﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29521-BX/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Eerste Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">1</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>29 521</dossiernr>
      </dossiernummer>
      <titel>Nederlandse deelname aan vredesmissies</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>
        <ondernummer kamer="1">BX</ondernummer>
      </stuknr>
      <titel>BRIEF VAN VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR BUITENLANDSE ZAKEN, DEFENSIE EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal</al>
            <al>Den Haag, 28 mei 2026</al>
            <al>De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) heeft op 26 mei 2026 de brief inzake de artikel 100-inzet in de Middellandse Zee van 9 maart 2026<noot id="ID-1249839-d40e72" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk>, 2025–2026, <extref doc="kst-29521-BS" soort="document" status="actief">29 521, BS</extref>.</noot.al></noot> en de brief inzake de aanvullende artikel 100-inzet in de Middellandse Zee van 2 april 2026<noot id="ID-1249839-d40e83" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al><nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk>, 2025–2026, <extref doc="kst-29521-BT" soort="document" status="actief">29 521, BT</extref>.</noot.al></noot> en het daaropvolgende verslag schriftelijk overleg<noot id="ID-1249839-d40e94" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>Zie verslag schriftelijk overleg: <nadruk type="cur">Kamerstukken I</nadruk>, 2025–2026, <extref doc="kst-29521-BW" soort="document" status="actief">29 521, BW</extref>.</noot.al></noot> besproken.</al>
            <al-groep>
              <al>Ondanks dat de missie in de Middellandse Zee zoals omschreven in de bovengenoemde brieven inmiddels is afgerond, hecht de commissie er aan om conform de artikel 100-procedure van de Eerste Kamer, een advies aan de plenaire vergadering te geven over de behandeling van de brieven door de Kamer.</al>
              <al>Het advies van de commissie aan de plenaire vergadering is om de brieven en het gevoerde schriftelijke overleg voor kennisgeving aan te nemen.</al>
            </al-groep>
            <al>Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking,</functie>
            <naam>
              <voornaam>K.</voornaam>
              <achternaam>Petersen</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>