﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="meto">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-27888-3/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2000-2001</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="prod1.6__3.1" markup="1xa"></versie>
    <ordernr>KST55123</ordernr>
    <vergjaar>2000-2001</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>27 888</nummer>
      <naam>Verlenging van de zittingsduur van de raden van de gemeenten Heerjansdam
en Zwijndrecht in verband met de samenvoeging van deze gemeenten</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>3</nummer>
      <titel>MEMORIE VAN TOELICHTING</titel>
      <tuskop letat="vet">I ALGEMEEN</tuskop>
      <al>Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt, omdat het
zonder meer instemmend luidt/uitsluitend opmerkingen van redactionele aard
bevat (artikel 25a, vierde lid, onderdeel b, van de Wet op de Raad van State).</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Tegelijk met het onderhavige wetsvoorstel is een voorstel van wet tot
samenvoeging van de gemeenten Heerjansdam en Zwijndrecht ingediend. Indien
dit wetsvoorstel begin september 2002 door de beide Kamers der Staten-Generaal
is aanvaard en de beoogde herindeling derhalve op 1 januari 2003 ingaat,
zouden in de betrokken gemeenten in hetzelfde jaar tweemaal gemeenteraadsverkiezingen
moeten plaatsvinden: de reguliere verkiezingen op 6 maart 2002 en de
herindelingsverkiezingen in het najaar van 2002. Dit is niet wenselijk.</al>
      <al>In het verleden, toen zich vergelijkbare situaties hebben voorgedaan,
is gekozen voor het treffen van een voorziening op grond waarvan de zittende
raden van de gemeenten die zullen worden opgeheven in functie blijven tot
het moment waarop de voorgestelde herindelingen effectief zullen worden. Dit
heeft bijvoorbeeld geresulteerd in de wet van 15 december 1993 tot verlenging
van de zittingsduur van de raden van een aantal gemeenten in de provincie
Zeeland in verband met de voorgenomen gemeentelijke herindeling van deze gemeenten
(Stb. 672).</al>
      <al>Nu wederom deze situatie kan worden verwacht, acht ik het noodzakelijk
dat terzake een wettelijke voorziening wordt getroffen, waarbij wordt geregeld
dat de reguliere verkiezingen van de raden van de betrokken gemeenten, die
op 6 maart 2002 zouden plaatsvinden, niet doorgaan. Uitstel van de reguliere
verkiezing dient bij wet te geschieden, en wel vóór de dag van
de kandidaatstelling voor die verkiezing, te weten 22 januari. Het is
van belang voor alle betrokkenen dat het tijdig voor de kandidaatstelling
duidelijk is of de verkiezing van 6 maart 2002 doorgang vindt of niet.
In verband daarmee is het van belang de behandeling van in ieder geval het
onderhavige wetsvoorstel, met de grootst mogelijke spoed te doen plaatsvinden.</al>
      <al>Ten overvloede merk ik daarbij op, dat voorzover dit zal leiden tot een
afzonderlijke behandeling van het wetsvoorstel ik hiermee geenszins een voorschot
wil nemen op de inhoudelijke discussie over het wetsvoorstel tot samenvoeging
van de gemeenten Heerjansdam en Zwijndrecht. Indien de herindeling geen doorgang
vindt, zullen ingevolge artikel 2 van het onderhavige wetsvoorstel alsnog
op 4 december 2002 in de betrokken gemeenten reguliere raadsverkiezingen plaatsvinden. </al>
      <tuskop letat="vet">II ARTIKELSGEWIJS</tuskop>
      <tuskop letat="vet">Artikel 1</tuskop>
      <al>In dit artikel wordt geregeld, dat de zittingsperiode van de thans zitting
hebbende raden van de gemeenten Heerjansdam en Zwijndrecht wordt verlengd
tot het moment waarop de voorgestelde herindeling effectief zal worden, te
weten 1 januari 2003. Indien vóór 13 september 2002
het wetsvoorstel tot samenvoeging van Heerjansdam en Zwijndrecht tot wet is
verheven en in het Staatsblad is geplaatst, vinden ingevolge de Wet algemene
regels herindeling (Wet arhi) op een door gedeputeerde staten van Zuid-Holland
te bepalen tijdstip in het najaar van 2002 verkiezingen plaats voor de raad
van de nieuw te vormen gemeente.</al>
      <tuskop letat="vet">Artikel 2</tuskop>
      <al>Artikel 2 heeft betrekking op de situatie dat het betrokken herindelingsvoorstel
niet tijdig, dat wil zeggen niet uiterlijk 13 september 2002, tot wet
verheven zal zijn, dan wel wordt verworpen door de Staten-Generaal. In dat
geval vindt de kandidaatstelling voor de verkiezingen van de leden van de
raden van de gemeenten Heerjansdam en Zwijndrecht plaats op 22 oktober
2002. De verkiezingen vinden dan op grond van artikel J 1 van de Kieswet plaats
op de 43e dag na de kandidaatstelling, te weten 4 december 2002.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voor de in het eerste lid beschreven situatie wordt in het tweede lid
een aantal termijnen, onder meer betreffende de registratie van de aanduidingen
van politieke groeperingen en het onderzoek van de geloofsbrieven verkort.</al>
      <al>De laatstgenoemde verkorting vloeit voort uit het feit dat krachtens artikel
1 de leden van de betrokken gemeenteraden op 1 januari 2003 aftreden.
Die verkorting van de termijnen komt overeen met de verkorting van termijnen
zoals die gewoonlijk bij gemeentelijke herindelingen plaats heeft. In het
geval van herindelingsverkiezingen komt de bevoegdheid tot verkorting van
de termijnen toe aan gedeputeerde staten (Artikel 55, derde lid, van de Wet
arhi).</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De zittingsduur van de op grond van deze bepaling te kiezen gemeenteraden
wordt op grond van het derde lid zodanig verkort, dat deze tegelijkertijd
eindigt met de zittingsduur van de raden die op 6 maart 2002 worden gekozen.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,</functie>
        <naam>K. G. de Vries</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>