﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36800-X-B/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Eerste Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">1</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>36 800</dossiernr>
        <begrotingshoofdstuk>X</begrotingshoofdstuk>
      </dossiernummer>
      <titel>Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Defensie (X) voor het jaar 2026</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>
        <ondernummer kamer="1">B</ondernummer>
      </stuknr>
      <titel>VERSLAG VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR BUITENLANDSE ZAKEN, DEFENSIE EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING<noot id="ID-1246185-d40e60" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Samenstelling:</noot.al><noot.al>Van Apeldoorn (SP), Van Ballekom (VVD), Beukering (Fractie-Beukering), Van Bijsterveld (JA21), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD) (ondervoorzitter), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Goossen (BBB), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Huizinga-Heringa (CU) (ondervoorzitter), Karimi (GroenLinks-PvdA), Marquart Scholtz (BBB), Martens (GroenLinks-PvdA), Moonen (D66), Nicolaï (PvdD), Petersen (VVD) (voorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Roovers (GroenLinks-PvdA), Van de Sanden (fractie-Van de Sanden), Van Strien (PVV), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Van Toorenburg (CDA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Vogels (VVD), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)</noot.al></noot></titel>
      <datumtekst>Vastgesteld <datum isodatum="2026-04-30">30 april 2026</datum></datumtekst>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Het voorliggende wetsvoorstel heeft de leden van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking aanleiding gegeven tot het maken van de volgende opmerkingen en het stellen van de volgende vragen.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Inleiding</tussenkop>
            <al>De leden van de fractie van <nadruk type="vet">GroenLinks-PvdA </nadruk>hebben kennisgenomen van het voorstel voor de begroting Defensie 2026. Zij hebben naar aanleiding hiervan enkele vragen en opmerkingen.</al>
            <al>De leden van de fractie van <nadruk type="vet">BBB</nadruk> hebben kennisgenomen van de Begrotingsstaten Defensie 2026 en stellen hieromtrent de regering de volgende vragen. De leden van de fractie van <nadruk type="vet">JA21</nadruk> sluiten zich graag aan bij de vragen van de leden van de BBB-fractie.</al>
            <al>De leden van de <nadruk type="vet">SP</nadruk>-fractie hebben kennisgenomen van de Defensiebegroting 2026 en hebben daarover nog de volgende vragen.</al>
            <al>De leden van de <nadruk type="vet">Volt</nadruk>-fractie hebben kennisgenomen van de voorstellen voor de begrotingen Defensie en Defensiematerieelfonds 2026. Zij hebben over beide een aantal vragen die onderling met elkaar verband houden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie</tussenkop>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Europese integratie</tussenkop>
            <al-groep>
              <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>1.</li.nr>
                  <al>De regering benoemt dat Europa in 2030 meer zelf moet kunnen, maar welke concrete capaciteiten/<nadruk type="cur">capability gaps</nadruk> moeten dan aantoonbaar Europees beschikbaar zijn zonder doorslaggevende Amerikaanse <nadruk type="cur">enabling support</nadruk>? Waar mag het parlement de regering in 2030 op afrekenen?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>2.</li.nr>
                  <al>Heeft de regering per domein inzichtelijk in hoeverre de Europese afhankelijkheid van de Verenigde Staten onwenselijk groot is? Is de regering bereid hier nader inzicht in te gaan in de Stand van Defensie? De leden van de fractie van GroenLinks-PvdA vragen dit voor tenminste deze domeinen:</al>
                  <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                    <li>
                      <li.nr>a.</li.nr>
                      <al>luchttransport,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>b.</li.nr>
                      <al>ISR/inlichtingen,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>c.</li.nr>
                      <al>satelliet- en spacecapaciteiten,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>d.</li.nr>
                      <al>lucht- en raketverdediging,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>e.</li.nr>
                      <al>precisiewapens en munitie,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>f.</li.nr>
                      <al>cyber en cloud,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>g.</li.nr>
                      <al>AI/data-infrastructuur,</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>h.</li.nr>
                      <al>reservedelen en onderhoud, en</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>i.</li.nr>
                      <al>
                        <nadruk type="cur">command-and-control</nadruk>.</al>
                    </li>
                  </lijst>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>3.</li.nr>
                  <al>Welke «rode lijnen» hanteert de regering? Met andere woorden: bij welke typen afhankelijkheid acht zij het onwenselijk dat Nederland in een crisis niet zonder Amerikaanse toestemming, softwaretoegang, reservedelen of inlichtingen kan opereren? Kan de regering dit definiëren?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>4.</li.nr>
                  <al>Op welke terreinen accepteert de regering expliciet dat Nederland ook in 2030 nog (zwaar) van de VS afhankelijk zal zijn?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>5.</li.nr>
                  <al>Welke militaire capaciteiten acht de regering het meest geschikt voor diepe Europese taakverdeling/volledige integratie, analoog aan de bestaande Nederlands-Duitse landmachtsamenwerking?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>6.</li.nr>
                  <al>Welke capaciteiten wil Nederland nadrukkelijk niet verder Europees integreren, en waarom niet?</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Europese pilaar in de NAVO</tussenkop>
            <al-groep>
              <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>7.</li.nr>
                  <al>De Wall Street Journal berichtte op 14 april 2026 in het artikel <nadruk type="cur">«Europe Is Accelerating a NATO Fallback Plan in Case Trump Pulls Out»</nadruk>,<noot id="ID-1246185-d40e186" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>Wall Street Journal, «Europe Is Accelerating a NATO Fallback Plan in Case Trump Pulls Out», 14 april 2026,</noot.al></noot> over Europese initiatieven om de NAVO weerbaar te maken voor een (plotseling) vertrek van de Amerikanen. Is de regering wel of niet benaderd om te participeren? Steunt de regering dit initiatief? Zo ja hoe?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>8.</li.nr>
                  <al>De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie stellen vast dat het scenario zeer denkbaar is dat de Oekraïne-oorlog eindigt met een verzoek aan Europese landen om een soort «veiligheidsmacht» te leveren. Dit kan op korte termijn gebeuren. Deze leden begrijpen dat het de vraag is of Nederland (zelfstandig) in staat zou zijn een bijdrage van minimaal één brigade hieraan te leveren gezien de mate van operationele paraatheid. Klopt dat beeld? Kan de regering aangeven of en, zo ja, in hoeverre Nederland in staat zou zijn op korte termijn een bijdrage aan een eventuele veiligheidsmacht te leveren?</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie</tussenkop>
            <al-groep>
              <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>1.</li.nr>
                  <al>Is het de regering bekend dat op 25 juni 2026 vanaf 16.00 uur een «Keti Koti diner» wordt georganiseerd voor het personeel van Commit (Commando Materieel en IT van Defensie) en al hun Defensiecollega’s, zoals blijkt uit een onlangs door dat personeel ontvangen aankondiging?</al>
                  <al>Nu de aankondiging stelt dat het gaat om een moment van herdenken, verbinden en met elkaar in gesprek gaan over het (slavernij-) verleden in het heden, is de regering ook voornemens voor het voltallige personeel van Defensie een of meer diners te organiseren ter herdenking van een of meer roemrijke momenten uit de vaderlandse geschiedenis, zoals het ontzet van Leiden, de herovering (met behulp van het turfschip) van Breda, de slag bij Nieuwpoort, de tocht naar Chatham, de slag bij Quatre Bras, momenten die de dinerdeelnemers wel opgewekt kunnen vieren, en zo nee waarom niet?</al>
                  <al>De leden van de BBB-fractie stellen vast dat, gelet op het aantal van ruim 82000 personeelsleden van Defensie op 1 maart 2026, de totale kosten van het diner – met een geschat bedrag van euro 60 per persoon – kunnen oplopen tot een kleine 5 miljoen euro, nog afgezien van de nodige reiskosten voor veel deelnemers en het niet in geldswaarde uit te drukken verlies aan arbeidstijd, nu als aanvangstijd 16.00 uur is vermeld. Kan de regering mededelen welk budget is gereserveerd voor dit diner?</al>
                  <al>Acht de regering, gelet op de (zeer) gespannen en riskante geopolitieke situatie (oorlogen in Oekraïne, het Midden-Oosten en Soedan), en de allesoverheersende noodzaak het voor Defensie gebudgetteerde belastinggeld aan herbewapening, modernisering en uitbreiding van de krijgsmacht uit te geven,</al>
                  <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                    <li>
                      <li.nr>a)</li.nr>
                      <al>het houden van een dergelijk – ideologisch gemotiveerd – diner passend en/of noodzakelijk?</al>
                    </li>
                    <li>
                      <li.nr>b)</li.nr>
                      <al>het uitgeven van een aanzienlijk bedrag als hiervoor vermeld voor zo’n diner passend en verantwoord?</al>
                    </li>
                  </lijst>
                  <al>Wil de regering bevestigen dat noch deelname aan het diner noch absentie door het Ministerie van Defensie geregistreerd zal worden, en dat het niet deelnemen aan het diner niet op enigerlei wijze het niet deelnemende personeel ten nadele zal worden aangerekend?</al>
                  <al>Is de regering voornemens een dergelijk diner ook voor alle andere rijksambtenaren te organiseren, en zo nee, waarom niet? Indien niet, is de regering dan met de leden van mening dat dit in strijd is met artikel 1 Grondwet (het discriminatieverbod)?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>2.</li.nr>
                  <al>In het Regeerakkoord 2026–2030 lezen de leden van de BBB-fractie het volgende: «We bouwen aan een schaalbare krijgsmacht van minimaal 122.000 mensen. We schalen het dienjaar fors op en introduceren als eerste stap een verplichte enquête voor jongeren. Als dit onvoldoende resultaat oplevert, overwegen we andere stappen, zoals de herinvoering van een selectieve opkomstplicht.»<noot id="ID-1246185-d40e232" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>«Aan de slag. Bouwen aan een beter Nederland. Coalitieakkoord 2026–2030, D66, VVD en CDA», 30 januari 2026, <extref doc="https://www.kabinetsformatie2025.nl/documenten/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030" soort="URL" status="actief">https://www.kabinetsformatie2025.nl/documenten/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030</extref>, p. 33.</noot.al></noot></al>
                  <al>Kan de regering aangeven op welk(e) moment(en) zij zal bepalen of de krijgsmacht in personeel voldoende groeit om het doel van 122.000 in 2030 te halen? Wordt dit de komende jaren tussentijds gedaan, bijvoorbeeld jaarlijks? Is een lineair toenemende «groeilijn» afgesproken?</al>
                  <al>Wanneer is het eerste meetmoment en hoeveel personeel moet de krijgsmacht dan hebben om niet te besluiten de dienstplicht weer in te voeren?</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de SP-fractie</tussenkop>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Strategische balans, dreigingsbeeld en risico op wapenwedloop</tussenkop>
            <lijst nummerbreedte="2-cijferig" type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al>Kan de regering aangeven hoeveel de Europese NAVO-landen gezamenlijk aan defensie uitgeven in 2026 (of het meest recente jaar waarvoor cijfers beschikbaar zijn), en hoe dit zich verhoudt tot het defensiebudget van Rusland over datzelfde jaar?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al>Kan de regering – uitgaande van een gemiddelde economische groei van 1,5% – een raming geven van de totale defensie-uitgaven van het Europese deel van de NAVO in 2035, indien wordt voldaan aan de norm van 3,5% respectievelijk 5% van het bbp?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al>De leden van de SP-fractie verwijzen naar de door de NOS gepubliceerde vergelijkende cijfers over defensiebudgetten, manschappen en materieel van de NAVO en Rusland.<noot id="ID-1246185-d40e265" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>NOS, «Defensie-vergelijker: wie heeft wat?»,  <extref doc="https://app.nos.nl/nieuws/europese_defensie/" soort="URL" status="actief">https://app.nos.nl/nieuws/europese_defensie/</extref>.</noot.al></noot> Kan de regering aangeven in hoeverre deze cijfers naar haar oordeel een juist beeld geven van de militaire verhoudingen? Indien de regering beschikt over andere of meer actuele cijfers, kan zij deze met de Kamer delen?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>4.</li.nr>
                <al>Indien uit deze of andere cijfers blijkt dat de NAVO – en ook enkel het Europese deel daarvan – reeds een substantieel overwicht heeft ten opzichte van Rusland, hoe rechtvaardigt de regering dan de voorgenomen bijna verdubbeling van de defensie-uitgaven?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>5.</li.nr>
                <al>Houdt de regering er rekening mee dat Rusland in reactie op verhoogde NAVO-uitgaven eveneens zijn militaire uitgaven zal verhogen, en hoe wordt dit effect gewogen? Erkent de regering dat een wapenwedloop een onwenselijk en destabiliserend effect kan hebben op de internationale veiligheid?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Uitvoeringscapaciteit, democratische controle en risico publiek geld voor hogere private winsten</tussenkop>
            <al-groep>
              <lijst nummerbreedte="2-cijferig" type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>6.</li.nr>
                  <al>Kan de regering reflecteren op de constatering van de Algemene Rekenkamer<noot id="ID-1246185-d40e293" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken II</nadruk>, 2025–2026, <extref doc="kst-36800-X-7" soort="document" status="actief">36 800 X/36 800 K, nr. 7</extref>.</noot.al></noot> dat <nadruk type="cur">abstracte doelstellingen en beperkte transparantie de parlementaire controle bemoeilijken</nadruk>? Hoe wil de regering voldoende concreetheid van de doelstellingen en daarmee ook de mogelijkheid tot parlementaire controle (voortaan) borgen?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>7.</li.nr>
                  <al>Kan de regering aangeven in hoeverre in 2025 en 2026 sprake is (of dreigt te zijn) van onderuitputting van middelen binnen Defensie, en kan zij dit kwantificeren?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>8.</li.nr>
                  <al>De begroting wijst op het gebruik van instrumenten zoals overprogrammering (tot 40%) en herprioritering om flexibiliteit te creëren. Kan de regering toelichten hoe deze instrument zich verhouden tot het budgetrecht van de Eerste Kamer en de transparantie van en contoleerbaarheid van de defensie-uitgaven? Hoe wordt voorkomen dat hierdoor buiten het reguliere begrotingsproces om prioriteiten worden verschoven?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>9.</li.nr>
                  <al>Welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de sterke groei van het defensiebudget daadwerkelijk leidt tot een evenredige toename van militaire capaciteit en gereedheid?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>10.</li.nr>
                  <al>Hoe voorkomt de regering dat de sterke stijging van defensie-uitgaven leidt tot prijsopdrijving en overwinsten bij defensiebedrijven, en welke concrete instrumenten of voorwaarden (bijvoorbeeld ten aanzien van winstmarges, transparantie of publieke tegenprestaties) worden hierbij gehanteerd?</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="ondlijn">Defensie en samenleving</tussenkop>
            <al-groep>
              <lijst nummerbreedte="2-cijferig" type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>11.</li.nr>
                  <al>De regering streeft naar een krijgsmacht van circa 100.000 personen.<noot id="ID-1246185-d40e330" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken II, </nadruk>2025–2026, <extref doc="kst-36800-X-2" soort="document" status="actief">36 800 X, nr. 2</extref>, p. 8.</noot.al></noot> Hoe realistisch is deze doelstelling gezien de huidige personeelstekorten, en de ook door de Algemene Rekenkamer geconstateerde beperkte absorptiecapaciteit van Defensie?<noot id="ID-1246185-d40e340" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al>Ibidem.</noot.al></noot></al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>12.</li.nr>
                  <al>De regering zet in op een «weerbare samenleving» en een nauwere betrokkenheid van burgers bij Defensie. Kan de regering toelichten wat dit concreet betekent voor burgers en maatschappelijke instellingen, en waar de grens ligt tussen weerbaarheid en militarisering van de samenleving, en hoe denkt de regering dit laatste te kunnen voorkomen?</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>13.</li.nr>
                  <al>De leden van de SP-fractie lezen dat de regering kiest voor een structurele verhoging van defensie-uitgaven met circa € 19 miljard. Kan de regering inzicht geven in de maatschappelijke kosten en baten van deze keuze, mede in vergelijking met alternatieve bestedingen, waaronder het bestrijden van de armoede? Als van de 19 miljard extra structureel voor defensie de helft zou worden uitgegeven aan het verhogen van het minimumloon met behoud van de koppeling aan de uitkeringen, welk effect zou dat dat dan hebben op de armoede in Nederland? Met hoeveel zou de armoede in procentpunten dan dalen bij gelijkblijvende economische groei en voor het overige ook gelijkblijvende macro-economische omstandigheden?</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de Volt-fractie</tussenkop>
            <al>De leden van de Volt-fractie constateren dat de begroting voor Defensie 2026 de totale uitgaven verhoogt. Het daaraan ten grondslag liggende beleid verandert echter niet. Deze leden begrijpen dat de regering voornemens is met een vernieuwde defensienota te komen, maar hebben daarop vooruitlopend nu al een aantal vragen over de strategische keuzes van de regering.</al>
            <al-groep>
              <al>Op welke wijze doet de begroting recht aan de veranderde bondgenootschappelijke verhoudingen binnen de NAVO? Streeft de regering ook militair naar een Europese autonomie? Welke bedragen worden beschikbaar gemaakt om Nederland/de EU/Europa onafhankelijker van niet-Europese partners, om hen in staat te stellen in de eigen verdediging te voorzien? De memorie van toelichting<noot id="ID-1246185-d40e364" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken II</nadruk>, 2025–2026, <dossierref dossier="36800-X">36 800 X</dossierref>, p. 13.</noot.al></noot> spreekt over versterking van de commandovoering van de krijgsmacht. Wordt hierin ook de toenemende behoefte aan onafhankelijkheid in meegenomen? Is er een inschatting van de regering over de benodigde extra middelen die de NAVO-administratie nodig heeft om een duale bevelsstructuur mogelijk te maken?</al>
              <al>Dan hebben de leden van de Volt-fractie een aantal vragen over de additionele controles aan de EU-binnengrenzen die Nederland sinds 2025 uitvoert. Welk additionele bedrag is hier in de begroting 2026 voor voorzien? Zullen deze controles ook gehandhaafd blijven na invoering van het EU-migratiepact? Welke exit-strategie heeft de regering voorzien? Wat zijn de <nadruk type="cur">key performance indicators </nadruk>die het afschaffen van deze controles, in lijn met het Schengenverdrag, mogelijk zullen maken?</al>
              <al>De leden van de Volt-fractie stellen ook vragen bij de doeltreffendheid en doelmatigheid van controles aan de EU-binnengrenzen.</al>
              <al>Heeft de regering een evaluatie van de controles uitgevoerd? Kan zij die met de Kamer delen? Welk bedrag is in 2025 aan interne grenscontroles uitgegeven? Hoeveel fte marechaussee-ambtenaren zijn hiervoor ingezet?</al>
              <al>Hoeveel vluchtelingen zijn hiermee aangetroffen? Hoeveel daarvan zijn naar Duitsland of België teruggestuurd? Hoeveel daarvan zijn, direct of indirect, doorgeleid naar een Nederlands aanmeldcentrum? Hoeveel daarvan hebben uiteindelijk een definitieve afwijzing op hun asielverzoek gekregen? Ook Duitsland en België hebben de controles aan de binnengrenzen geïntensiveerd. Hoeveel asielzoekers zijn vanuit Duitsland en België naar Nederland teruggestuurd?</al>
            </al-groep>
            <al>De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking ziet met belangstelling uit naar de nota naar aanleiding het verslag en ontvangt deze graag zo spoedig mogelijk.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking,</functie>
            <naam>
              <achternaam>Petersen</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
          <ondertekening>
            <functie>De griffier van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking,</functie>
            <naam>
              <achternaam>Van Luijk</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>