33 962 Regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet)

Nr. 58 AMENDEMENT VAN HET LID BISSCHOP

Ontvangen 4 juni 2015

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel 2.15 wordt na het eerste lid een lid ingevoegd, luidende:

  • 1a. De omgevingswaarden, bedoeld in het eerste lid, onder d, worden zodanig vastgesteld dat de kans op overlijden door een overstroming in ieder geval niet groter is dan een op de honderdduizend per jaar.

Toelichting

De waterveiligheidsnormen voor primaire waterkeringen zijn tot op heden opgenomen in de wet zelf (Waterwet) en niet in de onderliggende algemene maatregel van bestuur (Waterbesluit). In het voorliggende wetsvoorstel wordt de vaststelling van deze normen gedelegeerd naar een algemene maatregel van bestuur. De indiener vindt dit onvoldoende recht doen aan het grote belang van waterveiligheid. De hoogte van deze normen is bepalend voor de mate waarin vele burgers en bedrijven beschermd worden tegen overstromingen en voor het budget (miljarden euro’s) wat nodig is voor onder meer dijkversterkingen (Deltafonds). De indiener hecht grote waarde aan goede democratische legitimatie hiervan.

De indiener stelt daarom voor om in de Omgevingswet het minimale beschermingsniveau op te nemen, zoals verwoord in het Deltaprogramma (2015, Deltabeslissing waterveiligheid): voor iedereen in Nederland achter dijken en duinen is op termijn de kans op overlijden door een overstroming niet groter dan 1:100.000 per jaar. Zoals ook aangegeven in het Deltaprogramma (2015) moet dit beschermingsniveau vervolgens vertaald worden in normspecificaties per dijktraject. Deze normspecificaties per dijktraject dienen in de onderliggende algemene maatregel van bestuur opgenomen te worden. Daarbij kan ervoor gekozen worden om in bepaalde gebieden een hoger beschermingsniveau te hanteren, zoals dit ook in het Deltaprogramma (2015) is aangegeven.

Bisschop

Naar boven