﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="slag">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-26003-6/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1998-1999</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="port1.1__2.4" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>KST31700</ordernr>
    <vergjaar>1998-1999</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>26 003</nummer>
      <naam>Onderzoek afkoop subsidies beleggers en particuliere verhuurders</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>6</nummer>
      <titel>VERSLAG VAN EEN ALGEMEEN OVERLEG</titel>
      <datum>Vastgesteld 15 oktober 1998</datum>
      <al>De vaste commissies voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer<voetref refid="v1.1" nr="1"></voetref> en voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport<voetref refid="v1.2" nr="2"></voetref> hebben op 22 september 1998 overleg gevoerd met staatssecretaris Remkes
van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer over <nadruk type="vet">de uitwerking
van beleid met betrekking tot de niet-winstbeogende instellingen (NWI's)</nadruk> (26 003, nr. 5).</al>
      <al>Van het gevoerde overleg brengen de commissies bijgaand beknopt verslag
uit. </al>
      <tuskop letat="vet">Vragen en opmerkingen uit de commissies</tuskop>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Hofstra</nadruk> (VVD) kon in grote lijnen instemmen met hetgeen
in de aan de orde zijnde notitie is opgenomen over de afkoop van subsidies
voor NWI's. Vooral het uitgangspunt van vrijwilligheid sprak hem aan. De vraag
bleef echter of deze regeling voldoende in evenwicht is met de eerder uitgevoerde
afkoop van subsidies voor beleggers en particuliere verhuurders. Het is immers
opvallend dat de subsidieafbraak voor NWI's (4,1%) lager is dan indertijd
voor woningcorporaties (4,65%) en particuliere verhuurders (4,42%). Kloppen
deze percentages? Kan voorts niet een iets lagere rente worden bepleit gezien
het sterk gedaalde rentepercentage? Is het, gezien de rekenrente van 6,5%
niet verstandiger om over een kortere periode dan vier jaar te faseren? Is
de staatssecretaris voornemens om een overbruggingsregeling te treffen voor
enkele instellingen die al zeer snel hun lening moeten aflossen? Hoeveel disputen
lopen er? Zijn er even veel problemen als in de andere twee sectoren? Welke
risico's dreigen er nog als deze operatie in gang wordt gezet?</al>
      <al>Van de aangereikte mogelijkheden om van het aanbod tot afkoop gebruik
te maken, rest naar de mening van de heer Hofstra de meeste NWI's er eigenlijk
slechts één, namelijk die om hun bezit over te doen aan een
 toegelaten instelling, bijvoorbeeld een woningcorporatie. Is
er op deze wijze niet eerder sprake van betutteling dan van vrijwilligheid?
Zijn er voor deze instellingen geen andere mogelijkheden? In hoeveel gevallen
denkt de staatssecretaris niet het recht op afkoop te verlenen en wat zijn
daarbij de criteria? Hoeveel ruimte is er voor de NWI's om met verschillende
corporaties te overleggen? De overname/saneringsbijdrage wordt alleen verstrekt
indien een NWI in zee gaat met een toegelaten instelling. Kan deze bijdrage
in een financieel solide constructie aan de desbetreffende NWI worden gegeven?
Uit het voorstel blijkt niet hoeveel procent wordt gesaneerd. Is de overname/saneringsbijdrage
inderdaad gelijk aan het verschil tussen de bedrijfswaarde en de boekwaarde,
of bedraagt die een deel daarvan?</al>
      <al>De heer Hofstra vond dat het licht op groen zou kunnen voor het VROM-deel
van de voorgestelde regeling, mits duidelijk is dat het zorgbudget en dus
de bewoners daarvan geen nadelige gevolgen ondervinden. Eventueel zou de staatssecretaris
van VWS hier schriftelijk op kunnen ingaan.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Duivesteijn</nadruk> (PvdA) zag geen knelpunten in de onderhavige
afkoopregeling. Hij had echter zijn twijfels over de min of meer gedwongen
overname door of fusering met toegelaten instellingen, en was dan ook van
mening dat instellingen die niet akkoord gaan met de regeling, het afkoopcontract
niet zouden moeten ondertekenen. Is het niet mogelijk om in deze situatie
nieuwe organisaties toe te laten treden tot de sociale huursector? De heer
Duivesteijn was er voorstander van zorg en wonen niet meer zo strikt te scheiden
als momenteel het geval is, hetgeen inhoudt dat woningcorporaties zich in
de toekomst ook moeten richten op bijzondere groepen bewoners.</al>
      <al>Als het huurbeleid naar inflatieniveau wordt gebracht, zoals in het regeerakkoord
is opgenomen, vreesde de heer Duivesteijn niet voor te hoge huren. Kan de
staatssecretaris toezeggen dat de Kamer voorstellen van deze strekking zal
krijgen?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Poppe</nadruk> (SP) was van mening dat door deze regeling grote
problemen zullen rijzen voor de bestuurders van de NWI's en de overheid, maar
vooral voor de bewoners. De onderhavige regeling strookt niet met de in 1996
Kamerbreed aangenomen motie-Van Boxtel, waarin de regering wordt verzocht
de financiële lasten van deze operatie niet ten laste te laten komen
van de bewoners of van het zorgvolume. De regeling veroorzaakt immers voor
een groot aantal jaren een stijging van de huur in deze sector, die gemiddeld
toch al hoger ligt dan de gangbare huur voor vergelijkbare woningen in andere
sectoren. Klopt deze redenering? Zo ja, hoe denkt de staatssecretaris dan
aan te geven dat deze regeling in overeenstemming is met de motie-Van Boxtel?
En hoe denkt hij te garanderen dat de motie wordt uitgevoerd? Waar moeten
voorts de middelen vandaan komen om de extra kosten te dekken waarmee de NWI's
door deze regeling worden geconfronteerd? Is het niet mogelijk om het beheer
van de NWI's in handen te geven van bijvoorbeeld een toegelaten instelling,
zodat de NWI-besturen zich kunnen richten op hun zorgtaak?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Biesheuvel</nadruk> (CDA) vroeg of het juist was dat, zoals
de vorige staatssecretaris in zijn notitie schreef, de exacte positie van
de NWI's nog niet is aan te geven. Is het mogelijk dat de onzekerheid bij
de instellingen wordt veroorzaakt door te geringe voorlichting door VROM?
De instellingen vrezen dat de huurstijging ten koste zal gaan van het zorgvolume.
Ook de staatssecretaris van VROM was volgens de heer Biesheuvel verantwoordelijk
voor de handhaving van het zorgvolume. Dit punt dient zorgvuldig bekeken te
worden, zowel door VROM als door VWS. Dit laatste departement dient ook verantwoordelijkheid
te dragen voor de oplossing van eventuele financiële problemen
op het terrein van de zorg. De Kamer zou zich moeten buigen over de vraag
of de geldende regels niet verruimd moeten worden, opdat de nadelige gevolgen
van de scheiding tussen wonen en zorg worden beperkt. Nu is er immers geen
ruimte voor eigen beleid, terwijl daarvan wel sprake is in de notitie.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Mevrouw <nadruk type="vet">Van 't Riet</nadruk> (D66) wilde weten wat de financiële
gevolgen van de voorgestelde regeling zijn voor bewoners van verzorgingshuizen.
Hoe zal ervoor worden gezorgd dat deze gevolgen het zorgvolume niet belasten,
met andere woorden: wordt er wel gehoor gegeven aan de motie-Van Boxtel? Is
er een overname/saneringsbijdrage nodig en hoeveel geld is daarmee gemoeid?
Verwacht de staatssecretaris dat de NWI's problemen zullen hebben met de voorgestelde
parameters voor de afkoop? Hebben de staatssecretaris al bezwaren bereikt
en wat zijn daarvoor dan de gronden? Acht de staatssecretaris het wenselijk
en mogelijk dat de provincies een financiële bijdrage leveren aan de
afkoop? Hoeveel bedrijfsanalyses, die nodig zijn om in aanmerking te komen
voor een overname/saneringsbijdrage, heeft het projectbureau NWI's al ontvangen?
Hoe komt het dat sommige toegelaten instellingen aarzelen om verzorgingshuizen
in eigendom over te nemen, terwijl al in 1992 bij convenant is geregeld dat
in dergelijke gevallen een kostendekkende vergoeding wordt toegekend? Is er
nadere informatie over het overleg met het WSW over de mogelijkheid om ook
garanties van verzorgingshuizen over te nemen? Is er een overzicht beschikbaar
dat inzicht kan verschaffen in de gevolgen die deze regeling heeft voor de
huurprijzen? Zo ja, waarom heeft de commissie dit overzicht niet? Hoe verhouden
eventuele huurverhogingen zich tot de uitspraak dat financiële consequenties
niet ten laste mogen komen van de bewoners?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Van der Staaij</nadruk> (SGP) vroeg in hoeverre er al inzicht
bestaat in de omvang van de financiële problemen waarmee zorginstellingen
kunnen worden geconfronteerd na afloop van de klimleningen? Zullen zich ook
problemen voordoen bij andere objecten, bijvoorbeeld losstaande complexen?
Zijn er geen alternatieven voorhanden voor het afkopen van subsidies, bijvoorbeeld
de mogelijkheid van herfinanciering op basis van de reële waarde van
de panden? Heeft er reëel overleg plaatsgevonden met de betrokken sector?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Mevrouw <nadruk type="vet">Van Gent</nadruk> (GroenLinks) gaf aan dat het licht vooralsnog
niet op groen mag. Voorkomen dient te worden dat de hoogte van de huren en
het zorgvolume negatieve financiële gevolgen ondervinden van de regeling.
Het moet duidelijk zijn dat de Kamer bereid is, oplossingen te zoeken voor
de praktische problemen die eventueel ontstaan. Is het duidelijk wat de consequenties
zijn van het ingezette beleid? Wat gebeurt er met bijvoorbeeld het onderhoud
van een gebouw dat wordt overgedragen aan een corporatie? Wat gebeurt er met
de panden van instellingen die worden opgeheven? Zijn corporaties wel bereid
om de gebouwen over te nemen en zijn er geen alternatieven voor overname voorhanden?
Zijn de kritische geluiden uit het veld gebaseerd op onbegrip, of is er sprake
van reële problemen? Kan er een overzicht worden gemaakt van hetgeen
tot nu toe op dit terrein is gebeurd, alsmede van de knelpunten en de wijze
waarop de staatssecretaris die denkt op te lossen? Kan nadere informatie worden
verstrekt over de praktische consequenties van de voorgestelde regeling?  </al>
      <tuskop letat="vet">Het antwoord van de staatssecretaris van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer</tuskop>
      <al>De <nadruk type="vet">staatssecretaris</nadruk> benadrukte dat de onderhavige regeling
een gemeenschappelijke VROM/VWS-operatie betreft. De twee departementen werken
goed samen. VWS heeft gemeld dat het, wanneer vanaf 2001 de verzorgingshuizen
onder de AWBZ vallen, een schadeloosstellingsgarantie zal afgeven. Op basis
van vrijwilligheid en maatwerk zal per instelling invulling worden gegeven
aan de nu voorgestelde regeling. Daarbij is inderdaad sprake van procedurele
druk, aangezien de klimleningen snel aflopen en er daardoor financiële
problemen ontstaan bij de instellingen. In het komende halfjaar zullen ongeveer
25 instellingen, die bij het departement bekend zijn, te kampen krijgen met
financieringsproblemen. Voorts is er één procedure aangehouden
in afwachting van de afkoopoperatie. De resterende risico's na inwerkingtreding
van de operatie betreffen woonwagens, waarvoor ook een afkoopregeling is voorzien.</al>
      <al>In materiële zin kan in een aantal gevallen sprake zijn van een verplichting
voor de NWI's om hun bezit over te doen aan toegelaten instellingen, maar
in formele zin niet, aangezien bijvoorbeeld een gemeentebestuur bereid gevonden
kan worden om een garantie af te geven. Aan de overname is een aantal randvoorwaarden
verbonden. Allereerst is het na overname niet mogelijk om nog financiële
relaties tussen Rijk en instellingen te laten voortbestaan, of daarop in de
toekomst aanspraak te maken. In de tweede plaats moet een oplossing op korte
termijn toepasbaar zijn. De ruimere toelatingseisen waarover de commissie
sprak, bieden slechts soelaas voor de langere termijn. In de derde plaats
dient het financiële beslag binnen het bedrag van 1,6 mln. te blijven
dat in de begroting is opgenomen.</al>
      <al>Bij de integratie van wonen en zorg dient duidelijk te zijn wat de doelen
op langere termijn zijn en welk dilemma er ontstaat als gevolg van de voorgestelde
regeling. Er zal dan ook op zeer korte termijn bekeken worden welke ruimte
er is, weliswaar binnen de genoemde randvoorwaarden, om wat soepeler met de
regeling om te gaan. Zo zou de overname/saneringsbijdrage in een aantal gevallen
naar de NWI kunnen gaan, zij het binnen een bepaalde constructie. Andere mogelijkheden
die reeds zijn bekeken, voldoen niet aan de aangegeven randvoorwaarden. Overigens
dient de WoonZorg Federatie wel nadrukkelijk met de regeling of een alternatieve
uitvoering daarvan in te stemmen.</al>
      <al>Ter staving van zijn stelling dat de NWI's het niet slechter krijgen dan
voorheen, voerde de staatssecretaris aan dat: 1. het huidige afbraakpercentage
van 5,5 naar 4,1 gaat, waarbij er geen eenduidige relatie is tussen dit percentage
en dat van de huurstijging; 2. er sprake is van een overname/saneringsbijdrage,
die een deel bedraagt van het verschil tussen bedrijfswaarde en boekwaarde;
3. de NWI's goedkoper uit zijn met de afkoop van klimleningen dan met de afkoop
van annuïteitenleningen of lineaire leningen. Voorts is deze regeling
naar de mening van het kabinet niet in strijd met de motie-Van Boxtel. De
exacte uitvoering daarvan kan nog niet gedetailleerd worden aangegeven, omdat
het onderhandelingsproces nog moet beginnen. Er zal echter sprake zijn van
maatwerk en van veel en goed overleg. Het in de begroting opgenomen bedrag
van 1,6 mld. voor de afkoop van subsidies en sanering in de periode 1998–2002
overstijgt het bedrag aan subsidies dat in die periode zou worden verstrekt.
Gezien de komende onderhandelingen kan op de uitsplitsing van de 1,6 mld.
niet worden ingegaan.  </al>
      <tuskop letat="vet">Nadere gedachtewisseling</tuskop>
      <al>Met instemming nam de heer <nadruk type="vet">Hofstra</nadruk> (VVD) kennis van het antwoord
van de staatssecretaris. Hij wilde nog wel weten of er inderdaad sprake is
van een raamregeling, zonder achterbanprocedure. Voorts leek het hem verstandig,
de verwarring weg te nemen over de vermeende relatie tussen huurverhoging
en afbraakpercentage.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Duivesteijn</nadruk> (PvdA) benadrukte nogmaals dat instellingen
een afkoopcontract niet moeten ondertekenen als zij zich niet kunnen vinden
in de regeling. Hij hechtte zeer aan de afwezigheid van een directe relatie
tussen afbraakpercentage en jaarlijkse huurstijging, die volgens het regeerakkoord
niet hoger zou zijn dan de inflatie. Het is mede aan de Kamer om hierover
telkens opnieuw haar opvatting te formuleren. Gezien de grotere rol die hij
de sociale huursector in de toekomst toedacht in de zorg, bepleitte hij om
inpassing van NWI's in de sociale huursector niet uit te sluiten.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Poppe</nadruk> (SP) beschouwde het als een kleine winst dat
de staatssecretaris heeft uitgesproken dat de motie-Van Boxtel niet in strijd
is met de voorgestelde regeling. Hij pleitte echter wel voor een brede uitleg
van de motie. Hij was ook voorstander van gelijkwaardige huren voor vergelijkbare
woningen en had er dan ook ernstig bezwaar tegen dat dit door deze regeling
niet goed mogelijk is. Is ook de staatssecretaris van mening dat de bestaande
wanverhouding tussen huren moet worden rechtgetrokken?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Biesheuvel</nadruk> (CDA) juichte het toe dat ook de NWI's,
en niet alleen de toegelaten instellingen, in aanmerking kunnen komen voor
een overname/saneringsbijdrage. Aan welke voorwaarden moeten de NWI's in dat
geval voldoen? Hij achtte het van belang dat de staatssecretaris ervoor zorgt
dat er in de sector een draagvlak ontstaat voor deze regeling. De staatssecretaris
zal zich voorts moeten realiseren dat de motie-Van Boxtel als een zwaard van
Damocles boven zijn hoofd blijft hangen. Onderschrijft hij werkelijk de afwezigheid
van een relatie tussen huurverhogingen en afbraakpercentage? Wanneer is een
eindresultaat te verwachten, zodat duidelijk wordt of voldaan is aan de randvoorwaarden,
of VWS zijn verantwoordelijkheid blijft nemen en of de motie-Van Boxtel is
uitgevoerd?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Mevrouw <nadruk type="vet">Van 't Riet</nadruk> (D66) verwachtte dat de te publiceren ministeriële
regeling ook aan de Kamer zal worden toegezonden, opdat over de onderhandelingsresultaten
kan worden gesproken. Kan de staatssecretaris de relatie aangeven tussen de
motie-Van Boxtel en de toezegging van VWS om een schadeloosstellingsgarantie
af te geven zodra de verzorgingshuizen onder de AWBZ vallen? Vallen huurverhogingen
als gevolg van overname van leningen en financieringslasten in verband met
investeringen onder de acceptatie van huurverhogingen die het COTG heeft toegezegd?</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer <nadruk type="vet">Van der Staaij</nadruk> (SGP) onderstreepte dat de zorgen die
bij instellingen leven, een serieuze grond hebben. Het overleg dat de staatssecretaris
heeft toegezegd zal moeten resulteren in reële keuzemogelijkheden voor
de instellingen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Mevrouw <nadruk type="vet">Van Gent</nadruk> (GroenLinks) vroeg aandacht voor onderhoudsproblemen
die instellingen zouden kunnen verwachten ondanks de eventuele ontvangst van
een overname/saneringsbijdrage. Zij vond het een goede gedachte om te zijner
tijd na te gaan of op een goede manier invulling is gegeven aan de motie-Van
Boxtel. In het toegezegde overleg moet de staatssecretaris de
instellingen duidelijk maken dat hun situatie niet slechter zal worden. Is
de staatssecretaris bereid en in staat om de ongerustheid weg te nemen die
nu leeft bij instellingen en bewoners? Voorts moet duidelijk worden wat de
consequenties zullen zijn indien instellingen niet akkoord gaan met de afkoop.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De <nadruk type="vet">staatssecretaris</nadruk> gaf aan dat er wel degelijk draagvlak is
voor de voorgestelde regeling, maar dat bezwaren bestaan tegen een aantal
onderdelen daarvan. Er zal positief en serieus overleg gevoerd moeten worden
om te komen tot het toegezegde maatwerk, waarvoor de rijksoverheid een groot
bedrag heeft uitgetrokken. Desondanks zijn geen absolute garanties te geven
voor oplossingen in individuele gevallen. Het geheel van de regeling kan de
toets van de motie-Van Boxtel zeer wel doorstaan, zij het dat zij haar uitwerking
zal moeten krijgen binnen de eerdergenoemde randvoorwaarden. Bovendien zal
er sprake moeten zijn van een gedegen plan voor de toekomst, waarbij uitgesloten
moet worden dat de rijksoverheid over een aantal jaren weer een rekening gepresenteerd
krijgt.</al>
      <al>De staatssecretaris deelde de commissie mee dat het ministerie van VWS
de Kamer een brief zal doen toekomen over de door dat departement af te geven
schadeloosstellingsgarantie. </al>
      <ondtek>
        <functie>De voorzitter van de vaste commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer,</functie>
        <naam>Reitsma</naam>
        <functie>De voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn
en Sport,</functie>
        <naam>Essers</naam>
        <functie>De griffier van de vaste commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer,</functie>
        <naam>De Gier  </naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
  <voetnoot id="v1.1" nr="1">
    <al>Samenstelling: Leden: Reitsma (CDA), voorzitter, Van Middelkoop (GPV),
Witteveen-Hevinga (PvdA), Feenstra (PvdA), Verbugt (VVD), Poppe (SP), Duivesteijn
(PvdA), Crone (PvdA), Augusteijn-Esser (D66), Klein Molekamp (VVD), Hofstra
(VVD), ondervoorzitter, Eisses-Timmerman (CDA), Th. A. M. Meijer
(CDA), Luchtenveld (VVD), Van Wijmen (CDA), Kortram (PvdA), Van der Knaap
(CDA), Ravestein (D66), Van der Steenhoven (GroenLinks), Van Gent (GroenLinks),
Oplaat (VVD), Van der Staaij (SGP), Van Dok-van Weele (PvdA), Schoenmakers
(PvdA) en Udo (VVD).</al>
    <al>Plv. leden: Leers (CDA), Stellingwerf (RPF), Dijksma (PvdA), Valk (PvdA),
Essers (VVD), De Wit (SP), Van Heemst (PvdA), De Boer (PvdA), Scheltema-de
Nie (D66), Van Beek (VVD), Geluk (VVD), Visser-Van Doorn (CDA), Schreijer-Pierik
(CDA), Blok (VVD), Biesheuvel (CDA), Bos (PvdA), Van den Akker (CDA), Giskes
(D66), M.B. Vos (GroenLinks), Halsema (GroenLinks), Niederer (VVD), Van 't
Riet (D66), Waalkens (PvdA), Spoelman (PvdA) en Voorhoeve (VVD).</al>
  </voetnoot>
  <voetnoot id="v1.2" nr="2">
    <al>Samenstelling: Leden: Van der Vlies (SGP), Swildens-Rozendaal (PvdA),
ondervoorzitter, Bijleveld-Schouten (CDA), Middel (PvdA), Essers (VVD), voorzitter,
Dankers (CDA), Oudkerk (PvdA), Lambrechts (D66), Rijpstra (VVD), Rouvoet (RPF),
De Vries (VVD), Van Vliet (D66), Van Blerck-Woerdman (VVD), Passtoors (VVD),
Eisses-Timmerman (CDA), Gortzak (PvdA), Hermann (GroenLinks), Buijs (CDA),
Atsma (CDA), Van Gent (GroenLinks), Arib (PvdA), Spoelman (PvdA), Kant (SP),
E. Meijer (VVD) en Van der Hoek (PvdA).</al>
    <al>Plv. leden: Van 't Riet (D66), Rehwinkel (PvdA), Eurlings (CDA), Apostolou
(PvdA), Örgü (VVD), Van de Camp (CDA), Noorman-den Uyl (PvdA), Ravestein
(D66), Weekers (VVD), Schutte (GPV), Cherribi (VVD), Schimmel (D66), Terpstra
(VVD), Udo (VVD), Visser-van Doorn (CDA), Belinfante (PvdA), Harrewijn (GroenLinks),
Verburg (CDA), Th. A. M. Meijer (CDA), Rosenmöller (GroenLinks),
Duijkers (PvdA), Smits (PvdA), Marijnissen (SP), O. P. G. Vos (VVD)
en Hamer (PvdA).</al>
  </voetnoot>
</kamerwrk>