﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE vraagdoc PUBLIC "-//SDU//DTD vragen xml 1.1//NL" "../../dtd/vragen-11.dtd"[]>
<vraagdoc kamer="2" publtype="vrlo">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-2070819390/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer Der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2007-2008</subtitel>
    <subtitel>Aanhangsel van de Handelingen</subtitel>
    <subtitel>Vragen gesteld door de leden der Kamer</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="1.3" conv="2.9" markup="xa"></versie>
    <ordernr>v2070819390</ordernr>
    <vergjaar>2007-2008</vergjaar>
  </frontm>
  <body>
    <vragen>
      <vraagnummer>2070819390</vraagnummer>
      <omschr>Vragen van het lid <naam>Ouwehand</naam> (PvdD) aan de minister van
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over <ondw>de subsidie van 500.000 euro
voor het kweken van glasaal.</ondw><datum>(Ingezonden 28 april 2008)</datum></omschr>
      <vraag>
        <nummer>1</nummer>
        <al>Kent u het bericht «vijf ton voor kweken glasaal»?<sup><nootref nr="1"></nootref></sup></al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>2</nummer>
        <al>Kunt u aangeven op welke wijze het kunstmatig voorplanten van de paling
een oplossing is voor de in het wild levende paling die door overbevissing
met uitsterven wordt bedreigd?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>3</nummer>
        <al>Hoe rechtvaardigt u een overheidsuitgave van 500.000 euro voor het opzetten
van een palingkwekerij als antwoord op de mede door het visserijbeleid ontstane
overbevissing op de wilde paling?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>4</nummer>
        <al>Vindt u het vanuit ethisch, moreel en duurzaamheidsperspectief aanvaardbaar
dat op alle mogelijke manieren wordt getracht glasaal kunstmatig te laten
voortplanten? Zo ja, waarom en hoe verhoudt zich dit tot het voorzorgsprincipe
en de onduidelijkheid over de lange termijn effecten van kunstmatig voortgeplante
aal? Zo neen, waarom besteed u dan grote sommen subsidie aan een ongewenste
ontwikkeling?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>5</nummer>
        <al>Kunt u uiteenzetten welke proeven zijn uitgevoerd om de aal onder kunstmatige
omstandigheden te laten paaien en hoeveel dieren daarvoor zijn opgeofferd?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>6</nummer>
        <al>Kunt u uiteenzetten onder welke omstandigheden de aal wordt gehouden en
welke dierenwelzijnscriteria er worden gehanteerd bij het kweken van aal?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>7</nummer>
        <al>Kunt u uiteenzetten welke dodingsmethoden worden ingezet bij het te subsidiëren
project?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>8</nummer>
        <al>Hoe beoordeelt u de risico’s die kleven aan viskweek, zoals de ziektes
die kunnen uitbreken onder wilde soortgenoten en het gebruik van vismeel voor
de kweek van soorten in gevangenschap?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>9</nummer>
        <al>Heeft u inzicht in de lange termijn effecten van viskweek op de ecologie,
dierziektenrisico’s, voedselvoorziening en dierenwelzijn? Zo ja, welke?
Zo neen, bent u bereid een effectrapportage op te stellen?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>10</nummer>
        <al>Deelt u de mening dat de paling een zeer bedreigde diersoort is en daarom
in de eerste plaats bescherming geniet, ook binnen het visserijbeleid? Zo
ja, op welke wijze en met welke financiële inzet beschermt u op dit moment
de in het wild levende paling? Zo neen, waarom niet en hoe verhoudt zich uw
mening tot plaatsing van de aal op de CITES-lijst voor bedreigde diersoorten?</al>
      </vraag>
      <noot nr="1">
        <al> Noord Hollands Dagblad, 22 april 2008.</al>
      </noot>
    </vragen>
  </body>
</vraagdoc>