﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="meto">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-28928-3/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2002-2003</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="prod1.6.1__3.2" markup="1xa"></versie>
    <ordernr>KST68398</ordernr>
    <vergjaar>2002-2003</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>28 928</nummer>
      <naam>Wijziging van de Wet van *** 2003 houdende wijziging van de Wet op het
voortgezet onderwijs en de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met
leer-werktrajecten in de basisberoepsgerichte leerweg van het voorbereidend
middelbaar beroepsonderwijs (regeling leer-werktrajecten vmbo)</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>3</nummer>
      <titel>MEMORIE VAN TOELICHTING</titel>
      <al>Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt, omdat het
zonder meer instemmend luidt (artikel 25a, vierde lid, onderdeel b, van de
Wet op de Raad van State)In artikel I, onderdeel A, van het bij koninklijke
boodschap van 24 juni 2002 ingediende voorstel van wet houdende wijziging
van de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet educatie en beroepsonderwijs
in verband met leer-werktrajecten in de basisberoepsgerichte leerweg van het
voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (regeling leer-werktrajecten vmbo;
inmiddels Kamerstukken I 2002/03, 28 444, nr. 130) is ten onrechte
bepaald dat elke schoolweek in het derde en vierde leerjaar zowel binnenschools
onderricht omvat als buitenschools onderricht in de praktijk van een beroep.
Bedoeld was te regelen dat elke schoolweek in die beide leerjaren in elk geval
binnenschools onderricht omvat. Er zal niet in alle gevallen een «doorlopende»
praktijkvoorziening kunnen zijn gedurende het derde en vierde leerjaar samen.</al>
      <al>Dit wetsvoorstel beoogt deze onvolkomenheid weg te nemen voordat het eenmaal
tot wet verheven wetsvoorstel 28 444 in werking treedt. Daartoe wordt
de verkeerde volzin vervangen door een volzin die bepaalt dat elke schoolweek
in het derde en vierde leerjaar in elk geval binnenschools onderricht omvat.
Het is aan de scholen zelf om met inachtneming van deze regel ook het buitenschools
onderricht in de praktijk van het beroep een plaats te geven in deze leerjaren.
Zoals de memorie van toelichting bij het oorspronkelijke wetsvoorstel 28 444
al aangeeft (stuk nr. 3, p. 5, in paragraaf 5), heeft het de voorkeur
van de regering dat het buitenschoolse praktijkgedeelte grotendeels in het
vierde leerjaar wordt verzorgd. In dat geval omvat de schoolweek «altijd
een combinatie van leren binnenschools en leren op de buitenschoolse opleidingsplek».</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In de memorie van antwoord bij wetsvoorstel 28 444 heb ik deze novelle
aangekondigd.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,</functie>
        <naam>M. J. A. van der Hoeven</naam>
        <functie>De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,</functie>
        <naam>B. J. Odink</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>