﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-35386-O/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Eerste Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">1</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>35 386</dossiernr>
      </dossiernummer>
      <titel>Voorstel van wet van de leden Klaver en Ouwehand tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met de invoering van een vuurwerkverbod voor consumenten (Wet veilige jaarwisseling)</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>
        <ondernummer kamer="1">O</ondernummer>
      </stuknr>
      <titel>VERSLAG VAN EEN NADER SCHRIFTELIJK OVERLEG</titel>
      <datumtekst>Vastgesteld <datum isodatum="2026-03-30">30 maart 2026</datum></datumtekst>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening<noot id="ID-1241420-d40e64" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Samenstelling:</noot.al><noot.al>Van Aelst-Den Uijl (SP), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kaljouw (VVD), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB) (voorzitter), Van der Linden (VVD), Martens (GroenLinks-PvdA), Van Meenen (D66), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD), Prins (CDA), Rietkerk (CDA) (ondervoorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp), Van Wijk (BBB)</noot.al></noot> heeft nader schriftelijk overleg gevoerd met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over <nadruk type="vet">het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling. </nadruk>Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>De uitgaande brief van 24 maart 2026.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>De antwoordbrief van 27 maart 2026.</al>
              </li>
            </lijst>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De griffier van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,</functie>
            <naam>
              <achternaam>Dragstra</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
      <algemeen>
        <kop kopopmaak="vet">
          <titel>BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT / VOLKSHUISVESTING EN RUIMTELIJKE ORDENING</titel>
        </kop>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat</al>
            <al>Den Haag, 24 maart 2026</al>
            <al>De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft kennisgenomen van de brief van uw ambtsvoorganger van 20 februari 2026<noot id="ID-1241420-d40e109" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk> 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>.</noot.al></noot> waarbij deze eerder gestelde vragen beantwoordt over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling.<noot id="ID-1241420-d40e120" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling. Bijlage bij <nadruk type="cur">Kamerstukken I </nadruk>2025/26, <extref doc="kst-35386-K" soort="document" status="actief">35 386, K</extref>.</noot.al></noot> Naar aanleiding hiervan hebben de leden van de fracties van de <nadruk type="vet">BBB</nadruk> en <nadruk type="vet">D66 </nadruk>enkele nadere vragen te stellen.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van leden van de fractie van de BBB</tussenkop>
            <al>De leden van de fractie van de <nadruk type="vet">BBB</nadruk> hebben de volgende vervolgvragen te stellen die deze leden per onderwerp hebben geclusterd voor het overzicht.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Compensatie als voorwaarde voor inwerkingtreding</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al>Kan de regering exact aangeven wanneer een compensatieregeling als «voldaan aan de voorwaarde» wordt beschouwd?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al>Is de regering van oordeel dat een voorwaarde voor inwerkingtreding reeds vervuld is wanneer slechts het voornemen bestaat tot nadeelcompensatie, zonder dat de regeling juridisch is vastgelegd, de omvang van de compensatie bekend is en de budgettaire dekking is vastgesteld? Graag ontvangen de leden van de fractie van de BBB een toelichting hierop van de regering.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al>Kan de regering bevestigen dat het inwerkingtredingsbesluit niet zal worden voorgehangen zolang er geen juridisch uitgewerkte en financieel gedekte compensatieregeling aan beide Kamers is overgelegd?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>4.</li.nr>
                <al>Op welke wijze wordt voorkomen dat ondernemers reeds onomkeerbare bedrijfseconomische beslissingen moeten nemen voordat duidelijkheid bestaat over hun compensatierechten?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid in de eerste jaren</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>5.</li.nr>
                <al>Kan de regering concreet aangeven welke extra handhavingscapaciteit beschikbaar is ten opzichte van voorgaande jaren?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>6.</li.nr>
                <al>Indien geen extra capaciteit beschikbaar is, op basis waarvan concludeert de regering dan dat het verbod effectiever handhaafbaar zal zijn dan het huidige regime?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>7.</li.nr>
                <al>Is de regering bereid voorafgaand aan de inwerkingtreding van het voorliggende besluit een kwantitatieve inschatting te geven van de te verwachten handhaafbaarheid? Dit bijvoorbeeld in termen van inzet, controlecapaciteit en nalevingsgraad.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>8.</li.nr>
                <al>Acht de regering het aanvaardbaar dat een wet met strafrechtelijke consequenties in werking treedt terwijl deze in de eerste jaren mogelijk slechts beperkt effectief handhaafbaar is?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>9.</li.nr>
                <al>Recentelijk is publiekelijk bericht dat een gemeenteraad zich heeft uitgesproken niet te willen handhaven op bepaalde strafbaarstellingen.<noot id="ID-1241420-d40e175" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>Zie bijvoorbeeld <extref doc="https://www.telegraaf.nl/binnenland/amsterdam-wil-strafbaarstelling-illegaal-verblijf-niet-handhaven-net-als-bij-boerkaverbod/134437692.html" soort="URL" status="actief">Amsterdam: gemeenteraad wil gevolgen strafbaarstelling illegaal verblijf beperken | De Telegraaf</extref>.</noot.al></noot> Kan de regering de leden van de fractie van de BBB toelichten of een gemeenteraad bevoegd is om te besluiten niet te handhaven op een formele wet die tevens een wet in materiële zin is, zoals de Wet veilige jaarwisseling?</al>
                <lijst type="expliciet" nummerbreedte="2-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                  <li>
                    <li.nr>a.</li.nr>
                    <al>Kan een gemeenteraad een burgemeester opdragen of politiek onder druk zetten om niet te handhaven?</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>b.</li.nr>
                    <al>Op welke wijze verhoudt zich een dergelijk besluit tot de beginselplicht tot handhaving?</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>c.</li.nr>
                    <al>Welke mogelijkheden heeft het Rijk indien een gemeente structureel besluit niet te handhaven op een nationale wet?</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Gemeentelijke beleidsvrijheid en rechtsgelijkheid</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="3-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>10.</li.nr>
                <al>Kan de regering uiteenzetten op welke wijze zij waarborgt dat gemeentelijke verschillen niet leiden tot rechtsongelijkheid of willekeur?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>11.</li.nr>
                <al>Op welke wijze verhoudt de ruime beleidsvrijheid van burgemeesters zich tot het gelijkheidsbeginsel wanneer in de ene gemeente feitelijk geen ontheffingen worden verleend en in een andere gemeente ruimhartig?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>12.</li.nr>
                <al>Is de regering bereid om vooraf inzichtelijk te maken hoeveel gemeenten voornemens zijn gebruik te maken van de ontheffingsmogelijkheid?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Ontheffingsregeling en feitelijke toepasbaarheid</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="3-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>13.</li.nr>
                <al>Kan de regering concreet aangeven hoeveel aanvragen voor ontheffing zij in het eerste jaar verwacht?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>14.</li.nr>
                <al>Acht de regering het mogelijk dat de combinatie van administratieve eisen, aansprakelijkheidsrisico’s en veiligheidsvoorschriften ertoe leidt dat slechts een beperkt aantal verenigingen een aanvraag zal indienen?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>15.</li.nr>
                <al>Indien blijkt dat de ontheffingsregeling in de praktijk nauwelijks wordt benut, meent de regering dan dat alsnog voldaan is aan de voorwaarde zoals bedoeld bij het amendement waarop de regeling is gebaseerd<noot id="ID-1241420-d40e215" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken II</nadruk> 2024/25, <extref doc="kst-35386-17" soort="document" status="actief">35 386, nr. 17</extref>.</noot.al></noot>? Is de regering bereid vervolgens na te denken over een versoepeling?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Grensproblematiek</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="3-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>16.</li.nr>
                <al>Kan de regering concreet aangeven welke bindende afspraken reeds zijn gemaakt met grenslanden over verkoop en handhaving?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>17.</li.nr>
                <al>Indien dergelijke afspraken ontbreken, op basis waarvan verwacht de regering dan dat grensoverschrijdende aankoop van vuurwerk niet substantieel zal toenemen? Wordt hier een registratie van bijgehouden?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Staatsrechtelijke zorgvuldigheid bij inwerkingtreding</tussenkop>
            <lijst type="expliciet" nummerbreedte="3-cijferig" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>18.</li.nr>
                <al>Erkent de regering dat het haar verantwoordelijkheid is om objectief vast te stellen en te onderbouwen dat aan alle randvoorwaarden materieel is voldaan vóórdat het inwerkingtredingsbesluit wordt voorgehangen? Graag ontvangen de leden van de fractie van de BBB hierop een toelichting van de regering.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>19.</li.nr>
                <al>Kan de regering bevestigen dat zij geen inwerkingtredingsbesluit zal nemen indien één van de expliciet gestelde randvoorwaarden nog niet volledig en aantoonbaar is gerealiseerd?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>20.</li.nr>
                <al>Acht de regering het in overeenstemming met de beginselen van rechtszekerheid en behoorlijk bestuur om ondernemers langdurig in onzekerheid te laten terwijl tegelijkertijd wordt toegewerkt naar een vaste datum van inwerkingtreding?</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>21.</li.nr>
                <al>Kan de regering gemotiveerd uiteenzetten waarom het verantwoord is om de Wet veilige jaarwisseling reeds per 1 augustus 2026 in werking te laten treden?</al>
              </li>
            </lijst>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van leden van de fractie van D66</tussenkop>
            <al>De leden van de fractie van <nadruk type="vet">D66</nadruk> constateren dat uit de internetconsultatie bij het voorliggende besluit blijkt dat veel organisaties dezelfde zorgen delen. Zo hebben de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Nederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB) en de G4 alle drie zorgen over de handhaafbaarheid. Hoe reageert de regering op de zorgen van het lokale gezag op het ontwerpbesluit? Overweegt de regering het voorliggende ontwerpbesluit aan te passen om aan de zorgen van gemeenten en burgemeesters tegemoet te komen? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?</al>
            <al>In het antwoord op de eerder door de leden van de fractie van D66 gestelde vraag 3 geeft de regering aan dat het gesprek nog gestart moet worden ten aanzien van de rol en inzet van buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) in de handhaving rond de jaarwisseling.<noot id="ID-1241420-d40e260" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk> 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p. 12–13.</noot.al></noot> Het is ook nog niet zeker of deze bevoegdheid aan de boa’s verleend wordt. Waarom heeft dit gesprek niet plaatsgevonden voordat het aan de orde zijnde ontwerpbesluit naar de Kamer werd gestuurd? Wie wordt er verantwoordelijk voor de handhaving als de bevoegdheid niet aan boa’s wordt verleend en de politie geen rol voor zichzelf in de handhaving ziet? Wanneer moet het bekend zijn wie de ontheffingen zal gaan handhaven, om te zorgen dat er genoeg handhavers kunnen worden geworven en opgeleid? Is de regering het met de leden van de D66-fractie eens dat het noodzakelijk is om vooraf duidelijk te hebben wie de ontheffingen zal gaan handhaven en hoe haalbaar dit volgens de handhavers is?</al>
            <al>Daarnaast vroegen de leden van de fractie van D66 in de eerder door deze leden gestelde vraag 3 aandacht voor de positie van burgemeesters. Het antwoord van de regering over de (maatschappelijke) uitgangspositie van burgemeesters vonden deze leden ontoereikend. Kan de regering uitgebreider toelichten hoe dit in haar ogen niet burgemeesters in een onmogelijke (maatschappelijke) uitgangspositie brengt? Ook geeft de regering in de eerder door de leden van de fractie van D66 gestelde vraag 4 aan dat een burgemeester niet verplicht is om ontheffing te verlenen, ook als de aanvrager aan alle vereisten voldoet.<noot id="ID-1241420-d40e274" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk> 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p. 13.</noot.al></noot> Het is nog onduidelijk voor deze leden in hoeverre burgemeesters een afwijzing moeten motiveren. Kan de regering dit verder aan de leden van de fractie van D66 toelichten? Daarbij zijn de leden van D66 nog steeds bezorgd dat burgemeesters door hun (maatschappelijke) uitgangspositie te veel druk zullen ervaren om een ontheffing af te wijzen. Verwacht de regering dat burgemeesters dit in de praktijk wel zullen doen?</al>
            <al>Verder lezen de leden van de fractie van D66 dat de politie en de G4 pleiten voor het verhogen van de minimumleeftijd voor ontbranders en supervisors.<noot id="ID-1241420-d40e288" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al>Brief van de G4 van 4 december 2025 met advies over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling (p. 2) <extref doc="https://www.internetconsultatie.nl/besluit_veilige_jaarwisseling/reactie/2756b6c4-5e2c-4f75-b5d4-e088bddad70a" soort="URL" status="actief">Overheid.nl | Consultatie Besluit veilige jaarwisseling, reactie</extref> en brief van de politie van 3 december 2025 met advies over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling, p. 3. Bijlage bij <nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk> 2025/26, <extref doc="kst-35386-K" soort="document" status="actief">35 386, K</extref>.</noot.al></noot> De regering geeft in antwoord op de eerder door deze leden gestelde vraag 5 eigenlijk hetzelfde antwoord als in de reactie bij de internetconsultatie, hetgeen deze leden ontoereikend achten.<noot id="ID-1241420-d40e304" type="voet"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk> 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p. 13.</noot.al></noot> Kan de regering uitgebreider toelichten op welke wijze de nieuw gecreëerde situatie vergelijkbaar is met de situatie waarvoor het huidige Vuurwerkbesluit en de Pyrorichtlijn zijn opgesteld? Deze leden delen de mening van de politie en G4 dat er straks een grote verantwoordelijkheid rust op ontbranders en supervisors, en er door omstanders veel druk op ze kan ontstaan. Daarom vragen deze leden of de regering bereid is om de voorgestelde minimumleeftijd voor ontbranders en supervisors te heroverwegen.</al>
            <al>De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening ziet met belangstelling uit naar uw reactie en ontvangt deze <nadruk type="vet">graag zo spoedig als mogelijk</nadruk>.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>Voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,</functie>
            <naam>
              <voornaam>R.</voornaam>
              <achternaam>Lievense</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
      <algemeen>
        <kop kopopmaak="vet">
          <titel>BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT</titel>
        </kop>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal</al>
            <al>Den Haag, 27 maart 2026</al>
            <al>Op 24 maart jl. heb ik uw schrijven (kenmerk 180321) naar aanleiding van de antwoorden van mijn voorganger op uw vragen over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling ontvangen. Leden van de fracties BBB en D66 hebben nog enkele nadere vragen die ik, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, met deze brief beantwoord.</al>
            <al>Op 19 januari jl. is de Wet veilige jaarwisseling (hierna: de Wet) gepubliceerd in het Staatsblad. Aan het inwerkingtredingsbesluit van de Wet is door uw Kamer de voorwaarde verbonden dat deze pas in werking kan treden als, naar tevredenheid van de Eerste en Tweede Kamer, voldaan wordt aan drie voorwaarden te weten: (1) een handhavingsplan, (2) invulling van de ontheffingsmogelijkheid voor burgemeesters bij AMvB, en (3) een nadeelcompensatieregeling voor de vuurwerkbranche. Het handhavingsplan is inmiddels aangeboden aan de Kamers.<noot id="ID-1241420-d40e349" type="voet"><noot.nr>10</noot.nr><noot.al>Kamerstuk <extref doc="kst-28684-813" soort="document" status="actief">28 684, nr. 813</extref>.</noot.al></noot></al>
            <al>De drie voorwaarden kennen een eigen proces en bijbehorend tijdpad. De invulling van deze drie voorwaarden dient op hoofdlijnen bekend te zijn op het moment dat de voorhang van het inwerkingtredingsbesluit Wet veilige jaarwisseling wordt gestart. In de bijlage is een gedetailleerd tijdpad opgenomen van twee van deze voorwaarden (de ontheffingsmogelijkheid bij AMvB en de nadeelcompensatieregeling) en het inwerkingtredingsbesluit van de Wet zelf. Het uitgangspunt is om de Wet op 1 augustus 2026 in werking te laten treden. Dit om uitvoerende partijen waaronder gemeenten, voldoende tijd te geven om zich voor te bereiden. Dit is ook benadrukt in de uitvoeringstoets van de VNG. Om dit tijdpad te halen, is het nodig om in mei de voorhang van het inwerkingtredingsbesluit te starten. Hiermee wordt ook tegemoetgekomen aan de uitdrukkelijke wens van een meerderheid van de Tweede Kamer om het vuurwerkverbod ruim voor de komende jaarwisseling in te laten gaan.<noot id="ID-1241420-d40e361" type="voet"><noot.nr>11</noot.nr><noot.al>Kamerstuk <extref doc="kst-28684-836" soort="document" status="actief">28 684, nr. 836</extref>.</noot.al></noot></al>
            <al>Het kritieke punt in de planning is momenteel de duur en de onzekerheid van het moment van afronding van de voorhang van het Besluit veilige jaarwisseling waarmee de ontheffingsmogelijkheid voor burgemeesters wordt uitgewerkt. Dit is bepalend voor het moment waarop de volgende stap in het wetgevingsproces gezet kan worden; dat is de advisering door de Afdeling advisering van de Raad van State. Het heeft, zoals mijn voorganger eerder heeft aangegeven, de voorkeur om de voorhang van dit Besluit veilige jaarwisseling in beide Kamers 31 maart 2026 af te ronden, zodat de Raad van State voldoende tijd heeft om tot een zorgvuldig advies te komen. Ik ben mij ervan bewust dat dit zeer kort dag is en ik wil benadrukken dat uw Kamer uiteraard deze voorhangprocedure op ordentelijke manier moet kunnen afronden.</al>
            <al>Het kabinet zal op basis van bovenstaande alles in het werk stellen om binnen het afgesproken tijdpad de Wet veilige jaarwisseling af te ronden.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,</functie>
            <naam>
              <voornaam>A.W.H.</voornaam>
              <achternaam>Bertram</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
      <algemeen>
        <kop kopopmaak="vet">
          <titel>(180321) Vragen van de vaste commissie voor IenW/VRO in de Eerste Kamer aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling</titel>
        </kop>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van leden van de fractie van de BBB</tussenkop>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Compensatie als voorwaarde voor inwerkingtreding</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">1.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering exact aangeven wanneer een compensatieregeling als «voldaan aan de voorwaarde» wordt beschouwd?</nadruk>
              </al>
              <al>Het is aan beide Kamers om te bepalen of en wanneer aan de voorwaarden die volgens de toelichting van het amendement Michon-Derkzen aan de instemming van de Kamers met de inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling worden gesteld, is voldaan. Zie hiervoor ook het antwoord op vraag 2.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">2.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Is de regering van oordeel dat een voorwaarde voor inwerkingtreding reeds vervuld is wanneer slechts het voornemen bestaat tot nadeelcompensatie, zonder dat de regeling juridisch is vastgelegd, de omvang van de compensatie bekend is en de budgettaire dekking is vastgesteld? Graag ontvangen de leden van de fractie van de BBB een toelichting hierop van de regering.</nadruk>
              </al>
              <al>Volgens het kabinet wordt aan de voorwaarde van een compensatieregeling «voldaan» op het moment dat het kabinet de uitgangspunten van een compensatieregeling aan beide Kamers stuurt inclusief dekking op de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Beide Kamers worden hierover in april geïnformeerd met een uitgangspuntenbrief.</al>
            </al-groep>
            <al>Deze uitgangspunten hebben betrekking op de kostenposten die in aanmerking komen voor vergoeding, het aantal jaren winstderving en de rekenformule om te komen tot de hoogte van de nadeelcompensatie per ondernemer. De uitgangspunten worden vervolgens uitgewerkt in een beleidsregel. Een concept hiervan wordt voorgelegd aan de brancheorganisaties. Zodra de beleidsregel gereed is, worden beide Kamers geïnformeerd.</al>
            <al>Het is aan beide Kamers om te bepalen of met de hierboven beschreven uitgangspuntenbrief aan de gestelde voorwaarde over compensatie wordt voldaan.</al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">3.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering bevestigen dat het inwerkingtredingsbesluit niet zal worden voorgehangen zolang er geen juridisch uitgewerkte en financieel gedekte compensatieregeling aan beide Kamers is overgelegd?</nadruk>
              </al>
              <al>Het inwerkingtredingsbesluit zal voorgehangen worden zodra invulling is gegeven aan de drie voorwaarden te weten: (1) een handhavingsplan, (2) invulling van de ontheffingsmogelijkheid voor burgemeesters bij AMvB en (3) een nadeelcompensatieregeling voor de vuurwerkbranche. Het handhavingsplan is reeds toegezonden aan beide Kamers.<noot id="ID-1241420-d40e423" type="voet"><noot.nr>12</noot.nr><noot.al>Kamerstukken <extref doc="nds-tk-2026D11923" soort="document" status="actief">2026D11923</extref> en <extref doc="nds-tk-2026D11924" soort="document" status="actief">2026D11924</extref>.</noot.al></noot></al>
            </al-groep>
            <al>Zoals bij vraag 2 is weergegeven, is het kabinet van mening dat met de uitgangspuntenbrief voldaan wordt aan de derde voorwaarde. Zodra de voorhang van het Besluit veilige jaarwisseling is afgerond en het kabinet de uitgangspunten heeft vastgesteld, is voldaan aan alle drie de voorwaarden en kan het inwerkingtredingsbesluit van de Wet veilige jaarwisseling worden voorgehangen in beide Kamers. Het is aan beide Kamers om te bepalen of en wanneer aan de voorwaarden die het amendement Michon-Derkzen aan de inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling stelt, wordt voldaan.</al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">4.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Op welke wijze wordt voorkomen dat ondernemers reeds onomkeerbare bedrijfseconomische beslissingen moeten nemen voordat duidelijkheid bestaat over hun compensatierechten?</nadruk>
              </al>
              <al>De Wet veilige jaarwisseling stelt dat particulieren geen vuurwerk meer mogen bezitten, kopen of afsteken. Hiermee is het voor ondernemers niet meer mogelijk om vuurwerk aan consumenten te verkopen, behoudens de verkoop aan ontheffinghouders. De Wet is al aangenomen en gepubliceerd in het Staatsblad; enkel het moment van inwerkingtreding staat nog niet vast.</al>
            </al-groep>
            <al>Een spoedige behandeling van de voorhang van Besluit veilige jaarwisseling en de voorhang van het inwerkingtredingsbesluit van de Wet veilige jaarwisseling geeft de ondernemers de gevraagde duidelijkheid. In de bijlage bij deze antwoorden is daarom de planning van de Wet veilige jaarwisseling weergegeven. Wij doen er alles aan om de wet tijdig in werking te laten treden. Het kritieke punt in de planning is momenteel de duur en de onzekerheid van het moment van afronding van de voorhang van het Besluit veilige jaarwisseling waarmee de ontheffingsmogelijkheid voor burgemeesters wordt uitgewerkt. Dit is bepalend voor het moment waarop de volgende stap in het wetgevingsproces gezet kan worden: de advisering door de Afdeling advisering van de Raad van State. Het heeft, zoals mijn voorganger eerder heeft aangegeven, de voorkeur om de voorhang van dit Besluit veilige jaarwisseling in beide Kamers 31 maart 2026 af te ronden, zodat de Raad van State voldoende tijd heeft om tot een zorgvuldig advies te komen. Tegelijkertijd moet uw Kamer de voorhangprocedure ook zorgvuldig kunnen afronden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid in de eerste jaren</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">5.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering concreet aangeven welke extra handhavingscapaciteit beschikbaar is ten opzichte van voorgaande jaren?</nadruk>
              </al>
              <al>Nee, de jaarwisseling vraagt reeds elk jaar een maximale inzet van de politie, handhavers en andere partijen. Het is aan het lokale gezag om de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk in te zetten. Ook na invoering van de Wet veilige jaarwisseling zal deze inzet naar verwachting nog enkele jaren onverminderd hoog blijven.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">6.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Indien geen extra capaciteit beschikbaar is, op basis waarvan concludeert de regering dan dat het verbod effectiever handhaafbaar zal zijn dan het huidige regime?</nadruk>
              </al>
              <al>Door het algehele verbod op consumentenvuurwerk buiten de ontheffing om, wordt de handhaving voor politie en boa’s eenduidiger. Immers ter plekke hoeft niet meer te worden vastgesteld welk categorie vuurwerk het betreft om de strafbaarheid vast te stellen. De politie verwacht dat op termijn een afname van de benodigde capaciteit mogelijk is. Gedragsverandering vergt immers tijd, waardoor de effecten van de wet zich geleidelijk zullen manifesteren.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">7.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Is de regering bereid voorafgaand aan de inwerkingtreding van het voorliggende besluit een kwantitatieve inschatting te geven van de te verwachten handhaafbaarheid? Dit bijvoorbeeld in termen van inzet, controlecapaciteit en nalevingsgraad.</nadruk>
              </al>
              <al>Nee, een dergelijke inschatting is niet te maken. Het is immers veelal aan de lokale driehoek om de handhaving richting en tijdens oud en nieuw vorm te geven.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">8.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Acht de regering het aanvaardbaar dat een wet met strafrechtelijke consequenties in werking treedt terwijl deze in de eerste jaren mogelijk slechts beperkt effectief handhaafbaar is?</nadruk>
              </al>
              <al>Het kabinet acht de Wet en de AMvB verantwoord en aanvaardbaar op basis van de uitgevoerde handhaafbaarheids-, uitvoerbaarheids- en fraudebestendigheidstoetsen door ILT, politie, OM en de uitvoeringstoets van de VNG. Uit deze toetsen volgt dat het besluit in beginsel uitvoerbaar en handhaafbaar is, met aandachtspunten die verder worden uitgewerkt in o.a. het geüpdatete handhavingsplan en een handreiking voor gemeenten.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">9.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Recentelijk is publiekelijk bericht dat een gemeenteraad zich heeft uitgesproken niet te willen handhaven op bepaalde strafbaarstellingen.3 Kan de regering de leden van de fractie van de BBB toelichten of een gemeenteraad bevoegd is om te besluiten niet te handhaven op een formele wet die tevens een wet in materiële zin is, zoals de Wet veilige jaarwisseling?</nadruk>
              </al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>
                    <nadruk type="vet">Kan een gemeenteraad een burgemeester opdragen of politiek onder druk zetten om niet te handhaven?</nadruk>
                  </al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>b.</li.nr>
                  <al>
                    <nadruk type="vet">Op welke wijze verhoudt zich een dergelijk besluit tot de beginselplicht tot handhaving?</nadruk>
                  </al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>
                    <nadruk type="vet">Welke mogelijkheden heeft het Rijk indien een gemeente structureel besluit niet te handhaven op een nationale wet?</nadruk>
                  </al>
                </li>
              </lijst>
              <al>Nee, het gezag ten aanzien van de strafrechtelijke handhaving van deze wet en AMvB ligt bij het Openbaar Ministerie. Daarnaast is de burgemeester verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde. Zij besluiten in de lokale driehoek hoe de handhaving wordt vormgegeven op lokaal niveau. De burgemeester legt verantwoording af aan de gemeenteraad.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Gemeentelijke beleidsvrijheid en rechtsgelijkheid</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">10.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering uiteenzetten op welke wijze zij waarborgt dat gemeentelijke verschillen niet leiden tot rechtsongelijkheid of willekeur?</nadruk>
              </al>
              <al>Met de ontheffingsbevoegdheid voor burgemeesters is juist beoogd dat, afhankelijk van de lokale omstandigheden, ruimte mogelijk is om per gemeente keuzes te kunnen maken. Wel zijn, in lijn met de wens van de gemeenten, veel veiligheidsvoorschriften nationaal vastgelegd in het ontwerpbesluit veilige jaarwisseling. Door de VNG wordt een handreiking opgesteld, waarmee gemeenten ondersteund worden om zich zo goed mogelijk voor te bereiden op zowel de uitvoering als handhaving van het verbod en ontheffingsregeling.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">11.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Op welke wijze verhoudt de ruime beleidsvrijheid van burgemeesters zich tot het gelijkheidsbeginsel wanneer in de ene gemeente feitelijk geen ontheffingen worden verleend en in een andere gemeente ruimhartig?</nadruk>
              </al>
              <al>Als gevolg van het amendement Bikker c.s. kunnen burgemeesters op grond van de Wet veilige jaarwisseling ontheffing verlenen, maar ze hoeven dat niet te doen. Zij kunnen daartoe zelf beleid opstellen, al dan niet in een beleidsregel. Verschillen in beleid tussen gemeenten leiden op zichzelf niet tot ongelijke behandeling tussen gemeenten. Sterker nog, met de ontheffingsbevoegdheid voor burgemeesters is juist beoogd dat afhankelijk van lokale omstandigheden verschillen in beleid tussen gemeenten kunnen ontstaan. Wel zijn, in lijn met de wens van gemeenten, veel veiligheidsvoorschriften nationaal vastgelegd in het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">12.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Is de regering bereid om vooraf inzichtelijk te maken hoeveel gemeenten voornemens zijn gebruik te maken van de ontheffingsmogelijkheid?</nadruk>
              </al>
              <al>In het kader van het opstellen van de handreiking heeft de VNG een enquête onder de gemeenten uitgezet om onder andere in beeld te brengen in hoeverre gemeenten voornemens zijn gebruik te maken van de ontheffingsmogelijkheid. De VNG publiceert de resultaten van de enquête in een nieuwsbericht op haar website.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Ontheffingsregeling en feitelijke toepasbaarheid</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">13.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering concreet aangeven hoeveel aanvragen voor ontheffing zij in het eerste jaar verwacht?</nadruk>
              </al>
              <al>In de toelichting bij het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling is een eerste schatting gemaakt van 500 tot 1.500 aanvragen. Het is echter ook voor een belangrijk deel afhankelijk van hoe burgemeesters invulling gaan geven aan hun ontheffingsbevoegdheid. In het kader van het opstellen van de handreiking heeft de VNG een enquête onder de gemeenten uitgezet om onder andere in beeld te brengen hoeveel ontheffingen naar verwachting verleend zullen worden.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">14.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Acht de regering het mogelijk dat de combinatie van administratieve eisen, aansprakelijkheidsrisico’s en veiligheidsvoorschriften ertoe leidt dat slechts een beperkt aantal verenigingen een aanvraag zal indienen?</nadruk>
              </al>
              <al>Bij de uitwerking van het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling is waar mogelijk ruimte overgelaten aan burgemeesters om invulling te geven aan de ontheffingsbevoegdheid. Burgemeesters hebben kennis over hun gemeente en inwoners en kunnen daarom goed beoordelen wat wenselijk en mogelijk is binnen hun gemeente. Daarnaast is vertrouwen in een van de uitgangspunten bij de uitwerking van het Ontwerpbesluit. Dit houdt in dat er is gekozen om terughoudend te zijn als het gaat om het stellen van regels en vereisten op landelijk niveau, om onnodige belemmeringen en regeldruk te voorkomen. De VNG werkt aan een handreiking voor gemeenten, met ondersteuning vanuit het Rijk, waarin ook modelontheffingen en bijbehorende afwegingskaders worden opgesteld.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">15.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Indien blijkt dat de ontheffingsregeling in de praktijk nauwelijks wordt benut, meent de regering dan dat alsnog voldaan is aan de voorwaarde zoals bedoeld bij het amendement waarop de regeling is gebaseerd<noot id="ID-1241420-d40e546" type="voet"><noot.nr>13</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II 2024/25, <extref doc="kst-35386-17" soort="document" status="actief">35 386, nr. 17</extref>.</noot.al></noot>? Is de regering bereid vervolgens na te denken over een versoepeling?</nadruk>
              </al>
              <al>Het wel of niet willen verlenen van de ontheffing is een keuze van de burgemeester. Op dit moment voeren gemeenten uit meerdere regio’s gesprekken met elkaar om gezamenlijk een keuze te maken om al dan niet gebruik te gaan maken van de ontheffingsmogelijkheid. Een dergelijke keuze betekent niet dat een versoepeling noodzakelijk is. In de toelichting bij het Ontwerpbesluit is opgenomen dat de Wet veilige jaarwisseling in samenhang met de uitwerking van de ontheffingsmogelijkheid drie jaar na inwerkingtreding geëvalueerd zal worden. Indien uit de evaluatie naar voren komt dat er punten zijn die in de uitvoering onvoldoende werken, kan besloten worden het Vuurwerkbesluit te wijzigen.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Grensproblematiek</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">16.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering concreet aangeven welke bindende afspraken reeds zijn gemaakt met grenslanden over verkoop en handhaving?</nadruk>
              </al>
              <al>In het handhavingsplan is een separaat hoofdstuk opgenomen over de aanpak in de grensregio's. Richting de jaarwisseling 2026/2027 wordt ingezet op intensievere samenwerking tussen grensgemeenten en buurlanden, met gezamenlijke handhaving, betere informatie-uitwisseling en duidelijke afstemming over preventie en communicatie. Daarbij kan onder meer het Euregionaal Informatie- en Expertisecentrum (EURIEC) ondersteuning bieden bij grensoverschrijdende, georganiseerde vuurwerkhandel.</al>
              <al>Daarnaast zet Nederland zich al een aantal jaar in op Europees niveau, samen met onder andere Frankrijk, voor strengere regels en versterkte operationele samenwerking om illegale handel en misbruik van zwaar vuurwerk bij de bron aan te pakken</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">17.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Indien dergelijke afspraken ontbreken, op basis waarvan verwacht de regering dan dat grensoverschrijdende aankoop van vuurwerk niet substantieel zal toenemen? Wordt hier een registratie van bijgehouden?</nadruk>
              </al>
              <al>Nee, er wordt zowel door Nederland als door België en Duitsland geen registratie bijgehouden van consumentenvuurwerk aankopen onder Belgische en Duitse wetgeving.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="cur">Staatsrechtelijke zorgvuldigheid bij inwerkingtreding</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">18.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Erkent de regering dat het haar verantwoordelijkheid is om objectief vast te stellen en te onderbouwen dat aan alle randvoorwaarden materieel is voldaan vóórdat het inwerkingtredingsbesluit wordt voorgehangen? Graag ontvangen de leden van de fractie van de BBB hierop een toelichting van de regering.</nadruk>
              </al>
              <al>Aan het inwerkingtredingsbesluit van de Wet is door uw Kamer de voorwaarde verbonden dat deze pas in werking kan treden als, naar tevredenheid van de Eerste en Tweede Kamer, voldaan wordt aan drie voorwaarden te weten: (1) een handhavingsplan, (2) invulling van de ontheffingsmogelijkheid voor burgemeesters bij AMvB en (3) een nadeelcompensatieregeling voor de vuurwerkbranche. Naar het oordeel van het kabinet kan op korte termijn aan deze voorwaarden worden voldaan.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">19.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering bevestigen dat zij geen inwerkingtredingsbesluit zal nemen indien één van de expliciet gestelde randvoorwaarden nog niet volledig en aantoonbaar is gerealiseerd?</nadruk>
              </al>
              <al>Zoals bij vraag 18 is weergegeven is het uiteindelijk aan beide Kamers om te beoordelen of de invulling van de gestelde voorwaarden afdoende is en een definitief besluit te nemen over de inwerkingtredingsdatum.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">20.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Acht de regering het in overeenstemming met de beginselen van rechtszekerheid en behoorlijk bestuur om ondernemers langdurig in onzekerheid te laten terwijl tegelijkertijd wordt toegewerkt naar een vaste datum van inwerkingtreding?</nadruk>
              </al>
              <al>Door nu reeds een geplande datum van inwerkintreding te noemen, wordt beoogd duidelijkheid en zekerheid te bieden aan ondernemers, burgers en uitvoerende instanties. Daarmee kunnen zij zich tijdig op de nieuwe situatie voorbereiden.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">21.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering gemotiveerd uiteenzetten waarom het verantwoord is om de Wet veilige jaarwisseling reeds per 1 augustus 2026 in werking te laten treden?</nadruk>
              </al>
              <al>Het is de uitdrukkelijke wens van een meerderheid van de Tweede Kamer om het vuurwerkverbod ruim voor de komende jaarwisseling in te laten gaan.<noot id="ID-1241420-d40e607" type="voet"><noot.nr>14</noot.nr><noot.al>Kamerstuk <extref doc="kst-28684-836" soort="document" status="actief">28 684, nr. 836</extref>.</noot.al></noot> Ook de uitvoerende partijen, waaronder gemeenten, geven aan voldoende tijd nodig te hebben om zich voor te kunnen bereiden op de uitvoering. Dit is ook benadrukt in o.a. de uitvoeringstoets van de VNG. De VNG heeft daarin aangegeven dat het voor een tijdige invoering nodig is dat in augustus-september 2026 aanvragen voor een ontheffing kunnen worden ingediend. Zo is er voldoende tijd om de aanvragen te beoordelen en ruimte te bieden voor bezwaar. Het is daarom de inzet van het kabinet dat de Wet veilige jaarwisseling en het Besluit veilige jaarwisseling per 1 augustus 2026 in werking treden.</al>
            </al-groep>
            <al>Daarnaast wordt gewerkt aan diverse instrumenten om de gemeenten te helpen bij de uitvoering. Zo stelt de VNG, met ondersteuning van het Ministerie van JenV en IenW een handreiking op. Deze handreiking zal ook rond de zomer beschikbaar zijn. Daarnaast heeft het Ministerie van JenV een handhavingsplan opgesteld. Tot slot werken het ministerie JenV en IenW samen aan een communicatieaanpak en -instrumenten om beschikbaar te stellen aan gemeenten.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van D66</tussenkop>
            <al-groep>
              <al>De leden van de fractie van D66 constateren dat uit de internetconsultatie bij het voorliggende besluit blijkt dat veel organisaties dezelfde zorgen delen. Zo hebben de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Nederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB) en de G4 alle drie zorgen over de handhaafbaarheid.</al>
              <al>
                <nadruk type="vet">1.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Hoe reageert de regering op de zorgen van het lokale gezag op het ontwerpbesluit?</nadruk>
              </al>
              <al>De zorgen van het lokale bevoegde gezag neemt de regering serieus. De regering is in gesprek met o.a. VNG, het NGB en diverse gemeenten. Daarnaast wordt gewerkt aan het bieden van ondersteuning bij de uitvoering met het opstellen van een handreiking, het handhavingsplan en een communicatieaanpak.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">2.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Overweegt de regering het voorliggende ontwerpbesluit aan te passen om aan de zorgen van gemeenten en burgemeesters tegemoet te komen? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?</nadruk>
              </al>
              <al>De Staatssecretaris acht de AMvB verantwoord op basis van de uitgevoerde handhaafbaarheids-, uitvoerbaarheids- en fraudebestendigheidstoetsen door ILT, politie, OM en de uitvoeringstoets van de VNG. Uit deze toetsen volgt dat het Besluit in beginsel uitvoerbaar en handhaafbaar is, met aandachtspunten die verder worden uitgewerkt in o.a. het geüpdatete handhavingsplan en een handreiking voor gemeenten. Zowel Ministerie JenV als IenW ondersteunen zo veel mogelijk de VNG bij het opstellen van de handreiking. Hierbij teken ik aan dat de Tweede Kamer een motie heeft ingediend om de leeftijd op te hogen naar 18 jaar. Het kabinet staat hier positief tegenover. Ik wacht de stemming in de Tweede Kamer komende week af.</al>
            </al-groep>
            <al>In het antwoord op de eerder door de leden van de fractie van D66 gestelde vraag 3 geeft de regering aan dat het gesprek nog gestart moet worden ten aanzien van de rol en inzet van buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) in de handhaving rond de jaarwisseling.<noot id="ID-1241420-d40e643" type="voet"><noot.nr>15</noot.nr><noot.al>Kamerstukken I 2025/26,<extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p.12–13.</noot.al></noot> Het is ook nog niet zeker of deze bevoegdheid aan de boa’s verleend wordt.</al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">3.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Waarom heeft dit gesprek niet plaatsgevonden voordat het aan de orde zijnde ontwerpbesluit naar de Kamer werd gestuurd?</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">4.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Wie wordt er verantwoordelijk voor de handhaving als de bevoegdheid niet aan boa’s wordt verleend en de politie geen rol voor zichzelf in de handhaving ziet?</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">5.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Wanneer moet het bekend zijn wie de ontheffingen zal gaan handhaven, om te zorgen dat er genoeg handhavers kunnen worden geworven en opgeleid?</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">6.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Is de regering het met de leden van de D66-fractie eens dat het noodzakelijk is om vooraf duidelijk te hebben wie de ontheffingen zal gaan handhaven en hoe haalbaar dit volgens de handhavers is?</nadruk>
              </al>
              <al>Antwoord 3 t/m 6: Om duidelijkheid te verschaffen over de handhaving van de Wet Veilige Jaarwisseling en de AMvB was eerst duidelijkheid nodig over de strafbepalingen in de wet- en regelgeving en was een toetsing daarvan nodig via de uitvoeringstoetsen. Nu hierover inschattingen gemaakt zijn door de diverse partners, wordt het gesprek over de rolverdeling tussen politie en boa’s gevoerd. Hierover zal tijdig duidelijkheid komen zodat de partijen zich op de jaarwisseling kunnen voorbereiden.</al>
            </al-groep>
            <al>Het is aan het lokaal gezag om op lokaal niveau invulling te geven aan het toezicht en de handhaving van verleende ontheffingen. Daarbij ligt de nadruk in eerste instantie op bestuursrechtelijke handhaving. Dit betekent dat wordt gecontroleerd of wordt voldaan aan de gestelde ontheffingsvoorwaarden. Dit kan dus door toezichthouders zonder opsporingsbevoegdheden worden uitgevoerd. De politie en boa’s vervullen in dit kader een aanvullende en specifieke rol. Zij treden op wanneer sprake is van de opsporing van strafbare feiten en veiligheid in het geding zijn. De primaire verantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde ligt primair bij de politie.</al>
            <al>Daarnaast vroegen de leden van de fractie van D66 in de eerder door deze leden gestelde vraag 3 aandacht voor de positie van burgemeesters. Het antwoord van de regering over de (maatschappelijke) uitgangspositie van burgemeesters vonden deze leden ontoereikend.</al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">7.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering uitgebreider toelichten hoe dit in haar ogen niet burgemeesters in een onmogelijke (maatschappelijke) uitgangspositie brengt?</nadruk>
              </al>
              <al>De bevoegdheid voor het verlenen van ontheffingen is bij Wet bij de burgemeester neergelegd. Om de burgemeesters te ondersteunen bij deze nieuwe rol ontwikkelt de VNG een handreiking. Deze handreiking is onderdeel van de extra ondersteuning die de VNG in 2026 zal geven bij de uitvoering van de Wet veilige jaarwisseling. Kennisdeling is daarbij het uitgangspunt, zodat de lokale aanpak wordt versterkt en landelijk meer uniformiteit ontstaat. Naast de handreiking bestaat de ondersteuning van de VNG aan gemeenten uit:</al>
              <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
                <li>
                  <li.nr>•</li.nr>
                  <al>Advies geven over uitdagingen rond het verstrekken van ontheffingen, zoals hoeveel ontheffingen te verlenen en lokale criteria om ontheffingen toe te kennen of te weigeren (afwegingskader).</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>•</li.nr>
                  <al>Advies geven over de timing en het proces rond ontheffingen naar burgers.</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>•</li.nr>
                  <al>Opstellen formats.</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>•</li.nr>
                  <al>Opstellen van een webdossier of forum voor de Wet veilige jaarwisseling die in de loop van 2025–2026 wordt aangevuld met het handhavingsplan, de AMvB en andere documenten.</al>
                </li>
              </lijst>
            </al-groep>
            <al>Daarnaast heeft het Ministerie van JenV een handhavingsplan opgesteld.<noot id="ID-1241420-d40e697" type="voet"><noot.nr>16</noot.nr><noot.al>Kamerstukken <extref doc="nds-tk-2026D11923" soort="document" status="actief">2026D11923</extref> en <extref doc="nds-tk-2026D11924" soort="document" status="actief">2026D11924</extref>.</noot.al></noot> In dit handhavingsplan staan acties beschreven ter versterking van de handhaving voor de periode vanaf 2026 en verder. Daarmee zet ook het kabinet vol in op ondersteuning van de burgemeester bij de uitvoering van het Ontwerpbesluit. Zo zullen Politie, OM en gemeenten (via de VNG) gezamenlijk uitgangspunten opstellen die richting geven aan de wijze en intensiteit van handhaven op het vuurwerkverbod. Lokale driehoeken kunnen dit richtinggevend kader gebruiken bij het opstellen van lokale handhavingsplannen.</al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">8.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Ook geeft de regering in de eerder door de leden van de fractie van D66 gestelde vraag 4 aan dat een burgemeester niet verplicht is om ontheffing te verlenen, ook als de aanvrager aan alle vereisten voldoet.<noot id="ID-1241420-d40e712" type="voet"><noot.nr>17</noot.nr><noot.al>Kamerstukken I 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p. 13.</noot.al></noot> Het is nog onduidelijk voor deze leden in hoeverre burgemeesters een afwijzing moeten motiveren. Kan de regering dit verder aan de leden van de fractie van D66 toelichten?</nadruk>
              </al>
              <al>Als gevolg van het amendement Bikker c.s. kunnen burgemeesters op grond van de Wet veilige jaarwisseling ontheffing verlenen, maar zij hoeven dat niet te doen. Gemeenten kunnen daartoe zelf beleid opstellen. Een burgemeester kan een aanvraag die aan de vereisten voldoet toch afwijzen, bijvoorbeeld omdat een beperkt aantal ontheffingen wordt verleend vanwege de beschikbare handhavingscapaciteit of omdat de hele gemeente of een deel daarvan vuurwerkvrij is. Een afwijzing op een ontheffingsaanvraag is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en dient altijd gemotiveerd te zijn. Daarbij kan een burgemeester verwijzen naar (eventueel) opgesteld beleid dat geldt in die gemeente ten aanzien van het al dan niet verlenen van ontheffingen.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">9.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Daarbij zijn de leden van D66 nog steeds bezorgd dat burgemeesters door hun (maatschappelijke) uitgangspositie te veel druk zullen ervaren om een ontheffing af te wijzen. Verwacht de regering dat burgemeesters dit in de praktijk wel zullen doen?</nadruk>
              </al>
              <al>Ik heb in de afgelopen weken meerdere burgemeesters gesproken. Ik heb er begrip voor dat dit een lastige afweging is en ik zal de VNG en de gemeenten daar ook maximaal bij ondersteunen. Lokale driehoeken kunnen adviserend optreden. In colleges en raden worden nu gesprekken gevoerd of en hoe lokaal de ontheffingsbevoegdheid gebruikt gaat worden. Ik vind het goed dat deze gesprekken al anticiperend worden gevoerd. Ook voeren op dit moment gemeenten uit meerdere regio’s gesprekken met elkaar om gezamenlijk een keuze te maken om al dan niet gebruik te gaan maken van de ontheffingsmogelijkheid. Daarmee versterken zij hun uitgangspositie ook. In het kader van het opstellen van de handreiking heeft de VNG een enquête onder de gemeenten uitgezet om onder andere in beeld te brengen in hoeverre gemeenten voornemens zijn gebruik te maken van de ontheffingsmogelijkheid.</al>
            </al-groep>
            <al>Verder lezen de leden van de fractie van D66 dat de politie en de G4 pleiten voor het verhogen van de minimumleeftijd voor ontbranders en supervisors.<noot id="ID-1241420-d40e736" type="voet"><noot.nr>18</noot.nr><noot.al>Brief van de G4 van 4 december 2025 met advies over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling (p. 2) Overheid.nl | Consultatie Besluit veilige jaarwisseling, reactie en brief van de politie van 3 december 2025 met advies over het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling, p. 3. Bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, <extref doc="kst-35386-K" soort="document" status="actief">35 386, K</extref>.</noot.al></noot> De regering geeft in antwoord op de eerder door deze leden gestelde vraag 5 eigenlijk hetzelfde antwoord als in de reactie bij de internetconsultatie, hetgeen deze leden ontoereikend achten.<noot id="ID-1241420-d40e748" type="voet"><noot.nr>19</noot.nr><noot.al>Kamerstukken I 2025/26, <extref doc="kst-35386-N" soort="document" status="actief">35 386, N</extref>, p. 13.</noot.al></noot></al>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">10.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Kan de regering uitgebreider toelichten op welke wijze de nieuw gecreëerde situatie vergelijkbaar is met de situatie waarvoor het huidige Vuurwerkbesluit en de Pyrorichtlijn zijn opgesteld?</nadruk>
              </al>
              <al>In het Vuurwerkbesluit en de Pyrorichtlijn is opgenomen dat particulieren vanaf 16 jaar of ouder consumentenvuurwerk mogen afsteken. De zorgen van de Politie en G4 rondom de verantwoordelijkheid en de gehanteerde leeftijdsgrens zijn serieus door mijn voorganger meegewogen. Daarin is een keuze gemaakt door mijn voorganger. Zo zijn er ook andere overwegingen, zoals het daar waar mogelijk aansluiten bij de huidige vuurwerkregels en het vertrouwen in de eigen verantwoordelijkheid van de ontheffinghouder, supervisor en afsteker. Daarom is de minimale leeftijd van 16 jaar gehandhaafd. Hierbij teken ik aan dat de Tweede Kamer een motie heeft ingediend om de leeftijd op te hogen naar 18 jaar. Het kabinet staat hier positief tegenover. Ik wacht de stemming in de Tweede Kamer komende week af.</al>
            </al-groep>
            <al-groep>
              <al>
                <nadruk type="vet">11.</nadruk>
              </al>
              <al>
                <nadruk type="vet">Deze leden delen de mening van de politie en G4 dat er straks een grote verantwoordelijkheid rust op ontbranders en supervisors, en er door omstanders veel druk op ze kan ontstaan. Daarom vragen deze leden of de regering bereid is om de voorgestelde minimumleeftijd voor ontbranders en supervisors te heroverwegen.</nadruk>
              </al>
              <al>In Nederland kennen we meerdere wetten/regels waarvoor een leeftijdsgrens van 18 jaar gehanteerd wordt. Ook over de grens zoals in Duitsland wordt de leeftijdsgrens van 18 jaar gehanteerd voor het afsteken van consumentenvuurwerk. Gelet de zorgen van de politie en de G4 over de verantwoordelijkheden die afstekers hebben tijdens een dergelijke vuurwerkshow is het denkbaar om de minimale leeftijdsgrens te verhogen. Zie het antwoord op de vorige vraag, ik wacht de stemming in de Tweede Kamer over de motie die dit beoogt, af.</al>
            </al-groep>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <bijlage status="goed">
          <kop kopopmaak="vet">
            <label>BIJLAGE</label>
            <titel>– PLANNING WET VEILIGE JAARWISSELING</titel>
          </kop>
          <al>In onderstaande tabel is een detailplanning opgenomen van het inwerkingtredingsbesluit van de Wet veilige jaarwisseling, het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling (de invulling van de ontheffingsmogelijkheid) en de nadeelcompensatieregeling. Het handhavingsplan, dat onder regie van het Ministerie van JenV wordt ingevuld, is inmiddels aan de Kamers aangeboden.</al>
          <table tabstyle="xml2" frame="topbot" pgwide="2" rowsep="0" colsep="0">
            <tgroup tgroupstyle="xml2" cols="4" char="" charoff="50" align="left">
              <colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="43*" />
              <colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="43*" />
              <colspec colnum="3" colname="col3" colwidth="43*" />
              <colspec colnum="4" colname="col4" colwidth="42*" />
              <thead valign="bottom">
                <row rowsep="1">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>
                      <nadruk type="halfvet">Actie</nadruk>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>
                      <nadruk type="halfvet">AMvB ontheffingsmogelijkheid</nadruk>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>
                      <nadruk type="halfvet">Compensatieregeling</nadruk>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>
                      <nadruk type="halfvet">Inwerkingtredings-besluit Wet veilige jaarwisseling</nadruk>
                    </al>
                  </entry>
                </row>
              </thead>
              <tbody valign="top">
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Beantwoording tweede ronde Eerste Kamervragen</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>17–31 maart 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Informeren Eerste en Tweede Kamer (brief uitgangspunten compensatieregeling en dekking)</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>begin april 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>begin april 2026</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Afronden voorhang AMvB EK</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>31 maart 2026</al>
                    <al>(Uiterlijk voor 15 april)</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Afronden voorhang AMvB TK</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>31 maart 2026</al>
                    <al>Middels tweeminutendebat</al>
                    <al>(Uiterlijk voor 15 april)</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Start voorhang inwerkingtredingsbesluit Wet veilige jaarwisseling</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Mei 2026 (duur tenminste 4 weken)</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Nadere uitwerking compensatieregeling op basis van uitgangspuntenbrief</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>begin april–31 mei 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Notificatie bij EC</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>20 januari t/m 20 april 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Advisering Raad van State</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Medio april–begin juni 2026</al>
                    <al>Kan pas starten als voorhang is afgerond</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Nader rapport</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Eerste helft juni 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Vaststelling</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Derde week juni 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Derde week juni 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Derde week juni 2026</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Publicatie</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 juli 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 juli 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 juli 2026</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Nahang</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1–28 juli 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>n.v.t.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row rowsep="0">
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col1" morerows="0" rotate="0">
                    <al>Inwerkingtreding</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col2" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 augustus 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col3" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 augustus 2026</al>
                  </entry>
                  <entry colsep="0" valign="top" align="left" colname="col4" morerows="0" rotate="0">
                    <al>1 augustus 2026</al>
                  </entry>
                </row>
              </tbody>
            </tgroup>
          </table>
        </bijlage>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>