﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36922-6/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Tweede Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">2</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>36 922</dossiernr>
      </dossiernummer>
      <titel>Wijziging van de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de verstrekking van een aanvullende tegemoetkoming aan studenten die onder het studievoorschotstelsel hebben gestudeerd </titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>Nr. <ondernummer kamer="2">6</ondernummer></stuknr>
      <titel>BRIEF VAN DE TIJDELIJKE COMMISSIE GRONDRECHTEN EN CONSTITUTIONELE TOETSING</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Leden</al>
            <al>Den Haag, 21 mei 2026</al>
            <al>De tijdelijke commissie Grondrechten en Constitutionele toetsing (hierna: de tijdelijke commissie) heeft tijdens haar procedurevergadering van 23 april 2026 besloten, gelet op het dictum en het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State (Raad van State), een adviestraject te starten voor het wetsvoorstel Wijziging van de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de verstrekking van een aanvullende tegemoetkoming aan studenten die onder het studievoorschotstelsel hebben gestudeerd (<dossierref dossier="36922">36 922</dossierref>). De vaste commissie voor commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is hierover geïnformeerd met een brief van 23 april 2026 (<extref doc="kv-tk-2026Z08895" soort="document" status="actief">2026Z08895</extref>).</al>
            <al>De Raad van State heeft de regering twee adviezen gegeven in het kader van de bescherming van persoonsgegevens. <nadruk type="vet">De tijdelijke commissie constateert dat zij, gezien de reactie van de regering op deze adviezen, geen verdere opmerkingen heeft. </nadruk>Dit wordt hieronder toegelicht, nadat eerst een korte toelichting op het wetsvoorstel is gegeven.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Inhoud wetsvoorstel</tussenkop>
            <al>In 2015 is – na bijna dertig jaar – de basisbeurs afgeschaft en het «leenstelsel» ingevoerd, waarbij de basisbeurs een lening werd. Na een periode van acht jaar is het leenstelsel in 2023 weer teruggedraaid en de basisbeurs opnieuw ingevoerd. Omdat het als wrang werd gezien dat studenten die onder het leenstelsel hebben gestudeerd geen gebruik hebben kunnen maken van de basisbeurs, is bij de herinvoering van de basisbeurs een financiële tegemoetkoming aan hen verstrekt. Deze studenten hebben gemiddeld gezien namelijk een hogere studieschuld en hebben vaak meer moeten werken of een groter beroep moeten doen op hun ouders. Omdat de regering de hoogte van de eerdere tegemoetkoming te laag vindt, wordt met het onderhavige wetsvoorstel een aanvullende tegemoetkoming geregeld.<noot id="ID-1248840-d40e80" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>De eerdere tegemoetkoming betrof EUR 35,31 per maand, wat voor een studie van vier jaar neerkomt op EUR 1.697. De aanvullende tegemoetkoming bedraagt EUR 44.50 per maand of EUR 2.136 voor een studie van vier jaar.</noot.al></noot> Verder bevat dit wetsvoorstel een uitbreiding van de groep (oud-)studenten die een (aanvullende) tegemoetkoming krijgt. Studenten die vanwege bijzondere omstandigheden hun diploma niet hebben behaald of daar langer dan tien jaar over hebben gedaan, krijgen ook de tegemoetkoming en de aanvullende tegemoetkoming. De regering wil met de aanvullende tegemoetkoming in dit wetsvoorstel een sluitend, betekenisvol financieel gebaar maken als erkenning.<noot id="ID-1248840-d40e88" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-3" soort="document" status="actief">36 922, nr. 3</extref>, p. 1–3.</noot.al></noot></al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Afweging bij verdere gegevensverwerking toelichten: opgevolgd</tussenkop>
            <al>Om de aanvullende tegemoetkoming te kunnen verstrekken is het nodig om persoonsgegevens te verwerken van studenten. De tijdelijke commissie merkt op dat het verwerken van deze gegevens raakt aan het recht op bescherming van persoonsgegevens zoals geregeld in artikel 10 van de Grondwet en artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Dit recht is concreet uitgewerkt in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Op basis van de AVG moeten persoonsgegevens worden verwerkt op een transparante, juiste en behoorlijke manier.</al>
            <al>Voor de uitvoering van het wetsvoorstel zijn de benodigde gegevens al bekend, maar deze gegevens zijn voor een ander doel verzameld. Het gebruik van al verzamelde gegevens voor een ander doel wordt ook wel «verdere verwerking» genoemd. De AVG bevat een aantal criteria om te wegen of een verdere verwerking te verenigen is met het doel waarvoor de gegevens in eerste instantie zijn verzameld.<noot id="ID-1248840-d40e104" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>Artikel 6, vierde lid van de AVG.</noot.al></noot> Voor deze weging is bijvoorbeeld relevant of er een verband is tussen het doel van de verdere verwerking en het oorspronkelijke doel bij het verzamelen van de gegevens. Ook moet worden gewogen wat de gevolgen zijn van de verdere verwerking voor de betrokkenen en of er passende waarborgen zijn ingesteld. Omdat in de toelichting hierop nog niet werd ingegaan, adviseerde de Raad van State de regering om dit alsnog te doen.<noot id="ID-1248840-d40e112" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-4" soort="document" status="actief">36 922, nr. 4</extref>, p. 4.</noot.al></noot> De tijdelijke commissie merkt op dat de regering hieraan gevolg heeft gegeven.<noot id="ID-1248840-d40e120" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-3" soort="document" status="actief">36 922, nr. 3</extref>, p. 12–15.</noot.al></noot></al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Noodzaak verwerken bijzondere persoonsgegevens toelichten en opnemen waarborgen ter bescherming: opgevolgd</tussenkop>
            <al>Het andere onderdeel van het wetsvoorstel waarvoor persoonsgegevens zullen worden verwerkt, betreft de uitbreiding van de groep studenten die de (aanvullende) tegemoetkoming zal ontvangen. Daarvoor zullen gegevens worden verwerkt over de gezondheid. De tijdelijke commissie merkt op dat dit bijzondere persoonsgegevens zijn, die door de AVG extra worden beschermd omdat deze gegevens zien op de meest persoonlijke delen van het privéleven. Daarom is op grond van de AVG verwerking van bijzondere persoonsgegevens «niet toegestaan, tenzij». In welke gevallen een uitzondering op het verbod mag worden gemaakt, staat ook in de AVG. Denk bijvoorbeeld aan de situatie waarin de betrokkene toestemming geeft of wanneer de verwerking nodig is vanwege redenen van zwaarwegend algemeen belang. In dat geval schrijft de AVG voor dat de verwerking evenredig moet zijn in verhouding tot het beoogde doel en dat er passende en specifieke waarborgen worden getroffen.<noot id="ID-1248840-d40e132" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>Artikel 9, eerste en tweede lid van de AVG.</noot.al></noot> In dat kader adviseert de Raad van State de regering om in de toelichting duidelijk te maken vanwege welke uitzondering het verwerken van bijzondere persoonsgegevens in dit geval noodzakelijk is. Als inderdaad een beroep wordt gedaan op de uitzondering dat sprake is van redenen van zwaarwegend algemeen belang, moeten ook passende en specifieke waarborgen worden genomen ter bescherming van de privacy van de betrokkenen.<noot id="ID-1248840-d40e140" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-4" soort="document" status="actief">36 922, nr. 4</extref>, p. 4.</noot.al></noot> De tijdelijke commissie constateert dat de regering in reactie op het advies de toelichting heeft aangevuld en in het wetsvoorstel heeft geregeld dat gegevens over de gezondheid mogen worden verwerkt. Ook heeft de regering op het niveau van de wet in waarborgen voorzien, te weten een bewaartermijn en een beperking van de personen die de gegevens mogen verwerken.<noot id="ID-1248840-d40e148" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-3" soort="document" status="actief">36 922, nr. 3</extref>, p. 15–19 en Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-2" soort="document" status="actief">36 922, nr. 2</extref>, Artikel I, onderdeel A.</noot.al></noot> Verder signaleert de tijdelijke commissie dat de regering uit eigen beweging de wet nog heeft aangevuld. Voor de Voorziening Prestatiebeurs staat nu ook in de wet dat gegevens over de gezondheid mogen worden verwerkt en welke waarborgen daarvoor gelden, zodat ook daarbij aan de regels uit de AVG wordt voldaan.<noot id="ID-1248840-d40e156" type="voet"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-3" soort="document" status="actief">36 922, nr. 3</extref>, p. 16–19 en Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36922-2" soort="document" status="actief">36 922, nr. 2</extref>, Artikel I, onderdeel A.</noot.al></noot></al>
            <al>De hiervoor genoemde punten kunnen betrokken worden bij de verdere behandeling van het wetsvoorstel.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De voorzitter van de tijdelijke commissie Grondrechten en Constitutionele toetsing,</functie>
            <naam>
              <achternaam>Bushoff</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
          <ondertekening>
            <functie>De griffier van de tijdelijke commissie Grondrechten en Constitutionele toetsing,</functie>
            <naam>
              <achternaam>Kling</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>