﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="nota">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30518-2/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2005-2006</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="wit.xns__3.5" markup="1xa"></versie>
    <ordernr>KST96290</ordernr>
    <vergjaar>2005-2006</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>30 518</nummer>
      <naam>Conflict over de bebouwing van het Groenenbergterrein in de gemeente
Haarlemmermeer</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>2</nummer>
      <titel>INITIATIEFNOTA</titel>
      <plaatje file="kst-30518-2-1.gif" width="112.5mm" height="77mm" color="no" format="gif"></plaatje>
      <plaatje file="kst-30518-2-2.gif" width="112.5mm" height="78.4mm" color="no" format="gif"></plaatje>
      <tuskop letat="vet">Conflict over de bebouwing van het Groenenbergterrein
in de gemeente Haarlemmermeer</tuskop>
      <al>Voorstel tot verificatie van de conclusies van het onderzoek van het lid
Adri Duivesteijn betreffende het conflict over de bebouwing van het Groenenbergterrein
in de gemeente Haarlemmermeer tussen de Staat der Nederlanden, de provincie
Noord-Holland, de gemeente Amsterdam, de gemeente Haarlemmermeer, de Luchtverkeersleiding
Nederland (LVNL) en de NV Luchthaven Schiphol (NVLS) enerzijds, en de gebiedsontwikkelaar
Chipshol anderzijds.</al>
      <tuskop letat="vet">DE KWESTIE</tuskop>
      <al>Hoe het begon: Chipshol verwierf het Groenenbergterrein in 1990 op verzoek
van Schiphol Area Development Company. Het Groenenbergterrein gelegen aan
het uiteinde van de Aalsmeerbaan in de gemeente Haarlemmermeer. De SADC is
een gebiedsontwikkelaar waarin zowel de gemeente Haarlemmermeer, de provincie
Noord-Holland als ook de NV Luchthaven Schiphol aandeelhouder zijn.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Vanaf 1996 verzet de LVNL zich tegen de bebouwing van het Groenenbergterrein
en geeft aan dat zij zich baseert op eigen onderzoek waaruit blijkt dat de
voorgestelde bebouwing een verstoring veroorzaakt van de navigatiefunctie
die strijdig is met de «internationale regels voor de luchtvaart».
Er is eveneens verzet tegen de mogelijke bebouwing door de NV Luchthaven Schiphol
(NVLS) en Schiphol Real Estate (SRE). De laatste maatschappij tekent –
soms zelfstandig, soms namens de NV Luchthaven Schiphol – bezwaar aan
tegen de verschillende publiekrechtelijke regelingen die bebouwing wettelijk
mogelijk moeten maken. Al deze bezwaren worden óf niet ontvankelijk
verklaard, óf verworpen door de Raad van State. Op 4 september
2002 – twaalf jaar na de overeenkomst tussen SADC en Chipshol om grond
te verwerven ten behoeve van ontwikkeling – zijn alle beroepsprocedures
tegen het uitwerkingsplan uitgeput. Chipshol kan een begin maken met de aanvraag
voor de bouwvergunning en een aanvang maken met de bouw van kantoren en bedrijfsgebouwen
op het Groenenbergterrein. Tenminste dat dacht men.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Op 3 oktober 2002 begint er in volstrekte beslotenheid een –
voor Chipshol – onnavolgbaar proces dat zal uitmonden in «een
verzoek» van de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat mw. drs.
M.H. Schultz van Haegen tot het nemen van een voorbereidingsbesluit voor o.a.
het Groenenbergterrein. Doel van het voorbereidingsbesluit is het opschorten
van de bestaande regelgeving en de gemeente in de gelegenheid te stellen een
nieuw bestemmingsplan voor een gebied op te stellen. In het geval van het
Groenenbergterrein moeten die nieuwe regels in overeenstemming zijn met het
Luchthavenindelingsbesluit (LIB) dat op 20 februari 2003 in werking zal
treden. Hoewel er – naar de opvatting van de staatssecretaris –
voor de gemeente geen noemenswaardige juridische risico’s zijn, gaat
zij akkoord met het vrijwaren van schadeclaims die de gemeente mogelijk zouden
kunnen treffen. Het is deze vrijwaring die er voor zorgt dat de gemeenteraad
op donderdag 21 november 2002 – in een besloten avondvergadering –
instemt met het verzoek van een hogere overheid. Nog geen halve dag na het
raadsbesluit – vrijdag 22 november omstreeks 10.00 uur –
ontvangt Chipshol van het College van B&amp;W haar bouwaanvraag retour met
het stempel «GEWEIGERD». Het voorbereidingsbesluit zal op zaterdag
23 november 2002 ingaan.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Door deze weigering is Chipshol haar bouwrecht kwijtgeraakt. De indiening
van een nieuwe bouwaanvraag, ná de inwerkingtreding van het voorbereidingsbesluit,
geeft de gemeente Haarlemmermeer de mogelijkheid om de toetsing
ervan op te schorten totdat er een nieuw bestemmingsplan is waarin de regels
voor het LIB zijn opgenomen. Doordat Chipshol, via een anoniem telefoontje,
wordt getipt om een voor hen belangrijke advertentie in de Staatscourant te
lezen, begrijpt Chipshol dat zij haar wettelijke bouwrechten nog diezelfde
dag kwijt zal raken. De resterende uren worden door Chipshol gebruikt om nog
voor het ingaan van het voorbereidingsbesluit een nieuwe – aangepaste –
bouwaanvraag in te dienen. Hierdoor blijft het bouwrecht voor het Groenenbergterrein
te elfder ure overeind en, indien de bouwaanvraag voldoet aan de dan nog geldende
wet- en regelgeving, is de gemeente wettelijk verplicht een vergunning af
te geven. Door de actie van Chipshol is de «zorgvuldig» gecoördineerde
actie van o.a. de gemeente Haarlemmermeer mislukt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Nu het bouwrecht van Chipshol overeind is gebleven wordt er opnieuw binnenskamers
gezocht naar mogelijkheden om op een ander wijze bebouwing van het Groenenbergterrein
te voorkomen. Nu richten de NV Luchthaven Schiphol en de LVNL zich tot de
staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat. Deze kan immers met gebruikmaking
van afdeling 4 van het Hoofdstuk IV van de (oude) Luchtvaartwet voor het Groenenbergterrein
een bouwverbod opleggen. Ook nu is er sprake van een gecoördineerd optreden.
Een bouwverbod is immers alleen mogelijk onder het regiem van de Luchtvaartwet.
Met de invoering van de LIB vervalt deze wet en daarmee de mogelijkheid tot
het nemen van een bouwverbod omdat het LIB uitgaat van de bestaande situatie,
waaronder de acceptatie van bestaande bouwrechten. Op 11 februari 2003
geeft de gemeente Haarlemmermeer een bouwvergunning voor het bouwplan Groenenbergterrein
af. Op 19 februari 2003, 24 uur voor het aflopen van deze Luchtvaartwet,
legt de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat een bouwverbod voor het
Groenenbergterrein op.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Na de afkondiging van het bouwverbod voor het bouwplan van Chipshol voor
het Groenenbergterrein verplaatst het conflict zich naar de rechtbank. De
betrokken partijen communiceren uitsluitend nog met elkaar via advocaten die
elkaar aan de tafels van beroepscommissies en de rechtbank van Haarlem treffen.
De tussenstand van al die juridische procedures toont het schokkend beeld
van een particuliere ondernemer versus betrokken overheden en aan overheidsgelieerde
partijen:</al>
      <tuskop letat="vet">Provincie Noord-Holland</tuskop>
      <al>– Gedeputeerde Staten van Noord-Holland hebben bij besluit van 10 oktober
2000 goedkeuring onthouden aan het besluit van B&amp;W Haarlemmermeer van
4 juli 2000 tot vaststelling van een wijzigingsplan voor het Groenenberg-terrein.
Bij uitspraak van 5 september 2001 heeft de afdeling bestuursrechtspraak
van de Raad van State het besluit van GS van 10 oktober 2000 vernietigd.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>– GS keurden bij besluit van 12 februari 2002 in tweede instantie
de wijziging van de agrarische bestemming naar de bedrijfsbestemming goed.
Nu werd echter aan de ontsluiting van het Groenenbergterrein goedkeuring onthouden.
Bij uitspraak van 4 september 2002 heeft de Raad van State het besluit
van GS van 12 februari 2002 vernietigd. De voorzitter van de Raad van
State heeft van zijn bevoegdheid gebruik gemaakt om zelf in de zaak te voorzien
door in plaats van GS zelf de ontsluiting goed te keuren.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>– Door Chipshol is in 2002 een schadeprocedure aangespannen tegen
de provincie. In die procedure is vergoeding gevorderd van alle schade welke
geleden is ten gevolge van de onrechtmatige daad welke de provincie heeft
begaan door het tot twee maal toe afwijzen van het wijzigingsplan.
Op 21 januari 2004 is in deze procedure vonnis gewezen. De Rechtbank
heeft geoordeeld dat de provincie aansprakelijk is voor de door Chipshol geleden
vertragingsschade vanaf het moment van de eerste weigering tot het moment
van goedkeuring door de Raad van State. Bij arrest van 15 december 2005
heeft het Gerechtshof te Amsterdam de aansprakelijkheid van de Provincie bevestigd
en een deskundigenbericht gelast. Deskundigen van Chipshol ramen de schade
op € 65 miljoen.</al>
      <tuskop letat="vet">Gemeente Haarlemmermeer</tuskop>
      <al>– Onmiddellijk na de goedkeuring door de Raad van State van het
bestemmingsplan heeft Chipshol per 12 september 2002 een bouwaanvraag
voor de eerste fase van het Groenenbergterrein ingediend. Per 20 november
2002 weigerde de gemeente vergunning af te geven voor deze bouwaanvraag. Chipshol
is daartegen in beroep gegaan. Op 15 juni 2005 oordeelde de Raad van
State het beroep van Chipshol ongegrond. Naar aanleiding van de feitenreconstructie
van B&amp;W van 22 februari jl. heeft Chipshol de Raad van State op 15 maart
2006 verzocht om heropening van haar beroep.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>– Op diezelfde periode dat de gemeente de bouwaanvraag voor fase
I weigerde, nam de gemeente een voorbereidingsbesluit teneinde bebouwing van
het Groenenbergterrein onmogelijk te maken. Chipshol heeft beroep aangetekend
tegen het voorbereidingsbesluit. Op 29 december 2004 verklaarde de Raad
van State het beroep van Chipshol gegrond.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>– In de ochtend van 22 november 2002 krijgt Chipshol een anoniem
telefoontje over het feit dat de gemeenteraad een voorbereidingsbesluit heeft
genomen. Toen duidelijk werd dat de ingediende bouwaanvraag geweigerd was,
heeft Chipshol nog diezelfde middag een nieuwe bouwaanvraag ingediend</al>
      <witreg></witreg>
      <al>– Op 15 januari 2005 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen
waarbij aan Chipshol spijt werd betuigd voor het gebeuren, en met de opdracht
aan B&amp;W om met Chipshol te overleggen over een schadevergoeding. Chipshol
heeft de gemeente schriftelijk verzocht haar aansprakelijkheid te erkennen.</al>
      <tuskop letat="vet">NV Luchthaven Schiphol</tuskop>
      <al>– Toen er opnieuw sprake was van een rechtsgeldige bouwaanvraag
voor het Groenenbergterrein heeft president-directeur Cerfontaine van de luchthaven
op 10 januari 2003 de staatssecretaris verzocht een bouwverbod af te
kondigen. De bevoegdheid tot het opleggen van een bouwverbod ontleent de Staat
aan de Luchtvaartwet. Artikel 50 van de Luchtvaartwet bepaalt dat de exploitant
van de Luchthaven aan degene die door het opgelegde bouwverbod schade lijdt,
een schadeloosstelling aanbiedt. De Luchthaven heeft dit nagelaten. Artikel
52 Luchtvaartwet bepaalt dat in dat geval de schadegerechtigden zelf, binnen één
jaar, een vordering tot schadevergoeding kunnen indienen tegen de Luchthaven
bij de burgerlijke rechter. Chipshol heeft dat op 16 september 2003 gedaan.
In deze procedure wordt een vergoeding van de geleden schade gevorderd. Deskundigen
van Chipshol ramen de schade op € 97,2 miljoen. Op 12 januari
en 30 maart 2005 heeft de Rechtbank Haarlem tussenvonnissen gewezen.
De Rechtbank heeft de luchthaven veroordeeld tot de betaling van de door Chipshol
geleden schade die het gevolg is van het bouwverbod. De Rechtbank heeft voor
de vaststelling van de precieze schade drie deskundigen benoemd. De deskundigen
ramen de schade in een voorlopig rapport op € 17.0 miljoen schade.
Op 15 januari 2004 heeft de NV Luchthaven Schiphol de Staat der Nederlanden
gedagvaard teneinde een vrijwaring van de aan Chipshol te betalen schadeclaim
te bewerkstelligen. Op 26 oktober 2005 heeft de advocaat van de Luchthaven
de staatssecretaris verzocht het bouwverbod voor het Groenenbergterrein op
te heffen.</al>
      <tuskop letat="vet">De LVNL (Luchtverkeersleiding Nederland)</tuskop>
      <al>– Op 7 maart 2006 heeft Chipshol de LVNL middels een dagvaarding
in gebreke gesteld voor het door haar verrichtte onderzoek naar de gevolgen
van de bebouwing van het Groenenbergterrein voor het gebruik van de Aalsmeerbaan
dat, naar later bleek uit een rapportage van deskundigen (Nooitgedagt/Schippers),
onjuiste stellingen bevatte. Chipshol acht de LVNL daarmee verantwoordelijk
voor de vertraging die ontstaan is in de bestemmingswijziging en de totstandkoming
van het bouwverbod. Deskundigen van Chipshol ramen de schade op € 67
miljoen. Op 18 oktober 2005 heeft de LVNL de staatssecretaris van Verkeer
en Waterstaat laten weten dat het bouwverbod kan worden opgeheven.</al>
      <tuskop letat="vet">De Staat der Nederlanden (staatssecretaris van Verkeer
en Waterstaat)</tuskop>
      <al>– Op 2 maart 2006 heeft Chipshol III de Staat der Nederlanden
door middel van een concept-dagvaarding aansprakelijk gesteld voor het instellen
van een onrechtmatig aanwijzingsbesluit, ten gevolge waarvan een gedeelte
van het Groenenbergterrein moest worden opgeofferd aan een veiligheidszone
waardoor deze niet in de bouwplannen kon worden betrokken. Deskundigen van
Chipshol ramen de schade op € 31 miljoen. </al>
      <tuskop letat="vet">Alle genoemde partijen</tuskop>
      <al>– Chipshol heeft aangekondigd dat zij een procedure in voorbereiding
heeft tegen Schiphol en diverse overheden inzake samenspanning en stelselmatige
tegenwerking met betrekking tot verschillende gebiedsontwikkelingen waarbij
Chipshol betrokken is (geweest).</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De slag om het Groenenbergterrein is inmiddels uitgegroeid tot een kafkaësk
verhaal waarbij iedereen naar elkaar verwijst en niemand zich echt verantwoordelijk
acht voor de ontstane situatie. De betrokken overheden, de LVNL en de NV Luchthaven
Schiphol proberen zich te verschuilen achter een «formele werkelijkheid»
van rechtsregels om wat zich achter de coulissen heeft afgespeeld aan het
oog te onttrekken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De vraag waarom het bouwplan voor het Groenenbergterrein van Chipshol
moest worden tegengehouden wordt, naarmate de achtergronden meer en meer bekend
worden, steeds moeilijker te beantwoorden. Dit geldt nog meer nu blijkt dat
in dezelfde bebouwingszone van het LIB (maximaal bouwhoogte 3,5 meter) aan
de andere zijde van de Aalsmeerbaan het nieuwbouwplan Kronenberg werd gerealiseerd,
een ruim tien meter hoog kantoor met drie verdiepingen en bedrijfshallen.
Dit kon gebeuren zonder enige tegenwerking van wie dan ook. Uit de antwoorden
van de staatssecretaris (10 maart 2006) van Kamervragen blijkt dat er
naar de bouwaanvraag Kronenberg door de LVNL zelfs in het geheel geen onderzoek
is gedaan. In dit geval voldeed, in de woorden van de staatssecretaris, het
gebouw «aan de maximale bouwhoogten». Maar dat kan nooit de bouwhoogte
zijn van het LIB want deze beperken de bouwhoogte tot maximaal 3,5 meter.
Hier blijkt het bestemmingsplan wel het referentiekader te zijn
geweest voor het afgeven van een bouwvergunning (waarbij het de vraag is of
er een goedgekeurd bestemmingsplan voor dit gebied voorlag). Hoe kan het dat
in gelijke gevallen ongelijk wordt gehandeld door de overheid en overheidsinstanties?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Meer en meer dringt de vraag op hoe gegrond de aanname was dat met de
bouw op het Groenenbergterrein de vliegveiligheid in gevaar zou komen. Hoe
zorgvuldig is het onderzoek van de LVNL in dezen? Speelden er op de achtergrond
wellicht geheel andere motieven een rol die bijvoorbeeld voor de NV Luchthaven
Schiphol aanleiding waren om zich tegen Chipshol en haar bouwplan te keren?
Het is een vraag die zich niet laat beantwoorden, maar het is wel een feit
dat Chipshol één van de weinige concurrenten is van Schiphol
Real Estate. Ook zal het publiekelijk ageren van Chipshol tegen de aanleg
van de vijfde baan de relatie met de NV Luchthaven Schiphol bepaald niet in
positieve zin hebben beïnvloed.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Wat de motieven ook mogen zijn, de echte werkelijkheid komt in ieder geval
niet boven in de veelvoud van juridische procedures die inmiddels verworden
zijn tot een soap waaraan iedere dag nieuwe afleveringen worden toegevoegd.
Het Groenenbergterrein is daarmee een goudmijn voor juristen geworden. Het
trieste is dat al die advocaten uiteindelijk betaald zullen worden uit gemeenschapsgelden.
Chipshol heeft inmiddels op grond van rechterlijke uitspraken recht op een
forse schadeloosstelling.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Het is de taak van de Tweede Kamer om na te gaan wie er nu eigenlijk verantwoordelijk
is voor de ontstane situatie. Het gaat inmiddels over een miljoenendebacle
waarin de staatssecretaris, de provincie, de gemeente en de Staat der Nederlanden,
samen met het bestuursorgaan de LVNL en het overheidsbedrijf NV Luchthaven
Schiphol een rol spelen. Al deze hoofdrolspelers lijken niet in staat te zijn
om te streven naar een redelijke oplossing van het ontstane conflict. Iedereen
lijkt zich in te graven in juridische loopgraven bij het enige onderdeel van
de trias politica die in dit conflict nog onkreukbaar is: de rechterlijke
macht.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Alleen de gemeente Haarlemmermeer onderscheidt zich sinds kort in positieve
zin van de andere publieke partijen. De gemeenteraad heeft – in het
openbaar dit keer – in niet mis te verstane woorden in een raadsbesluit
politiek afstand genomen van het vroegere handelen van het College en de Raad.
Zij heeft haar excuses aan Chipshol aangeboden voor het niet rechtmatig handelen
en erkent dat Chipshol hierdoor in haar belangen is geschaad. De gemeenteraad
overweegt thans om aan de hand van een eigen feitenreconstructie en de antwoorden
van de staatssecretaris een eigen onderzoek te starten.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In de Provinciale Staten van Noord-Holland heeft de fractie van de SP
een voorstel gedaan om een enquête te houden naar het handelen van GS
in deze zaak.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Thans is het aan de Tweede Kamer om haar verantwoordelijkheid te nemen.
De Tweede Kamer kan zich niet meer verschuilen achter een gebrek aan informatie
om uitspraken te doen in de kwestie Groenenbergterrein. De staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat heeft, dank zij de vragen van de Kamer, uitgebreid
de kans gekregen om zich te verantwoorden voor haar handelen in deze.</al>
      <tuskop letat="vet">Beschikbaar materiaal kwestie Groenenbergterrein</tuskop>
      <al>– Notulen van de besloten vergadering van de Raad der Gemeente Haarlemmermeer
op donderdag 21 november 2002 om 15.30 uur. </al>
      <al>– Beantwoording van de schriftelijke vragen van het Kamerlid Wynand
Duyvendak van GroenLinks inzake het Groenenbergterrein op 8 februari
2005.</al>
      <al>– Het Groenenbergterrein, van bouwrecht tot bouwverbod, een feitenreconstructie
van 1990 tot 2005, Adri Duivesteijn, Tweede Kamerlid PvdA (8 november
2005).</al>
      <al>– Beantwoording van de vragen gesteld door Adri Duivesteijn in het
Algemeen Overleg d.d. 29 november 2005 door de staatssecretaris van Verkeer
en Waterstaat (kenmerk DGTL06006665, 7 februari 2006).</al>
      <al>– Verduidelijking n.a.v. hoorzitting 21 mei 2003 Besluit Staatssecretaris
ex artikel 38 (kenmerk S&amp;I/NAV 15 513, 6 juni 2003).</al>
      <al>– Onderzoek naar invloed van bebouwing op het Groenenbergterrein
op ILS van Aalsmeerbaan, Ir. Sj. Nooitgedagt (ATN), Dr. Ir H. Schippers. April
2005.</al>
      <al>– Gemeente Haarlemmermeer, Reconstructie gebeurtenissen voorbereidingsbesluit,
22 februari 2006.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Op basis van bovenstaand materiaal moet de Tweede Kamer in staat zijn
te komen tot een oordeel over de verdere behandeling van de kwestie Groenenbergterrein.
Ondergetekende heeft op basis van een viertal vragen nader onderzoek verricht.
In de bijlage van deze initiatiefnota wordt de kwestie Groenenbergterrein
dan ook uitgebreid geanalyseerd en voorzien van conclusies. Kortheidshalve
zal ik in deze initiatiefnota volstaan met het opnemen van de vragen en conclusies.
Aan het slot van de nota zal de Tweede Kamer worden gevraagd een uitspraak
te doen in de kwestie Groenenbergterrein.</al>
      <tuskop letat="vet">Vraag 1: Wie heeft het initiatief genomen tot het nemen
van een voorbereidingsbesluit?</tuskop>
      <al>• Het initiatief voor het ongedaan maken van de bouwaanvraag voor
het Groenenbergterrein komt van Schiphol. Zij deed dat nadat zij langs alle
publiekrechtelijke wegen in het ongelijk was gesteld en het Uitwerkingsplan
voor het Groenenbergterrein onherroepelijk is goedgekeurd. De NVLS, in het
bijzonder de SRE – de concurrent van Chipshol – verkent, onderzoekt,
en doet juridische voorstellen om de bouwaanvraag ongedaan te maken. Het is
onduidelijk welke rol de LVNL in de initiatieffase heeft. Duidelijk is wel
dat de brief van de LVNL van 30 oktober 2002 voor de gemeente reden is
om nu plotseling wel mee te werken aan met het onschadelijk maken van de bouwaanvraag
van Chipshol. Hoewel een oplossing langs de lijn van een minnelijke schikking
(grondruil door Schiphol) verschillende malen wordt overwogen verdwijnt deze
mogelijkheid achter de horizon. Dit gebeurt nadat het ministerie van Verkeer
en Waterstaat de gemeente heeft gevrijwaard voor schadeclaims. Nu dat het
geval is schroomt het college van Haarlemmermeer niet de eigen gemeenteraad
te misleiden met een – door de gemeente zelf opgestelde – brief
van de staatssecretaris waarin haar «verzoek» tot het nemen van
een voorbereidingsbesluit wordt gepresenteerd als een initiatief van de Staat
der Nederlanden. De staatssecretaris heeft geen schroom mee te gaan met deze
door het College in scène gezette misleiding van de gemeenteraad. Een
brief met de aanhef «ik ga graag in op uw verzoek tot het nemen van
een voorbereidingsbesluit» werd door haar blijkbaar ook als minder kansrijk
bij de gemeenteraad geacht.</al>
      <tuskop letat="vet">Vraag 2: Is er een poging ondernomen om met Chipshol tot
een minnelijke schikking te komen?</tuskop>
      <al>• De gemeente onderkent het pad van een minnelijke schikking op 31 oktober
2002 als optie (3–Grondruil door Schiphol). De mogelijkheid van
een minnelijke schikking wordt in een memo aan het ministerie van VROM al
gauw letterlijk tussen haakjes geplaatst: «(daarnaast loopt natuurlijk
het derde spoor van grondruil door Schiphol)». Het feitelijke initiatief
en de uitwerking tot een mogelijke schikking laat de gemeente over aan de
NVLS.</al>
      <al>• De gemeente lijkt zich vooral te concentreren op het nemen van
een voorbereidingsbesluit waarbij de eventuele (plan)schadeclaims afgewenteld
moeten kunnen worden op óf Schiphol, óf de Rijksoverheid. De
ambtenaren van het ministerie V&amp;W schatten in dat er geen sprake is van
planschade, vandaar dat zij eventuele schadeclaims «met vertrouwen tegemoet
zien».</al>
      <al>• Schiphol heeft, zoals blijkt uit de reconstructie, geen werk gemaakt
van het «derde spoor»: de optie grondruil door Schiphol.</al>
      <al>• Geen enkele overheidsinstantie heeft ook maar één
serieuze poging ondernomen om het bouwrecht van Chipshol langs een minnelijke
weg te schikken.</al>
      <al>• Inmiddels is de kwestie Chipshol verworden tot een woud van juridische
claims waar vooral advocaten heel rijk van worden. De kosten van alle spelers
worden afgewenteld op de samenleving. Alle overheidsspelers schijnen hierover
tevreden te zijn. Ook thans ontbreekt nog steeds ieder initiatief om te komen
tot een minnelijke oplossing. De teller tikt door.</al>
      <tuskop letat="vet">Vraag 3: Heeft de LVNL (Luchtverkeersleiding Nederland)
haar rol in de kwestie Groenenbergterrein naar behoren vervuld?</tuskop>
      <al>• De LVNL heeft nooit op een transparante wijze verslag gedaan van
haar onderzoek. Noch de gemeente Haarlemmermeer, noch de staatssecretaris,
noch Chipshol was in staat de bevindingen van de LVNL te controleren.</al>
      <al>• De LVNL heeft nagelaten de gemeente Haarlemmermeer, de aanvrager,
de NV Luchthaven Schiphol en naar wij moeten aannemen de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat op de hoogte te stellen van het feit dat er «slechts»
sprake was van een probleem dat veroorzaakt werd door de situering van een «bewaakte
Truckparking». Een simpele wijziging (180 graden draaien van de situering
van de vrachtauto’s») had het gehele conflict uit de wereld kunnen
halen. Door dit niet te doen is het conflict geëscaleerd.</al>
      <al>• Op basis van bovenstaande moet worden geconcludeerd dat de LVNL
ernstig in gebreke is gebleven in het vervullen van haar adviserende rol ten
tijde van de bouwaanvraag voor het Groenenbergterrein en in de voorbereiding
van het bouwverbod. Zij is daarmee (mede)verantwoordelijk voor de totstandkoming
van een miljoenenschade bij zowel de aanvrager als ook bij de NV Luchthaven
Schiphol en de verschillende overheden. Per saldo betaalt de gemeenschap de
prijs.</al>
      <tuskop letat="vet">Vraag 4: Heeft de overheid op correcte wijze gebruik gemaakt
van haar publiekrechtelijke instrumentarium?</tuskop>
      <al>• Bij het nemen van een voorbereidingsbesluit gaat het om een maatregel
die een generiek karakter heeft. Zowel de gemeente als de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat beroepen zich in deze om een maatregel van algemeen
belang. In werkelijkheid gaat het echter om een specifieke bouwaanvraag, namelijk
die van Chipshol voor het Groenenbergterrein.</al>
      <al>• Het gaat naar de mening van de gemeente blijkbaar om zo’n
groot en spoedeisend nationaal belang dat ook een beroep kon worden gedaan
op artikel 4.11 AWB,. als legitimatie van het feit dat het voorbereidingsbesluit
kan worden genomen in een besloten vergadering van de gemeenteraad van Haarlemmermeer. </al>
      <al>• Vermoedelijk om de gemeenteraad te laten instemmen met het voorbereidingsbesluit
kiezen de gemeente Haarlemmermeer en het ministerie van Verkeer en Waterstaat
ervoor om het voorstel te presenteren als «een verzoek» van de
staatssecretaris. In werkelijkheid komt het initiatief van de NV Luchthaven
Schiphol en heeft de gemeente Haarlemmermeer, onder de voorwaarde dat het
Rijk haar vrijwaart voor mogelijke schadeclaims, het verzoek gedaan.</al>
      <al>• Feitelijk is er sprake van misleiding van de gemeenteraad van Haarlemmermeer.
Later zal de gemeenteraad hiervoor haar spijt betuigen in een motie.</al>
      <al>• De gelijktijdige behandeling van een drietal andere bouwaanvragen
doet vermoeden dat er sprake is van willekeur. Blijkbaar worden in dit gebied
niet alle gevallen gelijk behandeld. </al>
      <tuskop letat="vet">VOORSTEL KAMERUITSPRAAK</tuskop>
      <al>De Kamer,</al>
      <witreg></witreg>
      <al>kennisgenomen hebbende van,</al>
      <witreg></witreg>
      <al>de initiatiefnota «Conflict over de bebouwing van het Groenenbergterrein
in de gemeente Haarlemmermeer»,</al>
      <witreg></witreg>
      <al>het voorstel tot de verificatie van de conclusies van het onderzoek van
het lid Adri Duivesteijn betreffende het conflict over de bebouwing van het
Groenenbergterrein in de gemeente Haarlemmermeer tussen de Staat der Nederlanden,
de provincie Noord-Holland, de gemeente Haarlemmermeer, de Lucht Verkeersleiding
Nederland (LVNL) en de NV Luchthaven Schiphol (NVLS) enerzijds, en de gebiedsontwikkelaar
Chipshol anderzijds,</al>
      <witreg></witreg>
      <al>spreekt als haar mening uit dat in opdracht van het parlement een onafhankelijk
commissie van deskundigen belast dient te worden met een verificatie van het
bovengenoemde onderzoek en de daarbij behorende conclusies en hierover zo
snel mogelijk aan het de Tweede Kamer rapporteert;</al>
      <witreg></witreg>
      <al>en gaat over tot de orde van de dag, </al>
      <bijlage>
        <titel>BIJLAGE</titel>
        <al>
          <nadruk type="vet">Vraag 1: Wie heeft het initiatief genomen tot het nemen
van een voorbereidingsbesluit?</nadruk>
        </al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">Toelichting:</nadruk> Onduidelijkheid bestaat er over
de vraag wie de initiator is van het voorbereidingsbesluit. Volgens de verklaring
van wethouder Schoenmaker aan de gemeenteraad van Haarlemmermeer was dat de
staatssecretaris. Zij heeft immers het «verzoek» gedaan. Door
de staatssecretaris is ontkend dat het initiatief bij haar vandaan is gekomen.
Zij geeft aan dat het juist «op verzoek van Haarlemmermeer was»
dat zij «het verzoek» heeft gedaan. Wil de echte initiatiefnemer
opstaan?</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de NV Luchthaven Schiphol</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">3 oktober 2002</nadruk>: «In het kernoverleg
luchthavenzaken (intern gemeentelijk overleg) wordt melding gemaakt dat het
beroep van Schiphol (NVLS) tegen de bouwaanvraag van Chipshol niet ontvankelijk
is verklaard. De gemeente Haarlemmermeer heeft een ambtelijk overleg met de
NVLS waarin wordt gesproken over de gevolgen die de bebouwing van het Groenenbergterrein
heeft voor de luchthaven. De NVLS zal twee aspecten nader onderzoeken.»</al>
        <al>1. Wat zijn de gevolgen voor het gebruik van de Aalsmeerbaan.</al>
        <al>2. <nadruk type="cur">Juridische trajecten om bebouwing te voorkomen</nadruk>
(cursivering AD). (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 feb. 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">11 oktober 2002</nadruk>: «Uit informatie
van Schiphol (d.d. dec. 2005) blijkt dat zij begin oktober 2002 een advies
heeft gevraagd aan Pot Jonker advocaten. Het advies gaat in op mogelijke trajecten
ter voorkoming van bebouwing van het Groenenbergterrein. Dit advies was op
11 oktober 2002 beschikbaar. Hierin worden <nadruk type="cur">een voorbereidingsbesluit
en een bouwverbod</nadruk> (cursivering AD) genoemd. Het advies geeft ook
aan dat er beperkingen gelden voor de bouwhoogte van het Groenenbergterrein
t.g.v. het LIB» (dat op dat moment nog niet van kracht is – AD).
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 feb. 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">17 oktober 2002</nadruk>: In een ambtelijk overleg
van de gemeente Haarlemmermeer ter voorbereiding van het Bestuurlijk overleg
met de NVLS: «Gemeld wordt dat NVLS terzake mededelingen zal doen over
mogelijke juridische wegen om bebouwing te voorkomen». (bron: reconstructie
Haarlemmermeer dd. 23 feb. 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">28 oktober 2002:</nadruk> «Bestuurlijk overleg
van de gemeente Haarlemmermeer met Schiphol: hier wordt gemeld dat SRE (NVLS)
juridische mogelijkheden onderzoekt om bebouwing van het Groenenbergterrein
te voorkomen. Uit het verslag blijkt dat de CEO van Schiphol aangeeft dat
bebouwen van het Groenenbergterrein beperkingen oplevert voor het gebruik
van de Aalsmeerbaan. Hij verzoekt de gemeente geen medewerking te verlenen
aan dit bouwplan.» (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 feb. 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">31 oktober 2002:</nadruk> «Vanuit SRE wordt
een memo gezonden aan de gemeente Haarlemmermeer waarin een aantal zaken betreffende
de bouwaanvraag voor het Groenenbergterrein worden behandeld. Citaat: «(...) «Het
wijzigingsplan vigeert inmiddels zodat een bouwvergunning die past binnen
de regels van dit plan niet geweigerd kan worden. De eigenaar heeft een bouwplan
ingediend. De LVNL laat nu weten dat de voorgenomen bebouwing ernstige gevolgen
heeft voor het gebruik van de Aalsmeerbaan, vanwege de verstoring van de ILS
(...), wat tot een onaanvaardbare beperking van het gebruik leidt.»
(...) «Van de gemeente begrijpen wij dat het ingediende verzoek om bouwvergunning
niet gehonoreerd kan worden omdat de gevraagde bouwhoogte groter is dan in
het wijzigingsplan is toegestaan. De aanvrager stelt nu op korte
termijn een nieuw bouwplan op. De vraag is hoe voorkomen kan worden dat het
bouwplan, dat straks in overeenstemming zal zijn met het bestemmingsplan maar
in strijd met het LIB, gerealiseerd gaat worden.» (bron: reconstructie
Haarlemmermeer dd. 23 feb. 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">8 april 2003:</nadruk> De CEO van de NVLS verheldert
zijn eigen rol en die van de NVLS in de brief aan de Staatssecretaris van
8 april 2003 waarin hij bezwaar aantekent tegen het feit dat de NVLS «opdraait»
voor de schadeclaim die Chipshol kreeg toegewezen door de uitspraak van de
Rechtbank van Haarlem: «Dat nu de rekening gepresenteerd wordt aan uitgerekend
de partij die tevoren met klem gewaarschuwd heeft tegen onjuistheid van de
voorgenomen bestemmingswijziging en, toen dit signaal genegeerd werd, vervolgens
alles in het werk heeft gesteld om de zeer kwalijke gevolgen hiervan te keren,
is in de ogen van de Luchthaven niet alleen apert in strijd met redelijkheid
en billijkheid maar tevens met de voor het bestuursrecht fundamentele beginselen
van behoorlijk bestuur. Ook in deze situatie moet worden vastgehouden aan
het in onze rechtstaat verankerde beginsel dat de veroorzaker van de schade
zal moeten betalen.» Het mag duidelijk zijn dat de veroorzaker in dit
geval, naar de opvatting van de CEO, «de staatssecretaris», is.
Deze had met tijdige besluitvorming over het LIB een dergelijk situatie kunnen
en moeten voorkomen. (Bron: Adri Duivesteijn: Het Groenenbergterrein van bouwrecht
tot bouwverbod. Een feitenreconstructie 1990–2005, 18 november
2005, p. 49.)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de LVNL</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">30 oktober 2002:</nadruk> Op 16 oktober schrijft
het College van B&amp;W een brief naar de LVNL. Deze brief ontbreekt in de
reconstructie Haarlemmermeer. Het antwoord van de LVNL op 30 oktober
2002 is duidelijk: «Als lid van de Toetsingscommissie Schiphol–Rijk
heeft de luchtverkeersleiding Nederland het bouwplan voor het Groenenbergterrein
ontvangen». De LVNL geeft aan dat «bebouwing van het Groenenbergterrein
leidt tot een sterke beperking van de Landingsbaan 01R (Aalsmeerbaan)»
en verzoekt het college «om het aangevraagde bouwplan af te wijzen en
het bestemmingsplan voor het Groenenbergterrein alsnog in overeenstemming
te brengen met het komende LIB». (bron: reconstructie Haarlemmermeer
dd. 23 feb. 2006 en de brief van LVNL van 30 october 2002 : ATM/P&amp;C//2002/1768)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de gemeente Haarlemmermeer</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">7 oktober 2002:</nadruk> «In een ambtelijk
overleg van de gemeente Haarlemmermeer ter voorbereiding van Bestuurlijk overleg
(van 28 oktober – AD) met de NVLS wordt besproken dat er geen gronden
zijn voor de gemeente om de aanvragen voor bouwvergunningen van Chipshol voor
het Groenen-bergterrein te weigeren. Gemeld wordt dat de NVLS terzake mededelingen
zal doen over mogelijke juridische wegen om bebouwing te voorkomen.»
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">16 oktober 2002:</nadruk> Het College van B&amp;W
stuurt een brief naar de LVNL. Inhoud onbekend.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">28 oktober 2002:</nadruk> «Bestuurlijk overleg
van de gemeente Haarlemmermeer met Schiphol: hier wordt gemeld dat de SRE
(NVLS) juridische mogelijkheden onderzoekt om bebouwing van het Groenenbergterrein
te voorkomen. Uit het verslag blijkt dat de CEO van de NVLS aangeeft dat bebouwen
van het Groenenbergterrein beperkingen oplevert voor het gebruik van de Aalsmeerbaan.
Hij verzoekt de gemeente geen medewerking te verlenen aan dit bouwplan».
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006) </al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">30 oktober 2002:</nadruk> LVNL beantwoordt de
brief van het college van B&amp;W van 16 oktober 2002 met daarin de conclusie
dat bebouwing van het Groenenbergterrein leidt tot sterke beperking van de
landingsbaan 01 R (Aalsmeerbaan). De LVNL verzocht het (...) het bestemmingsplan
in overeenstemming te brengen met het komende LIB. Deze signalen (het belang
van het gebruik van de Aalsmeerbaan en daarmee de gebruiksmogelijkheden van
de luchthaven) zijn vervolgens leidend geweest bij de verdere stappen van
de gemeente rond het Groenenbergterrein. (bron: reconstructie Haarlemmermeer
dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">31 oktober 2002:</nadruk> «Mede op basis
van de brief van LVNL worden bij luchtvaartzaken interne acties gecoördineerd
om tot een oplossing te komen rond de bouwaanvragen voor het Groenenbergterrein.
Er wordt een actielijst geformuleerd waarop 3 opties worden genoemd: 1. vernietiging
door minister, 2. Voorbereidingsbesluit nemen, 3. Grondruil door Schiphol.
Voorlopig wordt door de gemeente ingezet op de eerste twee sporen. Het derde
spoor doorloopt Schiphol.» (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari
2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">1–6 november 2002:</nadruk> «Ambtelijk
wordt per e-mail teruggekoppeld over contacten met het ministerie van VROM
over het Groenenbergterrein: vanmorgen contact gehad met het ministerie van
VROM. VROM stelt voor ons te blijven richten op de twee sporen: de voorbereiding
van het voorbereidings-besluit en eventuele vernietiging van bouwvergunning
(daarnaast loopt natuurlijk het derde spoor van grondruil door Schiphol).»
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Binnen de gemeente Haarlemmermeer wordt vanaf nu actief gewerkt aan de
opties die moeten voorkomen dat een vergunning voor de bebouwing van het Groenenbergterrein
moet worden afgegeven. Vier opties worden in een memo opgesomd ter onderbouwing
van een nader te nemen collegebesluit. Optie 4 is het voorbereidingsbesluit
maar «deze optie leidt echter tot juridische en daarmee financiële
risico’s voor de gemeente». Het concept memo vervolgt «aan
het nemen van dit raadsbesluit de voorwaarde te verbinden dat hetzij het Rijk,
het zij de Schipholgroep schriftelijk heeft bevestigd de eventueel daaruit
voortvloeiende aansprakelijkheidsschade op zich te nemen.» Er vinden
vanaf dan actieve onderhandelingen plaats wie «opdraait» voor
de mogelijke schade die Chipshol zou kunnen claimen. De gemeente maakt in
de richting van Schiphol, het ministerie van VROM en V&amp;W haar medewerking
afhankelijk van een regeling voor de vrijwaring van schade. Schiphol werkt
aanvankelijk voorstellen uit voor de vrijwaring maar ziet daar ziet daar vanaf. «Schiphol
Group is gisteren niet akkoord gegaan met het voor haar rekening nemen van
de schade» (6 november 2002). Maar «de ontwikkelingen volgen
elkaar momenteel snel op, (...) 1. bij het ministerie van V&amp;W is bereidheid
om een afspraak te maken over de verhaalbaarheid van eventuele schadeclaims.
Volgens ambtenaren van het ministerie (V&amp;W – AD) is er geen sprake
van planschade in deze, vandaar dat zij een eventuele schadeclaim «met
vertrouwen tegemoet zien» (6 november 2002). (bron: reconstructie
Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">12 en 13 november 2002:</nadruk> Aan het eind
van de middag zijn aan de wethouder luchthavenzaken de vervolgstappen met
betrekking tot het Groenenbergterrein voorgelegd en uit dit gesprek is het
volgende te melden: «Het ministerie van V&amp;W heeft ons gevraagd zelf
een concept-brief op te stellen (m.b.t. het te nemen voorbereidingsbesluit
en de verhaalbaarheid van schadeclaims), waar zij vervolgens hun akkoord op
kunnen geven. Juridische zaken zal een concept-brief opstellen.» Op
13 november 2002: «Door Juridische zaken van Haarlemmermeer is
een concept brief opgesteld n.a.v. de opdracht van 12 november. Het Ministerie van V&amp;W zal deze aan het college dienen te sturen met betrekking
tot het schadeloos stellen van de gemeente Haarlemmermeer bij het nemen van
een voorbereidingsbesluit.» (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd23 februari
2006)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">18 november 2002:</nadruk> De staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat stuurt het college van de gemeente Haarlemmermeer
(per fax) een verzoek om een voorbereidingsbesluit te nemen «voor delen
van haar grondgebied» (brief kenmerk: DGL/02 422 537). In
de brief motiveert zij dit door aan te geven dat het Luchthavenindelingsbesluit
Schiphol op 20 februari 2003 van kracht zal worden. De staatssecretaris
uit de zorg «dat er in de daaraan voorafgaande periode ontwikkelingen
kunnen optreden die niet in lijn zijn met het geformuleerde beleid».
In haar brief wordt niet concreet verwezen naar de bouwaanvraag van Chipshol.
De staatssecretaris vrijwaart in haar brief namens de Staat der Nederlanden
de gemeente Haarlemmermeer voor eventuele schade welke als gevolg hiervan
zou kunnen ontstaan. Daarbij tekent zij overigens aan dat zij de kans op een
schadeclaim die wordt toegekend niet hoog inschat.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">13 september 2005:</nadruk> Drie jaar later geeft
de staatssecretaris naar aanleiding van vragen van de Tweede Kamer haar visie
op wie het initiatief heeft genomen: «Een ambtenaar van het ministerie
van V&amp;W was begin november 2002 gewaarschuwd door een ambtenaar van
Haarlemmermeer voor een bouwplan dat een belemmering van het gebruik van de
luchthaven op zou leveren. De gemeente Haarlemmermeer zou bereid zijn om een
voorbereidingsbesluit te nemen als V&amp;W zich garant zou stellen voor eventuele
schade.» (bron: Toekomst van de Nationale Luchthaven, Lijst van vragen
en antwoorden, Stuk 26 959, nr. 104 HERDRUK, vastgesteld 13 september
2005.)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Naar aanleiding van Tweede Kamer vragen eind 2005/begin 2006: «Er
lag op dat moment (begin november 2002) geen verzoek van het ministerie
voor een voorbereidingsbesluit. Dat verzoek, met een vrijwaring voor mogelijke
financiële schade die uit het besluit zou kunnen voortvloeien, was juist
het gevolg van het overleg tussen de gemeente en verkeer en waterstaat.» «Vanuit
het ministerie is er geen rol van Schiphol bekend in deze fase.» (bron:
Staatssecretaris Schultz van Haegen, DGTL06 006665, 7 februari 2006.)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van wethouder Schoenmaker van Haarlemmermeer</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">21 november 2002:</nadruk> Wethouder Schoenmaker
informeert de raad tijdens een besloten vergadering. «De Staatssecretaris
heeft ons namens de Staat der Nederlanden maandag (d.i. 18 november 2002,
AD) per fax het verzoek gedaan om vooruitlopend op het LIB ongewenste onomkeerbare
zoveel mogelijk tegen te gaan. Ik wil er op wijzen dat dit verzoek ook naar
andere gemeenten is uitgegaan.» (...) «Wij behoeven dit besluit
niet te nemen. Wij kunnen ook tegen de Minister of Staatssecretaris zeggen
dat zij ervoor hadden moeten zorgen dat hun handeltje op orde was. Omdat dit
niet het geval is, wordt ons nu verzocht deze stap te zetten.» (bron:
notulen besloten gemeenteraadsvergadering Haarlemmermeer, d.d. 21 november
2002)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de gemeenteraad van Haarlemmermeer</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">21 november 2002 Besloten raadsvergadering:</nadruk>
        </al>
        <witreg></witreg>
        <al>Van der Jagt: «Wij hebben zojuist een half uur gekregen om de stukken
door te lezen en bij het lezen zijn vele vragen als raketten op me afgekomen.
(...) Wij vragen ons af of hetgeen rondom de Aalsmeerbaan gebeurt strijdig
kan zijn met het algemeen belang, (...) De wetgever heeft als datum in de
opbouw van de wet 20 februari 2003 bepaald.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Van Velsen-Nelissen: «Het gevoel is ontstaan dat wij, door dit besluit
te nemen. voor het rijk de kastanjes uit het vuur halen.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Gehrels: «Kunt u ons uitleggen waarom ons wordt gevraagd dit besluit
en niet een ander besluit te nemen? (...)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Boerman: «Wij hebben het gevoel dat we behoorlijk onder druk gezet
worden.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Nobel: Het Ministerie van V&amp;W heeft aangegeven dat dit besluit nodig
is om een aantal vervelende ontwikkelingen te kunnen tegengaan. Ik kan me
niet voorstellen dat men daar pas de vorige week achter is gekomen.»
(bron: notulen besloten gemeenteraadsvergadering Haarlemmermeer, d.d. 21 november
2002)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">13 januari 2005:</nadruk> De gemeenteraad neemt
een motie aan waarin zij haar spijt betuigt over het in 2002 genomen besluit.
Zij betreurt in deze kwestie op basis van de toen bekende informatie verkeerd
te hebben besloten. (Bron: Adri Duivesteijn: Het Groenenbergterrein van bouwrecht
tot bouwverbod. Een feitenreconstructie 19 902 005, 18 november
2005, p. 58.)</al>
        <tuskop letat="vet">Conclusies:</tuskop>
        <al>• Het initiatief komt noch van de Staatssecretaris, noch van de gemeente
Haarlemmermeer maar is in de meest directe zin afkomstig van de NV Luchthaven
Schiphol en in het bijzonder van haar CEO. Hij blijkt de drijvende kracht
te zijn achter de verschillende acties om «bebouwing te voorkomen».</al>
        <al>• Toen voor de NV Luchthaven Schiphol de publiekrechtelijke middelen
waren uitgeput (het uitwerkingsplan was na een lange gang langs beroepscommissies
van de gemeente, de provincie en de Raad van State onherroepelijk goedgekeurd)
heeft zij haar verzet voortgezet in het reguliere ambtelijk en bestuurlijk
overleg dat de CEO van de NV Luchthaven Schiphol voert met de gemeente Haarlemmermeer.</al>
        <al>• De NV Luchthaven Schiphol – in het bijzonder de vastgoedontwikkelaar
SRE, de directe concurrent van Chipshol – heeft zich actief betoond
in de juridische ondersteuning van de gemeente. Hun advocaten dragen de gemeente «mogelijke
trajecten ter voorkoming van bebouwing van het Groenenbergterrein» aan,
zoals de mogelijkheid van het nemen van een «voorbereidingsbesluit dan
wel bouwverbod».</al>
        <al>• De LVNL heeft vanaf 1996 aangegeven niet voor bebouwing te
zijn op het Groenenberg-terrein. De vraag is intrigerend waarom het College
van B&amp;W op 16 oktober 2002 de LVNL een brief schreef en waarom deze
brief geen plaats heeft in de reconstructie van Haarlemmermeer zelf. Het antwoord
van de LVNL op 30 oktober 2002 lijkt cruciaal voor het verder handelen
van de gemeente: «Op basis van de brief van de LVNL worden binnen de
gemeente interne acties gecoördineerd om tot een oplossing te komen rond
de bouwaanvragen voor het Groenenbergterrein». In de woorden van een
ambtenaar van de gemeente Haarlemmermeer: «De ontwikkelingen volgen
elkaar momenteel snel op.»</al>
        <al>• De gemeente krijgt nu zelfs de regie voor de presentatie van het
voorstel in eigen hand: het ministerie van V&amp;W vraagt de gemeente op 12 november
2002 een concept-brief op te stellen over het voorbereidingsbesluit
en de verhaalbaarheid van schadeclaims. De gemeente dit doet de dag daarop.
Op 18 november faxt het ministerie de (door de gemeente opgestelde) brief
terug aan het college en nu is het formeel de staatssecretaris geworden die
de gemeente verzoekt om een voorbereidingsbesluit te nemen.</al>
        <al>• Op 21 november 2002 vergadert de gemeenteraad van Haarlemmermeer
in een besloten vergadering over het te nemen voorbereidingsbesluit. Op dat
moment is nog niet bekend dat er sprake is van een staatsrechtelijk novum:
wethouder Schoenmaker (VVD) leest voor uit eigen werk. Schoenmaker: «De
Staatssecretaris heeft ons namens de Staat der Nederlanden maandag (d.i. 18 november
2002) per fax het verzoek gedaan om vooruitlopend op het LIB ongewenste onomkeerbare
ontwikkelingen zoveel mogelijk tegen te gaan. Ik wil er op wijzen dat dit
verzoek ook naar andere gemeenten is uitgegaan.» De gemeenteraad voelt
zich door de staatssecretaris «behoorlijk onder druk gezet».</al>
        <al>• Nu de gemeente en Schiphol eventuele schadeclaims hebben afgewend
op de Staat der Nederlanden is een eventuele minnelijke schikking met Chipshol
niet meer aan de orde. Een mogelijke grondruil door Schiphol met Chipshol
komt niet meer in het verdere verloop van de reconstructie voor.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="vet">Samenvattend:</nadruk> Het initiatief voor het ongedaan
maken van de bouwaanvraag voor het Groenenbergterrein komt van Schiphol. Zij
deed dat nadat zij langs alle publiekrechtelijke wegen in het ongelijk was
gesteld en het Uitwerkingsplan voor het Groenenbergterrein onherroepelijk
is goedgekeurd. De NVLS, in het bijzonder de SRE – de concurrent van
Chipshol – verkent, onderzoekt, en doet juridische voorstellen om de
bouwaanvraag ongedaan te maken. Het is onduidelijk welke rol de LVNL in de
initiatieffase heeft. Duidelijk is wel dat de brief van de LVNL van 30 oktober
2002 voor de gemeente reden is om nu plotseling wel mee te werken aan met
het onschadelijk maken van de bouwaanvraag van Chipshol. Hoewel een oplossing
langs de lijn van een minnelijke schikking (grondruil door Schiphol) verschillende
malen wordt overwogen verdwijnt deze mogelijkheid achter de horizon. Dit gebeurt
nadat het ministerie van Verkeer en Waterstaat de gemeente heeft gevrijwaard
voor schadeclaims. Nu dat het geval is schroomt het college van Haarlemmermeer
niet de eigen gemeenteraad te misleiden met een – door de gemeente zelf
opgestelde – brief van de staatssecretaris waarin haar «verzoek»
tot het nemen van een voorbereidingsbesluit wordt gepresenteerd als door de
Staat der Nederlanden verzocht. De staatssecretaris heeft geen schroom mee
te gaan met deze door het College in scène gezette misleiding van de
gemeenteraad. Een brief met de aanhef «ik ga graag in op uw verzoek
tot het nemen van een voorbereidingsbesluit» werd door haar blijkbaar
ook als minder kansrijk bij de gemeenteraad geacht.</al>
        <tuskop letat="vet">Vraag 2: Is er een poging ondernomen om met Chipshol tot
een minnelijke schikking te komen?</tuskop>
        <al>Toelichting: Goedgekeurde bestemmingsplannen (w.o. een uitwerkingsplan)
zijn een onderdeel van onze rechtsstaat. Het verankert het eigendomsrecht
en in het verlengde daarvan het recht om te mogen bouwen conform de bepalingen
in het bestemmingsplan. Wanneer een overheid om haar moverende redenen van
mening is dat de bestaande bestemming niet meer passend is dan heeft zij de
mogelijkheid dit plan te wijzigen. Zij kan hiertoe een voorbereidingsbesluit
nemen waarmee in feite een «stand still» wordt bewerkstelligd.
In de kwestie Groenenbergterrein zien wij dat Chipshol een bouwaanvraag heeft
ingediend dat vrijwel voldoet aan het uitwerkingsplan. De gemeente staat juridisch
in haar recht wanneer zij een dergelijk bouwaanvraag weigert. Het is normaal
dat initiatiefnemer en overheid in onderling overleg tot een
passende bouwaanvraag komen. Indien er echter redenen zijn om van een bouwrecht
af te komen, dan is minnelijk overleg een normale route. Hoe ging dit in de
kwestie Groenenbergterrein?</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de gemeente Haarlemmermeer</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">31 oktober 2002:</nadruk> (zie ook vraag 1) Bij
luchthavenzaken van de gemeente worden interne acties gecoördineerd om
tot een oplossing te komen rond de bouwaanvragen voor het Groenenbergterrein.
Er wordt een actielijst geformuleerd waarop 3 opties worden genoemd:</al>
        <al>1. Vernietiging bouwvergunning door minister</al>
        <al>2. Voorbereidingsbesluit nemen</al>
        <al>3. Grondruil door Schiphol.</al>
        <al>Voorlopig wordt door de gemeente ingezet op de eerste twee sporen. Het
derde spoor doorloopt Schiphol. (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari
2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">1 november 2002:</nadruk> Ambtelijk wordt per
e-mail teruggekoppeld over contacten met het ministerie van VROM over het
Groenenbergterrein «vanmorgen contact gehad met het Ministerie van VROM.
VROM stelt voor ons te blijven richten op de twee sporen: de voorbereiding
van het voorbereidingsbesluit en eventuele vernietiging van bouwvergunning
(daarnaast loopt natuurlijk het derde spoor van grondruil door Schiphol).
VROM onderzoekt op dit moment de mogelijkheid tot vernietiging van de bouwvergunning.
Dit zou mogelijk kunnen via de Wet Luchtvaart. Daarnaast zou ook de schadeloosstelling
via de Wet Luchtvaart moeten lopen (ministerie van V&amp;W). Er is een werkgroepje
van medewerkers van het Ministerie van VROM en V&amp;W dat op dit moment e.e.a.
uitzoekt. De CE0 van de Schiphol Group zal contact opnemen met de staatssecretaris
van V&amp;W, om e.e.a onder haar aandacht te brengen.» (bron: reconstructie
Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">1 november 2002:</nadruk> «Binnen de gemeente
wordt ambtelijk gewerkt aan een memo ter onderbouwing van te nemen besluiten.
In een concept staan vier denkbare opties: <nadruk type="vet">a.</nadruk> weigeren
bouwvergunning, <nadruk type="vet">b.</nadruk> vernietigen bouwvergunning
door minister, <nadruk type="vet">c.</nadruk> ombuigen bouwaanvraag via minnelijke
schikking, <nadruk type="vet">d.</nadruk>voorbereidingsbesluit. Het verwoorde
voorstel in dit concept: «..weigeren bouwvergunning ... die niet passen
binnen het LIB is geen optie.» « ...hebben opties b en c vanuit
een oogpunt van aansprakelijkheidsrisico’s voor de gemeente de voorkeur.
... opties worden onderzocht ... grote mate van onzekerheid over de haalbaarheid.» «Met
optie d ... kan effectief voorkomen worden dat voor de inwerkingtreding van
het LIB bouwaanvragen gehonoreerd moeten worden ... ». «Deze optie
leidt echter tot juridische en daarmee financiële risico’s voor
de gemeente».</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Het conceptmemo vervolgt: «Dit alles afwegende luidt het voorstel
om in te stemmen met de volgende handelwijze: <nadruk type="vet">1.</nadruk> het
bij ministers van VROM en V&amp;W aandringen op spoedige helderheid over de
mogelijkheid en bereidheid om bouwvergunningen die strijdig zijn met het LIB –
voor zover het gaat om bouwvergunningen die leiden tot een directe beperking
van het baangebruik – te vernietigen, <nadruk type="vet">2.</nadruk>Het
voorbereiden van een voorbereidingsbesluit waarbij vanwege het spoedeisende
karakter ingezet wordt op voorbereidingsbesluit dat in de raadsvergadering
van 7 november 2002 wordt bekrachtigd; <nadruk type="vet">3.</nadruk>De werking
van het voorbereidingsbesluit niet te beperken tot het gebied waarvoor een
bouwaanvraag is ingediend, doch het gebied te laten omvatten waarin blijkens
opgave van LVNL risico’s bestaan zoals deze naar voren zijn gekomen
bij de bouwaanvraag door Chipshol;» (bron: reconstructie Haarlemmermeer
dd. 23 februari 2006) </al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">6 november 2002:</nadruk> «In een overleg
van direct betrokkenen wethouders wordt gesproken over de koers zoals de gemeente
Haarlemmermeer die kiest met betrekking tot het Groenenbergterrein. In de
discussie worden de volgende uitgangspunten geformuleerd; – het besluitvormingsproces
moet open en helder zijn. Al naar gelang het besluit kunnen claims van Chipshol
of Schiphol worden ingediend. – de Gemeente Haarlemmermeer zal geen
voorbereidingsbesluit nemen. – te ondernemen actie ligt primair bij
het Rijk. – de gemeente zal inzicht proberen te krijgen in de bereidheid
van het Rijk om garant te staan of bij te dragen in geval van een schadeclaim. –
dinsdag 12 november zal een gesprek plaatsvinden van de directeur RWE
met vertegenwoordigers van Chipshol. En er staat binnenkort een gesprek gepland
van Schiphol met vertegenwoordigers van Chipshol. (bron: reconstructie Haarlemmermeer
dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">12 november 2002:</nadruk> De vervolgstappen worden
aan de wethouder luchthavenzaken voorgelegd en uit dit gesprek is het volgende
te melden: «1– de wethouder wil, i.v.m. de bespreking van de begroting
in de Raad a.s. donderdag, deze week het voorbereidingsbesluit <nadruk type="cur">niet</nadruk> in de Raad bespreken. Dit betekent dat alles een week opschuift; –
Met de publicatie van het besluit in de staatscourant moeten we wachten; –
de officiële weigering van de bouwaanvraag zal deze week ook niet verstuurd
worden;« (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">12 november 2002:</nadruk> «Vandaag is een
afspraak van de directeur RWE met vertegenwoordigers van Chipshol. In dit
gesprek zal Chipshol worden geïnformeerd over het afwijzen van de bouwaanvragen
voor het Groenenbergterrein op grond van het bestemmingsplan (overschrijding
bouwhoogte met een meter – AD).» 13 november 2002: «De
afwijzing van zijn bouwplannen op basis van het bestemmingsplan wordt door
hen (Chipshol AD) bestreden.» 14 november 2002: in de taakgroep
ter voorbereiding van het Bestuursforum Schiphol wordt besproken: «Complicerende
factor tot slot is het feit dat er begin deze week (week van 14 november
2002) een nieuwe (aangepaste) tekening is ingediend voor het Groenenbergterrein.»
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van wethouder Schoenmaker van Haarlemmermeer</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">21 november 2002:</nadruk> «Ik heb eerder
gezegd dat twee sporen worden gevolgd. (...) dit voorbereidingsbesluit (...)
en de Staatssecretaris heeft toegezegd de daaruit voortvloeiende schade te
betalen. (...) Mochten in de tussenliggende periode (...) bouwaanvragen binnenkomen
die strijdig zijn met de bedoelingen van de wetgever dan zal natuurlijk het
tweede traject worden doorlopen.» (bron: notulen besloten gemeenteraadsvergadering
Haarlemmermeer, d.d. 21 november 2002)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">7 februari 2006:</nadruk> In antwoord op de vraag
van de Tweede Kamer naar de inzet van de NV Luchthaven Schiphol: «Of
Schiphol aan Chipshol een poging heeft ondernomen een schadevergoeding aan
te bieden is mij niet bekend.» (bron: Staatssecretaris Schultz van Haegen,
DGTL06.006665, 7 februari 2006.)</al>
        <tuskop letat="vet">Conclusies:</tuskop>
        <al>• De gemeente onderkent het pad van een minnelijke schikking op 31 oktober
2002 als optie (3. Grondruil door Schiphol). De mogelijkheid van een minnelijke
schikking wordt in een memo aan het ministerie van VROM al gauw letterlijk
tussen haakjes geplaatst: «(daarnaast loopt natuurlijk
het derde spoor van grondruil door Schiphol)». Het feitelijke initiatief
en de uitwerking tot een mogelijke schikking laat de gemeente over aan de
NVLS.</al>
        <al>• De gemeente lijkt zich vooral te concentreren op het nemen van
een voorbereidingsbesluit waarbij de eventuele (plan)schadeclaims afgewenteld
moeten kunnen gedragen worden op of Schiphol of de Rijksoverheid. De ambtenaren
van het ministerie V&amp;W schatten in dat er geen sprake is van planschade,
vandaar dat zij eventuele schadeclaims «met vertrouwen tegemoet zien».</al>
        <al>• Schiphol heeft, zoals blijkt uit de reconstructie, geen werk gemaakt
van het «derde spoor» de optie: grondruil door Schiphol.</al>
        <al>• Geen enkele overheidsinstantie heeft ook maar één
serieuze poging ondernomen om het bouwrecht van Chipshol langs een minnelijke
weg te schikken.</al>
        <al>• Inmiddels is de kwestie Chipshol verworden tot een woud van juridische
claims waar vooral advocaten heel rijk van worden. De kosten van alle spelers
worden afgewenteld op de samenleving. Alle overheidsspelers schijnen hierover
tevreden te zijn. Ook thans ontbreekt nog steeds ieder initiatief om te komen
tot een minnelijke oplossing. De teller tikt door.</al>
        <tuskop letat="vet">Vraag 3: Heeft de LVNL (Luchtverkeersleiding Nederland)
haar rol in de kwestie Groenenbergterrein naar behoren vervuld?</tuskop>
        <al>Toelichting: De LVNL heeft een cruciale rol gespeeld in het conflict rondom
het Groenenbergterrein. Zij is dé spil in het conflict. Het is immers
het advies van de LVNL geweest dat in de formele positiebepaling van de NV
Luchthaven Schiphol de basis was van haar bezwaren tegen de voorgenomen bouwplannen
van Chipshol. Hoewel het advies van de LVNL voor de gemeente Haarlemmermeer
nooit aanleiding is geweest voor een aanpassing van haar uitwerkingsplan werd
door B&amp;W in een brief van 16 oktober 2002 (deze brief is niet opgenomen
in de reconstructie Haarlemmermeer) opnieuw om het oordeel gevraagd van de
LVNL. De daaropvolgende brief van 30 oktober 2002 van de LVNL waarin
het bouwplan als «desastreus» werd omschreven is medebepalend
(hoewel als argument naar buiten toe nooit gehanteerd) om de gemeenteraad
het voorstel te doen in te stemmen met een voorbereidingsbesluit. Later zal
de LVNL stellingname dé legitimatie zijn voor de staatssecretaris van
Verkeer en Waterstaat voor het opleggen van een bouwverbod voor het Groenenbergterrein.
De conclusie is dat zonder het advies van de LVNL er geen kwestie Groenenbergterrein
zou zijn geweest.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Om te kunnen beoordeling of de LVNL haar rol naar behoren heeft vervuld
zal een aantal vragen worden beantwoord. Deze zijn: 3a) Wat is de formele
rol van de LVNL in de kwestie Groenenbergterrein? 3b) Waarop baseert de LVNL
haar advies? 3c) Hoe heeft de LVNL zich in haar advisering verantwoord? 3d)
Hoe oordelen deskundigen over het advies van de LVNL? 3e) Hoe heeft de LVNL
zich in andere vergelijkbare gevallen opgesteld?</al>
        <tuskop letat="cur">3a) Wat is de formele rol van de LVNL in de kwestie Groenenbergterrein?</tuskop>
        <al>In haar beantwoording van de Kamervragen (eind 2005/begin 2006) geeft
de staatssecretaris aan dat in het bestemmingsplan Schiphol-Zuidoost van de
gemeente Haarlemmermeer is opgenomen een «toetsingscommissie».
Deze toetsingscommissie heeft als taak B&amp;W van de gemeente Haarlemmermeer
te adviseren omtrent bouwplannen. In de toetsingscommissie hebben zitting
een aantal afdelingen van de gemeente en de SADC (de aandeelhouders van deze
private gebiedsontwikkelaar zijn de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer,
de provincie Noord-Holland en de NV Luchthaven Schiphol – AD). De «LVNL mocht deelnemen in een adviserende rol. De adviezen betroffen eventuele
consequenties van bouwplannen op de veilige, ordelijke en efficiënte
afwikkeling van het luchtverkeer. Adviezen van LVNL kon de gemeente naast
zich neerleggen». (staatssecretaris van Verkeer en Watersstaat, DGTL06.006665,
7 februari 2006)</al>
        <tuskop letat="cur">3b) Waarop baseert de LVNL haar advies?</tuskop>
        <al>De LVNL beziet bij de beoordeling van bouwplannen de (mogelijke) gevolgen
voor de luchtverkeersdienstverlening voor wat betreft de beïnvloeding
op communicatie, navigatie en surveillance functie, vliegveiligheidaspecten
en zichtlijnen. Zij baseert zich hierbij op eisen en richtlijnen die zijn
opgesteld door de International Civil Aviation Organisation (ICAO) zoals neergelegd
in Annex 10, volume 1 Radio Navagation Aids, paragraaf 3.1 en attachment
C (hoofdstuk 2) van voornoemde annex.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>In het geval van het bouwplan voor het Groenenbergterrein is er volgens
de LVNL sprake van een verstoring van het glijpadsignaal van het Instrument
Landings Systeem (ILS). Vliegtuigen gebruiken dit signaal voor precisienaderingen
en -landingen, in het bijzonder ook onder slechtzicht omstandigheden.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Deze eisen en richtlijnen van het ICAO kenden – tot de invoering
van het LIB (20 februari 2003) – in Nederland geen wettelijke basis.
De gemeente was dus niet gebonden aan de adviezen van de LVNL. Anders gezegd:
indien er sprake is van een verstoring van het «glijpad» dan kon
dit, binnen het toen vigerend wettelijke kader, worden opgevangen door aanpassing
van het bouwplan, dan wel aanpassing of verplaatsing van het «baken»
dat de «glijpadsignalen» afgeeft. Gebeurt dit niet dan heeft dit
gevolgen voor de categorisering van de start- en landingsbaan. In het geval
van de Aalsmeerbaan ging het om een vermindering van de functionaliteit van
de baan. In het geval van het Groenenbergterrein waren er twee oplossingen:
1. aanpassing van de bebouwing en acceptatie van een eventuele planschadeclaim
door de gemeente, dan wel 2. verplaatsing van het baken en acceptatie van
de kosten door de LVNL dan wel Schiphol.</al>
        <tuskop letat="cur">3c: Hoe heeft de LVNL zich in haar advisering verantwoord?</tuskop>
        <al>De vaststelling van de mogelijke invloed van een bebouwing op «glijpadsignaal»
vindt plaats aan de hand van een computersimulatie waarin de situatie gesimuleerd
wordt. De uitkomst worden in hoge mate bepaald door de parameters die worden
gehanteerd. Deze zijn in de kwestie Groenenberg-terrein al snel bepalend voor
een negatieve uitkomst. Zo wordt bij voorbeeld als uitgangspunt gehanteerd
dat «aanpassing c.q. verplaatsing glijpad niet mogelijk i.v.m. positie
holding 01R.» Los van de vraag of dit juist is, heeft de invoering ervan
vergaande consequenties voor de uitkomst. Dat geldt ook voor de wijze waarop
de LVNL het bouwplan invoert. Het is namelijk de LVNL zelf die aan de hand
van het ingediende «vlekkenplan» (1998) dan wel de ingediende
plantekeningen (2002 en 2003) de omtrek van de gebouwen bepaald. Dat de LVNL
het onderzoek op deze wijze invult valt binnen haar verantwoordelijkheid.
Daar het echter gaat om de uitvoering van een publieke taak mag van de LVNL
verwacht worden dat zij transparant is in de onderbouwing van haar adviezen
en deze dan ook inhoudelijk verantwoordt naar de partijen die zij adviseert
(gemeente Haarlemmermeer, de staatssecretaris en eventuele belanghebbenden),
en jegens diegene waarover zij adviseert (de aanvrager). In dit verband gaan
wij eerst na waaruit – op de cruciale momenten – deze verantwoording
bestond. </al>
        <tuskop letat="vet">Eerste onderzoek (Brief LVNL aan Landvision: 5 november
1998)</tuskop>
        <al>In een schrijven aan Landvision (=Chipshol) maakt de LVNL haar standpunt
duidelijk in een brief welke hier integraal is opgenomen: «Geachte heer
Poot, Naar aanleiding van ons schrijven d.d. 19 oktober 1998, kenmerk
LVB 800 957, delen wij u mee dat de simulatie resultaten bekend zijn.
Uit het onderzoek blijkt dat voor het gebied A de maximale bouwhoogte 3 meter
mag zijn. Voor het gebied B is geen bebouwing en/of een parkeerterrein toegestaan.
Aangezien de simulatie resultaten zeer technisch van aard zijn willen wij
deze gaarne toelichten».<nadruk type="cur">(Bron: Brief LVNL –
LVB 801019).</nadruk></al>
        <tuskop letat="vet">Tweede Onderzoek (Brief LVNL aan College Haarlemmermeer:
30 oktober 2002)</tuskop>
        <al>In deze brief bestaande uit 10 regels zet de LNVL uiteen dat «na
bestudering van de bouwtekeningen en het uitvoeren van obstakelberekeningen»
de Aalsmeerbaan «niet meer inzetbaar is voor omstandigheden waarbij
het zicht minder is dan 1500 meter». De LVNL stelt dat zij «tevens
de alternatieven heeft onderzocht voor eventuele verplaatsing van het ILS.»
Dit wordt niet mogelijk geacht omdat dit zou leiden tot dezelfde «desastreuze
gevolgen». <nadruk type="cur">Bron: Brief LVNL: – ATM/P&amp;C/2002/1768</nadruk></al>
        <tuskop letat="vet">Derde onderzoek (brief LVNL aan college Haarlemmermeer:
16 december 2002)</tuskop>
        <al>In een brief bestaande uit 6 regels schrijft de LVNL aan het college van
Haarlemmermeer dat zij het «herziene bouwplan voor het Groenenbergterrein
ontvangen en beoordeeld» heeft. Naar de opvatting van de LVNL staan
alle bezwaren «conform onze brief ATM//P%C/2002/1768 d.d. 30 oktober
2002 onverkort overeind». De LVNL geeft aan bereid te zijn tot een mondelinge
toelichting «indien u dit noodzakelijk acht». Het is niet bekend
of de gemeente Haarlemmermeer van dit aanbod gebruik heeft gemaakt. In ieder
geval heeft zij zich er niet doorlaten weerhouden om op 11 februari 2003
een bouwvergunning voor het Groenenbergterrein af te geven. Dit bouwplan zal
op 19 februari 2003 door een bouwverbod worden getroffen.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>In de vragen van de Tweede Kamer is nadrukkelijk gevraagd om de openbaarmaking
van de rapporten die de LVNL heeft opgesteld naar aanleiding van de verschillende
onderzoeken die zij heeft verricht. Concreet gaat het dan om de rapporten
voor het onderzoek dat in 1998 is gedaan en de twee onderzoeken die de NVNL
in 2002 heeft verricht.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De staatssecretaris heeft voor de door LVNL verrichte onderzoeken GEEN
rapport(en) aan de Kamer doen toekomen. Wel stuurde zij enkele onderliggende
stukken uit het LVNL archief die moeten aantonen dat er sprake is geweest
van onderzoek. Dit betreft naar aanleiding van de bouwaanvraag van 12 september
2002 een drietal bijlagen te weten: twee plantekeningen, één
(ongedateerde) simulatie en meetvluchtgegevens en een afschrift van de eerder
aangehaalde brief van 30 oktober 2002 van de LVNL aan het college van
Haarlemmermeer. Naar aanleiding van de bouwaanvraag van 22 november stuurt
zij een viertal bijlagen, te weten: twee plantekeningen, een (ongedateerde)
simulatie en meetvluchtgegevens en een afschrift van de eerder aangehaalde
brief van 16 december 2002 aan het college van Haarlemmermeer. Van het
onderzoek dat de LVNL in 1998 verrichtte stuurde zij eveneens een tweetal
(ongedateerde) computersimulaties tekeningen en enkele brieven aan Landvision
waaronder de eerder aangehaalde brief van 5 november 1998. </al>
        <witreg></witreg>
        <al>Wel heeft de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat een interne notitie
van 6 juni 2003 van de LVNL openbaar gemaakt. Het betreft «verduidelijking
nav hoorzitting 21 met 2003 Besluit Staatssecretaris ex. artikel 38».
Dit is echter een verklaring cq toelichting van het handelen van de LVNL achteraf
op het onderzoek welke ten grondslag lag aan het bouwverbod. De Kamer vroeg
nadrukkelijk om de rapporten die voor het voorbereidingsbesluit en voor het
bouwverbod zijn opgesteld. Het lijkt meer en meer gerechtvaardigd te veronderstellen
dat de LVNL helemaal geen rapporten in deze kwestie heeft opgesteld. Deze
zijn, naar wij zo langzamerhand moeten aannemen helemaal niet aanwezig. Het
onderzoek lijkt zich te beperken tot een enkele computersimulatie en meetvluchtgegevens.
De conclusie wordt in een brief medegedeeld en daar moet de ontvanger het
maar meedoen. Op het moment dat er verantwoording wordt gevraagd, zoals de
Tweede Kamer bijvoorbeeld doet naar het onderzoek in 1998, laat de LVNL weten
dat «het onderzoek en de beoordeling door de LVNL moet in de context
van deze brieven gezamenlijk worden gezien». (bron: LVNL, 29 maart
2006, LA 32881) Anders gezegd, er is geen zelfstandige rapportage over het
onderzoek in 1998.</al>
        <tuskop letat="cur">3d) Hoe oordelen deskundigen over het advies van
de LVNL?</tuskop>
        <al>Nadat het bouwverbod is genomen en, nadat er op 21 mei 2003 een hoorzitting
is gehouden naar aanleiding van het bezwaar van Chipshol, besluit de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat alsnog een commissie als bedoeld in artikel 43 van
de Luchtvaartwet in te stellen. Deze commissie moet haar zienswijze geven
over het bouwverbod. De Luchtvaartwet regelt haar samenstelling. De rechtbank
van Haarlem benoemt conform artikel 44 de deskundigen die een advies moeten
geven over de onderbouwing waarop het bouwverbod van 19 februari 2003
is gebaseerd. Tevens moeten deze deskundigen aangeven of bij het doorgaan
van de bebouwing van Chipshol er grote problemen zijn te verwachten voor de
status van de ILS op de Aalsmeerbaan (36.R). De deskundigen baseren zich op
de «verduidelijking nav hoorzitting 21 met 2003 Besluit Staatssecretaris
ex. artikel 38» en toetsen deze gegevens.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Op basis van deze contra-expertise komen de deskundigen Ir. S.j. Nooigedagt
(ATN), Dr. Ir. H. Schippers (NLR) met hun «onderzoek naar invloed van
bebouwing op Groenenbergterrein op ILS van Aalsmeerbaan» (NLR-CR-2005-113).
Enkele uitkomsten en conclusies:</al>
        <tuskop letat="cur">Uitkomsten:</tuskop>
        <al>«De geschatte additionele verstoring is enkel het gevolg van geparkeerde
vrachtauto’s» op een grote «bewaakte Truckparking»
aan de westkant van Kavel 1 van de voorgestelde bebouwing;</al>
        <witreg></witreg>
        <al>«De gevels van de gebouwen op bestekstekening (...) zullen geen
noemenswaardige verstoring zullen hebben op het signaal van de ILS glijpad
antenne»;</al>
        <tuskop letat="cur">Conclusies:</tuskop>
        <al>«Op basis van bestekstekening V.2002W813bI01, 29-10-2002 is de omvang
van de additionele verstoring ten gevolge van de voorgenomen bebouwing op
het Groenenbergterrein gering, en kan met behulp van een computer simulatie
niet worden aangetoond dat deze verstoring leidt tot een de-classificatie
van de ILS op de landingsbaan 36.R. De verstoring is louter het gevolg van
de aanwezigheid van geparkeerde vrachtwagens op een «bewaakte Truckparking»
aan de westkant van Kavel 1.» </al>
        <witreg></witreg>
        <al>«LVNL heeft geen duidelijkheid kunnen verschaffen over de marges
van de onnauwkeurigheid in de resultaten van deze computersimulaties»;</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De onderbouwing van het bouwverbod voor het Groenenbergterrein is (gezien
de uitkomsten van het onderzoek) gebaseerd op de technische conclusie dat
het statische verstoringsbudget met 13,3% wordt overschreden, wat louter
het gevolg is van de aanwezigheid van geparkeerde vrachtauto’s op het
Groenenbergterrein».</al>
        <witreg></witreg>
        <al>«Bij de onderbouwing van het bouwverbod heeft de LVNL in referentie
1 <nadruk type="vet">niet</nadruk> vermeld dat de verstoring van het glijpad
signaal enkel het gevolg is van de aanwezigheid van geparkeerde vrachtauto’s
op een grote «bewaakte Truckparking»aan de westkant van Kavel
1».</al>
        <witreg></witreg>
        <al>«De validatie van het computerprogramma laat naar het inzicht van
de deskundigen te wensen over (LVNL heeft geen duidelijkheid kunnen verschaffen
over de marges van de onnauwkeurigheid in de berekeningen van het AXIS programma)».</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De deskundigen ontdekken tijdens hun onderzoek dat Chipshol haar bouwplan
naar aanleiding van een verzoek van de gemeente Haarlemmermeer heeft aangepast
(bestekstekening V.2002W817b101, d.d. 27-03-2003). De gewraakte Truckparking
is vervangen door een waterpartij. Deze plantekening is door de gemeente Haarlemmermeer
niet aan de LVNL verstrekt. Computersimulatie van de deskundigen (ism de LVNL)
wijzen uit dat:</al>
        <witreg></witreg>
        <al>«Indien deze bestekstekening beschikbaar was geweest <nadruk type="vet">voor</nadruk>de afkondiging van het bouwverbod zou dit tot een andere technische
conclusie hebben geleid, en welke niet had kunnen dienen voor het uitvaardigen
van het bouwverbod voor het Groenenbergterrein.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Onafhankelijk van bovengenoemde ontwikkeling kan het onderzoek van de
twee onafhankelijke deskundigen naar de bouwaanvraag van 22 november
2002 niet anders worden aangemerkt dan als een volledige diskwalificatie van
het onderzoek en handelen van de LVNL. Op ieder niveau wordt het LVNL onderzoek
in keurig opgestelde woorden gekraakt. Slechts de situering van een tweetal
vrachtauto’s parallel aan de Aalsmeerbaan waardoor er reflectie optreedt,
veroorzaakt de verstoring. Een draai van 180 graden van de parkeerplaats (met
de kop naar de Aalsmeerbaan) zou de verstoring al volledig hebben weggenomen.
Hoe kan het dat de LVNL – die zelf verantwoordelijk is voor de invoergegevens
van het computersimulatie – deze constatering noch aan Chipshol, noch
aan de Toetsingscommissie, noch in de correspondentie over het bouwplan aan
het College van Haarlemmermeer, noch aan de staatssecretaris die vergaande
beslissingen moest nemen over het opleggen van een bouwverbod, meldde? Door
deze melding achterwege te laten is de LVNL primair verantwoordelijk voor
het escaleren van het conflict rondom het Groenenbergterrein. Een simpele
melding zou het gehele probleem hebben doen verdwijnen.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Kanttekening: De deskundigen hebben zich in hun onderzoek beperkt tot
de referenties welke de LVNL heeft opgenomen in haar later opgestelde toelichting
op het bouwverbod. Onduidelijk is waarom zij niet hebben nagegaan of deze
referenties ook daadwerkelijk stroken met het daadwerkelijk gehouden onderzoek
ten tijde van de behandeling van de bouwaanvraag. Opsteller van de nota heeft
vraagtekens of de genoemde referenties overeenkomen met het werkelijk gehouden
onderzoek. </al>
        <tuskop letat="cur">3e) Hoe heeft de LVNL zich in andere, vergelijkbare
gevallen opgesteld?</tuskop>
        <al>Het bouwplan van Chipshol is niet de enige bouwaanvraag die moet worden
behandeld in de periode voordat het LIB op 20 februari 2003 in werking
treedt. Voor bijvoorbeeld het Kronenberg project dat grenzend aan het Groenenbergterrein
wordt gebouwd, heeft de LVNL geen negatief advies uitgebracht, terwijl dit
gebouw hoger is dan het Groenenbergproject. Hoe kan dat? De procesgang bij
een drietal andere bouwaanvragen (zie verder onder vraag 4) doet vermoeden
dat er sprake is van willekeur. Blijkbaar worden niet alle gevallen door de
LVNL gelijk behandeld.</al>
        <tuskop letat="cur">3f) Beschikte de staatssecretaris toen zij besloot
tot het nemen van een bouwverbod daadwerkelijk over de onderzoeken van de
LVNL?</tuskop>
        <al>«Ik beschikte over de resultaten van het onderzoek naar de bouwplannen
van Chipshol» (Bron: Staatssecretaris Schultz van Haegen, DGTL06.006665,
7 februari 2006.)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De staatssecretaris beschikte, toen zij overging tot het nemen van een
bouwverbod, blijkbaar slechts over «de resultaten van het onderzoek»
van de LVNL. Onduidelijk is wat hiermee wordt bedoeld. Uit bovenstaande analyse
is duidelijk geworden dat er naast enkele ongedateerde computersimulaties
er in feite geen sprake is van een adequaat onderzoek, in ieder geval niet
van een transparant onderzoeksrapport. De vraag is gerechtvaardigd of de staatssecretaris
ooit kennis genomen heeft van het onderzoek van de LVNL.</al>
        <tuskop letat="cur">3h) Beschikte de staatssecretaris over een afdoende
juridische onderbouwing voor haar besluit tot het nemen van een bouwverbod?</tuskop>
        <al>Uit de beantwoording van de staatssecretaris blijkt dat «geen juridische
adviezen» beschikbaar zijn. De «juridische advisering (alleen
Hoofddirectie Juridische Zaken: AD) heeft, gelet op de zeer krappe termijn,
mondeling plaatsgevonden». Dit antwoord van de staatssecretaris komt
weinig overtuigend over. Vanaf 6 november is het ministerie van
Verkeer en Waterstaat actief met dit dossier bezig. Vanaf 22 november
ligt er een bouwplan waarvoor de Gemeente Haarlemmermeer, op grond van het
bestemmingsplan, een vergunning moet afgeven. Het is niet geloofwaardig om
dan de tijdsfactor als een argument te gebruiken voor het feit dat er «geen
juridische adviezen» zijn. (Bron: Staatssecretaris Schultz van Haegen,
DGTL06.006665,7 februari 2006.)</al>
        <tuskop letat="vet">Algemene conclusies:</tuskop>
        <al>• De LVNL heeft nooit op een zodanig transparante wijze verslag gedaan
van haar onderzoek dat de gemeente Haarlemmermeer, de staatssecretaris, dan
wel Chipshol in staat waren de bevindingen van de LVNL te controleren.</al>
        <al>• De LVNL heeft nagelaten de gemeente Haarlemmermeer, de aanvrager,
de NV Luchthaven Schiphol en naar wij moeten aannemen de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat op de hoogte te stellen dat er «slechts»
sprake was van een probleem dat veroorzaakt werd door de situering van een «bewaakte
Truckparking». Een simpele wijziging (180 graden draaien van de situering
van de vrachtauto’s») had het gehele conflict uit de wereld kunnen
halen. Door dit niet te doen heeft het conflict zich kunnen escaleren.</al>
        <al>• Op basis van bovenstaande moet worden geconcludeerd dat de LVNL
ernstig in gebreke is gebleven in het vervullen van haar adviserende rol ten
tijde van de bouwaanvraag voor het Groenenbergterrein en in de
voorbereiding van het bouwverbod. Zij is daarmee (mede)verantwoordelijk voor
de totstandkoming van een miljoenenschade bij zowel de aanvrager als ook bij
de NV Luchthaven Schiphol en de verschillende overheden. Per saldo betaalt
de gemeenschap de prijs.</al>
        <tuskop letat="vet">Vraag 4: Heeft de overheid op correcte wijze gebruik gemaakt
van haar publiekrechtelijke instrumentarium?</tuskop>
        <al>Toelichting:</al>
        <al>De gemeente en V&amp;W maken gebruik van het voorbereidingsbesluit –
een publiekrechtelijk instrument – om het bouwplan van Chipshol te voorkomen.
De vraag is of zij in overeenstemming met de Algemene Wet Bestuursrecht hebben
gehandeld. De AWB bepaalt onder meer «Het bestuursorgaan gebruikt de
bevoegdheid tot het nemen van een besluit niet voor een ander doel dan waarvoor
die bevoegdheid is verleend» (artikel 3:3).</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Ook heeft de gemeente gebruik gemaakt van artikel 4:11 waarin bepaald
is dat een belanghebbende niet in de gelegenheid behoeft te worden gesteld
haar zienswijze kenbaar te maken indien</al>
        <witreg></witreg>
        <al>a. de vereiste spoed zich daartegen verzet;</al>
        <al>b. de belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze
naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden
hebben voorgedaan, of</al>
        <al>c. het met de beschikking beoogde doel slechts kan worden bereikt indien
de belanghebbende daarvan niet reeds tevoren in kennis is gesteld.</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van direct betrokkenen in de aanloop van het
voorbereidingsbesluit</tuskop>
        <al>
          <nadruk type="cur">1 november 2002:</nadruk> aan direct betrokkenen
wordt een e-mail verstuurd met de laatste stand van zaken: «Voorbereidingen
voorbereidingsbesluit zijn in volle gang».. ... «SRE heeft met
advocaat Koeman van Stibbe advocaten en notarissen gesproken over het Groenenbergterrein.
Hieruit kwam de volgende: informatie: (...) In eerste instantie inzetten op
voorbereidingsbesluit en de mogelijkheid tot vernietiging «achter de
hand houden». (bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari
2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">1 november 2002:</nadruk> Binnen de gemeente wordt
ambtelijk gewerkt aan een memo: (...) De werking van het voorbereidingsbesluit
niet te beperken tot het gebied waarvoor een bouwaanvraag is ingediend, doch
het gebied te laten omvatten waarin blijkens opgave van LVNL risico’s
bestaan zoals deze naar voren zijn gekomen bij de bouwaanvraag door Chipshol;
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">4 november 2002:</nadruk> Tussen Schiphol en de
gemeente bestaat in deze periode contact over de verhaalbaarheid van de schade
op Schiphol. Schiphol stuurt een tekstvoorstel naar de gemeente: «Indien
de gemeente Haarlemmermeer als gevolg van het treffen van een voorbereidingsbesluit
als bedoeld in (...), voorzover dit betrekking heeft op het partijen bekende «Groenenbergterrein»,
(...) schadevergoedingsplichtig wordt (...) zal Schiphol Nederland BV deze
schadevergoeding voor haar rekening nemen ... » (bron: reconstructie
Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">6 november 2002:</nadruk> (...) Bij het ministerie
van V&amp;W is er de bereidheid om een afspraak te maken over de verhaalbaarheid
van eventuele schadeclaims. Volgens ambtenaren van het ministerie is er geen
sprake van planschade in deze, vandaar dat zij een eventuele schadeclaim «met vertrouwen tegemoet zien» (bron: reconstructie Haarlemmermeer
dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>
          <nadruk type="cur">11 november 2002:</nadruk> Nadat de gemeente de
geplande datum (7 november) voor behandeling in de raad opschort –
omdat er nog geen garantiestelling van ofwel het rijk, ofwel Schiphol is –
neemt de LVNL contact op met de gemeente: «omdat men geïrriteerd
is dat men niet ingelicht is over het feit dat er geen Raadsbesluit genomen
is afgelopen donderdag. We hebben hiervoor onze excuses aangeboden, en beloofd
hen te zullen inlichten indien er nieuwe ontwikkelingen zijn». (bron:
reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen van direct betrokkenen tijdens de besloten
raadsvergadering van 21 november 2002</tuskop>
        <al>In haar brief aan de gemeente met het verzoek tot het voorbereidingsbesluit
schrijft de staatssecretaris: «(...), zijn wij van mening dat er sprake
is van een zodanig algemeen maatschappelijk belang van het goed functioneren
van de nationale luchthaven dat deze belangen zwaarder wegen dan de belangen
van degene die door het voorbereidingsbesluit in hun bouwvoornemen geschaad
worden.» (Bron: Adri Duivesteijn: <nadruk type="cur">Het Groenenbergterrein
van bouwrecht tot bouwverbod. Een feitenreconstructie 1990–2005</nadruk>,
18 november 2005, p. 11.)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Ook de wethouder Schoenmaker (VVD) stelt tijdens de besloten raadsvergadering
dat het algemeen belang hier in het geding is: «Ik wijs erop dat een
groot nationaal belang op tafel ligt. (..) Als wij dit voorstel op een transparante
manier, in de openbaarheid zouden behandelen, zouden wij daarvoor het nationale
en dus het gemeentelijke belang niet dienen.» (bron: notulen besloten
gemeenteraadsvergadering Haarlemmermeer, d.d. 21 november 2002)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Tijdens een schorsing belt de wethouder met de directeur generaal Luchtvaart
van V&amp;W ter verificatie «welk gemeentelijk belang met dit voorbereidingsbesluit
is gediend, naast de kennelijke belangen van Rijk en Luchthaven. Antwoord
ministerie: «het algemeen belang, dat wordt gediend door een zo optimaal
mogelijk gebruik van het vijfbanenstelsel van de luchthaven met het oog op
de veiligheid en de milieubelasting, ook een (algemeen) belang van de gemeente
Haarlemmermeer is en dat het nemen van een voorbereidingsbesluit vooruitlopend
op het LIB bijdraagt aan de behartiging van dat algemene gemeentelijke belang.»
(bron: reconstructie Haarlemmermeer dd. 23 februari 2006)</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De wethouder informeert de raad tijdens de besloten raadsvergadering: «Ik
wil er op wijzen dat dit verzoek (van de staatssecretaris – AD) ook
naar andere gemeenten is uitgegaan.» Naar aanleiding van vragen van
de Kamer antwoordt dezelfde Staatssecretaris: «Het verzoek om een voorbereidingsbesluit
is niet aan andere gemeenten voorgelegd.» (7 februari 2006, 26 959
nr. 110).</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Wethouder Schoenmaker tijdens de besloten raadsvergadering: «Ik
kan de raad mededelen dat dit verzoek ons naar aanleiding van een concrete
bouwaanvraag is voorgelegd. (...) Het gaat om een aanvraag van een projectontwikkelaar
voor een zone vlak onder de Aalsmeerbaan.» (...) Als de rechter ons
dan vraagt waarom wij een bouwvergunning niet hebben afgegeven kunnen wij
niet zeggen dat het ons slecht uitkwam omdat over drie maanden nieuwe rijksregelgeving
van kracht zou worden».</al>
        <witreg></witreg>
        <al>In de gemeenteraad van Haarlemmermeer bestaan grote twijfels: </al>
        <witreg></witreg>
        <al>Raadslid Mw. De Jonge: «Ik heb het gevoel dat wij, om de staatssecretaris
van dienst te zijn, onbehoorlijk bestuur plegen omdat wij dit besluit in beslotenheid
nemen en niet de normale procedure volgen.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Raadslid Ottens: «U (Schoenmaker, AD) verklaart de Algemene Wet
Bestuursrecht gebaseerd op art 4.11 buiten toepassing. Met andere woorden(...)
wij gebruiken de AWB niet,»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Raadslid Nobel: «onze relatie met bijvoorbeeld Real Estate en aankoop
van gronden. Ik denk (...) dat wij het andere ondernemingen vrijwel onmogelijk
maken (...) om geld te kunnen verdienen.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Dhr Spijkers: «Vandaag is de naam van een specifieke ondernemer
genoemd. Dat is eerst door de raad gedaan – de raad mag die naam noemen
want de raad is niet het bestuur – en de wethouder heeft dat later zelf
ook gedaan. Het zou er op kunnen lijken dat wij dit besluit specifiek nemen
om de ontwikkeling van deze ondernemer te stuiten, want in ruimtelijke ordeningsprocedures «tricky»
is, dan wel contraproductief is.»</al>
        <witreg></witreg>
        <al>Dhr. Ottens: «Is het gebied dat in de bijlage wordt aangegeven,
het gebied waarop het voorbereidingsbesluit betrekking heeft, niet te a-specifiek?
Het besluit geldt voor de gehele gemeente, met uitzondering van een aantal
witte gedeelten en de belanghebbenden die daar een rol spelen zijn met de
neus aan te wijzen, namelijk de Luchthaven Schiphol zelf – de grootste
witte vlek –, de gemeente – ik wijs op een aantal witte vlekjes
links op de kaart – en rijkswaterstaat, zie het reepje rechtsonder waar
de A4 en de HSL Zuid worden gerealiseerd. Waarom zeg ik dat? Ik zeg dit omdat
ons bij een toekomstige toetsing door de rechter de vraag zal worden gesteld
waarom wij een aantal specifieke belangen hebben beschermd.» (bron:
notulen besloten gemeenteraadsvergadering Haarlemmermeer, d.d. 21 november
2002)</al>
        <plaatje file="kst-30518-2-3.gif" width="112.3mm" height="85.8mm" color="no" format="gif"></plaatje>
        <plaatje file="kst-30518-2-4.gif" width="77.9mm" height="58.6mm" color="no" format="gif"></plaatje>
        <tuskop letat="vet">Gedragingen direct betrokkenen met betrekking tot andere
bouwaanvragen</tuskop>
        <al>Het bouwplan van Chipshol is niet de enige bouwaanvraag die moet worden
behandeld in de periode voordat het LIB op 20 februari 2003 in werking
treedt. De vraag is hoe de LVNL, de gemeente Haarlemmermeer en de rijksoverheid
in deze bouwaanvragen hebben gehandeld. Is er in die andere gevallen ook sprake
van een onderzoek van de LVNL? Zijn deze bouwaanvragen in overeenstemming
met de internationale richtlijnen van het ICAO? De Tweede Kamer stelt eind
2005/begin 2006 een aantal vragen aan de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat
over een drietal specifieke projecten.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>De staatssecretaris antwoordt op 10 maart 2006 dat dan «in
principe negatief wordt geadviseerd door de Inspectie V&amp;W. Er zijn echter
omstandigheden die aanleiding geven tot het doen van een nader onderzoek.
Indien dit het geval is, dan vindt er een zogenaamde risicoanalyse, een «aeronautical
study», plaats. «Indien de effecten op de vliegveiligheid en de
bereikbaarheid van de luchthaven acceptabel zijn en indien er geen verstoring
van de radionavigatiebakens plaatsvindt dan kan positief worden geadviseerd
over het project. Indien de effecten op de vliegveiligheid gering zijn dan
kunnen er eventueel compenserende maatregelen worden geëist om de vliegveiligheid
positief te beïnvloeden.»</al>
        <al>Naar aanleiding van de procesgang van drie specifieke projecten meldt
de staatssecretaris</al>
        <witreg></witreg>
        <al>• «dat het van het <nadruk type="cur">UTI project</nadruk>
in Schiphol–Rijk onbekend of het bij de Inspectie V&amp;W ter beoordeling
is aangeboden, en dus weet ze ook niet of er een risicoanalyse heeft plaatsgevonden.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>• Dat «voor het <nadruk type="cur">Kronenbergterrein</nadruk>
de gemeente Haarlemmermeer in december 2002 een vergunning verleend heeft.
Het object voldeed aan de maximale bouwhoogten. De Inspectie V&amp;W is derhalve
niet betrokken geweest bij het vergunningverleningproces.» Het betreft
hier een bouwplan van ruim 10 meter dat precies aan de andere zijde van het
Groenenbergterrein ligt, in dezelfde LIB zone met een maximale bouwhoogte
van ca. 3,5 meter. Het bouwplan wordt in precies dezelfde tijd behandeld als
de bouwaanvraag voor Chipshol.</al>
        <witreg></witreg>
        <al>• «Het <nadruk type="cur">project Zuidtoren</nadruk> in Hoofddorp
is aangeboden bij de inspectie V&amp;W voor inwerkingtreding van het LIB.
De uitgevoerde risicoanalyse van dit project (het LIB schrijft op die locatie
een bouwhoogte van 35 meter voor, terwijl het gebouw zo’n
60 meter hoog is – AD) heeft tot resultaat gehad dat het gebouw geen
invloed had op de juiste werking van bakens en apparatuur en dat de locatie
geen gevaar oplevert voor de vliegveiligheid in het algemeen. Voor wat betreft
de genoemde compenserende maatregelen zijn op dit gebouw hindernislichten
geëist. (...) Ik zal de LVNL verzoeken relevante informatie over het
onderzoek Zuidtoren naar u toe te zenden.» (Deze informatie heeft de
Kamer nog steeds niet bereikt – AD). (Bron: Tweede Kamer, vergaderjaar
2005–2006, 26 959, nr. 112).</al>
        <plaatje file="kst-30518-2-5.gif" width="46.9mm" height="43.6mm" color="no" format="gif"></plaatje>
        <plaatje file="kst-30518-2-6.gif" width="58.7mm" height="43.6mm" color="no" format="gif"></plaatje>
        <al>Links het ruim tien meter hoge Kronenberg project, in een zone waar het
LIB zo’n 3,5 meter voorschrijft. Rechts twee torens, waaronder de Zuidtoren,
van zeker zestig meter hoog in een zone waar het LIB zo’n 35 meter maximaal
voorschrijft.</al>
        <tuskop letat="vet">Conclusies:</tuskop>
        <al>• Bij het nemen van een voorbereidingsbesluit gaat het om een maatregel
die een generiek karakter heeft. Zowel de gemeente als de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat beroepen zich in deze op het feit dat het hier een
maatregel van algemeen belang betreft. In werkelijkheid gaat het echter om
een specifieke bouwaanvraag, namelijk die van Chipshol voor het Groenenbergterrein.</al>
        <al>• Daarbij gaat het naar de mening van de gemeente blijkbaar om zo’n
groot en spoedeisend nationaal belang dat ook een beroep kon worden gedaan
op artikel 4.11 AWB als legitimatie voor het feit dat het voorbereidingsbesluit
kan worden genomen in een besloten vergadering van de gemeenteraad van Haarlemmermeer.</al>
        <al>• Vermoedelijk om de gemeenteraad te laten instemmen met het voorbereidingsbesluit
kiezen de gemeente Haarlemmermeer en het ministerie van Verkeer en Waterstaat
ervoor om het voorstel te presenteren als «een verzoek» van de
staatssecretaris. In werkelijkheid komt het initiatief van de NV Luchthaven
Schiphol en heeft de gemeente Haarlemmermeer, onder de voorwaarde dat het
Rijk haar vrijwaart voor mogelijke schadeclaims, het verzoek gedaan.</al>
        <al>• Feitelijk is er sprake van misleiding van de gemeenteraad van Haarlemmermeer.
Later zal de gemeenteraad hiervoor haar spijt betuigen in een motie.</al>
        <al>• De gelijktijdige behandeling van een drietal andere bouwaanvragen
doet vermoeden dat er sprake is van willekeur. Blijkbaar worden in dit gebied
niet alle gevallen gelijk behandeld.</al>
      </bijlage>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>