsen, die samen een programma ontwikkelen op het gebied van een gezonde levensstijl.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 46.6 Subsidiabele kosten</nadruk></al><al>Eerste lid</al><al>In algemene zin bepaalt dit lid dat kosten in aanmerking komen voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot de subsidie. Dit betekent dat alleen die kosten die passen binnen het project waarvoor subsidie wordt verleend, maar dan ook nog alleen voor zover dat past binnen de subsidievereisten, voor subsidie in aanmerking komen. </al><al /><al>Onder het eerste lid vallen dus niet onkostenvergoedingen, vrijwilligersbijdragen en contributies en leges. </al><al /><al>Eerste lid onder d</al><al>Het is afhankelijk van de looptijd en aard en omvang van een project, of apparatuur voor de geheel levensduur kan worden meegenomen als subsidiabele kosten. Een van de vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen is dat het project duurzaam en toekomstgericht is. Dat kan in gevallen leiden tot een beperking van de kosten maar in veel gevallen kan dit ook leiden tot een subsidie voor de volledige levensduur.</al><al /><al>Tweede lid, onder c</al><al>Voorbeelden van gebouwen zijn woon- verblijfs-, horeca-, ontmoetings-, bedrijfs- en praktijkruimten. Bouwwerken zoals een openbuitenpodium of een vissteiger, vallen niet onder het begrip gebouwen. Investeringskosten is een ruim begrip. In het algemene spraakgebruik vallen hieronder alle kosten die nodig zijn om een investering te realiseren. Denk aan notariskosten, grondkosten, inrichtingskosten en kosten van omzetbelasting. Inrichtingskosten zijn dus niet subsidiabel behoudens de kosten van apparatuur en materiaal die onder het eerste lid, onderdeel c vallen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>III</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het wordt geplaatst.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van 10 februari 2026. </functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>H.M. de Jonge, voorzitter</functie><functie>Drs. M.C.J. Franken, secretaris</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></provinciaalblad></officiele-publicatie>