﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-26966-3/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2005-2006</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="wit.xns__3.5" markup="1xa"></versie>
    <ordernr>KST93272</ordernr>
    <vergjaar>2005-2006</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>26 966</nummer>
      <naam>Actieplan Professioneel Inkopen en Aanbesteden</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>3</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN</titel>
      <al>Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Den Haag, <datum>13 december 2005</datum></al>
      <witreg></witreg>
      <tuskop letat="vet">1. Inleiding</tuskop>
      <al>Op 1 januari 2006 eindigt het project Professioneel Inkopen en Aanbesteden
(PIA), dat in 2001 is gestart om het Actieplan PIA<voetref refid="v1.1" nr="1"></voetref>
uit te voeren. Daarmee eindigt de eerste fase in de professionalisering van
inkopen en aanbesteden bij de overheid. Met deze brief informeer ik u over
het (inhoudelijke en organisatorische) vervolg op het PIA-project bij de rijksoverheid.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Deze brief is als volgt opgebouwd:</al>
      <al>• Paragraaf 2 geeft een korte terugblik. Ik heb de PIA-Stuurgroep
gevraagd om in de eerste helft van 2006 een eindevaluatie van het gehele PIA-project
te maken.</al>
      <al>• Paragraaf 3 beschrijft de grote uitdagingen voor de periode
2006–2010.</al>
      <al>• Paragraaf 4 schetst hoe deze uitdagingen inhoudelijk en organisatorisch
zullen worden opgepakt.</al>
      <tuskop letat="vet">2. PIA-project legt basis voor verdere professionalisering</tuskop>
      <al>Het Actieplan Professioneel Inkopen en Aanbesteden heeft in de afgelopen
jaren een enorme cultuurverandering op gang gebracht, zowel bij de rijksoverheid
als bij de mede-overheden. De ministeries hebben op allerlei manieren de professionaliteit
van hun inkoop- en aanbestedingsbeleid en -praktijk verhoogd.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Bovendien zijn, zowel in het kader van de inkooptaakstellingen<voetref refid="v1.2" nr="2"></voetref> als daarbuiten<voetref refid="v1.3" nr="3"></voetref>, met professioneel
inkopen en aanbesteden forse besparingen gerealiseerd. In de komende maanden
zal de omvang van deze besparingen nader in beeld worden gebracht. Bij de
eindevaluatie van het PIA-project zal ik u hierover uitgebreider informeren.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Belangrijke resultaten van het PIA-project</nadruk>
      </al>
      <al>• Door interdepartementaal gecoördineerde inkoop per productgroep
realiseren de ministeries grotere professionaliteit, meer efficiëntie én
besparingen.</al>
      <al>• Het overleg van de Coördinerend Directeuren Inkoop (CDI-overleg)
heeft zich ontwikkeld tot hét strategisch overleg over inkopen en aanbesteden
bij de rijksoverheid.</al>
      <al>• Het programma Purchasing Excellence Publiek (PEP) biedt overheidsorganisaties
de mogelijkheid hun inkooporganisatie te meten, te benchmarken en te verbeteren.</al>
      <al>• Op het gebied van elektronisch inkopen en aanbesteden zijn
stapsgewijs ICT-instrumenten ontwikkeld, om het inkoop- en aanbestedingsproces
te ondersteunen: de Aanbestedingskalender (www.aanbestedingskalender.nl) voor
publicatie van aankondigingen, TenderNed voor elektronisch aanbesteden (inclusief
elektronisch veilen) en het rijksinkoopportaal voor elektronisch bestellen
en factureren. Het besparingspotentieel van deze ICT-instrumenten voor de
rijksoverheid wordt geschat op tientallen miljoenen euro.</al>
      <al>• Elektronisch kennisdelen en samenwerken gebeurt via de internetportal
ovia.nl, waarop naast documenten en nieuws ook de Gemeentelijke Inkooptoolkit
(GIT), de Toolkit Inkoopcompetenties Publieke Sector (TIPS) en het interdepartementaal
contractenregister zijn ondergebracht.</al>
      <al>• Daarnaast is het aan ovia.nl gekoppelde PIANOdesk (www.pianodesk.info)
een besloten discussie- en samenwerkingsplatform op internet voor alle inkopers
en aanbesteders in de publieke sector met al ruim 1600 deelnemers.</al>
      <al>• NEVI Publiek ontwikkelt zich tot dé beroepsvereniging
voor inkopers en aanbesteders in de publieke sector. Door de koppeling aan
de Nederlandse Vereniging voor Inkoopmanagement (NEVI) kunnen de leden ook
kennis en ervaring uitwisselen met inkopers uit de private sector.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Veel van de initiatieven bij het rijk vonden weerklank bij mede-overheden;
omgekeerd waren initiatieven bij mede-overheden vaak een inspiratiebron voor
de rijksoverheid.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Kijkend naar het resultaat van het PIA-project tekenen zich globaal twee
deelgebieden af:</al>
      <al>• Netwerkvorming en uitwisseling van kennis over inkopen en aanbesteden
binnen de gehele publieke sector;</al>
      <al>• Toenemende regie en samenwerking tussen de ministeries op het gebied
van inkopen en aanbesteden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In het vervolg van deze brief ligt de nadruk op de verankering, verdieping
en versterking van deze ontwikkelingen bij de rijksoverheid. De verdere professionalisering
van inkoop- en aanbestedingsbeleid bij andere overheden behoort tot de taken
van het in 2005 opgerichte kennisnetwerk PIANOo<voetref refid="v2.1" nr="1"></voetref>.</al>
      <tuskop letat="vet">3. De grote uitdagingen voor de periode 2006–2010</tuskop>
      <al>In de afgelopen vijf jaar heeft de professionalisering van inkopen en
aanbesteden bij de overheid goede resultaten opgeleverd. De opgave voor de
komende jaren is om</al>
      <al>• door te gaan met professionaliseringsinitiatieven enprojecten die
nog lopen en</al>
      <al>• de resultaten van het PIA-project te behouden, te versterken en
uit te bouwen<voetref refid="v2.2" nr="2"></voetref>.</al>
      <al>De overheid als geheel is een grote inkoper: meer dan 10% van het
BNP bestaat uit overheidsinkopen. Ongeveer 30% hiervan komt voor rekening
van de rijksoverheid. Dit omvat alle inkopen van het rijk, zowel de facilitaire
inkopen als bijvoorbeeld grote infrastructurele programma’s. Door het
professionaliseringsproces te verankeren en te verdiepen kunnen we nieuwe
stappen zetten om het inkoopproces efficiënt te regelen en op die manier een wezenlijke bijdrage te leveren aan een efficiëntere
overheid. Via efficiencyvergroting kunnen we ook besparingen blijven realiseren.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Bovendien staan we voor de uitdaging om, in de geest van de Lissabon-strategie
voor groei en werkgelegenheid, met het inkoop- en aanbestedingsbeleid bij
te dragen aan duurzame economische groei. Wanneer het inkoopbeleid gericht
wordt ingezet kan dit grote bijdrage leveren aan de realisatie van belangrijke
beleidsdoelstellingen:</al>
      <al>• Duurzaamheid bevorderen;</al>
      <al>• Innovatie stimuleren;</al>
      <al>• Betrekkingen met het bedrijfsleven aanhalen.</al>
      <tuskop letat="cur">3.1 Duurzaamheid bevorderen</tuskop>
      <al>Duurzaamheid en duurzaam ondernemen nemen een steeds belangrijker plaats
in op de agenda van de overheid. Onderdeel daarvan is bevordering van duurzaam
inkopen<voetref refid="v3.1" nr="1"></voetref>. Op dat gebied is er de afgelopen jaren
al het nodige bereikt. Een groot aantal overheidsorganisaties, waaronder alle
ministeries, heeft inmiddels de deelnameverklaring in het kader van het programma
Duurzaam Inkopen ondertekend. SenterNovem, de organisatie die het programma
uitvoert, heeft op haar website vele goede voorbeelden van duurzaam inkopen
bijeengebracht. Uit recent onderzoek van de Europese Commissie<voetref refid="v3.2" nr="2"></voetref> blijkt dat Nederland binnen de EU bij de top 7 van duurzaam inkopende
lidstaten hoort.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Toch moet er nog veel gebeuren op dit gebied. Om te beginnen blijkt er
ten aanzien van duurzaam inkopen een aantal hardnekkige beelden te leven:
duurzaam inkopen is te duur, te moeilijk, te onduidelijk, het mag niet van
Brussel, etc. Of deze argumenten nu terecht zijn of niet, duidelijk is dat
duurzaam inkopen niet vanzelf gaat. Het vraagt om capaciteit, geld en een
goede regie om voortgang te kunnen boeken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Daar komt bij dat de rijksoverheid in de komende jaren invulling zal geven
aan de motie, die de Tweede Kamer op 30 juni 2005 heeft aangenomen:</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Motie Koopmans en De Krom, nr. 130 (29 800-XI):</nadruk>
      </al>
      <al>Overwegende dat de rijksoverheid jaarlijks grote bedragen investeert en
consumeert;</al>
      <al>verzoekt de regering om uiterlijk in 2010 bij 100% van de rijksaankopen
en rijksinvesteringen duurzaamheid als zwaarwegend criterium mee te nemen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Onder coördinatie van de Staatssecretaris van VROM heeft de rijksoverheid
de uitvoering van deze motie inmiddels opgepakt. Er is een programma gestart
om te komen van de huidige situatie, waarin slechts in beperkte mate duurzaamheidscriteria
worden meegewogen bij aanbestedingen, naar de situatie van 2010, waarbij in
alle rijksinkopen en -investeringen duurzaamheid als zwaarwegend criterium
wordt meegenomen. Daarbij komt vanzelfsprekend de uitvoerbaarheid van de motie
ter sprake, met andere woorden de vraag hoe een realistische en doeltreffende
invulling kan worden gegeven aan de motie. De Staatssecretaris van VROM zal
hierover rapporteren.</al>
      <tuskop letat="cur">3.2 Innovatie stimuleren</tuskop>
      <al>Het Innovatieplatform heeft in zijn rapport «Grenzen zoeken, Grenzen
verleggen» aanbevelingen gedaan om innovatie in Nederland te stimuleren.
Een aantal daarvan ligt op het vlak van professioneel inkopen en aanbesteden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Samenvatting inkoopgerelateerde adviezen uit het rapport «Grenzen
zoeken, grenzen verleggen» van het Innovatieplatform</nadruk>
      </al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Actie 10: hanteer launching customership als expliciete
doelstelling</nadruk>
      </al>
      <al>Een risicomijdende cultuur, te laat betrekken van innovatie als doelstelling
en niet-optimale toepassing van inkoop- en aanbestedingsregels leiden ertoe
dat de overheid te gedetailleerd specificeert wat zij wil hebben. Door uitdagende
specificaties breed bekend te maken en te koppelen aan bevordering van duurzaam,
energiebesparend en sociaal inkopen kan de overheid zich als <nadruk type="cur">launching customer</nadruk> opstellen.</al>
      <al>Ruimte en legitimatie voor innovatiebevorderend inkopen moeten ontstaan
door 2,5% van het inkoopbudget hiervoor te reserveren. Ministers geven
jaarlijks aan op welke gebieden ze innovatiebevorderend gaan inkopen en met
welke risico’s. Achteraf rapporteren ze over geslaagde en mislukte projecten.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Actie 11: gebruik juridische ruimte om innovatiebevorderend
in te kopen</nadruk>
      </al>
      <al>Innovatiebevordering kan een zwaarwegend criterium zijn in een aanbesteding,
mits het in de beginfase goed wordt gedefinieerd. De overheid maakt onvoldoende
gebruik van de juridische ruimte en inkopers zijn zich onvoldoende bewust
van die ruimte. Het Innovatieplatform stelt voor alle Nederlandse interpretaties
van aanbestedingsregels af te schaffen en regelgeving te uniformeren, op de
bedrijfsvorm gerichte geschiktheidseisen zo veel mogelijk te laten vervallen,
innovatie als doelformulering te hanteren, DBFM- en PPS-constructies uit te
breiden en te bevorderen dat de Lissabon-doelstelling naar de EU-aanbestedingsregels
wordt vertaald. Het project vermindering administratieve lasten moet zorgen
voor voorstellen, kennisverspreiding en professionalisering van de inkoop
op alle overheidsniveaus.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Actie 12: verbeter toegang inkoop- en aanbestedingstrajecten
van overheid</nadruk>
      </al>
      <al>Door het toepassen van ICT kunnen inkoop- en aanbestedingsprocedures vereenvoudigd
worden. Dat verbetert de toegankelijkheid voor met name innovatieve MKB-bedrijven.
TenderNed moet een algemeen toegankelijke aanbestedingsportal worden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Actie 13: Laat meer kennis inkopen bij innovatief MKB
door SBIR</nadruk>
      </al>
      <al>Het MKB krijgt weinig echte R&amp;D-opdrachten van de overheid. EZ doet
een pilot met een SBIR-regeling (Small Business Investment Research-regeling),
waaraan meer ministeries en kenniscentra zouden kunnen meedoen. Daarnaast
beveelt het Innovatieplatform aan een verplichting in te voeren om 2,5%
van het onderzoeksbudget via SBIR te besteden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Actie 14: versterk strategisch vermogen inkopen</nadruk>
      </al>
      <al>Gebundeld en duidelijk gearticuleerd inkoopvragen stellen door middel
van doelvoorschriften gebeurt steeds vaker, maar kan verbeterd worden. Het
Innovatieplatform adviseert invoering van categoriemanagement, waarbij concernbrede
strategie en uitvoering bewust worden onderscheiden. Daarmee kunnen categorieën
worden aangewezen waarin innovatie een primair strategisch doel wordt. Bepaald
kan worden wat een aanvaardbaar (bedrijfs-)economisch risico is. De overheid
kan die categorieën kiezen waar het Nederlandse bedrijfsleven sterk in
is of waar de grootste maatschappelijke uitdagingen liggen. Beleidsaspecten
als duurzaam, energiebesparend en sociaal inkopen kunnen worden verbreed.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De reactie van het kabinet op het rapport van het Innovatieplatform, inclusief
de bovenstaande aanbevelingen, wordt momenteel voorbereid. Zonder hier op
de afzonderlijke aanbevelingen te willen ingaan deel ik de algemene conclusie
van het Innovatieplatform dat de overheid haar inkoop- en aanbestedingsbeleid
goed kan inzetten als instrument om innovatie te bevorderen. Dat concludeerde
het kabinet al in het Actieplan PIA en dat komt ook tot uitdrukking in een
aantal reeds lopende activiteiten:</al>
      <al>• Verschillende overheidsorganisaties zijn in de afgelopen jaren
gebruik gaan maken van innovatieve en innovatiebevorderende aanbestedingsmethoden,
zoals PPS-constructies, DBFM-contracten en elektronische veilingen;</al>
      <al>• Datzelfde geldt voor categoriemanagement: onder de naam interdepartementaal
gecoördineerde inkoop per productgroep is hiermee al ruim twee jaar ervaring
opgedaan.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Aandachtspunt is wel dat dergelijke initiatieven de afgelopen jaren nog
niet op alle niveau’s van de rijksoverheid gemeengoed zijn geworden,
zodat nog niet alle kansen op dit gebied zijn uitgebuit. Net als bij duurzaam
inkopen spelen diverse – al dan niet terechte – percepties en
zorgen een rol. De voornaamste daarvan lijkt te zijn hoe en wanneer je als
overheidsorganisatie een verantwoord risico kunt (en wilt) lopen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De uitdaging is dan ook hoe we innovatief en innovatiebevorderend inkopen
en aanbesteden ontwikkelen van <nadruk type="cur">best practice</nadruk> tot <nadruk type="cur">common practice</nadruk>. In dit verband zijn ook de onlangs aangenomen
moties inzake innovatiebevorderend inkopen van belang<voetref refid="v5.1" nr="1"></voetref>. Duidelijk is dat niet alleen in de bouwsector, waar de Regieraad
Bouw een stimulerende rol speelt, maar ook in andere sectoren als IT en huisvesting,
waar het kennisnetwerk PIANOo een belangrijke factor is, grote stappen te
maken zijn.</al>
      <tuskop letat="cur">3.3 Betrekkingen met het bedrijfsleven aanhalen</tuskop>
      <al>Niet alleen de volumebundeling (grote aanbestedingen) ten gevolge van
de gecoördineerde inkoop per productgroep, maar ook de nog altijd voor
verbetering vatbare naleving en interpretatie van de Europese aanbestedingsregels
leiden tot zorgen bij het bedrijfsleven. Zo bleek uit een onderzoek dat VNO-NCW-opinieblad <nadruk type="cur">Forum</nadruk> in 2005 presenteerde, dat overheidsinstanties volgens
tweederde van de ondernemers onredelijke selectie-eisen stellen aan bedrijven,
die in aanmerking willen komen voor overheidsopdrachten. Door die eisen –
en door de grote papieren rompslomp – hebben veel bedrijven de overheid
als opdrachtgever afgeschreven.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">VNO-NCW-onderzoek Overheidsopdrachten? Vergeet het
maar!</nadruk>
        <voetref refid="v5.2" nr="2"></voetref>
      </al>
      <al>Uit het onderzoek onder 948 ondernemingen komt als hoofdconclusie naar
voren dat 67 procent van de ondervraagde bedrijven vindt dat overheidsinstanties
te hoge selectie-eisen stellen aan bedrijven die meedingen naar opdrachten
voor het uitvoeren van bouwwerken, het leveren van producten of het uitvoeren
van diensten. Ruim 20 procent vindt de overheidseisen zelfs véél
te zwaar. Een minderheid (26 procent) vindt de overheidseisen precies goed,
terwijl 7 procent ze als «te licht» of «veel te licht»
beoordeelt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Daarbij gaat het om eisen aan de onderneming zélf (omzet en andere
financiële gegevens) en om de eisen op het gebied van technische bekwaamheid
en ervaring. Door dit soort eisen te stellen hopen overheidsinstanties zekerheid
te krijgen over de soliditeit en kwaliteit van potentiële zakenpartners.
Veel ondernemers vinden echter dat die eisen een hoeveelheid papierwerk tot
gevolg hebben, die in geen verhouding staat tot het werk zelf.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Deze zorgen van het bedrijfsleven onderstrepen het belang van goede aanbestedingsregels
en een professionele aanbestedingspraktijk. Opdrachtgevers en opdrachtnemers
zijn er samen voor verantwoordelijk dat aanbestedingen de beste uitkomst leveren
met zo min mogelijk administratieve rompslomp.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Niet iedere aanbestedende dienst is al even ver gevorderd in de professionalisering
en ook aan de kant van het bedrijfsleven zijn er verschillen in professionaliteit.
Niettemin is de afgelopen jaren de professionaliteit van de aanbestedingspraktijk
langzaam maar gestaag verbeterd, zo blijkt bijvoorbeeld uit de rapportages
van de departementale accountantsdiensten<voetref refid="v6.1" nr="1"></voetref>. Het is dus zaak die stijgende lijn voort te zetten. Verbetering van
zowel de regels als de praktijk zal ervoor zorgen dat bedrijven de overheid
weer vaker als een interessante opdrachtgever gaan zien.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De combinatie van een kwalitatief goede nieuwe aanbestedingswet met een
goede toepassing daarvan zal ertoe leiden dat de administratieve lasten, die
het bedrijfsleven ondervindt door aanbestedingsprocedures, in de toekomst
afnemen. Ook standaardisatie van aanbestedingsprocedures en -documenten (onder
meer als gevolg van een brede toepassing van TenderNed) draagt daaraan bij.
Dat kan met name het MKB meer kansen bieden om via Europese aanbestedingen
overheidsopdrachten in de wacht te slepen. Zo bevat het voorstel voor de nieuwe
aanbestedingswet een artikel om disproportionele selectie-eisen tegen te gaan.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In de volgende paragraaf staat de vraag centraal hoe de rijksoverheid
deze drie elementen kan gaan oppakken.</al>
      <tuskop letat="vet">4. Inspelen op de uitdagingen en ambities</tuskop>
      <al>Wil het inkoop- en aanbestedingsbeleid van de rijksoverheid kunnen inspelen
op deze uitdagingen en ambities, dan is daarvoor nodig:</al>
      <al>• Een rijksbrede strategische agenda;</al>
      <al>• Permanente verankering van de regiefunctie op het gebied van inkopen
en aanbesteden en versterking van deze regiefunctie.</al>
      <tuskop letat="cur">4.1 Een rijksbrede strategische agenda</tuskop>
      <al>Waar het Actieplan PIA een eerste fase van professionalisering belichaamde,
is het nu tijd voor fase twee. Daartoe hebben de Coördinerend Directeuren
Inkoop (CDI’s) van alle ministeries gezamenlijk een strategische agenda
opgesteld voor professioneel inkopen en aanbesteden bij het rijk als geheel
in de periode 2006–2010. De strategische agenda geeft aan welke lopende
professionaliseringacties worden voortgezet en welke nieuwe acties worden
opgepakt om inkoop- en aanbestedingsbeleid in te zetten bij de realisatie
van (bovenstaande) belangrijke beleidsdoelstellingen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Onderwerpen strategische agenda inkopen en aanbesteden
rijksoverheid 2006–2010</nadruk>
      </al>
      <al>• Inkoopcontrol en inkoopgovernance</al>
      <al>• Elektronisch aanbesteden (inclusief elektronisch veilen)</al>
      <al>• Elektronisch bestellen en factureren</al>
      <al>• Samen slimmer inkopen (gezamenlijk inkopen en aanbesteden,
categoriemanagement)</al>
      <al>• Inspelen op (externe) uitdagingen en ontwikkelingen (duurzaamheid,
verbetering naleving aanbestedingsregels, marktontwikkelingen, innovatiebevorderend
inkopen)</al>
      <al>• HRM-beleid voor inkoopfunctionarissen</al>
      <al>• Positie van de Coördinerend Directeur Inkoop (CDI)</al>
      <al>• Kwaliteitsniveau van de inkooporganisaties (meten, vergelijken
en verbeteren met behulp van Purchasing Excellence Publiek)</al>
      <al>• Evaluatie en verbetering van de inkoopstructuur</al>
      <tuskop letat="cur">4.2 Permanente verankering en versterking van de
regiefunctie op het gebied van professioneel inkopen en aanbesteden</tuskop>
      <al>De afgelopen vijf jaar was de interdepartementale projectdirectie PIA
de «buitenboordmotor» voor professionalisering. Deze rol was aanvankelijk
met veel vrijblijvendheid omgeven. Stimuleren, enthousiasmeren en faciliteren
waren de belangrijkste instrumenten. In de loop van het project is de aanjaagfunctie
veel minder vrijblijvend geworden. Delen van informatie en geleerde
lessen is sterk toegenomen. Signaleren van trends en knelpunten en zonodig
op grond daarvan suggesties doen voor bijsturing zijn een belangrijke rol
gaan spelen. Er is – zeker op rijksniveau – een kwaliteitsnorm
neergezet voor de inkooporganisaties.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Professionaliseren is niet afgelopen met het einde van het PIA-project.
We hebben «slechts» de eerste etappe afgelegd in een lange termijn-traject.
Willen we als rijksoverheid onze enorme uitdagingen en ambities in de toekomst
kunnen waarmaken, dan is het noodzakelijk dat de vrijblijvendheid verder wordt
verminderd. Het kabinet zal sterkere regie zetten op het inkoop- en aanbestedingsbeleid
van de rijksoverheid.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ook in de toekomst willen de ministeries nauw blijven samenwerken. Een
kortstondige verlenging van het PIA-project met bijvoorbeeld twee jaar kan
deze ambitie niet blijvend borgen en doet geen recht aan het belang van voortdurende
professionalisering. De rijksoverheid heeft een permanente structuur nodig,
die blijvende aandacht voor professioneel inkopen en aanbesteden waarborgt
en waarmaakt. Professioneel opdrachtgeverschap van de rijksoverheid als geheel
moet een «gewoon», dus permanent onderdeel van de bedrijfsvoering
worden. Het proces van cultuurverandering dat daarvoor noodzakelijk is moet
blijvend worden versterkt en geborgd.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De ambitie om een permanente structuur te creëren hangt samen met
de trend binnen de rijksoverheid om steeds meer als één concern
te opereren en te denken. Om die reden wil het kabinet:</al>
      <al>• de verantwoordelijkheden van de coördinerend bewindspersoon
explicieter omschrijven en</al>
      <al>• voor de rijksoverheid als geheel op ambtelijk niveau een concernverantwoordelijke
voor inkopen en aanbesteden aanwijzen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De <nadruk type="vet">coördinerend bewindspersoon</nadruk> heeft
de volgende verantwoordelijkheden:</al>
      <al>• Regisseren en aanjagen van interdepartementale samenwerking en
professionalisering (voorstellen doen voor gezamenlijke ambities);</al>
      <al>• Fungeren als eerste aanspreekpunt voor de buitenwereld (met name
voor de Tweede Kamer en het bedrijfsleven) als het gaat om interdepartementale
samenwerking en professionalisering;</al>
      <al>• Overzicht houden en de ministeries aanspreken op in de ministerraad
gemaakte afspraken met betrekking tot inkopen en aanbesteden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Het is niet de bedoeling dat één bewindspersoon<nadruk type="cur">integraal</nadruk> eindverantwoordelijk zal zijn voor inkopen en aanbesteden
bij de rijksoverheid. Deze bewindspersoon gaat zich bijvoorbeeld niet ineens
bemoeien met het aankopen van een tank, of de bouw van een penitentiaire inrichting.
Wel komt er een expliciet omschreven, sterkere regierol. De invalshoek daarbij
is niet tactisch of operationeel, maar <nadruk type="cur">strategisch</nadruk>,
in het bijzonder gericht op de vraag waar kansen voor samenwerking, synergie
en betere inkoopresultaten liggen en waar ministeries van elkaar kunnen leren
om een professioneel opdrachtgever te worden. Hiertoe kan de bewindspersoon
regie voeren, voorstellen doen en de ministeries aanspreken op gemaakte afspraken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Daarbij is het van belang te beseffen dat professioneel inkopen en aanbesteden
een veel bredere reikwijdte heeft dan de facilitaire inkoop («de potloden
en de pennen»). Het gaat om álle inkopen van de ministeries,
dus ook om inkopen in het kader van het primaire proces en inkopen bij baten/lastendiensten.
Van potlood tot brandweerauto, van drukwerk tot beleidsonderzoek en van catering
tot HSL. De scope zal zich dus uitstrekken tot buiten de «beperkte»
bedrijfsvoering van de departementen. De ervaringen in de afgelopen
jaren hebben laten zien dat het de moeite waard is om bij strategische discussies
professioneel inkopen en aanbesteden in de volle breedte te betrekken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In de lopende kabinetsperiode zal de (uitgebreide) rol van coördinerend
bewindspersoon berusten bij de Staatssecretaris van EZ. Om deze verantwoordelijkheden
handen en voeten te geven is bovendien op ambtelijk niveau een <nadruk type="vet">concernverantwoordelijke voor inkopen en aanbesteden</nadruk> noodzakelijk.
Als we deze concernverantwoordelijkheid niet permanent beleggen – en
bovendien steviger neerzetten dan tijdens het PIA-project het geval was –
zal de volgende fase van professionalisering een zaak van zeer lange adem
worden. Alleen al een doelmatige vertaling van de motie over duurzaam inkopen
naar de praktijk en de verdere ontwikkeling van gecoördineerde inkoop
per productgroep in de richting van daadwerkelijk categoriemanagement vereisen
een goede regisseur op rijksniveau, die de professionalisering aanstuurt door
kwaliteitsnormen te stellen, vooruitgang te meten en standaardisatie op gang
te brengen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De rol van de concernverantwoordelijke wordt afgeleid van die van de coördinerend
bewindspersoon.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>
        <nadruk type="vet">Verantwoordelijkheden en bevoegdheden concernverantwoordelijke
voor inkopen en aanbesteden</nadruk>
      </al>
      <al>De concernverantwoordelijke heeft de volgende verantwoordelijkheden:</al>
      <al>• Aansturen van het omvangrijke interdepartementale netwerk
op het gebied van inkopen en aanbesteden;</al>
      <al>• Inkoop plaatsen binnen het grotere kader van ontwikkelingen
binnen de rijksdienst;</al>
      <al>• Richting geven aan de verdere professionalisering van de inkoop;</al>
      <al>• Samen met de CDI’s zorgen dat de strategische agenda
voor 2006–2010 wordt uitgevoerd en de inkooptaakstellingen worden gerealiseerd;</al>
      <al>• Doelmatige vertaling van beleidsthema’s zoals duurzaam
inkopen en innovatiebevorderend inkopen (waaronder <nadruk type="cur">launching
customership</nadruk>) naar de praktijk;</al>
      <al>• Verder ontwikkelen van gecoördineerde inkoop per productgroep
in de richting van daadwerkelijk categoriemanagement;</al>
      <al>• De CDI’s aanzetten om de kwaliteit van hun inkooporganisatie
steeds te verbeteren;</al>
      <al>• Efficiencyverbeteringen, besparingen en verdergaande samenwerking
tussen de ministeries (inclusief hun uitvoeringsorganisaties) bevorderen en
de realisatie van de inkooptaakstellingen bewaken;</al>
      <al>• Fungeren als eerste aanspreekpunt op ambtelijk niveau bij
de rijksoverheid als het gaat om (de interdepartementale samenwerking bij)
professionalisering van inkopen en aanbesteden. Daarbijmet name de vinger
aan de pols houden bij het bedrijfsleven.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Zijn bevoegdheden omvatten:</al>
      <al>• Professionalisering van inkopen en aanbesteden bij de rijksoverheid
aansturen door</al>
      <al>• kwaliteitsnormen te stellen en uit te bouwen;</al>
      <al>• de naleving van deze normen te bewaken en te handhaven;</al>
      <al>• vooruitgang te meten;</al>
      <al>• standaardisatie van processen en systemen op gang te brengen;</al>
      <witreg></witreg>
      <al>• De regie voeren bij</al>
      <al>• de verdere realisatie van de inkooptaakstellingen;</al>
      <al>• de uitwerking, prioritering en uitvoering van de strategische
agenda en in het bijzonder nieuwe uitdagingen (duurzaam inkopen, innovatiebevorderend
inkopen, aanhalen van de betrekkingen met het bedrijfsleven);</al>
      <al>• Opvragen, verzamelen en gebruiken van relevante managementinformatie;</al>
      <al>• Ministeries aanspreken op gemaakte afspraken;</al>
      <al>• Onderwerpen agenderen bij de ambtelijke top en de coördinerend
bewindspersoon;</al>
      <al>• Beleidsontwikkeling en communicatie.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De regiefunctie van de concernverantwoordelijke voor inkopen en aanbesteden
betekent niet dat hij op de stoel van de CDI’s van de ministeries gaat
zitten. Evenmin zal hij treden in de rol van de budgethouders als het gaat
om bepaling van de strategie in het primaire proces. Bovendien houdt hij in
het oog dat de regiefunctie niet leidt tot onnodige administratieve rompslomp.
De concernverantwoordelijke geeft zijn regiefunctie vorm met inachtneming
van de eigen verantwoordelijkheden van de ministeries. Daarbij heeft hij wel
een eigen verantwoordelijkheid voor professioneel inkopen en aanbesteden naar
de coördinerend bewindspersoon.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De concernverantwoordelijke zal beschikken over een klein hoogwaardig
bureau (ingeschatte omvang: acht medewerkers). De activiteiten van het bureau
zullen naadloos aansluiten op het huidige PIA-project. Bij voorjaarsnota zullen
een structureel personeels- en huisvestingsbudget voor de concernverantwoordelijke
voor inkopen en aanbesteden en zijn bureau worden vastgelegd. Bovendien krijgt
de concernverantwoordelijke een werkbudget, dat op basis van het jaarlijkse
werkplan wordt vastgesteld. Dit gebeurt voor het eerst bij de komende voorjaarsnota;
dan wordt eveneens besloten over de dekking.</al>
      <tuskop letat="vet">5 Tenslotte</tuskop>
      <al>De afgelopen jaren hebben de ministeries goede resultaten geboekt op het
gebied van inkopen en aanbesteden. Ik ben ervan overtuigd dat er nog veel
meer mogelijk is. Door verdere volumebundeling en efficiënter werken
zijn nog steeds besparingen te realiseren. Professionaliseren blijft een proces
van veranderingen. Regelmatig de balans opmaken is daarbij een voorwaarde.
Daarom zal de PIA-Stuurgroep in de eerste helft van 2006 een eindevaluatie
van het PIA-project maken. Daarna zal de concernverantwoordelijke voor inkopen
en aanbesteden jaarlijks aan de Staatssecretaris van EZ rapporteren over de
uitvoering van de strategische agenda.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Staatssecretaris van Economische Zaken,</functie>
        <naam>C. E. G. van Gennip</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
  <voetnoot id="v1.1" nr="1">
    <al>Actieplan Professioneel Inkopen en Aanbesteden, Kamerstukken 1999–2000,
26 966, nr. 1.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v1.2" nr="2">
    <al>In het regeerakkoord 2003–2007 is opgenomen dat via professioneel
inkopen en aanbesteden € 50 miljoen structureel moet worden bespaard.
In de zomer van 2004 heeft het kabinet besloten om een extra inkooptaakstelling
van € 100 miljoen op te nemen in de begroting, waarmee de totale
inkooptaakstelling oploopt tot € 150 miljoen structureel.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v1.3" nr="3">
    <al>Bijvoorbeeld als gevolg van leveranciers- en factuurreductie.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v2.1" nr="1">
    <al>Het kennisnetwerk PIANOo is opgezet naar aanleiding van de parlementaire
enquête bouwnijverheid en meer in het algemeen naar aanleiding van de
achterblijvende naleving van de Europese aanbestedingsregels in Nederland.
Het is enerzijds een kennisnetwerk en anderzijds een organisatie die professioneel
opdrachtgeverschap moet bevorderen. PIANOo richt zich op de gehele publieke
sector. PIANOo wil de praktijkkennis over inkopen en aanbesteden vergroten
en de opdrachtgeversfunctie binnen de publieke sector verder professionaliseren.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v2.2" nr="2">
    <al>PIANOo is gezien haar doelstellingen een geschikte erfgenaam voor een
aantal in PIA-verband ontwikkelde instrumenten. Daarom zijn inmiddels de volgende
PIA-instrumenten aan PIANOo overgedragen:</al>
    <al>de website Ovia.nl en het besloten discussieplatform PIANOdesk;</al>
    <al>de Toolkit Inkoopcompetenties Publieke Sector (TIPS);</al>
    <al>de Gemeentelijke Inkooptoolkit (GIT);</al>
    <al>de Aanbestedingskalender voor elektronisch publiceren van aanbestedingen;</al>
    <al>het TenderNed-systeem voor elektronisch aanbesteden;</al>
    <al>het meet-, vergelijk- en verbeterprogramma Purchasing Excellence Publiek
(PEP);</al>
    <al>de PIA-lunch-lezingen.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v3.1" nr="1">
    <al>Duurzaam inkopen: het toepassen van milieu- en sociale criteria in elke
fase van het inkoopproces zodat dit uiteindelijk leidt tot de daadwerkelijke
levering van een product, dienst of werk dat aan deze criteria voldoet.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v3.2" nr="2">
    <al>Bron: Green Public Procurement in Europe, status overview 2005, opgesteld
in opdracht van de Europese Commissie.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v5.1" nr="1">
    <al>Motie-Aptroot (30 300-XIII, nr. 17) inzake voorstellen herziening
van het aanbestedingsbeleid van de overheid, met als doel dat het midden-
en kleinbedrijf, jonge ondernemingen, snelle groeiers en innovatieve bedrijven
daadwerkelijk mee kunnen doen; Motie-Dittrich e.a. (30 300-XIII, nr.
20) inzake voorstellen voor invulling van de rol van launching customer door
de overheid binnen het innovatiebeleid, met bijzondere aandacht voor het mkb.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v5.2" nr="2">
    <al>Bron: Overheid houdt veel ondernemers buiten de deur: ergernis over janboel
rond overheidsopdrachten, Forum, opinieblad van VNO-NCW d.d. 04-08-2005.</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v6.1" nr="1">
    <al>Zo beschrijft het Financieel Jaarverslag van het Rijk over 2004 bijvoorbeeld
dat er efficiencyverbetering optreedt door de bundeling van krachten.</al>
  </voetnoot>
</kamerwrk>