Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201232845 nr. 6

32 845 Voorstel van wet van de leden Monasch, Bashir, Van Gent en Verhoeven tot wijziging van de Wet personenvervoer 2000 teneinde inbesteding van openbaar vervoer mogelijk te maken in een plusregio die de gemeente Amsterdam, ’s-Gravenhage, Rotterdam of Utrecht omvat

Nr. 6 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 10 mei 2012

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

I

In de aanhef wordt na de zinsnede «Zo is het, dat Wij, de» een zinsnede ingevoegd, luidende: Afdeling advisering van de.

II

In artikel I wordt onderdeel A als volgt gewijzigd:

1. In de aanhef wordt «onderdeel o» vervangen door: onderdeel p.

2. De zinsnede «p. verordening (EG) 1370/2007: verordening (EG)» wordt vervangen door: q. verordening 1370/2007/EG: verordening.

III

In artikel I, onderdeel B, wordt de aanhef vervangen door: In artikel 2 wordt onder vernummering van het vierde lid tot vijfde lid een lid ingevoegd, luidende:.

IV

In artikel I, onderdeel F, onder punt twee, wordt na de zinsnede «wordt gehouden voorafgaand» een zinsnede ingevoegd, luidende: aan de verlening.

V

In artikel I komt de aanhef van onderdeel J te luiden: Het opschrift van hoofdstuk III, paragraaf 4, komt te luiden:.

VI

In artikel I komt onderdeel K te luiden:

K

Artikel 61 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

1. Concessies voor het openbaar vervoer, met uitzondering van een op grond van artikel 64, eerste lid, verleende concessie, worden slechts verleend nadat daartoe een aanbesteding is gehouden.

2. Het vijfde lid komt te luiden:

5. In bij of krachtens algemene maatregel van bestuur bepaalde gevallen kan het eerste lid buiten toepassing gelaten worden voor de verlening van een concessie voor regionaal vervoer per trein als bedoeld in artikel 20, derde lid.

VII

In artikel I, onderdeel L, wordt in artikel 62, vijfde lid, de zinsnede «Het eerste en tweede lid» vervangen door: Het eerste, tweede en derde lid.

VIII

In artikel I wordt onderdeel M als volgt gewijzigd:

1. In artikel 63a wordt de zinsnede «Een concessieverlener voor openbaar vervoer, anders dan per trein, kan» vervangen door: In afwijking van artikel 61, eerste lid, kan een concessieverlener voor openbaar vervoer, anders dan per trein,.

2. In artikel 63b, eerste lid, wordt in de onderdelen a en b de zinsnede «de concessie, als bedoeld in de aanhef» vervangen door: de concessie, bedoeld in de aanhef.

3. In artikel 63b, eerste lid, onderdeel b, wordt de zinsnede «als bedoeld in artikel 62, tweede lid» vervangen door: als bedoeld in artikel 62, derde lid.

4. In artikel 63c, eerste lid, wordt de zinsnede «het in die concessie beschreven openbaar vervoer een subsidie» vervangen door: die concessie een subsidie.

5. In artikel 63c, tiende lid, wordt de zinsnede «voldoet aan in de in onderdeel 5» vervangen door: voldoet aan de in onderdeel 5.

IX

In artikel I, onderdeel O, onder punt twee, wordt «In het vierde lid» vervangen door: In het vijfde lid.

X

In artikel I, onderdeel Q, wordt in het eerste lid van artikel 94 de zinsnede «vierde, en zesde tot en met tiende lid en elfde lid, onderdeel c,» vervangen door: vierde, zesde tot en met tiende en elfde lid, onderdeel b,.

XI

In artikel I, onderdeel R, wordt in het eerste lid van artikel 96a de zinsnede «eerste, tweede, vierde, en zesde tot en met tiende lid en elfde lid, onderdeel c,» vervangen door: eerste, tweede, vierde, zesde tot en met tiende en elfde lid, onderdeel b,.

XII

In artikel I wordt na onderdeel S een onderdeel ingevoegd, luidende:

Sa

Artikel 109 vervalt.

XIII

In artikel I wordt onderdeel T als volgt gewijzigd:

1. In artikel 124a wordt de zinsnede «voor de inwerkingtreding van deze wet» vervangen door: voor de inwerkingtreding van het bij geleidende brief van 8 juli 2011 ingediende voorstel van wet van de leden Monasch, Bashir, Van Gent en Verhoeven tot wijziging van de Wet personenvervoer 2000 teneinde inbesteding van openbaar vervoer mogelijk te maken in een plusregio die de gemeente Amsterdam, ’s-Gravenhage, Rotterdam of Utrecht omvat (Wet Aanbestedingsvrijheid OV grote steden) (Kamerstukken 32 845).

2. Artikel 124b komt te luiden:

Artikel 124b

Een concessie verleend aan een gemeentelijk vervoerbedrijf blijft van kracht, tenzij er reeds sprake is van een vervoerder aan wie op grond van artikel 63a een concessie is verleend en die concessie vervalt.

3. In artikel 124d, eerste lid, wordt de zinsnede «voor de inwerkingtreding van deze wet» vervangen door: voor de inwerkingtreding van het bij geleidende brief van 8 juli 2011 ingediende voorstel van wet van de leden Monasch, Bashir, Van Gent en Verhoeven tot wijziging van de Wet personenvervoer 2000 teneinde inbesteding van openbaar vervoer mogelijk te maken in een plusregio die de gemeente Amsterdam, ’s-Gravenhage, Rotterdam of Utrecht omvat (Wet Aanbestedingsvrijheid OV grote steden) (Kamerstukken 32 845).

XIV

Na artikel I wordt een artikel ingevoegd, luidende:

ARTIKEL IA

Deze wet wordt aangehaald als: Wet Aanbestedingsvrijheid OV grote steden.

Toelichting

Deze nota van wijziging beoogt het herstel van enkele gebleken omissies in het voorstel van wet van de leden Monasch, Bashir, Van Gent en Verhoeven tot wijziging van de Wet personenvervoer 2000 teneinde inbesteding van openbaar vervoer mogelijk te maken in een plusregio die de gemeente Amsterdam, ’s-Gravenhage, Rotterdam of Utrecht omvat (Wet Aanbestedingsvrijheid OV grote steden) (Kamerstukken II, 2010–2011, 32 845, nr. 2).

I

Deze wijziging vloeit voort uit het feit dat de Afdeling advisering van de Raad van State wordt gehoord over wetsvoorstellen. In de huidige aanhef is abusievelijk «de Raad van State» opgenomen in plaats van «de Afdeling advisering van de Raad van State».

II

Dit onderdeel betreft een technische wijziging in artikel I, onderdeel A, naar aanleiding van de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel A, van de Wet van 16 december 2010 tot wijziging van de Spoorwegwet, de Wet personenvervoer 2000 en de Wet op de economische delicten ter implementatie van de richtlijnen 2007/58/EG, 2007/59/EG, 2008/57/EG en 2008/110/EG (2011, 218).

III

Dit onderdeel betreft een technische wijziging in artikel I, onderdeel B, naar aanleiding van de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel B, van de Wet van 16 december 2010 tot wijziging van de Spoorwegwet, de Wet personenvervoer 2000 en de Wet op de economische delicten ter implementatie van de richtlijnen 2007/58/EG, 2007/59/EG, 2008/57/EG en 2008/110/EG (2011, 218).

IV

Dit onderdeel betreft een technische wijziging van de wettekst ter verduidelijking van het artikellid.

V

Dit onderdeel betreft een technische verduidelijking van de wijzigingsopdracht.

VI

Dit onderdeel regelt dat de mogelijkheid blijft bestaan om onder voorwaarden de concessies voor regionaal spoor onderhands te gunnen.

VII

Artikel 62, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000 regelt dat een concessieverlener of bestuursorgaan een vervoerder aan wie een concessie is verleend kan uitsluiten van de aanbesteding van vervoer onder bepaalde voorwaarden. Echter, op het moment dat een onherroepelijk besluit is genomen op basis van artikel 5, tweede lid, onderdeel c, van de verordening (EG) 1370/2007 mag een vervoerder als bedoeld in artikel 62, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000 niet meer worden uitgesloten van een openbare aanbesteding. Als een besluit als bedoeld in de vorige zin genomen is, kan het derde lid van artikel 62 van de Wet personenvervoer 2000 niet langer van toepassing zijn. Dit wordt geregeld door middel van deze wijziging.

VIII

Dit onderdeel herstelt een aantal juridisch-technische gebreken in artikel I, onderdeel M.

IX

Dit onderdeel betreft een technische wijziging in artikel I, onderdeel O, naar aanleiding van de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel E, van de Wet van 16 december 2010 tot wijziging van de Spoorwegwet, de Wet personenvervoer 2000 en de Wet op de economische delicten ter implementatie van de richtlijnen 2007/58/EG, 2007/59/EG, 2008/57/EG en 2008/110/EG (2011, 218).

X

Dit onderdeel herstelt een onjuiste verwijzing in artikel I, onderdeel Q.

XI

Dit onderdeel herstelt een onjuiste verwijzing in artikel I, onderdeel R.

XII

Dit onderdeel zorgt ervoor dat artikel 109 van de Wet personenvervoer komt te vervallen. Dit is noodzakelijk omdat artikel 69 van de Wet personenvervoer 2000 komt te vervallen. Op het moment dat artikel 69 van de Wet personenvervoer 2000 komt te vervallen, heeft artikel 109 van diezelfde wet zijn betekenis verloren.

XIII

De subonderdelen 1 en 3 van onderdeel XI regelen dat het gehele opschrift van het wetsvoorstel in artikel 124a en 124d van de Wet personenvervoer 2000 wordt opgenomen. Er dient duidelijk in de Wet personenvervoer 2000 te worden opgenomen over de inwerkingtreding van welk wetsvoorstel gesproken wordt in de artikelen 124a en 124d van de Wet personenvervoer 2000.

Subonderdeel 2 van onderdeel XI schrapt de data 1 januari 2013 en 1 januari 2017 uit het wetsvoorstel. Met het schrappen van deze data wordt in het overgangsrecht geregeld dat een concessie die is verleend aan een gemeentelijk vervoerbedrijf van kracht blijft, tenzij er reeds sprake is van een vervoerder aan wie op grond van artikel 63a een concessie is verleend en die concessie vervalt. Het moment waarop die concessie vervalt, is niet langer relevant.

XIV

Met dit artikel wordt een citeertitel aan het wetsvoorstel toegevoegd. De citeertitel luidt: Wet Aanbestedingsvrijheid OV grote steden. Met deze wijziging wordt tevens aan het opschrift de genoemde citeertitel toegevoegd.

Monasch Bashir Van Gent Verhoeven