<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-10516/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>PROVINCIAAL BLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de provincie Zuid-Holland</subtitel></kop><provinciaalblad><kop><titel>Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 2-6-2026, PZH-2026-891322722, tot wijziging van de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde staten van Zuid-Holland;</al><al /><al>Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland;</al><al /><al>Overwegende dat het wenselijk is de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013 op enkele onderdelen te wijzigen, onder meer in verband met het laten aansluiten van de regeling op de Subsidieregeling instandhouding monumenten;</al><al /><al>Besluiten:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel /></kop><al>De Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013 wordt als volgt gewijzigd:</al><al /><al>A.</al><al>In artikel 4 wordt ‘de laatste dag van februari’ vervangen door ‘8 januari’.</al><al /><al>B.</al><al>Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In het eerste lid wordt ‘Subsidieregeling instandhouding monumenten (Staatscourant 20420)’ vervangen door ‘Sim’.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>In het tweede lid wordt ‘€ 72.500,00’ vervangen door ‘€ 95.000,00’.</al></li></lijst><al>C.</al><al>In artikel 15, derde lid, wordt ‘97%’ vervangen door ‘87%’.</al><al /><al>D.</al><al>Artikel 19 komt te luiden:</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 19 Verantwoording</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>De subsidieontvanger kan bij subsidies tot € 25.000,00 desgevraagd met behulp van een activiteitenverslag en beeldmateriaal aantonen dat de activiteiten zijn uitgevoerd.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>In aanvulling op artikel 4.2, eerste lid, van de Asv, wordt de aanvraag om subsidievaststelling voor subsidies vanaf €25.000,00 die zijn aangevraagd voor het onderhoud van molens, in ieder geval vergezeld van de subsidievaststellingsbeschikking voor dezelfde activiteit die is afgegeven op grond van de Sim door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</al></li></lijst><al>E.</al><al>Artikel 24 komt te luiden:</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 24 Weigeringsgronden</nadruk></al><al /><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt subsidie geweigerd indien: </al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de totale subsidiabele projectkosten minder dan € 25.000,00 bedragen;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de totale kosten van de aanvraag € 150.000,00 of meer betreffen;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het bij de aanvraag in te dienen inspectierapport:</al><lijst><li><li.nr>1°.</li.nr><al>geen beschrijving van de technische of fysieke staat van een molen, standerdmolen of onderdeel bevat;</al></li><li><li.nr>2°.</li.nr><al>niet is opgesteld door een ter zake deskundige persoon of instantie;</al></li><li><li.nr>3°.</li.nr><al>geen adviezen over de uit te voeren werkzaamheden in volgorde van urgentie en over de termijn van aanpak bevat; en</al></li><li><li.nr>4°.</li.nr><al>niet is opgesteld conform Uitvoeringsrichtlijn URL 2005 van de Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg.</al></li></lijst></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Onverminderd het eerste lid, wordt aan een eigenaar van meer dan een, maar minder dan vijf molens niet meer dan één subsidie verstrekt. Aan een eigenaar van meer dan vier, maar minder dan 16 molens wordt niet meer dan twee subsidies verstrekt. Aan een eigenaar van meer dan 15 molens wordt niet meer dan drie subsidies verstrekt.</al></li></lijst><al>F.</al><al>In artikel 25 wordt onderdeel e verletterd tot c.</al><al /><al>G.</al><al>Artikel 28 komt te luiden:</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 28 Rangschikking</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Indien de binnen de aanvraagperiode ingediende volledige subsidieaanvragen het vastgestelde subsidieplafond te boven gaan, maken gedeputeerde staten voor het bepalen van de volgorde van behandeling een afweging tussen de verschillende aanvragen op basis van de volgende criteria:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>begrote totale subsidiabele projectkosten;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>standerdmolen of soort molen;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>type eigenaar;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>type werkzaamheden.</al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Gedeputeerde staten kennen voor de rangschikking, bedoeld in het eerste lid, de volgende punten toe:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>criterium a:</al><lijst><li><li.nr>1°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 82.500,00 en kleiner of gelijk aan € 100.000,00: 18 punten;</al></li><li><li.nr>2°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 75.000,00 en kleiner dan € 82.500,00: 15 punten;</al></li><li><li.nr>3°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 62.500,00 en kleiner dan € 75.000,00: 12 punten;</al></li><li><li.nr>4°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 50.000,00 en kleiner dan € 62.500,00: 9 punten;</al></li><li><li.nr>5°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 37.500,00 en kleiner dan € 50.000,00: 6 punten;</al></li><li><li.nr>6°.</li.nr><al>indien de totale subsidiabele projectkosten gelijk zijn aan of groter dan € 25.000,00 en kleiner dan € 37.500,00: 3 punten;</al></li></lijst></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>criterium b:</al><lijst><li><li.nr>1°.</li.nr><al>een molen met een stelling gelijk of hoger aan 16 meter vanaf het maaiveld onder de stelling, een standerdmolen of een houtzaagmolen met zaagschuur: 15 punten;</al></li><li><li.nr>2°.</li.nr><al>een molen met een stelling lager dan 16 meter vanaf het maaiveld: 0 punten;</al></li></lijst></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>criterium c:</al><lijst><li><li.nr>1°.</li.nr><al>stichtingen: 10 punten;</al></li><li><li.nr>2°.</li.nr><al>particulieren en overige: 5 punten;</al></li><li><li.nr>3°.</li.nr><al>overheden: 0 punten.</al></li></lijst></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>criterium d:</al><lijst><li><li.nr>1°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op het water- en winddicht maken of houden: 26 punten;</al></li><li><li.nr>2°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op het gaande werk exterieur: 24 punten;</al></li><li><li.nr>3°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op de kap: 21 punten;</al></li><li><li.nr>4°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op de staart: 15 punten;</al></li><li><li.nr>5°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op stelling: 12 punten;</al></li><li><li.nr>6°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op romp, ondertoren of onderbouw: 9 punten;</al></li><li><li.nr>7°.</li.nr><al>werkzaamheden gericht op gaande werk interieur: 6 punten.</al></li></lijst></li></lijst></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Voor de rangschikking, bedoeld in het eerste lid, wordt ingeval van aanvragen die meerdere typen werkzaamheden als opgenomen in de bijlage bij deze subsidieregeling betreffen, uitgegaan van één werkzaamheid, te weten die met het hoogste aantal punten. </al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>Als twee of meer aanvragen een gelijk aantal punten hebben verkregen en hun plaats in de rangschikking zodanig is dat de som van de te verlenen maximale subsidiebedragen het subsidieplafond overstijgt, wordt met inachtneming van het subsidieplafond subsidie verleend voor de aanvraag van de molen of standerdmolen met het hoogste aantal punten behaald bij het criterium in het eerste lid, onderdeel d. Als hier ook een gelijk aantal punten behaald is, geschiedt de rangschikking door loting.</al></li><li><li.nr>5.</li.nr><al>Als na toepassing van het vierde lid het subsidieplafond niet is bereikt, is het vierde lid van overeenkomstige toepassing op de overblijvende aanvragen, zo nodig bij herhaling totdat het overblijvende budget geheel is verdeeld.</al></li></lijst><al>H.</al><al>Artikel 29, eerste lid, komt te luiden:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In aanvulling op de artikelen 3.1 tot en met 3.5 en 6.2 van de Asv wordt aan de subsidieontvanger de verplichting opgelegd de werkzaamheden uiterlijk 3 jaar na de bekendmaking van de beschikking tot subsidieverlening te hebben afgerond.</al></li></lijst><al>I.</al><al>In artikel 36 wordt ‘1 juli 2026’ vervangen door ‘1 juli 2031’.</al><al /><al>J.</al><al>De Bijlage behorende bij Artikel I, onderdeel K, wordt als volgt gewijzigd:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In de titel wordt ‘Artikel I, onderdeel K’ vervangen door ‘de artikelen 25, 26 en 28 van de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De regel ‘Bijlage, behorend bij artikel 24, 25 en 26, van de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013’ komt te vervallen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>II</nr><titel /></kop><al>De Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013, zoals deze luidde op de dag voorafgaande aan de dag van inwerkingtreden van dit besluit, blijft van toepassing op subsidies die voor de datum van inwerkingtreden van dit besluit zijn aangevraagd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>III</nr><titel /></kop><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Den Haag, 2-6-2026</functie></ondertekening><ondertekening><functie /></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>Gedeputeerde staten van Zuid-Holland</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>drs. C.E.M. Weber,plv. secretaris</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>mr. A.W. Kolff, voorzitter</functie></ondertekening><ondertekening><functie /></ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label /><nr /><titel>Toelichting behorende bij het besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 2-6-2026, PZH-2026-891322722, tot wijziging van de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013</titel></kop><al><nadruk type="vet">I. Algemeen</nadruk></al><al>Middels dit besluit wordt de Subsidieregeling molens Zuid-Holland 2013 op onderdelen geactualiseerd. Deels zijn de wijzigingen gericht op het aansluiten van deze regeling op de Subsidieregeling instandhouding monumenten. Verder bevat dit besluit enkele wijzigingen van technische aard. </al><al /><al><nadruk type="vet">II. Artikelsgewijs</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">Artikel I, onderdeel E</nadruk></al><al>Dit besluit voorziet in een wijziging van artikel 24 ‘Weigeringsgronden’. Een van de wijzigingen is erop gericht dat subsidieaanvragen die meer dan twee typen werkzaamheden als opgenomen in de bijlage bij de subsidieregeling betreffen, niet langer worden geweigerd. Verder zijn twee weigeringsgronden toegevoegd. </al><al /><al><nadruk type="cur">Artikel I, onderdeel G</nadruk></al><al>Aan artikel 28 ‘Rangschikking’ wordt een nieuw derde lid ingevoegd. Dit lid bepaalt dat voor de rangschikking van subsidieaanvragen, ingeval van aanvragen die meerdere typen werkzaamheden als opgenomen in de bijlage bij deze subsidieregeling betreffen, uitgegaan wordt van slechts één werkzaamheid, namelijk die met het hoogste aantal punten. De punten die voor de afzonderlijke werkzaamheden worden behaald, worden dus niet bij elkaar opgeteld.</al></nota-toelichting></regeling></provinciaalblad></officiele-publicatie>