﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36915-XII-A/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Eerste Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">1</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>36 915</dossiernr>
        <begrotingshoofdstuk>XII</begrotingshoofdstuk>
      </dossiernummer>
      <titel>Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (XII) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>
        <ondernummer kamer="1">A</ondernummer>
      </stuknr>
      <titel>BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal</al>
            <al>Den Haag, 22 mei 2026</al>
            <al>In het debat in de Tweede Kamer over de hoge energie en brandstofprijzen op 22 april is de motie-Klaver<noot id="ID-1249080-d40e72" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2025/26, <extref doc="kst-36933-8" soort="document" status="actief">36 933, nr. 8</extref></noot.al></noot> c.s. ingediend. Deze motie verzoekt het kabinet om deze zomer een eerste stap te zetten met een ticket van € 49 per maand voor de trein in de daluren voor een periode van drie maanden. Deze motie is vervolgens op 23 april met ruime meerderheid van stemmen aangenomen door de Tweede Kamer.</al>
            <al>De kosten voor een dergelijk ticket voor alle binnenlandse spoorvervoerders worden geraamd op circa € 118 mln. De motie verzoekt het kabinet om voor de dekking van deze maatregel te kijken naar ongebruikte middelen in het Klimaatfonds en het Mobiliteitsfonds. Er zijn geen vrije middelen, dus het vrijmaken van budget vergt keuzes in ambities. Het kabinet kiest er daarbij voor om middelen gereserveerd voor risico’s op artikel 11 van het Mobiliteitsfonds alternatief aan te wenden, deels om te buigen op een algemene reservering voor openbaar vervoer uit het Klimaat- en energiefonds en het restant te dekken uit middelen bestemd voor kennisopbouw stralingsbescherming en het onderzoeksprogramma eindberging radioactief afval uit het Klimaat- en energiefonds.</al>
            <al>Deze middelen worden vanuit de respectievelijke begrotingen middels nota’s van wijziging op de 1<sup>e</sup> suppletoire begrotingen van het Klimaat- en energiefonds en het Mobiliteitsfonds toegevoegd aan begrotingsartikel 16 van de beleidsbegroting van het Ministerie van IenW. Van daaruit worden de middelen beschikt aan de NS, die vervolgens de verdere verrekening met de overige spoorvervoerders op zich neemt.</al>
            <al>De parlementaire goedkeuring van de eerste suppletoire begroting en de nota van wijziging op de eerste suppletoire begroting van het Ministerie van IenW door beide Kamers zal naar verwachting rond of na het zomerreces zijn, terwijl de opdracht aan NS zo snel mogelijk verstrekt moet worden om implementatie op de beoogde ingangsdatum, 21 juni, nog te halen. Aangezien parlementaire goedkeuring van de eerste suppletoire begroting van IenW (<dossierref dossier="36915-XII">36 915 XII</dossierref>) niet voorzien is voor uiterlijk 21 juni (start van de zomer), ben ik genoodzaakt een beroep te doen op artikel 2.27, lid twee van de Comptabiliteitswet. Conform het amendement van het lid Heinen c.s. licht ik met deze brief de hieraan ten grondslag liggende motivatie en het belang van het Rijk nader toe.</al>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Toelichting op spoed</tussenkop>
            <al>Normaliter wordt beleid met consequenties voor de begroting pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de betreffende begrotingswet heeft geautoriseerd. Om geen verdere vertraging op te lopen en te streven naar inwerkingtreding op 21 juni 2026 van het € 49-ticket wordt er middels deze brief voor gekozen om een beroep te doen op artikel 2.27, lid 2 van de Comptabiliteitswet en autorisatie van de Kamers van de nota van wijziging niet af te wachten.</al>
            <al>De afgelopen tijd is er gewerkt aan de voorbereidingen van het € 49-ticket. Tijdens het BO NOVB is afgesproken om de uitvoering van de motie samen met de sector op te pakken in een op te richten Taskforce Betaalbaarheid OV. Deze taskforce is sinds eind april wekelijks samen gekomen. Deelnemers zijn vervoerders, DOVA, IenW en OVPay. Ook de komende periode zal de Taskforce Betaalbaarheid OV benut worden om nadere uitwerking van het € 49-ticket vorm te geven.</al>
            <al>Gezien de voorwaarden van de motie is overeenstemming gevonden dat uitvoering op deze korte termijn enkel haalbaar is via het aanpassen van de prijs van het bestaande product «Flex dal vrij» van NS, met enkele minimale aanpassingen daarin. Dat betekent dat reizigers hiervan gedurende de zomer gebruik kunnen maken voor € 49 per maand. Daarmee kan de reiziger in de daluren (doordeweeks tussen 9–16 en 18.30–6.30 en weekenden en feestdagen de hele dag) onbeperkt vrij reizen in alle treinen in Nederland die binnen een concessie rijden. Het product zal enkel tijdelijk zijn en wordt zowel in looptijd (tot 1 september) als budget (€ 118 miljoen taakstellend) begrensd.</al>
            <al>Rijk en vervoerders benadrukken dat deze maatregel na de zomer niet geprolongeerd kan worden door de migratie naar OVPay. Mocht deze proef een succes zijn dan zullen die inzichten meegenomen worden in de verkenning naar een landelijk ov-ticket, zoals ook de oproep is in de motie-Klaver. Voor de zomer stuur ik de Tweede Kamer een brief over betaalbaar ov en hoe ik dat uitwerk voor de korte termijn met dit € 49-ticket en met een doorkijk naar de middellange en lange termijn. In deze brief zal ook worden ingegaan op de definitieve vormgeving van het € 49-ticket, de opdrachtverlening aan NS en de monitoring en evaluatie.</al>
            <al>Voor deze maatregel kan geen gebruik worden gemaakt van andere budgettaire begrotingsmomenten. Indien tot na parlementaire behandeling gewacht moet worden op autorisatie van de nota van wijziging op de eerste suppletoire begrotingswet van IenW door beide Kamers, is het onvermijdelijk dat het kortingsticket met vertraging wordt ingevoerd. Hierdoor kan een groot deel van de zomer niet met de kortingskaart worden gereisd. Het kabinet heeft als alternatief ook overwogen om een Incidentele Suppletoire Begroting (ISB) te sturen op de Ontwerpbegroting 2026, echter kiest het hier niet voor omdat de Eerste Kamer de Ontwerpbegroting 2026 van IenW nog moet behandelen en vaststellen. Procesmatig zou deze werkwijze meer tijd vragen dan een beroep op artikel 2.27 lid 2 van de CW. Gezien de door de Tweede Kamer benadrukte urgentie om nu tot maatregelen te komen die de gevolgen van de energiecrisis en de hoge prijzen aan de pomp verlichten is dit niet in het belang van de Staat en daarmee in lijn met de motie.</al>
            <al>Om de opdracht aan NS zo snel mogelijk te kunnen ondertekenen, is tijdige instemming van beide Kamers nodig. Ik verzoek u conform artikel 2.27 lid 2 CW deze brief zo snel mogelijk na ontvangst af te handelen met een voorstel tot agendering en besluitvorming door beide Kamers.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,</functie>
            <naam>
              <voornaam>A.W.H.</voornaam>
              <achternaam>Bertram</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>