﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="sg" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30989-1/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>1/2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2006-2007 A</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="v2_9__3.8" markup="1xa"></versie>
    <ordernr>KST105982</ordernr>
    <vergjaar>2006-2007</vergjaar>
    <volgnr>A</volgnr>
    <onderw>
      <nummer>30 989</nummer>
      <naam>Oprichting Stichting Kosmopolis</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>1</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP</titel>
      <al>Aan de Voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Den Haag, <datum>21 maart 2007</datum></al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen
op 21 maart 2007. De wens over de voorgenomen rechtshandeling nadere
inlichtingen te ontvangen kan door of namens een van beide Kamers of door
ten minste vijftien leden van de Eerste Kamer dan wel dertig leden van de
Tweede Kamer te kennen worden gegeven uiterlijk 19 april 2007.  
Het oordeel dat de voorgenomen rechtshandeling een voorafgaande machtiging
bij de wet behoeft kan door een van beide Kamers worden uitgesproken uiterlijk
op 19 april 2007 dan wel binnen veertien dagen na het verstrekken van
de in de vorige volzin bedoelde inlichtingen.Met deze brief breng ik u op
de hoogte van het voornemen om de stichting Kosmopolis op te richten<voetref refid="v1.1" nr="1"></voetref>. Hiermee geef ik uitvoering aan artikel 34, eerste lid,
van de Comptabiliteitswet 2001. De oprichting houdt direct verband met de
Kabinetsbeslissing tot het oprichten van een Huis voor de culturele dialoog,
waarover de staatssecretarissen van Buitenlandse Zaken en Cultuur eerder met
uw Kamer hebben gesproken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Met de Algemene Rekenkamer heeft overleg plaatsgevonden, zoals voorgeschreven
in artikel 96, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2001. Daarnaast heeft,
conform het kader voor stichtingen dat de minister van Financiën op 11 december
2006 aan de Tweede Kamer heeft aangeboden<voetref refid="v1.2" nr="2"></voetref>, overleg
plaatsgevonden met het DG MOS van het ministerie van BZK en het DG Rijksbegroting
van het ministerie van Financiën.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ter toelichting ga ik hieronder in op:</al>
      <al>1. de aanleiding en achtergrond van Kosmopolis;</al>
      <al>2. het doel en de opzet van de stichting;</al>
      <al>3. de vormgeving van de subsidierelatie.</al>
      <tuskop letat="vet">1. Aanleiding en achtergrond van Kosmopolis</tuskop>
      <al>In opdracht van de staatssecretarissen van Buitenlandse Zaken en Cultuur
heeft de werkgroep Pröpper de mogelijkheden verkend voor de oprichting
van een activiteitenprogramma met als werktitel Huis voor de culturele dialoog.
Begin juni 2006 besloot het kabinet tot een pilot van drie jaar (2006–2008)
waarin onder de naam Kosmopolis een aansprekend en relevant programma gelanceerd
zal worden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Uitgangspunt van Kosmopolis is de maatschappelijke behoefte aan meer binding
tussen de burgers in onze samenleving. Kunst en cultuur worden ingezet om
kennis over én contact tussen de verschillende culturen die horen
bij de groepen in onze samenleving tot stand te brengen. Kosmopolis wordt
een artistiek platform, waarvan het uitgangspunt is dat via tentoonstellingen,
literatuur, muziek, poëzie, dans, film, overige artistieke disciplines
en nieuwe media kennis over én contact tussen groepen met een uiteenlopende
achtergrond tot stand komt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Kosmopolis richt zich in het bijzonder op programmering, waarbij gebruik
wordt gemaakt van bestaande locaties. Kosmopolis fungeert hierbij als platform,
als netwerk. De G-4 steden zetten ieder hun eigen stedelijke Kosmopolis op
en het landelijke platform biedt coördinatie en een gezamenlijke vlag,
landelijke en internationale programma’s.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In het najaar van 2006 is Kosmopolis gelanceerd in de vorm van een nationaal
programma. Eind 2007 zal een evaluatie plaatsvinden. De uitkomsten van die
evaluatie wil ik laten meewegen bij mijn beslissing over het toekennen van
subsidie voor 2008 en bij de besluitvorming over de mogelijke voortzetting
en uitbreiding van de pilot.</al>
      <tuskop letat="vet">2. Doel en opzet van de Stichting Kosmopolis</tuskop>
      <al>Totdat de stichting Kosmopolis is opgericht, vinden de activiteiten plaats
onder de vlag van de stichting Internationale Culturele Activiteiten (SICA).
Gezien de aard van de activiteiten is de keuze voor SICA als tijdelijke uitvoerder
binnen de bestaande mogelijkheden de meest voor de hand liggende. De SICA
houdt zich bezig met internationale culturele activiteiten en beleid. De bedoeling
is echter dat de activiteiten zo spoedig mogelijk worden ondergebracht bij
een eigenstandige privaatrechtelijke rechtspersoon, de stichting Kosmopolis.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Stichting Kosmopolis zal als doelstelling hebben: het tot stand brengen
van een brede ontmoeting tussen bevolkingsgroepen langs de weg van culturele
en kunstzinnige stedelijke activiteiten. De activiteiten dragen een intercultureel
karakter, dat wil zeggen dat zij zich niet richten op één bevolkingsgroep
of religie. Ze zijn onderscheidend ten opzichte van wat nu al gebeurt en breed
toegankelijk. Ze worden georganiseerd onder de expliciete vlag van Kosmopolis.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Met inachtneming van het kader voor stichtingen heb ik onderzocht of de
voorgenomen stichtingsvorm de juiste is. De stichtingsvorm van Kosmopolis
sluit allereerst aan bij het ideële – not for profit – karakter
van de activiteiten en het feit dat de organisatie geen winstoogmerk heeft
en geen onderneming drijft. De stichting zal een platform, een netwerk zijn
om de G-4 in gezamenlijkheid te laten werken aan de doelstellingen van Kosmopolis.
Om de samenwerking met de stedelijke partners in te vullen is geregeld dat
de bestuurssamenstelling in nauw overleg met de G-4 wordt gekozen, zodat die
de samenwerking tussen Kosmopolis en de steden zal ondersteunen en verankeren.
Aansluiting bij een bestaande stichting in het cultuurveld ligt om die reden
al niet voor de hand. Vanwege de activiteiten van Kosmopolis op het terrein
van cultuur en diversiteit zijn er raakvlakken met de activiteiten van de
SICA. Zij zijn echter ook weer verschillend zodat duurzaam samenbrengen in
een en dezelfde stichting tekort zou doen aan de doelstellingen van zowel
Kosmopolis als SICA: De SICA richt zich primair op internationale culturele
activiteiten en beleid, Kosmopolis heeft als primaire taak het aanjagen van
de culturele dialoog.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Het Rijk behoort in beginsel geen betrokkenheid te hebben bij het oprichten
van stichtingen. De feitelijke oprichtingshandelingen worden in dit geval
verricht door de SICA. De relatie van OCW met Kosmopolis blijft beperkt tot
het verstrekken van subsidie binnen de daarvoor geldende kaders.
Met de gekozen opzet worden de uitgangspunten van het kabinetsbeleid ten aanzien
van stichtingen gevolgd.</al>
      <tuskop letat="vet">3. Vormgeving van subsidierelatie</tuskop>
      <al>Ik ben voornemens de stichting Kosmopolis subsidie te verlenen op grond
van de AWB, de Wet specifiek cultuurbeleid, het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen
en de Regeling subsidies en uitkeringen cultuuruitingen. Op grond hiervan
heeft de Algemene Rekenkamer controlebevoegdheid in het kader van artikel
91, lid 1, aanhef en sub c, van de Comptabiliteitswet 2001.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ik zal uw Kamer tijdig informeren over relevante ontwikkelingen bij de
realisatie van het programma.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mede namens de
Minister van Buitenlandse Zaken,</functie>
        <naam>R. H. A. Plasterk</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
  <voetnoot id="v1.1" nr="1">
    <al>Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v1.2" nr="2">
    <al>TK 2006–2007, 25 268, nr. 42.</al>
  </voetnoot>
</kamerwrk>