Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201132372 nr. 65

32 372 Wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen

Nr. 65 MOTIE VAN HET LID GRASHOFF C.S.

Voorgesteld 13 september 2011

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat de Europese en Nederlandse toelating van glyfosaat is gebaseerd op oude, niet-onafhankelijke en niet-openbare studies en de laatste toelating dateert van 2002;

overwegende, dat uit wetenschappelijk onderzoek van na 2002 blijkt dat glyfosaat, een stof die bijvoorbeeld voorkomt in onkruidverdelgingsmiddel Roundup, geboorteafwijkingen, hormoonverstorende effecten, dode reptielen en amfibieën en verstoorde bodemsystemen veroorzaakt;

overwegende, dat glyfosaat een concrete bedreiging vormt voor de productie van drinkwater uit oppervlaktewater;

overwegende, dat de gemiddelde afzet van glyfosaat de afgelopen jaren 960 ton was;

overwegende, dat een groot deel van het glyfosaatgebruik voor niet-commerciële doeleinden is en het maatschappelijk belang van het gebruik gering;

overwegende, dat er alternatieve bestrijding van onkruid mogelijk is;

verzoekt de regering een verbod in te stellen voor gebruik van gewasbeschermingsmiddelen met glyfosaat voor niet-commerciële doeleinden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Grashoff

Jacobi

Van Veldhoven