﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/nds-tk-2026D44687/metadata.xml" />
  </metadata>
  <niet-dossier-stuk>
    <nds-nr>2026D44687</nds-nr>
    <nds-stuk>
      <titel>INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Binnen de vaste commissie voor Digitale Zaken hebben onderstaande fracties de behoefte vragen en opmerkingen voor te leggen aan de indiener over de initiatiefnota van het lid Dassen over kunstmatige intelligentie (Kamerstuk <dossierref dossier="36974">36 974</dossierref>).</al>
            <al-groep>
              <al>De voorzitter van de commissie,</al>
              <al>Dekker</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>Adjunct-griffier van de commissie,</al>
              <al>Terberg</al>
            </al-groep>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
      </algemeen>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <table tabstyle="xml1" frame="none" pgwide="1" rowsep="0" colsep="0">
              <tgroup tgroupstyle="xml1" cols="2" char="" charoff="50" align="left">
                <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="8*" />
                <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="104.5*" />
                <tbody valign="top">
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" rowsep="0" morerows="0" rotate="0">
                      <al>
                        <nadruk type="vet">I</nadruk>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>
                        <nadruk type="vet">Vragen en opmerkingen vanuit de fracties</nadruk>
                      </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de PRO-fractie;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie;</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de JA21-fractie</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al />
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row rowsep="0">
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                      <al>
                        <nadruk type="vet">II</nadruk>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                      <al>
                        <nadruk type="vet">Antwoord/reactie van de indiener</nadruk>
                      </al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </tekst>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">I</nr>
              <titel>Vragen en opmerkingen vanuit de fracties</titel>
            </kop>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de D66-fractie danken de indiener voor het opstellen van deze initiatiefnota. Deze leden delen de urgentie om kunstmatige intelligentie (AI<noot id="ID-1270736-d40e181" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>AI: Artificial Intelligence</noot.al></noot>) hoger op de politieke agenda te zetten. AI gaat onze samenleving en economie ingrijpend veranderen, en we kunnen die verandering samen de goede kant op sturen. Een Europa dat digitaal soeverein is en tegelijk volop de kansen van AI benut, is ook voor deze leden het doel. Deze leden hebben hierover enkele vragen.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie lezen in de initiatiefnota een scherpe analyse van de risico’s van AI. Deze leden zijn benieuwd hoe de indiener naar de kansen kijkt. Welke kansen van AI wil de indiener actief benutten, bijvoorbeeld om personeelstekorten in de zorg en het onderwijs op te vangen of de productiviteitsgroei aan te jagen? Welke voorstellen in de initiatiefnota dragen daar concreet aan bij? Hoe voorkomt de indiener dat nieuwe verplichtingen, zoals een verzekeringsplicht, strafrechtelijke aansprakelijkheid en toetsing vooraf, vooral Nederlandse en Europese start-ups raken, terwijl grote techbedrijven de nalevingskosten makkelijk kunnen dragen, zo vragen deze leden. De initiatiefnota maakt verder onderscheid tussen algemene AI en gespecialiseerde AI, zoals die van het Nederlandse Cradle. Hoe vertaalt de indiener dat onderscheid naar zijn voorstellen, zodat gespecialiseerde toepassingen ruimte houden om te groeien? Tot slot vragen deze leden welke concrete voorstellen voor de indiener de hoogste prioriteit hebben en waarom.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie delen de wens om minder afhankelijk te worden van niet-Europese techbedrijven. Wanneer is AI volgens de indiener «Europees»? Gaat het daarbij om de vestigingsplaats, de zeggenschap, de plaats van dataverwerking of ook om open modellen die in Europa zelf gedraaid worden? Valt een bedrijf als Mistral volgens de zienswijze van de indiener bijvoorbeeld onder die definitie, ondanks het gebruik van bepaalde Amerikaanse technologie? Hoe past dit voorstel binnen het Europese aanbestedingsrecht en de WTO-afspraken<noot id="ID-1270736-d40e196" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>WTO: World Trade Organization</noot.al></noot> over overheidsopdrachten? Is het juridisch uitvoerbaar, of moeten daarvoor specifieke wetten worden aangepast? De indiener stelt daarnaast dat Nederland zich moet kunnen verdedigen tegen AI-gedreven cyberaanvallen met modellen die minstens even krachtig zijn. Hoe ziet de indiener de overgangsperiode, zolang Europese alternatieven op dat niveau nog niet beschikbaar zijn, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie zijn het met de indiener eens dat Europese rekenkracht nodig is voor een sterke Europese AI-industrie. Hoe wil de indiener meer rekenkracht combineren met netcongestie, ruimtegebrek en de energienormen die de indiener zelf in de AI Act wil opnemen? Hoe sluiten de voorgestelde middelen aan op de bestaande plannen van het kabinet voor het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI) en op Europese instrumenten zoals InvestAI en de Europese Investeringbank (EIB)? Hoe voorkomt de indiener dat de voorgestelde stresstests en rapportageplichten institutionele beleggers juist terughoudender maken, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie zien goede regels en innovatie, net als de indiener, niet als een tegenstelling. Deze leden vinden het wel belangrijk dat regels uitvoerbaar zijn en dat Europese innovators de ruimte wordt gegeven. De indiener wil hoog-risicosystemen vooraf laten toetsen door een onafhankelijk Europees orgaan. Hoeveel capaciteit vraagt dat en hoe voorkomt de indiener lange wachttijden voor Europese innovators? Hoe werkt een verplichte AI-verzekering voor bedrijven «op Nederlandse bodem», als de grootste aanbieders vanuit het buitenland werken? Zorgt dit niet voor een ongelijke concurrentiepositie? Is er al een verzekeringsmarkt die deze risico’s kan dragen, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie delen de zorg over de concentratie van macht bij een klein aantal techbedrijven. Deze leden hebben vragen over de uitwerking van de voorgestelde maatregelen. Het zero-tolerancevoorstel treft ook bedrijven die producten gebruiken die met onrechtmatig verkregen data zijn getraind. Hoe voorkomt de indiener dat het Nederlandse mkb hierdoor hard geraakt wordt? Hoe verhoudt een gouden aandeel in gestimuleerde AI-bedrijven zich tot de Europese rechtspraak over gouden aandelen? Hoe wil de indiener een collectieve bestuurszetel afdwingen bij techbedrijven die buiten Nederland zijn gevestigd, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie vinden het belangrijk dat iedereen mee kan doen in een arbeidsmarkt die door AI verandert. Deze leden lezen dat de indiener een AI-belasting wil invoeren voor bedrijven die werknemers vervangen door AI. Hoe wil de indiener vaststellen of een werknemer is «vervangen door AI»? Hoe wil de indiener het omscholingsfonds inrichten? Daarnaast stelt de indiener voor dat De Nederlandsche Bank (DNB) de blootstelling van banken en pensioenfondsen aan AI-gerelateerde financiële risico’s beoordeelt en daarvoor stresstests ontwikkelt. Hoe sluit dit voorstel aan op wat de DNB en de Europese Centrale Bank (ECB) al doen, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie zien een belangrijke rol voor Nederland bij internationale afspraken over AI. Deze leden vragen hoe de voorgestelde coalitie van middelgrote landen voortbouwt op wat er al is, zoals de REAIM<noot id="ID-1270736-d40e221" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>REAIM: Responsible Artificial Intelligence in the Military Domain</noot.al></noot>-top die Nederland in 2023 in Den Haag organiseerde, het AI-verdrag van de Raad van Europa en de VN-gesprekken over AI. Ook hebben deze leden vragen over het voorgestelde verificatiemechanisme. ASML maakt lithografiemachines, geen AI-chips. Welke rol ziet de indiener voor ASML en voor chipontwerpers bij verificatie? Hoe voorkomt de indiener dat zo’n mechanisme een achterdeur wordt die kwaadwillenden kunnen misbruiken, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de D66-fractie delen de wens om de kennis over AI bij Kamer, kabinet en rechtspraak te versterken. Deze leden vragen wat de voorgestelde AI-raad specifiek toevoegt dat nog niet belegd is bij bestaande organen zoals het Rathenau Instituut, de Autoriteit Persoonsgegevens als algoritmetoezichthouder en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Welke taken en middelen ziet de indiener voor een uitgebreide Dienst Analyse en Onderzoek, zodat Kamerleden sneller onafhankelijke kennis over AI krijgen?</al>
            <al>De leden van de D66-fractie kijken uit naar de beantwoording. Deze leden danken de indiener (en zijn ondersteuning) voor de inzet op dit belangrijke onderwerp.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de VVD-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de initiatiefnota over kunstmatige intelligentie van het lid Dassen. Deze leden hebben hierover nog enkele vragen en opmerkingen. Kortheidshalve concentreren zij zich in deze inbreng voornamelijk op de beslispunten.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Regulering</tussenkop>
            <al>De leden van de VVD-fractie constateren dat er in de nota veel wordt geredeneerd vanuit angst voor kunstmatige intelligentie (AI). Daarbij worden grote woorden niet geschuwd. Zo zou het einde van het kapitalisme nabij zijn (p. 15). Dit leidt er volgens deze leden toe dat vrijwel alle beslispunten de economische en maatschappelijke kansen van AI ondermijnen. De beslispunten schrikken af om een AI-onderneming in Nederland te beginnen, uit te breiden of AI (meer) te integreren in bestaande bedrijven. Dat geldt bijvoorbeeld voor de voorstellen tot documentatie-eisen (beslispunt 2), verplichte zetels in raden van bestuur voor de overheid (beslispunt 4), meer regulering via de AI-Act (beslispunt 8), verplichte verzekeringen (beslispunt 9), strafrechtelijke aansprakelijkheid voor CEO’s (beslispunt 10), een AI-belasting (beslispunt 13) en meer rapportageverplichtingen voor beleggers in AI-bedrijven (beslispunt 14). De regeldruk neemt met deze plannen fors toe. Graag ontvangen deze leden een reflectie van de indiener op dit punt. Leiden deze voorstellen, wat de indiener betreft, ook tot het ondermijnen van de economische en maatschappelijke kansen van de technologie? Zo nee, waarom niet? Zo ja, is dit verstandig als de technologische ontwikkeling in andere werelddelen, voornamelijk de Verenigde Staten en China, naar alle waarschijnlijkheid gewoon doorgaat (en zij zich waarschijnlijk ook niet zullen aansluiten bij de voorgestelde AI-coalitie)?</al>
            <al>De leden van de VVD-fractie lezen dat de indiener voorstelt dat alleen nog maar Europese bedrijven overwogen zouden mogen worden voor aanbestedingen in kritieke digitale diensten. Verwacht kan worden dat ook andere landen dan vaker de voorkeur zullen geven aan bedrijven uit eigen land. Hoe verhoudt zich dit volgens de indiener tot de vrije markt waar Nederland als open economie zo bij gebaat is, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de VVD-fractie lezen dat de indiener voorstelt om meer normeringen op te nemen in de AI-act. De nota is kritisch op de omnibussen op dit vlak. Hoe verhoudt zich dit tot de aanbeveling in het Draghi-rapport<noot id="ID-1270736-d40e255" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al><extref doc="https://commission.europa.eu/topics/competitiveness/draghi-report_en" soort="URL" status="actief">https://commission.europa.eu/topics/competitiveness/draghi-report_en</extref></noot.al></noot> (bijvoorbeeld op p. 79) om juist de AI-act te vereenvoudigen, zo vragen deze leden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Grotere overheid</tussenkop>
            <al>De voorstellen leiden, wat de leden van de VVD-fractie betreft, daarnaast tot een grotere overheid. Dat vinden zij onwenselijk. Dat geldt bijvoorbeeld voor de oproep om een extra onafhankelijk bureau op te zetten en het voorstel tot uitbreiding van de ondersteuning van de Tweede Kamer (beslispunt 5).</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Financiële gevolgen</tussenkop>
            <al>De leden van de VVD-fractie hebben onvoldoende inzicht in de financiële consequenties van de voorstellen die worden gedaan. Aan welke orde van grootte denkt de indiener bijvoorbeeld bij het voorstel voor een onderzoeksfonds voor klimaatprojecten? Waarom meent de indiener dat er publieke financiering nodig is voor een AI-gigafabriek? Het rapport-Wennink<noot id="ID-1270736-d40e277" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al><extref doc="https://www.rapportwennink.nl/" soort="URL" status="actief">https://www.rapportwennink.nl/</extref></noot.al></noot> stelt dat dit volledig privaat gefinancierd kan worden. Daarnaast wordt er verwezen naar «fiscale voorstellen uit voorstel 14» (p. 34), maar waar doelt de indiener hierop, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De leden van de VVD-fractie vinden de financiële dekking voor de voorstellen daarnaast summier, terwijl deze volgens hen niet verwaarloosbaar zijn. In een bijzin worden eurobonds als dekking genoemd. Deze leden vinden eurobonds een onverstandig en onrechtvaardig instrument.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de PRO-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de PRO-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de initiatiefnota over kunstmatige intelligentie. Zij spreken hun waardering uit voor het uitgebreide werk van de indiener en zijn team. Over de aanbevelingen hebben zij vragen en opmerkingen.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Inleiding</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de PRO-fractie delen de analyse van de indiener dat kunstmatige intelligentie te lang geen serieus onderwerp van gesprek is geweest in Den Haag. Door niet op tijd te handelen, is kostbare tijd verloren gegaan. Deze leden zijn benieuwd welke ideeën de indiener heeft om het parlement beter in staat te stellen om technologische ontwikkelingen te kunnen bijhouden en behandelen. Heeft de indiener, naast aanbevelingen aan het kabinet, ook voorstellen voor de werkwijze van de Kamer? Hoe hoopt de indiener de politieke discussie over kunstmatige intelligentie (AI) beter te kunnen voeren, zo vragen deze leden.</al>
              <al>De aanbevelingen in de initiatiefnota kunnen in algemene zin rekenen op steun van de leden van de PRO-fractie. Deze leden hebben hierover nog wel een paar vragen.</al>
            </al-groep>
            <al>Ten eerste lezen de leden van de PRO-fractie de aanbeveling voor een AI-belasting voor bedrijven. De leden van deze fractie zijn ernaar benieuwd hoe dit er volgens de indiener uit moet zien. Hoe hoog moet zo’n AI-belasting zijn om bedrijven daadwerkelijk te ontmoedigen om werknemers te ontslaan, als deze bedrijven tegelijkertijd kosten besparen door kunstmatige intelligentie te gebruiken? Moeten deze leden een soort Kolenfonds voor zich zien, waarmee werknemers die hun baan (dreigen te) verliezen aan ander werk kunnen worden geholpen? Heeft de indiener ook voorstellen om de betrokkenheid van werknemers over AI-gebruik op hun werkplek beter te organiseren, bijvoorbeeld via vakbonden of ondernemingsraden, zo vragen deze leden.</al>
            <al>Ten tweede lezen de leden van de PRO-fractie aanbevelingen voor internationale en Europese samenwerking. Deze leden steunen dit. Tegelijk wijzen zij erop dat big tech inmiddels zo’n 150 miljoen euro per jaar besteedt aan Europese lobby. Hoe denkt de indiener de invloed van de techlobby in deze internationale afspraken te beperken? Zou Nederland als invloedrijke EU-lidstaat met nationale maatregelen moeten komen te vooruitlopen op Europese en internationale afspraken? Deelt de indiener de visie van deze leden dat Nederland een dergelijke positie moet innemen om invloed uit te oefenen, zo vragen deze leden.</al>
            <al>Ten derde lezen de leden van de PRO-fractie de aanbevelingen voor een AI-raad. Deze leden wijzen op de aangenomen motie-Kathmann/Six Dijkstra<noot id="ID-1270736-d40e314" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>Kamerstuk <extref doc="kst-26643-1403" soort="document" status="actief">26 643-1403</extref></noot.al></noot> die reeds wordt uitgevoerd. Kan de indiener zijn visie delen op de rol en verantwoordelijkheden die bij zo’n AI-raad of een AI-veiligheidsinstituut belegd moeten worden, zo vragen deze leden.</al>
            <al>Tot slot lezen de leden van de PRO-fractie de aanbeveling om als overheid als «launching customer» op te treden. Deze leden steunen het voornemen om de Rijksoverheid als marktmeester te positioneren door strategisch inkoopbeleid te voeren. Tegelijkertijd is AI-adoptie binnen de overheid geen doel op zich, als het überhaupt al wenselijk is. Kan de overheid volgens de indiener zowel «launching customer» zijn, als terughoudend zijn in het gebruik en afnemen van AI-diensten, zo vragen deze leden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Analyse</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de PRO-fractie bedanken de indiener voor zijn uitgebreide analyse over de maatschappelijke gevolgen van AI. Om de urgentie te onderstrepen, haalt de indiener de waarschuwingen van verschillende AI-baronnen aan. Deze leden zien in hun oproep echter ook een commercieel belang: door hun technologie als levensgevaarlijk af te schilderen, winnen zij aan aanzien. Door regulering voor te stellen, zetten zij kleine AI-bedrijven buitenspel omdat alleen de grootste bedrijven de juridische afdelingen hebben om aan nieuwe wetgeving te voldoen. Daarnaast voeren de big tech-bedrijven volop lobby om de regels naar hun hand te zetten. Kan de indiener toelichten hoe serieus hij de waarschuwingen van de AI-baronnen neemt? Ziet hij ook het commerciële belang dat hierachter schuilgaat en doet dat af aan de betrouwbaarheid van hun oproep, zo vragen deze leden.</al>
              <al>Tot slot zijn de leden van de PRO-fractie benieuwd naar de gesprekken die de indiener heeft gevoerd om tot deze initiatiefnota te komen. Kan hij toelichten welke organisaties en experts hij heeft geraadpleegd bij het schrijven van de nota, zo vragen deze leden.</al>
            </al-groep>
            <al>De leden van de PRO-fractie bedanken de indiener en zijn team voor hun beantwoording.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van de initiatiefnota van het lid Dassen over kunstmatige intelligentie (Kamerstuk <dossierref dossier="36974">36 974</dossierref>). Naar aanleiding hiervan hebben deze leden nog een aantal vragen.</al>
            <al>De leden van de PVV-fractie constateren allereerst dat de indiener de volgende definitie voor Artificial Intelligence (AI) hanteert: «Systemen die intelligent gedrag vertonen door hun omgeving te analyseren en actie ondernemen om, met een bepaald niveau van autonomie, specifieke doelen te behalen.» Is de indiener het met deze leden eens dat deze definitie nogal mystiek van aard is en een vertekend beeld geeft van de werkelijkheid van precognitieve statistische vergelijkingsmodellen? Waarom is niet gekozen voor de door de overheid gebruikte definitie, zoals gedefinieerd in de Gids AI-verordening<noot id="ID-1270736-d40e345" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al><extref doc="https://open.overheid.nl/documenten/8d7b5ccb-41fc-4d92-a4c2-a7fa81e66bfb/file" soort="URL" status="actief">https://open.overheid.nl/documenten/8d7b5ccb-41fc-4d92-a4c2-a7fa81e66bfb/file</extref></noot.al></noot>? Graag verzoeken deze leden een onderbouwing van de beantwoording.</al>
            <al>Daarnaast merken de leden van de PVV-fractie op dat de indiener in deze initiatiefnota AI opsplitst in een tweetal stromingen: 1) algemene AI-systemen en; 2) op maat gemaakte AI-systemen. De indiener schuift generatieve AI vervolgens onder de noemer «algemene AI», terwijl hij daarbij tegelijkertijd waarschuwt voor «autonome systemen» die zichzelf niet laten uitschakelen. Is de indiener het met deze leden eens dat een splitsing over twee varianten verwarrend werkt? Waarom heeft indiener niet gekozen om onderscheid te maken tussen drie varianten, zoals bijvoorbeeld: (1) «Reguliere AI» (analytisch en voorspellend, geen nieuwe data en nauwelijks risico op controleverlies), (2) «Generatieve AI» (creëert nieuwe content) en (3) «Autonome AI agents» (kunnen zelfstandig doelen stellen, acties uitvoeren in systemen en vertonen «recursive self-improvement». Hier bestaat het risico op controleverlies)?</al>
            <al>Tot slot merken de leden van de PVV-fractie op dat de indiener voorstelt om het parlement en de rechterlijke macht toegang tot digitale expertise te geven. Tevens stelt de indiener voor een AI-raad op te richten die expertise brengt naar het parlement. De moties <extref doc="kst-26643-996" soort="document" status="actief">26 643-996</extref> (Van Weerdenburg/Van Haga<noot id="ID-1270736-d40e361" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al>Motie van de leden Van Weerdenburg en Van Haga over het overnemen van de aanbeveling van de WRR om een coördinatiecentrum AI op te richten.</noot.al></noot>, verworpen) en <extref doc="kst-26643-1403" soort="document" status="actief">26 643-1403</extref> (Kathmann/Six-Dijkstra<noot id="ID-1270736-d40e369" type="voet"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al>Motie van de leden Kathmann en Six Dijkstra over een AI-raad van onafhankelijke experts oprichten.</noot.al></noot>, aangenomen) riepen al eerder tot een AI-raad op. Daarnaast beschikt de Kamer ook over een gereedschapskist aan middelen, die ook vaker ingezet zijn, om digitale expertise in te winnen. Zo zijn er mogelijkheden om technische briefings en rondetafelgesprekken te organiseren, maar ook thematische bijeenkomsten. Rechters beschikken verder over de mogelijkheid om experts te horen. Deze leden vernemen graag van de indiener hoe hij tot de conclusie is gekomen dat het parlement en de rechters niet zouden kunnen beschikken over digitale expertise.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie willen allereerst het lid Dassen danken voor deze interessante en inhoudelijke initiatiefnota. Deze leden weten uit eigen ervaring dat het opstellen van een initiatiefnota veel tijd, denkkracht en doorzettingsvermogen vergt. Juist daarom waarderen zij het wanneer Kamerleden het initiatief nemen om een maatschappelijk en politiek relevant onderwerp op deze wijze te agenderen en het debat erover te verdiepen. Dat draagt bij aan een zorgvuldige gedachtewisseling en versterkt de kwaliteit van de parlementaire besluitvorming.</al>
            <al>De leden van de CDA-fractie delen met de indiener het belang van een breed en fundamenteel gesprek over de kansen, risico’s en maatschappelijke gevolgen van kunstmatige intelligentie (AI). AI is niet slechts een technologische innovatie, maar een ontwikkeling die raakt aan de manier waarop wij werken, leren, ondernemen, zorg verlenen en onze democratische rechtsstaat vormgeven. Dat vraagt om een zorgvuldige politieke afweging, waarin ruimte is voor innovatie, maar ook oog blijft voor menselijke waardigheid, publieke waarden en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Tegen die achtergrond danken de leden van deze fractie de indiener voor de heldere analyse en de zorgvuldige samenvatting van de uiteenlopende discussies die momenteel op dit terrein worden gevoerd. Deze initiatiefnota vormt daarmee een waardevolle basis voor het verdere debat.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Moties in de Kamer over AI</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie waarderen het overzicht van de ingediende AI-moties. Wel zal het de indiener niet verbazen dat deze leden de hoeveelheid ingediende moties op zichzelf geen goede graadmeter vinden voor de kwaliteit van parlementair werk. Meer moties betekenen immers niet automatisch beter beleid, en soms betekent dit juist het tegendeel. Deelt de indiener de opvatting dat de Kamer gebaat is bij minder, maar inhoudelijk sterkere moties, zo vragen de leden van deze fractie. Tegelijkertijd zijn de leden het met de indiener eens dat het parlement vaker het fundamentele gesprek zou moeten voeren over de brede maatschappelijke impact van AI. Juist daarom danken deze leden de indiener voor deze initiatiefnota. In de volgende alinea’s zal worden ingegaan op de verschillende beslispunten van de initiatiefnota.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Wereldwijde AI-coalitie en verificatie</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de CDA-fractie zijn het met de indiener eens dat internationale samenwerking cruciaal is om de risico’s van AI het hoofd te bieden. Samenwerking met gelijkgestemde landen vormt daarbij een logische eerste stap en de leden van deze fractie zien, in het bijzonder binnen de Europese Unie, kansen om hierin een voortrekkersrol te vervullen.</al>
              <al>Ook kunnen de leden de gedachte achter een internationaal verdrag, waarin fundamentele uitgangspunten voor de ontwikkeling en toepassing van AI worden vastgelegd, goed volgen. Tegelijkertijd geldt, net als bij het non-proliferatieverdrag voor kernwapens, dat de effectiviteit uiteindelijk staat of valt met de mogelijkheid tot handhaving en verificatie.</al>
              <al>De leden van deze fractie vinden het voorstel om samen met ASML te onderzoeken of een verificatiemechanisme kan worden ontwikkeld daarom vernieuwend en interessant. Tegelijkertijd vragen deze leden of deze benadering niet te afhankelijk is van de unieke marktpositie en medewerking van één onderneming. Hoe voorkomt de indiener dat een dergelijk systeem juist een extra prikkel vormt voor andere landen om alternatieven voor de technologie van ASML te ontwikkelen? En hoe toekomstbestendig is dit voorstel wanneer ASML niet aan een dergelijk systeem wil meewerken of haar unieke marktpositie in de toekomst verliest? Welke alternatieve routes ziet de indiener om internationale verificatie en handhaving vorm te geven, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Zero tolerance voor gebruik Europese data</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven het belang van een goede bescherming van de Europese interne markt en deze leden zijn het met de indiener eens dat Europese regels ook daadwerkelijk moeten worden nageleefd. Wie structureel in strijd handelt met Europese wet- en regelgeving, moet daarop kunnen worden aangesproken.</al>
              <al>De leden vragen echter of het voorgestelde gebruik van het Anti-Coercion Instrument<noot id="ID-1270736-d40e409" type="voet"><noot.nr>10</noot.nr><noot.al><extref doc="https://policy.trade.ec.europa.eu/enforcement-and-protection/protecting-against-coercion_en" soort="URL" status="actief">https://policy.trade.ec.europa.eu/enforcement-and-protection/protecting-against-coercion_en</extref></noot.al></noot> het meest geëigende instrument is om dit doel te bereiken. Het Anti-Coercion Instrument is immers ontwikkeld als een uitzonderlijk geopolitiek handelsinstrument. Kan de indiener aan deze leden nader motiveren waarom bestaande sectorspecifieke instrumenten en handhavingsmogelijkheden, zoals die voortvloeien uit de AI Act<noot id="ID-1270736-d40e419" type="voet"><noot.nr>11</noot.nr><noot.al><extref doc="https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A32024R1689" soort="URL" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A32024R1689</extref></noot.al></noot>, de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)<noot id="ID-1270736-d40e429" type="voet"><noot.nr>12</noot.nr><noot.al><extref doc="https://eur-lex.europa.eu/NL/legal-content/summary/general-data-protection-regulation-gdpr.html" soort="URL" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/NL/legal-content/summary/general-data-protection-regulation-gdpr.html</extref></noot.al></noot>, de Digital Services Act (DSA)<noot id="ID-1270736-d40e439" type="voet"><noot.nr>13</noot.nr><noot.al><extref doc="https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj/eng" soort="URL" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj/eng</extref></noot.al></noot> en de Digital Markets Act<noot id="ID-1270736-d40e449" type="voet"><noot.nr>14</noot.nr><noot.al><extref doc="https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2022/1925/oj/eng" soort="URL" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2022/1925/oj/eng</extref></noot.al></noot>, volgens hem onvoldoende zijn? Onder welke omstandigheden zou het volgens de indiener gerechtvaardigd zijn om het Anti-Coercion Instrument in te zetten, zo vragen de leden van deze fractie</al>
            </al-groep>
            <al>Daarnaast vragen de leden van de CDA-fractie de indiener om de gevolgen van een dergelijk instrument nader in kaart te brengen. Welke consequenties heeft een zero tolerance-beleid voor de rechtszekerheid van ondernemingen die actief zijn op de Europese markt? En hoe voorkomt de indiener dat een dergelijke maatregel ten koste gaat van de leveringszekerheid van digitale diensten waarvan Europese bedrijven, maatschappelijke instellingen en burgers op dit moment afhankelijk zijn, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Collectieve inspraak en medezeggenschap afdwingen bij big tech</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie begrijpen de wens van de indiener om publieke waarden beter te borgen binnen ondernemingen die een sleutelrol vervullen in de AI-waardeketen. De leden van deze fractie vragen echter of een verplichte publieke vertegenwoordiging in de raad van bestuur daarvoor het meest geëigende instrument is. Kan de indiener toelichten hoe wordt voorkomen dat een dergelijke verplichting juist Europese ondernemingen op een concurrentienadeel zet ten opzichte van bedrijven buiten de Europese Unie? Acht de indiener het risico aanwezig dat een dergelijke maatregel investeringen en vestigingsbeslissingen van o.a. Europese AI-startups negatief beïnvloedt, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De leden van de CDA-fractie vragen daarnaast of de indiener daarbij kan toelichten op welke ondernemingen deze verplichting van toepassing zou moeten zijn. Ziet de indiener mogelijkheden om hierbij onderscheid te maken naar bijvoorbeeld omvang, marktmacht of de mate waarin een onderneming een systeemrelevante positie inneemt binnen de digitale infrastructuur, zodat kleinere Europese ondernemingen en startups niet met dezelfde verplichtingen worden geconfronteerd als de grootste technologiebedrijven, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Voorts vragen de leden van de CDA-fractie hoe wordt voorkomen dat ondernemingen te afhankelijk worden van overheidsparticipatie en de beschikbaarheid van overheidskapitaal voor gouden aandelen. Is de indiener van mening dat de overheid structureel een rol zou moeten hebben in de strategische besluitvorming van private ondernemingen? Hoe verhoudt dit zich tot het uitgangspunt dat ondernemerschap, innovatie en investeringsbeslissingen juist vaak het beste tot stand komen in een vrije en concurrerende markt, waarbij de overheid kaders stelt en toezicht houdt, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Geef parlement en de rechterlijke macht toegang tot digitale expertise</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven het belang van meer digitale expertise binnen het parlement en de rechterlijke macht. De leden van deze fractie vragen echter of de oplossing primair ligt in nieuwe adviesstructuren of extra capaciteit bij Dienst Analyse en Onderzoek. Zou niet eerst moeten worden bezien hoe bestaande kennis en expertise beter kunnen worden benut, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Europese soevereiniteit opnemen in AI-aanbestedingskaders</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven het belang van de overheid als «launching customer». Met de inkoopkracht van de overheid kunnen innovaties worden gestimuleerd en kan de ontwikkeling van Europese AI-oplossingen worden versneld. Daarbij achten de leden van deze fractie het wel van belang dat de continuïteit en kwaliteit van de publieke dienstverlening gewaarborgd blijven.</al>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven bovendien het belang van strategische autonomie en dataveiligheid bij publieke aanbestedingen. Deze leden vragen echter of een categorisch verbod op aanbieders van buiten de Europese Unie daarvoor het juiste instrument is. Zou het niet verstandiger zijn om strategische autonomie, dataveiligheid en weerbaarheid zwaarder te laten meewegen binnen aanbestedingskaders, zonder de concurrentie onnodig te beperken, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>In het verlengde daarvan vragen de leden van de CDA-fractie hoe een voorkeur voor Europese AI-oplossingen juridisch en praktisch binnen aanbestedingskaders kan worden vormgegeven. Kan de indiener aan deze leden toelichten hoe een voorkeur voor Europese AI-oplossingen volgens hem juridisch en praktisch binnen aanbestedingskaders kan worden vormgegeven? Onder welke omstandigheden acht de indiener het gerechtvaardigd om uitsluitend voor Europese aanbieders te kiezen? Hoe kan daarbij worden gewaarborgd dat de kwaliteit en continuïteit van de publieke dienstverlening niet in het gedrang komen wanneer nog geen volwaardig Europees alternatief beschikbaar is, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Een hervormde Artificial Intelligence Act gericht op maatschappelijk belang</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de CDA-fractie constateren dat de AI Act zich nog midden in de implementatiefase bevindt en dat de huidige AI Act na jarenlange onderhandeling tot stand is gekomen. Deze wet wijzigen zou een nieuw Europees wetgevingstraject vergen. Hoe ziet de indiener het vervolgtraject voor zich en op welke termijn acht hij de voorgestelde aanpassingen realistisch, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
              <al>De leden van de CDA-fractie lezen dat de indiener voorstelt onderscheid te maken tussen Europese en niet-Europese ondernemingen. Kan de indiener aan deze leden toelichten hoe dit voorstel zich verhoudt tot de uitgangspunten van de Europese interne markt en het non-discriminatiebeginsel? Acht de indiener een dergelijk onderscheid juridisch houdbaar binnen het huidige Europese rechtskader, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Strafrechtelijke aansprakelijkheid als fundament voor regulering</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie begrijpen de wens van de indiener om ernstige overtredingen op het gebied van kunstmatige intelligentie effectief te sanctioneren. Deze leden vragen echter hoe het voorgestelde systeem van strafrechtelijke aansprakelijkheid in de praktijk zou moeten functioneren. Hoe wordt vastgesteld wanneer sprake is van een strafbaar feit en wie acht de indiener daarvoor strafrechtelijk verantwoordelijk? Richt het voorstel zich op bestuurders, ontwikkelaars, ondernemingen of een combinatie daarvan, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Daarnaast vragen de leden van de CDA-fractie hoe de indiener de internationale handhaafbaarheid voor zich ziet. Veel toonaangevende AI-ontwikkelaars zijn buiten de Europese Unie gevestigd. Kan de indiener aan deze leden toelichten hoe wordt voorkomen dat het voorstel in de praktijk vooral symbolische wetgeving wordt, wanneer de betrokken ondernemingen en bestuurders zich buiten de Europese Unie bevinden?</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Europese AI-top</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven het belang van internationale en Europese samenwerking op het gebied van kunstmatige intelligentie. Deze leden constateren echter dat AI reeds op verschillende internationale en Europese fora wordt besproken. Kan de indiener aan deze leden toelichten welke concrete meerwaarde een afzonderlijke Europese AI-top heeft ten opzichte van deze bestaande overleggen?</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">AI-belasting</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van het voorstel voor een AI-belasting. Deze leden vragen echter hoe dit voorstel zich verhoudt tot de brede opgave om de arbeidsproductiviteit in Europa te verhogen. Juist recente rapporten, zoals die van Draghi<noot id="ID-1270736-d40e517" type="voet"><noot.nr>15</noot.nr><noot.al><extref doc="https://commission.europa.eu/topics/competitiveness/draghi-report_en" soort="URL" status="actief">https://commission.europa.eu/topics/competitiveness/draghi-report_en</extref></noot.al></noot> en de commissie-Wennink<noot id="ID-1270736-d40e527" type="voet"><noot.nr>16</noot.nr><noot.al><extref doc="https://www.rapportwennink.nl/" soort="URL" status="actief">https://www.rapportwennink.nl/</extref></noot.al></noot>, benadrukken het belang van investeringen in digitalisering en kunstmatige intelligentie om de productiviteitsgroei te versterken. Ook de indiener onderkent dat AI grote economische kansen biedt. Kan de indiener aan deze leden toelichten hoe een belasting op AI-investeringen zich daarmee verhoudt? Bestaat niet het risico dat juist investeringen in productiviteitsverhoging worden afgeremd, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Daarnaast vragen de leden van de CDA-fractie hoe een dergelijke belasting in de praktijk vorm zou moeten krijgen. Wat wordt precies de belastinggrondslag? Wanneer is sprake van een AI-investering die belast moet worden en hoe wordt voorkomen dat ondernemingen activiteiten of investeringen eenvoudig naar andere jurisdicties verplaatsen, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Divergentie van AI-investeringen</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven het belang van aandacht voor mogelijke concentratie- en systeemrisico’s die kunnen ontstaan door de snelle ontwikkeling van AI. Deze leden constateren echter dat het toezicht op risico’s voor de financiële stabiliteit reeds behoort tot de kerntaken van toezichthouders als De Nederlandsche Bank en Autoriteit Financiële Markten. Genoemde toezichthouders geven bovendien aan dat AI-risico’s binnen het bestaande toezicht- en risicobeheerkader worden meegenomen en dat dit toezicht waar nodig wordt geïntensiveerd<noot id="ID-1270736-d40e545" type="voet"><noot.nr>17</noot.nr><noot.al><extref doc="https://www.dnb.nl/nieuws-voor-de-sector/toezicht-2024/afm-en-dnb-publiceren-rapport-over-de-impact-van-ai-in-de-financiele-sector-en-het-toezicht-daarop/" soort="URL" status="actief">https://www.dnb.nl/nieuws-voor-de-sector/toezicht-2024/afm-en-dnb-publiceren-rapport-over-de-impact-van-ai-in-de-financiele-sector-en-het-toezicht-daarop/</extref></noot.al></noot>. Kan de indiener aan deze leden toelichten welke lacune hij ziet die aanvullende rapportageverplichtingen noodzakelijk maakt? Waarom kiest de indiener niet voor versterking van het bestaande toezicht in plaats van nieuwe administratieve lasten voor financiële instellingen, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Bouw mee aan Europese AI-rekenkracht</tussenkop>
            <al>De leden van de CDA-fractie onderschrijven de noodzaak van Europese AI-soevereiniteit. Deze leden vragen af of deze ambitie het best wordt gerealiseerd door iedere lidstaat afzonderlijk AI-gigafabrieken te laten ontwikkelen, of juist door binnen Europa te kiezen voor specialisatie en samenwerking, waarbij lidstaten investeren op die onderdelen waar zij de grootste toegevoegde waarde hebben. Deze leden zijn van mening dat de inzet van de overheid zich in de eerste plaats zou moeten richten op het verbeteren van de randvoorwaarden voor Europese private aanbieders, bijvoorbeeld op het gebied van financiering, energie-infrastructuur, vergunningverlening en toegang tot hoogwaardige onderzoeksfaciliteiten. Kan de indiener aan deze leden toelichten waarom hij kiest voor een model waarin de overheid zelf een grotere rol neemt bij de ontwikkeling van AI-gigafabrieken?</al>
            <al>Daarnaast vragen de leden van de CDA-fractie hoe de indiener de Europese samenwerking bij AI-gigafabrieken voor zich ziet. Zou het, mede gelet op de grote investeringsopgave en de verschillen tussen lidstaten in beschikbare energie, ruimte en industriële capaciteit, niet logischer zijn om dergelijke infrastructuur gezamenlijk met andere Europese landen te ontwikkelen? Welke rol ziet de indiener daarbij voor grensoverschrijdende samenwerking met landen als Duitsland en België, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de JA21-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de JA21-fractie hebben kennisgenomen van de initiatiefnota over kunstmatige intelligentie (AI). Deze leden onderschrijven dat de snelle ontwikkeling van AI grote gevolgen kan hebben voor de economie, de arbeidsmarkt, de overheid en de samenleving. AI biedt echter niet alleen risico’s, maar juist ook grote kansen voor economische groei, innovatie, productiviteit en strategische autonomie. De leden hebben daarom de volgende vragen.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie vinden het belangrijk dat bij de discussie over AI niet alleen wordt gekeken naar mogelijke verdringing van arbeid, maar ook naar de economische kansen die technologische ontwikkeling met zich meebrengt. AI kan werknemers ondersteunen, de arbeidsproductiviteit verhogen, nieuwe bedrijvigheid creëren en Nederlandse ondernemingen internationaal concurrerender maken. Tegen deze achtergrond hebben de leden vragen bij het voorstel om een AI-belasting in te voeren voor bedrijven die werknemers vervangen door AI. Technologische vooruitgang heeft altijd geleid tot veranderingen op de arbeidsmarkt. Dat bepaalde taken door technologie worden overgenomen, betekent niet automatisch dat er minder werk ontstaat. Het kan er ook toe leiden dat werknemers productiever worden en dat nieuwe economische activiteiten ontstaan. Een belasting op het gebruik van AI kan daarom een tegengesteld effect hebben. Wanneer Nederlandse bedrijven extra worden belast omdat zij investeren in productiviteitsverhogende technologie, kan dit hun concurrentiepositie verslechteren. Bovendien bestaat het risico dat bedrijven hun investeringen of AI-activiteiten verplaatsen naar landen waar dergelijke belastingen niet bestaan.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie vragen de indiener waarom specifiek AI fiscaal zou moeten worden ontmoedigd. Waarom wordt technologische innovatie hier anders behandeld dan eerdere vormen van automatisering en digitalisering? Hoe wordt bepaald wanneer een werknemer daadwerkelijk door AI wordt «vervangen»? Is daar sprake van wanneer één werknemer dankzij AI hetzelfde werk kan doen als voorheen twee werknemers? Heeft de indiener onderzocht welke effecten een AI-belasting heeft op arbeidsproductiviteit, investeringen, innovatie en het vestigingsklimaat? Is daarbij ook gekeken naar de mogelijkheid dat bedrijven AI-activiteiten naar het buitenland verplaatsen, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie hebben ook vragen bij het voorstel van de indiener om de overheid als «launching customer» te laten optreden voor «ethische» Europese AI. De overheid kan via haar inkoopbeleid innovatie stimuleren, maar het is van belang dat daarbij objectieve criteria worden gehanteerd. Wat verstaat de indiener precies onder «ethische AI»? Wie bepaalt of een AI-systeem aan deze kwalificatie voldoet? Hoe wordt voorkomen dat politieke voorkeuren een rol spelen bij de keuze welke technologieën of bedrijven overheidssteun krijgen, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie begrijpen de zorg over strategische afhankelijkheid van buitenlandse technologiebedrijven. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat digitale soevereiniteit wordt vertaald naar enkel overgaan op Europese technologie. De indiener stelt onder meer voor om bij overheidsaanbestedingen uitsluitend Europese AI-alternatieven te gebruiken. De leden vragen zich af of dit in de praktijk uitvoerbaar is. Europa loopt op verschillende terreinen van AI momenteel achter op Amerika. Wanneer Europese alternatieven nog niet beschikbaar of concurrerend zijn, kan een verplichting om uitsluitend Europese technologie te gebruiken betekenen dat Nederlandse overheden genoegen moeten nemen met duurdere of minder geavanceerde systemen.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie vragen daarom hoeveel Europese alternatieven voor deze diensten momenteel beschikbaar zijn? Hoe verhouden deze zich tot internationale alternatieven op het gebied van vooral kwaliteit, veiligheid en schaalbaarheid? Wat moet een Nederlandse overheidsorganisatie verder doen wanneer er voor een kritieke toepassing geen Europees alternatief beschikbaar is? Mag zo’n organisatie dan alsnog gebruikmaken van Amerikaanse of andere buitenlandse technologie, zo vragen deze leden.</al>
            <al-groep>
              <al>De leden van de JA21-fractie vragen daarnaast of de indiener het ermee eens is dat strategische autonomie niet hetzelfde is als het volledig uitsluiten van buitenlandse technologie. Zou het niet verstandiger zijn om afhankelijkheden alleen daar te verminderen waar daadwerkelijk sprake is van een veiligheids- of strategisch risico, zo vragen deze leden.</al>
              <al>Ook op het gebied van AI-rekenkracht kiest de initiatiefnota nadrukkelijk voor Europese oplossingen. De indiener wil investeren in het Europese gigafabriek-initiatief om de Europese rekenkracht te vergroten. De leden van deze fractie begrijpen het belang van voldoende rekenkracht, maar zij zien hierbij een opmerkelijke spanning met de zorgen die de initiatiefnota zelf uit over het energie- en watergebruik van datacenters. Enerzijds wordt gesteld dat Europa meer eigen AI-rekenkracht nodig heeft, anderzijds wordt gewaarschuwd voor de klimaatgevolgen van datacenters. Deze leden vragen hoe deze twee doelstellingen met elkaar kunnen worden verenigd. Hoe kan volgens de indiener het investeren in innovatie, waaronder AI, plaatsvinden als datacenters volgens hem een negatief effect hebben op het klimaat, zo vragen deze leden.</al>
            </al-groep>
            <al>De initiatiefnota pleit daarnaast voor verdere Europese regelgeving en nieuwe Europese of internationale overlegstructuren. De leden van de JA21-fractie vragen waarom deze onderwerpen noodzakelijkerwijs op Europees niveau moeten worden geregeld. Kan de indiener per voorstel aangeven waarom nationale regelgeving niet zou volstaan? Welke taken zouden volgens hem beter door Nederlandse toezichthouders kunnen worden uitgevoerd? Hoe wordt het subsidiariteitsbeginsel bij deze voorstellen toegepast, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie onderschrijven dat de ontwikkeling van AI nieuwe risico’s met zich kan meebrengen. Deepfakes kunnen worden ingezet voor misleiding en AI kan worden gebruikt om op grote schaal informatie te produceren of te verspreiden. Ook kunnen cyberveiligheid en privacy onder druk komen te staan. Tegelijkertijd vinden deze leden het van groot belang dat maatregelen ter bescherming van de democratie niet zelf leiden tot een beperking van het vrije publieke debat. De initiatiefnota gebruikt begrippen als «polarisatie», «menselijke waardigheid», «ethische AI» en «maatschappelijke bescherming». Juist bij dergelijke begrippen is het van belang dat duidelijk is wie bepaalt wat daar precies onder valt. De indiener stelt dat AI stemgedrag kan beïnvloeden en polarisatie kan aanwakkeren. Deze leden vragen hoe «polarisatie» in dit verband wordt gedefinieerd. Is een scherp verschil van politieke opvattingen volgens de indiener al een vorm van ongewenste polarisatie? Wie bepaalt wanneer een politieke uiting te polariserend is, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie vragen voorts hoe wordt voorkomen dat bepaalde politieke of ideologische standpunten eerder worden aangemerkt als «desinformatie», «haat» of «polarisatie» dan andere. Welke onafhankelijke en objectieve criteria zouden hierbij moeten gelden, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De indiener wil daarnaast een wereldwijd verbod op AI die een te groot risico vormt voor de menselijke waardigheid en een internationaal non-proliferatieverdrag naar VN-model. De leden van de JA21-fractie vragen wat precies wordt verstaan onder «gevaarlijke AI» en wie bepaalt wanneer een AI-systeem deze grens overschrijdt.</al>
            <al>Ook het voorgestelde verificatiemechanisme voor AI-chips roept vragen op. De indiener wil samen met onder meer ASML een systeem ontwikkelen waarmee kan worden gecontroleerd hoe en waar krachtige AI-rekenkracht wordt ingezet. De leden vragen welke gevolgen de indiener verwacht voor de Nederlandse hightechsector. Hoe wordt voorkomen dat aanvullende verplichtingen Nederlandse bedrijven op achterstand zetten ten opzichte van internationale concurrenten, zo vragen de leden.</al>
            <al-groep>
              <al>De leden van de JA21-fractie constateren dat de initiatiefnota zeventien voorstellen bevat die gezamenlijk een aanzienlijke uitbreiding van regelgeving, toezicht en overheidsbemoeienis betekenen. Het gaat onder andere om een AI-belasting, een verplichte verzekeringsmarkt, nieuwe toezicht- en adviesstructuren, strengere Europese regelgeving, publieke investeringen, Europese aanbestedingsvoorschriften en nieuwe vormen van aansprakelijkheid. De leden vragen of voor ieder van deze maatregelen voldoende is aangetoond dat het betreffende probleem niet al met bestaande wet- en regelgeving kan worden aangepakt.</al>
              <al>Kan de indiener per voorstel aangeven welk concreet probleem wordt opgelost? Welke bestaande wet- en regelgeving is op dit moment onvoldoende? Waarom is juist het voorgestelde instrument noodzakelijk?</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>De leden van de JA21-fractie vragen daarnaast aandacht voor de uitvoerbaarheid. Hoeveel extra capaciteit is bij de overheid nodig om de voorgestelde regelgeving uit te voeren en te handhaven? Welke financiële middelen zijn hiervoor nodig? Welke administratieve lasten ontstaan voor Nederlandse ondernemingen, zo vragen deze leden.</al>
              <al>Bij verschillende voorstellen wordt bovendien gekozen voor meer directe overheidsbemoeienis met de markt. Zo wordt voorgesteld om gouden aandelen te nemen in AI-bedrijven die door de overheid worden gesteund en om overheid en burgers een zetel te geven in de bestuursorganen van grote technologiebedrijven.</al>
            </al-groep>
            <al>De leden van de JA21-fractie vragen tot slot waarom de overheid structurele zeggenschap zou moeten krijgen in private ondernemingen. Hoe verhoudt dit voorstel zich tot het eigendomsrecht en de ondernemingsvrijheid? Ook het voorstel voor een verplichte nationale verzekeringsmarkt roept vragen bij hen op. Hoe wordt voorkomen dat kleine en innovatieve ondernemingen door hoge verzekeringspremies moeilijk toegang tot de markt krijgen? Waarom is gekozen voor een nationale verzekeringsmarkt wanneer AI-bedrijven en de bijbehorende risico’s juist internationaal opereren?</al>
            <al>De leden van de JA21-fractie zien de beantwoording van bovenstaande vragen met belangstelling tegemoet.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de BBB-fractie bedanken het lid Dassen voor het initiatief van deze nota over kunstmatige intelligentie. Deze leden delen de opvatting van de indiener dat kunstmatige intelligentie grote gevolgen zal hebben voor onze economie, arbeidsmarkt en samenleving en dat Nederland niet naïef moet zijn over risico’s rondom veiligheid, privacy, democratische beïnvloeding en onze afhankelijkheid van buitenlandse technologiebedrijven. Zij onderschrijven bovendien het belang van meer Nederlandse en Europese digitale autonomie. Tegelijkertijd hebben deze leden grote zorgen over de gekozen richting van deze initiatiefnota. De indiener stelt een omvangrijk pakket voor van nieuwe belastingen, verplichtingen, verboden, instituties en directe overheidssturing. De leden van deze fractie vragen zich af of daarmee niet juist de Nederlandse en Europese innovatiekracht wordt verzwakt en onze afhankelijkheid van Amerikaanse en Aziatische technologie uiteindelijk verder wordt vergroot. Deze leden hebben daarom de volgende vragen.</al>
            <al>De leden van de BBB-fractie lezen dat de indiener een AI-belasting wil invoeren voor bedrijven die werknemers vervangen door kunstmatige intelligentie en de opbrengsten onder meer wil inzetten voor een omscholingsfonds. Kan de indiener nader definiëren wanneer volgens hem sprake is van het «vervangen» van een werknemer door AI? Hoe wordt omgegaan met bedrijven die door toepassing van AI groeien, efficiënter werken, vacatures niet opnieuw invullen of werknemers andere werkzaamheden laten uitvoeren? Hoe kan objectief worden vastgesteld welk banenverlies rechtstreeks het gevolg is van AI, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al-groep>
              <al>Kan de indiener aan de leden van de BBB-fractie uiteenzetten welke gevolgen een dergelijke belasting naar verwachting heeft voor de concurrentiepositie van Nederlandse ondernemingen? Heeft hij onderzocht of hierdoor het risico ontstaat dat bedrijven AI-ontwikkeling of andere activiteiten buiten Nederland of buiten de Europese Unie onderbrengen? Deelt de indiener de zorg van deze leden dat een AI-belasting vooral kleinere Nederlandse ondernemingen en start-ups kan raken, terwijl grote internationale technologiebedrijven dergelijke kosten gemakkelijker kunnen dragen? Hoe voorkomt de indiener dat zijn voorstel daarmee juist de marktpositie van de grote technologiebedrijven versterkt, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
              <al>De leden van de BBB-fractie zijn van mening dat werknemers moeten kunnen profiteren van technologische vooruitgang en dat tijdige om- en bijscholing daarbij van groot belang is. Waarom kiest de indiener voor het belasten van de toepassing van AI in plaats van primair voor het versterken van scholing, innovatie en aanpassingsvermogen van werknemers en bedrijven? Erkent de indiener dat technologische ontwikkeling historisch gezien niet alleen banen kan laten verdwijnen, maar eveneens nieuwe werkzaamheden en economische bedrijvigheid kan creëren, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            </al-groep>
            <al>De indiener stelt verder voor dat de Nederlandse overheid uitsluitend Europese AI gebruikt. Kan hij toelichten aan de leden van de BBB-fractie wat hij precies onder «Europese AI» verstaat? Moeten zowel het bedrijf, het model, de gebruikte cloudinfrastructuur als de onderliggende technologie Europees zijn? Wat moet een overheidsorganisatie volgens hem doen wanneer een Europees alternatief duurder, kwalitatief minder geschikt of nog niet beschikbaar is? Waarom kiest de indiener voor een geografische uitsluiting in plaats van stevige eisen aan onder meer veiligheid, gegevensbescherming, continuïteit en strategische autonomie, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De leden van de BBB-fractie delen de wens om de Europese digitale autonomie te versterken, maar wijzen erop dat daarvoor juist een sterke en concurrerende eigen technologiesector noodzakelijk is. Hoe rijmt de indiener zijn ambitie om minder afhankelijk te worden van Amerikaanse technologie met voorstellen die het ontwikkelen en toepassen van AI in Europa tegelijkertijd duurder en juridisch risicovoller kunnen maken? Erkent hij dat digitale autonomie naast regulering ook vraagt om voldoende kapitaal, rekenkracht, energie-infrastructuur, talent en ruimte voor ondernemerschap, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De indiener stelt tevens een verplichte verzekering voor AI-bedrijven voor, gekoppeld aan veiligheidsnormen, rapportage en gegevensdeling. De leden van de BBB-fractie willen weten welk concreet probleem hiermee wordt opgelost dat niet via bestaande of reeds aangekondigde Europese regelgeving en aansprakelijkheidsregels kan worden aangepakt. Hoe hoog verwacht de indiener dat de kosten van dergelijke verzekeringen zullen zijn? Hoe voorkomt hij dat een verplichte verzekering een nieuwe toetredingsdrempel vormt voor start-ups en kleinere innovatieve ondernemingen, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Ook stelt de indiener voor ernstige overtredingen van AI-regelgeving onder de Wet op de economische delicten te brengen, waardoor onder omstandigheden ook CEO’s, ontwikkelaars en andere betrokkenen persoonlijk strafrechtelijk kunnen worden vervolgd. Kan de indiener aan de leden van de BBB-fractie precies aangeven welke gedragingen volgens hem strafrechtelijk vervolgbaar moeten worden? Waarom acht hij het bestaande bestuursrechtelijke en civielrechtelijke instrumentarium onvoldoende? Hoe wordt voorkomen dat ontwikkelaars persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor onvoorziene gedragingen van complexe AI-systemen? Heeft de indiener onderzocht wat een dergelijke persoonlijke strafrechtelijke aansprakelijkheid betekent voor het Nederlandse vestigingsklimaat en het vermogen om technisch talent aan te trekken, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De leden van de BBB-fractie hebben voorts vragen over het voorstel om overheid en burgers collectieve vertegenwoordiging te geven in de raad van bestuur van de grootste technologiebedrijven en om een gouden aandeel te nemen in AI-bedrijven die door de overheid worden gefinancierd of gestimuleerd. Hoe stelt de indiener zich een verplichte bestuurszetel juridisch voor bij private en veelal buitenlandse ondernemingen? Wie vertegenwoordigt daarbij «de burger», hoe wordt deze persoon geselecteerd en aan wie legt deze verantwoording af? Vanaf welke vorm of omvang van overheidssteun zou een gouden aandeel gerechtvaardigd zijn? Geldt dit bijvoorbeeld ook wanneer een onderneming uitsluitend gebruikmaakt van een algemene fiscale innovatieregeling, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De indiener pleit daarnaast voor de oprichting van een onafhankelijke AI-raad. Kan de indiener aan de leden van de BBB-fractie aangeven welke concrete taken deze raad krijgt die niet reeds door bestaande toezichthouders, adviesorganen en kennisinstellingen kunnen worden uitgevoerd? Hoe voorkomt de indiener dat opnieuw een bestuurlijke laag wordt toegevoegd terwijl hij zelf constateert dat technologische ontwikkelingen sneller gaan dan de overheid kan bijhouden, zo vragen deze leden.</al>
            <al>De leden van de BBB-fractie lezen voorts het voorstel voor een wereldwijde AI-coalitie en uiteindelijk een non-proliferatieverdrag naar het model van internationale afspraken over nucleaire wapens. Kan de indiener aan deze fractie aangeven welke vormen van AI volgens hem dermate gevaarlijk zijn dat ontwikkeling daarvan internationaal verboden zou moeten worden? Hoe realistisch acht de indiener mondiale overeenstemming hierover, gelet op de grote investeringen van onder andere de Verenigde Staten en China? Hoe voorkomt de indiener dat Europa zichzelf beperkingen oplegt die andere economische en geopolitieke machtsblokken niet volgen en daarmee zijn technologische achterstand verder vergroot, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Ook wordt door de indiener voorgesteld om met wetenschappers en bedrijven als ASML te onderzoeken of verificatiemechanismen kunnen worden ingebouwd in AI-chips en de toeleveringsketen. Kan de indiener aan de leden van de BBB-fractie toelichten welke verantwoordelijkheid hij hiermee bij Nederlandse technologiebedrijven wil neerleggen? Heeft de indiener de mogelijke gevolgen voor de concurrentiepositie, intellectuele eigendom, cybersecurity en exportpositie van Nederlandse ondernemingen onderzocht? Waar eindigt volgens de indiener de verantwoordelijkheid van een fabrikant voor het uiteindelijke gebruik van technologie elders in de wereld, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>Tot slot constateren de leden van de BBB-fractie dat de initiatiefnota tegelijkertijd aanzienlijke publieke investeringen, fiscale voordelen en afnamegaranties voor AI voorstelt. Ook wil de indiener meer publiek risicokapitaal beschikbaar stellen en middelen vrijmaken voor Europese AI-rekenkracht. Kan de indiener aan de leden van deze fractie een indicatie geven van de totale financiële gevolgen van zijn voorstellen voor de Nederlandse overheid? Op welke wijze worden deze uitgaven gedekt? Hoe voorkomt hij dat de overheid zelf gaat bepalen welke technologieën en ondernemingen winnaars en verliezers worden, zo vragen de leden van deze fractie.</al>
            <al>De leden van de BBB-fractie vragen de indiener ten slotte of hij voor het gehele pakket een analyse heeft gemaakt van de gevolgen voor de regeldruk, het mkb, start-ups en scale-ups, arbeidsproductiviteit, innovatie, het Nederlandse vestigingsklimaat en het Europese concurrentievermogen.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">II</nr>
              <titel>Antwoord/reactie van de indiener</titel>
            </kop>
          </divisie>
        </vrije-tekst>
      </algemeen>
    </nds-stuk>
  </niet-dossier-stuk>
</officiele-publicatie>