Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201634191 nr. 15

34 191 Wijziging van wetten teneinde misslagen en omissies in wetten op het terrein van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport herstellen, de broninhouding van eigen bijdragen voor beschermd wonen te kunnen voortzetten en het College bouw zorginstellingen op te heffen (Veegwet VWS 2015)

Nr. 15 VIERDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 9 maart 2016

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel XXXIII wordt «op 1 januari 2016» vervangen door: zes maanden na de inwerkingtreding van deze wet.

B

Artikel XXXIX komt te luiden als volgt

ARTIKEL XXXIX

1. De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

2. De artikelen II tot en met IV, IX, X, XI, onderdeel E, XIII, XVI, onderdeel F, 2, en onderdeel I, XVIII, onderdelen B en G, XX, XXI, XXIV tot en met XXXII, XXXV en XXXVIII, onderdeel A, 2, werken terug tot en met 1 januari 2015.

3. De artikelen XI, onderdelen A tot en met D, XVI, met uitzondering van onderdeel F, 2, en onderdeel I, XVIII, onderdelen AA en F, XIX en XXII werken terug tot en met 1 januari 2016.

C

In artikel XXXX wordt «Veegwet VWS 2015» vervangen door: Verzamelwet VWS 2016.

Toelichting

Artikel XXXIII

In artikel XXXIII is de termijn voor het overbrengen van de archieven van het CBZ naar de rijksarchiefbewaarplaats gewijzigd, omdat overbrenging voor 1-1-2016 niet meer mogelijk is, nu het wetsvoorstel niet in 2015 in werking is kunnen treden. Bepaald is nu dat de overbrenging geschiedt binnen zes maanden na de inwerkingtreding van de wet.

Artikel XXXIX

Artikel XXXIX regelt de inwerkingtreding van het wetsvoorstel.

Het artikel is technisch aangepast om de bepaling in overeenstemming te brengen met de Wet raadgevend referendum (Wrr) en twee misslagen weg te nemen. De bepaling is daardoor bovendien inzichtelijker geformuleerd. De wijziging leidt niet tot materiële wijziging van de inwerkingtreding.

De Wrr (artikel 8) bepaalt dat het tijdstip van inwerkingtreding van een wet waarover een referendum kan worden gehouden, niet eerder kan worden gesteld dan acht weken nadat in de Staatscourant mededeling is gedaan van de mogelijkheid tot het indienen van een zgn. inleidend verzoek tot het houden van een referendum. Artikel XXXIX koppelde de inwerkingtreding echter aan de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin de wet zal worden geplaatst. Artikel 8, tweede lid, van de Wrr bepaalt dat de inwerkingtreding in geval van een «foute» inwerkingtredingsbepaling van rechtswege wordt opgeschort tot de dag na het verstrijken van de termijn van acht weken. Maar het verdient – ter voorkoming van onduidelijkheid – de voorkeur de bepaling alsnog met de Wrr in overeenstemming te brengen.

Het gewijzigde artikel XXXIX van het wetsvoorstel regelt nu dat de verschillende bepalingen van de wet in werking treden op bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstippen.

Voor de bepalingen waarvoor in het tweede lid terugwerkende kracht was voorzien tot 1 januari 2015 (wijzigingen die verband houden met de inwerkingtreding op die datum van de Jeugdwet, de Wmo 2015 en de Wlz), is zulks in het tweede lid opnieuw vastgelegd. Wel zijn in het tweede lid twee misslagen gecorrigeerd. In de opsomming van artikelen die terugwerken tot 1 januari 2015, stond abusievelijk «XIX» in plaats van: IX. De inwerkingtreding van artikel XIX is geregeld in het derde lid. Verder stond in het tweede lid «artikel XI, onderdeel D». Met de derde nota van wijziging is in artikel XI een onderdeel B ingevoegd en zijn de andere onderdelen verletterd; daarbij is helaas verzuimd in artikel XXXIX, tweede lid, de verwijzing naar onderdeel D te vervangen door een verwijzing naar onderdeel E.

Artikel XXXX

Ter voorkoming van misverstanden omtrent de inhoud van de wet, is ervoor gekozen de citeertitel aan te passen. In plaats van Veegwet VWS 2015 wordt deze nu aangeduid met het iets ruimere begrip Verzamelwet VWS 2016.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers