﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29362-AT/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Eerste Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">1</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>29 362</dossiernr>
      </dossiernummer>
      <titel>Modernisering van de overheid</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>
        <ondernummer kamer="1">AT</ondernummer>
      </stuknr>
      <titel>BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal</al>
            <al>Den Haag, 15 juni 2026</al>
            <al>Met deze brief biedt het kabinet u de vijfde serie van de Standen van de Uitvoering op het VWS-domein aan.<noot id="ID-1253808-d40e56" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Voor eerdere brieven zie Kamerstukken 2021/2022, <extref doc="kst-29362-307" soort="document" status="actief">29 362, nr. 307</extref>; 2022/2023, <extref doc="kst-29362-329" soort="document" status="actief">29 362, nr. 329</extref>; 2023/2024, <extref doc="kst-29362-360" soort="document" status="actief">29 362, nr. 360</extref> en 2024/2025, <extref doc="kst-29362-379" soort="document" status="actief">29 362, nr. 379</extref></noot.al></noot> Het doel van de Standen van de Uitvoering is om knelpunten in de uitvoering structureel zichtbaar te maken, zodat gerichte verbeteringen kunnen worden doorgevoerd die de publieke dienstverlening versterken. Eenzelfde brief wordt gestuurd naar de voorzitter van de Tweede Kamer.</al>
            <al>In de Standen van de Uitvoering delen organisaties ongefilterd signalen en knelpunten uit de uitvoeringspraktijk met het parlement en het bredere publiek. Het uitbrengen van een Stand per domein of organisatie is een kabinets-toezegging.<noot id="ID-1253808-d40e68" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>Zie Kabinetsreactie rapporten Werk aan Uitvoering: het versterken van de publieke dienstverlening, d.d. 5 maart 2021.</noot.al></noot> Jaarlijks wordt uitvoeringsorganisaties de mogelijkheid geboden hun signalen op deze manier met de Kamer en het brede publiek te delen.</al>
            <al>Dit jaar publiceren de organisaties: CAK, Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), agentschap College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (aCBG), CIBG, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Sociale Verzekeringsbank (SVB)<noot id="ID-1253808-d40e79" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>De SVB is een zbo onder het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en heeft een Stand uitgebracht uitsluitend voor het PGB-deel van haar werkzaamheden, waarvoor het Ministerie van VWS verantwoordelijk is.</noot.al></noot> een Stand van de Uitvoering. Alle organisaties hebben één of meerdere keren in de afgelopen jaren een Stand uitgebracht.</al>
            <al>Ook dit jaar hebben de deelnemende organisaties weer veel energie gestoken in het inzichtelijk maken van de knelpunten die burgers, zijzelf en/of organisaties waar zij voor werken in de dagelijkse praktijk ervaren. Dit wordt door het kabinet zeer op prijs gesteld.</al>
            <al>Mede dankzij de inzichten uit de Standen van de Uitvoering zijn de afgelopen jaren merkbare verbeteringen gerealiseerd en knelpunten opgelost. Tegelijkertijd zijn knelpunten vaak weerbarstig, waarbij een oplossing niet altijd eenvoudig of snel voorhanden is. Alleen als alle betrokken partijen hun eigen rol en verantwoordelijkheid nemen en elkaar daarin versterken, kunnen we knelpunten wegnemen en de publieke dienstverlening duurzaam verbeteren.</al>
            <al>Omdat onderwerpen met elkaar concurreren op voorrang, zeker in het licht van de bezuinigingen bij de rijksoverheid, is er in de brief ook aandacht voor prioritering. In de brief wordt eerst ingegaan op de grootste knelpunten die de Staat van de Uitvoering signaleert in haar rijksbrede analyse van de Standen van de Uitvoering<noot id="ID-1253808-d40e95" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>Kamerstukken 2024/2025, <extref doc="kst-29362-387" soort="document" status="actief">29 362, nr. 387</extref></noot.al></noot>: overkoepelende knelpunten gegevensdeling en complexiteit van regelgeving. Daarna wordt gereageerd op de knelpunten per organisatie.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Overkoepelend knelpunt: gegevensdeling</tussenkop>
            <al>Knelpunten in gegevensdeling en de problematiek die daarbij hoort is onverminderd actueel. Zo worden gegevens, die individuele organisaties binnen de overheid al hebben, vaak nog niet hergebruikt, waardoor burgers bij verschillende loketten steeds weer hun gegevens of dossier moeten aanleveren. We zien dat bijvoorbeeld bij CIZ waar informatie over de aanvraag voor toegang tot de Wet langdurige zorg (Wlz) niet gedeeld kan worden met gemeenten. En bij het CAK, dat voor cliënten met een achterstand in betaling met andere schuldeisers binnen de overheid een gezamenlijke betalingsregeling zou willen treffen om deze burgers beter te helpen. Het aCBG meldt een knelpunt rondom de uitwisseling van gegevens in de geneesmiddelenketen en het RIVM vraagt aandacht voor de lange doorlooptijden om grondslagen in de wetgeving vast te leggen. Ook het CIBG benoemt knelpunten in gegevensdeling waar zij extra aandacht voor vragen.</al>
            <al-groep>
              <al>Het kabinet herkent het signaal. Binnen het Ministerie van VWS worden knelpunten rondom gegevensdeling als een samenhangend vraagstuk opgepakt. Daarbij wordt onder andere samengewerkt met de Interbestuurlijke Datastrategie (IBDS). Vanuit de Adviesfunctie van de IBDS is afgelopen periode bijvoorbeeld een advies ontvangen over het hergebruik van gegevens binnen CIZ ten behoeve van doelgroepenonderzoek. Daarnaast stelt het Ministerie van VWS jaarlijks een Verzamelwet gegevensverwerking VWS op. Hierin worden grondslagen voor het verwerken van (bijzondere) persoonsgegevens opgenomen, daar waar dit beleidsarme wijzigingen betreft. Zo is de Verzamelwetgeving gegevensdeling IIb op 27 mei jl. plenair in de Tweede Kamer besproken. Hierin is onder andere een wijziging opgenomen, zodat CIZ en zorgkantoren informatie kunnen delen met gemeenten om beter te kunnen beoordelen of jeugdhulp of voorzieningen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) nodig zijn.</al>
              <al>Prioriteit geven aan het oplossen van een knelpunt betekent overigens niet dat er altijd op korte termijn een oplossing voorhanden is. Hiervoor zijn verschillende redenen, zoals juridisch-technische complexiteit of omdat er verschillende zienswijzen bestaan op de oplossingsrichtingen of de wenselijkheid ervan. Het thema gegevensdeling zal de komende jaren dan ook extra aandacht blijven vragen.</al>
            </al-groep>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Overkoepelend knelpunt: stapeling en complexiteit van regelgeving</tussenkop>
            <al>Regels stapelen zich op, sluiten niet goed op elkaar aan en zijn in de uitvoering steeds lastiger uitvoerbaar. In de Stand van de SVB is dit goed zichtbaar: daar wordt gesteld dat de grenzen van de uitvoering van de pgb-regeling zijn bereikt. Ook het CAK wijst op de noodzaak van vereenvoudiging van wet- en regelgeving om de uitvoering werkbaar te houden. Bij CIZ wordt zichtbaar dat zorgprofielen steeds minder goed aansluiten op de praktijk en dat verschillende domeinen binnen het zorgstelsel onvoldoende op elkaar aansluiten. Het aCBG laat zien dat nieuwe Europese regelgeving zorgt voor een forse toename in complexiteit en uitvoeringsdruk, onder andere door extra eisen aan capaciteit, expertise en ICT. Het RIVM benadrukt de behoefte aan stabiele kaders en duidelijke randvoorwaarden om beleid uitvoerbaar te houden.</al>
            <al>Het kabinet herkent dit signaal en onderkent dat de complexiteit van regelgeving de uitvoerbaarheid onder druk kan zetten. Het kabinet werkt aan een slagvaardige overheid. Het vereenvoudigen van regelgeving en de vermindering van onnodige regeldruk is dan ook een belangrijk onderdeel van de Taskforce Slagvaardige Overheid. Er wordt door VWS, waar mogelijk, aangesloten bij rijksbrede initiatieven zoals de jaarlijkse Vereenvoudigingswet. Ook is de inzet van VWS dat zoveel mogelijk met het Beleidskompas wordt gewerkt. Een van de uitgangspunten van het Beleidskompas is het structureel vroegtijdig betrekken van uitvoerings- en toezichtorganisaties bij het maken van beleid.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Reactie per organisatie</tussenkop>
            <tussenkop kopopmaak="cur">CAK</tussenkop>
            <box>
              <al>Het CAK is onder andere verantwoordelijk voor het vaststellen en innen van de eigen bijdrage voor maatschappelijke ondersteuning, verblijf in een zorginstelling of een persoonsgebonden budget. Ook verricht het CAK betalingen aan zorgaanbieders op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Daarnaast voert het CAK regelingen uit voor mensen die anders buiten het Nederlandse zorgstelsel vallen, zoals regelingen voor onverzekerden en burgers met een premieachterstand.</al>
            </box>
            <al>Het CAK vraagt in haar Stand van de Uitvoering 2026 aandacht voor zes knelpunten die ze eerder benoemd heeft en die het CAK graag opgelost ziet. VWS voert hierover het gesprek en samen met het CAK en ketenpartijen wordt gewerkt aan het oplossen van enkele knelpunten. Het afgelopen jaar zijn er twee knelpunten opgelost. Dit is een mooi resultaat. Naast de knelpunten die het CAK in eerdere standen benoemd heeft vraagt zij aandacht voor de aangekondigde beleidswijzigingen in recente besluitvorming en het Coalitieakkoord.</al>
            <al>Het CAK signaleert dat er de komende jaren veel nieuwe taken en wijzigingen op hen afkomen. Het CAK geeft aan niet alle voorgestelde maatregelen tegelijk te kunnen invoeren. Ook vraagt het CAK om bij de nieuw in te voeren eigen bijdragen, waar mogelijk, rekening te houden met een goede onderlinge samenhang in de systematiek. Het kabinet begrijpt deze oproep en zal oog houden voor cumulatie van nieuwe en gewijzigde taken die op het CAK afkomen en zal, indien nodig, hierover het gesprek voeren met het CAK en betrokken partijen, zodat hierover passende en vooral werkbare afspraken gemaakt kunnen worden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">CIZ</tussenkop>
            <box>
              <al>CIZ stelt indicaties voor de Wet langdurige zorg (Wlz) en toetst het besluit tot opname en verblijf in het kader van de Wet zorg en dwang (Wzd). Ook brengt CIZ, in opdracht van het Ministerie van SZW, een advies uit aan de SVB over de zorgbehoefte van kinderen, wanneer ouders een aanvraag indienen voor dubbele kinderbijslag bij intensieve zorg.</al>
            </box>
            <al>CIZ licht er in de Stand van de Uitvoering twee hoofdknelpunten uit die zij tegenkomt in de uitvoering: gegevensuitwisseling en een conflicterend zorgstelsel. Daarnaast benoemt CIZ drie successen: wijziging beleid dubbele kinderbijslag, ingang indicatie met terugwerkende kracht en het handtekeningenbeleid.</al>
            <al>Het kabinet is doorlopend met CIZ in gesprek over uitdagingen in hun rol als poortwachter van de langdurige zorg. Het is goed om te lezen dat CIZ dit jaar in de Stand ook successen benoemt, zoals het wetsvoorstel handtekeningenbeleid dat in behandeling is in de Tweede Kamer. Dit voorstel maakt het mogelijk dat ook een familielid een aanvraag kan doen namens de cliënt als er nog geen wettelijke vertegenwoordiging is aangesteld wanneer dit nodig is. Daarnaast benoemt CIZ het belang van administratieve lastenverlichting voor cliënten en professionals. Zo implementeert CIZ dit jaar een nieuw cliëntsysteem dat moet bijdragen aan een betere en efficiëntere dienstverlening. Ook werkt CIZ aan passend beleid op het gebied van artificiële intelligentie (AI). Het kabinet onderschrijft de inzet van CIZ op deze punten. Verder benadrukt CIZ opnieuw het belang van een eenduidig zorgstelsel. De punten die CIZ hierover aandraagt zijn onderdeel van het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg en de bredere gesprekken over de toekomst van de langdurige zorg, waarin het Ministerie van VWS en CIZ nauw samenwerken.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">aCBG</tussenkop>
            <box>
              <al>Het aCBG ondersteunt het College (CBG) bij het voorbereiden en uitvoeren van besluiten en adviezen over geneesmiddelen. Daarnaast houdt het aCBG toezicht op de veiligheid van medicijnen en biedt het ondersteuning aan Nederlandse comitéleden die deelnemen aan wetenschappelijke comités van het Europese geneesmiddelenagentschap (EMA).</al>
            </box>
            <al>Het aCBG vraagt opnieuw aandacht voor de beschikbaarheid van geneesmiddelen. Ze roept op om een toekomstbestendig landschap voor gegevensuitwisseling voor geneesmiddelentekorten in te richten.</al>
            <al>De samenwerking tussen het aCBG en andere betrokken partijen in de keten heeft ertoe geleid dat het aantal gemelde geneesmiddelentekorten in Nederland in 2025 voor het tweede jaar op rij aanzienlijk is gedaald. De afname van tekorten toont aan dat de gezamenlijke inspanningen effect hebben. Om toekomstige geneesmiddelentekorten tijdig te signaleren en gerichter maatregelen te kunnen nemen, onderzoekt het kabinet samen met partijen onder het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) de haalbaarheid van het ontwikkelen van één informatiepunt over geneesmiddeltekorten. Onlangs is de Tweede Kamer geïnformeerd dat dit een complex traject is, waarbij veel verschillende belangen spelen en zorgvuldigheid is vereist. Dat maakt dat de realisatie van een informatiepunt niet op korte termijn is te verwachten.<noot id="ID-1253808-d40e170" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al>Kamerstukken II, 2025–26, <extref doc="kst-29477-969" soort="document" status="actief">29 477, nr. 969</extref></noot.al></noot></al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">CIBG</tussenkop>
            <box>
              <al>Het CIBG biedt burgers, (zorg)professionals en (overheids)organisaties transparante en betrouwbare data over zorg en welzijn. Het CIBG geeft inzicht in wie is wie, wie kan wat en wie mag wat bij taken, onder andere via registers en knooppunten zoals het Donor- en BIG-register.</al>
            </box>
            <al>De in de vorige Stand van de uitvoering genoemde verbeterpunten zijn in de Stand van de Uitvoering 2026 geobjectiveerd, geprioriteerd en inmiddels voor een deel opgelost. Er wordt samengewerkt aan het oplossen van de nog openstaande verbeterpunten. Het CIBG vraagt specifiek aandacht voor samenwerking met ketenpartners.</al>
            <al>Ten opzichte van de vorige Stand van de uitvoering meldt het CIBG verbeteringen in de procedure en de onderlinge afstemming tussen hun opdrachtgevers en het CIBG. Zij constateren hierbij de volgende verbeterstappen, namelijk:</al>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>–</li.nr>
                <al>Het verbeteren van de beleidsmatige integraliteit, waarbij de opdrachtgevers hun opdrachten beter met elkaar afstemmen voor wat betreft beleidsonderwerpen en wet- en regelgeving die elkaar inhoudelijk raken. Dit helpt het CIBG zich intern effectiever, efficiënter en meer integraal te organiseren.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>–</li.nr>
                <al>Het nog vaker vroegtijdig betrekken van het CIBG, waardoor de kennis en ervaring van het CIBG over benodigde randvoorwaarden voor de uitvoering in de praktijk vroegtijdig wordt meegenomen in beleidsontwikkeling. Hier zijn afgelopen jaar al mooie stappen gezet.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>Het kabinet ziet de voortgang in de verbetering van de samenwerking en onderschrijft de door het CIBG geformuleerde verbeterpunten en gezette stappen. De komende periode blijft er aandacht nodig om met het CIBG te kijken naar welke verbeterstappen er nog gezamenlijk met het Ministerie van VWS kunnen worden gezet.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">RIVM</tussenkop>
            <box>
              <al>Het RIVM voorziet de overheid en samenleving van onafhankelijke kennis op het gebied van gezondheid, milieu en veiligheid. Het gaat daarbij om vraagstukken rondom infectieziekten, vaccinaties, bevolkingsonderzoeken, leefstijl, voeding, geneesmiddelen, milieu, duurzaamheid en veiligheid. Dat doet het RIVM via kennissynthese, onafhankelijk onderzoek en advies. Daarnaast voert het RIVM (regie op) de uitvoering van programma’s voor vaccinatie en screening.</al>
            </box>
            <al>In de Stand van de Uitvoering benoemt het RIVM een aantal belangrijke uitgangspunten, waaronder het belang van lange termijn ambities vanuit de politiek, met stabiele financiering en voldoende tijd voor implementatie. Ook benoemt het RIVM het belang van internationale samenwerking rondom de uitvoering van crisistaken. De knelpunten die het RIVM benoemt zijn herkenbaar voor het Ministerie van VWS en op alle punten wordt gezamenlijk gewerkt aan oplossingen. De voortgang hiervan is in veel gevallen afhankelijk van internationale samenwerking en (internationale) wetgeving.</al>
            <al>Specifiek over de beschikbaarheid van vaccins en aanverwante medische producten voor bestrijding van ernstige gezondheidsbedreigingen zoals infectieziekten, is het kabinet in gesprek met relevante Europese partners. Samen met deze partners bekijken we voor welke bedreigingen de leveringszekerheid van specifieke medische producten geborgd moet worden, en welke maatregelen genomen kunnen worden om risico’s op verstoring te mitigeren. Het RIVM wordt hierbij nauw betrokken.</al>
            <al>Daarnaast herkent het kabinet het knelpunt dat er momenteel geen toereikende wettelijke grondslag bestaat voor het delen van diagnostische gegevens vanuit ziekenhuizen met de screeningsorganisaties ten behoeve van bevolkingsonderzoeken en screeningsprogramma’s. Om onder andere dit probleem te adresseren is de Verzamelwet IIb in gang gezet, die voorziet in een wettelijke grondslag voor de uitwisseling van gegevens ten behoeve van monitoring en evaluatie door het RIVM. Zodra het voorstel is aangenomen in beide Kamers, zullen er zo spoedig mogelijk stappen worden gezet om de gegevensuitwisseling zorgvuldig en doelmatig in te richten.</al>
            <tussenkop kopopmaak="cur">SVB – PGB</tussenkop>
            <box>
              <al>De SVB is een zbo met als hoofdopdrachtgever het Ministerie van SZW, en is verantwoordelijk voor het uitvoeren van verschillende regelingen in de sociale zekerheid en zorg, zoals de AOW, kinderbijslag en het persoonsgebonden budget (pgb). De Stand 2026 is specifiek uitgebracht over het pgb. VWS is opdrachtgever van het pgb.</al>
            </box>
            <al>De SVB schetst in haar Stand van de Uitvoering dat een deel van de budgethouders in het pgb in toenemende mate last heeft van de consequenties die het werkgeverschap met zich meebrengt. Het kabinet herkent deze signalen en erkent dat het werkgeverschap soms voor ingewikkelde dilemma’s zorgt in het pgb. In de Stand van de Uitvoering schetst de SVB een aantal oplossingsrichtingen die mede zijn ingegeven door een onderzoek dat zij heeft laten uitvoeren. Dit onderzoek en de expertise van de SVB betrekt het kabinet in een verkenning naar een oplossing voor de problematiek. Onder aanvoering van de Ministers van SZW en LJS, wordt alle relevante wet- en regelgeving tegen het licht gehouden om te komen tot een oplossing waarbij de plichten van de budgethouders minder zwaar worden terwijl de rechten van de zorgverlener als werknemer in tact blijven. De Minister van LJS informeert de Tweede Kamer breder op dit onderwerp in een brief over het pgb. Deze wordt voor de zomer aan de Kamer verzonden.</al>
            <tussenkop kopopmaak="vet">Tot slot</tussenkop>
            <al>Het kabinet vindt het belangrijk dat uitvoeringsorganisaties een Stand van de Uitvoering uitbrengen, zodat knelpunten en signalen uit de praktijk zichtbaar worden gemaakt en ongefilterd kunnen worden gedeeld met het parlement en het bredere publiek. Dit sluit aan bij het coalitieakkoord<noot id="ID-1253808-d40e229" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>Aan de slag – Coalitieakkoord 2026–2030</noot.al></noot>, waarin wordt benadrukt dat de uitvoering het gezicht van de overheid is en het werken aan een eenvoudiger en beter functionerende overheid centraal staat.</al>
            <al>Deze brief laat zien dat er de afgelopen vijf jaar in nauwe samenwerking met de uitvoering successen zijn geboekt bij het oplossen van knelpunten. Tegelijkertijd is er nog veel werk te verrichten, met name op de thema’s gegevensdeling en vereenvoudiging van wet- en regelgeving. Het kabinet blijft zich inzetten voor oplossingen die de uitvoering verder verbeteren, met aandacht voor zowel de kleine doorbraken als de grotere uitdagingen. In de bestuurlijke overleggen wordt per organisatie besproken welke concrete acties nodig zijn en wordt de voortgang gemonitord. De Standen dienen tevens als input voor de Staat van de Uitvoering.</al>
            <al>Vanuit de beschikbare middelen voor Werk aan Uitvoering zijn tijdens de voorjaarsbesluitvorming aanvullende plannen goedgekeurd voor het aCBG, CAK, RIVM, Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en de directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissie (ESTT). Met de toegekende middelen wordt een gerichte impuls gegeven aan het verder verbeteren van de uitvoering en de kwaliteit van de dienstverlening.</al>
            <al>Het kabinet nodigt de Kamer uit de afzonderlijke Standen te lezen. De betrokken organisaties zijn graag bereid hierover met de Kamer in gesprek te gaan. Ook is de Kamer van harte welkom om bij de organisaties een werkbezoek af te leggen.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,</functie>
            <naam>
              <voornaam>S.T.M.</voornaam>
              <achternaam>Hermans</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>